CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[24bb006981] Wethoudersbrief Zeegers over stofhinderonderzoek bestemmingsplan Merwe-Vierhavens

Subcommissie bestemmingsplannen Commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte (2022-2026) 15 oktober 2024, gemeente RotterdamBij agendapunt: Hoorzitting1.234 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Cluster: Stadsontwikkeling Portefeuille: Klimaat, Bouwen, Wonen Portefeuillehouder: Drs. C.M. Zeegers MA Postadres: Postbus 70012 3000 KP Rotterdam Van: Koen Lakerveld Telefoon: 06-57999736 E-mail: k.lakerveld@rotterdam.nl

Aan de commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte

Ons kenmerk: M2410-1391 24bo007816 Bijlage(n): 1 Onderwerp: Stofhinderonderzoek bestemmingsplan Merwe-Vierhavens Datum: 11 oktober 2024

Beste commissieleden, Op 6 september 2024 heeft u het raadsvoorstel voor de vaststelling van het bestemmingsplan ‘Merwe-Vierhavens’ ontvangen (24bb005840). Op 15 oktober 2024 is de hoorzitting gepland. Onderdeel van het raadsvoorstel is de Nota zienswijzen en ambtshalve wijzigingen. Het stuwadoorsbedrijf BSR Van Uden heeft een zienswijze op het bestemmingsplan ingediend, die in de Nota beantwoord is. Het bedrijf geeft kortgezegd aan dat de stofhinder die het mag veroorzaken bij de op- en overslag van stuifgevoelige lading een knelpunt is voor de woonbestemming in het gebied Merwehaven. In het kader van deze zienswijze is nader onderzoek gedaan naar de verwachte stofhinder. En of de verwachte stofhinder aanvaardbaar is in een woongebied. Hierover was nog afstemming nodig met DCMR en de gemeente Schiedam. Op het moment van collegebehandeling had het onderzoek daarom nog een conceptstatus. Dit is ook toegelicht in het raadsvoorstel. Daarin is ook beschreven dat het onderzoek nagezonden wordt zodra het gereed is. Dat is nu het geval, zie de bijlage. Ik verzoek u deze brief en het stofhinderonderzoek uit de bijlage bij de stukken van het bestemmingsplan te voegen. Resultaten De resultaten van het onderzoek, dat zeer technisch van aard is, kunnen als volgt geduid worden. De mate van verwachte stofhinder is in het onderzoek uitgedrukt in contouren.

De contouren liggen om de 6 locaties op de kade van Van Uden waar de kranen staan die stuifgevoelige goederen overslaan van en naar schepen, dit zijn de zogenaamde emissiebronnen. Hoe dichter bij de emissiebron, hoe groter de kans op stofhinder. In het onderzoek zijn vier contouren berekend, zie de figuur op de volgende pagina:  De grens waarbinnen ≤10 kg zichtbaar stof per hectare per jaar te verwachten is: hier is maandelijks tot incidenteel zichtbaar stof te verwachten (dit is de groene contour in het onderzoek, net zichtbaar in de rechter onderhoek);  De grens waarbinnen ≤73 kg zichtbaar stof per hectare per jaar te verwachten is: hier is wekelijks tot maandelijks zichtbaar stof te verwachten (dit is de gele contour in het onderzoek);  De grens waarbinnen ≤365 kg zichtbaar stof per hectare per jaar te verwachten is: hier is dagelijks tot wekelijks zichtbaar stof te verwachten (dit is de oranje contour in het onderzoek);

Blad: Datum: Ons kenmerk:

2/3 10 oktober 2024 M2410-1391

De grens waarbinnen ≤3.650 kg zichtbaar stof per hectare per jaar te verwachten is: hier is dagelijks zichtbaar stof te verwachten (dit is de rode contour in het onderzoek).

Contouren stofdepositie op basis van de TNO-methode De uitgangspunten van het onderzoek zijn gebaseerd op de milieuvergunning van BSR Van Uden en de bijbehorende onderzoeken. Hierin is onder andere beschreven welke doorzet is toegestaan en welke maatregelen BSR Van Uden moet treffen om stofhinder in de omgeving te voorkomen. Verder is het goed te benoemen dat de stofdepositie met twee rekenmethoden berekend is: de TNO- en NTA-methode. De resultaten van de TNOmethode zijn worst-case en zijn daarom aangehouden voor de afweging. Toetsingskader Er is geen wettelijk toetsingskader voor de aanvaardbaarheid van zichtbaar stof. Wel kan gesteld worden dat woningbouw niet aanvaardbaar is in een gebied waar dagelijks of dagelijks tot wekelijks zichtbaar stof te verwachten is. Dit komt overeen met het gebied binnen de oranje contour, waar alleen de punten van de Merwepieren in vallen. Tussen de oranje en gele contour is wekelijks tot maandelijks stofhinder te verwachten. Hier is woningbouw wel aanvaardbaar. Vrijwel geheel Merwehaven (exclusief de punten van de Merwepieren) valt in deze zone. Pas buiten de groene contour, op ruim 2 km afstand van BSR Van Uden, is incidenteel of geen stofhinder te verwachten. Afweging Op grond van het bestemmingsplan kan het noordelijk deel van Merwehaven op korte termijn bebouwd worden. Dit deel is aangeduid met fase 1 in bovenstaande figuur.

