CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[24bb004637] Bijlage 13 behorende bij 24bb005959 over NvU Codrico

Commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte (2022-2026) 18 september 2024, gemeente RotterdamBij agendapunt: Bouwen en Wonen21.767 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

2. Hergebruik gebouwen

De Rotterdamse stadswijken herbergen een groot aantal gebouwen met cultuurhistorische waarde. Rotterdam hecht veel waarde aan de historische gelaagdheid van de stad en stuurt daarom bij ieder initiatief aan op hergebruik van waardevolle bestaande gebouwen. Dit kan variëren van zorgvuldige restauratie tot complete transformatie met andere functies. Uitzonderingen kunnen worden gemaakt in het kader van afspraken voor het gebied NPRZ, dan wel indien na zorgvuldige afweging op projectniveau blijkt dat er geen andere optie is dan slopen.

5. Woningdifferentiatie en woonkwaliteit

De Rotterdamse stadswijken kenmerken zich door een woningbestand met differentiatie op wijk-en blokniveau. Nieuwe initiatieven realiseren variatie in woningtypen en woningplattegronden met ruimtelijke kwaliteit. Bij woningen voor gezinnen is overmaat in gangen, bergingen en plafondhoogte zeer wenselijk. Het woningaanbod wordt afgestemd op de karakteristiek van de plek: een gezinswoning in een stadswijk is iets anders dan in een buitenwijk. Woningdoorstroom op niveau van de wijk en levensloopbestendige woningen worden bevorderd. In veel stadswijken is het ongewenst om woningen te splitsen of te gebruiken als kamerverhuur. Daarentegen is het samenvoegen van woningen zodat grotere (gezins-) woningen kunnen worden gerealiseerd zeer wenselijk. We streven naar de bouw van 18.000 woningen in deze collegeperiode: 20% daarvan zijn sociale woningen, 30% middensegment, 30% hoger segment en 20% topsegment. Aandachtspunten zijn: • Royale entree(s) aan de straat • Ruime verdiepingshoogten • Goed bruikbare (groene), royale privé-buitenruimten per woning, danwel een collectief equivalent • Het aantal zelfstandige kleine woningen (<50m² GBO) is ten hoogste 20%. Kleine woningen zijn nooit kleiner dan 40m2. Woonvisie Rotterdam (2016), Gebiedsatlas Ontwikkeling Woningvoorraad (2018), Kwaliteitsbeleid: onderdeel kleine woningen (2016), Verordening toegang woningmarkt en samenstelling

Architectuurnota: Architectuur en Rotterdam (2019), Cultuurhistorische Verkenningen per deelgebied,

woningvoorraad (2017), Kansrijke wijken (2014), Bouwstenen Kindvriendelijke Wijken (2010) NPRZ

Motie Cultuurhistorisch besef (2015), Besluitenlijstje Beschermd Stadsgezicht (2010), Woonvisie

(2012), Huisvestingsverordening stadsregio Rotterdam (2006), Addendum Woonvisie 2030 (2019),

Rotterdam (2016), Handboek opstellen en borgen Cultuurhistorische Verkenningen (2017)

Actieplan middenhuur (2019)

3. Functiemix op lange termijn

De grote kracht van de Rotterdamse stadswijken is flexibiliteit in gebruik. De stadswijken kennen een brede stedelijke functiemix die meebeweegt met de ontwikkelingen van leven, wonen en werken in de loop van de tijd. Daarbij wordt ingezet op meer werkmilieus voor kleinere ondernemers en makers op buurt- en wijkniveau. Nieuwe initiatieven worden zo robuust ontworpen dat ze aanpasbaar zijn aan toekomstige ontwikkelingen. Nieuwe gebouwen moeten in de toekomst kunnen wisselen van programma, gebruik of doelgroep zonder grote aanpassingen aan de stedenbouwkundige structuur. Woonvisie Rotterdam (2016), Architectuurnota: Architectuur en Rotterdam (2019), Rotterdam Resilience Strategy (2016), Coalitieakkoord 2018-2022; Nieuwe energie voor Rotterdam, Nota Ruimte voor Bedrijven (2019)

