[24bb001329] Bijlage behorende bij 24bb001328 over Samenvatting resultaten Wijkprofiel Rotterdam 2024 (Powerpoint)
Tekst van het document
Wijkprofiel Rotterdam 2024 Onderzoek en Business Intelligence (OBI)
Subjectief
Objectief
Vooraf: de vorige meting (2022) vond plaats in de Coronaperiode; dat was in vele opzichten een bijzonder jaar. In deze presentatie wordt daarom de nieuwste meting (2024) vaak vergeleken met die van 2020 (kwam uit vóór de corona-pandemie). Daarnaast zijn ook langjarige trends van 2014-2024 weergegeven.
Inhoud: - wat is het Wijkprofiel? - de 3 indexen 2024 - Veiligheidsindex en collegetargets - Sociale index - Fysieke index - Hoog en laag scorende wijken - Financiële bestaanszekerheid - Maatschappelijke betrokkenheid - Lokale democratie - Invloed van de conjunctuur - Conclusies
2
Wat is het Wijkprofiel ?
Wat is het niet ?
Monitor – thermometer (270 indicatoren)
Geen beleidsevaluatie – geen diagnose
3 domeinen: veilig-sociaal-fysiek
Geen doelgroepen
Trends - Signaleren
Geen verklaringen
Verschillen tussen wijken
Geen verschillen binnen de wijk
Veranderingen in de tijd
Geen voorspelling - prognose
Beeld van de ontwikkeling van de stad en wijken vanuit de situatie in 2014 (nulmeting = 100) Relevant voor Wijk aan Zet: input voor wijkanalyse en Wijkakkoord 3
Beeld Wijkprofiel 2024 => Veiligheidsindex daalt naar 105 VI-subjectief daalt naar 96 VI-objectief vrij stabiel naar 114
=> Sociale index daalt naar 100 SI-subjectief daalt derde keer op rij naar 91 SI-objectief fluctuerende ontwikkeling naar 108
=> Fysieke index stabiliseert op 105 FI-subjectief daalt derde keer op rij naar 88 FI-objectief stijgt door naar 122
4
Collegetargets Het Wijkprofiel is op twee punten verbonden aan collegetargets 2022-2026: 1. De Veiligheidsindex (VI) binnen het Wijkprofiel heeft in 2026 een gemiddelde score die gelijk of hoger is dan in 2022 (110). Mijlpaal voor 2024: ≥110 Mijlpaal voor 2024 wordt niet behaald (VI is 105) 2. De 5 laagst scorende wijken op de VI van 2022 (Carnisse, Hillesluis, Tussendijken, Tarwewijk, Lombardijen) laten in 2026 een stijging van tenminste 5 punten zien t.o.v. 2022. Mijlpaal voor 2024: +2 punten Vier van de vijf wijken scoren beter dan de mijlpaal (streefwaarde), één scoort slechter
5
Collegetargets Veiligheidsindex De mijlpaal voor 2024 is behaald in Carnisse, Hillesluis, Tussendijken en Lombardijen, maar niet in Tarwewijk Voor Rotterdam als geheel wordt de mijlpaal niet behaald Mijlpaal 2024
Realisatie 2024
Carnisse
87
93
Hillesluis
90
94
Tussendijken
91
98
Tarwewijk
91
87
Lombardijen
92
94
Rotterdam totaal
≥ 110
105
6
Veiligheidsindex: veranderingen 2020 - 2024
De objectieve score van de VI is aanvankelijk gestegen maar blijft recent redelijk stabiel (nu 114). De subjectieve score is lang boven de 100 gebleven, steeg recent wat maar daalt nu duidelijk tot onder de 100 (nu 96). Op de meeste thema’s gaan de indexcijfers achteruit. Inbraak laat een positief beeld zien. Veiligheidsbeleving daalt fors, net als vandalisme objectief en overlast subjectief. Bij geweld valt op dat de subjectieve score flink lager wordt, terwijl de objectieve stijgt. Kanttekening: explosies en vuurwapengeweld zijn nooit meegeteld in de objectieve score, maar dit beïnvloedt wel de subjectieve score. ongunstig
|
gunstig
De blauwe cijfers in de figuur geven de indexscore 2024 weer, de staafjes de ontwikkeling tussen 2020 en 2024
7
Veiligheidsindex: veranderingen 2020 - 2024 Boven de diagonaal = verbetering t.o.v. 2020. Ruim een op de drie wijken (37%) is gestegen, bijna twee op de drie (63%) is gedaald. De wijken die duidelijke verbetering laten zien, waren ofwel al hoog scorend, ofwel het zijn de wijken die speciale aandacht hebben vanwege de collegetarget. Grootste dalers
Grootste stijgers
CS-kwartier
-40
Carnisse
+12
Schiebroek
-19
Heijplaat
+11
Wielewaal
-19
Katendrecht
+10
Zuidplein
-18
Noordereiland
+9
Oud Crooswijk
-16
Bloemhof
+9
8
Veiligheidsbeleving en perceptie van slachtofferkans Links enkele kernindicatoren over de veiligheidsbeleving. Er is sprake van een toename van onveiligheidsgevoelens; dat is een negatief signaal. De stippellijnen betreffen vermijdingsgedrag. ‘s Avonds de deur niet openen blijft stabiel, maar plekken in de buurt vermijden neemt toe.
