[24bb005031] Brief bewonersvereniging Provenierswijk met reactie op afdoeningsvoorstel Weena 70
Tekst van het document
Beste griffier, Bij deze stuur ik u nog onze reactie op het afdoeningsvoorstel ambitiedocument Weena 70 (agendapunt 11.6). In onze reactie reageren wij inhoudelijk ook op het agendapunt 11.9 (Voorstel tot vaststelling van het delegatiebesluit Omgevingsplan). Dit agendapunt is een cruciaal onderdeel van onze reactie op agendapunt 11.6 omdat het een belangrijke omissie toont. Hopelijk is het mogelijk dat het stuk voor beide agendapunten gebruikt wordt. Daarbij stuur ik u ook de open brief die naar de gemeenteraadsleden is gestuurd door dhr. Van Velzen (namens de bewonersvereniging Provenierswijk). Ik zie het namelijk niet bij het agendapunt 11.6 hangen (zover dat dat van toepassing is). Wilt u deze tevens doorsturen naar de gemeenteraadsleden? Wij excuseren voor deze korte tijdspanne; helaas hebben wij pas gisteren het afdoeningsvoorstel opgemerkt en niet eerder de gelegenheid gezien om de reactie toe te sturen.
Mocht u vragen of opmerkingen hebben, dan verneem ik het graag. Bijvoorbaat dank, Namens de bewonersvereniging Provenierswijk Met vriendelijke groet,
Rotterdam, 10 juli 2024
Beste raadsleden, Na het toesturen van onze open brief, hebben wij op 9 juli jl. het afdoeningsvoorstel van wethouder Zeegers en het herziene raadsvoorstel per 5 juli 2024 m.b.t. het plan Weena 70, het inspreken en de petitie van o.a. de bewonersvereniging Provenierswijk onder ogen gekregen. Wij willen graag nog op dit afdoeningsvoorstel van wethouder Zeegers ingaan daar er ook belangrijke omissies - waarvan punt 3 de belangrijkste - blijken te zijn (zie punt 5 voor de samenvattende punten).
1. Uitspraak RCD van RvS betreft geen zorgvuldige verwijzing voor “geen verplichting” voor een integrale MER Wij constateren dat gesteld wordt dat de Raad van State (RvS) een integrale MER voor het RCDgebied niet noodzakelijk heeft geacht. Het College probeert u hiermee wijs te maken dat “geen verplichting” is om een integrale MER te maken voor het gebied RCD-XL (waarvan het RCD-gebied onderdeel is) door te pas en te onpas naar de uitspraak van de RvS inzake beroep bestemmingsplan RCD te verwijzen. Dit is een argumentatie die meermaals gebruikt wordt. De uitspraak is hier echter niet van toepassing, omdat deze de ASR-ontwikkeling – als ook de andere RCD-XL ontwikkelingen als Pompenburg-gebied, RISE en Lumiere - daar inhoudelijk niet zijn beoordeeld en de afwegingen niet relevant zijn om meerdere redenen, waaronder de beperkingen van Crisis en Herstelwet (Chw) waarbinnen het bestemmingsplan RCD op 18 maart 2021 vastgesteld is. De wethouder vermeldt bijvoorbeeld niet dat in het kader van de Chw onze aanvullende beroepstukken, die vroegen om een cumulatief en integraal milieuonderzoek, door de RvS niet of onvolledig meegenomen zijn bij haar beoordeling. De Chw laat namelijk niet toe om ná het indienen van het beroepschrift RCD (in deze half mei 2021) met nieuwe informatie te komen.
Informatie die u en ons – als burgers – pas na mei 2021 bekend zijn geworden daar het College ervoor gekozen heeft om veel informatie over alle RCD-XL-plannen later en druppelsgewijs te communiceren. Het College heeft zelfs in uw naam onze aanvullingen vanwege de Chw afgewezen als ‘niet toelaatbaar’, waar RvS in mee is gegaan. De uitspraak is daarom op vele vlakken geen zorgvuldige verwijzing voor de milieueffecten-beoordeling van de hoogbouwplannen in RCD-XL die er nu liggen. Dit is ook gebleken uit de correctie die de milieudienst van de Provincie heeft moeten doen ter bescherming van (beschermde) dieren in het RCDgebied in samenhang met ecologische waarde van de platanen. Ook de onafhankelijke experts STAB – ingezet door de RvS voor het beroep Schiekadeblok – hebben al geconstateerd dat het verkeersonderzoek onvolledig lijkt te zijn en dat er niet voldaan wordt aan de Provenierswijkregel Bezonning. Het college probeert u op het verkeerde been te zetten in de hoop dat u het juridische geneuzel schuwt, uw kritische blik laat vertroebelen en de stellingen voor het College maar accepteert. Wij willen u op het hart drukken dat veel meer van het verhaal niet klopt en vertrouwen uitspreken dat u in staat bent om kritisch te blijven en onze argumenten, die door de RvS niet eens zijn beoordeeld, serieus neemt.
