CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[23bb008200] Beantwoording Technische vragen over Klimaat Actieplan Rotterdam MHEK 061223

Commissie Mobiliteit, Haven, Economie en Klimaat (2022-2026) 6 december 2023, gemeente RotterdamBij agendapunt: Daarbij betrekken3.546 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

KAR Partij

Vraag

Onderwerp

Naam

Antwoorden

Groenlinks

Is er een overzicht van de projecten die zijn afgerond tussen de vorige behandeling van het KAR en nu?

Algemeen / projectenlijst

Jasmijn van Weenen

Bij de volgende KAR-update kunnen we kijken of een peildatum kunnen toevoegen bij lijsten met de afgeronde projecten, zodat beter inzichtelijk wordt gemaakt wat de afgeronde projecten zijn.

Maud van den Eijnden / Jillian benders

In 2030 willen we de Rotterdamse bijdrage leveren voor de landelijke doelstelling van -55% CO2 reductie ten opzichte van 1990. De Rotterdamse uitstoot was voor deze target in 1990 23,2 Mton, dus de CO2-uitstoot mag in 2030 maximaal 10,4 Mton bedragen om -55% ook lokaal na te streven. In 2021 was de uitstoot op Rotterdams grondgebied nog 26,4 Mton (en hoger dan in 1990). Richting 2030 moeten we dan tegen de 16 Mton reduceren. Uit de doorrekening van 2023 blijkt dat Rotterdam in 2030 11,5 Mton gaat reduceren mits de plannen in uitvoering worden gebracht. Dan blijft er nog een gap over van 4,4 Mton. Dit is vooral in de haven. Voor de stad zien we nog een gap van 0,1Mton voor 2030 als we -55% reductie in de stedelijke omgeving willen halen. Volgens de nationale berekeningen zijn we landelijk gezien op koers voor de -55% in 2030. Hoe nieuwe maatregelen doorvertalen in Rotterdam moet in de komende jaren verder concreet worden. Voor meer informatie kunt u de CO2-monitor en/of de doorrekening raadplegen op de website van de DCMR.

Rosanne Koning

Het oppervlakte zon op dak (1,9 km2) gaat over kleine en grote daken, en deze tellen beide mee voor het realiseren van de RES-doelstellingen van 2030. Met de jaarlijkse Zon-monitor meten we het totaal, we maken geen onderscheid tussen grote en kleine daken. Volgens het Klimaatakkoord gaan kleine daken meetellen voor de totale zonne-opwek wanneer de zonne-opwek van kleine daken landelijk de 7 TeraWattuur (TWh) passeert. Eind 2022 is er in Nederland een vermogen van 8.096 MWp geïnstalleerd, dat is goed voor circa 7,3 TWh. De Rotterdamse bijdrage aan de doelen van de RES 2030, wordt nagenoeg al gehaald met het behalen van de coalitie-doelstellingen van 2026 (3,2 km2). De verwachting is dat we door de doorontwikkeling van zon na 2026 daarmee ook de Rotterdamse bijdrage aan de doelstellingen van de RES in 2030 halen.

Rosanne Koning Rosanne Koning

In lijn met de landelijke klimaatdoelstellingen voor 2050, worden nieuwe landelijke doelstellingen voor zon gemaakt. De precieze landelijke uitwerkingen hiervan is nog niet bepaald. Er moeten nog beslissingen worden genomen over de verhouding tussen wind, zon en andere (innovatieve) duurzame bronnen / technieken. Dit zal te zijner tijd via de lijn van de RES verder ingevuld worden. In Rotterdam werken we nu al met de Rotterdamse Zonneladder, waarmee we inzetten op een zo klein mogelijke ruimtelijke impact van Zon, zonder kansen in restruimtes of dubbel ruimte gebruik te missen. Zoals langs snelwegen en boven parkeerplaatsen. De gemeente Rotterdam kijkt ook al vooruit naar na 2030, door nu al in te zetten op innovatie op zon op gevel. We doen daar nu kennis en ervaring over op, zodat ook nieuwe doelstellingen behaald kunnen worden op een ruimtelijk zo efficient mogelijke manier. Dit zal via de Griffie worden gedeeld met de commissie

Groenlinks

Groenlinks

Groenlinks Groenlinks

Groenlinks

Groenlinks

Wat is het verschil tussen de CO2 vermindering in 2030 die nu gepland staat en de CO2 vermindering die we als doelstelling hebben gesteld? Hoe groot is het “gat” dat overbrugd moet worden?

