CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[24bb003027] Bijlage 1 behorende bij 24bb003041 over ontwerpbestemmingsplan Folkert Elsingastraat

Commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte (2022-2026) 5 juni 2024, gemeente RotterdamBij agendapunt: Bouwen en Wonen24.974 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Circulariteit Circulariteit is een heel breed begrip. Ten behoeve van de ambities op gebied van duurzaamheid voor het project is gefocust op de technische en sociale duurzaamheid. Voor de technische duurzaamheid is gefocust op hernieuwbare materialen, dus biobased producten en daarmee getrechterd tot houtbouwconstructies. Door gebruik te maken van houtbouwconstructies wordt de meeste impact binnen het gebouw gemaakt. Voor dit project wordt één van de bouwdelen in een CLT constructie uitgevoerd. Voor de geveldelen wordt momenteel onderzoek gedaan of deze uitgevoerd kunnen worden in hout. Samen met onze partners wordt gezocht naar hout dat gekapt moet worden vanwege bijvoorbeeld omvalgevaar of ziekte. Dit hout wordt normaal gesproken als afvalhout bestempeld. Door het hout onder andere te gebruiken als geveldelen, blijft het hout toch nog in leven. Dit vereist wel een andere manier van ontwerpen. Er wordt gekeken naar wat er is en daarmee maak je het product af in plaats van met nieuwe producten te werken, dit alles zonder de esthetische waarde te verliezen.

Energietransitie De nieuwbouwontwikkeling wordt aangesloten op Eneco stadsverwarming. Door de aansluiting op de stadverwarming wordt verzekerd dat er gebruik wordt gemaakt van hernieuwbare energie. Daarnaast worden de vier woongebouwen voorzien van PV-panelen. Door gebruik te maken van PV-panelen wordt de energietoevoer van de exploitatie aansluiting van de gebouwen voorzien van groene energie. Voor een aangenaam binnenklimaat zijn de volgende maatregelen van toepassing. Het WTW-systeem zorgt voor ventilatie in het gebouw. Het WTW-systeem is daarnaast CO2 aangestuurd, zodat aangesloten wordt bij de vraag en de installaties niet onnodig draaien. De koeling, eveneens vanuit Eneco stadsverwarming, in combinatie met de overkragende balkons gaat overmatige opwarming binnenin de woningentegen. Tot slot hanteert HD verhoogde Rc-waardes voor de gesloten geveldelen en zorgt het triple glas in de open geveldelen voor een goede isolatie.

Klimaatadaptief De klimaatveranderingen vragen om aanpassingen van de woningbouwopgaven. In MIX wordt rekening gehouden met deze klimaatveranderingen. Door het toevoegen van blauwe daken, wordt water opgevangen en wordt het te veel aan regenwater afgeremd. Daarnaast zorgen de overkragende leefgalerijen alsook de balkons voor passieve zonwering. Tot slot wordt er gebuikt gemaakt van stadskoeling en stadswarmte welke gekoppeld worden aan de woningen. Op deze manier is ingespeeld op de hitte en blijven de woningen koel gedurende hete zomerdagen.

Natuurinclusief bouwen In het ontwerp van MIX is gedacht aan natuurinclusief bouwen door de biodiversiteit te vergroten. In de daktuin wordt een gevarieerde mix van beplanting aangebracht, de balkons en galerijen hebben geïntegreerde plantenbakken en er worden nestkasten opgehangen aan de gevel voor vogels, vleermuizen en sommige insecten.

Multifunctionele daken In de ontwikkeling is ingezet op multifunctionele daken waar groen, energie en waterretentie bij elkaar komen. De daken van MIX A en MIX D fungeren als energiedaken (geel) en zorgen voor waterretentie (blauw). De daken van MIX B en MIX C zijn voornamelijk groene daken en dragen bij aan de vergroening en de luchtkwaliteit. Eveneens zorgen deze daken voor waterretentie. Tot slot zorgt de daktuin op het parkeren voor waterretentie, het bevorderen van biodiversiteit en ontmoetingen tussen bewoners (rood).

54

Gezonde leefomgeving De mentale gezondheid van de gebruiker staat centraal. De leefgalerij en daktuin zorgen voor sociale ontmoetingen. Hiermee wordt ontworpen tegen eenzaamheid en wordt de levendigheid in het complex bevordert. Naast de levendigheid in de daktuin zorgt de daktuin ook voor het gevoel onderdeel te zijn van de leefcommunity. Een gezamenlijke plek hebben, zorgt voor saamhorigheid en geborgenheid binnen de woontorens, ze hebben een eigen stukje groen, een eigen recreatieplek. Al bij de opzet van het plan is bewust ingezet op een diversiteit aan woninggroottes en woningplattegronden, om een grote variëteit aan doelgroepen aan te spreken. Door het mixen van mensen in verschillende levensfases, gezinssamenstelling en achtergrond, wordt ingestoken op het vergroten van de sociale samenhang in het project en daarmee ook binnen de wijk. Daarnaast wordt gestimuleerd om te bewegen. De trappen worden in het zicht ontworpen en de liften juist uit het zicht. De ontwikkeling is gelegen aan een sport- en beweegas waarbij zowel de gemeenschappelijke daktuin, de ruime galerijen en/of de privébalkons zicht hebben op de sport- en beweegas. Het zien bewegen van mensen, doet mensen bewegen. Tot slot wordt er ingezet op groene daken. Voor de mentale gezondheid is groen van belang. Uitzicht op groen heeft een stressreducerende werking en verbetert het concentratievermogen.

Het bevordert vitaliteit, creativiteit en stimuleert ontmoetingen tussen mensen.

