CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[23bb008030] Bijlage behorende bij 23bb008027 over Afsprakenlijst Bestuurlijke Overleggen MIRT 6, 7 en 9 november 2023

Commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte (2022-2026) 6 december 2023, gemeente RotterdamBij agendapunt: Bouwen en Wonen24.245 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

❖ Rijk en regio delen het belang van de verkeersveiligheid, doorstroming en leefbaarheid op de N35 en dat herstart van dit project binnen de lijst van de landelijk gepauzeerde projecten met voorrang moet worden opgepakt wanneer weer financiële middelen, personele capaciteit en stikstofruimte beschikbaar komen. ❖ Het Rijk neemt het initiatief om samen met en in de regio het gesprek aan te gaan over mogelijke ander soortige acties en verbetermaatregelen die kunnen worden uitgevoerd vanuit de resterende € 15 mln. Rijksmiddelen voor de kortere termijn. Tevens spant het Rijk zich in om het oorspronkelijke bedrag van € 100 mln. spoedig weer beschikbaar te stellen voor het project, zodat onder andere de rondweg Mariënheem gerealiseerd kan worden. Dit ook gezien het belang dat de Tweede Kamer hecht aan dit project. Het besluit hierover is aan een nieuw kabinet. N35 knooppunt Raalte ❖ Voor knooppunt Raalte is een budgettekort gesignaleerd van € 35 mln. Rijk en regio (provincie Overijssel en gemeente Raalte) indexeren de bijdragen op basis van de originele verdeling. Na het indexeren van deze bijdragen resteert een budgettekort van € 21,5 mln. en de intentie is om dit bedrag 50/50 te verdelen tussen Rijk en regio. Met de begrotingsbehandeling voorjaar 2024 zal dit geformaliseerd worden.

A28/A1 knooppunt Hoevelaken ❖ Rijk en regio herbevestigen de urgentie van een snelle realisatie van het project A28/A1 knooppunt Hoevelaken en het belang voor de landelijke en regionale bereikbaarheid, conform de afspraken uit de bestuursovereenkomst, de aanvullend gemaakte bestuurlijke afspraken in de regio Amersfoort en het Ontwerptracébesluit. ❖ Het Rijk start het project A28/A1 knooppunt Hoevelaken zo snel mogelijk weer op, gegeven de prioriteit van dit project, zodra er voldoende stikstof-, financiële en personele ruimte voor dit project beschikbaar is. ❖ Het Rijk blijft gedurende de pauzestand van het project A28/A1 Knooppunt Hoevelaken verantwoordelijk voor het nakomen van de wettelijke verplichtingen (bijvoorbeeld geluidsscherm Baanweg te Terschuur) en de instandhouding van het hoofdwegennet binnen het projectgebied A28/A1 Knooppunt Hoevelaken (bijvoorbeeld vervanging Arkervaartbrug en kunstwerk A1/Amersfoortsestraat). Het Rijk hanteert als uitgangspunt bij instandhoudings- en vernieuwingsmaatregelen dat deze zoveel als mogelijk conform

36 Afsprakenlijst Bestuurlijke Overleggen MIRT 2023

❖ ❖

❖

❖

❖

het Ontwerptracébesluit A28/A1 knooppunt Hoevelaken toekomstvast worden gerealiseerd en onderzoekt met de regio of er meekoppelkansen zijn. Rijk en regio treden op korte termijn in overleg over de hoogte van het restbudget van het project A28/A1 knooppunt Hoevelaken. De bereikbaarheid, de leefbaarheid en de woningbouwopgave in de regio Amersfoort staat zodanig onder druk dat Rijk en regio zich samen inspannen om te onderzoeken welke maatregelen er vooruitlopend op de realisatie van het project A28/A1 knooppunt Hoevelaken gerealiseerd kunnen worden. In het BO MIRT 2024 wordt het resultaat van dit onderzoek in samenhang met de U Ned Mobiliteitsagenda Regio Amersfoort 2040 ter besluitvorming voorgelegd. Rijk en regio stemmen deze maatregelen concreet af op de mobiliteitsmaatregelen ten behoeve van het realiseren van de woningbouwopgave in de Woondeal regio Amersfoort (waaronder kern Hoevelaken) en NOVEX Spoor- en A1-zone. Rijk en regio spreken af om in de komende periode de ontwikkelingen op het gebied van de woningbouw en mobiliteit (auto, OV en fiets) in de regio actief te monitoren en indien nodig maatregelen te definiëren ten dienste van de opgave op bereikbaarheid, leefbaarheid en woningbouw. De rapportages worden jaarlijks gedeeld met de bestuurlijke partners voorafgaand aan het BO MIRT.