Het zuidelijk deel, de punten van de pieren, kan op grond van een ‘kameleonbestemming’ pas bebouwd worden zodra BSR Van Uden de activiteiten gestaakt heeft. Dit vanwege de geluidbelasting die het bedrijf veroorzaakt. Dit deel is aangeduid met fase 2 in bovenstaande figuur. De oranje contour uit het stofhinderonderzoek blijkt samen te vallen met deze kameleonbestemming. Binnen de oranje contour zijn woningen niet aanvaardbaar. De gronden binnen de oranje contour mogen echter pas bebouwd worden wanneer BSR Van Uden de activiteiten gestaakt heeft. Hiermee verdwijnt ook de stofhinder. De oranje contour vormt dus geen beperking voor de woningbouwmogelijkheden die het bestemmingsplan op de punten van de pieren biedt. De rest van de woonbestemmingen in Merwehaven ligt binnen de zone waar wekelijks tot maandelijks stofhinder te verwachten valt (tussen de oranje en gele contour). Er heeft een

Blad: Datum: Ons kenmerk:

3/3 10 oktober 2024 M2410-1391

afweging plaatsgevonden over de woningbouw die dit bestemmingsplan hier mogelijk maakt in relatie tot de verwachte stofhinder. Een situatie waarin toekomstige bewoners wekelijks tot maandelijks stofhinder kunnen verwachten is suboptimaal, maar wel aanvaardbaar. Vooropgesteld is het belangrijk om te noemen dat zichtbaar stof hinderlijk is, maar geen gezondheidseffecten heeft, zoals fijnstof. De voornaamste reden voor de aanvaardbaarheid is de tijdelijkheid van de stofhinder: uiterlijk 1 juli 2032 moet BSR Van Uden haar activiteiten staken en verdwijnt de stofhinder. De eerste start bouw in Merwehaven is eind 2025/begin 2026 beoogd. De woningen zullen medio/eind 2027 opgeleverd worden. De periode met verwachte stofhinder is dus beperkt. Bovendien ligt deze locatie in de Marconistrip halverwege de oranje en gele contour. Stofhinder is hier dus niet wekelijks te verwachten. De start bouw van de overige locaties is medio 2026 of later, oplevering vanaf 2028. De start bouw van de locatie die het dichtstbij BSR Van Uden ligt is pas begin 2029 voorzien. Hier is slechts een jaar stofhinder te verwachten uitgaande van een bouwtijd van 1,5 tot 2 jaar. Bij de woningbouw op de kop van de Marconistrip is vanwege de start bouw in 2030 helemaal geen stofhinder meer te verwachten. Overigens zijn er vanuit de Grensflat, tegenover de woningbouwlocatie, geen klachten bekend over stofhinder.

Verder zullen toekomstige bewoners op de hoogte worden gesteld van de te verwachten stofhinder. Zo kunnen zij zelf de keuze maken of dit voor hen aanvaardbaar is of niet. Ook regent het in Nederland gemiddeld één keer per drie dagen. Door een regenbui spoelt het stof weg. Er kan ook onderzocht worden of de ramen van de wooncomplexen in de tijdelijke situatie tot 2032 vaker gewassen kunnen worden. Auto’s worden inpandig in mobiliteitshubs geparkeerd. Tot slot speelt hier ook het belang van de woningbouwopgave, er liggen immers afspraken me de woningbouwcorporaties. Ook dient vanwege de toegekende WBI-subsidie eind 2025 worden gestart de bouw van de eerste woningen. Resumerend Hoewel er in de tijdelijke situatie sprake zal zijn van stofhinder in het toekomstige woongebied, wordt dit op basis van bovenstaande afweging aanvaardbaar geacht. Dit onderschrijft de voorgestelde beantwoording in de Nota zienswijzen: wanneer de voorschriften uit de vergunning nageleefd worden vormt de aanwezigheid van BSR Van Uden geen knelpunt voor de beoogde woningbouw. Er is dan ook geen aanleiding de (beantwoording in de) Nota zienswijzen te wijzigen. Met vriendelijke groet,

Drs. C.M. Zeegers MA Wethouder Klimaat, Bouwen, Wonen

Bijlage(n): 1. Stofhinderonderzoek BSR Van Uden

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=8d636eba-24d2-43c5-aafa-f50d33c3899b