4.12 Schaduwhinder Toetsingskader In Nederland bestaat geen wetgeving ter voorkoming van schaduwwerking. Op basis van artikel 3.1. Wro dient in het kader van de zorg voor een goede ruimtelijke ordening echter bij het opstellen van ruimtelijke plannen het aspect bezonning c.q. schaduwwerking te worden meegenomen in de afwegingen, indien aard of omvang van de bebouwing en van de omgeving hiertoe aanleiding geeft. Gelet op de bouwhoogte en verdichting bij dit bestemmingsplan, wordt nader ingegaan op dit aspect. Voor de bezonning van de bestaande woningen in de omgeving is het gemeentelijk Afwegingskader Bezonning van toepassing. Afwegingskader bezonning De gemeente Rotterdam heeft in juni 2021 het afwegingskader bezonning vastgesteld. Het afwegingskader komt voort uit een veel gebruikte richtlijn, de lichte TNO-norm. De toetsingsdag is gelijk getrokken aan de ongunstigste datum van periode uit de hoogbouwvisie, 21 september. Het afwegingskader biedt naast een kwantitatieve beoordeling de ruimte om de gevolgen van de afname van de bezonning af te zetten tegen het belang van de nieuwbouw. In het afwegingskader staan de voorwaarden voor de toetsing van de bezonning van bestaande woningen: » » » » » » » »

Een toetsing is nodig als geplande bebouwing (binnen bepaalde voorwaarden) 500Zo hoger is dan de gemiddelde omgevingshoogte. Bestaande woningen worden getoetst tot een afstand van 3 maal de hoogte van de nieuwbouw, met een maximum van 500 meter. De meethoogte is 0,75 meter in het midden de gevel met ramen van de onderste woonlaag. De opgetelde bezonning van de verschillende gevels van de woning wordt beoordeeld. De bezonning wordt gemeten op 21 september van zonsopgang tot zonsondergang. Bij een bezonning van minimaal 2 uren voldoet de bezonning. Een afname van de bezonning ten opzichte van de bestaande situatie van minder dan 150Zo voldoet ook. Als de bezonning niet voldoet wordt er door de gemeente een afweging gemaakt of de voordelen van het nieuwbouwplan opwegen tegen de afname van de bezonning van de bestaande woningen. Hierbij gaat het over een 'proportionele afweging', een 'verdichtingsafweging' en een 'typologische afweging'.

Onderzoek en conclusie Voor de ontwikkeling is een bezonningsonderzoek uitgevoerd, zie bijlage 11. Hieruit blijkt dat door de

55

nieuwbouw er iets verandert op bepaalde tijdstippen in de schaduwval in de omgeving van de nieuwbouw. Uit het onderzoek blijkt dat dit geen problemen oplevert, aangezien alle omliggende panden die schaduw ervaren, alsnog op de eerste woonlaag meer dan 2 uur zon ervaren op 21 september. Het nieuwbouwplan voldoet aan het beleid van de gemeente waardoor er geen maatregelen getroffen hoeven te worden.

4.13

Planologisch relevante kabels en leidingen

Toetsingskader Planologisch relevante leidingen en hoogspanningsverbindingen dienen te worden gewaarborgd. Tevens dient rond dergelijke leidingen rekening te worden gehouden met zones waarbinnen mogelijke beperkingen gelden.

Onderzoek en conclusie Binnen het plangebied en in de directe omgeving zijn geen planologisch relevante buisleidingen, hoogspanningsverbindingen of straalpaden aanwezig.

56

Hoofdstuk 5

5.1

Juridische planbeschrijving

Inleiding

Dit bestemmingsplan vormt het juridische kader voor het plangebied. Op basis van dit bestemmingsplan kan de beoogde ontwikkeling zonder verdere uitwerking van de bestemmingen of andere planologisch-juridische procedures worden uitgevoerd. Daarnaast vervult het plan, na realisatie van de functiewijziging een belangrijke beheer- en gebruiksfunctie. Het bestemmingsplan is in lijn met het geldende bestemmingsplan 'Lage Land - Oosterflank' en voldoet aan de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP2012).

5.2

Opbouw regels

De juridische regeling bestaat uit vier hoofdstukken. Hoofdstuk 1 bevat de definities van begrippen en de wijze van meten, die voor het algemene begrip, de leesbaarheid en uitleg van het plan van belang zijn. In Hoofdstuk 2 wordt op de bestemmingen en hun gebruik ingegaan (zie paragraaf 5.3). Vervolgens gaat Hoofdstuk 3 in op de algemene bepalingen. De overgangs en slotbepalingen maken onderdeel uit van Hoofdstuk 4.

5.3

De bestemmingen

Artikel 3 Groen De gronden aan de oostzijde van het plangebied hebben de bestemming Groen en zijn daarmee bestemd voor groenvoorzieningen. Artikel 4 Sport - Sport- en speelterrein De bestemming 'Sport - Sport- en speelterrein' maakt de nieuwe ligging van de sportvelden mogelijk. Binnen de bestemming is de bebouwing mogelijk voor de indoor Ski & snowboard, boksschool en sportverenigingen. Binnen de bestemming is door middel van een aanduiding aangegeven waar de georganiseerde sportactiviteiten plaats vinden. In dit gebied vinden de actitviteiten plaats die geluid produceren, zoals wedstrijden en trainingen. Door deze zone af te bakenen is er sprake van voldoende afstand tussen de sportactviteiten en de beoogde woningen om een aanvaardbaar woon- en leefklimaat te garanderen. Buiten deze aanduiding zijn niet-georganiseerde sportactiviteiten wel mogelijk in de openbare ruimte, zoals hardlopen, individuele sportactiviteiten en bootcamps. In de regels is eveneens bepaald dat de afstand tussen gebouwen voor sportvoorzieningen en geluidsgevoleige objecten (zoals woningen) ten minste 10 meter dient te bedragen. Ook is vastgelegd dat ten aanzien van het gebruik van (scheidsrechter)fluiten binnen deze bestemming geldt dat het bronvermogen niet meer mag bedragen dan 109 d(B)A. Artikel 5 Tuin Aan de west- en zuidzijde van de woonbestemming is een strook bestemd als 'Tuin'.

Binnen deze bestemming zijn de tuinen van de woningen op de begane grond mogelijk. Artikel 6 Verkeer - Verblijfsgebied Het openbaar gebied aan de oost- en zuidzijde van de woonbestemming is bestemd als 'Verkeer Verblijfsgebied'.

57

Artikel 7 Wonen - 1 Vanwege het toekomstige gebruik als appartementengebouw is zoals gebruikelijk in aansluitende bestemmingsplannen de bestemming 'Wonen -1' toegekend. Binnen deze bestemming worden ook parkeervoorzieningen toegestaan, zodat de inpandige parkeergarage kan worden gerealiseerd. Ter plaatse van de aanduiding 'maatschappelijk' zijn tevens zorggerelateerde maatschappelijke voorzieningen toegestaan. Daarnaast is door middel van een voorwaardelijke verplichting vastgelegd dat het geluidsniveau in woningen ten hoogste 35 dB(A) dient te bedragen ten gevolge van het geluid afkomstig van de sportvelden.

Artikel 8 Waarde - Archeologie Ter bescherming van de archeologische waarden die mogelijk in het gebied voorkomen, is een dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie' opgenomen, afgestemd op het gemeentelijke archeologiebeleid.

