CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[24bb006295] Bijlage 6 behorende bij 24bb006285 - M.e.r.-beoordelingsbesluit d.d. 121223

Subcommissie bestemmingsplannen Commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte (2022-2026) 15 oktober 2024, gemeente RotterdamBij agendapunt: Hoorzitting1.902 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeente Rotterdam

M.e.r.-beoordelingsbesluit

Parallelweg 1 Postbus 843 3100 AV Schiedam T 010-246 80 00 E info@dcmr.nl www.dcmr.nl

Ons kenmerk

Uw kenmerk

Datum

1572303 4980434

0474925

12-12-2023

Contact

Afdeling

Bijlagen

info@dcmr.nl

Reguleren Advies en Omgeving

Onderwerp

M.e.r.-beoordelingsbesluit Parapluherziening Aanpassing Leidingstrook Hoogspanning Maasvlakte

Op 12 december 2023 hebben wij besloten dat geen milieueffectrapport (MER) hoeft te worden opgesteld voor het bestemmingsplan Parapluherziening Aanpassing Leidingstrook Hoogspanning Maasvlakte. Als uitgangspunt geldt dat alleen een MER hoeft te worden opgesteld, indien het bevoegd gezag van oordeel is dat dit noodzakelijk is vanwege belangrijke nadelige gevolgen die de activiteit voor het milieu kan hebben. Deze m.e.r.-beoordeling is uitgevoerd conform paragraaf 7.6 van de Wet milieubeheer en is een integrale beoordeling uitgevoerd aan de hand van de selectiecriteria van de bijlage III uit de M.e.r.richtlijn (2014/52/EU). De beoordeling is gebaseerd op de volgende documenten: De toelichting en de regels van het concept bestemmingsplan parapluherziening Aanpassing Leidingstrook Hoogspanning Maasvlakte van 10 juli 2023. Voorgenomen activiteit De voorgenomen activiteit betreft de realisatie van twee nieuwe ondergrondse hoogspanningskabels met 380 kV. Eén met een lengte van 6,3 km in het westen van de Maasvlakte tussen stroomplot B nabij een te bouwen waterstoffabriek op het waterstofconversiepark en een onderstation van TenneT. Daarnaast is er een kabeltracé van ca. 0,4 km voorzien van eveneens 380 kV tussen de te bouwen waterstoffabriek en deze stroomplot B. Het initiatief past binnen de vigerende bestemmingsplannen 'Maasvlakte 1' en 'Maasvlakte 2' van de Gemeente Rotterdam.

Echter, om het traject planologisch te beschermen en te borgen dat er geen ongewenste ontwikkelingen op de kabel plaats vinden is er een paraplubestemmingsplan opgesteld. Noodzakelijkheid m.e.r.-beoordelingsbesluit De voorgenomen activiteit valt onder:

Ons kenmerk 1572303- 4980434

M.e.r. categorie Activiteit Drempelwaarde

Kolom 4 (besluiten)

Gemeente Rotterdam

D 24.2 De aanleg, wijziging of uitbreiding van een ondergrondse hoogspanningsleiding. In gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op een leiding met: 10 een spanning van 150 kilovolt of meer, en 2D een lengte van 5 kilometer of meer in een gevoelig gebied als bedoeld onder a, b of d van punt 1 van onderdeel A van de bijlage. Bestemmingsplan

Besluit m.e.r.-beoordeling Voor de vaststelling van dit bestemmingsplan is een m.e.r.-beoordeling noodzakelijk volgens artikel 2 lid 5 onder b van het Besluit m.e.r., omdat er sprake is van de aanleg van een ondergrondse hoogspanningsleiding volgens categorie D 24.2. De drempelwaarden van de categorie D 24.2 uit het Besluit milieueffectrapportage worden niet overschreden, aangezien de ondergrondse kabels niet gerealiseerd worden in een gevoelig gebied, zoals omschreven onder deze drempelwaarde. Bevoegd gezag College van B&W is bevoegd gezag in het kader van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) en daarmee bevoegd dit m.e.r.-beoordelingsbesluit te nemen. Besluit Er hoeft geen MER te worden opgesteld, omdat er geen belangrijke nadelige gevolgen zijn te verwachten voor het milieu. Argumentatie Op basis van de argumenten in bijlage 1 zijn wij tot de conclusie gekomen dat geen belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu zijn te voorzien. In de bijlage bij deze brief is de informatie over de activiteit opgenomen. Bezwaar en beroep Op grond van artikel 6:3 van de Algemene wet bestuursrecht is deze beoordeling een voorbereidingsbesluit, waarop geen bezwaar of beroep mogelijk is, tenzij aangetoond kan worden dat dit besluit belanghebbende rechtstreeks treft. Derden kunnen bij het besluit in het kader van de

