CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[24bb003607] Bijlage 9 behorende bij 24bb003603 over jaarverslag BOOR 2023 (inclusief goedkeurendecontroleverklaring PwC)

Gemeenteraad 9 juli 2024, gemeente RotterdamBij agendapunt: Het voorstel tot goedkeuring van het jaarverslag en de jaarrekening 2023 van stichting BOOR.38.248 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

Het vorige kabinet zette in op het stimuleren van brede en verlengde brugklassen door de incidentele subsidie voor brede brugklassen uit het Nationaal Programma Onderwijs structureel te maken. Binnen BOOR bieden tien vo-scholen heterogene brugklassen aan. Voor twee vo-scholen is dit geen passende organisatievorm omdat zij internationaal onderwijs of slechts één onderwijsniveau aanbieden. Drie scholen kiezen er bewust voor om geen heterogene brugklassen aan te bieden vanuit een specifieke visie op onderwijs en/of andere onderwijskundige prioriteiten van de school. De scholen die heterogene brugklassen aanbieden, werken waar nodig aan versterking van het aanbod en/of de didactiek. Inzet van deze vo-scholen is vooral het versterken van het bestaande aanbod van heterogene brugklassen en (soms) een verkenning van mogelijkheden tot uitbreiding van het aanbod. In schooljaar 2024-2025 zal waarschijnlijk weer een regeling worden gepubliceerd op basis van een evaluatie van de effectiviteit van deze regeling. BOOR wil dan graag weer gebruik gaan maken van deze mogelijkheid. 5

Passend bevorderen

Bij de bevordering van leerlingen kijken we binnen de vo-scholen van BOOR niet alleen naar de cijfers, maar ook naar potentieel en vaardigheden. Wij delen met elkaar de manier waarop cijfers en bevordering tot stand komen.

Op meerdere vo-scholen van BOOR worden de zogenaamde 10 minutengesprekken vervangen door een gespreksvorm waarbij leerling, ouder en school / mentor in gesprek zijn over de ontwikkeling van de leerling. Deze opzet stimuleert de leerling om zelf regie te nemen en een mate van zelfinzicht tonen. De dan zichtbare competenties worden meegenomen bij een overgangsvergadering. Ook wordt bij de bevordering gekeken naar vaardigheden. Binnen de school en tussen scholen worden de eerste stappen gezet in het delen van ervaring en kennis, hier wordt de komende jaren extra op ingezet. 6

Samenwerking vervolgonderwijs

BOOR (vo) staat in verbinding met het vervolgonderwijs. We (zoeken) samenwerking met mbo/hbo/wo en werken aan beroepsgericht vak vmbo en praktijkgericht vak havo.

De vo-sector van BOOR participeert in de samenwerkingsverbanden vo-mbo en vo-ho, waarin in gezamenlijkheid wordt gewerkt aan bijvoorbeeld het versterken van het lob-programma, doorlopende leerlijnen (en voor vmboleerlingen de mogelijkheid tot het versneld behalen van een mbo-diploma), vakinhoudelijke aansluiting en hovaardigheden. De Staat van het BOOR Onderwijs 2023 biedt data over de doorstroom naar het vervolgonderwijs en geeft handvatten voor onderzoek (samen met het vervolgonderwijs) naar wat kan bijdragen aan minder studiewisselaars. De scholen die vmbo-t aanbieden zijn met elkaar in contact over de ontwikkeling en implementatie van het beroepsgerichte vak vmbo en daarover is ook contact met het mbo.

28

BESTUURSVERSLAG - BOOR JAARVERSLAG 2023

Vier scholen bieden een beroepsgericht vak aan binnen de mavo. Deze scholen wisselen ervaringen uit en kunnen andere scholen ondersteunen en adviseren in de ontwikkeling van een beroepsgericht vak. Een aantal vo-scholen heeft daarnaast de intentie uitgesproken dat zij een subsidie aanvraag willen indienen voor de ontwikkeling van een praktijkgericht vak voor de havo. 7

Vervolg samenwerking havo

De havo-werkgroep gaat op basis van de analyse van de onderwijsresultaten en de duiding van succesfactoren aan de slag met het verspreiden van goede voorbeelden tussen onze scholen.

De havo-werkgroep heeft een notitie opgeleverd over de geleerde lessen van de werkzaamheden gedurende de planperiode 2021-2023. Er is een duidelijk beeld ontstaan van kritische succesfactoren. De kwaliteit van leerlingbegeleiding, determinatie en bevordering factoren hebben veel (potentieel positieve) impact op de onderwijsresultaten. De succesfactoren worden binnen de context van elke school zo goed mogelijk ingepast. De onderwijsresultaten in de havo zijn afgelopen schooljaar achteruit gegaan. Met behulp van de analyse zal het vervolg zich richten op de kwaliteit van de leerlingenbegeleiding en aanvullend onderzoek naar de overgang van de onderbouw naar de bovenbouw van het havo. In 2024 wordt onderzocht of de werkwijze van de werkgroep havo ook toepasbaar is op de andere onderwijsniveaus. 8

Ontwikkelgesprekken

We voeren ontwikkelgesprekken en maken gebruik van SET, DOT en BOOT (vo-breed).

Alle vo-scholen richten hun gesprekkencyclus in volgens het beleidskader ‘het goede gesprek’. Bij voorkeur jaarlijks, maar minimaal eens per twee jaar, vindt met iedere medewerker een ontwikkelgesprek plaats. Ter voorbereiding op dit gesprek maken medewerkers gebruik van de systematiek van de beoordelings- en ontwikkelingstool BOOT van eLoo. Het gebruik bevindt zich nog in de opstartfase, er wordt onderzocht of BOOT daadwerkelijk het juiste instrument is voor zowel docent als onderwijs ondersteunend personeel. Naast een ontwikkelgesprek heeft iedere collega met lesgevende taken minimaal één lesbezoek per schooljaar. Tijdens dit lesbezoek wordt de digitale observatie tool (DOT) gebruikt. Deze wordt naar tevredenheid gebruikt. De school enquête tool SET wordt gebruikt voor de tevredenheidspeiling / monitor sociale veiligheid. Daarnaast kunnen scholen deze tool ook inzetten om andere zaken bij leerlingen, ouders en collega’s uit te vragen en ontwikkelingen te monitoren. Ook SET werkt naar tevredenheid. 9

Professionalisering

We stimuleren professionalisering van medewerkers. We delen met elkaar de best practices.

Op elke BOOR vo-school wordt in 2023-2024 een eigen (online) academie ingericht. In eerste instantie zal de aandacht uitgaan naar professionalisering op het gebied van basisvaardigheden. In de (online) academie wordt er straks naast een digitaal scholingsaanbod een bovenschools scholingsaanbod op locatie aangeboden, worden er leernetwerken ingericht en wordt er ruimte gecreëerd voor collega’s om beleidsstukken en best practices te delen. Deze omgeving kan steeds verder uitgebreid worden. Best practices worden nu onder andere gedeeld via de zogenaamde BOOR-Talks. Voor (met name) leidinggevenden bestaat vanuit BOOR Services een aanbod om zich op diverse thema’s verder te verdiepen en professionaliseren (bijvoorbeeld training over schorsen en verwijderen, omgaan met (langdurig) verzuim, examinering, etc.). Het management van de sector brengt in 2024 in kaart wat leidinggevenden in het vo aan basis- en opvolgende scholing nodig hebben en gaat dit samen met BOOR Services vervolgens structureel vormgeven.

29

BOOR JAARVERSLAG 2023 - BESTUURSVERSLAG

10 Doorontwikkelen 4D

• We maken gebruik van interne audits en werken op basis van een kwaliteitsagenda volgens de methodiek van data, duiden, doelen, doen (4D-model). • We evalueren dit jaar het werken met interne audits, verhogen de kwaliteit en het waarderende karakter en inventariseren kansen en mogelijkheden van externe input. • We hebben de resultaten van de havo-afdelingen geïnventariseerd en verspreiden succesvolle interventies binnen en buiten BOOR. • We hebben aandacht voor alternatieven voor anderstaligen wat betreft het eindexamen voor het vak Nederlands.