58

Regels

85

86

Hoofdstuk 1 Artikel 1 1.1

INLEIDENDE REGELS

Begrippen

plan:

Het bestemmingsplan Folkert Elsingastraat met identificatienummer NL.IMRO.0599.BP2227FolkElsinga-on01 van de gemeente Rotterdam.

1.2

bestemmingsplan:

De geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen.

1.3

Aanbouw (uitbouw)

Een uitbreiding van het hoofdgebouw in één bouwlaag (hieronder wordt tevens een uitbouw begrepen).

1.4

aanduiding

Een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden.

1.5

aanduidingsgrens

De grens van een aanduiding indien het een vlak betreft.

1.6

Archeologisch deskundige

Het Bureau Oudheidkundig Onderzoek Rotterdam of een andere deskundige op het gebied van archeologie.

1.7

Bebouwing

Een of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde.

1.8

Bebouwingspercentage

Een percentage dat aangeeft hoeveel van het oppervlak van een bestemmingsvlak door gebouwen mag worden ingenomen.

1.9

Bedrijven

De bedrijven genoemd in de lijst van bedrijfsactiviteiten behorende bij deze regels.

1.10

bestemmingsgrens

De grens van een bestemmingsvlak.

1.11

bestemmingsvlak

Een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming.

1.12

Bouwaanduidingen

Alle aanduidingen met betrekking tot de wijze van bouwen en de verschijningsvorm van bouwwerken.

1.13

Bouwen

Het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats.

1.14

Bouwgrens

De grens van een Bouwvlak.

1.15

Bouwperceel

Een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten.

1.16

Bouwperceelgrens

De grens van een bouwperceel.

1.17

Bouwvlak

Een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten.

87

1.18

Bouwwerk

Elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond.

1.19

Bruto vloeroppervlak (b.v.o.)

Het vloeroppervlak van een bouwwerk, inclusief de niet direct voor het hoofddoel bruikbare ruimten (bijvoorbeeld bij een productiebedrijf of winkel, de magazijn-, expeditie-, kantoorruimten). Gebouwde parkeervoorzieningen worden niet tot het b.v.o. gerekend.

1.20

Bijbehorend bouwwerk

Uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd en met de aarde verbonden bouwwerk met een dak.

1.21

Bijgebouw

Vrijstaand gebouw dat door constructie en/of afmetingen ondergeschikt is aan een hoofdgebouw gelegen op hetzelfde perceel.

1.22

Dakterras

Een bouwkundige voorziening op het platte dak van een woning dat bestaat uit een te betreden vlak, geheel of gedeeltelijk omgeven door een hekwerk zoals voorgeschreven in het Bouwbesluit.

1.23

Detailhandel

Het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder de uitstalling ter verkoop, verkopen, verhuren en leveren van goederen aan personen die die goederen kopen of huren voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit.

1.24

Dienstverlening

Het bedrijfsmatig verlenen van diensten, waarbij het publiek rechtstreeks (al dan niet via een balie) te woord wordt gestaan en geholpen. Een belwinkel en een seksinrichting worden hier niet onder begrepen.

1.25 a.

b.

Dove gevel

een bouwkundige constructie waarin geen te openen delen aanwezig zijn en met een in NEN 5077 bedoelde karakteristieke geluidwering die ten minste gelijk is aan het verschil tussen de geluidbelasting van die constructie en 33 dB onderscheidenlijk 35 dB(A), alsmede, een bouwkundige constructie waarin alleen bij uitzondering te openen delen aanwezig zijn, mits deze niet direct grenzen aan een geluidsgevoelige ruimte.

In dit verband wordt onder een geluidsgevoelige ruimte verstaan een ruimte binnen een woning voor zover die kennelijk als slaap-, woon- of eetkamer wordt gebruikt of voor een zodanig gebruik is bestemd, alsmede een keuken van tenminste 11 m2.

1.26

Gebouw

Elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt.

1.27

Geluidsgevoelige objecten

Hieronder worden verstaan de in de Wet geluidhinder aangewezen objecten: woningen, onderwijsgebouwen, ziekenhuizen, verpleeghuizen, verzorgingstehuizen, psychiatrische inrichtingen en kinderdagverblijven. NB: Delen van deze gebouwen kunnen worden uitgezonderd wanneer deze een bestemming krijgen voor een functie die niet als geluidsgevoelig kan worden beschouwd.

1.28

Gestapelde woningen

Woningen, gestapeld met woningen (soms ook gestapeld met andere functies, welke dan in de bestemmingsomschrijving vermeld dienen te zijn).

1.29

Grondgebonden woningen

Woningen met een eigen tuin.

88

1.30

Hoofdgebouw

Gebouw, of gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende bestemming van een perceel en, indien meer gebouwen op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is.

1.31

Kap

Een afdekking van een gebouw met schuine zijden waarbij de hellingshoek ten minste 20 en ten hoogste 60 graden bedraagt.

1.32

Kantoren

Het bedrijfsmatig verlenen van diensten waarbij het publiek niet of slechts in ondergeschikte mate rechtstreeks te woord wordt gestaan en geholpen.

1.33

Kleinschalige speeltoestellen

Speeltoestellen niet hoger dan 4 meter.

1.34 a.

b.

c.

d.

Kwetsbare objecten

woningen, met uitzondering van: 1. verspreid liggende woningen van derden met een dichtheid van maximaal twee woningen per hectare; 2. dienst- en bedrijfswoningen van derden; gebouwen bestemd voor het verblijf, al dan niet gedurende een gedeelte van de dag, van minderjarigen, ouderen, zieken of gehandicapten, zoals: 1. ziekenhuizen, bejaardenhuizen en verpleeghuizen; 2. scholen; 3. gebouwen of gedeelten daarvan, bestemd voor dagopvang van minderjarigen; gebouwen waarin doorgaans grote aantallen personen gedurende een groot gedeelte van de dag aanwezig zijn, zoals: 1. kantoorgebouwen en hotels met een b.v.o. van meer dan 1500 m2 per object; 2. complexen waarin meer dan 5 winkels zijn gevestigd en waarvan het gezamenlijk b.v.o. meer dan 1000 m2 bedraagt en winkels met een totaal b.v.o. van meer dan 2000 m2 per winkel, voor zover in die complexen of in die winkels een supermarkt, hypermarkt of warenhuis is gevestigd; kampeer- en andere recreatieterreinen bestemd voor het verblijf van meer dan 50 personen gedurende meerdere aaneengesloten dagen.