Rijk en regio treden in overleg over het uitvoeren van de maatregelen, de monitoring en de mogelijke inzet van het restbudget voor het project A28/A1 knooppunt Hoevelaken van het Rijk en de regionale bijdrage en maken hierover uiterlijk in het BO MIRT 2024 afspraken. In het BO MIRT 2022 is de afspraak gemaakt dat in de U Nedprogrammalijnen Kortetermijnaanpak en Aanpak 2030 No Regret-maatregelen worden gedefinieerd. De afspraken in het BO MIRT 2024 worden afgestemd met de uitkomsten van deze U Ned-studies.

2.

MIRT-verkenning A50 Ewijk – Bankhoef – Paalgraven ❖ Rijk en regio hebben in een MIRT-verkenning de voorkeursbeslissing A50 Ewijk – Bankhoef – Paalgraven uitgewerkt. Op 26 oktober 2023 heeft de minister de OntwerpStructuurvisie A50 Ewijk – Bankhoef – Paalgraven met achterliggende documenten vastgesteld waarin deze voorkeursbeslissing is opgenomen. ❖ Het Rijk heeft bij de start van de verkenning, in 2020, € 75 mln. gereserveerd. Tijdens de MIRT-verkenning is voor het voorkeursalternatief een financiële raming opgesteld. Op basis van deze raming heeft Rijk vanuit de Woningbouwmiddelen uit het regeerakkoord Rutte III een aanvullend bedrag van € 360 mln. toegevoegd aan het projectbudget. De totale kosten voor het Rijk bedragen € 435 mln. ❖ De regio heeft parallel aan de MIRT-verkenning een strategische agenda met een mobiliteitsaanpak voor de A50 corridor Nijmegen – Eindhoven opgesteld. De regio heeft voor deze agenda een budget van € 34 mln. gereserveerd.

3.

Verduurzaming dieseltreinen Almelo-Hardenberg en Zutphen-Oldenzaal ❖ Conform afspraken uit het vorige BO MIRT zijn de partijen op 5 april 2023 tot een gezamenlijke techniekkeuze voor verduurzaming van het spoor Almelo-Mariënberg en Zutphen-Oldenzaal gekomen, te weten volledige elektrificatie. ❖ Op dit moment is het, bij gebrek aan beschikbaar budget bij meerdere partijen, niet mogelijk om tot verdere afspraken te komen om gezamenlijk de planuitwerking te starten voor beide trajecten, zodat de elektrificatie gereed kan zijn bij de start van de nieuwe concessie(s) met nieuw zero-emissie materieel. ❖ Partijen blijven zich gezamenlijk inzetten om additionele, Rijksbrede en Europese financieringsbronnen aan te wenden om op tijd volledige elektrificatie van beide trajecten te realiseren. ❖ Indien (een van) de provincies besluit(en) om zelf (een van) de planuitwerkingen te starten en de voorfinanciering van deze studie op zich te nemen, zal IenW hier als verantwoordelijke partij voor de hoofdspoorweginfrastructuur bij betrokken worden.

37 Afsprakenlijst Bestuurlijke Overleggen MIRT 2023

4.