Gaat het bij oppervlakte zon op dak (1,9 km2, pagina 9) alleen om grote daken die voor RES meetellen of ook over kleine daken? Als het totaal 1,9 km2 is, hoe veel daarvan wordt naar verwachting op grote daken gerealiseerd? Worden daarmee de doelen voor de RES in 2030 gehaald?

De verwachting is dat na 2030 landelijk de doelen voor de opwekking van zonne-energie flink verhoogd worden. Is er een inschatting hoeveel deze verhoging zal zijn en wat de ruimtelijke consequenties daarvan zijn? Kan het vooronderzoek zon langs tracé A15/A38 gedeeld worden?

CO2 doorberekening

Zon

Zon Zon

Is er voldoende ambtelijke capaciteit beschikbaar om de gevolgen van de Wet collectieve warmtevoorziening (Wcw) en de Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw) op te vangen zonder dat het behalen van de doelen op warmte vertraging oploopt? Zo nee, zijn er mogelijkheden om die capaciteit op korte termijn te creëren? Warmte Tabel pagina 23: de cijfers lijken hier niet te kloppen. In de projectomschrijving gaat het om 32.000 energieboxen, waarvan 15.000 met adviesgesprek of energieklusser. Bij het resultaat worden 15.000 energieboxen en 585 keer aan huis coaching genoemd. Toch is de conclusie dat de uitvoering conform plan heeft plaatsgevonden. Kloppen de cijfers in deze tabel niet, of klopt de conclusie niet? Energie

De ambtelijke capaciteit is tot nu toe voldoende. Wanneer de Wcw en Wgiw in werking treden, komen er extra taken bij. Ook in de voorbereiding op de wetgeving zijn er nieuwe taken. Dit wordt in het herijking van de uitvoeringskosten meegenomen zodat straks werk, personeelscapaciteit en budget beter met elkaar in balans zijn. Adviesbureau Aef voert deze herijking uit in opdracht van de Raad voor Openbaar Bestuur (ROB). Rotterdam is een van de gemeenten die Aef geïnterviewd heeft om de ervaringen te delen. De ROB komt in Q1 2024 met een advies hierover aan het demissionair kabinet / de onderhandelaars voor Lydia Hameeteman het nieuwe kabinet. Als gemeenten meer financiële middelen voor de uitvoeringskosten / Annelieke Vis krijgen, dan kan daarmee nieuw personeel worden aangenomen. Dit zijn de cijfers: Er zijn 32.000 energieboxen uitgereikt, waarbij er 15.000 een Friso waagmeester adviesgesprek is gevoerd bij het uitdelen. Daarnaast is er 585 aan-huis-coaching / Karen Janssen uitgevoerd (wat tegenwoordig energieklusser wordt genoemd) De aanleiding van de vraag ‘In de inleiding van het college wordt benoemd dat ‘al 45%’ van het huishoudelijk afval wordt gescheiden.’ kunnen wij niet terugvinden. Voor de vergelijking met andere gemeenten hebben wij cijfers beschikbaar uit 2021.

2021 Kg restafval per inwoner (incl grof huishoudelijk afval) Afvalscheidingspercentage Rotterdam 281 37% Amsterdam 269 28% Den Haag 312 28% Utrecht 212 49%

Groenlinks

In de inleiding van het college wordt benoemd dat ‘al 45%’ van het huishoudelijk afval wordt gescheiden. Hoe verhoudt dit percentage zich tot andere gemeenten? En wat is de voortgang hierin tov eerdere jaren?

Groenlinks

Sinds 20 oktober jl. mogen er geen zeeschepen aanmeren aan de Lloydkade vanwege Europese veiligheidseisen. Op de Parkkade zijn tijdelijke maatregelen genomen om de ligplaatsen open te houden. Wat zijn de gevolgen van deze situatie en van eventuele aanvullende maatregelen voor de toekomst van deze ligplaatsen voor zeeschepen, en op de ontwikkeling van walstroom? walstroom

Groenlinks

Groenlinks

CDA

CDA

Bij haven van de toekomst- verduurzamen transportsysteem staat: Op plekken wordt de aanleg van walstroom bemoeilijkt door onder andere netcongestie, ruimtelijke inpassing maar ook het gebrek aan middelen om de onrendabele top te financieren. Om welke plekken gaat het hier, en is er zicht op oplossingen voor deze knelpunten?