De ASR-torens zijn in de MER van Rise en Lumiere van 2023 als autonoom – dus al als definitief en bestaand – beoordeeld terwijl u nog het ambitiedocument moet vaststellen en de Nota van Uitgangspunten nog opgesteld dient te worden. Hoe is dit mogelijk? Hierdoor zijn ook de milieueffecten van de toename van ca 110.000m2 BVO nimmer onderzocht en meegewogen in het geheel. Als ook geldt voor de andere RCD-XL torens. Zie ook de 2 afbeeldingen achterin.
2. Toevoeging van 33% meer hoogte cq volume staat voor een extra 100m-toren. Is dit een relatief ondergeschikte afwijking? Wij constateren ook dat de wethouder in het afdoeningsvoorstel (en het herziene raadvoorstel) de afwijkingen en de toevoeging van de volumes van de ASR-torens brengt als “relatief ondergeschikte afwijkingen”. En dat de extra volume “dermate beperkt” is dat er “op voorhand geen belangrijke aanvullende nadelige effecten te verwachten zijn voor het milieu en daarom hoeft er geen milieueffectenrapportage (MER) opgesteld te worden”. Deze afwijkingen zijn echter veel groter dan de wethouder doet lijken.
Misschien ten overvloede zetten wij hieronder de afwijkingen t.a.v. het bestemmingsplan op een rij: 1. 2x 50 meter extra hoogte (2 torens van 200 meter terwijl max. 150 meter is toegestaan). 2. Het toevoegen van de volume van 1 of 2 horizontale luchtbrug-gebouwen met kantoren aantal m2 onbekend; is er een maximum? Deze 1 of 2 horizontale luchtbruggen hebben een veel groter impact op de omgeving. Het maakt de torens massief en geef daar o.a. meer schaduw op de omgeving (ook Hofplein) en door de grotere volume is er bijv. meer verkeer mogelijk en andere milieueffecten. 3. Bebouwing van de Kruiskadehof 4. De onderbouwing van Weena-Zuid 5. De mogelijke overkapping van het Weena-zuid De 5 afwijkingen van het bestemmingsplan met de extra volume is substantieel. Extra 50 meter op een toren van 150 meter is een 33% toevoeging op de toegestane hoogte in het bestemmingsplan. Dit is geen beperkte afwijking. Daarnaast staan de mogelijke 2x 200m-torens (ipv 2x 150meter torens) gelijk aan het toevoegen van een extra 100 meter-hoogbouwtoren (2x 50 meter). De extra volume van de horizontale bruggebouwen niet eens meegeteld. Een toevoeging van een extra 100m-hoogbouwtoren geeft onoverkomelijk extra milieu-impact op de directe omgeving wat tevens níet in het bestaande bestemmingsplan beoordeeld is.
Hopelijk bent u met ons eens dat deze afwijkingen en toevoeging aan volume van de ASR-torens niet met een kruimelgevallenregeling of BOPA (Omgevingswet) afgehandeld kan worden en een MER noodzakelijk is.
3. Wijzigingsbevoegdheid van het College is vervallen waardoor geen juiste juridische basis ter vaststelling van het projectambitiedocument ASR. Sinds de Omgevingswet ligt de bevoegdheid bij de gemeenteraad. Met het voorgaand punt is het volgende van belang: De wethouder stelt in het afdoeningsvoorstel dat het College de bevoegdheid heeft om met 50 meter extra hoogte af te wijken van het bestemmingsplan. De bouwvergunning-aanvraag van ASR van 22 december 2023 is echter ingetrokken waarmee de nieuwe bouwaanvraag onder het regime van de Omgevingswet zal vallen. In de Omgevingswet (vanaf januari 2024) is echter de bevoegdheid en afwijkingsmogelijkheid van het College komen te vervallen. De bevoegdheid om een omgevingsplan of een deel daarvan vast te stellen ligt nu volledig bij u, de gemeenteraad. o Zie punt 2 op pagina 7 van het raadsvoorstel ‘Vaststellen delegatiebesluit omgevingsplan van 21 mei 2024 ([24bb003309]’ 1 en zie ook verder onder punt 4. De wethouder stelt daarom incorrect dat het College de bevoegdheid heeft om de twee ASR-torens met 50 meter af te kunnen laten wijken. Daartoe is het College niet bevoegd. Hierdoor is het afdoeningsvoorstel en het herziene raadsvoorstel van 5 juni niet gebaseerd op de juiste juridische basis en kan daarom op basis hiervan niet door u vastgesteld worden.
