CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[24bb003308] Bijlage behorende bij 24bb003307 - Geluidsbeleid voetbalstadions Rotterdam 2024

Commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte (2022-2026) 22 mei 2024, gemeente RotterdamBij agendapunt: Feijenoord City 2.0 (tweede bespreking)6.124 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Geluidsbeleid voetbalstadions Rotterdam 2024

1

Geluidsbeleid voetbalstadions Rotterdam 2024

Inhoud 1.

Inleiding....................................................................................................................................... 3

2.

Relevante kaders....................................................................................................................... 5

3.

Motivering hogere geluidbelasting op de gevel door voetbalwedstrijden.............................9

4.

Motivering hogere geluidbelasting op de gevel door geluidevenementen en buitenpodia.......................................................................................................................... 12

5.

Beleidsregel en doorwerking geluidsbeleid............................................................................ 15

6.

Bijlage 1: Begrippenlijst............................................................................................................17

2

Geluidsbeleid voetbalstadions Rotterdam 2024

1.

Inleiding

De gemeente Rotterdam ontwikkelt zich als een compacte, aantrekkelijke stad aan de rivier. Kwalitatief hoogwaardige stedelijke bebouwing en menging van wonen, werken en voorzieningen staan daarbij centraal. Binnen deze stedelijke omgeving vindt de gemeente Rotterdam een voetbalstadion in combinatie met nieuwe woningbouw passend. Stadions kunnen binnenstedelijk een economische motor vormen in de vorm van aan stadions verbonden sportvoorzieningen, onderwijs, horeca, leisure en daarbij behorende werkgelegenheid. Gelet op de woningbouwopgave zoekt Rotterdam daarnaast naar mogelijkheden voor stedelijke verdichting. Deze verdichting gaat in bestaand stedelijk gebied vaak gepaard met functiemenging. Ook rond stadions wordt in het kader van zorgvuldig ruimtegebruik uitgegaan van deze verdichting en functiemenging. Door het zorgvuldig vormgeven van gebiedsontwikkelingen rond stadions waarbij de functies en de openbare ruimte uitnodigen tot sporten, bewegen en ontmoeten kan bovendien een positieve bijdrage worden geleverd aan een gezonde leefstijl en sociale cohesie van Rotterdammers. Bij het toelaten of wijzigen van geluidgevoelige gebouwen1 rond voetbalstadions, moet worden onderzocht of sprake is van een akoestisch aanvaardbare situatie.

Dit geluidsbeleid heeft tot doel om op een milieuhygiënisch verantwoorde wijze nieuwe geluidgevoelige gebouwen en ruimten toe te laten met een aanvaardbare geluidbelasting door activiteiten van voetbalstadions, zonder afbreuk te doen aan een gezonde en langdurige exploitatie van deze stadions. Voor voetbalstadions2 is sinds de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2024 in beginsel (alleen) het gemeentelijke omgevingsplan van toepassing. Niet langer is, voor zover dat aan de orde was, sprake van een verplichting tot het hebben van een omgevingsvergunning milieu. De in het voorkomende geval aan voetbalstadions afgegeven omgevingsvergunningen milieu zijn met de inwerkingtreding van de Omgevingswet maatwerkvoorschriften op grond van het omgevingsplan geworden. Ook op voetbalstadions die voorheen onder het Activiteitenbesluit vielen, is nu het omgevingsplan van toepassing. Vanaf de inwerkingtreding van de Omgevingswet bestaat het omgevingsplan (in beginsel) uit een tijdelijk deel, met onder meer de voorschriften uit de zogeheten 'bruidsschat' op grond van het Invoeringsbesluit Omgevingswet. Na enige tijd zal de gemeenteraad van Rotterdam dit tijdelijk deel vervangen door een permanent deel. Voor het opstellen van het permanente deel gelden instructieregels van de provincie en het Rijk.

De beoordeling van geluidgevoelige gebouwen en ruimten rond voetbalstadions vindt, in beginsel, plaats aan de hand van het omgevingsplan. Dit 'Geluidsbeleid voetbalstadions Rotterdam 2024' is bedoeld om het oude beleid zoals dat gold voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet, en waarmee de gemeente Rotterdam voor een eigen afwegingskader heeft gekozen, onder de Omgevingswet voort te zetten en te gebruiken voor de vaststelling, of besluiten op grond, van het omgevingsplan en of het afwijken daarvan.3 Daarnaast bevat dit geluidsbeleid op enkele punten een actualisering, waarvan de belangrijkste 1

2

3

3

Hierna wordt gemakshalve slechts nog gesproken over 'woningen', maar bedoeld wordt iedere vorm van geluidgevoelige gebouwen of ruimen als bedoeld in artikel 3.21 en 3.22 Bkl, waarbij overeenkomstig artikel 3.23 Bkl voor geluidwaarden 'op woningen' moet worden gelezen 'op de (locatie waar een) gevel (mag komen)' en voor geluidwaarden 'in woningen' moet worden gelezen 'in geluidgevoelige ruimten'. In dit geluidsbeleid zijn voetbalstadions gedefinieerd als: een sportterrein ten behoeve van voetbalwedstrijden in het betaald voetbal, omringd door tribunes van enige omvang. Concreet vallen binnen die definitie op het moment van opstellen van dit beleid de voetbalstadions waarin (als thuisploeg) Feyenoord, Sparta en Excelsior spelen. Het voetbalstadion waarin Excelsior speelt, is met de wijziging van dit geluidsbeleid binnen het toepassingsbereik komen vallen, omdat met de inwerkingtreding van de Omgevingswet voormalig milieuvergunningplichtige en niet-milieuvergunningplichtige activiteiten op dezelfde wijze worden gereguleerd. Hierna wordt gemakshalve slechts nog gesproken over het omgevingsplan, maar bedoeld wordt steeds de vaststelling, of besluiten op grond, van het omgevingsplan of het afwijken daarvan.