6. Veranderende mobiliteit

Mobiliteit staat in dienst van de gezonde leefomgeving, de energietransitie en de ruimtelijke verdichting. Dit betekent dat we de fiets, voetganger en openbaar vervoer meer ruimte geven en minder aan het autoverkeer. We zetten in op nieuwe schone vervoersmiddelen en ander reisgedrag. Parkeren • In de stadswijken gelden lagere autoparkeernormen voor: nabijheid van OV stations, extra fietsparkeerruimte, deelmobiliteit en faciliteren van Mobility as a Service (MaaS). • Elk plan moet voorzien in beweeg- en parkeerruimte voor fietsparkeren, scooters, bakfietsen etc. en moet voldoen aan bijbehorende kwaliteitseisen. Ook wordt elektrisch rijden gefaciliteerd, zowel de bestaande als toekomstige laadinfrastructuur d.m.v. de EVready eis voor nieuwbouw parkeergelegenheid. Stadsdistributie Logistieke voorzieningen worden inpandig ingepast, waarbij de bevoorrading vlot, veilig en schoon plaats kan vinden (bv door inpandig laden & lossen, laad & los routes, restricties aan formaat/emissies voertuigen etc.). Rotterdamse mobiliteitsagenda 2015-2018 (2014), Stedelijk Verkeersplan Rotterdam 2030 (2017), Bouwverordening Rotterdam (2010), Fietsplan 2016-2018: Fietsen heeft voorrang (2016), Beleidsregeling Parkeernormen auto en fiets gemeente Rotterdam (2018)

2

Vuistregels bouwen in de Stadswijken van Rotterdam | 2019

Vuistregels bouwen in de Stadswijken van Rotterdam | 2019

Vuistregels bouwen in de Stadswijken van Rotterdam | 2019

64/72 3

7. Plinten met hoge kwaliteit

De plint is beeldbepalend voor de kwaliteit op straat: het is Rotterdam op ooghoogte. De plint markeert de overgang van het gebouw met de openbare ruimte en zorgt voor levendigheid in de straat. Bij woningen is het uitgangspunt: voordeuren/entrees aan de straat en zichtbaar in het straatbeeld. De overgang met het trottoir kan met een zogenaamde drempelruimte worden vormgegeven. De plint dient te voldoen aan de volgende kenmerken: • Een royale verdiepingshoogte om kwaliteit toe te voegen en flexibiliteit in programma te kunnen opnemen • Een kwalitatief hoogwaardige uitstraling en zorgvuldige detaillering • Duidelijk herkenbare entrees • Eventuele erfafscheidingen zijn onderdeel van het ontwerp • Vloeiende aansluiting op peilmaat buitenruimte • Aandacht voor privacy bewoners: geen glas tot aan de grond bij woningen aan de straat

10. Kwaliteit in de tijdelijke situatie en tijdens de bouw

In Rotterdam wordt voortdurend gebouwd en daardoor is de dynamiek groot. Een goede invulling bij leegstand en een goede uitstraling van een bouwplaats zijn belangrijk, zodat de leefomgeving ook in tijdelijke situaties haar kwaliteit behoudt. • In afwachting op de start bouw: de tijdelijke situatie dient kwaliteit te bieden voor de omgeving. Denk daarbij aan kunst, programmering, evenementen, communicatie, bijzondere vormgeving en betrokkenheid van omwonenden. • Tijdens de bouw: de overlast voor de omgeving dient zoveel mogelijk te worden beperkt. Denk hierbij aan: afvoerroutes bouwverkeer, inrichting bouwlocatie, inbeslagname openbare weg en alternatieven voor diesel aggregaten voor opwekken bouwstroom. Bomen worden beschermd. Lokale opslag vermindert transport. Programma Rotterdam Circulair 2019-2023

Architectuurnota: Architectuur en Rotterdam (2019), Welstandsnota Rotterdam (2012), Plintenstrategie (2011), Gebiedsgerichte Visies en Masterplannen, Rotterdamse Stijl, Handboek openbare buitenruimte (2009), Bouwstenen Kindvriendelijke Wijken (2010)

8. Aantrekkelijke daken

In de Binnenstad moet het dak de kwaliteit hebben van een vijfde gevel omdat een aantrekkelijke verblijfsruimte in de Binnenstad belangrijk is. Een zorgvuldig ontworpen daklandschap met groene daktuinen met gebruikswaarde, dakopbouwen, horeca of speelmogelijkheden past in dit beoogde beeld. Een groen dak helpt bovendien bij wateropvang en het bestrijden van hittestress. Daken in de Binnenstad hebben minimaal 2 functies op het dak (bijv groen en water).