BOOR-vo heeft een pilot afgerond die heeft geleid tot een aangescherpte, meer waarderende manier van auditeren in 2023-2024. De sector richt een pool van auditoren in, die hiervoor specifieke scholing krijgen. Die scholing wordt samen met de andere sectoren ingekocht. Vanaf schooljaar 2023-2024 worden vo-scholen voortaan eens per drie jaar geauditeerd. De resultaten van de havo-afdelingen zijn geanalyseerd. Er is een duidelijk beeld van succesfactoren tot stand gekomen. Echter zijn de resultaten in het afgelopen schooljaar niet verbeterd. Er is gestart met het verspreiden van succesvolle interventies binnen BOOR. Drie scholen zijn deelnemer geweest van de pilot NT2 examinering voor nieuwkomers. Hoewel deze drie scholen zich konden vinden in het idee van een aangepaste wijze van examinering en één van de drie scholen dit al langer (succesvol) aanbiedt, heeft het ministerie van OCW besloten de pilot per direct en voortijdig te stoppen wegens organisatorische problemen. Het ministerie heeft inmiddels (na een gesprek met onder andere BOOR-scholen) toegezegd met een passende oplossing te zullen komen. BOOR blijft hier aandacht voor behouden, maar kan het probleem niet alleen oplossen. 11

Stevige organisatie als basis voor succesvolle scholen

Functiehuis

• We ontwikkelen en implementeren een (nieuw) functiebouwwerk • We ontwikkelen en implementeren AFAS 2.0. • We intensiveren de samenwerking van het cluster Libanon, SNZ en Thorbecke en het cluster Erasmiaans en Wolfert van Borselen in het kader van ondersteuning en bedrijfsvoering • We zijn onderdeel van de opleidingsschool Rotterdam. • We stellen een visie vast op aantrekkelijk werkgeverschap en talentontwikkeling met thema’s zoals docententekort, secundaire arbeidsvoorwaarden, beloningsbeleid en begeleiding van leraren en leidinggevenden.

Het ontwerp voor een nieuw generiek functiehuis is gereed. In de periode september – december zijn alle (eindverantwoordelijke) leidinggevenden en HR-adviseurs getraind in het werken met het nieuwe generieke functiehuis. Vanaf januari 2024 wordt gewerkt aan de verdere implementatie van het nieuwe generieke functiehuis. De ingangsdatum voor het nieuwe functiehuis is 1 augustus 2024.

30

BESTUURSVERSLAG - BOOR JAARVERSLAG 2023

AFAS

Door consultants van AFAS is er een nulmeting gedaan op de inrichting van ons AFAS-systeem. Hieruit kwamen knelpunten naar voren die voor het team functioneel beheer AFAS input zijn geweest voor de optimalisatie van het HRM-systeem. In samenspraak met het sectormanagement zijn de punten opgepakt, hier wordt in 2024 verder vervolg aan gegeven.

Samenwerking in clusters

De versterking van de samenwerking binnen de clusters en tussen de clusters verloopt constructief. Zorgvuldigheid en afstemming zijn voor de langere termijn nuttiger dan snelheid, daarom verloopt het proces volgens overzichtelijke stappen die passen bij de actualiteit op de scholen.

Opleidingsschool Rotterdam

Door het toetreden van het Libanon Lyceum tot de Opleidingsschool Rotterdam (OSR) is heel BOOR-vo nu onderdeel van de OSR. In de nieuwe Onderwijsregio wordt momenteel gewerkt aan een werkagenda waarin de thema’s werving en matching, opleiden, professionaliseren en onderwijstijd een plaats krijgen. Het idee is dat de OSR onderdeel wordt van die werkagenda.

Aantrekkelijk werkgeverschap

Het onderwijs kampt al een aantal jaar met grote personeelstekorten. Om die het hoofd te bieden, werkt BOOR als onderwijsbestuur samen met de gemeente en andere schoolbesturen. Daarnaast probeert BOOR als werkgever aantrekkelijk en onderscheidend te zijn. Bijvoorbeeld door het werken aan zicht op het aanwezige talent en potentieel van onze collega’s en hier ontwikkelkansen voor te bieden. Maar ook door ervoor te zorgen dat de basis op orde is op gebied van HR-gerelateerde administratie en applicaties, zodat BOORleidinggevenden en medewerkers gefaciliteerd worden om het best denkbare onderwijs te realiseren. De toelichting bij onderstaande doelen geeft nadere duiding aan de speerpunten en inspanningen op gebied van personeel en professionalisering in 2023. De inspanningen op gebied van aantrekkelijk werkgeverschap worden ook bij sectoroverstijgend doel #2 beschreven .

2.5 1

Sector (speciaal) basisonderwijs De school als oefenplaats Elke basisschool binnen BOOR heeft een functionerende leerlingenraad. Op deze wijze maken leerlingen kennis met de beginselen van de democratische rechtstaat

In 2023 is actief gestimuleerd dat iedere basisschool binnen BOOR een functionerende leerlingenraad heeft. Op die manier raken leerlingen betrokken met de school, kunnen ze hun belangen verwoorden en behartigen en maken zij kennis met democratische waarden. In het (s)bao zijn inmiddels leerlingenraden actief op 41 scholen, de overige scholen zijn in schooljaar 2023-2024 gestart met het opzetten van leerlingenraden. 2

Curriculum brede aanpak In de schooljaarplannen beschrijven alle basisscholen op welke wijze zij burgerschap in het curriculum hebben verweven aan de hand van de vier pijlers van burgerschap (Democratie, Sociaal-Maatschappelijke competenties, Identiteit & Diversiteit en de School als oefenplaats).

31

BOOR JAARVERSLAG 2023 - BESTUURSVERSLAG

Alle (s)bao-scholen hebben in hun jaarplan beschreven hoe zij burgerschap in het curriculum hebben of gaan verweven. Uit een nadere analyse blijkt dat scholen al flinke stappen hebben gezet in het doelgericht en samenhangend maken van het burgerschapsonderwijs, maar dat versnelling gewenst is. Dit schooljaar vullen alle basisscholen de Schoolaanpak Burgerschapsonderwijs in. Hiervoor is een traject ingericht waarin de scholen in een viertal kennis- en schrijfsessies hun burgerschapsbeleid in een gestandaardiseerd format vastleggen. In 2024 wordt dit traject afgerond. Ter ondersteuning biedt een speciale pagina op het intranet veel informatie en voorbeelden die door scholen gebruikt kunnen worden. 3

Effecten van burgerschaps onderwijs in beeld

De nieuwe burgerschapswet vraagt van scholen de resultaten van het burgerschapsonderwijs te meten. In 2023 worden de ervaringen op het gebied van het meten van burgerschapscompetenties in beeld gebracht en worden scholen ondersteund waar dit nodig is. We onderzoeken zo nodig of een BOOR-brede aanpak nodig is.

In 2023 heeft de sector middels een pilot met de Rovict-toets ervaringen opgedaan met het meten van burgerschapscompetenties. De bevindingen zijn divers en worden nu geanalyseerd door de Universiteit van Amsterdam. Tegelijkertijd is softwareleverancier Rovict bezig met de verdere ontwikkeling en verbetering van de software. In het eerste kwartaal van 2024 krijgen scholen verdere uitleg over het gebruik van het instrument. In 2024 gaan alle scholen gebruik maken van de Rovict-toets of een goed alternatief daarvan om de effecten van het burgerschap onderwijs in beeld te brengen. 4

Levensbeschouwelijke vorming op alle scholen

Alle scholen werken aan brede kennis en begrip van alle levensbeschouwingen als onderdeel van het lesaanbod (o.a. aangevuld door inzet Wereldwijzer).

Het (s)bao heeft de afgelopen jaren gewerkt aan de invulling van levensbeschouwelijk onderwijs binnen het openbaar onderwijs. Een groot deel van de basisscholen heeft besloten gebruik te maken van de aanpak Wereldwijzer, als aanvulling op het eigen lesprogramma. Passend bij de openbare identiteit is in deze aanpak nadrukkelijk aandacht voor álle levensbeschouwingen. Ook in dit schooljaar heeft een aantal scholen deelgenomen aan de inspiratiesessies voor Wereldwijzer en heeft een tweetal scholen zich als nieuwe deelnemer gemeld. Voor scholen is het raamwerk levensbeschouwelijk onderwijs beschikbaar ter inspiratie voor het eigen lesaanbod. In 2023 hebben diverse scholen ervaren hoe lastig het soms kan zijn om het gesprek te voeren over ingewikkelde onderwerpen. Voorbeelden zijn de week van de Lentekriebels en het gesprek over het praktiseren van geloof op school. Vanuit de ROB-subsidie burgerschap is onder andere een collectief aanbod gerealiseerd voor teamscholing op het gebied van het voeren van de dialoog. Een aantal scholen heeft gebruik gemaakt van dit aanbod. De trainingen zijn positief gewaardeerd en krijgen een vervolg in 2024. 5

Voorlopen op taal

In 2023 bouwen we voort op de verbetering van de prestaties op de referentieniveaus, omdat we taal als cruciaal zien voor de ontwikkeling van onze leerlingen. Op het gebied van taal willen we als sector en BOOR-breed een voorloper zijn.