Geluidsbeleid voetbalstadions Rotterdam 2024

zijn: een actualisatie van de geluidwaarden en het regelen van het gebruik van buitenpodia bij voetbalwedstrijden. In dit geluidsbeleid is daarbij duidelijker gemaakt dat dit beleid slechts ziet op de toelating van woningen, niet op de toelating of de wijziging van voetbalstadions. Voetbalstadions kunnen naast voetbalwedstrijden onder omstandigheden ook maximaal 12 keer per jaar gebruikt worden voor geluidevenementen die niet (direct) een relatie hebben met voetbalwedstrijden. Bij geluidevenementen wordt aanzienlijk meer geluid geproduceerd dan bij voetbalwedstrijden. Dit geluid heeft ook een ander (veelal laagfrequent) karakter. Geluidevenementen komen daarentegen minder vaak voor dan voetbalwedstrijden. Voetbalstadions maken daarnaast bij voetbalwedstrijden in toenemende mate gebruik van buitenpodia onder meer om bezoekersstromen te kunnen controleren. Samengevat is dit geluidsbeleid van toepassing op de volgende activiteiten in een voetbalstadion en op de besloten locatie behorend bij (maar niet in) een voetbalstadion: voetbalwedstrijden; buitenpodia bij voetbalwedstrijden; en geluidevenementen. Dit geluidsbeleid wordt toegepast bij vaststelling, of besluiten op grond, van het omgevingsplan of het afwijken daarvan voor de beoordeling of het geluid door een van de hiervoor beschreven drie activiteiten op of in nieuwbouwwoningen aanvaardbaar is.

Dit geluidsbeleid is enkel van toepassing op de directe geluidbelasting afkomstig van de hiervoor beschreven drie activiteiten op of in nieuwbouwwoningen en gaat dus niet over indirecte hinder (inclusief geluid afkomstig van bronnen in de openbare ruimte), cumulatie van geluid en de geluidbelasting voor buitenruimten, waar mensen zich doorgaans langere tijd kunnen bevinden, zoals balkons, tuinen en bestaande woningen. De Omgevingswet en de daarop gebaseerde regelgeving, zoals het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl), maakt onderscheid tussen geluid dat representatief is voor de bedrijfssituatie, de representatieve bedrijfssituatie (RBS), en geluid dat niet representatief is voor de bedrijfssituatie, de uitzonderlijke bedrijfssituatie (UBS).4 De voetbalwedstrijden vormen de RBS, deze activiteiten zijn immers kenmerkend (representatief) voor de bedrijfsvoering van een voetbalstadion. De activiteiten zijn met andere woorden naar hun aard als hoofdactiviteit van een voetbalstadion aan te merken. Geluidevenementen en buitenpodia bij voetbalwedstrijden vormen de UBS, deze activiteiten zijn minder kenmerkend voor een stadion en vormen niet de hoofdactiviteit van een voetbalstadion. Vanwege deze verschillen vindt de gemeente Rotterdam het wenselijk om twee hoofdstukken met beleidsregels met bijbehorende motiveringen op te stellen.

Deze beide sets beleidsregels zijn in dit beleidsdocument vervat. Dit geluidsbeleid is een beleidsregel zoals bedoeld is in de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Het beleid heeft alleen betrekking op het geluidaspect en niet op andere milieuaspecten. Dit geluidsbeleid is kort na de invoering van de Omgevingswet tot stand gekomen. Als de toepassing van de Omgevingswet onder dit beleid tot uitvoeringsdiscussies leidt, zal het beleid zoveel mogelijk worden uitgelegd en toegepast in lijn met het doel van dit beleid.

De UBS omvat naast incidentele activiteiten ook de activiteiten die voorheen in de Handreiking industrielawaai en vergunningverlening als 'Regelmatige afwijkingen van de representatieve bedrijfssituatie' werden aangeduid.

4

Geluidsbeleid voetbalstadions Rotterdam 2024

2.

Relevante kaders

In dit hoofdstuk wordt beschreven welke kaders de gemeente Rotterdam doorgaans hanteert bij het toelaten van (nieuwbouw)woningen in relatie tot geluid veroorzakende activiteiten in en rond voetbalstadions, anders dan het wonen. Voor (nieuwbouw)woningen en stadions geldt zoals hiervoor is beschreven dat met de inwerkingtreding van de Omgevingswet zij moeten voldoen aan (de regels van) het gemeentelijke omgevingsplan, aanvankelijk het tijdelijk deel (inclusief de bruidsschat) en na enige tijd zal de gemeenteraad van Rotterdam het permanente deel vaststellen. Dit geluidsbeleid voetbalstadions Rotterdam is bedoeld om, ter voortzetting van het oude 'Geluidsbeleid voetbalstadions Rotterdam’ zoals vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders op 18 februari 2020, een afwegingskader te bieden bij de vaststelling, of besluiten op grond, van het omgevingsplan of het afwijken daarvan. Het is de bedoeling dat dit beleid vervolgens ook nader juridisch wordt geborgd in het permanente deel van het omgevingsplan. Het juridische (beoordelings)kader zoals dat in verband met omgevingsplannen van toepassing is en, waar aan de orde, waarvoor de gemeente Rotterdam heeft gekozen om deze als zodanig toe te passen is als volgt: -

Het Bkl (instructieregels bij opstellen omgevingsplan) De Handreiking industrielawaai en vergunningverlening De Nota “Evenementen met een luidruchtig karakter” (Nota Limburg) Beleidskader evenementen 2019

Bkl (instructieregels bij opstellen omgevingsplan) Het Bkl maakt kort samengevat onderscheid tussen standaardactiviteiten en gereguleerde specifieke activiteiten. Op de standaardactiviteiten zijn de regels voor "Geluid door activiteiten, anders dan door specifieke activiteiten" van toepassing uit paragraaf 5.1.4.2.2 uit het Bkl. Het is aannemelijk dat de activiteiten in en rond voetbalstadions alle kwalificeren als dit soort standaardactiviteiten. Het gaat om (standaard)activiteiten in de RBS. Voor deze standaardactiviteiten volgt de aanvaardbaarheid in beginsel uit de standaard(grens)waarden uit de tabel in artikel 5.65 Bkl. Die tabel is hieronder opgenomen.