11. Architectenkeuze in samenspraak

Rotterdam is architectuurstad. Innovatieve architectonische kwaliteit van gebouwen is van groot belang voor de kwaliteit van de stad. Het formuleren van de opgave, het programma en het vinden van de juiste architect voor het project is essentieel en gebeurt bij voorkeur in gezamenlijk overleg tussen opdrachtgever en gemeente. De opdrachtgever heeft hierbij de beslissende stem. Architectuurnota: Architectuur en Rotterdam (2019), Architectenprotocol

Welstandsnota Rotterdam (2012), Hoogbouwvisie (2011) Herziening 2019, Programma Duurzaam 2015-2018: Duurzaam dichter bij de Rotterdammer (2015), Gebiedsgerichte Visies en Masterplannen voor deelgebieden

9. Duurzame gebouwen

Gebiedsontwikkelaars en secretarissen

Duurzaamheid is van fundamenteel belang voor de leef¬baarheid in Rotterdam: nu en in de toekomst. Bij nieuwe initiatieven is duurzaam bouwen integraal onderdeel van de ontwerpopgave. Duurzaamheid kent vijf componenten: • Energie: Rotterdam is in 2050 aardgasvrij. Woningen worden ontworpen op een lage energievraag en voorzien zoveel mogelijk in hun eigen energiebehoefte. Alle nieuwbouwprojecten in de stadswijken van Rotterdam worden verplicht op industriële restwarmte aangesloten, of een vergelijkbaar alternatief. Voor wko geldt afstemming met de omgeving. • Klimaat: Gebouwen en hun omgeving dragen bij aan het vasthouden van regenwater en het reduceren van hittestress. Richtlijn hierbij is het bergen van een hoogte van 50 mm water over het gehele perceeloppervlak, bijvoorbeeld via een waterbergend daklandschap of een waterplein. Voor buitendijkse gebieden geldt een minimaal aanlegpeil t.o.v. N.A.P. • Circulair: Rotterdam streeft naar circulair. Daarom wordt ‘slim’ en ‘sociaal’ gesloopt en worden materialen hergebruikt. Nieuwe gebouwen gebruiken een materialenpaspoort. • Gezond: Op basis van de ligging van de locatie wordt onderzocht of er geen sprake is van geluids-, geur- of fijnstof-overlast. Dit geldt ook voor het aspect omgevingsveiligheid. Maatregelen dienen integraal te worden opgenomen in de ruimtelijke kwaliteit van het ontwerp.

• Natuur: In Rotterdam is de aandacht voor de natuur in de stad sterk toegenomen. Rotterdam houdt rekening met flora en fauna bij de inrichting van de stad en de ontwikkeling van gebouwen: natuurinclusief bouwen. Voor de verschillende wijken in de stad is er een overzicht gemaakt van te nemen maatregelen. Voor nieuwe gebouwen is te denken aan het toepassen van groene hagen en gevels en nestmogelijkhe¬den en het beperken van verharding van privéterrein. Het is belangrijk dat elke nieuwe bouwontwikkeling één of meerdere groene bouwstenen herbergt en zo een bijdrage levert aan het groene karakter van de wijk

Feyenoord Frans de Jong f.dejong@rotterdam.nl Samira Benali (secretaris) s.benali@rotterdam.nl Charlois Mark Sutherland mr.sutherland@rotterdam.nl Yucel Űnal (secretaris) y.unal@rotterdam.nl Noord en Kralingen-Crooswijk Debbie Ginter dj.ginter@rotterdam.nl Stefanie Koster (secretaris) sc.koster@rotterdam.nl Delfshaven en Merwe 4 Lisette Groen lm.groen@rotterdam.nl Petra Nijman (secretaris) jaa.nijman@rotterdam.nl Oude Westen Jan van de Ree j.vanderee@rotterdam.nl Suardus Ebbinge (secretaris) sw.ebbinge@rotterdam.nl

Convenant aardgasvrij, Milieubeleid Rotterdam (2015), Rotterdam Resilience Strategy (2016), Programma Duurzaam 2015-2018: Duurzaam dichter bij de Rotterdammer (2015), Gebiedsgerichte

