[24bb008738] bijlage bij 24bb008730 Afschrift openbaar Register.
Tekst van het document
Verzuim bij aflevering Indien de Gebruiker, na daartoe in gebreke te zijn gesteld, in verzuim blijft in de nakoming van zijn verplichtingen ingevolge artikel 32, kan HbR zelf opdracht geven tot uitvoering van de nodige werkzaamheden, opdat een aflevering kan plaatsvinden als in artikel 32 bedoeld. In dat geval zal de Gebruiker alle daartoe door HbR gemaakte kosten, inclusief eventuele proceskosten en wettelijke rente, aan HbR vergoeden. Indien de Gebruiker binnen dertig dagen na het einde van het Gebruiksrecht de Onroerende Zaak niet vrij van de Bebouwing heeft afgeleverd, is hij niet meer bevoegd de Bebouwing weg te nemen. HbR is alsdan geen vergoeding voor de Bebouwing verschuldigd aan de Gebruiker. Voorts is HbR bevoegd voor rekening van de Gebruiker de Bebouwing te verwijderen. Ontheffing verwijderingsplicht of saneringsplicht In afwijking van het in artikel 32.1 bepaalde kan HbR bij de beëindiging van het Gebruiksrecht toestaan dat de Bebouwing of onderdelen daarvan niet hoeft/hoeven te worden verwijderd. Deze zullen alsdan door de Gebruiker ontruimd worden afgeleverd aan HbR. Indien de achterlating geschiedt op verzoek van de Gebruiker, is HbR geen vergoeding, hoe ook genaamd, voor de achtergelaten Bebouwing of de betreffende onderdelen daarvan aan de Gebruiker verschuldigd.
Indien de achterlating geschiedt op verzoek van HbR, zullen partijen met elkaar in onderhandeling treden over vergoeding van de waarde van de achtergelaten Bebouwing of de betreffende onderdelen daarvan. In afwijking van het in artikel 32.3 tweede volzin bepaalde kan HbR de Gebruiker bij de beëindiging van het Gebruiksrecht ontheffen van zijn verplichting tot sanering van de Bodem van het Terrein onder door HbR nader te stellen voorwaarden, echter eerst nadat: (a) het bevoegd gezag daartoe toestemming heeft gegeven, en (b) HbR en de Gebruiker overeenstemming hebben bereikt over een vergoeding voor de achterblijvende verontreiniging(en); de vergoeding bestaat in ieder geval uit schadevergoeding, maar kan ook een
23 afkoopsom voor het door HbR te dragen risico dat de verontreiniging(en) in de toekomst meer of erger blijken te zijn, bevatten. 35 Juridische staat van de Onroerende Zaak bij einde Gebruiksrecht 35.1 De Gebruiker staat er voor in en vrijwaart HbR te dier zake dat bij het einde van het Gebruiksrecht geen persoonlijke of beperkte rechten van derden op de Onroerende Zaak, het Gebruiksrecht of het Recht van vaste Ligplaats rusten of tegen HbR geldend gemaakt kunnen worden. 35.2 De Gebruiker draagt zorg voor doorhaling op zijn kosten van al die beperkte rechten die bij het einde van het Gebruiksrecht nog ten laste van het Gebruiksrecht in het Kadaster zijn ingeschreven. Indien de Gebruiker nalaat dit te doen, is HbR bevoegd om namens en voor rekening van de Gebruiker voor doorhaling zorg te dragen. X. DIVERSEN 36 Mededelingen etcetera 36.1 Alle kennisgevingen, mededelingen, verzoeken, aanzeggingen, opzeggingen en vorderingen geschieden schriftelijk, tenzij is bepaald dat dat per aangetekende brief of deurwaardersexploot dient te geschieden. 36.2 Een verzoek voor een toestemming, goedkeuring of ontheffing te verlenen door HbR voor een door de Gebruiker te verrichten (rechts)handeling dient voorafgaand aan het verrichten van de betreffende (rechts)handeling bij HbR te zijn ingediend en door HbR te zijn verleend.
