[24bb003441] Beantwoording technische vragen jaarstukken 2023
Tekst van het document
76
Volt
Algemene Middelen
77
Volt
Belastingen
78
Volt
Belastingen
Wanneer zal er meer duidelijkheid komen over het gemeentefonds waarvoor het Rijk na 2026 een nieuwe en onvoldoende methode gaat hanteren? Waarom werden er 16% meer betalingsregelingen aangevraagd in 2023 ten opzichte van 2022?
Worden de betalingsregelingen die nog niet zijn afgelopen meegenomen in de baten van 2023 of van 2024?
In de in mei verschenen Voorjaarsnota van het Rijk is het ingaan van de nieuwe systematiek in 2026 aangekondigd. Een exactere uitwerking met een indicatie van de financiële gevolgen volgt in de meicirculaire. Het treffen van een betalingsregeling kan uitkomst bieden wanneer een aanslag niet in één keer betaald kan worden. Wij registreren niet waarom belastingplichtige niet in één keer kan betalen. Economische ontwikkelingen in de maatschappij hebben ongetwijfeld invloed op een stijging of daling van het aantal aangevraagde betalingsregelingen. Wanneer een belastingaanslag is opgelegd, wordt dit opgenomen in de realisatie. Als aan het eind van het kalenderjaar de aanslag nog niet betaald is, schatten we het risico in of de aanslag later in de tijd wel betaald gaat worden. Op basis hiervan treffen we een voorziening voor de dubieuze debiteuren. Op het moment dat de aanslag later niet betaald wordt, boeken we de aanslag af met dekking vanuit de voorziening dubieuze debiteuren. Voor 2023 betekent dit het volgende: Alle verwachte belastingopbrengsten zijn verwerkt in het resultaat van de jaarrekening van 2023. Niettemin zijn de risico's met betrekking tot onbetaalde aanslagen, inclusief die waarvoor nog een betalingsregeling loopt, opgenomen als kosten door een toevoeging aan de voorziening voor dubieuze debiteuren in 2023.
79
Volt
Belastingen
Waarom is er een negatief bedrag voor de voorziening dubieuze debiteuren? Waar komt dit bedrag vandaan?
Jaarlijks nemen we een bedrag van 5,2 mln euro aan kosten op in de voorziening dubieuze debiteuren, dat is de begrote dotatie. Dat is als het ware het risico dat belastingplichtigen openstaande aanslagen niet betalen. Dit bedrag komt tot stand door diverse analyses die we verrichten. Hierbij kijken we onder meer naar het aantal openstaande vorderingen, de hoogte en de ouderdom daarvan. Als tijdens het jaar blijkt dat deze begrote dotatie onvoldoende is om de op dat moment bestaande risico's (lees: de openstaande vorderingen) te dekken, of andersom, wordt de dotatie aangepast. Bij het opstellen van de jaarrekening 2023 werd vastgesteld dat de begrote dotatie te laag was. Als gevolg hiervan is een extra bedrag van 2,1 miljoen euro toegevoegd aan de voorziening om het risico van onbetaalde belastingaanslagen te dekken. Het bedrag is negatief omdat het kosten betreft.
80
Volt
Dienstverlening
81
Volt
Dienstverlening
82
Volt
Dienstverlening
Worden doorgeschoven acties naar 2024 van wijk aan zet uiteindelijk meegerekend voor de Ja, want bij de bepaling van het percentage worden alle groene (zijn gerealiseerde) acties afgezet tegen het totaal aantal acties (kleuren groen, mijlpaal van 2023? oranje (zijn doorlopende/doorgeschoven) en rood (zijn niet/onvoldoende gerealiseerd)). Wanneer was het budget van 4,2 mln voor Het beschikbare budget voor bewonersiniatieven in 2023 was € 4,5 miljoen en bewoners initiatieven op in 2023? daarvan is € 4,2 miljoen besteed. Dit betekent in 2023 een onderbesteding van Waarom zijn er voor “Menselijk Maat” en “Citylab” negatieve financiële afwijkingen?
afgerond € 0,3 miljoen. Er zijn bij zowel Menselijke Maat als Citylab lagere onttrekkingen aan de bestemmingsreserves gedaan dan waarmee rekening was gehouden in de begroting. Bij Menselijke Maat is de reden dat er vanwege vertraging in het opstarten van een aantal projecten ter verbetering van de menselijke maat minder is uitgegeven en daarmee ook een lagere onttrekking aan de reserve nodig was. Bij Citylab gaat het om het abusievelijk niet verwerken van de onttrekking aan de bestemmingsreserve.
83
Volt
Veilig
Wat zijn “diverse afwijkingen” waar een financiële tegenvaller van -776000 eu te zien is in de begroting?
Directie Veiligheid heeft bij de Voorjaarsretraite 2023 in het kader van de 3%opgave een taakstelling van 1mln per jaarschijf op de materiële budgetten ingeboekt. Per abuis is voor 2023 ook 1mln taakstelling opgevoerd, terwijl dit niet de bedoeling was. Dit was niet meer te corrigeren in het proces en is derhalve als taakstelling blijven staan. De directie Veiligheid heeft in 2023 dus 224.000 euro bijgedragen aan de taakstelling.
84
Volt
Veilig
Dat is juist, we hebben een huldiging van Feyenoord (tot op heden) nooit begroot. De negatieve financiële afwijking is dus inderdaad gebaseerd op het feit dat er geen huldiging zou plaatsvinden.
85
LR
Armoede en Schulden
Is de financiële negatieve afwijking voor de huldiging van Feyenoord gebaseerd op het uitgangspunt dat er geen huldiging zou plaatsvinden? Op welk scenario was dit gebaseerd in de begroting en waar komt de afwijking vandaan? Er is een voordeel ontstaan door vertraging in de uitvoering van het nieuwe beleidsplan Samenleven. Vanwege de inhaalslag die de komende jaren wordt verwacht zal een bestemmingsvoorstel worden ingediend. Op welke domeinen van het beleidsplan moet een ‘inhaalslag’ worden gemaakt?
Door het later in het jaar vaststellen van het actieplan hebben de middelen geen bestemming gevonden in 2023. Bij de jaarrekening 2023 is een bestemmingsvoorstel gedaan ten behoeve van de lasten die gemaakt worden op aanbestedingen op de thema’s onderwijs, werk, wonen. Een deel van de middelen wordt ingezet voor de uitvoering van het subsidiekader. Op alle onderdelen van het actieplan wordt intensief en actief ingezet.
86
LR
Dienstverlening
Bestemmingsreserve Menselijke Maat: door krapte is het niet gelukt om alle middelen uit te geven. Hierdoor schuiven een aantal projecten op. Welke projecten zijn dit? En heeft men hier nu wel personeel voor gevonden? En in hoeverre zijn dit functies die binnen onze ‘bijstandsvolume’ op kunnen lossen? Daarnaast: in hoeverre is er sprake van planoptimisme en houden we niet onnodig geld vast?
Er zijn minder middelen dan vooraf begroot uitgegeven aan de volgende projecten: • Briefadres BRP • Vliegende brigade • Redesign proces Intake • Hulp bij eerste betaling/betalingsregeling • Verbeteren first time fix Voor de laatste drie projecten geldt dat hierop in 2024 ook nog inzet (van personeel) plaatsvindt. Voor vliegende brigade geldt dat acties zijn stopgezet, omdat alle aandacht vanuit de publiekslocaties uitgaat naar het verminderen van de reisdocumentenpiek. Bij First Time Fix waren minder uren projectleiding nodig dan vooraf ingeschat. Bij redesign Intake ging het om gespecialiseerde procesdeskundigen die niet beschikbaar waren of extern gevonden konden worden. Het gaat hier niet om functies die binnen het bijstandsvolume op te lossen zouden zijn omdat het veelal gaat om specialistische functies. Er is gedeeltelijk sprake van planoptimisme. De bestemmingsreserve menselijke maat is gevormd vanuit niet bestede POK-middelen bedoeld ter verbetering van de menselijke maat. De reserve is nagenoeg uitgeput in 2024 na toekenning van middelen aan projecten in 2024, dus er wordt niet onnodig geld vastgehouden.
