CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[24bb005715] Bijlage 9 behorende bij 24bb005696 over Wateradvies d.d. 29 april 2024

Commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte (2022-2026) 18 september 2024, gemeente RotterdamBij agendapunt: Bouwen en Wonen12.117 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Verwerkt:

Deze zin aangepast.

Dit in GisWeb gecontroleerd. Daar stond echter hetzelfde verouderde plaatje als 4-3. De figuur toen geheel verwijderd. Op 12-6-20 ook de thematrekker om commentaar gevraagd en dit commentaar, voor zover relevant, ook verwerkt. Deze zin verwijderd.

Geen aanpassing nodig.

Omdat WSHD aangegeven heeft overleg over de waterveiligheid te willen geen tekst aangepast. Dit zal daar ter sprake komen.

Advies van de Uitgiftepeilencommissie van de gemeente Rotterdam ontvangen op 3 juni 2020: Blz. 21

22

18-20

Opmerking: §4.2 De gemiddelde ontwateringsdiepte is in het plangebied bij elke peilbuis groter dan de vereiste 0,80 meter. Woord “vereiste” vervangen door “minimaal gewenste”. §4.2 Volgens de peilbuisgegevens ligt de gemiddelde grondwaterstand rond 2 meter onder het maaiveld. Voor houten paalfunderingen is dat laag. Opmerking: dit kan veroorzaakt worden door oude, drainerende riolering. Bij rioolvervanging kan de grondwaterstand stijgen. §3.4 De woorden uitgiftepeilen en drooglegging komen niet in het document voor. Lijkt me goed om daar toch iets over op te nemen?

Verwerkt: Dit aangepast.

2e zin verwijderd.

In 3.4 tekst over uitgiftebeleid uit een eerdere BP-toets toegevoegd en aangevuld met aangeleverde tekst over de omgang met binnendijkse uitgiftepeilen.

Wateradvies

IMRO-nummer

Versie

Datum

Pagina

Tweebosbuurt-Oost

NL.IMRO.0599.BP2226TweebbrtOost-on01

Definitief V3

April 2024

32 van 38

Bijlage 2 - Wettelijk- en beleidskader water

Figuur 5-2 Schema waterregelgeving afkomstig van Helpdesk Water Europese Kaderrichtlijn Water (KRW 2020)

Het beleid over de waterkwaliteit op Europees niveau is vastgelegd in de Europese Kaderrichtlijn Water (2000). De KRW heeft als doel het beschermen en verbeteren van de chemische en ecologische kwaliteit van oppervlakte- en grondwater. De KRW stelt doelen om ervoor te zorgen dat de chemische en ecologische ‘goede toestand’ uiterlijk in 2027 wordt bereikt. Om de doelen te bereiken worden per stroomgebied vijfjaarlijkse stroomgebiedbeheerplannen (SGBP) opgesteld. In de stroomgebiedsbeheerplannen zijn maatregelen opgenomen die de waterkwaliteit moeten verbeteren en worden de vorderingen gemonitord. Momenteel loopt de 3e planperiode (SGBP 2022-2027). Voor de KRW-waterlichamen in Rotterdam is hiervoor het ‘Goede Ecologisch Potentieel (GEP)’ van belang. Dit is de toestand die voor sterk veranderde en kunstmatig aangelegde waterlichamen bereikt moet worden. Het Europees beleid is er eerst op gericht het Goed Ecologisch Potentieel te bereiken, waarvoor een reeks randvoorwaarden is opgesteld. De Europese Kaderrichtlijn Water (na een evaluatie in 2018-2019) in 2020 ongewijzigd verlengd.

Europese Grondwaterrichtlijn (GWR 2006)

De Europese Grondwaterrichtlijn (2006) is een uitwerking van de bepaling uit de KRW dat alle grondwaterlichamen uiterlijk in 2027 in een chemisch goede toestand moeten zijn. De GWR geeft de omgevingswaarden voor de grondwaterkwaliteit. Deze werken door in de vorm van maatregelen in het nationale waterprogramma en in de regionale waterprogrammma’s.