Spoorzone Ede ❖ Rijk en regio werken samen aan het project Spoorzone Ede dat voorziet in een belangrijk regionaal multimodaal knooppunt en mede de naastgelegen woningbouwlocatie ontsluit. ❖ Het project is op dit moment volop in uitvoering. Oplevering van de lopende deelprojecten is voorzien in 2025. Dit is volgens planning ondanks dat het project de afgelopen diverse tegenvallers heeft gehad. ❖ Het project kent een totaal tekort van € 32 mln. Het Rijk heeft hiervan € 12 mln. gedekt vanuit het Programma Hoogfrequent Spoorvervoer. Voor de resterende € 20 mln. is de gemeente risicodragend financier met vaste bijdragen van provincie en Rijk. Gegeven de bijzondere omstandigheden in het project doet de gemeente – mede in het licht van de verplichting tot samenwerking in de beschikking – een moreel appèl op de andere stakeholders. De andere stakeholders (naast het Rijk) zijn ook bereid om in gezamenlijkheid een bijdrage te doen om de oorspronkelijk geplande parkeergarage alsnog te realiseren voor het verlopen van de afgegeven milieuvergunning eind 2025. ❖ Rijk en regio spreken af op korte termijn bestuurlijk te overleggen over wederzijdse mogelijkheden om met het tekort om te gaan.

5.

NOVEX-gebied Arnhem – Nijmegen – Foodvalley ❖ Het ontwikkelperspectief voor het NOVEX gebied Arnhem Nijmegen Foodvalley, vastgesteld op het BO NOVEX ANF op 28 september jl., ligt nu en de komende weken voor bij de betrokken colleges. Rijk en regio spreken af dat dit de basis is voor verdere uitwerking naar een completere versie in 2024. Specifiek de transitie voor het landelijk gebied en natuurherstel zal de komende periode (op basis van onder andere structurerende keuzes van VLGG en UPLG) nog verder worden uitgewerkt. Hierbij wordt ook gekeken naar de keuzes die gemaakt moeten worden om de groen/blauwe verbindingen tussen stad en land te versterken ten behoeve van recreatie en klimaatadaptatie. Op het BO Leefomgeving van 2024 bespreken we de voortgang. Hierbij is het belangrijk om de wisselwerking en onderlinge afhankelijkheden tussen opgaven en keuzes in het landelijk gebied en verstedelijking (inclusief o.a. de programma’s Ruimte voor economie en Ruimte voor Defensie) te benoemen. ❖ Rijk en regio spreken af dat ze de komende maanden de uitvoeringsagenda verder uitwerken (en daarmee input leveren voor het opstellen van het ruimtelijk arrangement tussen Rijk en provincies) en daarin een goede wisselwerking behouden met de verdere inhoudelijke ontwikkeling van het ontwikkelperspectief. Daarvoor wordt het BO Leefomgeving in 2024 benut.

6.

Nationaal Programma Ruimte voor Economie ❖ Rijk en regio spreken af dat ze de komende maanden een realistische uitvoeringsagenda voor de NOVEX-gebieden uitwerken en daarin een goede wisselwerking behouden met de verdere inhoudelijke ontwikkeling van het ontwikkelperspectief, inclusief voldoende ruimte voor economie.

7.

Noodzaak versnelde aanpak netcongestie i.v.m. grote impact op wonen, werken, energietransitie en mobiliteitstransitie ❖ Rijk en regionale partijen in landsdeel Noordwest spreken af om via de provinciale energyboards en eventueel Bestuurlijk Overleg MIEK uitwerking te geven aan de voorstellen uit de brief van de minister van Economische Zaken en Klimaat van 18 oktober 2023 om de huidige, en vooral ook de vanaf 2026 te verwachten, grote knelpunten op het elektriciteitsnetwerk op te lossen. ❖ Utrecht wil graag zo snel mogelijk aan de slag met onorthodoxe maatregelen in de aanpak van netcongestie. Via de relevante Energyboards treden de provincies Utrecht, Flevoland en Gelderland in overleg met het ministerie van EZK over de mogelijkheden om een pilot met deze maatregelen te starten.

38 Afsprakenlijst Bestuurlijke Overleggen MIRT 2023

8.

Breed Mobiliteitspakket A2 (Programma A2 Deil – Vught) ❖ Rijk en regio stellen vast dat het samenstellen van het Breed Mobiliteitspakket A2 Deil – Vught door de herprioritering mobiliteitsfonds een vervolgstap behoeft. ❖ Rijk en regio spreken af in het BO MIRT 2024 deze vervolgstappen te zetten en afspraken te maken over uitvoering en financiering van diverse maatregelen (voor de A2 Deil – Vught heeft IenW € 122 mln. restbudget op de begroting staan).

