CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[23bb008538] Collegebrief over Uitspraak Rechtbank over schending inlichtingenplicht

Commissie Werk & Inkomen, Onderwijs, Samenleven, Schuldhulpverlening & Armoedebestrijding, NPRZ 17 januari 2024, gemeente RotterdamBij agendapunt: Werk en Inkomen1.234 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeente Rotterdam

Werk en Inkomen Werk, Inkomen, Nationaal Programma Rotterdam Zuid en EU-arbeidsmigranten Tim Versnel MSc Postadres: Postbus 70012 3000 KP Rotterdam Website: www.rotterdam.nl Van: David Meijer Telefoon: 14 010 E-mail: bbo@rotterdam.nl

Aan de gemeenteraad Uw kenmerk: 23bb007585 Ons kenmerk: M2311-3331- 23b0009376 Onderwerp: Uitspraak Rechtbank over schending inlichtingenplicht Datum: B&W 12 december 2023

Op welke gronden deze brief?/Waarom nu voorgelegd? Op 9 november 2023 heeft de Rechtbank Rotterdam een uitspraak gedaan over de zaak waarin de gemeente Rotterdam een bijstandsuitkering heeft opgeschort en over drie jaar terug heeft teruggevorderd. De rechtbank heeft geoordeeld dat de gronden waarop beslist is om de bijstandsuitkering op te schorten en terug te vorderen niet juist zijn. Omdat deze zaak tot veel belangstelling leidde, acht het college het van belang u, breder dan in de beantwoording op de specifieke schriftelijke vragen, te informeren over deze zaak en de lering die het college hieruit trekt. Toelichting: In de afgelopen weken heeft het college deze zaak uitgebreid geëvalueerd. Deze evaluatie heeft tot inzichten geleid die wij in deze brief toelichten.

Juridische duiding Het is allereerst van belang om de uitspraak van een duiding te voorzien. De rechtbank heeft geoordeeld dat de gemeente de bijstandsuitkering van mevrouw niet mocht intrekken op grond van schending inlichtingenplicht voor het niet doorgeven van 'op geld waardeerbare arbeid'. Mevrouw heeft de gemeente in een eerder stadium geinformeerd dat zij via haar eigen stichting sociaal maatschappelijke activiteiten organiseert, dit naast haar werkzaamheden voor haar voedselbank en kringloop/kleding winkel. De gemeente heeft mevrouw er niet op gewezen dat het verrichten van dergelijke activiteiten gevolgen kan hebben voor haar bijstandsuitkering en de gemeente heeft niet doorgevraagd op de sociaal maatschappelijke activiteiten. Het intrekken van de bijstandsuitkering op grond van het schenden van de inlichtingenplicht vanwege het niet doorgeven van 'op geld waardeerbare activiteiten' is volgens de rechtbank, gelet op de hiervoor genoemde redenen, in strijd met het rechtszekerheidsbeginsel.

Blad: Datum: Ons kenmerk:

2/3 12 december 2023 M2311-3331

In de uitspraak van de rechter staat ook dat niet kan worden uitgesloten dat het "...college, mede gelet op de op de bankrekening van mevrouw bijgeschreven geldbedragen, op een andere grondslag (gedeeltelijk) de intrekking van de bijstandsuitkering wil handhaven dan wel de bijstandsuitkering wil herzien". Dit is een belangrijke nuance in deze zaak. De rechter geeft de gemeente hiermee de mogelijkheid om het bezwaar op andere gronden te kunnen voeren. De samenloop van verschillende omstandigheden maken dat deze zaak wordt gekenmerkt door verscheidene uitzonderlijkheden. Zo runde mevrouw vanuit de bijstand een stichting met fondsenwerving, een kleding bank waaruit inkomsten kwamen en een voedselbank. De hoogte van de terugvordering komt ook niet vaak voor, ter referentie: in heel 2022 waren er 113 van de totaal 1.157 terugvorderingen die door W&I zijn opgelegd hoger dan€ 5.000, dat is afgerond 10%, 12 terugvorderingen waren hoger dan € 30.000, dat is afgerond 1% van het totaal. Mevrouw besteedde gemiddeld 30 uur per week aan vrijwilligerswerk en werd begeleid door een activeringscoach van Prestatie010. Gemiddeld besteedt een bijstandsgerechtigde bij Prestatie010 ongeveer 9,5 uur aan vrijwilligerswerk.