Links de perceptie van de kans op eigen slachtofferschap in de eigen buurt (komende 12 maanden). Recent liepen de meeste lijnen stabiel, maar nu stijgen ze. De kans om slachtoffer te worden van inbraak werd steeds lager ingeschat, maar nu weer iets hoger. Dit ondanks de daling van inbraak als buurtprobleem (volgende sheet).
9
Beleving – Veiligheid: ervaren overlast Links enkele kernindicatoren over ervaren buurtproblemen als indicatoren van gepercipieerde veiligheid. Terwijl inbraak steeds minder wordt gezien als buurtprobleem, worden diverse soorten diefstal juist meer gezien als buurtprobleem. Ook bekladding, geweld en bedreiging worden vaker gesignaleerd als buurtprobleem; dat zijn negatieve signalen.
Links enkele kernindicatoren over de ervaren overlast in de eigen buurt. Overlast door omwonenden is gestabiliseerd; dat is een positief signaal. Ervaren overlast door drugs en straatintimidatie neemt toe; dat is een negatieve ontwikkeling
10
Sociale Index: veranderingen 2020 - 2024
De Sociale index laat na een aanvankelijke stijging naar 110 in 2018 sinds 2020 een daling zien naar 100 in de laatste meting, waarmee de indexscore op het niveau van 2014 is gekomen. Vanaf 2020 zien we dat subjectieve en objectieve SI-index uit elkaar lopen, waarbij subjectief in het bijzonder daalt. Op alle thema’s zien we voor de subjectieve scores een daling.
ongunstig
|
gunstig
De blauwe cijfers in de figuur geven de indexscore 2024 weer, de staafjes de ontwikkeling tussen 2020 en 2024
11
Sociaal - Zelfredzaamheid Zelfredzaamheid – objectief Blijft gemiddeld genomen stabiel. Indicatoren die verbeteren zijn de arbeidsmarktpositie en het aandeel jongeren zonder startkwalificatie. Kleine verslechtering is te zien in een toename van voortijdige sterfte en een afname van sociale contacten.
Zelfredzaamheid – subjectief: Bewoners ervaren minder regie te hebben over hun leven en over hun problemen (zelfregie) en hebben meer het gevoel er alleen voor te staan (sociaal kapitaal).
12
Sociaal - Samenredzaamheid
Samenredzaamheid – objectief Betreft actieve inzet voor anderen (zorghulp) en voor het collectief (o.a. vrijwilligerswerk). Hierin is een licht positieve trend zichtbaar.
Samenredzaamheid – subjectief: De publieke vertrouwdheid daalt tov 2020 op een aantal indicatoren die gaan over hoe bewoners in de buurt met elkaar omgaan.
13
Sociaal – Samenredzaamheid, vertrouwen Links indicatoren over het vertrouwen in de overheid van het thema samenredzaamheid. Na een aanvankelijke toename is er na 2018 sprake van een afnemend vertrouwen. Dit is vergelijkbaar met de landelijke tendens. Het vertrouwen in instanties en hulpverleners is stabiel, maar relatief laag.
14
Sociaal - Participatie
Participatie – objectief Een verbetering in arbeidsmarktpositie en in de sociale participatie. Bijvoorbeeld een hoger % werkenden, vaker bezoek aan culturele voorzieningen en een hogere sportdeelname.