87
LR
Bedrijfsvoering
De hiervoor benodigde gegevens worden niet vastgelegd. De vraag is derhalve niet te beantwoorden.
88
LR
Energietransitie
Het valt ons op dat enorm veel middelen niet zijn uitgegeven wegens ‘krapte op de arbeidsmarkt’ of vanwege het niet kunnen vinden van personeel. De projecten of beleid eromheen zijn wel begroot. Hoeveel geld van de totale gemeentelijke begroting is nu niet uitgegeven vanwege het niet kunnen vinden van personeel (intern of extern)? En valt dit uit te splitsen per programma? Energietransitie: flink lagere uitgaven dan begroot. Wat is de impact van het vertragen van landelijke wetgeving zoals warmtenetten en hoe is dit in de begroting opgenomen?
Met name de inhoud van landelijke wetgeving (het voornemen van een meer publieke marktordening) zorgt voor vertraging van projecten rondom aardgasvrij omdat dit tot investeringsstoppen van warmtebedrijven heeft geleid. De vertraging van landelijke wetgeving zorgt voor vertraging van projecten rondom Walstroom. Begrote programma's zoals NPRZ en o.a. bestemmingsreserve RIM zijn hierdoor niet (volledig) onttrokken.
89
LR
Veilig
90
LR
Bedrijfsvoering
Op Veilig is 838.000 euro minder uitgegeven aan personeel, mede vanwege de organisatieopgave. Waar in de organisatie is dit gevallen en hoe groot is dit aandeel en om hoeveel FTE gaat dit? Is het mogelijk om een uitsplitsing te krijgen van de ontwikkeling van de organisatie sinds 2014 tot en met 2023 in FTE, met daarbij uiteengezet: de totale omvang, algemeen, beleid, leidinggevenden, ondersteuning, programmamanagement, publieksfunctie, raadondersteuning, Toezicht & Handhaving, Uitvoering en overheid? En kan dit ook weergegeven worden in percentage ten opzichte van geheel?
Uitgedrukt in FTE gaat het om ongeveer 8 FTE, 3,2% ten opzichte van de totale formatie van 246,5 FTE van de directie Veiligheid.
De gestelde vraag borduurt verder op de vraag die in de coalitieonderhandelingen is gesteld (0415 Ontwikkeling organisatie). In de bijlage is een beschrijving opgenomen van de functie families. Op de volgende pagina opgenomen zijn per jaar: - de omvang van de organisatie in fte’s - de omvang per functiefamilie in percentage van de omvang van de organisatie - het percentage overhead Definitie: Overhead is het geheel van functies gericht op de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Deze definitie is landelijk voorgeschreven. Alle gemeenten hanteren deze definitie bij het opstellen van hun begroting en jaarstukken. In de personeelsadministratie is per functiecode is bepaald of het een overheadfunctie of primair proces betreft. Cluster Bestuurs- en concernondersteuning is geheel als overhead beschouwd (exclusief Directie Veiligheid). Door het toerekenen van heel BCO aan overhead ontstaat er een iets vertekend beeld. Dit is namelijk exclusief de doorbelastingen aan clusters ten behoeve van het primaire proces. - Peildatums 31 december van ieder jaar waarbij uit is gegaan van het aantal fte zoals verantwoord in de jaarstukken van het betreffende jaar. - De verantwoording van de bezetting in de paragraaf bedrijfsvoering kent in 2021 een trendbreuk.
Er wordt vanaf dat moment enkel nog verantwoord over de ambtelijke concernadministratie en niet langer over Griffie, Gemeentelijke Ombudsman en Rekenkamer. LET OP: De percentages functiefamilie tellen op tot 100%, de kolom overhead is het percentage van de overhead als onderdeel van het totaal van de omvang van de organisatie.
91
GL
Voortgang
Bij het financiële beeld wordt alleen vergelijking met de bijgestelde begroting. Dit geeft een vertekend beeld van de door de raad geaccordeerde inzet van middelen. Graag in één duidelijk overzicht de afwijkingen per programma van de initiële begroting 2023 én de bijgestelde begroting 2023 met de jaarrekening 2023. De voorlopige jaarrekening kent een negatief rekeningresultaat. Bij de begroting voor 2024 verwachtte het college een structureel positief exploitatiesaldo. Wat gaat het college doen om dit alsnog te bereiken? LED-transitie: Hier wordt benoemd dat dit project loopt tot 2025, dat er momenteel 66.000 van de 90.000 armaturen zijn vervangen en in 2023 7.000. Wat gaat het college doen om ervoor te zorgen dat het project tijdig kan worden afgerond?
Zie bijlage.
92
GL
Voortgang
93
GL
Beheer van de stad
94
GL
Beheer van de stad
Financiële afwijkingen beheer van de stad. Is de verwachting dat de hogere kosten en extra inzet blijvend nodig zijn, of is de verwachting dat deze op termijn weer zullen afnemen?
Er zijn geen tekenen aan de wand dat de hogere kosten en toegenomen inzet van 2023 dit jaar en komende jaren zullen verminderen. Dit komt door een combinatie van toenemend en intensiever gebruik van de buitenruimte én uitdagende vooropgestelde targets en doelstellingen op vlak van inzameling en reiniging. Bovendien zijn nieuwe ontstane uitdagingen (zoals de lachgascilinderproblematiek) verre van de baan en komen er al nieuwe (zoals de elektrificering van het wagenpark) om de hoek kijken. Voor zover we kunnen overzien, verwachten we deze hogere kosten in 2024 en 2025 in de huidige begroting te kunnen opvangen.
95
GL
Armoede en Schulden
In het beleidskader is aangegeven dat we gaan werken met de mediane schuld, omdat die minder gevoelig is voor uitschieters. De mediane schuld in 2023 was € 19.237 en in 2022 € 19.763 Wat is het gemiddelde schuldbedrag, welke ontwikkeling zien we hier?
Het gemiddelde schuldbedrag in 2023 was €34.439. In 2022 was dit nog €34.568. Er is sprake van een dalende trend. In 2020 was het gemiddelde schuldbedrag nog €41.670.
Dit betreft een vraag met een politiek karakter. U kunt deze vraag tijdens de raadscommissie (bij de behandeling van de Jaarstukken 2023) aan de wethouder stellen. De actuele stand (mei 2024) is dat er op dit moment ca 80.000 armaturen van de ca 90.000 zijn vervangen en de rest van de armaturen zullen de komende anderhalf jaar vervangen gaan worden. Dit betreft met name de speciale armaturen zoals oud Rotterdam als de hangverlichting en de (grond) spots, de meeste armaturen op de hoofd en verzamelwegen zijn, op een aantal restpunten na, vervangen. De verwachting is dat we dit jaar ca 4000 armaturen gaan vervangen en de overige ca 6000 armaturen in 2025.