Vanaf 2022 is vanuit het Masterplan basisvaardigheden een substantiële investering gedaan in het verbeteren van de basisvaardigheden taal, rekenen, digitale geletterdheid en burgerschap. De basisscholen van BOOR hebben

32

BESTUURSVERSLAG - BOOR JAARVERSLAG 2023

besloten deze subsidie voor een deel in te zetten op collectieve activiteiten. Hierbij is de focus op taal gelegd. In 2023 zijn de eerste activiteiten opgestart, die opvolging/uitbreiding krijgen in de komende jaren. De nadruk ligt hier op scholing, verrijking van de taalomgeving en samenwerking tussen scholen. In een plenaire scholingsdag zijn schoolleiders geïnspireerd om het taalaanbod te verrijken en te integreren in het lesprogramma. Hierbij wordt gebruik gemaakt van het gedachtegoed van de Hogeschool Windesheim (Erna van Koeveren), vastgelegd in het boek ‘Rijke taal’. Hierin wordt op basis van onderzoek naar effectief taalonderwijs beschreven op welke wijze een basisschool het taalonderwijs naar een hoger plan kan brengen. In 2023 scoorde 95% van de scholen minimaal boven de signaleringswaarde6 en haalt het merendeel van de scholen met het overgrote deel van de leerlingen het niveau 1F. Ook is er opvallende progressie gemaakt in het bereiken van het streefniveau 2F. Daarnaast zien we dat een flink aantal scholen met een hoog schoolgewicht (bijvoorbeeld de CZ-scholen) in vergelijking met vergelijkbare scholen in andere grote steden een hoog aantal leerlingen op of boven de referentieniveaus te brengen. Daar zijn we trots op. In 2023 heeft het (s)bao de eerste stappen gezet naar een sectorbrede visie en aanpak op effectief taalonderwijs. 6

Versterken basisvaardigheden

Basisvaardigheden zijn randvoorwaardelijk voor maximale talentontplooiing. Daarbij passen ambitieuze doelstellingen op het gebied van taal en rekenen. We stellen vast wat de huidige totaal gemiddelde afwijking van BOOR-basisscholen is ten opzichte van het gemiddelde van met hen vergelijkbare scholen op de drie leergebieden (lezen, rekenen, taalverzorging) en formuleren een visie, ambitie en beleid op bewezen effectieve interventies die onze scholen gezamenlijk en individueel uitdaagt het onderwijs op een zo hoog mogelijk niveau te brengen. Daarbij hebben we in het bijzonder aandacht voor taalontwikkeling van het jonge kind. We werken de komende jaren vanuit het kwaliteitskader toe naar een basisniveau op het gebied van het jonge kind (resultaatsafspraken gemeente) en nemen het als vast onderdeel op in de cyclus van het jaarplan van iedere basisschool.

Begin 2023 is de visie op het jonge kind vastgesteld. In april is deze gepresenteerd op de plenaire dag voor schoolleiders. Deze visie krijgt verdere uitwerking in de jaarplannen van alle scholen voor (s)bao. Om de visie verder te implementeren in de onze scholen een professionele leergemeenschap (PLG) jonge kind gestart. Voor deze PLG hebben zich leerkrachten en intern begeleiders van verschillende scholen van BOOR aangemeld. Daarnaast zijn twee (van de vijf) masterclasses voor schoolleiders ontwikkeld om leiding te geven aan de uitwerking van de visie aan het jonge kind op hun eigen school. Inmiddels zijn ook de eerste masterclasses gegeven en enthousiast ontvangen. Aankomende schooljaar worden er nog drie masterclasses ontwikkeld en aangeboden. Aan het einde van 2023 zijn de visies taal en rekenen voor het (s)bao opgesteld die richtinggevend zullen zijn voor alle BOOR-basisscholen. In de visie op taal wordt beschreven aan welke kenmerken van taalonderwijs iedere BOORbasisschool de komende jaren moet voldoen en in de schoolplannen zal worden aangegeven hoe een school daar in een periode van de komende vier jaar naar toe zal gaan. Onderdeel van de sectorale ambitie is ook het formuleren van kwantitatieve ambities met behulp van de referentieniveaus.

Wat betreft de eindresultaten voor taal, lezen en rekenen ambiëren we voor zowel 1F als 2F ambitieuze doelstellingen, sectorbreed en op schoolniveau.

6

Het betreft hier het driejaars gemiddelde op 1F en 2F

33

BOOR JAARVERSLAG 2023 - BESTUURSVERSLAG

7

Basis voor digitale geletterdheid

In 2023 stellen we een sectorbrede standaard vast voor het onderwijs op het gebied van digitale geletterdheid.

Dit jaar is gewerkt aan een sectorbreed programma voor de invoering van digitale geletterdheid in het onderwijs. Hier is een visie voor opgesteld met een baseline van normen en concrete leerdoelen per bouwjaar. Deze sluiten aan op de huidige aanbodsdoelen van SLO7. Het opgestelde implementatieplan biedt houvast bij de invoering, borging en monitoring van de voortgang. De meeste basisscholen hebben hier al stappen in gezet. De baseline geeft inzicht in de minimale lesdoelen om onze visie op de digitaal geletterde leerling te realiseren. Scholen kunnen aan de hand van de baseline vaststellen aan welke lesdoelen zij nog invulling moeten geven. Voor alle doelen is een concrete les beschikbaar. Het staat scholen echter vrij een andere invulling van het lesdoel te kiezen. Daarnaast zijn er open lesmaterialen ontwikkeld, gekoppeld aan de leerdoelen, waar scholen gebruik van kunnen maken. Een ondersteuningsteam begeleidt de scholen hierbij. Het streven is op iedere één tot drie scholen een expert (I-coach) op te leiden die ondersteuning, richting en advies kan bieden bij de implementatie en ontwikkeling van digitale geletterdheid van de leerlingen. De eerste opleiding van I-coaches is van start gegaan. In januari 2024 starten vijf pilotscholen, op basis van de ervaringen wordt gekeken hoe de verdere implementatie op alle scholen het beste kan worden vormgegeven. 8

Vergroten kansengelijkheid

We zetten in op het vergroten van kansengelijkheid in het basisonderwijs. Dat doen we door: • Een gezamenlijke visie op (taal-)onderwijs aan jonge kinderen op te stellen en een professionaliseringsaanbod op te stellen voor de basisscholen. • Op zowel de Noord- als Zuidoever een traject te starten om BOORbasisscholen en vo-scholen aan elkaar te verbinden en te komen tot afspraken over advisering en doorlopende leerlijnen. • We vergroten het bewustzijn van onze medewerkers omtrent kansen(on)gelijkheid door onder andere het voeren van het gesprek en de mogelijkheid kansengelijkheid door ons eigen gedrag positief te beïnvloeden. Dit integreren we in de bestaande kwaliteitscyclus. • ‘Samen leren’ vergroten door het delen van ervaringen van scholen over de inzet van bewezen effectieve interventies. • De verbinding tussen (s)bao en (v)so te versterken en in lijn met landelijke ambities ook binnen BOOR in te zetten op meer inclusief onderwijs.

Een sleutelfactor voor succesvol taalonderwijs is het onderwijs aan het jonge kind. Daarom vullen we onze vastgestelde ‘visie op het jonge kind’ aan door een koppeling te maken met goed taalonderwijs. Op de plenaire dag van schoolleiders (s)bao zijn BOOR-basisscholen en vo-scholen van Zuid met elkaar in gesprek gegaan om te komen tot afspraken over advisering en doorlopende leerlijnen.

7

34

SLO is het landelijk expertisecentrum voor het curriculum (primair, speciaal en voortgezet onderwijs in Nederland). SLO creëert samen met het onderwijsveld inzicht en overzicht in curriculumvraagstukken voor onderwijs en overheid.

BESTUURSVERSLAG - BOOR JAARVERSLAG 2023

Om alle basisscholen het traject van schooladvisering zo goed en professioneel door te laten lopen hebben we een BOOR-handreiking over dit thema opgesteld. Deze handreiking vormt de basis voor de adviesprocedures op de verschillende scholen. Tussen schoolleiders uit de drie sectoren is gesprek opgestart hoe BOOR nog meer werk kan maken van inclusief onderwijs. Er is een eerste concept-visie opgesteld. Ook het komende jaar blijven we aandacht besteden aan de verbinding tussen (s)bao en (v)so. Dit is een doorlopende doelstelling. 9

Herijken toetsbeleid

We passen komend jaar ons huidige toetsbeleid aan, waarbij we richtinggevende afspraken maken over het gebruik van leerlingvolgsystemen en eindtoetsen, en verspreiden we ervaringen van scholen met het meten van de sociaal-emotionele ontwikkeling van kinderen.

