25bb00 Raadsvoorstel RR Onderzoek regeling risicovolle projecten
Tekst van het document
Rotterdam, 1 september 2025
25bb00
Aan: De gemeenteraad
Onderwerp: Rapport Rekenkamer Rotterdam ‘Passend regelen, onderzoek naar de Regeling risicovolle projecten’ (25bb003705) Gevraagd besluit: Samenvattend stellen wij u voor om de conclusies van het rapport van de Rekenkamer Rotterdam ‘Passend regelen, onderzoek naar de Regeling risicovolle projecten’ (25bb003705) te onderschrijven en de aanbevelingen over te nemen. Tevens stellen wij u voor om het college van burgemeester en wethouders op te dragen uitvoering te geven aan de aanbevelingen en uiterlijk over een half jaar te rapporteren over de voortgang. Waarom dit voorstel? / Waarom nu voorgelegd? De Rekenkamer Rotterdam heeft op 22 mei 2025 het rapport “Passend regelen” aangeboden aan de gemeenteraad. Volgens de ‘Verordening rekenkamer Rotterdam’ (artikel 12, lid 4) worden rapporten van de rekenkamer binnen drie maanden behandeld. Dat is in dit geval, als gevolg van het zomerreces, enkele weken later. Aanleiding voor dit rekenkamerrapport De gemeente Rotterdam voert diverse grote projecten uit in de stad, waarmee grote investeringen in financiële middelen en capaciteit zijn gemoeid. Sinds 2012 bestaat de Regeling risicovolle projecten (RRP). Deze regeling is bedoeld om de raad in een zo vroeg mogelijk stadium relevante informatie te verschaffen over grote projecten om zijn controlerende taak goed uit te kunnen voeren.
De Regeling risicovolle projecten is mede op initiatief van de Rekenkamer Rotterdam ontwikkeld. Sinds de inwerkingtreding van de regeling in 2012 zijn vier projecten aangewezen door de raad: Feyenoord City, de renovatie van Museum Boijmans Van Beuningen, het Warmtebedrijf en de nieuwe oeververbinding tussen De Esch en de Veranda. De rekenkamer wil met dit onderzoek nagaan of de regeling voldoet aan de verwachtingen en
Portefeuillehouder: wethouder Van Rij Steller: Léon van Koppen
raadsvergadering van: 11 september 2025 raadsstuk 25bb00 pagina 1
opbrengt wat was beoogd. De vraag die centraal staat, is of de regeling bijdraagt aan het versterken van de controlerende taak van de gemeenteraad. Vraagstelling De hoofdvraag van het onderzoek luidt: In hoeverre draagt de Regeling risicovolle projecten bij aan de uitvoering van de controlerende taak van de gemeenteraad bij grote projecten en in hoeverre heeft de regeling meerwaarde ten opzichte van andere instrumenten die de gemeenteraad ter beschikking staan? Financiële en juridische consequenties/aspecten: Niet van toepassing. Advies commissie Bestuur, Organisatie, Financiën en Veiligheid (BOFV) De commissie BOFV heeft op donderdag 4 september 2025 een toelichting gekregen van de directeur van de Rekenkamer op het rapport, waarna het rapport besproken is in aanwezigheid van wethouder Van Rij. De commissie adviseert het rapport met bijbehorend raadsvoorstel en – ontwerpbesluit … (in te vullen na de commissievergadering). Het bijbehorende ontwerpbesluit bieden wij u hierbij ter vaststelling aan. Presidium van de raad van de gemeente Rotterdam, De griffier,
De voorzitter,
Portefeuillehouder: wethouder Van Rij Steller: Léon van Koppen
raadsvergadering van: 11 september 2025 raadsstuk 25bb00 pagina 2