Europese Richtlijn Overstromingsrisico's (ROR)

Het doel van de ROR is het beperken van de negatieve gevolgen van overstromingen voor de gezondheid van de mens, het milieu, het culturele erfgoed en de economische bedrijvigheid. Concreet verplicht de ROR lidstaten tot het maken van een voorlopige risicobeoordeling, overstromingsgevaar- en overstromingsrisicokaarten en overstromingsrisicobeheerplannen. Nederland heeft gekozen voor een sobere, doelmatige aanpak wat wil zeggen dat voor rapportage naar de EU geen nieuw beleid wordt ontwikkeld en wordt uitgegaan van bestaande

Wateradvies

IMRO-nummer

Versie

Datum

Pagina

Tweebosbuurt-Oost

NL.IMRO.0599.BP2226TweebbrtOost-on01

Definitief V3

April 2024

33 van 38

kennis. De overstromingsgevaar- en overstromingsrisicokaarten zijn verbeterde en geactualiseerde versies van eerder gemaakte kaarten en worden elke vijf jaar geactualiseerd. In de overstromingsrisicobeheerplannen (ORBP-en) zijn alle doelen en maatregelen opgenomen die eerder in nationale of regionale context zijn vastgesteld en waarvoor bestuurlijk en publiek draagvlak bestaat. De ORBP-en vormen een bijlage bij het NWP (Nationaal Waterplan). Voor Nederland is de ROR een belangrijk juridisch instrument om doelen en maatregelen ter beperking van overstromingsrisico's met de buurlanden af te stemmen. Nederland stelt zich dan ook actief op in de Internationale Rivierencommissie (Rijn, Maas, Schelde en Eems). 5.6.1.1

Voorstel herziening EU-richtlijn Behandeling Stedelijk Afvalwater (2022)

Op 26 oktober 2022 heeft de Europese Commissie een voorstel gepubliceerd om de richtlijn behandeling stedelijk afvalwater te herzien met als doel de aanwezigheid in het milieu van verontreinigende stoffen te verminderen. Het doel is de emissie van verontreinigende stoffen in 2050 beëindigd te hebben. Het gaat hierbij vooral om microplastics en om microverontreinigingen zoals cosmetica- en medicijnresten. Om deze uit het rioolwater te kunnen verwijderen is uitbreiding van AWZI’s met een extra reinigingstrap (of meerdere) nodig. Daarnaast is de herziening erop gericht de afvalwatersector energieneutraal te maken, de kosten bij de veroorzaker te leggen, toegang tot sanitaire voorzieningen te verbeteren en monitoring van gezondheidsparameters via afvalwater te regelen. De herziene richtlijn gaat ook gelden voor de afvoer van hemelwater. Maatregelen volgend uit de richtlijn zullen in de periode tot 2040 stapsgewijze worden doorgevoerd.

Nationaal Waterprogramma 20222027

Het Nationaal Water Programma is vastgesteld in maart 2022 en sorteert voor op het in werking treden van de Omgevingswet. Het NWP ligt recent waterbeleid vast en heeft meer aandacht voor klimaatadaptatie dan de nationale waterplannen die eraan vooraf gingen. Het NWP leg ook meer verbindingen met andere beleidsvelden. Het NWP beschrijft de nationale beleids- en beheerdoelen voor de volgende thema’s; Klimaatadaptatie, Waterveiligheid, Zoetwater en waterverdeling, Waterkwaliteit en natuur, Scheepvaarten overige functies van rijkswateren. De Stroomgebiedsbeheerplannen (KRW) en Overstromingsrisicobeheerplannen (ROR) zijn onder het NWP gebracht.