Ik vroeg mij af of ergens duidelijk beschreven staat op welk moment in de besluitvorming de leidende principes worden toegepast en in hoeverre zij leidend zijn (en op welke manier). Hoe ziet de toetsing eruit met betrekking tot deze principes?

afval inzameling / circulairiteit

walstroom

Proces KAR

Is het mogelijk dat bij de technische sessie iemand aanwezig is van DCMR waarmee ik kan spreken over geluidsoverlast bij windturbines en over de verspreiding van ammoniak bij een calamiteit met de opslag ervan? Milieu Voor het project windturbines Hoekse Baan heeft de wethouder in haar reactiebrief aan de dorpsraad 23bb007792 aangegeven dat de omgevingsvergunning en andere documenten vanaf 8 december ter inzage zullen liggen. 1)Kan de commissie de uitgevoerde MER studie en het advies van DCMR/commissie MER (afhankelijk wat van toepassing is) ontvangen? 2)In de brief geeft de wethouder aan dat er geen richtlijnen zijn voor cumulatief geluidsoverlast. Het Activiteitenbesluit Milieubeheer en de Activiteitenregeling voor geluid, slagschaduw en veiligheid geven aan een jaargemiddelde van maximaal 47 dB overdag en 41 dB ’s-Nachts. Wordt hieraan voldaan? Windenergie

Eline Lagendijk / Lennard abma / Lotte Hinkel

Liza van der Aa

Gemeente Rotterdam werkt samen met het Havenbedrijf aan walstroom voor de Parkkade en Lloydkade. We hebben subsidie gegeven en werken samen aan de ruimtelijke inpassing. Nu het voortbestaan van de ligplaatsen onzeker is gaan de voorbereidingen voor de walstroom door, maar worden de investeringen nog niet gedaan. HbR werkt aan een permanente oplossing voor de ligplaatsen. Als die oplossing er is gaan we zo snel mogelijk door met walstroom aanleggen. Oplevering was eerst verwacht eind 2024, dit wordt waarschijnlijk in de loop van 2025.

Liza van der Aa

* Netcongestie is in de Botlek en Europoort. In Maasvlakte, Waal- Eemhaven geen netcongestie. - we onderzoeken een pilot, maar oplossingen zijn lastig. Netcongestie zelf moet uiteindelijk worden opgelost. Zie aparte communicatie daarover. Inspanningen van gemeente, netbeheerders en Rijk nodig. * Ruimtelijke inpassing betreft publieke kades zoals Parkkade, Lloydkade en Cruiseterminal. We zijn in goed contact met de ruimtelijke afdeling en bouw- en woningtoezicht van de gemeente. Inspanningen van HbR en gemeente. * Er is een onrendabele top voor tot nu toe alle bekende projecten. Er zijn EU- en rijkssubsidies beschikbaar, afhankelijk van het type project. Die zijn tot nu toe meestal voldoende. Inspanningen van gemeente en HbR om bedrijven te adviseren over deze subsidies. * Sinds 1 november financieren we (gemeente Rotterdam) een haalbaarheidsstudie walstroom (80%, max 20.000) voor bedrijven met een kade in Rotterdam. We hopen de uitkomsten te kunnen gebruiken om belemmeringen nog scherper in kaart te brengen, waar mogelijk op te lossen en walstroomprojecten verder te helpen.

Jasmijn van Weenen Patricia Timmermans / Ingrid Schalkwijk

Het Klimaat Actieplan Rotterdam bevat DTB-projecten en overige projecten. Voor de DTBprojecten geldt een expliciet beschreven wijze van toetsen: Advisering op de ingediende projectvoorstellen wordt gedaan door de adviescommissie aan de hand van het door de raad vastgestelde afwegingskader. Aanvullend daarop worden ook de leidende principes van het Klimaat Actieplan Rotterdam meegenomen in de beoordeling van de commissie. Vooralsnog is er gekeken of de ingediende plannen raken aan de geest van de leidende principes. In de volgende DTB-beoordelingsrondes wordt gekeken naar een meer concrete doorvertaling van de leidende principes. Aan een meer expliciete en uniforme toepassing van de de leidende principes wordt op dit moment gewerkt. Deze vraag is ter tafel besproken tijdens de technische sessie. Indien er nog behoefte is bij de commissie om met een DCMR expert te spreken kan dat bij de griffie kenbaar worden gemaakt.

Vera Ronteltap

1) Dit kan niet ambtelijk worden toegezegd. 2) Uit het bestemmingsplan (en daar onder liggende geluidsonderzoeken) voor dit project dat vanaf 8 december zes weken ter inzage ligt, blijkt dat aan de geldende geluidsnormen wordt voldaan.