Tabel 5.65.1 Standaardwaarde toelaatbaar geluid op een geluidgevoelig gebouw

Langtijdgemiddelde beoordelingsniveau gevolg van activiteiten

5

LAr,LT als

07.00 19.00 uur

19.00 23.00 uur

23.00 07.00 uur

50 dB(A)

45 dB(A)

40 dB(A)

Maximaal geluidniveau LAmax veroorzaakt aandrijfgeluid van transportmiddelen

door

--

70 dB(A)

70 dB(A)

Maximaal geluidniveau andere piekgeluiden

door

--

65 dB(A)

65 dB(A)

LAmax veroorzaakt

Geluidsbeleid voetbalstadions Rotterdam 2024

Tabel 5.65.1 Standaardwaarde toelaatbaar geluid op een geluidgevoelig gebouw 07.00 19.00 uur

19.00 23.00 uur

23.00 07.00 uur

Tabel 5.65.2 Grenswaarde toelaatbaar geluid in geluidgevoelige ruimten binnen in- en aanpandige geluidgevoelige gebouwen

Langtijdgemiddelde beoordelingsniveau Lai-,lt

07.00 19.00 uur

19.00 23.00 uur

23.00 07.00 uur

35 dB(A)

30 dB(A)

25 dB(A)

Maximaal geluidniveau LAmax veroorzaakt aandrijfgeluid van transportmiddelen

door

--

55 dB(A)

55 dB(A)

Maximaal geluidniveau andere piekgeluiden

door

--

45 dB(A)

45 dB(A)

LAmax veroorzaakt

De aanvaardbaarheid kan ook volgen uit de toepassing van een van de 'flexibiliteitsbepalingen' uit het Bkl (artikel 5.66, 5.68, 5.70 en 5.71 Bkl). Deze flexibiliteitsbepalingen maken het mogelijk om af te wijken van de standaard(grens)waarden. Dit kan bijvoorbeeld door: a. b. c. d.

Andere (hogere) waarden te stellen dan de standaard(grens)waarden; Dagen voor festiviteiten aan te wijzen waarvoor de standaard(grens)waarden niet gelden; In afwijking van de standaard(grens)waarden geen waarden te stellen; en/of In afwijking van de standaard(grens)waarden andere (gebruiks-)regels te stellen.

Het tijdelijk deel van het omgevingsplan van de gemeente Rotterdam kent op dit moment, als gevolg van de bruidsschat, al regels die bepalen hoeveel geluid toelaatbaar is op de gevel van een geluidgevoelig gebouw. De tabel met die waarden is hieronder opgenomen.

Tabel 22.3.1 Waarde voor geluid op een geluidgevoelig gebouw

6

07.00 19.00 uur

19.00 23.00 uur

23.00 07.00 uur

Langtijdgemiddelde beoordelingsniveau La--,lt als gevolg van activiteiten

50 dB(A)

45 dB(A)

40 dB(A

Maximaal geluidniveau LAmax als gevolg van activiteiten

70 dB(A)

65 dB(A)

60 dB(A)

Geluidsbeleid voetbalstadions Rotterdam 2024

De waarden uit deze tabel komen overeen met de geluidnormen die in het voormalige Activiteitenbesluit milieubeheer stonden. De waarden in de bruidsschat wijken beperkt af van de waarden uit het Bkl, omdat in de instructieregels van het Bkl geen normen meer zijn opgenomen voor de LAmax in de dagperiode. Van deze waarden uit het omgevingsplan kan bij maatwerkvoorschriften worden afgeweken (art. 22.45 Invoeringsbesluit Omgevingswet). Bij het opstellen van een dergelijk maatwerkvoorschrift worden die hiervoor genoemde instructieregels uit het Bkl (onverkort) toegepast. UBS (Uitzonderlijke bedrijfssituatie) Voor activiteiten binnen de UBS geldt de verplichting van het bevoegd gezag uit artikel 5.59 van het Bkl om te voorzien in de aanvaardbaarheid van het geluid onverkort. De standaard(grens)waarden die hiervoor zijn opgenomen zijn op basis van artikel 5.63 van het Bkl echter alleen van toepassing op activiteiten binnen de RBS en dus niet bij deze activiteiten in de UBS. De activiteiten in de UBS kennen daarom alleen een 'kwalitatieve' aanvaardbaarheidstoets.

Aspecten die bij die aanvaardbaarheidstoets in de UBS een rol zullen spelen, zijn gelet op de toelichting op de Omgevingswet; bestaande toetsingskaders, geluid op gevoelige gebouwen, de aard en omvang van het geluid, de geschiedenis van de activiteit, de verwachte geluidhinder en de kosten en baten van technische maatregelen en gedragsregels.

Handreiking industrielawaai en vergunningverlening De Handreiking industrielawaai en vergunningverlening (1998) is opgesteld als hulpmiddel bij het voorkomen en beperken van hinder door industrielawaai. Onder het systeem van de Omgevingswet blijft de handreiking hierbij relevant. Dit volgt ook uit het feit dat de hiervoor beschreven aanvaardbaarheidstoets van artikel 5.66 Bkl een codificatie is van de toets aan het 'aanvaardbaar woon- en leefklimaat' in de jurisprudentie onder het oude recht en dat de handreiking in die toets een belangrijke rol had. De handreiking, en de daarin opgenomen onderbouwing voor het toestaan van bepaalde geluidwaarden, kan bijvoorbeeld worden gebruikt als motivering voor de toepassing van de hiervoor beschreven 'flexibiliteitsbepalingen' uit het Bkl. Daarbij kan worden gedacht aan het toepassen van de (oude) motivering in de handreiking rond de toelaatbaarheid van hogere geluidbelasting door een bepaalde hoogte van het referentieniveau. Daarnaast speelt de handreiking een (grotere) rol bij de beoordeling van activiteiten uit de UBS waarvoor de aanvaardbaarheid niet direct uit de hiervoor beschreven waarden of flexibiliteitsbepalingen binnen het Bkl kan worden afgeleid.

Nota “Evenementen met een luidruchtig karakter” De Nota “Evenementen met een luidruchtig karakter” van de Inspectie Milieuhygiëne Limburg (1996) (hierna: Nota Limburg) wordt doorgaans door de gemeente gebruikt voor het bepalen van maximaal toelaatbare geluidniveaus van evenementen met een luidruchtig karakter zoals concerten. In tabel 3 is conform de Nota Limburg het binnenniveau weergegeven.