In 2023 is een toetshandreiking opgesteld, waarin de vaste afspraken die te maken hebben met toetsen en die gelden voor de (s)bao-scholen, zijn opgenomen. Ter ondersteuning zijn er ook aandachtspunten en adviezen opgenomen in de handreiking. 10 Veilige scholen (sociale veiligheid)

We verhogen de sociale veiligheid door gerichte interventies op basis van zorgvuldige duiding van beschikbare data, onder meer uit de tevredenheidspeilingen. We zetten de 4D cyclus in om de tevredenheid, de veiligheid en het welbevinden te borgen.

In 2023 was het gemiddelde rapportcijfer dat leerlingen geven op het gebied van tevredenheid en sociale veiligheid ruim boven de BOOR-norm van 7.5. Leerlingen geven daarbij aan het meest tevreden te zijn over de hulp van de leerkracht. In het voorjaar van 2023 is er een adviseur veiligheid aangesteld voor BOOR. De adviseur veiligheid is aanspreekpunt voor partners en scholen bij crisissituaties, maar zal ook worden ingezet op preventie. In de duiding van de tevredenheidspeilingen heeft ieder schoolteam vastgesteld óf en welke concrete interventies ingezet moeten worden. Dat varieert van bijvoorbeeld trainingen Rots en Water, interventies op groepsdynamiek, teamtraining, feedback geven, tot vele andere mogelijke interventies. Dit maakt deel uit van de schoolanalyse en de vertaling daarvan in de jaarplannen (de 4D cyclus). Komend schooljaar wordt verder nagedacht over eventuele interventies op sectorniveau om de sociale veiligheid op onze scholen nog verder te verbeteren.

35

BOOR JAARVERSLAG 2023 - BESTUURSVERSLAG

11

Prettige, veilige en duurzame schoolgebouwen

Schoolgebouwen dragen in hoge mate bij aan een duurzaam, prettig en veilig leerklimaat. De verbetering van onze gebouwen heeft onze continue aandacht. Voor 2023 streven we de volgende doelen na: • Er is een meerjarenplan voor de kwalitatieve verbetering van de schoolgebouwen opgesteld op basis van de uitgevoerde analyses (2022). Op grond hiervan wordt in 2023 een meerjarenplanning opgesteld voor de verbetering van onze schoolgebouwen. De beschikbare financiële middelen bepalen het tempo van de uitvoering. De eerste schoolgebouwen worden in 2023 verbeterd. De planning zal starten in 2023. Met de gebouwen die als eerste gepland staan zal in 2023 gestart worden met ontwerp, aanbesteding en uitvoering. • In schoolgebouwen van BOOR streven we naar duurzaamheid. Er is een duurzaamheidsplan beschikbaar waarin de meerjarenplanning voor realisatie hiervan is opgenomen (inclusief de benodigde investeringen). Om de extreem gestegen energiekosten betaalbaar te houden, zijn in 2023 rigoureuze maatregelen noodzakelijk. Hiervoor wordt een plan gemaakt. • Scholen van BOOR hebben een herkenbaar, aantrekkelijk en duidelijk profiel. Dit profiel komt tot uiting in de sfeer en uitstraling van het gebouw. De profilering van een aantal scholen zal worden aangepakt. In 2023 wordt geanalyseerd of en hoe de sfeer en uitstraling van het schoolgebouw kan worden verbeterd.

Er ligt dan een plan inclusief prioritering, planning en kosten. • Alle schoolgebouwen van BOOR zijn voor iedereen fysiek toegankelijk. In 2022 heeft de Brede Raad 010 een advies uitgebracht aan de gemeente Rotterdam omtrent de toegankelijkheid van Rotterdamse schoolgebouwen. Op basis van dit rapport wordt onderzocht of en hoe de bestaande schoolgebouwen van BOOR moeten worden verbeterd in toegankelijkheid en uitgankelijkheid (term uit het rapport waarmee ook vluchtwegen worden onderzocht). In 2023 is er een overzicht van scholen die aanpassing vergen, inclusief de benodigde investering.

De kwalitatieve verbetering gaat vooral over het binnenklimaat van de schoolgebouwen. In februari 2023 is samen met de scholen de juiste prioritering aangebracht en wordt bij vier scholen een duurzaam hybride CV/warmtepomp systeem uitgewerkt. In 2023 is dit systeem op één school in uitvoering, de rest zal in 2024 volgen. De kostendekking komt deels uit het meerjarenonderhoudsplan (MJOP) en wordt aangevuld met extra budget. Een deel van de gebouwen staat op het Integraal Huisvestings Plan (IHP) van de gemeente Rotterdam. Dit betekent dat de renovatie hiervan voor BOOR geen extra kosten met zich meebrengt. Daarnaast is in het eerste kwartaal van 2023 voor zes van de 32 gebouwen waar de ventilatie moet worden verbeterd, subsidie aangevraagd (vangnetsubsidie met 60% bijdrage). Voor vijf scholen is deze subsidie toegekend en worden de middelen ingezet met een doorloop tot 1 augustus 2025 om de aanpassingen te realiseren. Naast de scholen waar subsidie is voor het GoFlow binnenklimaat systeem, wordt dit voorbereid voor nog drie andere gebouwen.

36

BESTUURSVERSLAG - BOOR JAARVERSLAG 2023

Voor het verder verduurzamen van onze schoolgebouwen, installeren we zonnepanelen op daken van onze schoolgebouwen. We volgen daarbij wet- en regelgeving. Omdat een groot deel van de schoolgebouwen op het huidige of komende IHP staan, doen we dit niet direct voor alle schoolgebouwen. In januari 2023 heeft het college van bestuur het besluit genomen om circa 20 gebouwen in schooljaar 2023-2024 van zonnepanelen te voorzien. Op dit moment zijn 13 scholen in een gevorderde fase, waarbij constructieonderzoek van daken wordt uitgevoerd, offertes bij leveranciers zijn uitgevraagd en de capaciteit bij Netbeheer om stroom terug te mogen leveren wordt geborgd. Daarnaast werken we samen met de gemeente Rotterdam een pilot uit voor groene schooldaken, eventueel in combinatie met zonnepanelen. Hiervoor worden vijf daken nader onderzocht en hopen we meer duidelijkheid te krijgen in 2024. Dit jaar is gestart met maken van een eigen (BOOR) beleid. Verduurzaming vormt een onderdeel van dit beleid. De lopende acties zullen in het beleid geïntegreerd worden. In samenwerking met een architect zijn twee scholen onderzocht waarvoor het BOOR-profiel met enkele eenvoudige aanpassingen beter herkenbaar zal zijn. Hierop zal in 2024 een evaluatie plaatsvinden. Op basis daarvan wordt het vervolg bepaald.

Op basis van het advies van de Brede Raad 010 wordt onderzocht welke scholen aanpassingen nodig hebben op het gebied van toegankelijkheid en uitgankelijkheid. Doordat de kaders voor dergelijke aanpassingen vanuit de gemeente pas recent beschikbaar zijn gekomen en door wisselingen bij team Huisvesting, is een overzicht van de scholen die aanpassing vergen en de daarvoor benodigde investering nog niet gereed. In 2024 zullen dergelijke aanpassingen meegenomen worden in bouwprojecten en renovaties, met als doel om met de gemeente een discussie te kunnen voeren over financiering in relatie tot doelstellingen. 12 Talentontwikkeling

De HR-review en de gesprekkencyclus vormen de basis voor talentontwikkeling. In 2022 zijn losse ontwikkeltrajecten gebundeld tot een integraal talentmanagementprogramma. Dit programma wordt in 2023 gekoppeld aan het IDT Talentontwikkeling en de gesprekkencyclus, resulterend in ontwikkelafspraken voor alle medewerkers. Voor de ontwikkelbehoeften zijn masterclasses en maatwerktrainingen ontwikkeld. We ontwikkelen en implementeren beloningsdifferentiatie met als uitkomst een gedifferentieerde toekenning van periodieken onder de medewerkers van BOOR.