Participatie – subjectief Hoewel er ten opzichte van de vorige meting weinig verschil is, is er t.o.v. 2020 een lichte daling in het aandeel dat geen discriminatie ervaart en het aandeel bewoners dat aangeeft tevreden te zijn over het eigen meedoen. 15
Sociaal - Binding Binding – objectief: Een van de weinige objectieve indexen die daalt. Alle indicatoren (4) dragen hier aan bij: • Meer verhuizingen • Minder vaak lange woonduur buurt en stad • Minder inzet voor de buurt
Binding – subjectief: Bewoners lijken zich minder verbonden te voelen met hun buurt en stad en het vertrouwen in de stad en het gemeentebestuur is afgenomen.
16
Sociale Index: veranderingen 2020 - 2024 Boven blauwe diagonaal = verbetering t.o.v. 2020 24% van de wijken scoort beter dan in 2020; 76% scoort slechter; ruim een derde daarvan scoort nog bovengemiddeld (37%)
Grootste dalers
Grootste stijgers
Delfshaven
-19
Zuiderpark en Zuidrand
+22
CS-kwartier
-18
Wielewaal
+18
Provenierswijk
-17
Heijplaat
+8
Kralingseveer
-17
Oude Noorden
+7
Struisenburg
-16
Molenlaankwartier
+6
17
Fysieke index : veranderingen 2020 - 2024
De Fysieke Index vertoont sinds 2016 een vrij vlakke ontwikkeling en is nu 105. Daarachter schuilt een sinds 2018 verder uiteenlopende ontwikkeling van een dalende FI-subjectief en een stijgende FI-objectief. Vooral de thema’s Wonen en Openbare ruimte en Milieu dragen hieraan bij.
ongunstig
|
gunstig
De blauwe cijfers in de figuur geven de indexscore 2024 weer, de staafjes de ontwikkeling tussen 2020 en 2024
18
Fysiek - Wonen Wonen-objectief De stijging van Wonen-objectief wordt vooral veroorzaakt door de toegenomen druk op de woningmarkt, wat tot uiting komt in een fors gestegen marktwaarde van woningen (WOZ), de toegenomen populariteit van het woningaanbod en een afgenomen leegstand.
Wonen-subjectief Mogelijk door de druk op de woningmarkt daalt de beleving van de woonsituatie. De tevredenheid met de woning, algehele woonsituatie en prijs-kwaliteit verhouding is sinds 2018 afgenomen. Ook het oordeel over de isolatie van de woning neemt af. Kopers zijn in alle gevallen meer tevreden met hun woning en de verschillende deelaspecten dan huurders. woonsituatie: kopers 76%, huurders 60% prijs-kwaliteit verhouding: kopers 68%, huurders 39%.
19
Fysiek – Openbare ruimte Openbare ruimte-objectief De beeldkwaliteit van de openbare ruimte* laat in de laatste meting een verbetering zien door een hogere waarde voor ‘groen’ en ‘schoon’.
* Wordt sinds 2020 gemeten met de methode CROW
Openbare ruimte-subjectief
De ervaren mate van rommel op straat en naastplaatsingen is nog hoog (60%) maar na een gestage toename nu gestabiliseerd. De ervaren verkeersonveiligheid blijft verder toenemen. Een verklaring voor de goede CROW-score voor ‘schoon’ en de lage waardering door Rotterdammers is moeilijk te geven. Uit analyse blijkt dat op wijkniveau de samenhang tussen waardering en CROW vrij sterk is: meer ervaren overlast gaat gepaard met een lagere CROWscore. Mogelijk vindt de Rotterdammer het CROW niveau B (voldoende) niet goed genoeg.
20
Fysiek – Voorzieningen Voorzieningen-objectief Het voorzieningenniveau in de stad vertoont een vrij stabiel niveau.
Voorzieningen-subjectief
Het oordeel over de beschikbaarheid van OV, winkels en zorg blijft op hoog niveau. Het oordeel over de beschikbaarheid van overige voorzieningen ligt op een wat lager niveau. Dit oordeel zal mede afhangen van of men er gebruik van moet / wil maken.