9.

A28 Amersfoort – Zwolle – Hoogeveen pakket Rijksmaatregelen ❖ In het BO MIRT 2020 hebben Rijk en regio afspraken gemaakt over een maatregelenpakket voor verbetering van de verkeersveiligheid en daarmee ook de doorstroming op de A28 Amersfoort – Zwolle en Zwolle – Hoogeveen. ❖ Door capaciteitstekort bij RWS is het projectteam pas onlangs gestart met de uitwerking van de Rijksmaatregelen, met gebruikmaking van door de provincie Drenthe tegen vergoeding van de kosten aangeboden personele capaciteit. Door de opgetreden vertraging in de uitwerking van de maatregelen wordt in het vierde kwartaal van 2026 gestart met de realisatie.

10.

Programma Veilig, Slim, Duurzaam Oost-Nederland ❖ Rijk en regio investeren € 4.267.560 incl. btw voor 2024 in het integrale maatregelenpakket van Gelderland. Het Rijk draagt maximaal 50% van de kosten met een maximum van € 2.133.780 incl. btw (ontvanger: provincie Gelderland). Hiermee geven Rijk en regio invulling aan de reservering die zij op het BO MIRT van 2022 gemaakt hebben. Rijk en regio werken samen aan de stakeholdersaanpak (onderwijs- en werkgeversaanpak) t.b.v. het verlichten van de hyperspits door samenwerking met onderwijsinstellingen, onder andere door inzet op e-learning, spreiden van onderwijstijden en slim roosteren. Rijk en regio blijven investeren in het stimuleren en helpen van werkgevers om de werkgerelateerde mobiliteit te verduurzamen (in het kader van het Besluit CO2-reductie werkgebonden personenmobiliteit) en op rustigere tijden te reizen door meer thuiswerken en beter spreiden van reizen over de dag en over de week. Rijk en regio reserveren € 3.393.668 incl. btw in de stakeholdersaanpak in de Stedendriehoek, Groene Metropoolregio, Foodvalley (incl. deelmobiliteit), Noord Veluwe, Achterhoek, Rivierenland en de corridor A12. Het Rijk draagt maximaal 50% van de kosten met een maximum van € 1.696.834 incl. btw (ontvanger: provincie Gelderland).

o Rijk en regio zetten in op fietsstimulering en dragen daarmee bij aan het landelijke doel om 100.000 extra forenzen op de fiets te krijgen. Rijk en regio reserveren € 873.892 incl. btw voor fietsstimulering. Het Rijk draagt hiervoor 50% van de kosten met een maximum van € 436.946 incl. btw. (ontvanger: provincie Gelderland). ❖ Rijk en regio spreken af dat er minimaal eens per kwartaal een voortgangsgesprek plaatsvindt om de uitvoering van de maatregelen te monitoren. ❖ Rijk en regio reserveren € 3.860.700 incl. btw voor 2024 in het integrale maatregelenpakket van Overijssel. Het Rijk draagt maximaal 50% van de kosten met een maximum van € 1.930.350 incl. btw (ontvanger: provincie Overijssel). Hiermee geven Rijk en regio invulling aan de reservering die zij op het BO MIRT van 2022 gemaakt hebben. o

o

Rijk en regio werken samen aan de stakeholdersaanpak (onderwijs- en werkgeversaanpak) t.b.v. het verlichten van de hyperspits door samenwerking met onderwijsinstellingen, onder andere door inzet op e-learning, spreiden van onderwijstijden en slim roosteren. Rijk en regio blijven investeren in het stimuleren en helpen van werkgevers om de werkgerelateerde mobiliteit te verduurzamen (in het kader van het Besluit CO2-reductie werkgebonden personenmobiliteit) en op rustigere tijden te reizen door meer thuiswerken en beter spreiden van reizen over de dag en over de week. Rijk en regio reserveren € 2.867.700 incl. btw in de stakeholdersaanpak. Het Rijk draagt maximaal 50% van de kosten met een maximum van € 1.433.850 incl. btw (ontvanger: provincie Overijssel)