Binnen het (s)bao is de HR-review onderdeel van de jaarlijkse, doorlopende HR-planning. Er zijn twee rapportagemomenten ingebouwd. Het interdisciplinair team (IDT) Talentontwikkeling gaat onderzoeken hoe we de talenten en huidige ambities van schoolleiders inzichtelijk kunnen maken en hoe we deze vervolgens kunnen matchen met een passende ontwikkelstap, taak en/of rol. Door deze beweging komt er ook ruimte voor onderwijspersoneel om taken of rollen op zich te nemen die nu door schoolleiders worden vervuld. De bovenschoolse directie heeft strategieen visie-dagen over het onderwerp talentmanagement. De projectgroep ‘teacher tracks’ heeft een proces gemaakt voor specialisatieroutes voor leerkrachten. Zo zijn er specialisatieroutes gericht op het jonge kind, intern begeleider, management en onderzoeksmogelijkheden met betrekking tot talentontwikkeling. Om deze beweging verder te ontwikkelen is er ondersteuning nodig van een online leerplatform. De aanbesteding hiervoor is eind 2023 gestart. Met behulp van het online leerplatform is het mogelijk

37

BOOR JAARVERSLAG 2023 - BESTUURSVERSLAG

een tijd- en plaats-onafhankelijk digitaal leeraanbod voor elke medewerker te realiseren, passende opleidingen en trainingen te selecteren en (slim) in te kopen. Andere ontwikkelingen op dit gebied: • De mastertrack ‘het jonge kind’ is in september 2023 van start gegaan. • Het aantal primoren is uitgebreid, zie doel 5 ((s)bao). • Eind 2023 is gestart met de voorbereiding van een beleid met betrekking tot beloningsdifferentiatie. Uitwerking en implementatie volgt in 2024. 13 Wendbare organisatie

De doorontwikkeling van de transformatie naar een wendbare organisatie is zichtbaar in het leiderschapstraject en Anders organiseren met inachtneming van het waardenkompas, mindset 4.0 organisatie (doorontwikkelen van ontwikkelgroepen).

Ook in 2023 stond de wendbare organisatie en complementair denken en doen centraal bij de plenaire dagen voor schoolleiders. Daarmee wordt onder leidinggevenden het denken vanuit ‘samen één sector’ actief gestimuleerd. Schoolleiders worden bijvoorbeeld roulerend betrokken bij het voorbereiden en evalueren van stappen en gezamenlijke momenten in het leiderschapstraject. Die werkwijze levert veel op: groei in participatie, betrokkenheid én verantwoordelijkheid voor het collectief. In het kader van goed werkgeverschap en het behoud van nieuwe schoolleiders is het onBOORdingsprogramma aangescherpt en voor een deel sectoroverstijgend ingezet. Er wordt steeds meer verbinding gelegd binnen de organisatie om de onBOORding ‘van ons allemaal’ te maken en nieuwe medewerkers zo goed mogelijk te faciliteren, horen, binden en onderdeel te laten worden van BOOR als groter geheel in hun startperiode. 14 Door- ontwikkelen kwaliteits-zorg

De kwaliteitszorgcyclus is herijkt op het gebied van de audits en de jaarplancyclus. De audits passen we aan met behulp van nieuwe inzichten waardoor deze in effectiviteit wordt versterkt en waarbij er op maat kan worden uitgevoerd. De jaarplancyclus van scholen en de sector als geheel verbinden we beter met elkaar.

In het (s)bao en vo is een nieuwe, meer waarderende auditsytematiek vastgesteld. De nieuwe systematiek wordt gedurende schooljaar 2023-2024 geïmplementeerd. Kern van de aanpassingen zijn: • Kwaliteit van de audits en het draagvlak bij scholen verder verstevigen • Wijzigingen in werkwijze, waaronder de frequentie en ruimte voor maatwerk • Opzetten van een pool van auditoren van medewerkers uit de scholen en stevige gezamenlijke professionalisering • Duidelijkere rol van de uitkomsten van de audits in onze kwaliteitszorgsystematiek.

38

BESTUURSVERSLAG - BOOR JAARVERSLAG 2023

15 Werken aan vakmanschap

Het onderwijs is zo goed als de mensen die erin werken: vakmanschap van de mensen die voor de klas staan en goed leiderschap van de leidinggevenden vormen de belangrijke basis. Dit vraagt om een integrale HR-strategie voor beide thema’s. In 2023 wordt deze strategie doorontwikkeld en geïmplementeerd, met gebruikmaking van de beschikbare HR-instrumenten. De huidige HR-strategie wordt bekeken en doorontwikkeld op basis van het nieuwe manifest en de beloftes.

Voor de zomer is door HR opgehaald hoe de sector kijkt naar het thema goed en aantrekkelijk werkgeverschap. In september heeft een (vervolg)bijeenkomst plaatsgevonden met bovenschools management en HR om met elkaar te spreken over verdere invulling van goed werkgeverschap en prioritering van onderwerpen voor de aankomende jaren. Hierop is een strategie ontwikkeld. Deze moet nog geïmplementeerd worden. De sectorspecifieke prioriteiten worden in het sectorjaarplan 2024 toegelicht. Binnen het (s)bao wordt gewerkt aan het inrichten van talentmanagement, de nieuwe directiestructuur en de aanbesteding van een digitaal leerplatform. 16 Van werkdruk naar werkgeluk

Werkdruk is een steeds terugkerend en weerbarstig onderwerp. Het roept vooral beelden op van wat er niet goed gaat. In 2023 ontwikkelen we een plan ‘Van werkdruk naar werkgeluk’ dat vanuit een positieve insteek naar het thema kijkt. Hiermee willen we de werkdruk verbeteren en baseren ons daarbij onder andere op de inzichten uit het medewerkerstevredenheidsonderzoek.

In 2023 is een analyse gemaakt van de eerder in gang gezette interventies en wat aanvullend nog gedaan zou kunnen worden. Daarin zijn de resultaten uit het medewerkerstevredenheidsonderzoek meegenomen. Het plan ‘Van werkdruk naar werkgeluk’ is een levend document en de gewenste toekomstige interventies nemen we mee in de BOORbrede HR strategie 2023-2026. Het medewerkerstevredenheidsonderzoek van februari 2024 is voorbereid, waarbij in inrichting aandacht is voor het zicht krijgen op de ervaren werkdruk. 17 Interdisciplinaire werkwijze

We geven inhoudelijk invulling aan de manier van organiseren die past bij een wendbare organisatie. We starten met interdisciplinaire teams (IDT’s). Dit zijn zelforganiserende teams (met staf en lijn) die werken aan een project, doelstelling of ambitie van de sector. Medewerkers die in zo’n team opdrachtgever of opdrachtnemer kunnen zijn krijgen een training. In 2023 passen we de nieuwe werkwijze uniform toe en evalueren we deze.

Een IDT werkt aan een projectopdracht gerelateerd aan de doelen in het sectorjaarplan. Deze opdracht wordt binnen een bepaalde vastgestelde termijn afgerond. In 2023 zijn alle projectplannen voor de verschillende IDT’s geschreven. De IDT’s zijn aan de slag gegaan met de uitvoering van de doelen. In februari 2023 is een kick-off georganiseerd voor de opdrachtnemers. De IDT’s zijn op thema ook verantwoordelijk voor de inrichting en uitvoering van plenaire scholingsdagen voor schoolleiders. Om verbinding te creëren tussen alle teams en zicht te kunnen houden op de voortgang van de verschillende projecten, organiseert de sector ‘sprints’. Tijdens de sprint presenteert de opdrachtnemer samen met een IDTlid de voortgang van het IDT. In 2023 zijn twee sprintbijeenkomsten georganiseerd tijdens een plenaire dag voor schoolleiders. 39

BOOR JAARVERSLAG 2023 - BESTUURSVERSLAG

3. Verantwoording van de beleidsthema’s Leeswijzer

Dit hoofdstuk bevat een overzicht van de belangrijkste ontwikkelingen op de diverse beleidsterreinen. Daarna is er aandacht voor de verplicht maatschappelijke thema’s8 behorende bij dit beleidsterrein. Op enkele plaatsen zijn de verplichte thema’s aangevuld met thema’s waarvan BOOR het van belang vindt om erover te publiceren. Ook wordt kort vooruitgeblikt op toekomstige relevante ontwikkelingen. De laatste paragraaf van dit hoofdstuk gaat in op het beleid rond risico’s en risicobeheersing.

3.1.