Vera Ronteltap

Wij nemen aan dat hier bedoeld wordt de wijkraad Pernis en in de Pernis gelegen woningbouwlocatie Madroel. Er is een wethoudersbrief onderweg op het ongevraagde advies van de wijkraad Pernis over dit onderwerp in voorbereiding, waarnaar wij verwijzen.

Vera Ronteltap

Op dit moment is er in Rotterdam geen sprake van tweedehands turbines. Voor nieuwe projecten valt dit niet uit te sluiten, maar is nu nog niet concreet voorzien. Voor zover er bij tweedehands turbines al sprake is van verhoogde faalkansen, dan wordt daarmee rekening gehouden in de externe veiligheidstoetsing.

Ten aanzien van het project windturbine Schiedam, dus buiten onze gemeente, geeft de dorpsraad Rozenburg contact met ons opgenomen. Kan een klankbordgroep vanuit Rozenburg meepraten over de plaatsing en uitvoering van deze windturbine. Wordt bij de vereisten voor deze windturbine rekening gehouden met de toekomstige woningbouw op het Majoel terrein? CDA

CDA

Windenergie In de verschillende windturbine projecten zien we hoge windmolens met turbines met een relatief laag vermogen. Er zou dus meer elektriciteit kunnen worden opgewekt met de zelfde hoogte van de toren, maar dat is blijkbaar niet financieel rendabel en wordt blijkbaar bezuinigd op de aanschaf van de turbine zelf. Betekent dat dat er tweede hands windturbines worden geïnstalleerd bij de verschillende projecten in Rotterdam? Zo ja, is het hogere afbreukrisico/faalkans in aanmerking genomen bij de veiligheidsstudies? Windenergie

De ontwikkeling van het afscheidingspercentage in Rotterdam is als volgt:

Voor windmolenprojecten kan de Crisis- en Herstelwet (artikel 1.1, eerste lid in samenhang met bijlage I – duurzame energie) worden toegepast. Mogelijk procedureel voordeel voor specifiek aangewezen projecten kan zijn dat er geen verplichte toetsing van het MER door de Commissie mer aan de orde is. In Rotterdam was windpark Tweede Maasvlakte als zodanig aangewezen (door Rijkswaterstaat en EZK). Overigens is van deze mogelijkheid geen gebruik gemaakt en is de MER wel door de commissie getoetst.

CDA

CDA

Worden de verschillende windmolen projecten aangemerkt als een project onder de Crisis- en Herstelwet? Zo ja, wat zijn de gevolgen hiervan voor de eisen aan de MER-studie en de beoordeling daarvan door DCMR dan wel de Commissie MER? Bij een groot aantal projecten staat in de kolom “wanneer gereed”: Gereed, terwijl de omschrijving aangeeft dat DCMR de projecten heeft doorgerekend terwijl elders staat dat het project zich nog in de onderzoeksfase bevindt. Dat betekent dat het project nog niet uitgevoerd en gereed is. Kan het overzicht worden aangepast zodat alleen “gereed” of “afgerond” wordt aangegeven als het project daadwerkelijk is uitgevoerd/is gerealiseerd?

Windenergie

Vera Ronteltap

Voor de Rotterdamse windprojecten van het stadsregioconvenant windenergie wordt geen gebruik gemaakt van de Chw. Het college hecht aan helder beeld van de omgevingseffecten en goede participatie /afstemming met de omgeving. Een reguliere omgevingsprocedure biedt daarvoor de meer ruimte dan een procedure onder de Chw.

Algemeen / projectenlijst

Jasmijn van Weenen

We nemen een eenduidige notering van afgeronde projecten mee in de volgende KARupdate

Het maximale effectgebied bedraagt ca 5 km. Voor de wettelijke minimale afstand tot woningen (kwetsbare objecten) kennen we in de wetgeving het plaatsgebonden risico. Dit betreft de kans op overlijden als gevolg van een incident bij het bedrijf. De maximale toegestane waarde op woningen bedraagt hiervoor 10-6 per jaar (1 op de miljoen per jaar). De kans op het effectgebied van ca 5 kilometer ligt in de orde van 10-9 (1 op de miljard per jaar). De minimale afstand tot woningen wordt dus niet bepaald door het maximale effectgebied maar door incidenten met een kans in de orde van 1 op de 100.000 á 1 op de miljoen per jaar. In de raad is onlangs de vraag aan de orde geweest of er een MER-studie uitgevoerd had moeten worden voor de opslag van ammoniak. Aangegeven is dat dat niet nodig is na beoordeling van DCMR. Als dat antwoord juist is dan is daarmee er nog geen antwoord gegeven op de vraag wat de risico’s zijn bij een calamiteit waarbij grote hoeveelheden ammoniak vrijkomen. Hoewel ammoniak lichter is dan lucht schijnt het zich te mengen met lucht waardoor het niet direct naar boven stijgt, maar zich met de luchtmassa verplaatst. Hierdoor kan een hoge concentratie bij een bewoonde omgeving uitkomen.