Laagfrequent geluid Bij geluidevenementen wordt laagfrequent geluid geproduceerd wat veroorzaakt wordt door bastonen uit boxen. De basgeluiden worden op afstand minder gedempt dan de rest van het muziekspectrum waardoor dit type geluid dominant is. Met enkel een norm in dB(A) worden de basgeluiden niet gereguleerd en zou de geluidhinder te hoog kunnen zijn. Met een extra norm in dB(C) wordt dit voorkomen. Er zijn momenteel geen wettelijk vastgestelde normen voor dB(C). 7

Geluidsbeleid voetbalstadions Rotterdam 2024

Het is te rechtvaardigen om voor binnenniveaus een geluidseis in dB(C) te hanteren die 17 dB hoger ligt dan de geluideis in dB(A).5 Uitgaande van de geluideisen uit de Nota “Evenementen met een luidruchtig karakter” leidt dit tot de in de laatste kolom van de in tabel 3 beschreven waarden. Tabel 3. Maximale toelaatbare binnenwaarde Basisnorm Maximale binnenwaarde dB(A) conform Nota Limburg

Dag (7:00-19:00)

Avond (19:00­

Maximale binnenwaarde in dB(C)

35 dB(A)

50

67

30 dB(A)

50

67

25 dB(A)

45

62

23:00)

Nacht (23:00-7:00)

Beleidskader evenementen 2019 Op 9 juli 2019 is door de gemeente Rotterdam het Beleidskader Evenementen 2019 vastgesteld. In dit beleid zijn locatieprofielen bepaald, met per locatie geluidnormen (zowel in dB(A) als in dB(C)). Dit beleid is bedoeld voor evenementen in de buitenlucht en is daarom niet van toepassing op besloten locaties (zoals stadions) waarin evenementen plaatsvinden. Daarnaast richt het evenementenbeleid zich op geluidbelasting op bestaande gevels, terwijl onderhavig beleid zich richt op nieuwe woningen waarbij gestuurd wordt op het bereiken van een acceptabel binnenniveau.

Het verschil tussen de dB(A) waarden en dB(C) bedraagt o.b.v. het onderzoek van Peutz uitgevoerd ten behoeve van een van de voetbalstadions in de gemeente Rotterdam zelfs 20 dB voor de locatie van de bestaande woningen 25dB voor de daaromheen geprojecteerde nieuwbouwwoningen. Zie: Peutz, 'Plan van aanpak voor onderbouwing aanpassing normstelling dB(C) voor incidentele evenementen in een voetbalstadion', JF 366-1-NO 6 (concept), 2022. In dit beleid wordt echter gekozen voor een meer voorzichtige ^ 17dB'rekenregel.

8

Geluidsbeleid voetbalstadions Rotterdam 2024

3.

Motivering hogere geluidbelasting op de gevel door voetbalwedstrijden

Om woningbouw nabij voetbalstadions mogelijk te maken, dienen als eerste bron- en overdrachtsmaatregelen onderzocht te worden voordat aan de ontvangende kant (woningbouw) maatregelen overwogen worden. Tijdens wedstrijden wordt het geluid voornamelijk veroorzaakt door stemgeluid en geluid afkomstig van de stadionspeaker. Het is niet mogelijk om dit geluid qua luidheid te verlagen, zonder de gewenste activiteiten onmogelijk te maken om uit te voeren. Ten aanzien van andere bronmaatregelen is het tot op zekere hoogte mogelijk om een stadion te isoleren. Een dak kan bijvoorbeeld geïsoleerd worden, maar moet nog wel open kunnen. Dit betekent concreet dat er weinig massa toegepast kan worden, waardoor er geen sprake kan zijn van een optimale geluidwering. Daarnaast stelt de gemeente Rotterdam vanwege de beleving bij voetbalwedstrijden het niet verplicht om een dak te sluiten. Overdrachtsmaatregelen zoals hoge schermen dan wel een grotere afstand tussen het stadion en de woningen zijn niet wenselijk omdat deze maatregelen bezwaren van technische-, financiële- en stedenbouwkundige aard met zich meebrengen. Daarnaast zijn dergelijke maatregelen uit oogpunt van (verkeers- en sociale) veiligheid ruimtelijk onaanvaardbaar.

Binnenwaarde-eis De gemeente Rotterdam vindt dat de geluidbelasting op de gevel van nieuwe woningen door voetbalwedstrijden hoger mag zijn dan de standaardwaarden zoals deze volgen uit het kader in hoofdstuk 2 van dit beleid indien voldaan wordt aan de volgende binnenwaarde(n)6: a. b.

35 dB(A) in de dagperiode (van 7:00 tot 19:00); 30 dB(A) in de avondperiode (van 19:00 tot 24:00).

Maximaal geluidniveau Ten aanzien van de maximale geluidniveaus geldt dat pieken vanwege het juichen na een doelpunt optreden die tot 15 dB hoger liggen dan de equivalente geluidniveaus. Dit blijkt bijvoorbeeld uit metingen bij het FC Utrecht stadion. De geluidwering om de hierboven beschreven binnenwaarde-eisen te behalen zal voldoende zijn om pieken te beperken tot een maximaal geluidniveau van ten hoogste 45 dB(A) tijdens de avondperiode. Hiermee kan, voor zover van toepassing, voldaan worden aan de grenswaarde voor het maximaal geluidniveau LAmax uit tabel 5.66 van het Bkl en de waarden uit tabel 22.3.1 in het Omgevingsplan op basis van de bruidsschat (Invoeringsregeling Omgevingswet).

Motivering binnenwaarde tussen 23:00 en 24:00 uur Doorgaans wordt bij de bepaling en beoordeling van geluidbelastingen uitgegaan van drie etmaalperioden, namelijk de dag- (tussen 07:00 en 19:00 uur), de avond- (tussen 19:00 en 23:00 uur) en de nachtperiode (tussen 23:00 en 07:00 uur). Dit beleid rechtvaardigt een gelijke binnenwaarde tussen 23:00 en 24:00 uur tijdens voetbalwedstrijden met de avondperiode, vanwege mogelijke uitloop van wedstrijden (bijvoorbeeld door verlenging en/of strafschoppen) en tijdelijke muziek na de wedstrijd. De meeste wedstrijden vinden niet in de avond plaats, dus uitloop na 23:00 uur komt beperkt voor.