Algemene bedrijfsvoering

De bedrijfsvoering van BOOR is dienstbaar aan en gericht op goed onderwijs op al onze scholen. In 2023 is de visie en ambitie bedrijfsvoering vastgesteld. BOOR wil de volwassenheid van de bedrijfsvoering verhogen en heeft daarvoor de volgende doelstellingen: hogere kwaliteit dienstverlening, minder bureaucratie, minder kwetsbaarheid, meer slagkracht en doelmatigheid, hogere wendbaarheid, meer kennis delen en meer solidariteit. Zo is er ingezet op meer sturing, meer expertise en meer harmonisatie op de bedrijfsvoering door bijvoorbeeld het aanstellen van directeuren bedrijfsvoering. In het (s)bao is de werving hiervoor nog bezig, in het (v)so en bij BOOR Services is er een directeur bedrijfsvoering aangesteld. In het vo is deze ontwikkeling gaande door het versterken van de samenwerking op het gebied van bedrijfsvoering in twee clusters. Daarnaast is binnen de specifieke bedrijfsvoeringsfuncties een professionaliseringslag gaande.

3.1.1. Verantwoording (maatschappelijke) thema’s Belangstellingspercentage

Belangstellingspercentage in Rotterdam (peildatum 1 oktober 2023)

2020

2021

2022

2023*

Regulier basisonderwijs

32,7%

31,8%

31.8%

31,8%

Speciaal basisonderwijs

30,2%

32,0%

33.2%

32,9%

Speciaal onderwijs

47,0%

48,8%

47,6%

47,7%

Voortgezet speciaal onderwijs

45,2%

47,6%

48,5%

48,1%

Voortgezet onderwijs (inclusief vavo-leerlingen

25,5%

25,8%

26,3%

25,9%

Totaal

30,6%

30,3%

30,5%

30,%

8

40

Deze verplichte thema’s zijn op 5 december 2023 via een brief door de Inspectie van het onderwijs gepubliceerd.

BESTUURSVERSLAG - BOOR JAARVERSLAG 2023

Onderstaande tabel laat het aantal leerlingen van BOOR buiten Rotterdam zien. BOOR-leerlingen buiten Rotterdam (peildatum 1 oktober 2023)

sector

2020

2021

2022

2023*

Zuidplas

vo

396

393

387

385

Lansingerland

vo

1328

1429

1517

1603

Gouda

(v)so

46

48

46

41

3.1.2. Toekomstige ontwikkelingen

In 2024 worden de hierboven geschetste lopende initiatieven in de sectoren, sectoroverstijgend en bij BOOR Services voortgezet. In maart 2024 start bij BOOR Services een directeur (bedrijfsvoering). Hiermee wordt versterking van de sturing op de entiteit BOOR Services beoogd en zal worden bijgedragen aan de doorontwikkeling naar een professionele shared service organisatie. De verwachting is dat de werving van de directeur bedrijfsvoering voor de sector (s)bao in het eerste kwartaal van 2024 wordt afgerond. In het vo wordt de samenwerking in de clusters voortgezet en verder geïntensiveerd. De sturing op de bedrijfsvoering van BOOR als geheel krijgt vanaf 2024 meer structureel vorm door een periodiek overleg tussen de portefeuillehouder bedrijfsvoering van het cvb, de directeuren bedrijfsvoering (v)so en (s)bao, de bedrijfsvoeringsverantwoordelijken vanuit de clusters vo en de directeur BOOR Services. Op elk van de verschillende (PIOFACH-)bedrijfsvoeringsfuncties, zijn in het jaarplan 2024 doelen gesteld.

3.2.

Onderwijs- en kwaliteitsbeleid

Ons kwaliteitsbeleid bestaat uit een voortdurend proces van sturing, monitoring, leren en verbeteren gericht op het behalen van de kwaliteitsdoelstellingen die op bestuurs-, sector- en schoolniveau zijn gesteld. Het gaat bij deze kwaliteitsdoelstellingen om de gestelde wettelijke eisen in de relatie tot onze eigen doelen en ambities. De onderwijskwaliteit omvat niet alleen het effectief aanleren van kennis en vaardigheden, maar ook het vormen van kinderen tot zelfstandige, zelfverantwoordelijke personen. Bij BOOR wordt in alle sectoren gewerkt met het 4D-model, waarmee de scholen systematisch werken aan verbeteringen van onderwijskwaliteit. BOOR-scholen hebben hoge verwachtingen van de leerlingen en formuleren ambities op schoolniveau. Deze vormen de basis voor het onderwijsaanbod. Het onderwijs wordt afgestemd op de verschillende leerlingen. Zo krijgen alle leerlingen een passend aanbod dat aansluit op de schoolambities. In 2023 is gewerkt aan het verder ontwikkelen van het kwaliteitszorgsysteem. Een voorbeeld daarvan is het doorontwikkelen van de auditsystematiek waarbij ook samen wordt gewerkt over de sectoren heen. Daarnaast is onderzoek gedaan naar een passend dataplatform om het management van BOOR van betere integrale stuurinformatie te voorzien.

Er zijn ontwerpen voor dashboards ontwikkeld en er is een partij geselecteerd die het dataplatform samen met BOOR gaat realiseren. De scholen zijn verder geprofessionaliseerd in data-geïnformeerd werken.

Bezoeken en afgegeven oordelen Inspectie 2023

In 2023 zijn in totaal 28 Inspectie-onderzoeken op BOOR-scholen uitgevoerd. Het merendeel hiervan betreft stelselonderzoeken, waarbij in het afgelopen jaar de nadruk lag op professionalisering binnen schoolbesturen, de kwaliteit van de schoolexamens in het vo en zittenblijvers in het vo. Er zijn zes themaonderzoeken uitgevoerd, geheel

41

BOOR JAARVERSLAG 2023 - BESTUURSVERSLAG

in het teken van de kwaliteit van de extra ondersteuning binnen scholen voor leerlingen die dit nodig hebben. Er zijn vijf kwaliteitsonderzoeken uitgevoerd in het (s)bao. De scholen zijn alle vijf als voldoende beoordeeld. Speciale vermelding verdient de Vierambacht die op alle kwaliteitsgebieden het oordeel “goed” kreeg van de Inspectie.

3.2.1. Verantwoording (maatschappelijke) thema’s Onderwijsresultaten

Basisonderwijs Eindtoetsen basisonderwijs Toets

2019

2020

2021

2022

2023

Aantal in 2023

IEP

79,4

-

77,8

77,8

78,9

38

CE

534,7

-

533,7

534,1

533,7

17

AMN

376

-

355,7

351,5

400,9

1

De scores van de eindtoetsen in het basisonderwijs laten voor IEP en Cito een stabiel beeld zien. Er is slechts één school die de AMN eindtoets gebruikt. Ook in 2023 is het aantal scholen dat voor de IEP eindtoets kiest toegenomen. Een belangrijke reden hiervoor is de kindvriendelijke opbouw en adaptiviteit. Dit is al een aantal jaar een lichte trend. Referentieniveaus De eindtoets basisonderwijs meet voor de taaldomeinen lezen en taalverzorging en voor rekenen in welke mate de referentieniveaus worden behaald. In onderstaande tabellen zijn de percentages van BOOR terug te vinden. Het merendeel van de scholen behaalt goede resultaten op taal en rekenen voor wat betreft het referentieniveau 1F. De uitkomsten van de Cito- en IEP-eindtoetsen zijn ook stabiel. Er is een bescheiden negatieve relatie tussen zwaarte van de schoolpopulatie en behaalde referentieniveaus te zien. Daardoor blijft het voor flink wat BOOR-basisscholen lastig om de streefniveaus te behalen. Ook zijn er verschillen tussen redelijk vergelijkbare scholen te zien. Dit geldt vooral voor de scholen met een hoog schoolgewicht op het referentieniveau 2F/1S. Leerlingen met ontheffing niet meegerekend. Lezen

Rekenen

Taalverzorging

Schooljaar

<1F (onth)

1F (onth)

2F (onth)

<1F (onth)

1F (onth)

1S (onth)

<1F (onth)

1F (onth)

2F (onth)

2022/2023

5,4%

94,6%

64,2%

12,6%

87,4%

41,3%

4,2%

95,8%

60,4%

2021/2022

3,5%

96,5%

63,4%

12,5%

87,5%

34,9%

3,5%

96,5%

57,8%

2020/2021

5,4%

94,6%

69,3%

15,8%

84,2%

41,1%

10,3%

89,7%

48,9%

2018/2019

4,2%

95,7%

69,8%

9,3%

90,7%

43,5%

6,8%

93,1%

53,8%

42

BESTUURSVERSLAG - BOOR JAARVERSLAG 2023

Populatie basisonderwijs Net als voorgaande jaren is het aantal scholen met een hoge schoolweging bij BOOR groter dan het landelijk gemiddelde. Dit betekent dat een groot deel van de BOOR-scholen een complexe leerling populatie kent. De gemiddelde schoolweging van BOOR-scholen komt overeen met Rotterdam, maar BOOR heeft relatief meer scholen met een hoge schoolweging (37-40). In tegenstelling tot het landelijke beeld, heeft BOOR minder scholen in het middensegment.

