[26bb003199] Bijlage 1 GGD ambtelijk advies ontwerp luchthavenbesluit RTHA
Tekst van het document
Retouradres: Postbus 70014, 3000 KS ROTTERDAM
Onderwerp: Advies GGD ontwerp luchthavenbesluit RTHA
Gemeente Rotterdam T.a.v. Roel van der Bolt Coolsingel 40 3011 AD Rotterdam
Bezoekadres: GGD Rotterdam-Rijnmond Zalmstraat 7, Rotterdam Postadres: Postbus 70014 3000 KS Rotterdam Website: www.ggdrotterdamrijnmond.nl Cluster: Maatschappelijke Ontwikkeling Team: PGW&Z PG Gezondheid en Milieu Van: GGD, team Gezondheid en Milieu Telefoon: 0104339894 E-mail: adviesloketRO_GGDMO@rotterdam.nl Ons kenmerk: 26MO00161 20 maart 2026
Beste Roel,
De GGD Rotterdam-Rijnmond (GGD) heeft het ontwerp luchthavenbesluit RTHA met belangstelling gelezen. De GGD ziet dat RTHA in zowel de aanvraag als het MER stappen voorstelt om hinder te beperken, zoals een aangescherpt nachtregime, plafonds op vertraagde landingen en een maximum van het aantal vluchten in de randen van de dag. Ook wordt ingezet op vlootvernieuwing en een beperkte, voorwaardelijke innovatieruimte. Tegelijkertijd benadrukken wij dat luchtvaart gezondheidsrisico’s veroorzaakt: uitstoot van (ultra)fijnstof en een hoge mate van geluidhinder en slaapverstoring. Vanuit gezondheidsperspectief geven wij de volgende aandachtspunten mee: 1. Handhaving moet strikt, betrouwbaar en afdwingbaar zijn. RTHA wil een maximumsysteem instellen voor vertraagde landingen en nachtelijk verkeer. Dat is positief, maar alleen effectief als overschrijding ook daadwerkelijk tot consequenties leidt. Omwonenden moeten kunnen vertrouwen op een overheid die haar normen bewaakt. Als een luchthaven zich niet aan de regels houdt, dan moeten daar voor ieder zichtbare consequenties aan verbonden zijn. In het ontwerp luchthavenbesluit wordt een systeem voorgesteld met beperkingen voor nachtvluchten en vertraagde landingen. Dit is een positieve stap, maar de effectiviteit staat of valt met handhaving.
In het luchthavenbesluit moet daarom een helder, navolgbaar en handhaafbaar stelsel vastgelegd worden zodat het ILT daadwerkelijk kan gaan handhaven.
1
2. Geluid ≠ hinder: stuur ook op aantal bewegingen en rust, niet alleen op Lden. Hoewel het MER aangeeft dat de geluidcontour in sommige scenario’s kleiner wordt door vlootvernieuwing, blijft hinder afhankelijk van frequentie, spreiding en voorspelbaarheid van vliegbewegingen. Vooral het aantal vliegtuigbewegingen is bepalend voor hinder en gezondheidseffecten. Stillere vliegtuigen die meer bewegingen mogelijk maken zullen in de praktijk, vanwege de toename in frequentie, zeer waarschijnlijk leiden tot méér hinder. In zowel het MER als de economische onderbouwing wordt uitgegaan van een geluidreductie door vlootvernieuwing, waardoor ruimte ontstaat voor extra vluchten. De GGD wijst erop dat geluidsbelasting maar één van de factoren van hinderbeleving is. Het aantal van de vliegbewegingen is ook een belangrijke factor. Geluidreductie staat niet gelijk aan hinderreductie. Van een stiller vliegtuig, dat bijvoorbeeld 3 dB(A) minder geluid produceert, worden omwonenden in de directe omgeving van RTHA nog steeds wakker of ervaren zij geluidhinder. Dit vliegtuig telt in de modellen wel mee in de 'geluidwinst'. Dit kan betekenen dat er, ondanks dat het meer slaapverstoring kan veroorzaken, er meer vliegtuigen mogen gaan vliegen. Dit verslechtert de situatie voor omwonenden en de balans tussen de gezonde leefomgeving en de activiteiten van de luchthaven.
3. De nacht en randen van de dag moeten beter worden beschermd Het voorkeursalternatief beperkt commercieel verkeer tot 07:00-23:00 uur, met uitloop tot 23:59 en beperkte nachtelijke bewegingen. Hoewel dit een verbetering is ten opzichte van de huidige situatie, is deze wijziging vanuit gezondheidsperspectief onvoldoende. Uit landelijk GGD- en RIVM-onderzoek blijkt dat juist de vliegbewegingen tussen 22:00–23:00 uur en 06:00–07:00 uur de grootste slaapverstoring veroorzaken. Wij adviseren om nacht- en randtijdverkeer verder te reduceren, zodat bewoners daadwerkelijk met een ongestoorde nachtrust kunnen herstellen van de geluidbelasting overdag.
4. Monitoring Monitor structureel de hinderbeleving en slaapverstoring onder omwonenden en gebruik deze informatie actief bij de evaluatie en bijsturing van het beleid.
Met vriendelijke groet,
Diana Filipov
Tom Koeman
Medisch Milieukundig Adviseur
Senior Medisch Milieukundig Adviseur
2