96
GL
Armoede en Schulden
97
GL
Armoede en Schulden
98
GL
Armoede en Schulden
De realisatie van het aantal gestarte schuldhulptrajecten blijft achter. Zijn er naast de redenen, zoals geformuleerd op pagina 21, andere factoren die bijdragen aan het achterblijven van het aantal gestarte schuldhulptrajecten? Kan het aantal gestarte trajecten basisvaardigheden worden uitgesplitst in taal, rekenen en digitale vaardigheden?
zie antwoord vraag 6 en7 (vragen CDA)
Resultaten van omnibus enquête laten negatieve trend zien, minder acceptatie van diversiteit. Wat is de verklaring voor deze ontwikkeling?
Uitkomsten Omnibus enquête 2022/23 (nieuwste cijfers): - Ervaren discriminatie: 17% in 2022 t.o.v.. 18% in 2021 - Acceptatie religieuze diversiteit stijgt van 73% in 2022 naar 75% in 2023 - Acceptatie seksuele diversiteit daalt van 87% in 2022 naar 84% in 2023 - Acceptatie culturele diversiteit blijft constant: 73% Uit deze kleine wijzigingen kunnen geen conclusies getrokken worden. De percentages schommelen over de jaren heen (vanwege foutmarges, beperkt aantal respondenten/lage totaalrespons, etc. is er jaarlijks gewoon een variatie). Immers, het blijft een steekproef. Een daling in 2023 (t.o.v. 2022) is daarmee nog geen 'trend' te noemen en dus ook lastig te verklaren. Net als voorgaande jaren, is dus enige voorzichtigheid geboden bij het duiden van de resultaten en het trekken van stellige conclusies.
De trajecten kunnen niet specifiek worden uitgesplitst, het gros betreft echter Taal. In 2023 zijn 680 digitale voortrajecten aangeboden binnen de nonformele educatie. Dit is 15% van het totaal aantal trajecten.
99
GL
Armoede en Schulden
Gezien er alleen realisatiewaarden worden weergeven binnen de indicatorentabel, en dus geen begrootte waarden. Op welke manier wordt de effectiviteit van de interventies binnen het programma samenleving gemeten?
De aard van Samenlevingsvraagstukken maakt dat het lastig is om objectieve effectmetingen van gemeentelijk beleid te doen. Verschillende maatschappelijke ontwikkelingen -buiten overheidsinzet om- kunnen namelijk van invloed zijn op de ervaren discriminatie, het aantal meldingen etc. Hoeveel mensen gelijkwaardig en respectvol behandeld worden etc. kun je niet tellen en ook niet in welke mate dat verandert, laat staan in welke mate dat komt door acties van de gemeente. Effect = verandering van gedrag, dit kan jaren duren en zijn er veel meer invloeden in de samenleving dan een interventie door de lokale overheid. Ook de meldingen van discriminatie of ervaringen van discriminatie zeggen niets over de effecten van de inzet. Een goede campagne of goede acties op bewustwording maakt ook dat er een groei kan zijn van meldingen of discriminatie-ervaringen, terwijl het feitelijk de goede kant op gaat. Vorig jaar heeft hoogleraar Peter Scholten daarover nog een toelichting gegeven in commissie WIOSSAN, met uitleg over de discriminatie-index. Het idee dat we dit sluitend kunnen meten en toerekenen aan gemeentebeleid, moeten we loslaten. We moeten bepalen wat de juiste acties zijn, en controleren of we die goed uitvoeren. Wel bepalen we op diverse manieren of interventies bijdragen aan de doelstellingen van het Actieplan Samenleven in een Stad.
Zo laten we ons beleid toetsen door KIS/Movisie op effectiviteit. Dit doen zij aan de hand van een checklist van wetenschappelijk bewezen methodieken in het kader van discriminatiebestrijding. De doelstellingen van het Samenleven-beleid staan in de paragraaf “wat willen we bereiken”. o Doel: In Rotterdam is iedereen gelijkwaardig en gaan we respectvol met elkaar om. o Punt 1: We erkennen dat verschillen ertoe doen. o Punt 2: We leren om ook voorbij deze verschillen te kijken en elkaars unieke eigenschappen te waarderen. We geven aandacht aan wat ons verbindt. o Punt 3: Er is geen ruimte voor discriminatie en haat in Rotterdam.
100 GL
Armoede en Schulden
Wat is de reden van de afwijking van 24.614.000 bijdragen rijk en medeoverheden? Welke bijdragen waar wel op was gerekend zijn niet ontvangen, waarom niet? En welke gevolgen heeft dit gehad in de uitvoering van het programma?
Er is ook een correctie geweest op de baten vanuit 2022 vanuit het COA welke is geboekt op een andere verantwoordingscategorie namelijk "overige opbrengsten derden" ad. € 15 mln. Vanuit de SPUK WEB is minder gedeclareerd, deze middelen worden nu geraamd in 2024. Vanuit de SPUK nieuwe wet Inburgering is minder gedeclareerd, de middelen worden nu geraamd in 2024. Dit heeft geen verdere gevolgen voor het programma, de middelen zijn nog beschikbaar ter dekking van de lasten.
101 GL
Bestaande stad
Vastgoed verkopen: Afwijking baten 4.288.000. Welke mitigerende maatrelen zijn genomen aangezien resultaat verkoop jaar na jaar te positief wordt geraamd?
In verband met de toegenomen complexiteit van verkoopdossiers worden verkopen deels naar latere boekjaren doorgeschoven. Dit vereist een aanpassing van de verkoopplanning, die vervolgens in de begroting wordt verwerkt. Bovendien wordt de woningportefeuille nu op 70% begroot in plaats van 100%, om realistischer te plannen en rekening te houden met mogelijke vertragingen en fluctuaties in de markt. In 2022 is de verkoopopgave (opnieuw) geïnventariseerd. Op 20 december 2022 is deze verkoopopgave bestuurlijk vastgesteld in de vorm van een verkooplijst. Deze vaststelling brengt een heldere en concrete verkoopopdracht met zich mee. Vastgoedobjecten kunnen alleen van de verkooplijst worden afgehaald wanneer hier een bestuurlijk besluit aan ten grondslag ligt. Deze werkwijze zorgt ervoor dat de mutaties in het aantal te verkopen vastgoedobjecten altijd kan worden onderbouwd. Rotterdam blijft zich ontwikkelen waardoor ook de strategie en visie omtrent een gebied/vastgoedobject kan veranderen. Wanneer een vastgoedobject met een verkoopbestemming toch een bijdrage kan leveren aan de gemeentelijke en maatschappelijke doelstellingen, en dus niet verkocht mag worden, dient de initiatiefnemer hier een bestuurlijk besluit voor op te halen.
Deze wijzigingen zijn essentieel voor een nauwkeurige en verantwoorde financiële planning, en zorgen ervoor dat de begroting beter aansluit bij de verwachte inkomsten en uitgaven.
102 GL
Eonomische ontwikkeling
Op basis van een aantal grote gebiedsontwikkelingen is de verwachting dat er de komende jaren sprake zal zijn van een forse afname. Kan aangegeven worden om welke grote gebiedsontwikkelingen dit gaat en welke afname verwacht wordt?
Op 26 maart is de raad een overzicht gestuurd met cijfers over geplande ontwikkelingen op bedrijventerreinen, zoals woningbouw en de verwachte effecten daarvan op de beschikbare bedrijfsruimte (24bb001919).
103 GL
Energietransitie
De Bijdragen rijk en medeoverheden was oorspronkelijk begroot op 35.610.000 en is uiteindelijk gerealiseerd op 16.706.000. De belangrijkste oorzaken van afwijkingen t.o.v. bijgestelde begroting zijn al toegelicht. Welk deel van deze niet ontvangen gelden zijn gekoppeld aan projecten (zoals aardgasvrije aanpak) en welk deel is algemene middelen ten behoeve van de energietransitie?