Deltabeslissingen (2015)

Het Deltaprogramma heeft in 2014 voorstellen gedaan voor de deltabeslissingen. Deltabeslissingen zijn hoofdkeuzen voor de aanpak van waterveiligheid en zoetwatervoorziening in Nederland. De deltabeslissingen geven richting aan de maatregelen die Nederland hiervoor inzet, op korte en op lange termijn. De voorstellen voor deltabeslissingen zijn opgenomen in het Deltaprogramma 2015. De kern daarvan is een nieuwe aanpak van zowel de waterveiligheid als de zoetwatervoorziening. Daarnaast geven de deltabeslissingen aan op welke manier we waterrobuust kunnen bouwen, om te voorkomen dat nieuwe problemen met waterveiligheid en zoetwatervoorziening ontstaan.

Waterwet (2009)

De Waterwet regelt in hoofdzaak het beheer van watersystemen, waaronder waterkeringen, oppervlaktewater- en grondwaterlichamen. De wet is gericht op het voorkomen dan wel beperken van overstromingen, wateroverlast en waterschaarste, de bescherming en verbetering van kwaliteit van watersystemen en de vervulling van maatschappelijke functies door watersystemen. De kern van de Waterwet is integraal waterbeheer: gericht is op alle aspecten van het watersysteem in hun onderlinge samenhang. De nieuwe normen, voortkomend uit de Deltabeslissingen zijn vanaf begin 2017 opgenomen in de Waterwet.

Waterbesluit

In het waterbesluit zijn verschillende aspecten van de Waterwet verder uitgewerkt. Zo is opgenomen welke oppervlaktewaterlichamen in beheer zijn bij het Rijk en zijn er algemene regels en een vergunningplicht uitgewerkt voor gebruik van rijkswaterstaatwerken, het onttrekken van grondwater en voor het lozen of onttrekken van water aan oppervlaktewater in beheer van het rijk.

Wateradvies

IMRO-nummer

Versie

Datum

Pagina

Tweebosbuurt-Oost

NL.IMRO.0599.BP2226TweebbrtOost-on01

Definitief V3

April 2024

34 van 38

Ook is in het waterbesluit de verdringingsreeks vastgesteld, die de rangorde regelt bij watertekorten. 5.6.1.2

5.6.1.3

Overstromingsrisicobeheerplan (ORBP ROR-3 2015)

De richtlijn ROR heeft invulling gekregen in het Overstromingsrisicobeheerplan. De ORBP is een bijlage bij het Nationaal Waterprogramma. In het ORBP zijn overwegend bestaande maatregelen gebundeld. Daarnaast is er in 2019 een geactualiseerde Overstromingsrisicokaart opgenomen.

Nationaal Deltaprogramma 2023: Versnellen, verbinden, verbouwen

Het deltaprogramma beoogt 3 doelen te bereiken: Bescherming tegen overstroming. Voldoende zoet water. Klimaatbestendige en robuuste inrichting van Nederland. Het basisprincipe voor de normen voor primaire waterkeringen is dat de kans op verdrinking nergens groter is dan 1:100000 per jaar. De normspecificaties voor de waterkeringen zijn hiervan afgeleid.

Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP)

Dit is een samenwerking van Rijkswaterstaat en de waterschappen. Het voornemen is om tot 2050 1500 kilometer dijken te verzwaren en 400 sluizen en gemalen te moderniseren.

Nationaal Bestuursakkoord Water (NBW, 2008)

In het Nationaal Bestuursakkoord Water (geactualiseerd in 2008) zijn de taken en verantwoordelijkheden van rijk, provincies, gemeenten en waterschappen beschreven. Het akkoord bevat concrete afspraken om de doelstellingen van het Waterbeheer 21e eeuw te bereiken. Bij elk structuurplan en bestemmingsplan moeten vooraf de consequenties voor de waterhuishouding in kaart worden gebracht. Dit gebeurt door middel van de watertoets. Het doel van de watertoets is doorwerking van het waterschapsbeleid in het (gemeentelijke) bestemmingsplan te borgen.