39

Afsprakenlijst Bestuurlijke Overleggen MIRT 2023

Rijk en regio zetten in op fietsstimulering en dragen daarmee bij aan het landelijke doel om 100.000 extra forenzen op de fiets te krijgen. Rijk en regio reserveren € 847.800 incl. btw (ontvanger: provincie Overijssel) voor fietsstimulering. Het Rijk draagt hiervoor 50% van de kosten met een maximum van € 423.900 incl. btw. o Rijk en regio investeren € 145.200 incl. btw in het Loket Deelmobiliteit. Het Rijk draagt maximaal 50% van de kosten met een maximum van € 72.600 incl. btw (ontvanger: provincie Overijssel). ❖ Rijk en regio spreken af dat er minimaal eens per kwartaal een voortgangsgesprek plaatsvindt om de uitvoering van de maatregelen te monitoren. o

❖ 11.

Goederenvervoer Noordoost-Europa (GNOE) ❖ Rijk en regio Oost en West hebben in september 2023 in een BO GNOE het plan van aanpak voor het nut en noodzaak onderzoek naar GNOE besproken en afgesproken dat het Rijk in afstemming met betrokken partijen tot uitvoering van dit plan over zal gaan. Verwachting is dat dit onderzoek eind 2024 kan worden afgerond.

12.

Spoorcorridor Utrecht – Foodvalley – Arnhem ❖ Rijk en regio zullen het MIRT-onderzoek corridor Utrecht – Foodvalley – Arnhem zo spoedig mogelijk opstarten, waarbij het door de provincies Gelderland en Utrecht en de Rijksoverheid gezamenlijk opstellen van een Plan van Aanpak in lijn met de BO MIRTafspraak 2022 de eerste stap is.

13.

Station Deventer ❖ Eind september hebben Rijk en regio gezamenlijk het stationsgebied van Deventer bezocht; hier spelen vele ontwikkelingen zoals een versnellingsafspraak, de (nog niet robuuste) aanlanding van de versnelde Berlijntrein en verschillende ruimtelijke ontwikkelingen op het gebied van woningbouw. ❖ Naar aanleiding daarvan gaan Rijk en regio in overleg over de samenloop van de diverse opgaven die spelen en geven richting het BO Leefomgeving van 2024 een beeld van de samenloop en mogelijke manier om hierop in de programmering van partijen op in te spelen.

14.

NOVEX-gebied Regio Zwolle ❖ In 2022 hebben Rijk en regio ingestemd met de koers en ontwikkelprincipes van de verstedelijkingsstrategie “Warme Harten in een Klimaatadaptieve Delta”. Afgesproken is deze verstedelijkingsstrategie te hanteren als richtinggevend kader voor de integrale verstedelijkingsopgave van de regio Zwolle tot 2040. De strategie borgt dat de opgave van ten minste 50.000 nieuwe woningen tot 2040 integraal wordt opgepakt met de rand voorwaardelijke opgaven voor klimaatadaptatie, bereikbaarheid, economie, energie, natuur en leefbaarheid. ❖ In het NOVEX-gebied regio Zwolle bouwen Rijk en regio in 2023 en de jaren erna voort op de uitwerking van de regionale sponsstrategie, de mobiliteitsstrategie, Stedelijk Zwolle, de stationsomgevingen middelgrote kernen. ❖ De Ruimtelijk-Economische Bouwsteen Regio Zwolle is eind 2023 gereed voor besluitvorming in de regio en vormt samen met de Verstedelijkingsstrategie (aangevuld met mogelijke dilemma’s voor de toekomst) het Ontwikkelperspectief voor de regio Zwolle tot 2040.

15.

Starten aanpak Netwerkanalyse 2030-2040 NOVEX-gebied Regio Foodvalley & Groene Metropoolregio Arnhem – Nijmegen ❖ In het Bestuurlijk Overleg MIRT Oost 2022 is afgesproken dat Rijk en regio samen het proces starten om te komen tot een regionale netwerkanalyse 2030-2040 voor het gebied Arnhem-Nijmegen-Foodvalley. ❖ Rijk en Regio zijn het proces gestart van de Netwerkanalyse 2030-2040 NOVEX-gebied Regio Foodvalley & Groene Metropoolregio Arnhem – Nijmegen en werken de aanpak verder uit (scope en opdracht, organisatie en planning).