Kleiwegwartier Eline van der Doe km.vanderdoe@rotterdam.nl Erik Vogels (secretaris) ecj.vogels@rotterdam.nl

Visies en Masterplannen voor deelgebieden), Natuurinclusief bouwen (2019), Herijking beleid (grond) uitgiftepeilen in buitendijks gebied (2018), Rotterdam gaat voor groen (2019), Programma Rotterdam Circulair 2019

4

Vuistregels bouwen in de Stadswijken van Rotterdam | 2019

Vuistregels bouwen in de Stadswijken van Rotterdam | 2019

Nota van Uitgangspunten Codrico

65/72 Vuistregels bouwen in de Stadswijken van Rotterdam | 2019

5

9.2 Toelichting beleidskaders Stadsvisie Rotterdam 2030 De Stadsvisie is vastgesteld op 29 november 2007. Hierin worden op hoofdlijnen uitspraken gedaan over de stad. Katendrecht staat hierin benoemd als een van de 19 Rotterdamse herstructureringsgebieden voor de periode 2005-2015. Daarnaast is Katendrecht onderdeel van het VIP-gebied Woonmilieu Kop van Zuid. Speerpunt hierbij is rustig en centrumstedelijk wonen aan het water in gemengde wijken. Katendrecht is door de ligging aan zowel de Maas- als de Rijnhaven onderdeel van het VIP-gebied Stadshavens. Speerpunten daarbij zijn onderwijs, kennis, energie, creatieve economie, innovatieve bedrijven, cultureel erfgoed en gemengde woon-werkmilieus. Daarnaast wordt in de Stadsvisie met kernbeslissing 10 het belang van de cultuurhistorisch erfgoed en architectuur benadrukt.

Kaart van de Stad In de in 2016 vastgestelde visie ‘Kaart van de Stad’ is Katendrecht aangemerkt als kansrijke locatie binnen het thema Wonen aan de Rivier. Het ontwikkelen van kwalitatief hoogwaardige woonmilieus op Katendrecht draagt bij aan het benutten van de potentie van het Rijn-Maashavengebied, welke gericht is op het toevoegen van bijzondere woonvormen en milieus aan het bestaande palet. Zie: https://www.rotterdam.nl/wonen-leven/kaart-van-destad/

Rotterdam Architectuurstad 2019 Het vorige architectuurbeleid stamt uit 2010, het hoogtepunt van de financiële crisis. Nu, bijna tien jaar later, ziet de toekomst er weer heel anders uit. De ambities, kansen, vraagstukken en kaders uit die tijd zijn niet meer allemaal van toepassing. Vandaar dat het architectuurbeleid vernieuwd is. Het architectuurbeleid 2019 agendeert en bevordert ruimtelijke kwaliteit. Deze kwaliteit is niet meetbaar, maar wel ervaarbaar. Want iedereen, bewoner of bezoeker, heeft een relatie met de (gebouwde) omgeving en maakt er gebruik

van. Architectuur draagt bij aan de identiteit van Rotterdam. Het architectuurbeleid gaat over gebouwen, straten, pleinen, bruggen, parken, wijken en de stad als samenhangend geheel. Maar ook over de aanpak van maatschappelijke vraagstukken zoals de woningvoorraad, energietransitie, migratie of inclusiviteit en over wat dit betekent voor hoe de stad er in de toekomst uitziet. Zie: https://www.rotterdam.nl/wonen-leven/architectuur/Architectuurnota.pdf

Stedenbouwkundig plan Pols Het voornemen om het Polsgebied te ontwikkelen tot een gemengd woon-, werk en recreatiegebied heeft geleid tot een aantal kaderproducten, opgesteld en ontwikkeld door de gemeente Rotterdam. Eind 2000 is een structuurschets Pols opgesteld met daarin plek voor een binnenvaartcentrum. Deze had echter een groot exploitatietekort. Reden om verder te ontwerpen, wat heeft geleid tot de ‘Herziene structuurschets Pols’ (dS+V/ gemeente Rotterdam, augustus 2003. Deze structuurschets vormde de basis voor het bestemmingsplan Katendrecht Pols uit 2003. In 2004 is de Herziene structuurschets Pols uitgewerkt tot een stedenbouwkundig plan Pols Katendrecht, dat als basis dient voor de ontwikkeling van de Pols en een beeldkwaliteitsplan het Polsgebied, waarop de Welstandsparagrafen gebaseerd zijn. Sinds het opstellen van het stedenbouwkundig plan voor de Pols is er het nodige veranderd. Met de ontwikkeling van de Kop van Zuid en Rijnhaven zal de Pols van Katendrecht onderdeel worden van de centrum stedelijke as die doorvloeit uit de binnenstad. Dit brengt een hoogstedelijk karakter met zich mee. Voldoende aanleiding om het stedenbouwkundig plan onder de loep te nemen en te bezien of de destijds geformuleerde ambities en randvoorwaarden nog passend zijn.