Wet milieubeheer

Deze wet regelt in brede zin de bescherming van het milieu waaronder water. In artikel 10.16 is de zorgplicht van de gemeente voor een doelmatige inzameling en transport van afvalwater opgenomen. Om aan deze taak te voldoen legt de gemeente een gemengd, een gescheiden of een verbeterd gescheiden rioolstelsel aan. Naast het aanleggen van de leidingen heeft de gemeente ook de taak/plicht de leidingen te onderhouden en indien nodig te vervangen. Regenwater van particuliere terreinen wordt aangemerkt als huishoudelijk afvalwater. Als het milieuhygiënisch verantwoord is, hoeft het regenwater niet via de riolering te worden afgevoerd.

Besluit lozing afvalwater huishoudens en Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer (bedrijven) (2008)

Vanaf januari 2008 gelden algemene regels voor het lozen van grondwater en hemelwater (m.u.v. IPPC bedrijven en landbouwbedrijven). De gemeente is, via de DCMR Milieudienst Rijnmond, het bevoegde gezag. Hoe met afvalwater, regenwater en grondwater wordt omgegaan zal worden beschreven in het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP).

Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (BARRO)

In het BARRO zijn rijksregels ten aanzien van de ruimtelijke inrichting van Nederland opgenomen. De keuze voor welke onderwerpen opgenomen zijn is gemaakt in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR). Deze structuurvisie bundelt het nationale ruimtelijke en infrastructuurbeleid in 13 nationale belangen. De regels opgenomen in het BARRO hebben ondermeer betrekking op het kustfundament, grote rivieren, ontwikkeling tweede Maasvlakte en Rijksvaarwegen.

Beleidsregels voor het plaatsen van windturbines op, in of over Rijkswaterstaatwerken (2015)

Langs kanalen, rivieren en havens wordt plaatsing van windturbines toegestaan bij een afstand van ten minste 50m uit de rand van de vaarweg. De rand van de vaarweg is niet altijd gelijk aan de oever. Binnen deze afstand wordt plaatsing alleen toegestaan als uit aanvullend onderzoek blijkt dat er geen hinder voor wal –en scheepsradar optreedt. De minimale afstand tot de rand van de vaarweg is altijd ten minste de helft van de rotordiameter. Ook mogen windmolens geen visuele hinder opleveren voor het scheepvaartverkeer en het bedienen van kunstwerken. Plaatsen van windturbines in het waterstaatswerk of de beschermingszone van een waterkering wordt alleen toegestaan als de initiatiefnemer aantoont dat deze geen negatieve gevolgen heeft voor de waterkerende functie.

Wateradvies

IMRO-nummer

Versie

Datum

Pagina

Tweebosbuurt-Oost

NL.IMRO.0599.BP2226TweebbrtOost-on01

Definitief V3

April 2024

35 van 38

5.6.1.4

Kamerbrief Water en Bodem Sturend Op 25 november 2022 heeft het ministerie van infrastructuur en waterstaat de 2e kamer de (2022) Kamerbrief Water en Bodem Sturend gestuurd waarin het Kabinet aangeeft hoe zij tot een klimaatrobuustere inrichting van ons land wil komen. Zij geeft hiermee invulling aan de afspraak uit het coalitieakkoord water en bodem sturend te maken voor ruimtelijke planvorming. Aanleiding voor deze keuze was dat wij in ons land steeds vaker tegen de grenzen van het water- en bodemsysteem aanlopen én het veranderende klimaat met als gevolgen zeespiegelstijging, wateroverlasten en droogte. De consequenties zijn dat klimaatverandering meer ruimte voor water gaat vragen en dat het niet verstandig is in de diepste delen van diepe polders te bouwen. Er wordt onderzocht of aanvullend instrumentarium nodig is om bodemafdekking (me name verharding) te verminderen zowel bij nieuwbouw als in bestaand stedelijk gebied. Rijk gaat samen met de waterschappen werken aan een verbeterde en dwingende watertoets voor ruimtelijke ontwikkelingen om water en bodem sturend te borgen. Regionaal Waterprogramma ZuidHolland 2022-2027