Blad 2 van 6

Ons kenmerk

Gemeente Rotterdam

1572303- 4980434

Bijlage 1 Relevante kenmerken van de voorgenomen activiteit volgens Bijlage III van de Europese m.e.r.-richtlijn Kenmerken voorgenomen activiteit Aard en omvanq activiteiten Shell is voornemens om op het waterstofconversiepark op de Maasvlakte II in Rotterdam de waterstoffabriek 'Holland Hydrogen I' (HH1) te ontwikkelen. Deze waterstoffabriek moet in de toekomstige situatie waterstof gaan produceren ten behoeve van de energietransitie en zet hierbij groene stroom om in groene waterstof en zuurstof. De voorgenomen activiteit betreft de realisatie van twee nieuwe ondergrondse hoogspanningskabels met 380 kV. Eén met een lengte van 6,3 km in het westen van de Maasvlakte tussen stroomplot B nabij de te bouwen waterstoffabriek en een onderstation van TenneT. Daarnaast is er een kabeltracé van ca. 0,4 km voorzien van eveneens 380 kV tussen de te bouwen waterstoffabriek en deze stroomplot B. Het initiatief past binnen de vigerende bestemmingsplannen 'Maasvlakte 1' en 'Maasvlakte 2’ van de Gemeente Rotterdam. Echter, om het traject planologisch te beschermen en te borgen dat er geen ongewenste ontwikkelingen op de kabel plaats vinden is er een paraplubestemmingsplan opgesteld. Gebruik van natuurlijke hulpbronnen De aanleg van de kabels zullen in beperkte mate leiden tot het gebruik van natuurlijke hulpbronnen.

Gelet op de omvang van de ontwikkeling zal het gebruik van natuurlijke hulpbronnen niet bijdragen aan uitputting van een natuurlijke hulpbron. Cumulatie met andere projecten Er zijn geen projecten bekend waardoor cumulatie van milieueffecten kan optreden. Productie van afvalstoffen De productie van afvalstoffen in verband met de aanleg van de ondergrondse leidingen is zeer gering. Verontreiniging Luchtkwaliteìt: Het initiatief beoogt de realisatie van een tweetal ondergrondse hoogspanningsverbindingen. Tijdens het gebruik van de hoogspanningsverbindingen is er geen verkeersgeneratie. Daarom draagt de ontwikkeling niet in betekenende mate bij aan de luchtkwaliteit. Bodem: Het plangebied betreft relatief jong opgespoten terrein en is onverdacht ten aanzien van (de kans op) bodemverontreiniging. De aanleg van de ondergrondse kabelverbinding wordt uitgevoerd in open ontgraving en bij kruising van infrastructuur door middel van avegaar- en HDD-boringen. Het is niet nodig om op voorhand te onderzoeken op bodemkwaliteit. Hinder Geluid: De aan te leggen kabelverbindingen zijn geen geluidgevoelige bestemmingen in de zin van de Wet geluidhinder (Wgh) en genereren zelf ook geen geluid. Daarnaast zijn er binnen 5 kilometer van het plangebied geen geluidsgevoelige bestemmingen aanwezig.

Extern Risico De ondergrondse kabelverbinding kruist met de leidingstraat een zestal leidingen met Blad 3 van 6

Ons kenmerk 1572303- 4980434

Gemeente Rotterdam

gevaarlijke Ínhoud (noordoostzijde van het tracé). Ook kruist het tracé de Rotterdamse Havenspoorlijn waarover gevaarlijke stoffen vervoerd worden. Deze kruising vindt plaats door een bestaande constructie (met beperkte graafwerkzaamheden bij de onderdoorgang). Daardoor is er geen belemmering. Daarnaast loopt de ondergrondse kabelverbinding langs terreinen van meerdere inrichtingen met rísicovolle activiteiten. De kabels vallen echter niet onder de werkingssfeer van wet- en regelgeving ten aanzien van externe veiligheid en hebben geen gevolgen voor het risiconiveau (plaatsgebonden risico en groepsrisico) van deze risicobronnen. Wel kan de aanleg van de kabels gevolgen hebben voor de kans op een ongeval. Daarvoor wordt voor begin van de werkzaamheden een KLIC-melding gegaan en zal bij open ontgraving gewerkt worden volgens de Velin voorwaarden ter voorkoming van schade. Locatie voorgenomen activiteit Omschrijving locatie De voorgenomen activiteit betreft de aanleg van een ondergrondse hoogspanningskabel tussen de waterstoffabriek van Shell in het uiterste westen van de Tweede Maasvlakte en het TenneT verdeelstation Maasvlakte 380 aan de Coloradoweg. Ecologie - beschermde soorten Ten behoeve van dit voornemen is een bureaustudie uitgevoerd naar de effecten op flora en fauna beschermd onder de Wet natuurbescherming.