Conclusie is dat, met toestaan van wat hogere bouwhoogte in de Santosstrook en langs de Hillelaan het stedenbouwkundig plan nog steeds een uitstekende onderlegger voor de gebiedsontwikkeling is.

Circulair 2019-2023 van zooi naar mooi In dit programma is de gemeentelijke inzet tav circulariteit opgenomen. De basis voor een circulaire economie ligt in principe van het voorkomen en het verminderen van het gebruik van primaire grondstoffen, het verlengen van levensduur van producten, het hergebruik van producten en onderdelen en het recyclen van materialen en grondstoffen. Oftewel: reduce, re-use and recycle. Stip op de horizon is om In 2030 helft minder primaire grondstoffen te gebruiken. En wel middels twee routes: Bewustzijn vergroten en verankeren in economie. Daarbij wordt ingezet op opgaven, kansen en acties in de vier sleutelsectoren; bouw, groen, consumptiegoederen en zorg. De bouw alleen al is verantwoordelijk voor 60 % van het afval! Zie: http://rotterdamcirculair.nl/Programma_Rotterdam_Circulair_2019-2023/index.html

Rotterdams weerwoord Het extremer worden van het klimaat brengt vele risico’s met zich mee voor Rotterdam. De stad weerbaar maken ten opzichte van de klimaatveranderingen is een urgente opgave waarmee we geconfronteerd worden. De klimaatveranderingen leveren in Rotterdam risico’s op voor onze economie, veiligheid en gezondheid. Elk gebied is op verschillende punten kwetsbaar en heeft zijn eigen potentie binnen de diverse klimaat aspecten. Zo ook Katendrecht. De opgaves waar we mee te maken gaan krijgen zijn onder te verdelen in zes thema’s: neerslag, hitte, droogte, overstromingen, grondwater, bodemdaling. Hoewel de zes thema’s van klimaatadaptatie elk een eigen aanpak nodig hebben, kunnen de benodigde maatregelen elkaar versterken of belemmeren. Elkaar versterkende maatregelen krijgen prioriteit. Elkaar belemmerende maatregelen vereisen het maken van keuzes. Zie: https://www.rotterdam.nl/wonen-leven/rotterdams-weerwoord/

66/72

Regels hoogbouwvisie 2019

Zon en wind

In de hoogbouwvisie worden regels gesteld voor de verschijningsvorm van hoogbouw in Rotterdam. Belangrijke factoren voor de verschijningsvorm zijn: de precieze locatie in het stedelijk weefsel, de typologische en programmatische ambities van het gebouw, de eventuele samenhang met overige hoogbouw en eventuele relaties met monumenten en/of beeldbepalende objecten. Andere factoren zijn gericht op het regelen van de gewenste stedelijkheid en de toetreding van licht en lucht op straat. Het is daarbij mogelijk dat bijzondere omstandigheden leiden tot een uitzondering. Deze locatie vraagt om een afwijking van de opbouw van de hoogbouw zoals omschreven in het hoogbouwbeleid. Een basement met de hoogte van de Rotterdamse laag in het gebied en daarop een toren dat maximaal 50% van het basement beslaat is niet passend in de context. De locatie van de toren vraagt om een verbijzondering gezien de positie in het stedelijk weefsel. De hoogbouw doet op deze plek mee met de Rijnhaven, Wilhelminapier en de Pols van Katendrecht. Drie gebieden met een eigen karakter en bebouwingstypologie. Daarbij is het uitgangspunt van de locatie het realiseren van een plein aan het einde van de noord zuid as. Door de toren een compacte footprint te geven en midden in de pleinruimte te plaatsen zal de toren de plek markeren maar met een goede plint ook het plein en de route activeren.