Voor de verleende vergunning, wat is het berekende verspreidingsgebied van de vrijgekomen ammoniak en welke afstanden worden daarom gehouden tot bewoning? Welke evacuatieplannen zijn er gemaakt of moeten gemaakt worden in geval van een calamiteit en in de veronderstelling dat er voldoende tijd is voor een evacuatie? Deze vraag geldt ook voor de andere ammoniakopslagen waarvoor nog geen vergunning is verleend zoals Rozenburg. CDA

Waterstof / ammoniakopslag

Lieuwe Brouwer/Patricia Timmermans

Als zich ondanks alle risico-beperkende maatregelen, zoals voorgeschreven in de vergunning, toch een incident voordoet zal de overheid vanaf het moment van de melding snel en daadkrachtig moeten optreden. Het standaard advies van de overheid aan de bevolking van het effectgebied om binnen te schuilen (ramen en deuren gesloten houden en ventilatie uit) is bedoeld om blootstelling te voorkomen of te minimaliseren. Er is geen standaardevacuatieplan beschikbaar omdat dit sterk afhankelijk is van het incident en de weersomstandigheden Voor de afweging of ontruiming of een evacuatie nodig is zal het protocol worden gehanteerd zoals opgesteld door de GHOR (onderdeel van de VRR), zie https://nipv.nl/wp-content/uploads/2023/03/20160511-VRR-Regionaal-protocol-Schuilen-ofOntruimen-Evacueren.pdf

De IPCEI-regeling is geen subsidie, maar een verklaring vanuit Europa die het het Rijk mogelijk maakt om grote projecten te ondersteunen. De twaalf projecten zijn: Elektrolyse •Havenbedrijf Rotterdam - conversiepark voor electrolysers (ruimtelijke inpassing en infrastructuur) •Shell – Holland Hydrogen One (200MW electrolyser in conversiepark) •BP & HyCC – H2.50 (250MW electrolyser in conversiepark) •Air Liquide & Vattenfall – CurtHyl (200MW electrolyser in conversiepark) •Uniper – H2Maasvlakte (100MW electrolyser op eigen locatie op de Maasvlakte, uitgroeiend naar 500MW in 2030) Waterstofimport •Havenbedrijf Rotterdam - H2Sines.RDAM (Import van vloeibare groene waterstof van Portugal naar Rotterdam •Vopak – Green H2 Imports in Europe (Import van groene waterstof met behulp van verschillende dragers, o.a. ammoniak) •Air Products & Gunvor – Pink Camel (import van groene ammoniak)

CDA

CDA

CDA

CDA

Infrastructuur •Gasunie – waterstofbackbone door Rotterdamse haven •Gasunie – nationale waterstofbackbone

12 projecten in de Rotterdamse haven hebben een Europese subsidie toegezegd gekregen onder het IPCEI programma voor investeringen met een prioriteit om de energietransitie te versnellen. Het betreft, naar wij hebben vernomen o.a. de ammoniakopslagen in Europoort en bij Rozenburg. Welke zijn deze 12 projecten. Omdat het investeringsprojecten betreft die men voor de energietransitie snel wil realiseren, worden, is de Crisis-en Herstelwet van toepassing (verklaard) op deze projecten? En wat zijn de consequenties daarvan voor de benodigde MER-studie en de beoordeling daarvan door DCMR dan wel de Commissie MER?

