[24bb000211] Inspreekbijdrage mw. Kolet
Tekst van het document
Geachte raadsleden, Aufmachen! Midden in de nacht wordt er keihard op alle deuren gebonsd in de straat. Min dochter schrikt zich wezenloos. Het is half september, half vijf 's ochtends en door feestende studenten op straat slapen we eigenlijk pas een paar uurtjes. Aufmachen! Polizei!!! We kijken uit het raam en zien een groep jonge mannen. 1 ervan is poedelnaakt. Mijn dochter kijkt haar ogen uit. Waarom doen ze dat mam? Het is een grap, een ontgroening! Die dag kan ze niet naar school. De zoveelste keer. Door slaapgebrek. Ze valt letterlijk om. Dat is minder grappig. Sinds 2001 woon ik in de Lambertusstraat, in het Lusthofkwartier in Kralingen. Het deel van de straat waar ik woon, circa dertig panden van drie a vijf verdiepingen, is helemaal verkamerd. Wij zijn nog met 2 gezinnen over. Vroeger - vroegah - kende ik iedereen in de straat. De afgelopen jaren is de bewonerssamenstelling ingrijpend veranderd. Er was een handvol verenigingshuizen. Ik woonde er naast 2. Die moest ik twee keer per jaar op hun lazer geven en dan ging het weer even goed. Die mix van gezinnen, studenten en van alles is niet meer. Er wonen vrijwel alleen maar studenten, woningdelers en buitenlandse studenten. Wat betekent dat? Van april tot diep in september- het overlastseizoen- verandert de straat in een openluchtfestival. In het Lusthofkwartier vormen de achtertuinen een binnenterrein.
Als ik op mijn balkon zit op een dinsdagavond klinkt het als een druk terras op de Witte de Withstraat. Dat is het geluidniveau. In de tuinen zit iedereen vanaf de middag buiten, al dan niet met vrienden of muziek hard aan. Mijn dochter die rond een uur of 9 naar bed gaat kan niet slapen. Ook niet met de ramen dicht. Het is vaak onduidelijk waar de herrie vandaan komt. Zonder adres kun je niet de politie bellen. Je kunt moeilijk iedere avond langs alle deuren gaan om in de discussie te gaan. Dat probeer je wel, maar dat hou je niet vol. Mijn dochter heeft het afgelopen jaar zeker een halfjaar niet in haar eigen kamer geslapen. Ze ligt dan bij mij, aan de straatkant. Daar begint het lawaai zo rond half elf. iedereen gaat naar de kroeg, een feestje of een ander studentenhuis. Op straat staan ze te ouwehoeren, te roken en hun fiets los te maken. Tot een uur of 1, 2 gaat dat door. Meerdere keren roep ik of het zachter kan. Tien minuten later komt het volgende groepje langs. Om 4 à 5 uur 's ochtends komen ze thuis en krijg je nog zo'n hausse aan herrie. Niet alleen in het weekend, iedere dag van de week, en dat maandenlang. Vanaf het moment dat het zonnetje schijnt, tot het flink regent in de herfst. Het levert behalve irritatie en discussie vooral chronisch slaapgebrek op als je zelf om 06.45 je bed uit moet.
De vuilnisbelt en fietsenkerkhof wat onze straat geworden is, is nog een minor problem. Wat ik het allerergst vind, is dat ik mijn kind regelmatig thuis moet houden door oververmoeidheid. De eerste week van groep 8 viel dit jaar in de Eurekaweek. 5 uur slaap gemiddeld per nacht is voor een kind van die leeftijd geen haalbare kaart. Zij lag overdag te slapen. Als zij naar school kan, betekent dat thuiswerken. Met 30 graden, je ramen potdicht om teams te kunnen verstaan tussen de basdreunen achter en de vrolijkheid van de biertafels voor. Ik hoor het ook van andere buren; verderop gaat een thuiswonende studerende dochter naar de bibliotheek, thuis valt niet te studeren.
Mijn dochters citoresultaten: gekelderd. Haar schooladvies ging van havo-havo/vwo naar mavo. Afgelopen jaar zijn we een paar keer in een air bnb gaan slapen. Even geen lawaai. Het terugdraaien van de afspraken over het terugdringen van kamerverhuur en het aantal studenten in de wijk, ik begrijp het totaal niet. Het zijn niet alleen de grote verenigingshuizen die de overlast veroorzaken. Het zijn juist ook opgesplitste, verkamerde etages waar er twee of drie wonen, die er de afgelopen 5 jaar bij zijn gekomen. Alles is opgetopt, uitgebouwd, volgepropt. Zo'n beetje iedere woning die vrijkwam. Aan de bouwvergunningen kun je al zien dat er studenten gaan komen. Dan is de schade al gedaan. Inmiddels hebben studenten zelf vaak geen idee dat het een WOONwijk is waar ze gaan wonen en geen campus. iedereen maakt toch herrie? Dat is de norm. Ik heb het afgelopen jaar zo vaak gehoord: maar mevrouw, waarom woont u dan in een studentenstraat? Voor een gezin heeft de overlast veel impact op gezondheid, op werk, op school, op welzijn. De vergunningenkraan is jarenlang open gezet om de vrije jongens ter wille te zijn, met grote gevolgen. Bewoners hebben jaren aan de bel getrokken, vele zijn vertrokken, de achterblijvers hebben de lasten gedragen. Ik vind het nu aan de gemeente is om zich aan de afspraken te houden.
Marieke Kolet 16-1-24