Het Regionaal waterprogramma Zuid-Holland 2022-2027 (vastgesteld op 9 maart 2022) is het provinciale uitvoerigs instrument voor de EU-richtlijnen KRW, Grondwaterrichtlijn, ROR, Zwemwaterrichtlijn. Daarnaast heeft Zuid-Holland hierin ook het provinciaal uitvoeringbeleid m.b.t. zoetwatervoorziening, waterrecreatie, vaarwegen, bodemdaling en wateroverlast vastgelegd. Het programma is gericht op regionale oppervlaktewaterlichamen, grondwaterlichamen en waterwinlocaties en bevat de volgende maatregelen: - Maatregelen ter uitvoering van de KRW en GWR voor grondwater; - Maatregelen om te voldoen aan de omgevingswaarden voor Oppervlaktewaterkwaliteit; - Maatregelen voor waterlichamen waarin waterwinlocaties liggen.

Provinciale Visie Rijke Groenblauwe Leefomgeving (2019)

Provinciale Visie Rijke Groenblauwe Leefomgeving, Zuid-Holland investeert in een gezonde en aantrekkelijke leefomgeving. Vooruitlopend op de Omgevingswet heeft Provincie Zuid-Holland in 2019 één integrale beleidsvisie ontwikkeld voor Leefomgeving, Water en Groen. Het rapport is bedoeld als input voor de Provinciale Omgevingsvisie.

Uitvoeringsagenda Rijke Groenblauwe Leefomgeving (2019)

Ook in 2019 is de eerste bij bovenstaande visie behorende uitvoeringagenda verschenen.

Zuid-Hollandse Omgevingsverordening (2021)

De ZHOV is vastgesteld op 15-12-2021 en wordt van kracht bij het in werking treden van de Omgevingswet. In de ZHOV zijn de regels voor de fysieke leefomgeving opgenomen en is de opvolger van de Omgevingsverordening Zuid-Holland uit 2019. De ZHOV is de beleidsuitwerking van RWP-ZH. Via de ZHOV stelt de provincie normen richting het waterschappen om te zorgen dat de regionale wateren zijn ingericht op voldoende bergings- en afvoercapaciteit. De normen voor wateroverlast zijn als omgevingswaarden voor watersystemen vastgelegd in de omgevingsverordening van de provincie. De omgevingswaarden zijn vormgegeven als de gemiddelde kans op overstroming per jaar van aangewezen gebieden. Ze zijn gericht op extreme situaties: afvoer- en bergingssituaties die niet vaak voorkomen. De omgevingswaarden zijn uitgedrukt in de kans dat het peil van het oppervlaktewater het niveau van het maaiveld overschrijdt. Ze gelden vooral voor landelijk gebied, maar ook voor stedelijk gebied is er een norm.

Omgevingsvisie Zuid-Holland

Vastgesteld februari 2019. Dit betrof een redactionele omzetting van bestaand beleid.

Wateradvies

IMRO-nummer

Versie

Datum

Pagina

Tweebosbuurt-Oost

NL.IMRO.0599.BP2226TweebbrtOost-on01

Definitief V3

April 2024

36 van 38

5.6.1.5

Weerkrachtig Zuid-Holland (2018)

De klimaatadaptatiestrategie van de Provincie Zuid-Holland is vastgelegd in “Weerkrachtig Zuid-Holland, Voorbereid op Weersextremen en Bodemdaling”. De adaptatiestrategie focust op: droogte, hitte en wateroverlast. In de periode 2018-2020 zijn via een aantal stresstests (bestaande bebouwing, weginfrastructuur en bereikbaarheid, regionale en stedelijke watersystemen, beschikbaarheid van zoet water, natuurtypen) de Zuid-Hollandse kwetsbaarheden in beeld gebracht. Daarna zijn de met de volgende ontwikkelingen de meekoppelkansen benoemd: energietransitie, woningopgave, groen/blauwe natuurontwikkeling, gebruik ondergrond, veenweidegebieden. In de “Routekaart naar Waardevol Water” wordt het volgende nieuwe beleid voorgesteld: steviger verankering drinkwaterbeschermingsgebieden, bescherming tegen concurrerende ruimtelijke claims (boven- én ondergronds), afwegingsbeleid voor WKO en zoetwateropslag in WVP01, actualisatie beleidskader “Goed Gietwater”.