36.3 Verlening of afwijzing door HbR van een verzoek als bedoeld in artikel 36.1 geschiedt schriftelijk. Een mondelinge verlening of inwilliging door HbR is niet rechtsgeldig en wordt geacht niet te zijn verleend. 36.4 Indien HbR een toestemming, goedkeuring of ontheffing verleent, is zij bevoegd daaraan voorwaarden te verbinden zoals: (a) een verhoging van de Gebruiksvergoeding; (b) een verlening voor een bepaalde duur of tot wederopzegging; of (c) het bedingen van nadere of gewijzigde gebruiksvoorschriften. 37 Meer Gebruikers; hoofdelijkheid 37.1 Indien het Gebruiksrecht aan twee of meer (rechts-)personen toebehoort, wijzen zij terstond een van hen aan als vertegenwoordiger en wel in de Akte of, ingeval van verkrijging van het Gebruiksrecht anders dan bij de Akte, bij de verklaring die bij die verkrijging moet worden opgemaakt. 37.2 Een wijziging in de vertegenwoordiging of een (tijdelijke) vervanging moet onverwijld bij aangetekende brief aan HbR worden meegedeeld. 37.3 Alle kennisgevingen, mededelingen, verzoeken, aanzeggingen, opzeggingen, vorderingen en inwilliging van verzoeken inzake het Gebruiksrecht geschieden door en aan de laatste bij HbR bekende vertegenwoordiger. 38 Ondeelbaarheid verplichtingen Hetgeen wegens het Gebruiksrecht of het Recht van vaste Ligplaats is verschuldigd of kan worden gevorderd, is ondeelbaar.
39 Lasten en belastingen 39.1 Indien HbR in verband met de Onroerende Zaak of de Bebouwing voor lasten of belastingen wordt aangeslagen, zal het uit dien hoofde door HbR verschuldigde aan de Gebruiker worden doorberekend. 39.2 Indien HbR aan de Gebruiker onroerende zaakbelasting, waterschapslasten of andere belastingen of lasten doorberekent en de Gebruiker het niet eens is met
40 40.1
40.2
40.3
40.4
41
42 42.1
42.2
24 de waardering van de Onroerende Zaak of de Bebouwing op grond van de Wet waardering onroerende zaken, kan de Gebruiker als belanghebbende bezwaar en beroep aantekenen tegen de door de betreffende heffingsinstantie aan HbR uitgebrachte beschikking. Indien de aanslag voor de onroerende zaakbelasting na bezwaar bij de betreffende gemeente dan wel beroep bij de rechter op een lager bedrag wordt vastgesteld, keert HbR - na ontvangst van dit bedrag van de betreffende gemeente - het verschil tussen de opgelegde aanslag en het lager vastgestelde bedrag aan de Gebruiker uit. Het aantekenen van bezwaar en beroep tegen de waardering van de Onroerende Zaak of de Bebouwing ontslaat de Gebruiker niet van zijn verplichting tot betaling binnen de daartoe gestelde betalingstermijn van de doorberekening van de aan HbR opgelegde aanslagen. Betalingen, wettelijke rente en verrekening Hetgeen de Gebruiker uit hoofde van het Gebruiksrecht of het Recht van vaste Ligplaats aan HbR verschuldigd is, moet tijdig worden betaald in wettige betaalmiddelen en zonder enige korting of verrekening, uit welken hoofde ook.
Indien de betaling van hetgeen de Gebruiker uit hoofde van het Gebruiksrecht of het Recht van vaste Ligplaats is verschuldigd niet plaats heeft gevonden op de datum waarop het verschuldigde opeisbaar is geworden, zal over de periode, gedurende welke de nalatigheid duurt, verhoging van het verschuldigde plaatsvinden op basis van wettelijke rente voor handelsovereenkomsten. De Gebruiker zal alle kosten van maatregelen, zowel in als buiten rechte, door HbR getroffen, daaronder begrepen die van rechtskundige bijstand aan HbR vergoeden. Indien HbR een bedrag aan de Gebruiker, uit welke hoofde ook, is verschuldigd, is HbR te allen tijde bevoegd tot verrekening over te gaan, ongeacht of het door de Gebruiker aan HbR verschuldigde opeisbaar is of niet. Enige betaling uit hoofde van het Gebruiksrecht of het Recht van vaste Ligplaats zal in de eerste plaats strekken tot voldoening van eventuele kosten, in de tweede plaats tot voldoening van vervallen rente, in de derde plaats tot voldoening van de Gebruiksvergoeding, het Kadegeld en de lopende rente en in de vierde plaats tot voldoening van alle andere bedragen die mochten zijn verschuldigd. Verzuim De Gebruiker is in verzuim door het enkele verlopen van een voor een bepaalde nakoming vastgestelde termijn.