Bijdragen rijks- en medeoverheden zijn begroot voor € 28,5 mln. Er zijn geen algemene middelen begroot onder de post bijdragen en rijksmiddelen. De gelden die nog niet zijn verrekend met het Rijk betreffen o.a. de gelden NPRZ voor aardgasvrije aanpak a € 5,9 mln en de gelden voor energiearmoede a € 4,2 mln. De aardgasvrije projecten hebben vertraging opgelopen door achtereenvolgende investeringsstoppen van warmtebedrijven naar aanleiding van de ontwikkelingen rond Warmtebedrijf Rotterdam, het wetsvoorstel Wet collectieve warmtevoorziening en de brand bij AVR. Energiearmoede projecten worden volledig gefinancierd van rijksgelden. De wethouders C. Zeegers en N. Mohamed-Hoesein informeren periodiek de Raad over de voortgang van de uitgaven van deze gelden. De verwachting is dat de gelden eind 2025 volledig zijn benut.
104 GL
Energietransitie
Het bedrag voor de aardgasvrije projecten bedraagt € 14,4 mln. De subsidie die in de lening is omgezet betreft subsidie voor Walstroom Wilhelminakade. Dit bedraagt € 6,1 mln.
105 GL
Energietransitie
Bij de toelichting staat onder Bestemmingsreserve Rotterdamse Investeringsmotor dat de lagere lasten en onttrekking komen door de warmte werkzaamheden die stil hebben gestaan en de omzetting van de subsidie in de lening. Kan aangegeven worden welke bedragen hiermee gemoeid zijn? Ook onder energiearmoede, gebiedsaanpakken en walstroom worden de ontwikkelingen rondom warmte genoemd als reden voor lagere lasten. Kan gedeeld worden wat het totaalbedrag is dat niet uitgegeven is door de ontwikkelingen rondom warmte?
De ontwikkelingen rondom warmte hebben alleen invloed op gebiedsaanpakken aardgasvrije wijken. Het bedrag dat niet uitgegeven is bedraagt € 5,9 mln.
106 GL
Onderwijs
Doel: Vergroten doelgroep bereik. Hoe heeft het bereik van doelgroepkinderen zich ontwikkeld in 2023 ten opzichte van 2022?
107 GL
Onderwijs
Doel: Aanpak personeelstekort. Hoe heeft het personeelstekort zich ontwikkeld in 2023 ten opzichte van 2022?
Helaas blijkt uit deze rapportage dat Rotterdam in tegenstelling tot vorig jaar een scherpe stijging van het tekort in het primair onderwijs laat zien van 11,8% in oktober 2022 naar 16,5% in 2023. Het tekort in het primair onderwijs Rotterdam ligt hiermee net onder het gemiddelde tekort in de G5 (18%). Nadere informatie is opgenomen in de brief aan de commissie hierover.
108 GL
Onderwijs
Wat zijn de doelen voor de toename van het bereik van de Rotterdampas en de lerarenbeurs?
De Rotterdampas en de Lerarenbeurs zijn vanaf dit jaar ook beschikbaar voor de hele kinderopvang. Over het gebruik van Rotterdampas en Lerarenbeurs wordt einde van het kalenderjaar gerapporteerd. De aanvragen Lerarenbeurs schooljaar 24-25 worden nu beoordeeld.
Klimaatadaptieve projecten. Kan er meer toelichten worden gegeven over waarom er in 2023 maar 2 klimaatadaptieve projecten zijn gerealiseerd in plaats van de 5 die waren begroot? Is de verwachting dat dit in 2024 wordt ingehaald?
De realisatie van 5 projecten in 2023 is niet gehaald omdat de projecten later zijn gestart dan gepland. Hierdoor waren de projecten eind 2023 nog niet (geheel) opgeleverd. Ondertussen is nu 1 project gereed, in 1 project moeten de bomen nog worden geplant en het andere project wacht op extra technisch onderzoek. Deze projecten worden in 2024 opgeleverd.
Flexwoningen worden boven op de percentages sociale woningbouw gerealiseerd. Hoeveel geld is er aan het realiseren van flexwoningen besteed in 2023 en hoeveel woningen zijn gerealiseerd/voorbereid?
Het college werkt aan de realisatie van 2.000 flexwoningen, waarvan u via de voortgangsmonitor flexwoningen periodiek over de stand van zaken wordt geïnformeerd. In 2023 zijn middelen ingezet vanuit B&W middelen voor planvorming, vanuit de reserve stimulering bouwproductie voor onrendabele investeringen in bouw- en woonrijp maken en vanuit subsidies zoals de vliegende brigade van de PZH, maar ook doelgroepen subsidies vanuit de rijksoverheid en bijdrage vanuit de rijks stimulering flex en transformatie woningen. Eventuele exacte bestede bedragen in 2023 kunnen begin volgende week indien gewenst worden nagezonden.
109 GL
110 GL
Stedelijke ontwikkeling
111
GL
Stedelijke ontwikkeling
De segmentering van de planvoorraad, voor sociale- en middensegment woningen, staat daarbij onder druk. Als beheersmaatregel zijn hiervoor nieuwe afspraken met de woningbouwcorporaties gemaakt en worden middelen uit het doorbouwfonds ingezet. Wat zijn deze afspraken precies? Welk aandeel van de middelen uit het doorbouwfonds is naar corporaties gegaan voor het realiseren van sociaal en middeldure huurwoningen en naar welke projecten?
Met de corporaties zijn concrete afspraken gemaakt waar we de komende jaren mee aan de slag gaan. In de prestatieafspraken is vastgelegd welke projecten in 2024-2025 starten en aan welke projecten gewerkt wordt met startbouw 2026-2028. Voor de productie na 2028 is concreet benoemd in welke grote gebiedsontwikkelingen locaties voor corporaties worden aangewezen. We hebben daarbij ingezet op een planvoorraad met voldoende overmaat, uitgaande van een realisatiegraad van 50%. (Bijna dubbele planvoorraad als onze doelstellingen, net zoals in de andere gebieden). Ook voor midden categorie woningen die door de corporaties worden gebouwd, ca 1/5 van de totale corporatieproductie, zijn de locaties aangewezen. Daarnaast is een nieuwe escalatieladder vastgesteld tussen de gemeente en de corporaties om bij stagnaties sneller tot besluiten te komen. Wordt gestart met een DO Woningbouwcorporatie productie, en is een gezamenlijke voortgangsmonitor opgesteld, die periodiek tussen de gemeente en de corporaties wordt besproken. Vanuit het doorbouwfonds is via de SBR regeling op dit moment 3.655.000 euro aan projecten toegekend, hiervan 49,7% op dit moment toegekend aan projecten van de corporaties., dit betreft de realisatie van midden categorie woningen door de corporaties. De bedragen per project worden, mede op verzoek van de externe partijen niet bekend gemaakt.
Naast de bijdragen die reeds zijn toegekend aan corporaties voor de SBR-regeling zijn er ook bij de andere onderdelen van het Doorbouwfonds reserveringen voor projecten van de corporatie opgenomen. Het gaat dan om bijdragen voor Woonzorgcomplexen, flexwoningen, bijdrage aan onrendabele toppen van sociale huur en meer middenhuur.
112 GL
Stedelijke ontwikkeling
Afwijking saldo: Erfpacht: -1.591.00, Grondexploitaties: -22.496.000, Parkeerexploitatie: -3.827.000. Graag een meer uitgebreide toelichting op deze hoge tegenvallers, waarom waren deze niet voorzienbaar en welke mitigerende maatregelen zijn genomen?