Het college is zich bewust van de impact van deze procedure op mevrouw en haar omgeving en beseft, dat door onzorgvuldig handelen van de gemeente, de omvang van het probleem niet tijdig is gesignaleerd. Vervolgstappen in deze casus Het college gaat niet in hoger beroep. Dit is ook aan mevrouw en haar gemachtigde gecommuniceerd. Het college erkent, bij bestudering van de rechterlijke uitspraak en de ambtelijke evaluatie, dat feiten en omstandigheden die niet bij Inkomen, maar wel bij andere onderdelen van de organisatie bekend waren, in het rechtmatigheidsonderzoek naar mevrouw niet in zijn volledigheid zijn meegewogen: Ook is mevrouw niet eerder ingelicht over de mogelijke gevolgen die de door haar ondernomen activiteiten konden hebben voor haar bijstandsuitkering, terwijl zij wel contact had met de gemeente. In het onderdeel 'ter lering' wordt nader ingegaan op hoe dit in de toekomst wordt voorkomen. Het college trekt het zich aan dat de rechter heeft uitgesproken dat wij in deze zaak in strijd met het rechtzekerheidsbeginsel hebben gehandeld. In het gesprek met mevrouw, is gekomen tot een mondelinge schikking waar beide partijen tevreden mee zijn. Deze schikking wordt op korte termijn schriftelijk bekrachtigd. Hiermee wordt het bezwaar waar de rechter op doelde afgedaan. Ter lering Zoals eerder gemeld wordt deze zaak gekenmerkt door verscheidende uitzonderlijkheden.

In de uitzonderlijkheid van deze zaak hebben zich een aantal aspecten voorgedaan in de werkwijze die aanleiding geven om scherpte aan te brengen om te voorkomen dat dergelijke zaken zich in de toekomst weer kunnen voordoen. De onderwerpen of acties die een plek krijgen in de geleerde lessen en die worden geimplementeerd zijn: •

Inlichtingenplicht - In het afgelopen jaar zijn veel inspanningen gedaan om bijstandsgerechtigden proactief te informeren over de inlichtingenplicht. Vier keer per jaar wordt er een sms gestuurd, in de 010-Werkt nieuwsbrief wordt over de inlichtingenplicht gecommuniceerd, twee keer per jaar wordt er een flyer met informatie over de inlichtingenplicht bij de uitkeringsspecificatie gevoegd en in het digitale aanvraagproces van een bijstandsuitkering worden mensen geinformeerd over de inlichtingenplicht. Het college wil borgen dat medewerkers die contact

Blad: Datum: Ons kenmerk:

3/3 12 december 2023 M2311-3331

hebben met bijstandsgerechtigden de inlichtingenplicht vaker bespreken in gesprekken en hen ook wijzen op de consequenties die het niet (juist) doorgeven van wijzigingen kan hebben op de bijstandsuitkering. •

Samenwerking tussen afdelingen - Bij rechtmatigheidsonderzoeken moet sprake zijn van contact tussen collega's die regelmatig contact hebben met bijstandsgerechtigden. Vaak gebeurt dit al als onderdeel van het onderzoek, maar niet altijd, zoals in deze specifieke situatie. Het uitgangspunt is: besluiten over de rechtmatigheid van een uitkering worden genomen op basis van de informatie die binnen de gemeente beschikbaar is en daarbij wordt breder gekeken dan het eigen werkveld.

•

Altijd een fysiek gesprek - Bij het uitvoeren van heronderzoeken en bijzondere onderzoeken (n.a.v. vermoedelijke fraudemeldingen) wordt de bijstandsgerechtigde standaard uitgenodigd voor een gesprek om de casus door te spreken. Het onderzoek naar de rechtmatigheid van de uitkering van mevrouw startte met een signaal over een hoog banksaldo vanuit het Inlichtingenbureau. Bij deze signalen was een fysiek gesprek nog geen standaard. In dit rechtmatigheidsonderzoek is er telefonisch contact geweest met mevrouw. Vanaf nu wordt het voeren van een fysiek gesprek ook in dit proces de standaard wanneer mogelijke onrechtmatigheden worden geconstateerd die ingrijpende gevolgen kunnen hebben.

•

Begeleiding na onrechtmatigheid - Het college ziet dat bijstandsgerechtigden, die na een rechtmatigheidsonderzoek geen recht meer hebben op een uitkering, daarna alsnog een aanvraag indienen voor een nieuwe uitkering en die krijgen toegekend omdat hun situatie is veranderd. Een risico is dat eenzelfde soort onrechtmatigheid zich in de toekomst opnieuw voordoet. Het college gaat bijstandsgerechtigden, die na een grote terugvordering en/of een beëindiging van de bijstandsuitkering en opnieuw een bijstandsuitkering ontvangen, begeleiden zodat de kans op een nieuwe soortgelijke onrechtmatigheid zoveel mogelijk wordt voorkomen.

Ter afsluiting Wij moeten zorgen dat ook bij uitzonderlijke zaken de Rotterdammer niet in de problemen komt door onzorgvuldig handelen van de gemeente. Verder blijft het college pleiten voor verdergaande verandering van de wetgeving. Zoals u ook eerder bent geinformeerd in het afdoeningsvoorstel menselijke maat terugvorderen (23bb004573) zijn er, bij de constatering van een schending inlichtingenplicht wettelijk weinig mogelijkheden, om niet terug te vorderen of hierin te matigen. Het college ziet liever een meer genuanceerde lijn, in meer ruimte voor maatwerk mogelijk is. Burgemeester en wethouders van Rotterdam,

zen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=f81b359f-4eb5-4658-ada9-f9148bc219da