De binnenwaarde-eisen hebben betrekking op het langtijdgemiddeld beoordelingsniveau ĽAr,Ľr en zijn gebaseerd op de waarden uit tabel 5.66 Bkl.

9

Geluidsbeleid voetbalstadions Rotterdam 2024

De voorgestelde binnenwaarde van 30 dB(A) tussen 23:00 en 24:00 uur is 5 dB(A) hoger dan de Bkl-grenswaarden. Deze beslissing is genomen na een zorgvuldige overweging van verschillende factoren, waarin een evenwichtige toedeling van functies aan locaties voorop staat. De afwijking van 5 dB(A) is geschikt om het beoogde doel te bereiken, namelijk een evenwicht vinden tussen de aanvaardbaarheid van de geluidbelasting in de omgeving en de functionaliteit van voetbalstadions. De afwijking van 5 dB(A) gedurende maximaal een uur is het resultaat van de zoektocht naar dit evenwicht en is redelijk in verhouding tot het nagestreefde doel. Het erkent de aard van geluidemissies door voetbalstadions en de praktische onmogelijkheid om uitlopende wedstrijden stil te leggen. De binnenwaarde-eis van 30 dB(A) tussen 23:00 en 24:00 uur leidt daarbij bij het sluiten van de ramen en deuren, in beginsel, tot een acceptabel geluidniveau in de woning. Hoewel deze binnenwaarde tot slaapverstoring kan leiden, wordt dit als acceptabel beschouwd omdat het slechts om een uur gaat en het beperkt gebeurt dat wedstrijden uitlopen na 23:00 uur. Hier komt bij dat traditionele bron- en overdrachtsmaatregelen niet voldoende zijn om de gewenste activiteiten uit te voeren zonder de geluidniveaus te overschrijden.

Alternatieve oplossingen, zoals verdere isolatie-eisen, zijn om technische, financiële, en stedenbouwkundige redenen niet haalbaar. Afsluitend is er voldoende maatschappelijk draagvlak voor deze afwijking. Dit blijkt ook uit de klachten/meldingen registratie rond de stadions. Deze afwegingen zijn in lijn met de in de omgevingsvisie 2021 ‘De Veranderstad’ van de gemeente Rotterdam en de Koersnota Geluid uit 2023, meer specifiek de daarin opgenomen zoektocht naar de balans tussen 'rust en reuring'. Onder meer omdat zoals hiervoor beschreven deze beslissing (i) de aard van geluidemissies door voetbalstadions en de praktische onmogelijkheid om de incidenteel uitlopende wedstrijden stil te leggen (de reuring) onderkend en (ii) een binnenwaarde-eis van 30 dB(A) tussen 23:00 en 24:00 uur stelt die door hoogte, duur en beperkt voorkomen aanvaardbaar is (de rust). Meer in algemene zin kan daaraan worden toegevoegd dat groeien met behoud van een balans tussen rust en reuring in de omgevingsvisie is vastgesteld als een belangrijke opgave in de ontwikkeling van de stad. Geluid hoort bij een levendige stad, maar kan ook omslaan in overlast. Van belang is om hierin de juiste balans te vinden.

Algemene motivering Hieronder wordt gemotiveerd waarom de gemeente een hogere geluidbelasting dan de regulier te stellen standaardwaarden op de (gevels van) nieuwe woningen en een binnenwaarde-eis toelaatbaar acht: 1.

2.

10

De geldende normen voor geluid zijn opgesteld met het oog op (bedrijfs)activiteiten met een doorlopende bedrijfsvoering. Met andere woorden, er is altijd sprake van geluidbelasting vanaf de geluid veroorzakende activiteit op de gevels van nabijgelegen woningen. Voetbalwedstrijden vinden (gemiddeld over het jaar) echter maximaal twee keer in de week plaats gedurende een aantal uren in de dag- of avondperiode. Daarnaast vinden in de regel in de maanden juni en juli geen voetbalwedstrijden plaats. Er is bij voetbalwedstrijden dus sprake van een beperkt aantal keren dat een hogere geluidbelasting optreedt en gedurende enkele uren. De vereiste binnenwaarde kan bij voldoende gevelwering worden gehaald. Het voldoen aan deze binnenwaarde geldt als harde voorwaarde om te kunnen afwijken van de normen voor geluidbelasting op de gevel. Deze verplichting moet worden geborgd in het besluit dat de nieuwe woningen nabij een voetbalstadion toelaat. Bij de realisatie van de nieuwe woningen moet gezorgd worden dat de gevelisolatie voldoende is om (bij een afgesloten woning) aan de binnenwaarde te voldoen. Geluidsbeleid voetbalstadions Rotterdam 2024

3.

4.

5.

11

De voetbalwedstrijden vinden in de dagperiode of in de avondperiode plaats en incidenteel in een deel van de nachtperiode. Vanaf 23:00 uur en incidenteel uiterlijk vanaf 24:00 uur kan dus met de ramen open worden geslapen, zonder last te hebben van voetballawaai. De bewoners van de nieuwe woningen zijn vooraf op de hoogte gesteld van de nabijheid van het voetbalstadion en dat dit met zich meebrengt dat er op een beperkt aantal momenten voetballawaai zal zijn. Geluid dat niet als een verrassing komt, wordt doorgaans als minder hinderlijk ervaren dan geluid waar men onvoorzien mee wordt geconfronteerd. Omdat voetbalwedstrijden slechts incidenteel in een deel van de nachtperiode plaatsvinden, zijn onder omstandigheden geluidbeperkende maatregelen voor het realiseren van een lager binnenniveau financieel ondoelmatig.

Geluidsbeleid voetbalstadions Rotterdam 2024

4.