40 Afsprakenlijst Bestuurlijke Overleggen MIRT 2023

❖ Het doel van de netwerkanalyse mobiliteit is om inzicht te krijgen in de effecten van verstedelijking (wonen en economische ontwikkelingen) op de huidige en geplande mobiliteitsnetwerken (multimodaal), bereikbaarheid en leefbaarheid in de regio’s Arnhem – Nijmegen en Foodvalley. Deze analyse dient als basis om mogelijke opgaven in beeld te brengen. 16.

Spooremplacement Arnhem-Oost ❖ In het licht van de Verstedelijkingsstrategie Arnhem, Nijmegen, FoodValley en op basis van de afspraken vanuit Woningbouw & Mobiliteit (BO MIRT 2022 en BOL 2023), werken Rijk en regio aan een haalbaarheidsstudie naar de (gefaseerde) uitplaatsing van het spooremplacement ‘Arnhem Goederen’ en mogelijke alternatieve locaties. Daarnaast is een Omgevingsvisie en integrale business case voor de ontwikkeling van deelgebied Rijnpark opgesteld en heeft de gemeente Arnhem een substantiële bijdrage gereserveerd. ❖ De partners (Rijk, gemeente Arnhem, provincie Gelderland en Groene Metropoolregio) maken in een separaat Bestuurlijk Overleg concrete procesafspraken over het vervolgtraject richting het BO Leefomgeving 2024.

17.

MIRT onderzoek Alem – Sint Andries ❖ Rijk en regio nemen kennis van de onderzoeksresultaten ‘IRM pilot Alem – Sint Andries’. Het onderzoek brengt de potenties voor het voetlicht die er in het gebied zijn voor het ontwikkelen van riviernatuur, voor zandwinning en voor het verbeteren van de Maasafvoercapaciteit. Dit biedt mogelijkheden voor behoud en versterking van ruimtelijke kwaliteit, leefbaarheid en recreatie. Het belang van een integrale gebiedsgerichte aanpak wordt door partijen onderschreven. ❖ Rijk en regionale partners waaronder de provincie Gelderland, de gemeente Maasdriel, de waterschappen Rivierenland en Aa en Maas, en Rijkswaterstaat werken toe naar vervolgafspraken in 2024. Vervolgafspraken worden bezien in samenhang met IRM en PAGW. De route voor besluitvorming en het leveren van uitvoeringscapaciteit door de partners maken deel uit van deze afspraken.

18.

Voortgang interbestuurlijke aanpak Veluwe ❖ Gemeenten, waterschap, provincie en Rijk actief op de Veluwe, constateren dat de tijdens het BO Leefomgeving 2023 gemaakte afspraken over een interbestuurlijke Aanpak Veluwe in de gewenste richting gestalte krijgen. Namelijk, duidelijker maken van wat de sociaaleconomische impact van de transitie van het landelijk gebied is en welke mogelijkheden er zijn voor nieuwe economische dragers die passen op de Veluwe, door lering te trekken uit concrete ervaringen in de praktijk. ❖ De nadruk ligt op een gezamenlijke werkwijze met als prioriteiten: o Beweging helpen creëren door gebiedsprocessen te identificeren en bevorderen. Bijvoorbeeld waar piekbelasters zijn of waar specifieke woon-, water- of andere vragen spelen. o Een gezamenlijk onderzoekstraject naar de sociaaleconomische impact van de transities en welke ruimtelijk-economische perspectieven daarbij passen voor de Veluwe. o Het uit de weg helpen van obstakels in de uitvoering (doorbraken). ❖ Bij deze aanpak sluiten we aan en maken we daar waar het kan gebruik van bestaande trajecten in het gebied, zoals het Vitaal Landelijk Gebied Gelderland (VLGG), programma NOVEX (ruimtelijk voorstel en arrangement), NOVEX gebied Arnhem – Nijmegen – Foodvalley en de bestaande Regiodeals in het gebied.