Een combinatie van wind en schaduw leidt al snel tot het ontstaan van kille plekken. Deze aspecten zijn in hoge mate van invloed op het comfort bij, langs en rond hoogbouw. Het is van belang om bij ontwikkeling van hoogbouw het effect op de omgeving te onderzoeken. Het is niet te voorkomen dat er enige negatieve effecten (schaduwval en wind) optreden bij plaatsing van hoogbouw in een gebied. Er moet een goede afweging worden gemaakt of de effecten van het ontwerp nog acceptabel zijn of dat deze de verblijfskwaliteit van de openbare ruimte te veel negatief beïnvloeden.

Het afwijken in verschijningsvorm van het hoogbouwbeleid is alleen toegestaan mits alle andere uitgangspunten van het beleid in stand worden gehouden. Utilitaire functies van een toren leggen een groot ruimtebeslag op het gebouw. Veelal wordt dit op de begane grond gepositioneerd. Bij deze ontwikkeling is de alzijdige uitstraling van de plint van belang voor het functioneren van de toren op het plein. De inpassing van de utilitaire functies dient zorgvuldig te worden ingepast en mag geen afbreuk doen aan de transparante plint. Door de toren niet op een basement te zetten brengt dit een groot risico met zich mee wat betreft de effecten van wind. De wind die van de toren naar het maaiveld gevoerd wordt mag geen negatieve effecten opleveren in de openbare ruimte rondom het gebouw. Een aangenaam verblijfsklimaat op de pleinruimte, langs de kade en op de Bundweg en zijstraten vormen een uitgangspunt voor de ontwikkeling.

Nota van Uitgangspunten Codrico

Op deze locatie kan de schaduwwerking van de toren een negatief effect hebben op het nog aan te leggen Rijhavenpark en de bebouwing. Mede hierdoor wordt de hoogte van de toren bepaald, het is niet wenselijk dat een groot deel van het park en eventueel de bebouwing in de schaduw wordt gezet door deze ontwikkeling. Het park wordt één van de grote verblijfsgebieden in de omgeving en zal intensief gebruikt worden door bezoekers en omwonende. De kwaliteit van de openbare buitenruimte moet gewaarborgd worden. Wind is een grote factor voor een aangenaam verblijfsklimaat op straat en het gebruik van de openbare ruimte. Hier moet bij de ontwikkeling van hoogbouw rekening mee worden houden. Beoordeling van het windklimaat vindt plaats volgens NEN 8100. Er wordt onderscheid gemaakt tussen windhinder en windgevaar. Bij windgevaar kunnen de lokale windsnelheden zo hoog worden dat mensen omvergeblazen kunnen worden. Er is sprake van windhinder als lokaal op loop- of verblijfsniveau de drempelsnelheid voor windhinder te vaak wordt overschreden. Er zijn verschillende kwaliteitsniveaus: doorloop-, slenter- en verblijfsniveau. Er moeten windonderzoeken plaatsvinden op deze drie niveaus. Voor de directe omgeving van de toren geldt het verblijfsniveau gezien de toren op een plein staat waar verblijven centraal staat.

Ontmoeting in het gebouw Er is een nieuw denkraam nodig voor ontwerp en het functioneren van stapelbouw en hoogbouw. In de huidige hoogbouw hoogbouw vindt nauwelijk ontmoeting plaats en kan iedereen

anoniem door een toren bewegen zonder zijn medebewoners te kennen of te zien. Inmiddels is bekend dat deze inrichting van stapelbouw en hoogbouw leidt tot eenzaamheid en anonimiteit in een gebouw. Door het gebouw heen zal ontmoeting moeten worden gestimuleerd. Dit begint al op de begane grond waar een goede entreehal moet komen waar meerdere functies en zaken op uitkomen. Denk bijvoorbeeld aan een café dat ook een raam heeft dat uitkijkt op dit plein, de ingang naar de garage, de plek waar mensen pakketjes kunnen afhalen of een plek waar mensen dingen kunnen uitwisselen met andere bewoners (sharinggedachte). Dit maakt de entreehal een plek waar mensen niet alleen hard doorheen lopen naar de lift maar er ontstaan vele bewegingen en mensen verblijven in de ruimte. Andere elementen die toevallige ontmoetingen stimuleren kunnen best hoger in het gebouw een plaats krijgen. Vormen van sport of een andere activiteit, een gemeenschappelijke keuken of een kas op het dak. Daarnaast is het ook een uitdaging om op de woonverdiepingen deze gedachte verder vorm te geven. De klassieke manier van een kern met hieromheen een gang met voordeuren kan zo ontworpen worpen dat er meer collectiviteit ontstaat. Om ondermijnend gedrag tegen te gaan in hoogbouw moeten we een bepaalde mate van transparantie waarborgen.