Waterbeheerprogramma WSHD 2022-2027

In het Waterbeheerprogramma 2022-2027 zijn belangrijkste thema’s: klimaatmitigatie, klimaatadaptatie en biodiversiteit. WSHD wil samen met de gemeenten en de landbouwsector werken aan het herstel van de sponswerking van de bodem. Hiervoor is een andere, groenere, inrichting nodig van de fysieke leefomgeving en een andere omgang met neerslag. In het waterbeheerprogramma is voldoende en schoon water gedefinieerd als fysisch-chemisch schoon maar ook biologisch gezond en met een goede biodiversiteit. Zo wordt aangesloten op de KRW. Daarnaast wordt ingezet op een zuiniger omgang met het beschikbare zoete water. Voor de waterketen wordt nog meer ingezet op de circulaire omgang met (afval-)water.

Nota toetsingskaders en beleidsregels voor het watersysteem WSHD (2014)

In deze nota zijn toetsingskaders en beleidsregels opgenomen die uitgangspunt vormen voor plantoetsing en vergunningverlening. Relevant voor oppervlaktewater zijn de volgende onderdelen: TK-08 Toetsingskader Peilafwijkingen. TK-09 Toetsingskader Ecologische kwaliteit. BL-05 Beleidsregel Dempen van oppervlaktewaterlichamen. BL-06 Beleidsregel (Ver)graven van oppervlaktewaterlichamen. BL-07 Beleidsregel Duikers in oppervlaktewaterlichamen. BL-08 Beleidsregel Grondkerende constructies in en nabij oppervlaktewaterlichamen. BL-09 Beleidsregel Bruggen in en nabij oppervlaktewaterlichamen. BL-10 Beleidsregel Steigers en vlonders in en nabij oppervlaktewaterlichamen. BL-11 Beleidsregel Versnelde afvoer door toename verhard oppervlak. Relevant voor Grondwater: TK-10 Toetsingskader Grondwaterkwantiteit. BL-12 Beleidsregel Grondwateronttrekkingen en infiltraties. Relevant voor waterkeringen: TK-05 Toetsingskader Profiel van vrije ruimte. TK-06 Toetsingskader Dijkversterking. TK-07 Toetsingskader Werken gedurende het stormseizoen. BL-01 Beleidsregel Bouwwerken in en nabij waterkeringen. BL-01 Beleidsregel Beplanting op en nabij waterkeringen. BL-01 Beleidsregel Kabels in en nabij waterkeringen. BL-01 Beleidsregel Leidingen in en nabij waterkeringen. De nota bevat ook de regels over watercompensatie.

Dempingen van oppervlaktewaterlichamen moeten bij het waterschap gemeld worden en volledig gecompenseerd worden. Een toename van verhard oppervlak moet worden gecompenseerd door het aanleggen van water met een oppervlakte van 10 % van de verharding. Voor de compensatie voor demping of extra verharding is er sprake van een voorkeursvolgorde: 1. binnen het plangebied, 2. binnen het peilgebied, 3. Benedenstrooms.