4. Agendapunt 11.9 - Raadvoorstel “Vaststellen delegatiebesluit omgevingsplan”. Houdt u de regie in handen? Vandaag gaat u onder agendapunt 11.9 stemmen over het raadsvoorstel “Vaststellen delegatiebesluit omgevingsplan”. Wij hopen ten zeerste dat u hiermee niet zomaar instemt ter wille van uw regie op de gebiedsontwikkeling. Volgens het raadsvoorstel gaat de gedelegeerde bevoegdheid namelijk “wel een stap verder dan de mogelijkheden die de Wro bood in relatie tot het bestemmingsplan” (pagina 4 van het raadsvoorstel). U gaf in uw aangenomen motie van 24 februari 2022 al aan dat “de huidige werkwijze van het college de lokale democratie beperkt…”. Wat zijn de consequenties van het delegatiebesluit? Is dat voor u inzichtelijk? De wethouder stelt u in het raadsvoorstel ‘Delegatiebesluit’ dat het gaat om ‘kleine wijzigingen’ ten opzichte van een omgevingsplan. U leest dat het College de afwijkingen bij ASR van twee keer 50 meter extra ophoging als ‘klein’ en ‘beperkt’ ziet, terwijl dit zichtbaar niet zo is als eerder gemotiveerd.
1
https://rotterdamraad.bestuurlijkeinformatie.nl/Agenda/Document/92b24585-5caa-4112-ad7a-002be4292051?documentId=fba455f5bdf2-4301-8db6-2e71e1d49492&agendaItemId=78c29900-62d7-4240-b7fa-f653906fff0e : “Onder de Omgevingswet is het niet
mogelijk om in het omgevingsplan bevoegdheden voor het college te creëren, iets wat binnen een bestemmingsplan wel mogelijk was in de vorm van zogenaamde wijzigingsbevoegdheden.”
Dat ASR volgens de wethouder tweederde is van de grootte van de ROTTERDAM - met 160.000m2 het grootste gebouw van Rotterdam – spreekt boekdelen. De komende jaren is de gemeente Rotterdam van plan om 48 torens te bouwen, zo wordt door het College gecommuniceerd. Zoals de Raad voor leefomgeving en infrastructuur op 9 juli jl geconcludeerd heeft2 is van belang is dat er ruimer gekeken wordt dan alleen de economische belangen. Dat de belangen van de burger, het milieu en gezonde leefomgeving een volwaardige plaats krijgen in de planvorming. Als ook werkelijk betaalbare woningen voor de leerkracht en politieagent. In navolg hiervan is ons inziens van belang voor de democratie en u als gemeenteraad dat u – voordat u het College delegeert – bepaalde voorwaarden stelt die waarborgen dat u aan zet blijft bij grote ontwikkelingen als ASR en ZoHo. En dat bij het stellen van bepaalde kaders - als bijv. toetsbare doelen voor de leefomgeving, participatie, integrale milieuonderzoeken en hoe en wanneer het College communiceert over de gedelegeerde wijzigingen - u als de gemeenteraad ook in de toekomst de regie blijft houden en de democratie gesterkt is.
NB: Het proces (de volgorde) omtrent het projectambitiedocument ASR (Weena 70) – een bouwaanvraag is gepubliceerd terwijl het projectambitiedocument nog vastgesteld moet worden - blijkt ook niet conform te zijn met het Besluitvormingsmodel voor ruimtelijke ontwikkelingen. Hierdoor lijkt uw rol in deze besluitvorming op een zijspoor gezet te zijn. Dit besluitvormingsdocument is – zover wij het goed begrijpen - n.a.v. de afdoening door de wethouder van motie Volgorde op orde opgesteld.