1.35

Maaiveld

De bovenkant van het aansluitende, afgewerkte terrein dat een bouwwerk omgeeft, met dien verstande dat in geaccidenteerd terrein het gemiddelde van die bovenkanten wordt aangehouden.

1.36

Maatschappelijke voorzieningen

Voorzieningen op het gebied van onderwijs, religie, gezondheidszorg, cultuur, maatschappelijke dienstverlening en publieke dienstverlening.

1.37

Milieudeskundige

De DCMR Milieudienst Rijnmond of de daarvoor in de plaats tredende instantie.

1.38

NAP

Het Normaal Amsterdams Peil is de referentiehoogte waaraan hoogtemetingen in Nederland worden gerelateerd.

1.39

Openbaar nutsvoorzieningen

Op het openbaar leidingen net aangesloten voorzieningen op het vlak van gas-, water-, elektriciteitsdistributie, blokverwarming, (riool)gemalen (een gasdrukregelstation wordt niet hieronder begrepen).

1.40 a. b. c. d. e.

Overige objecten

een sporthal of een zwembad; een weidewinkel; een hotel, een kantoor- of bedrijfsgebouw, niet vallend onder de categorie bijzondere objecten; een schuur, opslagplaats, dierenverblijf, zomerhuisje, kas, weg en dergelijke; andere, met de bovengenoemde vergelijkbare objecten.

89

1.41 a. b.

Peil (straat-) voor een bouwwerk, waarvan de hoofdtoegang aan de weg grenst: de hoogte van de weg ter plaatse van de kruin van de weg; voor een bouwwerk waarvan de hoofdtoegang niet aan de weg grenst: de hoogte van het terrein ter plaatse van die hoofdtoegang, na voltooiing van de aanleg van dat terrein.

Indien een bouwwerk aan meer dan één weg wordt gebouwd, is het peil van de hoogstgelegen weg maatgevend.

1.42

Publieke dienstverlening

Bestuursorganen van de overheid en de daaraan gekoppelde ambtelijke diensten ten behoeve van de beleidsvoorbereiding en -uitvoering, alsmede politie, brandweer, reinigingsdiensten, gezondheidsdiensten.

1.43

Seksinrichting

De voor publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht.

1.44

Souterrain

Een gebruiksruimte in een gebouw dat zich gedeeltelijk ondergronds bevindt.

1.45

Straatmeubilair

Voorzieningen ten behoeve van de weggebruiker, zoals verkeersborden, straatverlichting, zitbanken, plantenbakken e.d.

1.46

Tuin

Terrein ten behoeve van de aanleg van groenvoorzieningen, met de daarbij behorende verharding (paden, terrassen) en vijvers en dat in overwegende mate niet voor bebouwing in aanmerking komt.

1.47

Uitstekende delen aan gebouwen

Erkers, luifels, balkons, galerijen e.d.

1.48

Water

Waterlopen (sloten, singels, vijvers e.d.) ten behoeve van de waterberging, alsmede de aan- en afvoer van oppervlaktewater.

1.49

Wet geluidhinder

De Wet geluidhinder zoals deze luidt op het tijdstip van ter inzage legging van het ontwerp voor dit bestemmingsplan.

1.50

Wet ruimtelijke ordening

De Wet ruimtelijke ordening zoals deze luidt op het tijdstip van ter inzage legging van het ontwerp voor dit bestemmingsplan.

1.51

Zorggerelateerde maatschappelijke voorzieningen

Voorzieningen en maatschappelijke dienstverlening op het gebied van welzijn en gezondheidszorg, zoals fysiotherapie, zorggerelateerde fitness en een huisartsenpraktijk.

90

Artikel 2

wijze van meten

Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten:

2.1

de dakhelling

Langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak.

2.2

de goothoogte van een bouwwerk

Vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel.

2.3

de inhoud van een bouwwerk

Tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen.

2.4

de bouwhoogte van een bouwwerk

Vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een overig bouwwerk met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen.

2.5

de oppervlakte van een bouwwerk

Tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van een bouwwerk.

2.6

de breedte van een gebouw

Van en tot de buitenkant van een zijgevel dan wel het hart van een gemeenschappelijke scheidingsmuur, met dien verstande, dat wanneer de zijgevels verspringen of niet evenwijdig lopen, het gemiddelde wordt genomen van de kleinste en de grootste breedte.

2.7

de afstand van een gebouw tot de zijdelingse perceelsgrens

Vanaf het punt van de gevel van een gebouw welke het dichtst bij de perceelsgrens is gelegen, haaks op de perceelsgrens.

91

92

Hoofdstuk 2 Artikel 3 3.1

BESTEMMINGSREGELS

Groen

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c.

groenvoorzieningen als park en plantsoen; waterpartijen, waterlopen en overige in het kader van de waterhuishouding nodige voorzieningen, zoals taluds, keerwanden en beschoeiingen; voorzieningen behorend bij bovengenoemde functies als voet- en fietspaden, ontsluitingswegen, parkeerplaatsen en overige voorzieningen.

3.2

Bouwregels

3.2.1

Algemeen

Op de voor 'Groen' bestemde gronden mag niet worden gebouwd, behoudens: a. b.

kleine gebouwen voor openbaar nut, verkeer en vervoer, zoals gemaalgebouwtjes, telefooncellen, gasdrukregel- en meetstations, wachthuisjes e.d., niet groter dan 80 m3. bouwwerken - ondergronds en bovengronds- voor het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen, mits niet groter dan 10 m3.

93

Artikel 4 4.1

Sport - Sport- en speelterrein

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Sport - Sport- en speelterrein' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a.

b.

sportvelden, speelterreinen en sporthallen met bijbehorende bebouwing en voorzieningen als erven, groen, ontsluitingswegen en -paden, parkeerterrein, waterlopen, en ongeorganiseerde sportactiviteiten zoals hardlopen, fitness, bootcamp, en diverse urban sports; ter plaatse van de aanduiding 'sportveld' tevens voor georganiseerde sportactiviteiten, zoals aan een Sportbond en/of -federatie gerelateerde trainingen en wedstrijden of schoolsport, niet zijnde luidruchtige sportactiviteiten die een geluidsbelasting veroorzaken die vergelijkbaar is met sporten die onder categorie 3.1 vallen met een richtafstand van 50 meter conform de VNG-publicatie 'Bedrijven en milieuzonering'.

