[24bb001698] Brief van Ombudsman Rotterdam Rijnmond over het toeslagenschandaal
Tekst van het document
Rotterdam, 14 maart 2024
Geachte raadsleden, Woensdag 20 maart staat het 2e termijndebat over het toeslagenschandaal op de agenda van uw commissie Werk & Inkomen, Onderwijs, Samenleven, Schuldhulpverlening & Armoedebestrijding, NPRZ. We willen de gemeenteraad graag informeren en op de hoogte brengen van de signalen die we hebben ontvangen over het herstel van het toeslagenschandaal en de activiteiten die we in de afgelopen periode hebben ondernomen. Rijnmondse Alliantie: Warme Vuist In onze ORR-regio is een unieke samenwerking ontstaan tussen de slachtoffers van het toeslagenschandaal, ambtenaren, bestuurders van verschillende gemeenten en ORR. Eind januari hebben wij u hierover geïnformeerd. We waarderen de actieve rol en inbreng van de gemeente Rotterdam in onze alliantie zeer. Als alliantie hebben we onze bevindingen en aanbevelingen overhandigd aan demissionair Staatssecretaris Aukje de Vries en demissionair minister Carola Schouten. Ook heeft de commissie Financiën van de Tweede Kamer onze dringende oproep en aanpalende suggesties ter harte genomen. Een kort videoverslag van deze overhandiging is verschenen op OPEN Rotterdam onder de titel: Rotterdamse alliantie helpt slachtoffers van het toeslagenschandaal - OPEN Rotterdam. We zien dat een kleine groep gedupeerden het toeslagenschandaal achter zich heeft gelaten. Maar voor een grotere groep geldt dit niet. Zij lopen helemaal vast.
Veel gedupeerde ouders, jongeren én ex-partners zitten geestelijk en financieel aan de grond. Vandaar ook het statement van de alliantie: “Er is een uitweg nodig om de slachtoffers weer zicht te geven op een toekomst. Help ook de kinderen hierbij royaal. De weg van financieel en emotioneel herstel is doodlopend. Het oplossen van de problemen vraagt om creativiteit, om te denken buiten de gebaande paden, en om meer regie bij de slachtoffers zelf. Zo kunnen ouders en kinderen de greep op hun leven weer terugkrijgen.” Na de overhandiging van de 'Warme Vuist' zet de alliantie haar inspanningen voort. Er staat een gesprek gepland voor eind maart met onder andere Coen van der Louw, programma-directeur-generaal Ketenregie bij het ministerie van Financiën. Het doel van dit gesprek is om onze suggesties van een passend antwoord te voorzien en om onze bezorgdheid over een dreigend herstelschandaal te adresseren. Erkenning In onze brief aan uw raad van 11 mei 2023 hebben we al benadrukt hoe belangrijk het is dat de gemeente erkenning geeft aan de slachtoffers als onderdeel van hun herstel: Toeslagenschandaal: waarom er gemeentelijke erkenning zou moeten komen - Ombudsman Rotterdam-Rijnmond ORR. Deze erkenning, ook op lokaal niveau, voldoet aan een essentiële behoefte van de slachtoffers en draagt bij aan hun herstel en het herwinnen van vertrouwen in de overheid.
Als vervolg hierop heeft uw raad de motie 'Wij Zien Jullie' aangenomen.
We hebben begrepen dat op 19 maart aanstaande, mede vanwege deze motie, de erkenning wordt uitgesproken. Dit verheugt ons enorm. Als ORR zijn we uitgenodigd om als toehoorder aanwezig te zijn. Het uitspreken van erkenning, zowel in besloten kring als in het openbaar, aan de slachtoffers is een belangrijke stap die nu lijkt te worden gezet. Signalen in den breedte Nog steeds wordt ORR wekelijks benaderd door slachtoffers van het toeslagenschandaal. Veel van deze signalen sluiten naadloos aan bij het statement van de ‘Warme Vuist’. We gaan ervan uit dat uw raad alle inspanningen van onze alliantie ondersteunt. In Rotterdam en de andere ORR-gemeenten wordt er hard gewerkt en komen veel blokkades van het herstel voort uit rijksbeleid. En als gevolg hiervan zijn er ook op lokaal niveau situaties (ontstaan) die ons zorgen baren.