De lagere erfpachtbaten hangen samen met lagere conversiebaten en lagere ontheffingsvergoedingen. Deze baten zijn het gevolg van een lagere vraag om erfpacht af te kopen of om gebruiksrechten op lopende erfpachtcontracten te wijzigen (waartegenover een ontheffingsvergoeding staat). Dit is niet altijd goed in te schatten, en kan ook afhankelijk zijn van enkele individuele gevallen, waarbij de verwachte baat de jaargrens kan overgaan en hiermee in een volgend begrotingsjaar komt te vallen.
113 GL
Werk en Inkomen
Op 31 december 2023 hebben 1.404 Rotterdammers een LKS-baan. Het aantal Rotterdammers aan het werk met LKS is toegenomen, maar de toename is minder dan waarop was ingezet voor 2023. Heeft het college een beeld van de oorzaak van het tegenvallende aantal Rotterdammers dat aan het werk is met LKS, wat is de oorzaak hiervan?
In de 3e kwartaalmonitor W&I 2023 (24bo003208) is het volgende opgenomen over de ontwikkeling van het aantal LKS-banen in 2023: Voor 2023 was de ambitie een netto groei naar 1.500 Rotterdammers aan het werk met LKS. Op 31 december 2023 hebben 1.404 Rotterdammers een LKSbaan. Het aantal Rotterdammers aan het werk met LKS is toegenomen, maar de toename is minder dan waarop was ingezet voor 2023. Enkele externe en interne factoren die hierop van invloed zijn: stoppen van relatief veel arbeidsovereenkomsten met LKS, minder (passende) vacatures beschikbaar, mogelijkheden LKS en ondersteunende faciliteiten nog te weinig bekend bij werkgevers en binnen onze eigen organisatie meer focus nodig op het (duurzaam) matchen en plaatsen en voor de begeleiding van werkgevers. Met deze uitdagingen zijn we aan de slag om het aantal Rotterdammers aan het werk met LKS in 2024 te laten toenemen en de achterstand in te lopen. Meer informatie over de ketenaanpak LKS is te vinden in een separate raadsinformatiebrief (23bb006755; 28 februari 2024).
114 GL
Werk en Inkomen
Wanneer ontvangen wij het gerealiseerde percentage rechtmatige verstrekkingen?
Het percentage rechtmatige verstrekkingen voor het jaar 2023 wordt in de Voorjaarsnota 2024/1e herziening 2024 en de eerste kwartaalmonitor 2024 opgenomen (publicatie begin/medio juni 2024). De externe controle door Financial Audit heeft inmiddels plaatsgevonden. Uitkomst is dat 99,96% van de uitgaven aan bijstandsuitkeringen in 2023 als rechtmatig is beoordeeld (norm is > 97%).
115 GL
Werk en Inkomen
Wat is de oorzaak van de Afwijking reserves 100.000 in het kader van de Tijdelijke Ondersteuning Zelfstandige Ondernemers?
Het gaat hier om de uitvoeringskosten voor de afhandeling van de Tozoregeling. Deze kosten zijn circa € 100K lager dan begroot (realisatie in 2023 is uitgekomen € 1,3 mln). Hierdoor is vanuit de reserve 'Doorlopende werkzaamheden Tozo' € 100K minder onttrokken. Op pagina 214 (onderdeel 'reserves') van de website is meer informatie te vinden over deze reserve.
116 GL
Zorg
In het 3de kwartaal van 2023 is gestart met een Rotterdamse verdeeltafel met als doel een betere verdeling van de wachtlijst en meer grip op nieuwe instroom. Waarom is er niet eerder gestart met deze interventie? Hoe komt het dat zowel de uitgaven zo zeer zijn gestegen en tegelijkertijd sprake is van groeiende wachtlijsten en tekort aan geleverde zorg? Graag onderbouwing.
In Rotterdam zijn we hiermee gestart omdat we gedurende het jaar een stijging zagen van de wachttijden in opdracht E (ambulante specialistische jeugdhulp), de instroom en uitgaven in opdracht E niet afnamen en we lokaal te maken hadden met te weinig instroom (uitputting contracten). Dit heeft uiteindelijk geleid tot een Rotterdamse verdeeltafel waarbij zowel lokale als regionale aanbieders bij elkaar kwamen met als doel een betere verdeling van de wachtlijst en meer grip op nieuwe instroom. De verschuiving van E naar lokaal is vorig jaar onvoldoende gelukt, waardoor er nog te veel beroep is gedaan op de ambulante specialistische jeugdhulp. Verwijzers/huisartsen verwezen nog te vaak of snel naar opdracht E, omdat ze vaak onvoldoende bekend waren met ons lokale aanbod. De knooppunten moeten als centraal instroompunt zorgen voor betere screening, matching en wachtlijstbeheersing
117 GL
Zorg
Bestuurlijke Opdracht Zorg: Na deze eerste aanpassingen van de gemeente zijn op dringend verzoek van de zorg- en welzijnsaanbieders gesprekken gestart om gezamenlijk tot maatregelen te komen. De raad heeft in 2022 de opdracht gegeven om in gesprek te gaan met zorgaanbieders over te treffen maatregelen. Wat heeft ertoe geleid dat dit volgens zorgaanbieders niet afdoende gebeurd is? Graag een toelichting, ook op de effecten van de genomen maatregelen in de BOZ.
Op 9 februari 2023 is een bijeenkomst geweest voor Rotterdamse zorg- en welzijnsaanbieders om de BOZ en eerste set maatregelen toe te lichten. Tijdens deze bijeenkomst werd de opgave die wij zien als college en de urgentie ervan bevestigd. Er kwam een groot draagvlak naar voren om samen op te trekken om de toenemende vraag naar zorg en ondersteuning terug te dringen. Om samen oplossingen te bedenken en innovaties in te zetten die nodig zijn om de zorg anders te organiseren. Wij waren verheugd met dit commitment en deze betrokkenheid. Vervolgens hebben wij aan zorgaanbieders gevraagd om binnen hun eigen sector de voorstellen op te halen die bijdragen aan de toekomstbestendigheid van het stelsel van Wmo en Jeugdhulp. Hiervoor hebben zij een viertal gesprekstafels georganiseerd, in samenwerking met de gemeente, voor verschillende doelgroepen: GGZ, lichamelijk en verstandelijk beperkten, ouderen en jeugd. Zij hebben ook zorggedragen voor een goede vertegenwoordiging van zorgaanbieders om deel te nemen aan deze tafels. Bij elke tafel was Win010 gevraagd om het welzijnsveld te vertegenwoordigen. De nieuwe maatregelen (24bb002787, 25 april 2024) zijn hiervan het resultaat.
118 GL
Zorg
Er is een uitvoeringsplan opgesteld om in samenhang de bestaanszekerheid op bovengenoemde aspecten te verbeteren met als doel de zorgvraag te dempen. Wat houdt deze pilot in en op basis van welke criteria is gekozen voor de wijken Schiebroek en Bloemhof?