41 Afsprakenlijst Bestuurlijke Overleggen MIRT 2023

Goederenvervoercorridors 1.

2.

Realisatiepact Tilburg ❖ Partijen spreken af conform het project Realisatiepact knooppunt Tilburg en onderliggend meerjarig Uitvoeringsplan om bij de implementatie hiervan samen op te trekken. ❖ Partijen constateren allereerst dat de realisatie van Sluis II (onderdeel uitmakende van het MIRT Zuid-Nederland), maar ook het bedrijfsleven die als eindgebruikers verantwoordelijk zijn voor het duurzaam gebruik van de vaarweg, cruciaal zijn voor de multimodale groei van het bovengemiddelde knooppunt Tilburg. ❖ Op basis van het advies van de procesregisseur spreken partijen af om € 2 mln. (50% Rijk, 25% gemeente Tilburg en 25% provincie Noord-Brabant) vrij te maken voor de periode 2024-2027 gericht op onderzoek, voorbereiding en procesondersteuning voor het Realisatiepact Knooppunt Tilburg. Dit om een spoedige en samenhangende implementatie van de 4 geadviseerde concrete projecten mogelijk te maken te weten: 1. Beter benutten en optimalisatie Wilhelminakanaal traject Sluis III-Loven, door toepassing van een enkelstrooks vaarwegprofiel voor klasse IV schepen met diepgangbeperking tot 2,10m (zoals huidig) 2. Programma-aanpak verduurzaming en revitalisering bedrijventerreinen met specifieke acties gericht op watergebonden bedrijvigheid en ‘het juiste bedrijf op de juiste plek’, 3. Verduurzaming logistiek middels clean energy hub(s) t.b.v. weg en binnenvaart en walstroom (vaarweg), 4.

Koppelen van lokale initiatieven aan landelijke projecten om digitalisering te versnellen. ❖ Hoewel het bedrijfsleven geen expliciete partij is in het realisatiepact, mag duidelijk zijn dat de uitwerking van deze acties in nauwe samenspraak met het bedrijfsleven wordt uitgevoerd. ❖ Partijen spreken met elkaar af om het bestaande Pact team (bestaande uit ambtelijke vertegenwoordiging van gemeente Tilburg, provincie Noord-Brabant en het ministerie van IenW) voor sturing op afstemmen over en aanjagen van het meerjarig uitvoeringsplan in stand te houden. Realisatiepact Venlo ❖ Partijen constateren allereerst dat het verplaatsen van de jachthaven Venlo en de uitvoering van de gefinancierde maatregelen uit de verkenning Venlo Integraal Toekomstvast (VIT) (o.a. 740 meter-goederenopstelsporen en spanningssluis) cruciaal zijn voor het versterken van knooppunt Venlo en daarmee onderdeel moeten uitmaken van het MIRT regio Zuid (respectievelijk de projecten ‘Verkenning Vierwaarden’ en ‘Toekomstvast spoor Zuid-Nederland’). ❖ De gezamenlijke partijen spreken af om € 980.000 (50% Rijk, 25% gemeente Venlo en 25% provincie Limburg) vrij te maken voor de periode 2024-2027 gericht op onderzoek, voorbereiding en procesondersteuning voor het Realisatiepact knooppunt Venlo. Dit om een spoedige en samenhangende implementatie van de onderstaande projecten mogelijk te maken: 1.

Gezamenlijke studie naar de ontwikkelkansen en no regret-mogelijkheden op de as Gekkengraaf-Blerick-Venlo met betrekking tot het spoorgoederenvervoer. 2. Gezamenlijke ‘Versnellingsaanpak (natte) bedrijventerreinen’ voor herstructurering, ontwikkeling en verduurzaming van het gehele havengebied opstellen. 3. Onderzoek naar de locaties en (rand)voorwaarden voor de uitrol van Clean Energy Hubs als onderdeel van een local energy hub. 4. Aanhaken van de regio bij landelijke initiatieven en pilots op het vlak van digitalisering en monitoring van binnenhavens, spoor en verslogistiek. ❖ De afspraken over de resterende € 1.020.000 worden op een later moment gemaakt, afhankelijk van de voortgang. ❖ Partijen spreken met elkaar af om het bestaande Pact team (bestaande uit ambtelijke vertegenwoordiging van gemeente Venlo, provincie Limburg en ministerie van IenW) voor sturing afstemming over en het aanjagen van op het meerjarig uitvoeringsplan in