Waterstof / ammoniakopslag

Lieuwe Brouwer

Normaal gesproken wordt een transmissielijn ontworpen voor een maximale capaciteit, dus 100%. In de analyse van Tennet blijkt dat er wordt gewerkt met een overschrijding tussen 110% en 150% van de ontwerpcapaciteit, waarbij wordt aangegeven dat 150% gebruikt wordt als het uiterste maximum waarbij de veiligheid niet in het geding komt. De huidige plannen voorzien in het voorkomen van een overschrijding van de 150%, maar je zou verwachten dat er een voorstel komt om de transmissielijnen weer onder de 110% te brengen. Als ik kijk naar de investeringsbedragen van EUR 65 mln, dan vallen die bedragen mij zeer mee. Waarom wordt er dan geen voorstel gedaan voor een ambitieuzer investeringsprogramma waarbij de overschrijding tot 110% wordt beperkt?Wind

Netcongestie

Stefan Olsthoorn / Amy van Groot battavé

De bedrijfsvoering van TenneT stuurt op het niet overschrijden van de beschikbare transportcapaciteit (=100%), zelfs in het geval van een enkelvoudige storing (n-1 criterium). De weergegeven percentages van 110% en 150% betreffen theoretische grenzen bij een enkelvoudige storing zonder het treffen van maatregelen. Deze grenzen zijn (naast een financiële grens) regulatorisch belangrijk om te bepalen of congestiemanagement mag worden toegepast. De werkelijke netbelasting zal deze grenzen niet bereiken juist omdat er maatregelen worden getroffen zoals de inzet van regelbaar vermogen. Hoogspanningslijnen (bovengronds), -kabels (ondergronds) en -transformatoren worden dus niet overbelast. TenneT’s investeringen in de Rotterdams haven tellen op tot 700 miljoen euro. De investeringen hebben als doel om alle toekomstige transportvraag te kunnen faciliteren. Naar verwachting zorgen de investeringen voor een beschikbare transportcapaciteit in 2029 van circa 2000 MW. Zie congestiemanagementrapport TenneT (https://tennet-drupal.s3.eucentral-1.amazonaws.com/default/202310/Congestieonderzoek%20Rotterdamse%20haven%20_12OKT2023.pdf) p. 14, tabel 3-2. Dit is voldoende om aan de verwachte vraag (1314 MW, zie pagina 4 van het congestierapport) te voldoen.

Stefan Olsthoorn / Amy van Groot battavé

De investgeringen voor de aanlandingen voor wind op zee en de investeringen in het hoogspanningsnet worden gedaan door de landelijke hoogspanningsnetbeheerder TenneT. TenneT heeft ons geïnformeerd dat haar huidige investeringenportfolio voor Rotterdam optelt tot €700 mln. Daarnaast investeert regionale netbeheerder Stedin ook flink in het havengebied. Deze investeringen tellen op tot €330 mln. Voor de totale investeringsportfolio’s verwijzen wij naar de investeringsplannen van TenneT (https://www.tennet.eu/nl/over-tennet/publicaties/investeringsplannen) en Stedin (https://www.stedin.net/over-stedin/jaarverslagen-en-publicaties/investeringsplan). Voor de totale investeringsportfolio’s verwijzen wij naar de investeringsplannen van TenneT (https://www.tennet.eu/nl/over-tennet/publicaties/investeringsplannen) en Stedin (https://www.stedin.net/over-stedin/jaarverslagen-en-publicaties/investeringsplan).

Stefan Olsthoorn / Amy van Groot battavé

Op dit moment is er in het Rotterdamse havengebied congestie op het net van landelijk netbeheerder TenneT, (nog) niet op het net van regionaal netbeheerder Stedin. Vanwege de verbondenheid van de netten heeft de congestie effect op alle (toekomstige) grootverbruikers, ook op de grootverbruikers aangesloten op het regionale net, tot het moment dat de benodigde uitbreiding van het net gerealiseerd is. Het net van TenneT blijft voldoen aan het n-1 principe, mede dankzij het nog niet toelaten van extra grootverbruik en afroepen van regelvermogen, zoals in de vraag hierboven toegelicht.

Met de aanlanding van 20 GW aan geïnstalleerd vermogen aan windenergie lijkt mij de in het rapport genoemde investeringen om 426 MW aan gevraagd vermogen te kunnen realiseren, maar een klein onderdeel van de bij Stedin benodigde investeringen. Wat is het totale investeringsplaatje van Stedin tot 2030?

Als er op dit moment al op sommige plaatsen in het Stedin netwerk al een belasting van tegen de 150% voorkomt, is dan nog wel voldaan aan de N-1 (dus als er een onderdeel van het netwerk uitvalt, is er dan nog wel voldoende capaciteit zodat niet direct anderen onderdelen van het netwerk ook uitvallen)?

Netcongestie

Netcongestie

Toepassing •Provincie Zuid-Holland – RH2INE (programma voor toepassing waterstof in binnenvaart) •Air Liquide – HyTrucks (programma voor toepassing waterstof in zwaar wegtransport)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=d19820a0-f558-4060-ad55-d82a26ceec8a