CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[24bb003906] Beantwoording technische vragen Voortgangsrapportage Armoede en Schulden

Commissie Werk & Inkomen, Onderwijs, Samenleven, Schuldhulpverlening & Armoedebestrijding, NPRZ 12 juni 2024, gemeente RotterdamBij agendapunt: Daarbij betrekken1.767 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Notitie Maatschappelijke Ontwikkeling Sociale Zekerheid

Aan:

De leden van de commissie WIOSSAN

Datum:

10 juni 2024

Betreft:

Beantwoording technische vragen van raadsleden n.a.v. de bespreking van de voortgangsrapportage armoede en schulden in de commissie WIOSSAN op 12 juni 2024.

Website: www.rotterdam.nl Van: K. Molenaar E-mail: k.molenaar@rotterdam.nl

Geachte commissieleden, Met uw commissie is afgesproken dat technische vragen ter voorbereiding op de bespreking van de voortgangsrapportage armoede en schulden vooraf schriftelijk kunnen worden ingediend en worden beantwoord. Hierbij ontvangt u de beantwoording van de technische vragen ingediend door D66 en PvdA. Technische vragen D66 Q Wat wordt er bedoeld met ‘datasignalen van vaste lasten’? Welke databronnen worden hiervoor geraadpleegd en in hoeverre is dit geautomatiseerd? Wie heeft er toegang tot deze bronnen? A Met ‘datasignalen van vaste lasten’ wordt bedoeld de signalen van vroege betalingsachterstanden die de gemeente maandelijks van vaste lasten leveranciers ontvangt in het kader van vroegsignalering volgens de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs). Met ‘vaste lasten leveranciers’ worden bedoeld de verhuurders van woningen (zowel particuliere verhuurders als woningcorporaties), drinkwaterbedrijven, energieleveranciers en zorgverzekeraars. Die bedrijven leveren maandelijks contactgegevens en de hoogte van de betalingsachterstand van mensen met vroege betalingsachterstanden (van ongeveer 2 maanden) aan de gemeente, zodat de gemeente contact met hen kan opnemen om een hulpaanbod te doen. Het ontvangen (door de gemeente) van deze gegevens gebeurt geautomatiseerd.

Na ontvangst wordt (eveneens geautomatiseerd) de basisregistratie personen (BRP) geraadpleegd om te bepalen of in de betreffende huishoudens kinderen (<18 jaar) en/of ouderen (>65 jaar) aanwezig zijn. Op basis van de gezinssamenstelling kan de gemeente de manier van contact opnemen om een hulpaanbod te doen differentiëren. De informatie die de gemeente in het kader van vroegsignalering ontvangt is enkel inzichtelijk voor medewerkers van het Hulpteam Geldzaken van de afdeling Grip op Geldzaken (GoG).

Blad: Datum:

2/5 10 juni 2024

Q A

Zijn de effectindicatoren streefwaarden of een reële verwachting? Hoe komen deze aantallen tot stand? In de voortgangsrapportage worden op de volgende onderdelen effectindicatoren benoemd: -Stijging aangesloten convenantpartners vroegsignalering -Stijging aanmeldingen bij Expertiseteam Financiën (ETF) na vroegsignalering door Hulpteam Geldzaken -Gemiddelde schuld -Mediane schuld -Intakes (bij ETF) -Gestarte schuldregelingen (bij Kredietbank Rotterdam (KBR) Voor het aantal ‘aangesloten convenantpartners vroegsignalering’ en ‘aanmeldingen bij ETF na vroegsignalering’ geldt dat we streven naar een stijging van de aantallen, zonder daar op voorhand streefaantallen bij genoemd te hebben. Voor de gemiddelde en mediane schuld streven we juist naar een daling, ook weer zonder daar op voorhand een streefbedrag bij te noemen. In beide gevallen geldt dat het op voorhand benoemen van een streefgetal niet reëel is omdat we als gemeente niet de enige partij zijn die invloed heeft op het realiseren van de streefgetallen. We zijn in het geval van de convenantpartners vroegsignalering ook afhankelijk van de medewerking van schuldeisers. En in de andere gevallen van onze inwoners. De effectindicatoren en streefwaarden komen tot stand op basis van de historische cijfers en ervaringen en informatie van de afdelingen GoG en KBR.

Voor de intakes en gestarte schuldregelingen geldt dat het hier gaat om de collegetargets, daar zijn in overleg met en geaccordeerd door de Rekenkamer Rotterdam wel streefwaarden voor vastgesteld. Deze zijn in de voortgangsrapportage ook genoemd.