Een uitgebreide toelichting over de pilot bestaanszekerheid kunt u vinden in het plan “Passende zorg voor Heel de Stad” (24bb002791, 25 april 2024). In 2024 voeren we de pilots wijkgericht uit in twee wijken, Bloemhof en Schiebroek. De keuze om de pilots wijkgericht aan te pakken heeft te maken met het feit dat iedere wijk anders is en er andere partijen in actief zijn. We richten ons daarom op een aanpak per wijk. Deze aanpak per wijk sluit nauw aan bij de specifieke kansen en mogelijkheden van elke wijk en waar de behoefte ligt. De aanpak bouwt ook voort op bestaande en lopende initiatieven. Voor beide wijken worden de initiatieven per inhoudelijk spoor (samenredzaamheid, wonen, werk/dagbesteding en financiële zekerheid) in beeld gebracht. Dit is de uitgangspositie per wijk. Daarbij hoort ook de inventarisatie welke netwerken op deze sporen in de wijk actief zijn. Rondom de drie inhoudelijke sporen wordt een netwerk geformeerd. Idealiter is er in de wijk al een breed netwerk actief met gemeentelijke professionals (Vraagwijzer, wijkteam, Wmo, WenI, Grip op geldzaken, enzovoorts) waaraan enkele betrokkenen kunnen worden toegevoegd. Denk aan woningcorporatie, huisarts, welzijn, vertegenwoordiging sociaalondernemers, vrijwilligers/bewonersorganisatie, enzovoorts. Dit netwerk vormt het klankbord voor de doorbraken en interventies op de drie inhoudelijke sporen.
Daarnaast benutten we de kennis van professionals in de wijk om bewoners met verwachte (hoge) zorgkosten en waar bredere bestaanszekerheidsissues spelen, in beeld te krijgen. Soms zijn Rotterdammers al in beeld bij zorg. Maar het kan ook gaan om Rotterdammers die nog niet in beeld zijn, bijvoorbeeld bankslapers, waarbij de verwachting is dat zij te maken krijgen met een stapeling van problemen als zij geen hulp krijgen. Deze casuïstiek wordt besproken aan een casuïstiektafel. De deelnemende partijen aan deze tafel bekijken welke doorbraak of interventie voor deze persoon passend zou zijn, anders dan zorg. Loopt de casuïstiektafel vast, dan wordt geschakeld naar het eerdergenoemde netwerk als klankbord om te kijken welke doorbraak nodig is en in de casus kan werken. Het kan ook zijn dat de interventie die nodig is, buiten het bereik/de bevoegdheid van de betrokken partijen ligt. Dan bestaat de mogelijkheid om op te schalen dan wel te escaleren. Gedurende het jaar wordt er in en vanuit de wijken ingezet op het bouwen van een netwerk, andere manier van (samen)werken in de wijk en het uitbreiden van interventies. En zo meer handelingsperspectief voor de professional in de wijk en brede doorbraken te creëren. Op al deze onderdelen kan in ieder geval kwalitatief gemonitord worden wat deze pilot daaraan heeft bijgedragen.
Verder worden er zoveel mogelijk kwantitatieve indicatoren benoemd die inzicht geven in een andere manier van werken, bijvoorbeeld het aantal verwijzingen naar voorliggend veld. Belangrijke selectiecriteria voor de wijken zijn: • Een wijk
waar bestaanszekerheid onder druk staan. • Een wijk met verhoogde kans op (toekomstige) zorgconsumptie. • Steun van wijkpartners (wijkmanager, stadsmarinier, bewonersorganisaties, welzijns- en zorgpartijen) voor betrokkenheid bij het programma. Uit de verkenning is gebleken dat in beide wijken de zorgconsumptie hoog is, de bestaanszekerheid onder druk staat (zie ook het wijkprofiel) en dat er bij zowel formele als informele partijen enthousiasme is om met het vraagstuk Bestaanszekerheid aan de slag te gaan. Er is bewust gekozen voor een mix van enerzijds een wijk met goede voorzieningen en (voor een deel van de wijk) sterke sociale netwerken (Schiebroek) en een wijk die extra ondersteuning nodig heeft (Bloemhof).
119 GL
Zorg
Desondanks blijft het Programma Zorg, welzijn en wijkteams waar de BOZ onder valt, over geheel 2023 binnen budget. Bij de financiële afwijkingen op deze pagina zien we tegelijkertijd dat de financiële afwijking ten opzichte van de bijgestelde begroting 35.416.000 is. Kunt u dit nader uitleggen en de onderbestedingen duidelijk verklaren?
Aanvankelijk was het de verwachting dat het programma ZWW in 2023 met een positief saldo zou gaan afsluiten. Doordat op aangeven van de accountant de overschrijding op de bijgestelde begroting 2023 en voorlopige rekening 2023 van de GRJR 4 mln in de gemeentelijke begroting 2023 moest worden verwerkt (en niet zoals in eerdere jaren in het eerstvolgende boekjaar) is het saldo van het programma ZWW in 2023 uiteindelijk op € 35,4 mln negatief uitgekomen. Abusievelijk is het effect van deze financiële wijziging niet in de tekst over de BOZ op pagina 167 doorgevoerd.
120 GL
Zorg
Wat zijn de redenen voor het niet halen van de De collegetarget bestaat uit twee onderdelen: de uitbreiding van het aantal gestelde mijlpaal van 3 woon(zorg)concepten Thuisplusflats en de bouw van nieuwe woon(zorg)concepten. In 2022 is in 2023? gestart met de nieuwbouw van Simeon en Anna (Feijenoord) en in 2023 met de bouw van Odeon (Centrum). In 2023 is daarnaast gestart met het optoppen van de Klapwiek (Prins Alexander). De werkzaamheden rond het optoppen van de Klapwiek vinden in eerste instantie in de fabriek plaats en daarmee kan dit nieuwbouwproject nog niet meegeteld worden (telling voor de definitie van het collegetarget is vanaf eerste handeling op locatie). De start bouw op locatie van De Klapwiek is naar verwachting in de loop van 2024 Q2. De mijlpaal van 2023 om 3 nieuwbouwcomplexen te starten, is daarmee niet gehaald.
121 GL
Welzijn
Voor 2023 was een budget Couleur Locale De regeling CL is in 2023 al vereenvoudigd, maar nog niet uitgeput. Kleinere beschikbaar van €3.2 mln. Daarvan is €2.6 mln organisaties maakten in 2023 ook gebruik van Lokaal Budget, dat wordt verleend. Waardoor is die andere €0.6 mln beheerd door de welzijnsorganisaties. niet uitgegeven aan Couleur locale?
122 GL
Zorg
Hoeveel kosten zijn er bespaard in 2023 door de bestuursopdracht zorg? Kan dit bedrag worden uitgesplitst per aanpassing?
Het is lastig, zo niet onmogelijk, om een 1-op-1 relatie te leggen tussen het invullen van de BOZ- maatregelenreeks en de realisatiecijfers in de jaarrekening. De maatregelenreeks is verwerkt in de begroting: de beschikbare begrotingsbedragen zijn neerwaarts bijgesteld. In de begroting is dus al uitgegaan van een daling van de groei. Dit in combinatie met een begroting die sinds de start van de BOZ op verschillende momenten en veelvuldig is aangepast (positief en negatief), maakt het bepalen van de realisatie van de maatregelen extra lastig. Daarnaast zijn er veel externe en interne factoren die het gebruik van zorg en zorguitgaven beïnvloeden. Het is dus onmogelijk om precies te bepalen welke effecten de BOZ precies heeft op de zorguitgaven. Er zijn wel indicatoren die ons helpen om te bepalen of we op de goede weg zijn. Ten eerste het dashboard dat een weergave geeft van de effecten van maatregelen. Deze effecten worden kwantitatief (in aantallen en geld) weergegeven. Echter, het dashboard is niet volledig: niet alle effecten kunnen gekwantificeerd worden of uit de systemen gehaald worden. Per brief (23bb005862, 14 september 2023) is de raad geïnformeerd over de stand van het dashboard.