Wateradvies

IMRO-nummer

Versie

Datum

Pagina

Tweebosbuurt-Oost

NL.IMRO.0599.BP2226TweebbrtOost-on01

Definitief V3

April 2024

37 van 38

Van Buis naar Buitenruimte, Gemeentelijk Rioleringsplan 20212025

Het in vastgestelde gemeentelijke rioleringsplan voor de planperiode 2021-2025 is breder van opzet dan alleen een rioleringsplan. Het bemoeit zich ook met het stedelijk watersysteem als geheel. Heeft. In dit GRP heeft Rotterdam de volgende doelen geformuleerd: Doelmatig inzamelen en transporteren van stedelijk afvalwater voor de volksgezondheid, een aantrekkelijke leefomgeving en circulaire stad (waterketen). Klimaatbestendig stedelijk watersysteem door het voorkomen van wateroverlast door doelmatig inzamelen, transporteren en verwerken van hemelwater (waterketen en oppervlaktewater). Robuust grondwatersysteem door het voorkomen of beperken van structureel nadelige gevolgen van een hoge of lage grondwaterstand door doelmatige maatregelen in openbaar gebied (grondwater). Er zijn voor stedelijk afvalwater, hemelwater, grondwater, riolering en communicatie aparte deelprogramma’s geformuleerd.

5.6.1.6

Verordening Beheer Ondergrond Rotterdam (VBOR 2021)

In de wijziging van 27-06-2021 va de VBOR zijn de voorschriften opgenomen voor de aansluiting (niet gemeentelijke) perceeleigenaren op het gemeentelijk riool. Artikel 20 van de VBOR is de Rotterdamse uitwerking van artikel 3.5 van de Waterwet waarin geregeld is dat perceeleigenaren zelf verantwoordelijk zijn voor de verwerking van neerslagwater dat op hun perceel valt. Gemeente Rotterdam eist via de VBOR dat voor nieuwe situaties, bij verharde oppervlakken groter dan 500 m2, 50 mm regenwaterberging wordt gerealiseerd. Deze 50 mm waterberging moet na een regenbui binnen maximaal 50 uur weer beschikbaar zijn. Neerslaghoeveelheden groter dan 50 mm mogen door de perceeleigenaar aan het gemeentelijk riool of aan de openbare ruimte worden aangeboden. Dus bij een ontwikkeling met meer dan 500 m2 verhardingstoename is 50 mm neerslagbuffering verplicht. Dit Rotterdamse beleid staat los van het waterschapsbeleid voor watercompensatie bij verhardingstoename. In het gebied dat valt onder de waterschappen HHSK en WSHD kan de 50mm berging niet worden verrekend met de vereiste watercompensatie. Afstemming en combineren van maatregelen is wel gewenst.

5.6.1.1

Het Rotterdams Weerwoord (2019)

Het Rotterdams Weerwoord geeft aan hoe Rotterdam zich wil aanpassen aan de klimaatverandering. Vanwege de ligging in een deltagebied met een dalende bodem is Rotterdam kwetsbaar voor de gevolgen van klimaatverandering. Om hevige regenval, droogte en hitte, grondwater onder- en overlast en bodemdaling aan te pakken zijn ingrepen noodzakelijk in openbaar en particulier gebied. De belangrijkste zijn; vergroening van de stad, vervangen van verharding door groen of doorlatende verharding, waterbergende voorzieningen op gebouwen, hoger aanleggen van vitale voorzieningen. Het Rotterdams Weerwoord richt zich vooral op maatregelen op wijkniveau. In december 2020 is door het college van B en W de Uitvoeringsagenda Biodiversiteit, Samen werken aan rijke Rotterdamse Stadsnatuur vastgesteld. Deze uitvoeringsagenda is de Rotterdamse invulling van de provinciale visie en uitvoeringsagenda Rijke Groen-Blauwe leefomgeving en onderdeel van het Weerwoord.

Rotterdams WeerWoord programmakader 2030

De ambitie van het Rotterdamse beleid is dat het grondwatersysteem robuuster wordt en stedelijke inrichting op het (grond)watersysteem volgend wordt. Het verkrijgen en behouden van een gezond en robuust grondwatersysteem gebeurt via maatregelen in het openbaar gebied die de structurele nadelige gevolgen van een hoge of lage grondwaterstand zoveel mogelijk beperken.

Wateradvies

IMRO-nummer

Versie

Datum

Pagina

Tweebosbuurt-Oost

NL.IMRO.0599.BP2226TweebbrtOost-on01

Definitief V3

April 2024

38 van 38

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=a965b0ae-5716-4f6f-9fd0-54fe24a666a9