Voortgezet onderwijs

Resultaten examens voortgezet onderwijs Het slagingspercentage was in 2023 met 84% lager dan andere jaren, ook voor COVID-19. Ook de percentielscores van BOOR zijn lager dan het landelijk gemiddelde. Onderliggend aan de gemiddelden is er een grote spreiding tussen scholen en binnen de onderwijsniveaus. Afdeling

2018

2019

2020

2021

2022

2023

Landelijk 2023

vmbo-b

98%

95%

94%

97%

99%

94%

96%

vmbo-k

98%

90%

98%

97%

99%

83%

94%

vmbo-(g)t

94%

93%

100%

97%

94%

85%

91%

Havo

86%

82%

98%

80%

85%

78%

84%

Vwo

92%

93%

99%

92%

92%

86%

89%

Na verschillende onrustige schooljaren als gevolg van de coronapandemie en bijbehorende maatregelen, was 20222023 voor het eerst weer een schooljaar zonder aangepaste examenvoorwaarden (zoals in de voorgaande twee jaren met de coronapandemie). Conform het landelijke beeld, is ook bij BOOR een dalende trend in de resultaten te zien9. Vmbo-leerlingen hebben in het afgelopen schooljaar nog minder onderwijs kunnen ontvangen, waardoor ze zich minder hebben kunnen voorbereiden op de examens. De resultaten liggen op sommige plaatsen onder de landelijke norm. Hier ziet BOOR-vo voor zichzelf een onmiddellijke opdracht. De sector zet er daarom de komende jaren stevig op in weer een stijgende lijn in de resultaten te bewerkstelligen, zoals beschreven in het jaarplan voor 2024. BOORvo wil duidelijk hebben hoe we als organisatie, medewerker en leerling/ouder succesvoller kunnen zijn. Dat begint met een diepgaande analyse van de situatie(s) om vandaaruit de vervolgstappen te bepalen. Hiervoor gaat de sector

9

https://sectorrapportage.vo-raad.nl/wp-content/uploads/2023/11/Sectorrapportage_VO_raad_2023_29Nov_2023.pdf

43

BOOR JAARVERSLAG 2023 - BESTUURSVERSLAG

de werkwijze van de reeds bestaande werkgroep havo verder uitbouwen naar de andere onderwijsniveaus. Andere sleutelfactoren ziet BOOR-vo in inzet op basisvaardigheden, maatwerk in het aanbod van de brugklas en passend bevorderen. Populatie voortgezet onderwijs In het voortgezet onderwijs is het aantal leerlingen afkomstig uit een armoedeprobleemcumulatiegebied (APCG) ongeveer gelijk aan het Rotterdams gemiddelde, maar hoger dan het landelijk gemiddelde. Wanneer de nietRotterdamse scholen buiten beschouwing worden gelaten, is het aandeel van leerlingen uit APCG bij BOOR zelfs significant hoger dan in Rotterdam. Deze trend sinds 2018 is stijgend. Nederland en Rotterdam blijven daarentegen stabiel.

Toetsing en examinering vo Alle BOOR-scholen die eindexamen afnemen, hebben een jaarverslag ingediend. In 2023 is hiervoor een nieuw format ontwikkeld en gebruikt, gericht op planmatig en cyclisch werken aan het verbeteren van examinering. De voscholen beschikken over deskundige examencommissies. De inhoud en het proces van examinering voldoen aan de wettelijke vereisten. De belangrijkste verbetermogelijkheden betreffen de evaluatie en borging van de kwaliteit van de schoolexamens. Het netwerk Examinering is in 2023 uitgebreid; naast de secretarissen zijn nu ook alle leden van de school-examencommissies lid van het netwerk. De school voor praktijkonderwijs nam in 2022-2023 voor het eerst examens af en is nu ook aangesloten op dit netwerk. Resultaten examens (v)so Het slagingspercentage voor de (v)so-scholen met uitstroomprofiel vervolgonderwijs is 98%. Daarmee is de sectornorm van 90% die in 2019 is vastgesteld ruimschoots behaald. Het slagingspercentage voor het nieuw ingevoerde vso-diploma dagbesteding en arbeid is 100%, iets waar we enorm trots op zijn. Afdeling

2020

2021

2022

2023

Examenkandidaten 2023

Leerlingen examen behaald 2023

vso-diploma

nvt

nvt

100%

100%

63

63

vmbo-b/k

100%

100%

100%

100%

37

37

vmbo-(g)t

94%

100%

100%

97%

34

33

Havo

100%

100%

100%

94%

16

15

Vwo

100%

nvt

100%

100%

42

4

Totaal

97%

100%

100%

99%

154

152

44

BESTUURSVERSLAG - BOOR JAARVERSLAG 2023

Nationaal programma onderwijs

Interventies menukaart Nationaal Programma Onderwijs (NPO) In 2023 is de lijn van voorgaande jaren voortgezet. Er wordt door de scholen breed ingezet op interventies vanuit de verschillende categorieën van de menukaart NPO: • Meer onderwijs: bijna alle scholen hebben hun onderwijs uitgebreid en soms wordt een zomer- en/of lenteschool ingericht. • Effectievere inzet onderwijs: alle scholen zetten interventies in om het onderwijs effectiever in te richten. De meest gekozen interventies van deze categorie zijn één-op-één begeleiding, instructie in kleine groepen, individuele instructie, feedback en technieken voor begrijpend lezen. De interventies directe instructie, leren van en met medeleerlingen, beheersingsgericht leren, gesproken taalinterventies en fonemisch bewustzijn zijn door minder scholen ingezet. • Sociaal-emotionele en fysieke ontwikkeling: vrijwel alle scholen zetten interventies in gericht op het welbevinden, sportieve activiteiten en cultuureducatie. • Executieve functies: de scholen spelen in op de vertraging in ontwikkeling executieve functies door middel van de interventies metacognitie/zelfregulerend leren en samenwerkend leren. • (Extra) inzet van personeel en ondersteuning: er is extra personeel aangetrokken voor het verkleinen van klassen bij twee derde van de scholen.

Een aantal scholen heeft daarnaast geïnvesteerd in extra onderwijsassistenten/ instructeurs. • Faciliteiten en randvoorwaarden: de vo-scholen hebben veel aandacht gehad voor duurzaamheid en bestendigheid van de interventies, zoals te zien aan het aantal scholen dat heeft gekozen voor inzet en/of continuering van professionalisering en/of schoolontwikkeling. Daarnaast zetten zij middelen in voor versterking van ouderbetrokkenheid, leermiddelen, data geïnformeerd werken en digitale middelen. Instemming mr op NPO plannen Op alle scholen zijn de plannen ter goedkeuring voorgelegd aan de personeelsgeleding van de mr van de betreffende school en is er door de mr ingestemd met het schoolprogramma NPO. Er zijn geen interventies geweest waarvoor instemming van de verschillende gmr’s noodzakelijk was. Het opstellen en aanvullen van de schoolscan en opstellen en bijstellen van het plan NPO is onderdeel van de jaarplancyclus. Inzet van personeel niet in loondienst (PNIL) op NPO Voor de inzet van NPO wordt deels gebruik gemaakt van personeel niet in loondienst. In 2023 bedroeg deze inzet ongeveer 17,5% van de totale NPO-uitgaven. Resultaten interventies Scholen zien met name positieve effecten op de ontwikkeling bij interventies waarbij er meer gerichte/individuele aandacht is voor leerlingen.

Dit betreft onder andere de uitbreiding van het mentoraat, klassenverkleining, lessen op maat, één-op-één begeleiding en interventies waarbij leerlingen elkaar verder helpen. Ook interventies gericht op verbetering van het sociaal-emotioneel welbevinden van leerlingen lijken een positief effect te hebben. Voorbeelden hiervan zijn activiteiten gericht op groepsvorming, uitbreiding van de zorg, uitjes en andere gezamenlijke activiteiten. Wat verder positief bijdraagt aan schoolontwikkeling, zijn activiteiten die betrekking hebben op professionalisering en versterken van het data-geïnformeerd werken. De genoemde effecten van de interventies zoals hierboven beschreven nemen toe naarmate deze langer ingezet zijn. Scholen noemen ook interventies die (nog) niet het gewenste effect met zich meebrengen. Meerdere scholen geven aan dat de interventies die zij hebben ingezet gericht op de ontwikkeling van executieve functies niet of maar (zeer) beperkt effectief zijn. De ingezette middelen lijken nog niet altijd goed aan te sluiten bij wat er nodig is om deze

45

BOOR JAARVERSLAG 2023 - BESTUURSVERSLAG

vaardigheden te beïnvloeden. Wat scholen ook benoemen is dat interventies waarbij externe partijen worden ingezet wisselend effectief zijn, afhankelijk van de kwaliteit van de individuele medewerker. De relatie met de eigen leerkrachten (en dus uitbreiding hiervan) maakt vaker dat interventies het gewenste effect hebben.