Bij het afdoeningsvoorstel (24bb002787, 25 april 2024) wordt voorgesteld om het dashboard op te nemen als bijlage van de raadsmonitor welzijn, zorg en jeugdhulp, die elke vier maanden aan de raad wordt aangeboden. Een tweede indicator is of we wel of niet binnen de vastgestelde begroting blijven. Zoals hiervoor al is aangegeven, is de BOZmaatregelenreeks al verwerkt in de begroting: de beschikbare begrotingsbedragen zijn al naar beneden gesteld. Als we dus binnen begroting blijven, realiseren we niet de oorspronkelijk geprognotiseerde groei en lijken de maatregelen het gewenste effect te hebben. De jaarrekening 2023 laat voor het programma ZWW een tekort zien, maar dit komt hoofdzakelijk omdat de negatieve afrekening met de GRJR over het jaar 2023 van bijna € 43 mln ten laste van 2023 moest worden gebracht (op aangeven van de accountant), terwijl dit voorheen ten laste kwam van het eerstvolgende jaar. Zonder deze ‘’systeemverandering’’ zou het totaal van het begrotingsprogramma een positieve afwijking van het begrotingssaldo van circa € 7 mln laten zien.
123 GL
Zorg
124 GL
Zorg
125 GL
Zorg
126 GL
Zorg
Voor de zomer 2023 is een subsidieregeling opengesteld, waarmee de komende jaren ruim 2 miljoen euro beschikbaar gesteld wordt om voor de komst van nieuwe zorg- en wijkrestaurants te ondersteunen en voor het stimuleren van om hun bedrijfsvoering te verduurzamen. In 2023 zijn de eerste 9 subsidies verstrekt. Hoeveel van de beschikbare €2 mln is hierbij reeds verstrekt? Bij de doorverwijzing naar voorzieningen gaat het om verwijzingen naar wijkteam, wijknetwerk, VraagWijzer of welzijnsaanbod. De cijfers over 2023 worden begin februari verwacht. Kunnen deze cijfers worden gedeeld? Waardoor blijft het aantal toewijzingen van het predicaat Dementievriendelijk achter? Wat zien hierbij de knelpunten?
In 2023 is zo’n 380.000 euro verstrekt.
Wat is het aantal cliënten met een maatwerkvoorziening/arrangement WMO (BBV indicator) gerealiseerd in 2023?
Van alle inwoners van de gemeente Rotterdam maakten er ruim 55.000 afgelopen jaar gebruik van maatwerk op basis van de WMO.
Op dit moment zijn deze cijfers nog steeds niet beschikbaar, omdat nog niet alle aanbieders hun verantwoording hebben aangeleverd. De cijfers zullen in het eerstvolgende P&C-product worden opgenomen.
In 2023 heeft tot nu toe één organisatie het predicaat dementievriendelijk ontvangen van Alzheimer Nederland: woningbouwcorporatie Havensteder. Meerdere welzijnsorganisaties en ook woningbouwcorporatie SOR willen hun organisatie dementievriendelijk maken en het predicaat krijgen. Alzheimer Nederland heeft haar werkwijze geactualiseerd, maar het verkrijgen van het predicaat kost tijd, zowel van de betrokken organisaties als van Alzheimer NL. De regionale afdeling Rotterdam heeft wegens onvoorziene omstandigheden ook even niet op volledige sterkte kunnen draaien. We proberen zo spoedig mogelijk duidelijkheid te krijgen over wat er per organisatie precies gedaan moet worden en kan, om het predicaat te kunnen krijgen. De gemeente faciliteert hierbij en is ook in gesprek met Sportsupport en het Sportbedrijf om de sportsector in Rotterdam enthousiast te maken om in 2024 het predicaat dementievriendelijk aan te vragen.
127 GL
Zorg
Het aantal jongeren met jeugdhulp tot 18 jaar is in 1 jaar tijd afgenomen van 8,8% naar 8,1%. Toch is er binnen de jeugdhulp sprake van een kostenstijging. Hoe valt dit te verklaren?
De afgelopen jaren zien we dat jeugdigen steeds intensievere en langere specialistische jeugdhulp nodig hebben. De afbouw van de gesloten jeugdhulp, meer inzet van onderaannemers (door complexere casuïstiek), lange wachtlijsten bij de Wlz en het gebrek aan passend onderwijs zorgen voor hogere uitgaven bij de specialistische jeugdhulp.
128 GL
Zorg
Zoals eerder aangegeven zijn er in het tweede en derde kwartaal problemen ontstaan rondom het informatiemanagement als gevolg van de migratie. Er is gewerkt aan het herstel hiervan. Wat zijn nu nog de uitdagingen binnen Sorga?
Op dit moment werken alle applicaties in de zorgketen naar behoren. Als gevolg van de vervanging van Socrates door Sorga was lange tijd niet alle informatie beschikbaar. De informatie is gefaseerd weer beschikbaar gekomen. Nu werken we aan verdere verbeteringen waaronder de betrouwbaarheid van de data die van invloed kan zijn op de cijfers. Ook ontwikkelen we Dashboards voor de verschillende vakafdelingen zodat informatie sneller beschikbaar is. En is de draad weer opgepakt van de doorontwikkeling van het prognosemodel en de raadsmonitor. Daarnaast wordt er werk gemaakt van de automatisering van het proces ten behoeve van FA/jaarrekening controle. Op dit moment is het applicatielandschap dus stabiel. De komende jaren komen er echter veel veranderingen op ons af die in van invloed kunnen zijn op de stabiliteit van de informatievoorziening (onder meer de noodzakelijke vervanging van applicaties in de keten en verdere digitalisering als gevolg van bijvoorbeeld het Integraal Zorgakkoord). Daarnaast zijn achterstanden in de keten en onzorgvuldige registratie een risico voor goede kwalitatieve informatievoorziening. Er wordt gewerkt aan een strategisch plan om deze risico's te mitigeren.
129 GL
Zorg
Jeugdhulp (€70, mln nadelig) Dit is een enorm grote afwijking in de jaarrekening door hogere lasten van de GRJR over 2022/2023. Waarom is dit pas na twee jaar inzichtelijk?
De voortgang wordt jaarlijks op verschillende momenten gemonitord door de Uitvoeringsorganisatie en via Bestuursrapportages gedeeld met gemeenten. Deze Bestuursrapportages worden ook 2x per jaar (4- en 7-maands) met de raad gedeeld, daarnaast wordt ook jaarlijks de jaarrekening gedeeld met de raad. Bij de Tweede Bestuursrapportage GRJR (2023) werd bekend dat er een forse overschrijding van de regionale zorgkosten zou ontstaan. Vanaf dat moment is er direct gestart met het opstellen van een pakket aan maatregelen en het organiseren van een regionale bestuursopdracht (RBOK) om de uitgaven om te buigen. Daarnaast zijn er ook in de BOZ maatregelen opgenomen die de regionale inzet beïnvloeden.
130 GL
Zorg
Wmo (€22,9 mln voordelig) door lagere productie van Wmo-trajecten. Graag een toelichten over wat dit heeft betekend voor zorg aan Rotterdammers en een overzicht van ontwikkeling van de wachtlijst Wmo-trajecten van de afgelopen 5 jaar.
De lagere productie heeft geen gevolgen gehad voor de zorg voor Rotterdammers. Zie vraag 41 voor de achtergrond bij de lagere productie t.o.v. de begroting. De ontwikkeling van de wachtlijst Wmo-trajecten is terug te vinden in de raadsmonitor. De raadsmonitor Wmo en jeugdhulp geeft telkens overzichten van de wachttijden. Deze zijn er voor zover de raadsmonitor bestaat. Zie: • Raadsmonitor 2018, paragraaf 6.2.4 • Raadsmonitor 2019, paragraaf 6.6 • Raadsmonitor 2020, paragraaf 6.6 • Raadsmonitor 2021, paragraaf • Raadsmonitor 2022, paragraaf 5.3
131 GL
Zorg
Het overzicht baten en lasten van het programma Zorg, welzijn en wijkteams laat onder ‘overige verrekeningen een tegenvaller van 14.880.000 zien. Zou deze kunnen worden post kunnen worden uitgesplitst? Welke verrekeningen hebben een dusdanig negatief effect?
