[26bb001070] Brief COR over Advies COR ten aanzien van Aanvullend investeringsvoorstel 2025
Tekst van het document
Naam afzender: Commissie tot Onderzoek van de Rekening (COR) Naam ontvanger: Gemeenteraad Rotterdam, Commissie Bestuur, Organisatie, Financiën en Veiligheid (BOFV); Datum: 6 februari 2026 Betreft: Advies van de Commissie tot Onderzoek van de Rekening ten aanzien van het aanvullend investeringsvoorstel 2025 Kenmerk: 26bb000xxx Geachte raadsleden, De COR adviseert de gemeenteraad over de vaststelling van de jaarrekening en het gevoerde financieel beheer van de gemeente. Op grond van artikel 4, lid 2, van de Verordening op de Commissie tot Onderzoek van de Rekening kan de commissie over andere zaken adviseren, mits deze te maken hebben met de ordelijkheid en getrouwheid van het (financieel) beheer of op de rechtmatigheid en de doelmatigheid van de begrotingsuitvoering. Inleiding Op 20 januari 2026 heeft de COR het verzoek van de commissie BOFV in behandeling genomen. Dit verzoek is tot stand gekomen in de procedurevergadering van de commissie BOFV op 15 januari 2026. Het betreft het raadvoorstel 25bb009530 met bijlagen en daarbij de vraag aan de COR om te adviseren over de behandelwijze van dit voorstel. Het Raadsvoorstel Samenvattend wordt voorgesteld te besluiten tot 4 investeringen: 1 Lening aan de Voedselbank Rotterdam 2 Verwerving van cumulatief preferente aándelen Stadsherstel Historisch Rotterdam N.V.
waarmee Stadsherstel drie restauratieprojecten kan realiseren; 3 Extra opvangplaatsen voor overlastgevende personen; 4 Een financiële bijdrage aan de verplaatsing van het spoorwegemplacement IJsselmonde naar de Maasvlakte. Ten aanzien van de investeringsvoorwaarden geldt: • Onderdelen 1 en 2 een investering uit de Enecomiddelen; • Onderdelen 3 en 4 een investering uit de bijzondere erfpachtbaten. Kader en toetsing In de toelichting bij artikel 8 tot en met 11 van de Verordening financiën Rotterdam 2021 is opgenomen dat investeringsbesluiten onderdeel dienen te zijn van de reguliere P&C-documenten: voorjaarsnota, programmabegroting (beiden inclusief herzieningen van de lopende begroting) en 10-maandsrapportage. Artikel 10 borgt dat de financiële effecten van het voorgelegde investeringsbesluit ook verwerkt zijn in de lopende begroting en meerjarenraming. Alleen bij hoge uitzondering de raad gevraagd wordt om tussentijds investeringskrediet toe te wijzen. In dat geval moeten de financiële effecten van dat besluit in het eerstvolgende P&C-document verwerkt worden. Het relevante kader voor investering is de Beleidsnota investeringen Rotterdam 2020, inclusief de 1e wijziging van 8 juli 2021 (besluit 21bb009472)
Observaties De COR constateert dat de noodzaak om dit voorstel buiten een regulier P&C moment voor te leggen, alleen in het voorstel rondom Stadsherstel uit de stukken blijkt. “Dit kan niet wachten tot een volgende bestuursperiode”, inclusief toelichting waarom. De COR constateert daarnaast dat het voorstel van Stadsherstel en Voedselbank niet aan het juiste kader is getoetst door de Adviescommissie aanwending verkoopopbrengst Eneco. In de geleidebrief met kenmerk 25bb009539 refereert de adviescommissie aan de versie van de beleidsnota investeringen Rotterdam 2020 van 16 juli 2020, terwijl de beleidsnota nadien is gewijzigd (1e wijziging van 8 juli 2021). De COR constateert verder dat in het investeringsplan ten aanzien van de verplaatsing emplacement IJsselmonde consequent wordt gesproken over prijspeil 2025 en een bijdrage inclusief BTW. Voor de raad en het college is een vertaalslag nodig naar de huidige situatie en bijhorende documenten uit de P&C-cyclus. Tot slot leest de COR in 25bb009530 dat de investering voor extra opvangplekken voor overlastgevende personen zal worden aangewend voor extra BTO-plekken en onderdeel vormt van de nieuwe aanpak “Overlastgevers op straat”. Advies De COR adviseert om bij de behandeling in de commissie: 1.
De vigerende kaders te respecteren en voorstellen waarvoor geen urgente onderbouwing is opgenomen te betrekken bij een regulier P&C-moment. Dit zodat investeringen in samenhang kunnen worden overwogen; 2. De investering ten aanzien extra opvangplekken voor overlastgevende personen te betrekken bij de behandeling van de nieuwe aanpak “Overlastgevers op straat” en dit via een separaat raadsvoorstel te laten lopen. Daarmee vraagt u het college om een nieuw voorstel. De commissie ZWCS lijkt daarbij de juiste commissie voor behandeling. De financiële effecten kunnen eventueel na behandeling worden verwerkt in de P&Ccyclus; 3. Het voorstel voor de investering in Stadsherstel te laten voorzien van een toetsing aan het juiste kader en via een separaat raadsvoorstel te laten lopen. U vraagt hiermee het college om met spoed met een nieuw voorstel te komen. De commissie BWB lijkt daarbij de juiste commissie voor behandeling; 4. Het voorstel ten aanzien van de investering voor de verplaatsing emplacement IJsselmonde te betrekken bij de ruimtelijke besluitvorming daarover. U vraagt het college hiermee een nieuw voorstel te doen met het juiste prijspeil en bedragen exclusief BTW. De juiste commissie voor behandeling lijkt hierbij BWB. De financiële effecten kunnen eventueel na behandeling worden verwerkt in de P&C-cyclus; 5.
Het voorstel voor de lening aan de Voedselbank te laten voorzien van een toetsing aan het juiste kader. Het voorstel kan daarna onderdeel uitmaken van de investeringsvoorstellen bij het volgende P&C-moment. U vraagt het college hiermee een nieuw voorstel te doen; 6. De wethouder financiën om een toelichting te vragen waarom er in dit voorstel van de vigerende kaders is afgeweken. Met deze behandelwijze kan de commissie bijdragen aan het naleven en handhaven van gemaakte afspraken en daarmee aan de versterking van de integriteit, transparantie en betrouwbaarheid van de (financiële) rapportages en het interne controlesysteem van de gemeente waardoor de raad blijvend grip heeft op financiële risico’s en de begroting.
Ik vertrouw erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd en ben uiteraard beschikbaar voor nadere toelichting in uw vergadering. Vriendelijke groet,
M.H. (Marvin) Biljoen Voorzitter Commissie tot Onderzoek van de Rekening