5. Samenvattend: - Het College heeft niet meer de wijzigingsbevoegdheid waardoor er geen correcte juridische basis is om het raads- en afdoeningsvoorstel vast te stellen. - De ASR-ontwikkeling met de afwijkingen is met mogelijke 100m2 toevoeging veel groter dan gesteld en kan niet als een kruimeltje (bopa) afgedaan worden. - het proces is niet conform het Besluitvormingsmodel voor ruimtelijke ontwikkelingen (zie afdoening motie Volgorde op orde) - De RvS-uitspraak omtrent bestemmingsplan RCD is om vele redenen niet van toepassing voor ASR en ander RCD-XL-ontwikkelingen - Een integraal milieuonderzoek is dwingend noodzakelijk. Niet alleen voor de gezonde leefomgeving voor de omliggende woonwijken maar ook voor de totaliteit van de impact op het RCD-XL zelf.. Graag verwijzen wij u graag verder naar de open brief van de bewonersvereniging Provenierswijk van 4 juli jl.de inspreekstukken van 19 juni (zie hieronder) en de bewonerspresentatie over RCD-XL van 5 juni 2024 Wij verzoeken u de bovenstaande punten en de genoemde stukken bij uw besluiten en vraagstellingen mee te wegen en het raadsvoorstel Projectambitiedocument en afdoeningsvoorstel af te wijzen. Met vriendelijke groet, Namens de bewonersvereniging Provenierswijk, Miranda van den Broek [24bb004091] Inspreekbijdrage dhr. Van Velzen [24bb004161] Inspreekbijdrage ASR mevr. Van den Broek
2
https://www.rli.nl/nieuws/2024/overheid-moet-sturen-op-meer-dan-economische-groei
Figure 1 – Afbeelding uit de MER Lumiere/Rise waarbij ASR en de andere RCD-XL ontwikkelingen als autonoom zijn meegenomen.
Figure 2 – tekst uit de Bewonerspresentatie RCD-XL van 5 juni 2024 met eerdere toezegging van het College om niet aan salamitactiek te doen en milieueffecten in samenhang te onderzoeken.
GEEN hoogbouwmuur ALS OVERBUUR 3 juli 2024 Open brief aan de gemeenteraad van Rotterdam Beste raadsleden, Onze ongerustheid over al de hoogbouwplannen rond het Hofplein en Weena is groot. De plannen worden stuk voor stuk behandeld en niet als één geheel beoordeeld op leefbaarheids- en milieueffecten voor het centrum van Rotterdam en omliggende wijken. Wij noemen dat salamitactiek. Op 19 juni hebben wij aan Wethouder Zeegers en de commissie Bouwen,Wonen en Buitenruimte een petitie aangeboden met de vraag om een integrale milieurapportage over al de plannen die in het Rotterdam Central District XL op stapel staan. De wethouder vindt een integrale milieurapportage niet nodig en verwees naar de bestemmingsplannen RCD, Rise/Lumiere en Pompenburg. Nu staat het Ambitiedocument voor de ASR locatie aan Weena 70 met twee torens van 150 en 200 meter op de agenda van de Raad op 11 juli a.s. Voor het ASR-plan is al in 2021 een voorovereenkomst getekend tussen eigenaar en gemeente. We hebben de (ontwerp)bestemmingsplannen van RCD-XL (RCD-gebied, Schiekadeblok, Pompenburg, ZoHo en Groot Handelsgebouw) en losse milieurapportages nog eens bekeken. Wij constateren; er is tot nu toe geen MER opgesteld voor alle hoogbouwplannen samen. De conclusie in elk bovengenoemd bestemmingsplan is dat ‘er geen negatieve milieueffecten te verwachten zijn’ en ‘een MER is niet nodig’.
Wél is er een MER Lumiere-RISE uit 2023. De ASR-ontwikkeling, gelegen tussen RISE en Lumiere, is als autonome situatie benoemd. Daarmee wordt ASR als een reeds bestaand bouwplan opgevoerd waarvan de milieueffecten al lang getoetst zijn. Het bouwplan wordt daarmee als nulmeting zonder milieueffecten in de milieutoets aangehouden. Dit is merkwaardig want de torens zijn er nog niet en zullen – wanneer gebouwd zeker milieueffecten hebben. Dit ook in combinatie met RISE en Lumiere. Denk bijvoorbeeld aan fijnstof, windhinder en – niet vergeten - bezonning op het Hofplein en de gezondheidssituatie voor de bewoners aan en langs de toegangswegen naar het Hofplein. Waarom ASR niet meegenomen in deze MER? Er wordt in het Ambitiedocument voor ASR al verwezen naar het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit en blz 34 benoemt al twijfels aan de haalbaarheid vanuit het NSL. De wethouder informeerde u tijdens de commissievergadering op 19 juni dus v.w.b. MER-onderzoek onvolledig. ASR is feitelijk niet meegenomen in de MER Lumiere-RISE. Milieueffecten van dat plan in combinatie met de milieueffecten van Lumiere en RISE zijn niet weergegeven. Het is maar één van de voorbeelden van de salamitactiek, het druppelsgewijs voorleggen van de RCD-XL plannen en goochelen met milieutoetsen, Rotterdammers onwaardig.