1. Werk en Inkomen Vanuit Werk en Inkomen (W&I) worden brieven verstuurd naar erkende slachtoffers van het toeslagenschandaal wanneer zij een banktegoed hebben dat hoger is dan volgens de Participatiewet is toegestaan. De slachtoffers dienen alle bewijsstukken aan te leveren, waaruit blijkt hoe dit tegoed tot stand is gekomen. Inclusief de beschikking van de Belastingdienst. ORR vindt dat hier wederom vanuit wantrouwen wordt gehandeld (negatief mensbeeld) vanuit de Participatiewet. De controle is voornamelijk gericht op rechtmatigheid. Dit leidt soms tot langdurige controles en onzekerheid bij slachtoffers. Het doet oude stress herleven. ORR is van mening dat de werkwijze moet worden aangepast, vooral omdat de gemeente ten tijde van de controle weet dat het om erkende slachtoffers gaat. We wachten nog op informatie over hoe de gemeente dit kan en wil vormgeven en zijn hierover met hen in gesprek 2. Twee apen uit de mouw Daarnaast willen we uw aandacht vragen voor een ander belangrijk punt. In de compensatieregeling vanuit het Rijk staat dat het geld dat slachtoffers ontvangen vanuit de Catshuisregeling en andere regelingen voor henzelf is. Ouders, jongeren en ex-partners mogen zelf beslissen wat ze met het geld doen. Echter, nu komen er twee apen uit de mouw.
Aap 1: we horen, ook vanuit de gemeente, dat slachtoffers nog steeds in de schulden zitten of hier opnieuw in terechtkomen. Aap 2: het is onvoldoende duidelijk waar het geld wel en niet voor meetelt, en op welke wijze verschillende overheden om (willen) gaan met dit geld. Hoewel er op overheidswebsites en bij gemeenten enige informatie te vinden is, is dit nog steeds onduidelijk. We willen uw aandacht vestigen op Aap 1, omdat dit zowel voor de slachtoffers als voor de gemeente een onwenselijke situatie is. Voor Aap 2 vragen we de steun van uw raad om duidelijkheid te verkrijgen bij de verschillende overheden. Het standpunt van ORR met betrekking tot het geld dat (uiteindelijk) door het Rijk aan mensen wordt uitgekeerd, is duidelijk. Het hoort veilig geld te zijn. Geen erfbelasting, geen inkomstenbelasting, niet meegerekend als vermogen, enzovoort. Overheden zouden in principe geen toetsen meer instellen of controles (meer) gaan uitvoeren, waarbij slachtoffers hun boekje moeten 2
openen. Het simpele feit dat deze mensen erkende slachtoffers zijn, zou op zichzelf al voldoende moeten zijn om hen met empathie en zachtheid te behandelen. Deze mensen verdienen het niet om opnieuw geconfronteerd te worden met een achterdochtige overheid.
3. Laat de goeden niet onder de kwaden lijden Wij constateren ook dat er slachtoffers zijn die een ruimere compensatie willen dan redelijk zou zijn gezien het leed dat hun is aangedaan. Evenzo zijn er mensen die willen profiteren van het schandaal terwijl ze er niet door zijn getroffen. Onze oproep is om degenen die te goeder trouw zijn niet te laten lijden onder de daden van anderen. Het aanleveren van bonnetjes lijkt in het totale herstelproces toch weer de overhand te krijgen om de geleden schade aan te kunnen tonen, terwijl dat nadrukkelijk niet de intentie was vanuit de overheid zelf. Het is in ieder geval goed om te merken dat de gemeente Rotterdam hier anders mee om wil gaan ten aanzien van de verantwoordelijkheid die bij gemeenten is neergelegd (vijf leefgebieden) om te ondersteunen bij een frisse en eerlijke start. Op de vijf leefgebieden werkt de gemeente in principe vanuit aannemelijkheid en ondervindt de gemeente hierbij soms hinder van de trage processen vanuit het Rijk. Uit de ‘warme vuist’ blijkt dat de alliantie aannemelijkheid als uitgangspunt wil hanteren. Dat is voldoende om mensen te vertrouwen. Zo kan de menselijke maat echt worden toegepast. Echter, in de uitvoering blijkt dit anders te gaan. Gedupeerden worden geconfronteerd met veel bewijslast. Uit de signalen die wij ontvangen, blijkt dat er een kloof bestaat tussen het beleid en de uitvoering.