Alle interne verrekeningen zijn interne opdrachten van het ene cluster aan het andere cluster. Dit heeft ermee te maken dat er is afgesproken dat er tussen clusters geen facturen worden verstuurd. Binnen het programma ZWW, wordt gestuurd en verantwoord op inhoudelijke activiteiten en niet op kostensoorten. Een overbesteding op ‘interne verrekeningen’ correspondeert met een onderbesteding op ‘inkoop en uitbestede werkzaamheden’.
132 GL
Zorg
Een stijging van complexere casuïstiek, de afbouw van de gesloten jeugdhulp en de lange wachttijden bij de Wlz.
133 GL
Welzijn
Het aantal jeugdigen dat gebruik maakt van de dure landelijk ingekochte zorg (Landelijke Transitie Arrangement) is toegenomen. Welke achterliggende oorzaken worden waargenomen? Wat zijn de gevolgen van het niet uitvoeren van alle geplande welzijns- en preventieinterventies?
Voor een groot deel gaat het om nieuwe activiteiten, die in de loop van het jaar zijn gestart omdat besluitvorming (bij het Rijk en via de gemeentelijke voorjaarsnota) in de loop van het jaar plaats vond. Het later starten heeft geen nadelige effecten gehad, het gaat om een uitbreiding bovenop bestaande dienstverlening. (Bijvoorbeeld de uitbreiding van activiteiten voor ouderen). Voor onderbesteding in lopende subsidies geldt dat het relatief om een klein bedrag gaat en dat de gevolgen gering zijn.
134 GL
Zorg
Waardoor zijn de aanvullende middelen voor basishulp jeugd niet volledig benut?
Met de nieuwe inkoop jeugd is een deel van de regionale hulp overgeheveld naar lokaal. In praktijk heeft deze verschuiving beperkt plaatsgevonden Een onderbesteding lokale basishulp en een overbesteding op regionale hulp is hiervan het gevolg.
135 GL
Belastingen
Dit resultaat heeft een structurele doorwerking en wordt verwerkt bij de voorjaarsnota 2024.
136 GL
Afvalstoffenheffing
Onroerendezaakbelasting afwijking: 2.039.000. Wordt er aan de hand van deze afwijking, mede gezien de projecties in de begroting 2023, een actualisatie doorgevoerd in de begroting 2024 en latere ramingen. Afvalstoffenheffing afwijking: 600.000. Wordt er aan de hand van deze afwijking, mede gezien de projecties in de begroting 2023, een actualisatie doorgevoerd in de begroting 2024 en latere ramingen.
137 GL
NPRZ
Kan de eerste tabel op pagina 197 onder de kop ‘wat heeft het gekost in 2023?’ nader worden toegelicht? Betekent een realisatie 2023 van 0,0 dat er met Rijksmiddelen in het kader van NPRZ geen interventies hebben plaatsgevonden in het kader van de pijler school in 2023? Zo nee, waarom niet?
Realisatie 2023 in deze tabel geeft aan hoeveel Rijksmiddelen er vanuit de Regiodeal 2019-2022 zijn uitgegeven. De middelen die hieruit resteren zijn voor de herstructurering VO, deze zijn in 2023 niet gebruikt. Zie ook toelichting onder 3.2 Pijler school (Wat heeft het gekost in 2023?). Dit betekent niet dat er voor de pijler school geen interventies hebben plaatsgevonden. Het Rijk heeft, als overbrugging naar de nieuwe regiodeal 2023-2026, voor dagprogrammering 7,6 mln beschikbaar gesteld in 2023. In de paragraaf “Wat hebben gedaan in 2023”’ wordt toegelicht welke interventies er zijn gedaan op dagprogrammering en andere onderwerpen binnen de pijler school.
138 GL
Weerstandsvermogen
Weerstandsvermogen Rekening 2023: 0,63 Dit wordt in belangrijke mate verklaard door het negatieve rekeningresultaat. Een afname van begrootte 1.07 en de Zoals vermeld, is dit negatieve rekeningresultaat het gevolg van enkele bijstelling naar 0,9. Wat is de verklaring van financiële tegenvallers, w.o. een forse afwaardering van de grondexploitaties. deze grote discrepantie. Hoe kan er vooraf een betere inschatting van de ontwikkeling van het weerstandsvermogen worden gemaakt?
De te verwachten inkomsten op de Afvalstoffenheffing (ASH) worden periodiek onder de loep genomen. De laatste afgegeven prognose voor 2024 toonde geen significant verschil met de begroting waardoor deze niet is aangepast bij de 1e Herziening. Dit proces wordt nogmaals doorlopen richting de 2e Herziening waarna een aanpassing zou kunnen plaatsvinden.
139 GL
Investeringen
Het college maakte eerder bekend een aantal plannen uit de stadsprojecten uit te stellen zoals renovatie schouwburgplein en makeover blaak. Het vorige college heeft hiervoor middelen gereserveerd. Hoeveel middelen van de genoemde projecten zijn beschikbaar gekomen om andere (duurder geworden) projecten mee te financieren? Hoe is dit zichtbaar in bestemmingsreserves/MIP?
Bij de start van het programma Stadsprojecten in 2020 is gekozen voor een dekkingssystematiek waarbij er elk jaar een tranche middelen wordt vrijgemaakt via het investeringsvoorstel aan uw raad als onderdeel van de voorjaarsnota. Projecten moeten volledig van dekking zijn voorzien op het moment dat het DO wordt vastgesteld. Voor Schouwburgplein en Westblaak ligt nog geen DO en is dus nog geen uitvoeringskrediet toegekend; het temporiseren van die projecten levert dus ook geen financiële ruimte op. Zie ook de recent verstuurde overzichtsbrief voor de Stadsprojecten met nummer 24bb002706
140 GL
Investeringen
Zijn er verder projecten geschrapt of uitgesteld? Zo ja, welke en waar is dit zichtbaar in de jaarrekening?
Er zijn geen projecten geschrapt of uitgesteld waarvoor eerder een krediet is gevoteerd. Wel is vertraging in de uitvoering mogelijk. Het project ‘ toekomstbestendige digitalisering primair/voortgezet onderwijs’ is beëindigd, omdat dit beter door marktpartijen kan worden gedaan. Het krediet zal vrijvallen. De toelichting zit in het infoveld in de tabel investeringen.
141 GL
Investeringen
Middelen uit de erfpachtconversie vanuit het coalitieakkoord zijn ondergebracht in bestemmingsreserves. Van alle bestemmingsreserves is de omvang en besteding zichtbaar in de jaarrekening.
142 GL
Investeringen
143 GL
Investeringen
Kan er een overzicht worden gegeven van de investering die tot nu toe zijn gedaan vanuit de fondsen die gevuld zijn vanuit de erfpachtconversie ten behoeve van het coalitieakkoord zoals het Autoluwfonds, Armoedefonds, etc.? Wat was het ambtelijk (financieel) advies toen het voorstel voor de kasschuif van 2026 naar 2024 werd gedaan? Hoeveel euro’s uit cofinanciering kunnen contractueel als zeker worden gezien voor het totale programma?
Het is niet helder waar met deze vraag naar verwezen wordt. Het is niet helder waar met deze vraag naar verwezen wordt.