U bent pas per 3 april 2024 geïnformeerd over RCD-XL, terwijl de plannen tussen 2017 en 2020 allemaal bij Stadsontwikkeling waren ingepland. U wordt nu een Ambitiedocument ter goedkeuring voorgelegd waarin sprake is van forse afwijkingen van het vigerende bestemmingsplan. Daarmee is straks uw goedkeuring voor afwijkingen definitief. Op blz 43 van het ambitiedocument wordt de kruimelregeling benoemd, maar deze gaat over kleine afwijkingen op bestemmingsplan. Introductie van wonen op zwaar geluidsbelaste locaties en verhogen van torens met 50 meter (16 verdiepingen) en introduceren van brugbebouwing tussen torens zijn niet zomaar kruimeltjes. Wat als er straks binnen Omgevingswet gebruik gemaakt wordt van de Buitenplanse Omgevings Plan Activiteit? Welke afdwingbare volumebeperking is in dit Ambitiedocument te vinden ?
Maar terug naar het RCD-XL plan als geheel. Er is tot nu toe geen integrale MER opgesteld waarin de huidige situatie (hoe het nu is) met de toekomstige situatie wordt vergeleken. Zie: de optelsom van milieueffecten van 18 torens, totaal 1.000.000 m2 BVO bestaand uit o.a. 220.000 m2 BVO kantoor, 7100 woningen en 1650 hotelkamers. Het wordt allemaal gebouwd in een postzegelgebied van 350 bij 900 meter; een kwetsbaar nieuw woonmilieu met daaromheen kwetsbare woongebieden ! Niet alleen de forse schaduwwerking in de wintermaanden vraagt om een grondige toets (psychische gezondheid, energiekosten), maar zeker ook de forse milieueffecten van de verkeerstoename met ruim 50% en de daarmee gepaard gaande geluidsoverlast, parkeerdruk, uitstoot van fijnstof (kanker, COPD) en CO2 zijn van belang. Ook wateroverlast/-onderlast en riooloverstorten tijdens piekbuien (nitraat-milieu-effect) vragen om analyse. Evenals een toetsing aan de Provenierswijkregel; het betreft hier immers ‘toekomstige gebouwen aan de centrumzijde’ (zie vaststellingsbrief Karakus). Het totaal wordt niet afgewogen in beeld gebracht. Het maakt het voor ons, bewoners van de Provenierswijk en andere wijken rond het gebied, maar ook voor U als gemeenteraad, moeilijk te beoordelen wat deze plannen betekenen voor het leefmilieu en de gezondheid van huidige en toekomstige burgers in onze stad.
Wat is eigenlijk de spankracht van het gebied RCD-XL ? Worden er niet teveel torens ontwikkeld ? Is de u gepresenteerde woningvoorraad u duidelijk? Vindt u deze evenwichtig ? De ASR-torens bevatten - zo wordt gesteld - 25% sociaal, maar dit betreft allemaal studentenunits (voor beperkte termijn en tegen onduidelijke servicekosten), die bovendien wettelijk niet meetellen als sociale woningbouw. Wij dringen er dan ook op aan dat U als Raadsleden: 1. De wethouder vraagt om een integrale MER samen te stellen met de werkelijke optelsom van gevolgen – vergelijking nu tov 18 torens - voor de bezonning, parkeerproblematiek, verkeersdruk en toename van fijnstof en CO2-uitstoot en andere effecten, volgens de normering, Europees bepaald. Mocht om formele redenen een MER niet mogelijk zijn, vraag het college dan om een integrale rapportage van de milieu-effecten ! De effecten van het RCD-XLplan zijn onomkeerbaar ! 2. Het Ambitiedocument ASR aanhoudt1 totdat er meer duidelijkheid is over de milieu-effecten. Dan kunt U verantwoord besluiten nemen en wij misschien rustiger slapen. Namens de ondertekenaars van de petitie, de bewonersvereniging Provenierswijk.
1
Zie voor brongegevens in de presentatie van de bewonersvereniging van 5 juni 2024 te vinden op www.provenierswijk.nl en [24bb004091] Inspreekbijdrage dhr. Van Velzen en [24bb004161] Inspreekbijdrage mevr. Van den Broek