21
Fysiek – Milieu Milieu-objectief De gestegen waarde wordt veroorzaakt door een verbeterde luchtkwaliteit (NO2). Geluidsmetingen worden elke 5 jaar gedaan en zijn voor de volgende meting beschikbaar.
Milieu-subjectief De dalende subjectieve score komt vooral door een toename van ervaren geluidsoverlast door verkeer.
22
Fysieke index : veranderingen 2020 - 2024 Boven diagonaal = verbetering t.o.v. 2020 54% van de wijken scoort beter dan in 2020; 46% scoort slechter; ongeveer een derde daarvan scoort nog bovengemiddeld.
Grootste dalers
Grootste stijgers
Lombardijen
-16
Nieuwe Werk/Dijkzigt
14
CS-kwartier
-12
Zuiderpark en Zuidrand
13
Struisenburg
-10
Heijplaat
13
Bospolder
-8
Hillesluis
12
Delfshaven
-7
Carnisse
9
23
Hoogst scorende wijken : integraal beeld 2024 Veiligheidsindex
Sociale Index
Strand en duin
154
Heijplaat
Fysieke Index
Molenlaankwartier
149
Nesselande
137
154
Terbregge
145
Molenlaankwartier
136
Kralingseveer
153
N-Kethel/Schieveen / Zestienhoven/Landzicht
142
s-Gravenland
132
Pernis
153
s-Gravenland
134
Strand en duin
131
Terbregge
147
Kralingen Oost/Kralingse Bos
132
Kralingen Oost/Kralingse Bos
131
Katendrecht
142
Strand en duin
132
Hillegersberg-noord
129
Molenlaankwartier
141
Hillegersberg-zuid
129
Prinsenland
128
s-Gravenland
141
Hillegersberg-noord
129
Ommoord
126
Ommoord
140
Blijdorp/Blijdorpsepolder
127
Dorp/Rijnpoort
122
Hillegersberg-zuid
139
Nesselande
126
Hillegersberg-zuid
121
donkergroen = 3x in top10 lichtgroen = 2x in top10 wit = 1x in top10
24
Laagst scorende wijken : integraal beeld 2024 Veiligheidsindex
Sociale Index
Fysieke Index
CS-kwartier
60
Carnisse
69
Bloemhof
83
Zuiderpark en Zuidrand
64
Oud-Mathenesse/Witte Dorp
70
Oud Crooswijk
85
Cool
65
Pendrecht
73
Feijenoord
85
Zuidplein
70
Bloemhof
74
Beverwaard
85
Oude Westen
73
Zuidwijk
76
Tarwewijk
85
Agniesebuurt
79
Tarwewijk
77
OudMathenesse/Witte Dorp
85
Vreewijk
84
Feijenoord
78
Hillesluis
88
Wielewaal
87
Afrikaanderwijk
80
Zuidplein
89
Tarwewijk
87
Zuidplein
81
Bospolder
89
Middelland
90
Oud Crooswijk
82
Carnisse
90
donkergeel = 3x in laagste10 lichtgeel = 2x in laagste10 wit = 1x in laagste10
25
Extra thema: Financiële bestaanszekerheid Links de relaties tussen financiële bestaanszekerheid en • inkomensklasse • type wijk (indeling naar sociale index) • mate van problematiek* waarbij blijkt dat de kwetsbare groepen of bewoners die in sociaal kwetsbare wijken wonen meer zorgen en negatieve verwachtingen hebben over hun financiële toekomst.
* De afbakening van mate van problematiek betreft hier: - lage ervaren kwaliteit van leven - matig/slecht ervaren gezondheid - moeite hebben met rondkomen van het inkomen Enkelvoudig wil zeggen: op één van deze velden, dubbelvoudig op twee en meervoudig op alle drie
26
Extra thema: Maatschappelijke betrokkenheid Links de relaties tussen maatschappelijke betrokkenheid en • type wijk (indeling naar sociale index) • mate van problematiek* Bewoners die in sociaal kwetsbare wijken wonen geven minder vaak aan evenveel mee te tellen als andere burgers.
Hoe meer problemen bewoners ervaren, hoe vaker men aangeeft het gevoel te hebben dat de Rotterdamse politiek niet veel om hen geeft.