In het ontwerp moet rekening gehouden worden met het zien en gezien worden van bewoners zodra ze de toren binnenkomen of door de torenbewegen. De meest onzichtbare route is die van de parkeergarage direct naar de woonverdieping. Het moet daarom niet meer mogelijk zijn om vanuit de parkeergarage direct de lift te pakken naar de woonverdieping, dit is een uitgangspunt voor de ontwikkeling van hoogbouw. Vanuit de parkeergarage komt de bewoner eerst in de hal met functies waardoor ontmoeting wordt gestimuleerd en bewoners zichtbaar zijn voor medebewoners voordat zij de lift naar de woonverdieping nemen. Zie: https://www.rotterdam.nl/wonen-leven/hoogbouwvisie/

67/72

9.3 Beeldverantwoording

Indien u meent rechthebbende te zijn

voorzijde

Rechtsonder

Cobana - website

van het gebruikte beeldmateriaal,

© Jan van der Ploeg

© Gemeente Rotterdam

© Kees Hummel

dan kunt u contact opnemen met rijnhaven@rotterdam.nl.

Musa - website Inhoudsopgave

12

© onbekend

© Luchtfoto Gemeente Rotterdam

Fenix I - website

Stilwerk Santos - website

© Mei Architects

© WDJ Architecten

3

Fenix II - website

© Jan van der Ploeg

© MAD Architects

15

Havenkwartier - website

© Jan van der Ploeg

4

© VMX Architects

© Luchtfoto Gemeente Rotterdam

Masterplan Rijnhaven - website

20

© Barcode Architects

Linksboven, boven midden,

7

Park Maashaven - website

rechtsboven, rechtsonder

© Peter Schmidt

© SWA/Balsley

© Onbekend

8

13

21

Linksonder

Bayhouse - website

Linksboven, boven midden,

© onbekend

© Joke Vos Architecten

rechtsboven, linksonder

Onder midden - website

Groene Kaap

© Onbekend

© KBO

© Gemeente Rotterdam

68/72

Midden onder – website

39

42

44

© Onbekend

Linksboven, rechtsboven – website

Linksboven – website

Linksboven – website

Rechtsonder – website

© Arno de la Chapelle

© Onbekend

© Michael Latz

© Ben van Wevering

Linksonder, rechtsonder – website

Rechtsboven – website

Rechtsboven – website

© Rasmus Hjortshøj

© Onbekend

© Gili Merin

Linksonder – website

Linksonder, rechtsonder

40

© Onbekend

© Gemeente Rotterdam

Linksboven, rechtsboven – website

Rechtsonder – website

38

© Delfino Sisto Legnani en Marco

© Jared Chulski

Linksboven – website

Cappelletti Linksonder – website

© Onbekend

© Onbekend

43

© Nicolas Fussler

Rechtsboven – website

Rechtsonder – website

Linksboven – website

Linksonder, Rechtsonder– website

© Onbekend

© KCAP

© Richard Bryant

© Marleen Beek

37 © Peter Schmidt

Linksonder – website

45 Linksboven, Rechtsboven– website

Rechtsboven – website

© Onbekend

41

© Buildington

47

Rechtsonder – website

Linksboven, rechtsboven – website

Linksonder, rechtsonder – website

© Joep Boute

© Onbekend

© Long

© Hufton + CROW

Nota van Uitgangspunten Codrico

Linksonder, rechtsonder – website

53

© Jack Hobhouse

© Peter Schmidt

69/72

9.4 Moties Gemeenteraad

70/72

Nota van Uitgangspunten Codrico

71/72

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=39a2dbb4-1b87-4e61-ac76-3184014334c7