Ingeval van ontbreken van een termijn, treedt het verzuim in door het verlopen van de bij een ingebrekestelling te stellen termijn, tenzij nakoming reeds blijvend onmogelijk is, in welk geval de Gebruiker in verzuim is zonder dat HbR hem een termijn voor nakoming van de betreffende verplichting hoeft te stellen. Boete Indien de Gebruiker in ernstige mate tekortschiet inzake enige verplichting voortvloeiende uit het Gebruiksrecht of het Recht van vaste Ligplaats, kan HbR de Gebruiker een geldboete opleggen van ten hoogste tien maal de Gebruiksvergoeding zoals die gold ten tijde van het verzuim, onverminderd het in artikel 30.2 bepaalde. Bij het opleggen van een geldboete zal HbR de hoogte van de boete in
25 redelijkheid en billijkheid baseren op de ernst en duur van de overtreding. 42.3 HbR stelt de Gebruiker bij aangetekende brief in kennis van de hoogte van de boete. De boete dient binnen dertig dagen na de verzending van deze brief te worden betaald. 42.4 Het opleggen van een boete laat onverlet de bevoegdheid van HbR om naast de boete verdere schadevergoeding te vorderen. 43 Derden Derden kunnen aan het bepaalde in een Akte of de Algemene Bepalingen geen rechten ontlenen. 44 Kosten Alle kosten en belastingen uit hoofde van de Akte komen voor rekening van de Gebruiker. 45 Deskundigen 45.1 Indien ingevolge de Algemene Bepalingen deskundigen moeten beslissen over een geschil benoemen beide partijen elk een deskundige, welke deskundigen samen de derde deskundige benoemen. De deskundigen worden door de meest gerede partij onverwijld na hun benoeming in kennis gesteld van hetgeen in de Akte, in deze Algemene Bepalingen en in de eventuele nadere overeenkomsten is vastgesteld. De deskundigen doen uitspraak binnen zestig dagen nadat zij allen van de benoeming in kennis zijn gesteld. 45.2 Indien het bepaalde in artikel 28.1 sub b onder (iv) van toepassing is, wordt in afwijking van artikel 45.1 een derde deskundige benoemd door de eventuele hypotheekhouder(s) en benoemen deze drie deskundigen gezamenlijk nog twee deskundigen.
45.3 Indien de deskundigen niet binnen zestig dagen uitspraak doen, geschiedt het ontslag van de deskundigen en de benoeming van nieuwe deskundigen door de Voorzieningenrechter op verzoek van de meest gerede partij. 45.4 De kosten van de deskundigen worden gedragen door de partij die in het ongelijk wordt gesteld. Worden beide partijen in het ongelijk gesteld dan worden de kosten naar rata van hun ongelijk verdeeld. 45.5 Is een partij in verzuim in de nakoming van de verplichting tot benoeming van een deskundige of benoemen aangewezen deskundigen niet gezamenlijk de andere deskundige(n) of benoemt/benoemen de hypotheekhouder(s) geen deskundige, dan geschiedt de benoeming door de Voorzieningenrechter op eerste verzoek van een partij. 46 Woonplaats 46.1 HbR kiest voor alles wat met de Akte verband houdt woonplaats te haren kantore. HbR stelt de Gebruiker schriftelijk in kennis van een wijziging van haar woonplaats. 46.2 De Gebruiker kiest voor alles wat met de Akte verband houdt, daaronder begrepen het factuuradres, woonplaats op het adres van de Onroerende Zaak, tenzij de Gebruiker aan HbR schriftelijk kennis geeft elders binnen Nederland woonplaats te kiezen. De eventueel afwijkende woonplaatskeuze van de Gebruiker wordt in de Akte vermeld.