Passend onderwijs

Thuiszitters in het (s)bao en (s)vo Het aantal thuiszitters is in heel Rotterdam wederom flink toegenomen, ook bij BOOR. Het aantal thuiszitters van de vier grote schoolbesturen is gestegen van 64 thuiszitters in 2022 naar 89 in 2023. Met name de grote groep leerlingen waarbij zorg voorliggend is (denk aan bijvoorbeeld psychische problemen) is zorgelijk. Het afgelopen schooljaar heeft de adviseur passend onderwijs ondersteund bij (potentiële) thuiszitters. Omdat er vroegtijdig al contact is tussen de school en de adviseur passend onderwijs, kan voorkomen worden dat kinderen thuis komen te zitten. De adviseur passend onderwijs wordt ingezet als overbrugging, indien er sprake is van wachtlijst voor een ander school of zorginstelling. Er is steeds beter zicht op thuiszitters. Sinds 2023 beschikt BOOR over een eigen dashboard, om zo de thuiszitters beter te registreren en monitoren. Thuiszitters in het vo Ook in het vo is het afgelopen jaar het zicht op het aantal en het type thuiszitters scherper geworden. Afgelopen schooljaar hebben we de samenwerking met Koers VO en Leerplicht verstevigd. Maandelijks ontvangen we overzichten van beide partners.

Een werkgroep bestaande uit vertegenwoordigers van de drie grootste schoolbesturen en Koers VO gaat een specifieke aanpak ontwikkelen om thuiszitters door op- en afstroom te voorkomen, en om deze zo veel mogelijk binnen het eigen bestuur een passende plek te bieden. Er zijn nu drie oplossingsrichtingen ontwikkeld. Begin 2024 worden die verder bekeken en aangescherpt met vertegenwoordigers van de verschillende vo-scholen van BOOR.

Tevredenheidspeilingen

Sinds dit schooljaar worden alle metingen van tevredenheid van leerlingen en ouders in een interactief dashboard opgenomen.

In het (s)bao blijft het gemiddelde rapportcijfer van leerlingen onverminderd goed en ruim boven de BOOR-norm van 7,5. Ook in vergelijking met landelijke cijfers doet BOOR het goed. Leerlingen geven aan het meest tevreden te zijn over de hulp van de leerkracht. In het vo zien we een dalende trend. De daling houdt verband met de coronaperiode, waarin leerlingen weinig onderlinge sociale contacten hadden. De dalende tevredenheid bevestigt voor scholen het signaal dat de motivatie van leerlingen is gedaald en er meer sociaal-emotionele problematiek is onder leerlingen, waardoor zij met minder plezier

46

BESTUURSVERSLAG - BOOR JAARVERSLAG 2023

naar school gaan. Deze trend is ook landelijk in het hele vo zichtbaar. De vo-scholen hebben na de corona-periode flink ingezet op versterking van het pedagogisch klimaat en de sociale verbanden binnen de klassen. Ook wordt de leerlingbegeleiding waar mogelijk geïntensiveerd en wordt in teams het gesprek gevoerd hoe het onderwijs meer activerend kan worden ingericht. De rapportcijfers van het (v)so zijn nagenoeg gelijk aan vorig jaar. Dit schooljaar is de sector overgestapt op een nieuwe manier van bevragen, dat maakt dat een vergelijking met eerdere jaren in het dashboard niet mogelijk is.

Sociale veiligheid

Op het gebied van sociale veiligheid laat het (s)bao een stabiele lijn zien: onveiligheid en pestgedrag zijn niet toegenomen. Ook hier zijn er verschillen tussen scholen. Opvallende ontwikkelingen zijn bij BOOR altijd aanleiding om samen met de schoolleider te kijken wat gedaan kan worden. In het v(s)o zien we traditioneel dat leerlingen zich vaak eerder onzeker en/of onveilig voelen. De scholen zijn zich hier ook bewust van. Er wordt veel aandacht besteed aan de sociale dynamiek in de school een aan extra ondersteuning waar dit nodig is. De ervaring van de afgelopen jaren op scholen is ook dat veel v(s)o-leerlingen weer moesten wennen aan de prikkels van de schoolomgeving na een periode van afstandsonderwijs. In het vo zien we, ondanks een dalende tevredenheid, geen toenemende gevoelens van onveiligheid.

3.2.2. Toekomstige ontwikkelingen

In 2024 gaat BOOR in alle drie de sectoren verder met de intensivering op de basisvaardigheden taal, rekenen/ wiskunde, burgerschap en digitale geletterdheid. Een groot aantal scholen heeft hiertoe aanvullende financiering ontvangen en die zetten we voor een deel ook collectief in. In 2024 is de oplevering van de eerste integrale sectordashboards en het bestuursdashboard. Hiermee ontstaat een nog beter inzicht in de resultaten op het gebied van onderwijs en bedrijfsvoering ten behoeve van verdere analyses en data-geïnformeerd werken. In 2024 wil BOOR de aansluiting tussen onze scholen in het (s)bao en (v)so verder verbeteren. Ten eerste door in te zetten op de op de verbetering van de afstemming over in-, door-, en uitstroom van regulier en speciaal onderwijs en door het stimuleren van meer kennisuitwisseling tussen de sectoren. Ook ontwikkelen de sectoren in 2024 een gezamenlijke visie voor taalonderwijs, gaan zij data over bereikte referentieniveaus gezamenlijk benutten en stemmen zij de curricula op gebied van taalonderwijs verder op elkaar af. Om dit te bewerkstelligen, gaan het IDT taal en rekenen van het (s)bao en de werkgroepen taal en rekenen van het vo met elkaar samenwerken. Door de verbinding te gaan leggen tussen collega’s uit (s)bao- en vo-scholen, vergroot BOOR de gelijke kansen bij de overgang van (s)bao naar vo.

Er staan zes bijeenkomsten gepland waarbij collega’s uit (s)bao- en vo-scholen in gesprek gaan over wat werkt bij schooladvisering en overgang van leerlingen.

3.3.

Personeelsbeleid & professionalisering

Het onderwijs kampt al een aantal jaar met grote personeelstekorten. Om die het hoofd te bieden, werkt BOOR als onderwijsbestuur samen met de gemeente en andere schoolbesturen. Binnen het convenant aanpak lerarentekort heeft BOOR voor het (s)bao en (v)so al in een vroeg stadium ingezet op het opleiden van zij-instromers en zogenoemde opstromers, betere begeleiding van startende leerkrachten en anders organiseren van onderwijs. BOOR-vo-scholen leiden het eigen toekomstig personeel op als onderdeel van de Opleidingsschool Rotterdam (OSR), een samenwerking tussen de Hogeschool Rotterdam en verschillende Rotterdamse vo-schoolbesturen.

47

BOOR JAARVERSLAG 2023 - BESTUURSVERSLAG

De verwachting is dat het personeelstekort de komende jaren nog zal aanhouden. Daarom is in 2023 gestart met de vorming van onderwijsregio’s voor basis- en voorgezet onderwijs. Middels de onderwijsregio’s po en vo/mbo wordt in de samenwerking ingezet op het werven, matchen, opleiden, behouden en professionaliseren, maar ook het anders organiseren van onderwijs. Samen met andere partners in de regio vervult BOOR in de onderwijsregio’s een voortrekkersrol. Zo investeert BOOR direct in de aanpak van het lerarentekort vanuit een collectieve maatschappelijke opdracht. Daarnaast probeert BOOR als werkgever aantrekkelijk en onderscheidend te zijn. Bijvoorbeeld door het werken aan zicht op het aanwezige talent en potentieel van onze collega’s en hier ontwikkelkansen voor te bieden. Maar ook door ervoor te zorgen dat de basis op orde is op gebied van HRgerelateerde administratie en applicaties, zodat BOOR-leidinggevenden en medewerkers gefaciliteerd worden om het best denkbare onderwijs te realiseren. De toelichting bij onderstaande doelen geeft nadere duiding aan de speerpunten en inspanningen op gebied van personeel en professionalisering in 2023.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=9a84a7fe-5b53-42ff-8b93-90d93a71d1b7