Gedupeerden krijgen opnieuw het gevoel dat zij niet worden geloofd en moeten voortdurend onderbouwen wat nodig is voor hun nieuwe frisse start. Tegen fraude moet natuurlijk streng en normerend worden opgetreden. 4. Ondersteuning vanuit de gemeente Via het Rijk worden de slachtoffers doorverwezen naar hun gemeente voor hulp op de vijf verschillende leefgebieden. We stellen een aantal zaken vast: •
Waar het gaat om de leefgebieden wonen en zorg heeft de gemeente te maken met schaarste en wachttijden. We hebben vernomen dat het wijkteam slachtoffers die kampen met psychische problemen en om hulp vragen niet direct bijstaat, maar hen doorverwijst naar de huisarts. Vervolgens kan de huisarts hen doorverwijzen naar de juiste psychische hulpverlening. Deze gang van zaken verbaast ons ten zeerste, aangezien het juist de verantwoordelijkheid van de gemeente is om passende zorg te organiseren voor de slachtoffers. De gemeente kan die verantwoordelijkheid niet zo maar afschuiven op de huisarts. Een route die in de reguliere zaken juist ontmoedigd wordt door de gemeente. • We merken ook op dat vanwege de schaarste, vooral op het gebied van zorg en huisvesting, de focus van slachtoffers zich richt op wat wél mogelijk is, namelijk het verkrijgen van vergoedingen 3
voor spullen vanuit de SPUK-gelden. Op dit punt zien we een verharding optreden in de relatie tussen de slachtoffers en de gemeente over het wel of niet toekennen van die spullen. Dit leidt af van wat ze nog meer nodig hebben om tot herstel en heling te komen. • We hebben vernomen dat ongeveer 700 slachtoffers op de wachtlijst staan voor brede ondersteuning. Ze moeten maanden wachten voordat ze iets horen van de gemeente. Dit veroorzaakt veel onrust en frustratie, en geeft hun opnieuw het gevoel dat de overheid niet doet wat ze zegt. • Naast onze bezorgdheid over de lange wachttijd maken we ons ook zorgen over dat de gemeente geen onderscheid maakt tussen slachtoffers die wel of geen dringende hulp nodig hebben. Bij de aanmelding wordt niet gevraagd naar de specifieke behoeften van de slachtoffers, waardoor iedereen op dezelfde wachtlijst terechtkomt. Afgelopen week spraken we met een slachtoffer die al zes maanden wacht, aangeeft dat het dringend is, maar telkens te horen krijgt dat ze nog niet aan de beurt is. Dit vinden we bij ORR niet behoorlijk. • We zien soms dat dossiers bij de gemeente worden afgesloten en dat de slachtoffers worden doorverwezen naar andere partijen in de stad. Onlangs werd een slachtoffer in een klachtafhandelingsbrief gewezen op vier verschillende instanties waar hij mogelijk terecht kan voor ondersteuning. Dit baart ORR zorgen.
Het Rijk stelt dat slachtoffers zich kunnen melden bij de gemeente voor ondersteuning. Maar vervolgens worden ze weer doorverwezen. Op deze manier pakt geen enkele professionele organisatie verantwoordelijkheid (eigenaarschap). Het slachtoffer ontvangt geen hulp en verdwijnt in de lokettenjungle. Dit vergroot het wantrouwen in de overheid alleen maar verder.
5. Gedupeerde kinderen en jongeren Uit het onderzoek dat de Erasmus Universiteit Rotterdam heeft verricht naar de ondersteuning van gezinnen, dat als bijlage is toegevoegd aan de laatste voortgangsrapportage, blijkt dat de gemeente de kinderen van slachtoffers onvoldoende in beeld heeft. Daar maken we ons zorgen over. We weten nu niet hoe het met deze kinderen gaat. Ook zij komen in aanmerking voor brede hulp. Er moet meer inspanning worden geleverd om contact te leggen met deze kinderen, zodat de gemeente op de hoogte is van hun situatie en er alles aan kan doen om ervoor te zorgen dat zij hun leven op de rit krijgen of houden. Momenteel gebeurt het dat de ondersteuning voor de ouder vanuit de gemeente stopt, terwijl er nog jongvolwassen kinderen in het gezin wonen die hulpvragen hebben. Ze moeten zich opnieuw melden bij de gemeente en worden onderaan de wachtlijst geplaatst. Er is inmiddels hulp beschikbaar voor jongeren met problematische schulden. In de Rijksregeling hierover staat dat alleen jongeren die na de invoering van de kindregeling, op 5 november 2022 problematische schulden hebben, zich kunnen aanmelden. Wij spreken jongeren die door het toeslagenschandaal problematische schulden hadden, maar vóór die datum een traject hebben 4
gevolgd en hun schulden hebben afbetaald. Dus terwijl jongeren met schulden na deze datum kunnen profiteren van de regeling, vallen jongeren die vóór die tijd hun schulden al hebben afbetaald, buiten de boot. Dit verschil in behandeling valt niet uit te leggen aan deze jongeren. Naast de genoemde zorgen en signalen constateren we als ORR ook dat er dagelijks hard wordt gewerkt door veel mensen, dwars door alle lagen van de gemeente heen en door de wethouder. Dit heeft daadwerkelijk geleid tot hulp voor slachtoffers. We roepen de gemeente daarom op om meer bekendheid te geven aan het feit dat er ook mensen zijn die het toeslagenschandaal achter zich hebben gelaten. Laat deze positieve verhalen verteld worden, het liefst door de slachtoffers zelf.
Met vriendelijke groet, Marianne van den Anker Ombudsman Rotterdam-Rijnmond
Stans Goudsmit Kinderombudsman Rotterdam-Rijnmond
5