Motivering hogere geluidbelasting op de gevel door geluidevenementen en buitenpodia

Als onderdeel van de bedrijfsvoering van een voetbalstadion zullen bij een maximum aantal voetbalwedstrijden buitenpodia rond het stadion kunnen worden ingezet, en ook incidenteel geluidevenementen die niet (direct) een relatie hebben met voetbalwedstrijden kunnen worden gehouden. Deze activiteiten zijn vanwege het maatschappelijk en cultureel belang passend en wenselijk binnen een stedelijke omgeving. De inzet van buitenpodia en de geluidevenementen zullen meestal voor een hogere geluidbelasting op (de gevel) van woningen zorgen dan voetbalwedstrijden zelf. In het eerste hoofdstuk van dit geluidsbeleid is uitgelegd dat er twee bedrijfssituaties kunnen worden onderscheiden; de representatieve bedrijfssituatie (RBS) en de uitzonderlijke bedrijfssituatie (UBS). De activiteiten die worden beschreven in dit hoofdstuk (geluidevenementen en buitenpodia) vinden beide plaats in de UBS omdat deze activiteiten minder kenmerkend (representatief) voor een stadion zijn en niet de hoofdactiviteit van een voetbalstadion vormen. In het toelatingsbesluit dat het voetbalstadion reguleert wordt voor ieder van deze activiteiten beoordeeld of deze behoren tot een regelmatige of incidentele afwijking van de RBS (in de UBS). Indien het een incidentele afwijking betreft, mag de activiteit in beginsel niet vaker voorkomen dan 12 keer per jaar.

Zoals in hoofdstuk 2 is toegelicht zijn voor de UBS geen (standaard)grenswaarden van kracht, maar moet de aanvaardbaarheid van het geluid door deze activiteiten volgen uit een kwalitatieve beoordeling.

Binnenwaarde-eis Bij voetbalstadions is onder omstandigheden maximaal in totaal 10 maal per kalenderjaar sprake van de inzet van buitenpodia bij een (reguliere) voetbalwedstrijd.7 Bij voetbalstadions is onder omstandigheden maximaal in totaal 12 maal per kalenderjaar sprake van: (i) de inzet van buitenpodia bij een uitzonderlijke voetbalwedstrijd;8 of (ii) het organiseren van een geluidevenement9 in het voetbalstadion (zoals een muziek- of gemotoriseerd evenement) zonder koppeling met een voetbalwedstrijd.

De gemeente Rotterdam vindt dat, gelet op de in dit hoofdstuk opgenomen motivering, de geluidbelasting op de gevel van nieuwe woningen hoger mag zijn dan de geldende normen mits voldaan wordt aan de volgende binnenwaarden:10

7

8

9

10

Het is bekend dat bij (in ieder geval een van de) voetbalstadions buitenpodia ook bij overige bedrijfsmatige activiteiten worden ingezet. Dit geluidsbeleid reguleert die activiteiten niet, maar (en dus) beperkt en sluit die activiteiten, gelijk aan andere activiteiten die niet in dit beleid worden gereguleerd, dus ook niet uit. Een uitzonderlijke (voetbal)wedstrijd, zoals kampioenswedstrijden, specifieke Europese wedstrijden en dergelijke, verschilt van een reguliere wedstrijd in de zin dat sprake is van wedstrijden met een uitzonderlijk hoog veiligheidsrisicoprofiel en/of uitzonderlijk sportief en maatschappelijk belang, waardoor muziekpresentaties in de vorm van buitenpodia met een verhoogd geluidniveau worden verlangd. Evenementen gericht op vermaak van een groot publiek, gemotoriseerde evenementen, popconcerten en dance-events alsmede andere geluid veroorzakende evenementen, niet zijnde sportactiviteiten, met een geluidbelasting op de gevels van woningen van meer dan 65 dB(A). De binnenwaarde-eisen hebben betrekking op het 3-minuutsgemiddelde equivalente geluidniveau (LAeq). In de Nota Limburg zijn de binnenwaarde eisen gebaseerd op basis van één-minuut LAeq. Dit staat voor het equivalente geluidniveau gemeten over 1 minuut. In modelberekeningen voor geluidevenementen wordt uitgegaan van een constant geluidniveau.

De wijze waarop gemiddeld wordt (bijvoorbeeld een-minuut of drieminuten) leiden in modelberekeningen dan ook niet tot andere resultaten en een andere eis voor de gevelwering. Op basis van modelberekeningen moet worden bepaald welke gevelwering noodzakelijk is om aan de binnenwaarde te voldoen.

12

Geluidsbeleid voetbalstadions Rotterdam 2024

Bij buitenpodia bij een (reguliere) voetbalwedstrijd: a. b.

40 dB(A) in de dag- en avondperiode (van 7:00 tot 23:00 uur); 57 dB(C) in de dag- en avondperiode (van 7:00 tot 23:00 uur).

Bij geluidevenementen en/of buitenpodia bij een uitzonderlijke voetbalwedstrijd: a. b.

50 dB(A) in de dag- en avondperiode (van 7:00 tot 24:00 uur voor geluidevenementen en van 7:00 tot 23:00 uur voor buitenpodia bij uitzonderlijke voetbalwedstrijden); 67 dB(C) in de dag- en avondperiode (van 7:00 tot 24:00 uur voor geluidevenementen en van 7:00 tot 23:00 voor buitenpodia bij uitzonderlijke voetbalwedstrijden).

Maximaal geluidniveau In dit beleid zijn geen voorwaarden opgenomen voor de maximale geluidniveaus van de buitenpodia en geluidevenementen. Dit is niet nodig omdat tijdens deze activiteiten het verschil tussen het equivalente geluidniveau en het maximale geluidniveau beperkt is en er bij de meeste activiteiten dus in beginsel geen schrikreacties zullen optreden bij ‘geluidpieken’. Ook in de Nota Limburg zijn hiervoor geen normen opgenomen. De maximale geluidniveaus moeten geregeld worden in de vergunning dan wel de maatwerkvoorschriften voor het stadion.