Q A

Hoe vaak wordt de nieuwsbrief Geldzorgen gelezen (niet alleen geopend)? Hoe goed converteert deze? Hoeveel middelen worden er besteed aan de uitvoering van de nieuwsbrief? De nieuwsbrief Geldzorgen heeft ongeveer 2.900 abonnees die de nieuwsbrief ontvangen. Per editie wordt de nieuwsbrief ongeveer 1.400 keer geopend. Het meest gelezen artikel (bijzondere bijstand als gift) is 268 keer bekeken. Gemiddeld genomen worden de artikelen in de nieuwsbrief 130 keer bekeken (per artikel). De kosten voor de nieuwsbrief zitten met name in fotografie. Sinds het bestaan van de nieuwsbrief (december 2023) is hier 765 euro aan uitgegeven. Daarnaast vergt de nieuwsbrief (een bescheiden) inzet vanuit de afdelingen beleid en communicatie, o.a. voor het schrijven en redigeren van de artikelen.

Q A

Er wordt aangegeven dat wat er nu anders gedaan wordt, het investeren van een extra € 500.000 in informele organisaties betreft. Kan deze extra besteding uiteen worden gezet? Dit betreft €500.000 die jaarlijks extra beschikbaar is in de subsidieregelingen Armoede en Schulden. Deze €500.000 is opgenomen in de subsidieplafonds van de

Blad: Datum:

3/5 10 juni 2024

subsidieregelingen. Hierdoor hebben we meer informele organisaties kunnen subsidiëren. Daarbovenop is het subsidieplafond in de subsidieregeling Samen Sterk tegen Armoede en Schulden 2024-2025 categorie 2 en 3 in 2024 en 2025 met €734.990 per jaar verhoogd. Hierover kunt u meer lezen in 23bb008330 Document RotterdamRaad - [23bb008330] Collegebrief over Subsidies armoede en schulden iBabs Publieksportaal Q A

Kan het inkomensverbeteringscriterium worden toegelicht? Hoe wordt dit getoetst in de praktijk? Mensen die uitzicht hebben op inkomensverbetering hebben geen recht op de individuele inkomenstoeslag (artikel 36 Pw). Om te beoordelen of sprake is van inkomensverbetering is in alle gevallen een individuele beoordeling nodig. In de volgende situaties nemen wij aan dat er wél uitzicht is op inkomensverbetering: 1. Aanvrager of diens eventuele partner volgt op de aanvraagdatum een opleiding (art. 3, eerste lid van de Verordening Verordening individuele inkomenstoeslag Participatiewet Rotterdam 2018 | Lokale wet- en regelgeving (overheid.nl) ). Het gaat hierbij om een opleiding als bedoeld in de WSF 2000, de WTOS, de Wet educatie en beroepsonderwijs of de Wet op het hoger en wetenschappelijk onderwijs; een studie op het niveau havo, vwo en mbo-2 of hoger leidt (in beginsel) tot uitzicht op inkomensverbetering.  Let op: een studie op het niveau vmbo/ mavo of lager en mbo-1 levert geen startkwalificatie op voor de aanvrager. Wanneer de verzoeker zo’n studie volgt of heeft gevolgd nemen we daarom aan dat er geen uitzicht is op inkomensverbetering. Deze studies zijn daarom niet relevant voor het recht op IIT. 2. Aanvrager of diens eventuele partner heeft in de 12 maanden voorafgaande aan de aanvraagdatum een opleiding als bedoeld onder a afgerond (art. 3, 2e lid Verordening). 3.

Aanvrager of diens eventuele partner heeft in de 12 maanden voorafgaand aan de aanvraagdatum de verplichtingen gericht op de arbeidsinschakeling geschonden. Denk bijvoorbeeld aan het niet meewerken aan een reintegratietraject of het onvoldoende solliciteren op betaald werk. In alle overige gevallen gaan wij er van uit dat er géén uitzicht bestaat op inkomensverbetering.

Q A

Kan er een overzicht gegeven worden van de huishoudens, personen en kinderen in huishoudens met een inkomen tot 110% WSM in de G4 naar rato van het inwoneraantal van de respectievelijke steden? Op pagina 27 van de voortgangsrapportage vindt u het gevraagde overzicht in de tabel ‘Huishoudens, personen en kinderen in huishoudens met een inkomen tot 110% WSM’.

Technische vragen PvdA Q Hoeveel Rotterdamse jongeren hebben anno mei 2024 een geregistreerde betalingsachterstand bij vastenlastenpartners? (Zorgverzekeraar, energiemaatschappij, huur etc.)?

Blad: Datum:

4/5 10 juni 2024

A

De gemeente beschikt niet over alle gegevens van betalingsachterstanden van vaste lasten leveranciers (of andere schuldeisers). Wel weten we hoeveel jongeren (18-27 jaar) door de vaste lasten leveranciers bij de gemeente zijn gemeld met een vroege betalingsachterstand in het kader van vroegsignalering. In de maand april 2024 waren dat 614 jongeren.