26 Wijziging van de woonplaats door de Gebruiker kan slechts geschieden met toestemming van HbR. 47 Geschillen Geschillen tussen de Gebruiker en HbR ter zake van de rechten of verplichtingen ter zake van het Gebruiksrecht respectievelijk andere rechten of verplichtingen uit hoofde van de Akte zullen in eerste aanleg worden voorgelegd aan de bevoegde rechter van de Rechtbank te Rotterdam, tenzij in de Algemene Bepalingen de beslechting is opgedragen aan deskundigen. 48 Algemene termijnenwet De Algemene termijnenwet is op termijnen vermeld in de Akte en de eventuele nadere overeenkomsten van toepassing. 49 Publiekrecht 49.1 De verplichtingen van de Gebruiker of HbR voortvloeiende uit het Gebruiksrecht of het Recht van vaste Ligplaatslaten laten onverlet de verplichtingen op grond van het publiekrecht. 49.2 Een op grond van het publiekrecht door de Gebruiker verkregen vergunning of ontheffing laat onverlet de verplichtingen van de Gebruiker voortvloeiende uit het Gebruiksrecht of het Recht van vaste Ligplaats. 49.3 Verplichtingen van HbR voortvloeiende uit het Gebruiksrecht of het Recht van vaste Ligplaats laten haar publieke taken onverlet.
Indien HbR is gehouden uit hoofde van haar publieke taken te handelen in strijd met (de geest van) zijn verplichtingen voortvloeiende uit het Gebruiksrecht of het Recht van vaste Ligplaats, schiet HbR niet tekort in de nakoming van haar verplichtingen en is HbR op geen enkele wijze aansprakelijk jegens de Gebruiker. 50 Niet-toepasbaarheid van bepalingen en onredelijk bezwarende bepalingen Voor zover een bepaling uit de Akte of de Algemene Bepalingen op grond van een rechterlijke uitspraak of anderszins niet toegepast kan worden, blijven alle overige bepalingen onverminderd van kracht en zal de niet toepasbare bepaling worden vervangen door een bepaling die wel toegepast kan worden en die zo min mogelijk, gelet op het doel en de strekking van de Akte of de Algemene Bepalingen, afwijkt van de niet toepasbare bepaling. 51 Kopjes Kopjes in de Akte en de Algemene Bepalingen zijn alleen bedoeld ter verbetering van de leesbaarheid. Daaraan kan geen enkel recht worden ontleend. 52 Citeernaam De Algemene Bepalingen kunnen worden aangehaald als: Algemene Bepalingen voor gebruiksrechten Havenbedrijf Rotterdam N.V. 2015. Volmacht Van gemelde volmacht op de comparanten blijkt uit één (1) onderhandse akte, welke aan deze akte zal worden gehecht (Bijlage). Slot De comparanten zijn mij, notaris, bekend. Deze akte is verleden te Rotterdam op de datum aan het begin van deze akte vermeld.
De zakelijke inhoud van deze akte is aan de comparanten opgegeven en toegelicht.
27 De comparanten hebben verklaard op volledige voorlezing van de akte geen prijs te stellen, tijdig voor het verlijden van de inhoud daarvan te hebben kennisgenomen en met de inhoud in te stemmen. Onmiddellijk na beperkte voorlezing is deze akte eerst door de comparanten en daarna door mij, notaris, ondertekend. (Volgt ondertekening) UITGEGEVEN VOOR AFSCHRIFT:
De ondergetekende, mr. , notaris met plaats van vestiging Rotterdam, verklaart dat dit afschrift inhoudelijk een volledige en juiste weergave is van de inhoud van het stuk waarvan het een afschrift is.
Blad 28 van 28
Verklaring: Het voorgaande stuk is ingeschreven ten kantore van de Dienst voor het Kadaster en de Openbare Registers op 19-03-2015 om 09:00 in register Onroerende Zaken Hyp4 in deel 65877 nummer 179. Een elektronisch document met voornoemde inhoud was gewaarmerkt met een digitale handtekening, die blijkens bijbehorend certificaat van QuoVadis CSP - PKI Overheid CA - G2 met nummer 614EAE0397D04451DA1E60B107E5DCC51FFE91B0 toebehoort aan
Onroerende Zaken Hyp4 : 65877/179 19-03-2015 09:00