4.2

Bouwregels

4.2.1

Algemeen

a.

b.

op de voor 'Sport - Sport- en speelterrein' bestemde gronden mogen uitsluitend in de bestemming passende bouwwerken worden gebouwd zoals overdekte sportvoorzieningen, clubgebouwen, kleedgelegenheden, bergingen, lichtmasten, zomede bouwwerken, geen gebouwen zijnde, van waterbouwkundige aard. Binnen deze bestemming zijn tevens bouwwerken, geen gebouwen zijnde toegestaan die bij de inrichting van het openbaar gebied horen, zoals fietsparkeervoorzieningen en straatmeubilair.

4.2.2 a. b. c. d. e.

4.3

Bebouwingsnormen

de maximum bouwhoogte van gebouwen bedraagt 7 meter; de maximum oppervlakte aan gebouwen bedraagt 1.500 m2 brutovloeroppervlakte. gebouwen voor sportvoorzieningen dienen op een afstand van ten minstel 10 meter tot geluidsgevoelige objecten te worden gerealiseerd. lichtmasten, vlaggenmasten en overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, behorende bij de sportvoorzieningen mogen niet hoger zijn dan 15 meter; bouwwerken, geen gebouwen zijnde behorende bij de inrichting van de openbare ruimte, met uitzondering van lantaarnpalen, mogen niet hoger zijn dan 2,40 meter.

Voorwaardelijke verplichting

Bouwen ten behoeve van de in 4.1 bedoelde bestemming is uitsluitend toegestaan indien wordt voorzien in watercompensatie binnen het plangebied, waarbij: a. b.

4.4

14,80Zo van de oppervlakte aan toename verharding wordt gecompenseerd aan waterberging; de watercompensatie in stand dient te worden gehouden.

Specifieke gebruiksregels

Ten behoeve van het gebruik zoals bedoeld onder 4.1 is het niet toegestaan om (scheidsrechter)fluiten te gebruiken met een bronvermogen van meer dan 109 dB(A).

94

Artikel 5 5.1

Tuin

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Tuin' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. tuin met daarbij behorende voorzieningen, vijvers, paden, waterpartijen, gebouwde plantenbakken en groenvlakken.

5.2

Bouwregels

5.2.1

Algemeen

Op de voor 'Tuin' bestemde gronden mag niet worden gebouwd, behoudens: a. b.

in de bestemming passende bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zoals pergola's, erfafscheidingen, keermuren, gebouwde terrassen, hellingbanen, tuinmeubilair, speeltoestellen; Uitstekende delen aan gebouwen.

5.2.2 a. b. c.

Bebouwingsnormen

uitstekende delen van gebouwen mogen niet dieper dan 1,80 meter uit de gevel steken en dienen tenminste 5,75 meter boven maaiveld te blijven; de maximum bouwhoogte van erfafscheidingen bedraagt 1 meter. op de erfgrens tussen 2 woningen mag aan de voorzijde tot 0,8 meter uit de gevel de erfafscheiding maximaal 1,8 meter hoog worden.

95

Artikel 6 6.1

Verkeer - Verblijfsgebied

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Verkeer - Verblijfsgebied' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c. d.

6.2

voorzieningen ten behoeve van wandelen, verblijven en spelen, zoals trottoirs, voetpaden en trappen; groenvoorzieningen, waterpartijen, waterlopen en overige in het kader van de waterhuishouding nodige voorzieningen, zoals taluds, keerwanden en beschoeiingen; bouwwerken voor kleinschalige openbare nutsvoorzieningen, geluidswerende voorzieningen; uitstekende delen aan gebouwen die toegelaten zijn krachtens een aangrenzende bouwbestemming.

Bouwregels

Op de voor 'Verkeer - Verblijfsgebied' bestemde gronden mag niet worden gebouwd, behoudens: a. b.

in de bestemming passende bouwwerken (geen gebouwen zijnde), zoals straatmeubilair, huisvuilcontainers (al dan niet ondergronds) niet groter dan 10 m3; Uitstekende delen aan gebouwen, niet dieper dan1,80 meter uit de gevel en ten minste 5,75 meter boven maaiveld.

96

Artikel 7 7.1

Wonen - 1

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Wonen - 1' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. b. c.

woningen, met de daarbij behorende voorzieningen zoals (inpandige) bergingen en garageboxen, aanbouwen, bijgebouwen, alsmede tuinen, groen, water en ontsluitingswegen en -paden; ter plaatse van de functieaanduiding “parkeergarage" tevens voor een gebouwde, al dan niet geheel of gedeeltelijk ondergrondse parkeervoorziening; ter plaatse van de aanduiding 'maatschappelijk' tevens voor zorggerelateerde maatschappelijke voorzieningen met een maximum van 500 m2 bvo en uitsluitend op de begane grond en de eerste verdieping.

7.2

Bouwregels

7.2.1

Algemeen

Op de voor ''Wonen - 1' bestemde gronden mag uitsluitend worden gebouwd ten behoeve van de in lid 7.1 genoemde functies. 7.2.2 a. b.

Bebouwingsnormen

de goot- en/of bouwhoogte mag niet meer bedragen dan op de verbeelding is aangegeven; het maximum aantal woningen bedraagt 275.

7.3

Voorwaardelijke verplichting geluid

Gebouwen mogen uitsluitend opgericht en gebruikt worden ten behoeve van geluidsgevoelige functies indien de gevelwering van de gebouwen zodanig is dat het gecumuleerde geluidsniveau binnen de gebouwen ten hoogste 35 dB(A) bedraagt en indien een woning beschikt over een een geluidluwe gevel, een geluidluwe buitenruimte en een slaapkamer aan de geluidluwe zijde, in overeenstemming met de methodiek van het gemeentelijk ontheffingsbeleid Wgh.

7.4

Specifieke gebruiksregels

7.4.1

Aan huis gebonden beroep of bedrijf

Woningen mogen mede worden gebruikt voor de uitoefening van een aan huis gebonden beroep of bedrijf, mits: a. b. c. d. e.

7.5

de woonfunctie in overwegende mate gehandhaafd blijft, waarbij het bruto vloeroppervlak van de woning voor ten hoogste 300Zo mag worden gebruikt voor een aan huis gebonden beroep of bedrijf; ten aanzien van een aan huis gebonden bedrijf sprake is van een bedrijf tot en met categorie 1 als bedoeld in de bij deze regels horende lijst van bedrijfsactiviteiten; de gevel en dakrand van de woning niet worden gebruikt ten behoeve van reclame-uitingen; er geen bedrijfsmatige activiteiten plaatsvinden die betrekking hebben op het onderhouden en repareren van motorvoertuigen; er geen detailhandel plaatsvindt, tenzij als ondergeschikt onderdeel van het aan huis gebonden beroep of bedrijf.