* De afbakening van mate van problematiek betreft hier: - lage ervaren kwaliteit van leven - matig/slecht ervaren gezondheid - moeite hebben met rondkomen van het inkomen Enkelvoudig wil zeggen: op één van deze velden, dubbelvoudig op twee en meervoudig op alle drie
27
Extra thema: Lokale democratie – Wijk aan Zet We kijken hierbij naar benaderbaarheid van de gemeente, zeggenschap over de wijk en activiteit van de wijkraad. Rotterdammers hebben vaak weinig kennis van - of interesse in - hoe ‘de gemeente’ in dit opzicht voor bewoners functioneert. Rond de helft van de inwoners geeft aan het niet te weten/geen mening te hebben over de voorgelegde stellingen. Verder valt op dat het aandeel met een positieve of een negatieve mening hierover elkaar min of meer in evenwicht houdt.
De voorgelegde stellingen zijn als volgt in de enquête geïntroduceerd: De gemeente Rotterdam wil dat bewoners meer kunnen meedenken en meebeslissen over hun wijk. Daarom zijn vorig jaar onder andere wijkraden gekozen en is de website MijnRotterdam gemaakt. Daar kunnen wijkbewoners plannen indienen voor subsidie en kunt u zien wat er gebeurt in uw buurt.
28
Conjunctuur in Nederland en metingen Wijkprofiel
WP 2014
WP 2016
WP 2018
WP 2020
WP 2022
Corona
WP 2024
Oorlog Oekraïne
WP 2014 – laagconjunctuur WP 2016 – hoogconjunctuur WP 2018 – hoogconjunctuur WP 2020 – naar teruggang WP 2022 – diffuus door corona WP 2024 – overwegend laagconjunctuur
Meetperiode Wijkprofiel https://www.cbs.nl/nl-nl/visualisaties/dashboard-economie/conjunctuur/conjunctuur
29
Impact conjunctuur in NL op sociale index Bron: Conjunctuur (cbs.nl)
Opvallend is dat de sociale index in Rotterdam meebeweegt met de ontwikkeling van de conjunctuur in Nederland (bron CBS).
Meetperiode Wijkprofiel
WP 2014 – laagconjunctuur WP 2016 – hoogconjunctuur WP 2018 – hoogconjunctuur WP 2020 – naar teruggang WP 2022 – diffuus door corona WP 2024 – overwegend laagconjunctuur
In de periode dat de conjunctuur verschoof van een laag- naar een hoogconjunctuur steeg ook de sociale index. Toen de conjunctuur weer afkoelde, daalde ook de index. Dit is vooral zichtbaar bij SI-subjectief.
30
Conclusies •
Deze meting van het Wijkprofiel laat een daling zien van de indexscores. Die daling heeft hoofdzakelijk te maken met de beleving van Rotterdammers over sociale en fysieke omstandigheden en de veiligheid in hun wijk. De beleving van Rotterdammers bevindt zich gemiddeld genomen op het laagste niveau sinds de nulmeting in 2014. Hoewel moeilijk aantoonbaar, zullen de diverse crises van de laatste tijd en de ontwikkeling van de conjunctuur hierop van invloed zijn.
•
De daling van de Veiligheidsindex houdt in dat de collegetarget van 2026 op stadsniveau op dit moment niet wordt gehaald. Voor vier van de vijf focuswijken uit de target is de mijlpaal van 2024 wel behaald.
•
Rotterdammers maken wat betreft financiële bestaanszekerheid moeilijke tijden door. Bij de meest kwetsbare groep met meervoudige problematiek op het gebied van gezondheid, kwaliteit van leven en kunnen rondkomen van het inkomen zijn de zorgen het grootst. Deze groep woont vaker in de meest kwetsbare wijken met een lage Sociale indexscore; in die wijken zijn de zorgen dan ook het grootst.
•
Rotterdammers hebben vaak weinig kennis van - of interesse in - hoe ‘de gemeente’ voor bewoners functioneert in termen van voor Wijk aan Zet belangrijke uitgangspunten: een goede benaderbaarheid van de gemeente, mede zeggenschap over de wijk en activiteit van de wijkraad.
•
Een moeizame relatie tussen overheid en inwoners en tendensen van polarisatie worden ook in Rotterdam gevoeld. Ook in dit opzicht is het zorgelijk dat de meest kwetsbare groepen de minste maatschappelijke betrokkenheid ervaren. 31