Motivering binnenwaarde tussen 23:00 en 24:00 uur Net zoals bij voetbalwedstrijden wordt het in dit beleid ook voor geluidevenementen gerechtvaardigd geacht om de vereiste binnenwaarde tussen 23 :00- 24:00 uur gelijk te trekken met de avondperiode (van 19:00 tot 23:00 uur). Reden daarvoor is dat geluidevenementen incidenteel voorkomen en incidenteel uitlopen. Het is niet wenselijk om een geluidevenement dat te laat begint en daardoor uitloopt, vroegtijdig te beëindigen. Ook in de Nota Limburg wordt de vereiste binnenwaarde tussen 23:00 - 24:00 uur gelijkgetrokken met de avondperiode. Daarbij wordt als voorwaarde gesteld dat de dag na een evenement een vrije dag is. Deze voorwaarde wordt niet overgenomen in dit geluidsbeleid. Reden daarvoor is dat grote (internationale) artiesten doordeweeks concerten geven waarbij het vaak niet mogelijk is om te schuiven in de planning. Deze geluidevenementen komen slechts incidenteel voor en zullen zelden tot 24:00 uur uitlopen. In dit beleid is als voorwaarde opgenomen dat slechts 6 evenementen per kalenderjaar mogen plaatsvinden die eindigen tussen 23:00 en 24:00 uur en waarbij de volgende dag een reguliere werkdag is (zie hoofdstuk 5)11. Het voorgaande geldt niet voor de inzet van buitenpodia.

Algemene motivering Bij een binnenwaarde van 50 dB(A) en 67 dB(C) is het nog steeds goed mogelijk om elkaar te verstaan. Wel kunnen met name de bastonen als zeer hinderlijk worden ervaren. Daarnaast kan een dergelijke binnenwaarde tot slaapverstoring leiden. Hieronder wordt gemotiveerd waarom de gemeente bij geluidevenementen een hogere geluidbelasting dan de regulier te stellen standaardwaarden op (de gevels van) nieuwe woningen toelaatbaar acht: 1.

De hiervoor beschreven binnenwaarden moeten worden gehaald. Het voldoen aan deze geluidniveaus in de woning geldt als harde voorwaarde om te kunnen afwijken van de reguliere standaardwaarden op de gevels. Deze verplichting moet (ook)

Onder een reguliere werkdag wordt verstaan een dag die geen zaterdag, zondag of nationale feestdag is.

13

Geluidsbeleid voetbalstadions Rotterdam 2024

2.

3.

4.

5.

12

14

worden geborgd in het besluit dat de nieuwe woningen toelaat. Bij de realisatie van de nieuwe woningen moet de gevelisolatie voldoende zijn om (bij een afgesloten woning, dat wil zeggen bij gesloten ramen en deuren) aan de binnenwaarden te voldoen. Geluidevenementen (vaak concerten) in voetbalstadions en/of het gebruik van buitenpodia bij uitzonderlijke voetbalwedstrijden mogen onder omstandigheden en bij de nader daarvoor gestelde voorwaarden in totaal maximaal 12 keer per kalenderjaar worden gehouden en duren een paar uur per keer. Het beperkt aantal keren dat sprake is van de betreffende geluidbelasting is een randvoorwaarde om de hoge binnenwaarden acceptabel te achten. Buitenpodia mogen maximaal 10 keer per kalenderjaar worden gebruikt bij (reguliere) voetbalwedstrijden. De geluidevenementen vinden in de dagperiode en vooral in de avondperiode en maar een zeer kort deel van de nachtperiode (tot 24:00 uur) plaats. Buitenpodia vinden onder omstandigheden en bij nader daarvoor gestelde voorwaarden in beginsel in de dag- en avondperiode plaats (tot 23:00 uur). In (het grootste deel van) de nachtperiode kan dus met de ramen open worden geslapen, zonder last te hebben van het lawaai van evenementen/buitenpodia of men heeft indien een geluidevenement gevolgd wordt door een vrije dag12 de mogelijkheid om de volgende dag langer door te slapen.

De bewoners van de nieuwe woningen zijn vooraf op de hoogte van de nabijheid van het voetbalstadion c.q. kunnen zich op de hoogte stellen van de jaarlijkse evenementen kalender, en dat dit met zich brengt dat op een beperkt aantal momenten lawaai van geluidevenementen en buitenpodia zal zijn. Geluid dat niet als een verrassing komt wordt doorgaans als minder hinderlijk ervaren dan geluid waar men onvoorzien mee wordt geconfronteerd. De inzet van buitenpodia maakt dat een meer geleidelijke instroom van publiek wordt bewerkstelligd, wat positief effect heeft op de toe- en doorstroming van bezoekers en verkeer rondom het stadion en, in grotere mate bij buitenpodia bij uitzonderlijke wedstrijden, op de veiligheid en de openbare orde.

Onder een vrije dag wordt verstaan een dag die een zaterdag, zondag of nationale feestdag is.

Geluidsbeleid voetbalstadions Rotterdam 2024

5.

Beleidsregel en doorwerking geluidsbeleid

Het ‘Geluidsbeleid voetbalstadions Rotterdam 2024’ is dus bedoeld om als beoordelingskader te dienen bij het toelaten of wijzigen van geluidgevoelige gebouwen rond voetbalstadions. Om tot de meest optimale toedeling van functies aan locaties te komen kan het nodig zijn om nieuwe woningen dicht op een voetbalstadion te realiseren. Als deze korte afstand tot gevolg heeft dat de geluidbelasting op de gevels van de nieuwe woningen hoger is dan de doorgaans door de gemeente Rotterdam gehanteerde standaard- en grenswaarden voor het aspect geluid, kan dit geluidsbeleid worden gebruikt om deze hogere geluidbelasting toelaatbaar te achten. Daarbij zoekt de gemeente Rotterdam naar het gewenste evenwicht tussen bescherming en benutting van de fysieke leefomgeving. Een van de argumenten bij deze motivatie is dat nieuwe woningen gerealiseerd kunnen worden met gevels die voldoende geluid tegenhouden om een acceptabel binnenniveau te bereiken. Het voldoen aan de onderstaande binnenwaarden geldt als harde voorwaarde om een hogere geluidsbelasting op de gevels aanvaardbaar te achten: 1. Veroorzaakt door voetbalwedstrijden gedurende maximaal 50 keer per kalenderjaar: a. 35 dB(A) in de dagperiode (van 7:00 tot 19:00 uur); b. 30 dB(A) in de avondperiode en een klein deel van de nachtperiode (van 19:00 tot 24:00 uur). 2.