Afwijken van de gebruiksregels

Burgemeester en wethouders kunnen bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 7.4 terzake van de toegestane bedrijfsactiviteiten ten behoeve van andere bedrijfsactiviteiten dan die primair zijn toegelaten, welke - gehoord de milieudeskundige - daarmede naar aard en invloed op de omgeving gelijk te stellen zijn.

97

Artikel 8 8.1

Waarde - Archeologie

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Waarde - Archeologie' aangewezen gronden zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor behoud van de aan de gronden eigen zijnde archeologische waarden.

8.2

Bouwregels

8.2.1

Rapport archeologisch deskundige

In het belang van de archeologische monumentenzorg dient de aanvrager van een omgevingsvergunning voor het bouwen een rapport aan burgemeester en wethouders te overleggen van een archeologisch deskundige waarin de archeologische waarde van het terrein dat blijkens de aanvraag zal worden verstoord, naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate is vastgesteld. Deze bepaling heeft uitsluitend betrekking op aanvragen om een omgevingsvergunning voor het bouwen van bouwwerken (waaronder begrepen het heien van heipalen en het slaan van damwanden) die een groter oppervlak hebben en tevens dieper reiken dan de oppervlakte- en dieptematen die genoemd zijn in 8.3.1. 8.2.2

Mogelijke voorwaarden te verbinden aan omgevingsvergunning voor het bouwen

Burgemeester en wethouders kunnen in het belang van de archeologische monumentenzorg aan een omgevingsvergunning voor het bouwen de volgende regels verbinden: a. b. c.

de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor archeologische monumenten in de bodem kunnen worden behouden; de verplichting tot het doen van archeologisch onderzoek; de verplichting de activiteit die tot bodemverstoring leidt, te laten begeleiden door een archeologisch deskundige.

8.3 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 8.3.1

Verbod

In het belang van de archeologische monumentenzorg is het verboden zonder of in afwijking van een schriftelijke vergunning van burgemeester en wethouders de hierna onder 8.3.2 genoemde werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren of te doen c.q. te laten uitvoeren die dieper reiken dan 1,0 meter beneden maaiveld en die tevens een terreinoppervlak groter dan 200 m2 beslaan. 8.3.2 a. b. c. d. e. f.

Het vergunningvereiste betreft de volgende werken c.q. werkzaamheden

grondbewerkingen (van welke aard dan ook); het aanbrengen van diepwortelende beplantingen en/of bomen; het indrijven van voorwerpen in de bodem; het wijzigen van het maaiveldniveau door ontginnen, bodemverlagen, afgraven; het ingraven van ondergrondse kabels en leidingen en daarmee verband houdende constructies e.d.; het aanleggen van waterlopen of het vergraven van bestaande waterlopen.

8.3.3

Uitgezonderde werkzaamheden

Het vergunningvereiste geldt niet voor werken (geen bouwwerken zijnde) of voor werkzaamheden gericht op het normale onderhoud en beheer van de betreffende gronden, niet voor bedoelde activiteiten welke in uitvoering waren ten tijde van inwerkingtreding van dit bestemmingsplan en evenmin voor bestaande weg- en leidingcunetten.

98

8.3.4

Vergunning

Vergunning wordt verleend, nadat de aanvrager een rapport aan burgemeester en wethouders heeft overgelegd van een archeologisch deskundige waarin de archeologische waarde van het terrein dat blijkens de aanvraag zal worden verstoord, naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate is vastgesteld. 8.3.5

Mogelijke voorwaarden te verbinden aan vergunning

Aan een vergunning kunnen de volgende regels worden verbonden: a. b. c.

de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor archeologische monumenten in de bodem kunnen worden behouden; de verplichting tot het doen van archeologisch onderzoek; de verplichting de activiteit die tot bodemverstoring leidt te laten begeleiden door een archeologisch deskundige.

99

100

Hoofdstuk 3 Artikel 9

ALGEMENE REGELS

Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

101

Artikel 10 10.1

Algemene bouwregels

Afdekking van gebouwen

Ingeval noch de regels, noch de verbeelding (plankaart) duidelijkheid verschaffen over de wijze van afdekking van gebouwen, mogen gebouwen zowel met een kap als plat worden afgedekt.

10.2

Bouwvlak

Indien voor gronden welke voor bebouwing in aanmerking komen op de verbeelding een bouwvlak is opgenomen, komen uitsluitend de gronden binnen het bouwvlak voor bebouwing in aanmerking, met dien verstande dat bouwwerken geen gebouwen zijnde, ook buiten het bouwvlak zijn toegestaan.

10.3

Geluidsgevoelige objecten

Bij nieuwe situaties in de zin van de Wet geluidhinder is de realisatie van Geluidsgevoelige objecten voorzover gelegen binnen een geluidzone, alleen mogelijk indien voldaan wordt aan de voorkeursgrenswaarden van de Wet geluidhinder.

10.4

Maximum bebouwingspercentage

Ingeval voor gronden welke voor bebouwing in aanmerking komen noch in de regels, noch op de verbeelding een maximum bebouwingspercentage is vermeld, mogen deze gronden volledig worden bebouwd.

10.5

Souterrain

Een souterrain mag niet hoger reiken dan 2 meter boven peil.

102

Artikel 11 11.1

Algemene afwijkingsregels

Afwijking toegestane afmetingen, maten en percentages

Burgemeester en wethouders kunnen bij een omgevingsvergunning voor het bouwen afwijken van de regels van dit bestemmingsplan voor afwijkingen van toegestane afmetingen, maten (waaronder minimale en maximale afstanden) en percentages tot niet meer dan 100Zo van die afmetingen, maten en percentages, indien geen onevenredige aantasting plaatsvindt van het straat- en bebouwingsbeeld, de verkeersveiligheid, de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken en de milieusituatie.

11.2

Afwijking toegestane bouwhoogte techniek

Burgemeester en wethouders kunnen bij een omgevingsvergunning voor het bouwen afwijken van de regels van dit bestemmingsplan ten aanzien van de maximum toegestane bouwhoogte van een gebouw, ten behoeve van technische voorzieningen op het dak, welke noodzakelijk zijn voor het doelmatig functioneren van het bouwwerk, zoals liftopbouwen, lichtkoepels, schoorstenen, antennemasten, luchtverversingsapparatuur, glazenwas installatie e.d., mits de overschrijding van de maximum bouwhoogte niet meer dan 5 meter bedraagt, indien geen onevenredige aantasting plaatsvindt van het straat- en bebouwingsbeeld en de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken.