Q

Hoe was dit in de voorgaande jaren 2022 en 2023? Is in Rotterdam, net als landelijk, een groei te zien? Zoals gezegd beschikt de gemeente niet over alle gegevens van betalingsachterstanden bij vaste lasten leveranciers (of andere schuldeisers). Wel kunnen we iets zeggen over de door de gemeente ontvangen signalen van vroege betalingsachterstanden in het kader van vroegsignalering.

A

In de afgelopen jaren zien we een stijging in het aantal aangesloten convenantpartners vroegsignalering. Zie pagina 3-4 van de voortgangsrapportage armoede en schulden voor een ontwikkeling van de aantallen aangesloten convenantpartners. Door deze stijging is ook de hoeveelheid door de gemeente ontvangen signalen van vroege betalingsachterstanden in de vaste lasten gestegen. Het gaat dan om achterstanden in huur, energie, water en zorgverzekering. Hieronder ziet u het aantal vroegsignaleringsmeldingen van jongeren (18-27 jaar) in de maanden april van de afgelopen drie jaar: 2022-4 343 Q A

2023-4 440

2024-4 614

Hoeveel jongeren worden anno mei 2024 door de gemeente geholpen met schulden? (via o.a. ETF, KBR, Wijkteams, Jongerenloket) Per april 2024 zijn er bij het ETF ongeveer 1200 jongeren (18-27 jaar) die begeleid worden bij hun financiën.

Q A

Hoeveel van de rechthebbende jongeren in Rotterdam vragen zorgtoeslag aan? De gemeente heeft geen inzicht in het aantal jongeren dat recht heeft op zorgtoeslag. Het recht daarop is van meerdere factoren afhankelijk en wordt bepaald door de Belastingdienst.

Q A

Van de jongeren die het niet aanvragen: heeft de gemeente zicht op de redenen? Nee, daar heeft de gemeente geen inzicht in.

ONSbank biedt jongeren met schulden een traject van 6 maanden aan met als doel schuldrust. Ze zijn o.a. werkzaam in Rotterdam. Q A

Heeft de gemeente zicht op hoeveel jongeren in Rotterdam zij helpen? Nee, de gemeente heeft hier geen zicht op. Wel weten we dat ONSbank de afgelopen jaren in Rotterdam twee keer per jaar een traject aanbood aan 10 tot 15 jongeren per startmoment. ONSbank begeleidt dus zo’n 20 tot 30 Rotterdamse jongeren per jaar. Een deel van de deelnemende Rotterdamse jongeren in 2021 en 2022 heeft zich aangemeld via het Jongerenloket. Vanaf 2023 is de financiering vanuit de gemeente gestopt (zie ook de vraag hieronder) en vonden er geen aanmeldingen meer plaats door het Jongerenloket.

Blad: Datum:

5/5 10 juni 2024

Q A

Is er een subsidierelatie met de gemeente Rotterdam? Voor de jongeren die via het Jongerenloket zijn aangemeld in 2021 en 2022 heeft de gemeente Rotterdam in 2021 en 2022 financiering verstrekt aan ONSbank. In 2021 liep dat via programma Rotterdam Sterker Door, in 2022 is een subsidie verstrekt door het Jongerenloket. Sindsdien heeft de gemeente Rotterdam geen subsidie meer verstrekt aan ONSbank. ONSbank heeft eigen middelen ingezet om het traject te financieren voor de jongeren die zichzelf in 2021 en 2022 rechtstreeks hebben aangemeld bij ONSbank (dus aanmeldingen die niet via het Jongerenloket verliepen). Ook voor de activiteiten die sinds 2023 zijn uitgevoerd in Rotterdam heeft ONSbank eigen middelen ingezet.

Q

Kan een overzicht gegeven worden van alle schuldhulporganisaties voor jongeren waar de gemeente mee samenwerkt? Het schuldregelen volgens de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Msnp) is belegd bij de KBR. Begeleiding bij geldzorgen en/of schulden doet de gemeente ook veelal zelf. Dit gebeurt bijvoorbeeld door de wijkteams, ETF, Jongerenloket. Daarnaast zijn er (vrijwilligers)organisaties die dienstverlening bieden aan jongeren met geldzorgen en/of schulden. Hiervan is geen uitputtende lijst beschikbaar. Enkele van deze organisaties krijgen subsidie. Dit gaat dan bijvoorbeeld om het Jongeren Informatie Punt (JIP) en SocialDebt.

A

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=eb32f7a3-7392-4f7f-aaeb-618f0a6ed658