Ontwerpbesluit: De Raad van de gemeente Rotterdam, in vergadering bijeen op 11 september 2025, gelezen het rapport van 22 mei 2025 van de Rekenkamer Rotterdam ‘Passend regelen, onderzoek naar de Regeling risicovolle projecten’ (25bb003705), gelezen het raadsvoorstel (25bb00), gelet op de Gemeentewet en de Verordening Rekenkamer Rotterdam; gehoord de beraadslagingen in de commissie Bestuur, Organisatie, Financiën en Veiligheid, op 4 september 2025; Besluit: I De conclusies zoals verwoord in het rapport “Passend regelen” te onderschrijven: Hoofdconclusie: De Regeling risicovolle projecten zorgt voor beter inzicht in de voortgang en risico’s van grote projecten dan andere instrumenten van de raad en helpt de raad zo zijn controlerende taak beter uit te kunnen voeren. De opzet en wijze van toepassing door het college kennen echter gebreken die de meerwaarde van de regeling beperken. Conclusies: 1. De regeling maakt de actieve informatieplicht van het college aan de raad concreet en helpt meer inzicht in de gemeentelijke risico’s en voortgang van projecten te krijgen: - De regeling zorgt voor structuur, toegespitste informatie en een gedeeld beeld voor de raad, - Zonder regeling wordt de raad ook over grote projecten geïnformeerd, maar de aanvullende elementen uit de regeling hebben meerwaarde, - De regeling heeft een disciplinerende werking voor college en projectorganisatie. 2.
De regeling is nog te weinig specifiek over de benodigde informatie: - Er ontbreken afspraken over de omgang met commercieel gevoelige informatie, - De regeling heeft geen aandacht voor verschillen in informatiebehoefte per projectfase, - De regeling is onduidelijk over de functie van audits. 3. De regeling heeft te weinig oog voor het risico dat de verantwoordelijkheid voor de toepassing verschuift naar de raad: - De regeling legt het initiatief voor aanwijzing van projecten eenzijdig bij de raad, - Het initiatief nemen door de raad wordt bemoeilijkt omdat de criteria te vaag zijn, - De rol van raadsrapporteur is onduidelijk en kwetsbaar, - Het college heeft tot nu toe nooit uitvoering gegeven aan audits, maar legt de verantwoordelijkheid daarvoor bij de raad.
Portefeuillehouder: wethouder Van Rij Steller: Léon van Koppen
raadsvergadering van: 11 september 2025 raadsstuk 25bb00 pagina 3
4. Het college is nog zoekende naar een goede toepassing van de regeling: - De duiding van gemeentelijke risico’s in de rapportage was aanvankelijk onvoldoende inzichtelijk, maar is verbeterd, - De rapportages zijn soms achterhaald door actuele ontwikkelingen. II De aanbevelingen uit het rapport “Passend regelen” over te nemen: 1. Handhaaf de Regeling risicovolle projecten, maar maak mogelijk dat flexibeler tussen de regeling en de Monitor Grote Projecten kan worden op- en afgeschaald. 2. Verbeter de aanwijzing van risicovolle projecten: a. Laat het college advies uitbrengen over de aanwijzing, b. Plaats de criteria voor aanwijzing in een breder afwegingskader, 3. Zorg voor een passende informatievoorziening aan de raad: a. Actualiseer de voorschriften over de basis- en voortgangsrapportage op basis van de opgedane ervaringen, b. Leg vast dat bij projectfaseovergangen wordt getoetst of het rapportageformat nog passend is, c. Besteed in de regeling specifiek aandacht aan afspraken over vertrouwelijke informatie. 4. Creëer ruimte voor ondersteuning van de raad: a. Schrap de auditbepaling uit de regeling, b. Maak afspraken over de inzet van externe expertise voor toetsing en advisering, c. Stel vast wat de rol en wijze van ondersteuning van de raadsrapporteur is.
III) Het college van burgemeester en wethouders op te dragen de aanbevelingen van de Rekenkamer uit te voeren en daarover uiterlijk na een half jaar aan de raad te rapporteren. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 11 september 2025. De griffier,
De voorzitter,
Portefeuillehouder: wethouder Van Rij Steller: Léon van Koppen
raadsvergadering van: 11 september 2025 raadsstuk 25bb00 pagina 4