103

Artikel 12 12.1

Overige regels

Voorwaardelijke verplichting over parkeren

Een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen of een omgevingsvergunning voor het gebruik van gronden of bouwwerken kan uitsluitend worden verleend als voorzien wordt in voldoende parkeergelegenheid voor auto's en fietsen, overeenkomstig de 'Beleidsregeling parkeernormen voor auto en fiets gemeente Rotterdam 2022'. Indien dit beleid wordt gewijzigd of herzien, wordt een aanvraag voor een omgevingsvergunning getoetst aan het op dat moment geldende beleid.

104

Hoofdstuk 4 Artikel 13 13.1

OVERGANGS- EN SLOTREGELS

Overgangsrecht

Overgangsrecht bouwwerken

13.1.1 Aanwezige bouwwerken Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, a. b.

gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan.

13.1.2 Afwijking Burgemeester en wethouders kunnen eenmalig in afwijking van het eerste lid een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het eerste lid met maximaal 1007o. 13.1.3 Uitzondering op het overgangsrecht bouwwerken Het eerste lid is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.

13.2

Overgangsrecht gebruik

13.2.1 Bestaand gebruik Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. 13.2.2 Strijdig gebruik Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het eerste lid, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. 13.2.3 Verboden gebruik Indien het gebruik, bedoeld in het eerste lid, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. 13.2.4 Uitzonderingen op het overgangsrecht gebruik Het eerste lid is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

105

Artikel 14

Slotregel

Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan 'Folkert Elsingastraat'.

106

Bijlagen bij regels

107

108

Bijlage 1

Lijst van bedrijfsactiviteiten

109

Bijlage 1

Lijst van bedrijfsactiviteiten categorie 1 t/m 2

Toelichting De Lijst van Bedrijfsactiviteiten geeft aan welke bedrijven binnen het plangebied in beginsel zijn toegestaan. Alle bedrijfsactiviteiten zijn ingedeeld in milieucategorieën, waarbij milieucategorie 1 betekent dat een bedrijfstype weinig potentiële milieuhinder veroorzaakt en milieucategorie 5 of 6 veel milieuhinder veroorzaakt. De Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) heeft de lijst van bedrijfstypen ingedeeld aan de hand van de Standaard Bedrijfsindeling uit 1993 (SBI'93) van het CBS. Voor de zonering en de bij de zones behorende bedrijfscategorieën is uitgegaan van de VNG-publicatie "Bedrijven en milieuzonering - 2007". Per type bedrijf zijn afstanden gegeven met betrekking tot de milieuhinderaspecten geur, stof, geluid en gevaar. Voor geluid is aangegeven of sprake is van continu geluid en van activiteiten die op een gezoneerd terrein thuishoren. Voor wat betreft verkeersaantrekkende werking en visuele hinder zijn indices gegeven. De lijst van bedrijfsactiviteiten volgt de publicatie van de VNG, maar met een algemeen verschil. De lijst gaat alleen over activiteiten die in een bedrijfsbestemming zijn toegestaan. Zo zijn bijvoorbeeld sport- en recreatieve voorzieningen niet opgenomen, omdat die in Rotterdam een aparte bestemming zijn. Voor een uitsplitsing naar afstanden per categorie wordt verwezen naar de VNG-publicatie.

In de tabel behorend bij het bestemmingsplan bepaalt de grootste indicatieve afstand de milieucategorie. De aanbevolen indicatieve afstand tussen een bedrijf en woningen: categorie 1: afstand tot woningen 0 of 10 meter categorie 2: afstand tot woningen 30 meter categorie 3.1: afstand tot woningen 50 meter categorie 3.2: afstand tot woningen 100 meter categorie 4.1: afstand tot woningen 200 meter categorie 4.2: afstand tot woningen 300 meter categorie 5.1: afstand tot woningen 500 meter categorie 5.2: afstand tot woningen 700 meter categorie 5.3: afstand tot woningen 1000 meter categorie 6: afstand tot woningen 1500 meter

Plangebied Voor dit plangebied wordt de onderstaande lijst met bedrijfsactiviteiten gehanteerd: sbi-code

Omschrijving

15

-

VERVAARDIGING VAN VOEDINGSMIDDELEN EN DRANKEN

1552

2

- consumptie-ijsfabrieken, productieoppervlak ^ 200 m2

1581

0

Broodfabrieken, brood- en banketbakkerijen:

1581

1

- verwerkingscapaciteit c 2.500 kg meel/week

1584

0

Verwerking cacaobonen en vervaardiging chocolade- en suikerwerk:

cat

2

2

4

1584

3

- cacao- en chocoladefabrieken vervaardigen van chocoladewerken, productieoppervlak ^ 200 m2

2

1584

6

- suikerwerkfabrieken zonder suiker branden, productieoppervlak ^ 200 m2

2

Vervaardiging van wijn, cider e.d.

2

1593 t/m 1595 18

-

182 20

Vervaardiging van kleding en -toebehoren (excl. van leer) -

205 22

VERVAARDIGING VAN KLEDING; BEREIDEN EN VERVEN VAN BONT

HOUTINDUSTRIE EN VERVAARDIGING ARTIKELEN VAN HOUT, RIET, KURK E.D. Kurkwaren-, riet- en vlechtwerkfabrieken

-

2222.6

2

2

UITGEVERIJEN, DRUKKERIJEN EN REPRODUCTIE VAN OPGENOMEN MEDIA Kleine drukkerijen en kopieerinrichtingen

2

2223

A

Grafische afwerking

1

2223

B

Binderijen

2

2224

Grafische reproductie en zetten

2

2225

Overige grafische activiteiten

2

223

Reproductiebedrijven opgenomen media

1

24

-

VERVAARDIGING VAN CHEMISCHE PRODUCTEN

2442

0

Farmaceutische productenfabrieken:

2442

2

- verbandmiddelenfabrieken

26

-

VERVAARDIGING VAN GLAS, AARDEWERK, CEMENT-, KALK- EN GIPSPRODUCTEN

262, 263

0

Aardewerkfabrieken:

262, 263

1

- vermogen elektrische ovens totaal < 40 kW

30

-

VERVAARDIGING VAN KANTOORMACHINES EN COMPUTERS

30

A

Kantoormachines- en computerfabrieken

31

-

VERVAARDIGING VAN OVER. ELEKTRISCHE MACHINES, APPARATEN EN BENODIGDHEDEN

316

Elektrotechnische industrie niet elders genoemd

33

-

VERVAARDIGING VAN MEDISCHE EN OPTISCHE APPARATEN EN INSTRUMENTEN

33

A

Fabrieken voor medische en optische apparaten en instrumenten e.d.