Veroorzaakt door buitenpodia bij reguliere voetbalwedstrijden gedurende maximaal 10 keer per kalenderjaar:

3.

a. 40 dB(A) in de dag- en avondperiode (van 7:00 tot 23:00 uur); b. 57 dB(C) in de dag- en avondperiode (van 7:00 tot 23:00 uur). Veroorzaakt door geluidevenementen of buitenpodia bij uitzonderlijke voetbalwedstrijden gedurende maximaal 12 keer per kalenderjaar: a. 50 dB(A) in de dag- en avondperiode en een klein deel van de nachtperiode(van 7:00 tot 24:00 uur voor geluidevenementen en van 7:00 tot 23:00 uur voor buitenpodia bij uitzonderlijke voetbalwedstrijden); b. 67 dB(C) in de dag- en avondperiode en een klein deel van de nachtperiode (van 7:00 tot 24:00 uur voor geluidevenementen en van 7:00 tot 23:00 uur voor buitenpodia bij uitzonderlijke voetbalwedstrijden).

Daarnaast gelden de volgende voorwaarden: 4. 5.

6. 7. 8.

15

Voetbalwedstrijden en geluidevenementen mogen niet in de nachtperiode (vanaf 24:00 uur) plaatsvinden. Geluidevenementen mogen ten hoogste 3 dagen achter elkaar plaatsvinden. Indien twee of drie dagen achter elkaar een geluidevenement plaatsvindt, mag slechts één van deze geluidevenementen meer dan 5 uur duren en moet dit geluidevenement uiterlijk om 24:00 uur eindigen. De overige geluidevenementen mogen maximaal 5 uur duren en moeten uiterlijk om 23:00 uur eindigen. Per jaar mogen maximaal 6 geluidevenementen plaatsvinden, die eindigen tussen 23:00 en 24:00 uur en waarbij de volgende dag een reguliere werkdag is. Het dak (indien aanwezig) is gesloten bij geluidevenementen. Toekomstige bewoners dienen op de hoogte te worden gebracht van de jaarlijkse evenementenkalender en voetbalwedstrijden van het stadion zodat zij van tevoren weten wanneer een evenement of voetbalwedstrijd gaat plaatsvinden. Geluidsbeleid voetbalstadions Rotterdam 2024

9.

Toekomstige bewoners dienen voorafgaand aan het kopen of huren van de woning geïnformeerd te worden over de optredende geluidbelasting.

In het besluit tot toelating van de geluid veroorzakende activiteiten in en/of rond het voetbalstadion moeten bovengenoemde eisen (op voorwaarde 9 na) worden geborgd. Voorwaarde 9 moet privaatrechtelijk geregeld worden in de notariële akte of huurovereenkomst.

16

Geluidsbeleid voetbalstadions Rotterdam 2024

6.

Bijlage 1: Begrippenlijst

Bal: het Besluit activiteiten leefomgeving Bbl: Besluit bouwwerken leefomgeving Beleidsregel: deze beleidsregels 'Geluidsbeleid voetbalstadions Rotterdam 2024' Bestaande woning: Woning of, voor de toepassing van deze Beleidsregels, een ander geluidgevoelig gebouw of geluidgevoelige ruimte, die valt onder het toepassingsbereik van artikel 3.1 Bbl. Binnenwaarde: het geluidniveau in geluidgevoelige ruimten binnen geluidgevoelige gebouwen, anders dan binnen in- en aanpandige geluidgevoelige gebouwen Bkl: Besluit kwaliteit leefomgeving Buitenpodia: een (of meerdere) buitenpodi(um)(a) op het gesloten terrein behorende bij (maar niet in) het voetbalstadion waarop gekoppeld aan een voetbalwedstrijd een muziekpresentatie ten gehore wordt gegeven met een Geluidbelasting bij woningen van meer dan 65 dB(A) Geluidgevoelig gebouw: geluidgevoelig gebouw als bedoeld in artikel 3.21 Bkl Geluidgevoelige gevel: gevel met te openen deel of delen die grenzen aan een geluidgevoelige ruimte Geluidgevoelige ruimte: geluidgevoelige ruimte als bedoeld in artikel 3.22 Bkl Geluidevenement: evenementen gericht op vermaak van een groot publiek, gemotoriseerde evenementen, popconcerten en dance-events alsmede andere geluid veroorzakende evenementen, niet zijnde sportactiviteiten, met een Geluidbelasting bij woningen van meer dan 65 dB(A) Geluidluwe buitenruimte: de buitenruimte, zoals bedoeld in artikel

4.175 van het Bbl, behorende bij een woning of geluidgevoelig gebouw, zoals een tuin of een balkon, die grenst aan een geluidluwe gevel Geluidwerende maatregel: maatregel aan een geluidgevoelig gebouw ter beperking van het geluid in dat gebouw Nieuwe woning of nieuwbouwwoning: Woning of, voor de toepassing van deze Beleidsregels, een ander geluidgevoelig gebouw of geluidgevoelige ruimte, die valt onder het toepassingsbereik van artikel 4.1 Bbl. RBS: de representatieve bedrijfssituatie Side event: de inzet van buitenpodia, in afwijking van de daarvoor gestelde venstertijden, tijdens of na afloop van een voetbalwedstrijd UBS: de uitzonderlijke bedrijfssituatie

17

Geluidsbeleid voetbalstadions Rotterdam 2024

Voetbalstadion: een sportterrein ten behoeve van voetbalwedstrijden in het betaald voetbal, omringd door tribunes van enige omvang Voetbalwedstrijd: een sportevenement waarbij conform reglementen van bijvoorbeeld KNVB, UEFA of FIFA voetbal wordt gespeeld met wedstrijdkarakter, inclusief de geluidpresentatie voorafgaand, tijdens en na afloop van de activiteit ten gehore gebracht, vanuit het voetbalstadion

18

Geluidsbeleid voetbalstadions Rotterdam 2024

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=6eb5bb64-262b-4fab-ac22-687e182e60d8