Hierin wordt geconcludeerd dat glad biggenkruid voorkomt als beschermde soort langs en op het terrein. Hiervoor dient een ecologisch werkprotocol te worden opgesteld, waarin op de kabel- en leidingstroken de kwaliteit als groeiplaats wordt gegarandeerd door deze zoveel mogelijk in de oorspronkelijke staat te herstellen. Ook de rugstreeppad is aanwezig in en rondom het terrein en dient voordat met de aanlegwerkzaamheden wordt begonnen het ecologisch werkprotocol hiervoor op maat gemaakt worden, dat beschrijft op welke manier voorkomen wordt dat er een negatief effect op de populatie en individuele exemplaren optreedt. Op en rond de werklocatie komen diverse soorten vogels tot broeden, met name in de periode 1 maart-15 augustus. In het ecologisch werkprotocol moet ook worden opgenomen wanneer er gewerkt kan worden en welke voorbereidingen getroffen moeten worden om verstoring van broedende vogels te voorkomen. Natuurgebieden Het plangebied is gelegen in de nabijheid van een aantal Natura 2000-gebieden, waarvan het natuurgebied de Voordelta op circa 100 meter is gelegen. In het kader van mogelijke toename in stikstofdepositie is voor de aanlegfase de AERIUS-Calculator berekend dat er een bijdrage oplevert van meer dan 0,00 mol/ha/jaar.

Om inzichtelijk te maken wat de gevolgen zijn van de eenmalige stikstofbijdrage ten gevolge van de activiteit is er een ecologische voortoets en een passende beoordeling uitgevoerd, waaruit blijkt dat de beperkte eenmalige extra stikstofdepositie in de aanlegfase niet zal leiden tot veranderingen in de vegetatiesamenstelling, groeisnelheid of onderlinge concurrentieverhoudingen tussen plantensoorten van de betreffende habitats. De omgevingsdienst Haaglanden heeft op basis hiervan geen bezwaar gezien tegen de voorgenomen ontwikkeling en heeft hiervoor een ontwerpbeschikking Wet natuurbescherming - Natura 2000gebieden afgegeven met kenmerk ODH660698.

Relevante ontwikkelingen in omgeving Blad 4 van 6

Ons kenmerk 1572303,4980434

Gemeente Rotterdam

De meest relevante ontwikkeling in de directe omgeving van de hoogspanningsleiding betreft de aanleg van de nieuw te bouwen waterstoffabriek van Shell, aangezien het kabeltracé van 0,4 km hiermee verbonden zal worden. Een andere ontwikkeling betreft het ontwerp bestemmingsplan voor de realisatie van de 380 kV Hoogspanningsstation Amaliahaven. Deze wordt gerealiseerd om de groene stroom afkomstig van meerdere windparken aan te sluiten aan het netwerk van TenneT. In het eerste geval is er echter geen sprake van samenhang in het kader van het Besluit m.e.r., omdat het hier een reguliere klantaansluiting betreft van Shell op de stroomleverantie door TenneT. Van mogelijke samenhang volgens het Besluit m.e.r. tussen dit paraplubestemmingsplan en het ontwerp bestemmingsplan voor het hoogspanningsstation Amaliahaven is evenmin sprake, omdat de kabeltracés, die expliciet dienen om de waterstoffabriek van Shell van stroom te voorzien, niet verbonden zullen worden met het hoogspanningsstation Amaliahaven. Overigens is het wel denkbaar dat andere, toekomstige waterstoffabrieken op het waterstofconversiepark verbonden zullen worden met het hoogspanningsstation Amaliahaven. Dit is echter momenteel niet aan de orde. Van cumulatie van milieueffecten met de waterstoffabriek is evenmin sprake.

Voor de waterstoffabriek zijn twee milieu thema’s voornamelijk van belang, namelijk geluid en externe veiligheid. De ondergrondse kabelverbindingen zijn geen geluidgevoelige objecten in de zin van de Wet geluidhinder (Wgh) en produceren zelf ook geen geluid. De ondergrondse kabels worden verder niet blootgesteld aan risico's als gevolg van de waterstoffabriek. Van cumulatie voor de aspecten geluid en externe veiligheid is derhalve geen sprake. Gebieden waar de milieukwaliteitsnormen onder druk staan Er zijn geen specifieke milieukwaliteitsnormen die onder druk staan, zoals ook omschreven bij de onderdelen verontreiniging en hinder. Aanwezigheid van landschappen en/of plaatsen van historisch, cultureel of archeologisch belang Om een inschatting te kunnen maken over de noodzaak van archeologisch onderzoek is de voorgenomen ontwikkeling op de Tweede Maasvlakte ter beoordeling voorgelegd aan de afdeling archeologie van de gemeente Rotterdam (BOOR). Hieruit blijkt dat de voorgelegde plannen geen noodzaak geven voor het uitvoeren van een archeologisch vooronderzoek op de locatie. Wel dient er tijdens de aanleg rekening gehouden te worden met zogenaamde toevalsvondsten. Verder zijn er het projectgebied geen beschermd stadsgezichten, monumenten, beeldbepalende objecten of andere objecten met cultuurhistorisch belang gelegen.

Blad 5 van 6

Ons kenmerk 1572303 4980434

Gemeente Rotterdam

Soort en kenmerken van het potentiële effect Natuur soortenbescherming Er dient een ecologisch werkprotocol gemaakt te worden voordat er met de aanleg van de leidingstrook wordt aangevangen, specifiek rekening houdend met het glad biggenkruid, de rugstreeppad en broedvogels, afgestemd op de specifieke werkmethoden, periode van werken en de te nemen mitigerende maatregelen.

Blad 6 van 6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=0e22da3c-c7de-4143-add3-12fdc5e08bae