2

2

2

2

2

5

36

-

VERVAARDIGING VAN MEUBELS EN OVERIGE GOEDEREN NIET ELDERS GENOEMD

361

2

Meubelstoffeerderijen bedrijfsoppervlak c 200 m2

1

362

Fabricage van munten, sieraden e.d.

2

363

Muziekinstrumentenfabrieken

2

3661.1

Sociale werkvoorziening

2

40

-

PRODUCTIE EN DISTRIBUTIE VAN STROOM, AARDGAS, STOOM EN WARM WATER

40

O

Elektriciteitsdistributiebedrijven, met transformatorvermogen:

o

40

C 1

- c 10 MVA

40

D 0

Gasdistributiebedrijven:

40

D 3

- gas: reduceer-, compressor-, meet- en regelinstallaties cat. A

1

40

D 4

- gasdrukregel- en meetruimten (kasten en gebouwen), cat. B en C

2

40

LU

Warmtevoorzieningsinstallaties, gasgestookt:

2

O

40

E 2

- blokverwarming

41

-

41

-

WINNING EN DITRIBUTIE VAN WATER

41

B 0

Waterdistributiebedrijven met pompvermogen:

41

B 1

- c 1 MW

45

-

BOUWNIJVERHEID

45

3

- aannemersbedrijven met werkplaats: bedrijfsoppervlak c 1.000 m2

51

-

GROOTHANDEL EN HANDELSBEMIDDELING

2

2

2

5122

Groothandel in bloemen en planten

2

5134

Groothandel in dranken

2

6

5135

Groothandel in tabaksproducten

2

5136

Groothandel in suiker, chocolade en suikerwerk

2

5137

Groothandel in koffie, thee, cacao en specerijen

2

5138, 5139

Groothandel in overige voedings- en genotmiddelen

2

514

Groothandel in overige consumentenartikelen

2

5153

0

Groothandel in hout en bouwmaterialen:

5153

2

- algemeen, bedrijfsoppervlak ^ 2.000 m2

5153.4

4

zand en grind:

5153.4

6

- algemeen, bedrijfsoppervlak ^ 200 m2

5154

0

Groothandel in ijzer- en metaalwaren en verwarmingsapparatuur:

5154

2

- algemeen: bedrijfsoppervlak c s 2.000 m2

2

5155.2

Groothandel in kunstmeststoffen

2

5156

Groothandel in overige intermediaire goederen

2

517

Overige Groothandel (bedrijfsmeubels, emballage, vakbenodigdheden e.d.

2

52

-

527 55

2

DETAILHANDEL EN REPARATIE T.B.V. PARTICULIEREN Reparatie t.b.v. particulieren (excl. auto's en motorfietsen)

-

2

1

LOGIES-, MAALTIJDEN- EN DRANKENVERSTREKKING

5551

Kantines

1

5552

Cateringbedrijven

2

60

-

VERVOER OVER LAND

6022

Taxibedrijven

2

603

Pomp- en compressorstations van pijpleidingen

2

63

-

DIENSTVERLENING T.B.V. HET VERVOER

6321

1

Autoparkeerterreinen, parkeergarages

64

-

POST EN TELECOMMUNICATIE

641

2

Post- en koeriersdiensten

2 1

642

A

Telecommunicatiebedrijven

642

B 0

zendinstallaties:

642

B 2

- FM en TV

1

642

B 3

- GSM- en UMTS-steunzenders

1

7

70

-

VERHUUR VAN EN HANDEL IN ONROEREND GOED

70

A

Verhuur van en handel in onroerend goed

71

-

VERHUUR VAN TRANSPORTMIDDELEN, MACHINES, ANDERE ROERENDE GOEDEREN

1

711

Personenautoverhuurbedrijven

2

714

Verhuurbedrijven voor roerende goederen niet elders genoemd

2

72

-

COMPUTERSERVICE- EN INFORMATIETECHNOLOGIE

72

A

Computerservice- en informatietechnologie-bureaus e.d.

1

72

B

Switchhouses

2

73

-

SPEUR- EN ONTWIKKELINGSWERK

731 74

Natuurwetenschappelijk speur- en ontwikkelingswerk -

2

OVERIGE ZAKELIJKE DIENSTVERLENING

7481.3

Foto- en filmontwikkelcentrales

2

7484.4

Veilingen voor huisraad, kunst e.d.

1

90

-

MILIEUDIENSTVERLENING

9001

A 0

RWZI's en gierverwerkingsinrichtingen, met afdekking voorbezinktanks:

9001

B

rioolgemalen

9002.2

A 0

Afvalverwerkingsbedrijven:

9002.2

A 7

- verwerking fotochemisch en galvano-afval

93

-

OVERIGE DIENSTVERLENING

9301.2

2

2

Chemische wasserijen en ververijen

2

9301.3

A

Wasverzendinrichtingen

2

9301.3

B

Wasserettes, wassalons

1

Kappersbedrijven en schoonheidsinstituten

1

9302 9303

0

Begrafenisondernemingen:

9303

1

- uitvaartcentra

1

Fitnesscentra, badhuizen en sauna-baden

2

Persoonlijke dienstverlening niet elders genoemd

1

9304 9305

B

8

(spv)

T

T

GEMEENTE ROTTERDAM Folkert Elsingastraat

Plangebied Plangrens

Enkelbestemmingen

bestemmingsplan Dubbelbestemmingen

Groen S-SSP

Sport - Sport- en speelterrein

+ WR-A +

Waarde - Archeologie

Functieaanduidingen

Bouwvlakken

PROJECT

20211492

FORMAAT

A3

SCHAAL

1:1000

Vastgesteld

KAART

1/1

Ontwerp

26-10-2023

GETEKEND

K. Heijmeriks

Voorontwerp

22-11-2022

IDN

NL.IMRO.0599.BP2227FolkElsinga-on01

Concept

07-06-2022

i—ï—i—i—

Tuin

(m) J

11

maatschappelijk

T-----f-----1-----1—

V-VB

Verkeer - Verblijfsgebied

(pg) J

É

bouwvlak

L.

1

parkeergarage

L.

Maatvoeringen

1-----1-----1-----1—

W-1

Wonen - 1

(spv) J

á

I

I

sportveld

maximum bouwhoogte (m)

RHO ADVISEURS

info@rho.nl www.rho.nl

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=2cfc3601-b70c-40f8-8413-b8b43342843c