42 Afsprakenlijst Bestuurlijke Overleggen MIRT 2023

stand te houden en bij de verdere uitwerking en uitvoering van de bovenstaande vier projecten samen te werken met het bedrijfsleven onder andere via Ondernemend Venlo, Supply Chain Valley en Stichting Duurzame Bedrijventerreinen. 3.

4.

5.

Realisatiepacten Rotterdam, Moerdijk en North Sea Port / Zeeland ❖ Het Rijk stelt voor de voorbereidingen van het opstellen van de Realisatiepacten Rotterdam, Moerdijk en North Sea Port/Zeeland in totaal € 375.000 beschikbaar (elk € 125.000). ❖ Dit bedrag wordt aangevuld met in kind projecturen van regionale overheden (provincies Zuid-Holland, Noord-Brabant en Zeeland, Havenbedrijven Rotterdam, Moerdijk en North Sea Port, en voor Rotterdam daarnaast de gemeente Rotterdam, MRDH en Greenport West Holland) en waar mogelijk bedrijfsleven, ter waarde van ten minste een vergelijkbaar bedrag van € 125.000 per pact. ❖ Het voorbereiden van een realisatiepact vindt plaats op basis van een door de regionale corridorpartners bestuurlijk gedragen knooppuntplan voor de ontwikkeling van het multimodale knooppunt. ❖ Start van de werkzaamheden is afhankelijk van besluitvorming in het DO GVC en beschikbaarheid van voldoende personele capaciteit. ❖ Via deze financiering zal per knooppunt een onafhankelijke regisseur worden aangesteld, die tot taak heeft de noodzakelijke beslisinformatie te verzamelen en commitment te verwerven om volgens het stappenplan de specifieke onderdelen van het Realisatiepact uit te werken ter besluitvorming door het BO MIRT.

Voorbereidingen Realisatiepacten (Tiel, Sittard-Geleen, Nijmegen, en knooppunt Amsterdam/Noord-Holland ❖ Het Rijk stelt voor alle vier Realisatiepacten samen in totaal € 500.000 beschikbaar. Dit is € 125.000 per Realisatiepact voor Nijmegen, Tiel, Sittard-Geleen en Amsterdam. Dit bedrag wordt aangevuld met de projecturen van regionale partijen (o.a. Provincies en gemeenten), en voor knooppunt Amsterdam daarnaast Havenbedrijf Amsterdam ter waarde van ten minste een vergelijkbaar bedrag van € 125.000 voor elk van de vier. ❖ Het voorbereiden van een realisatiepact vindt plaats op basis van een door de regionale corridorpartners bestuurlijk gedragen knooppuntplan. ❖ Via deze financiering zal per knooppunt een onafhankelijke regisseur worden aangesteld, die tot taak heeft de noodzakelijke beslisinformatie te verzamelen en commitment te verwerven om volgens het stappenplan de specifieke onderdelen van de Realisatiepacten uit te werken. ❖ Start van de werkzaamheden is afhankelijk van besluitvorming in het DO GVC en beschikbaarheid van voldoende personele capaciteit. Living Labs Digitalisering ❖ De projectpartners spreken af om binnen het Living Lab Digitalisering binnenhavens voor een budget van € 400.000 de volgende drie activiteiten uit te voeren in 2024: 1. Uitvoering van de pilot digitalisering inning havengelden in verschillende binnenhavens; 2.

Faciliteren van meerdere use cases m.b.t. digitalisering binnenhavens via federatief datadelen, waaronder de administratie van walstroom; 3. Samenbrengen van de digitale haven/walstroom community door aansluiting bij de basisprincipes van de Basis Data Infrastructuur (BDI). ❖ Het ministerie van IenW stelt voor 2024 € 160.000 beschikbaar voor deze activiteiten binnen het Living Lab Digitalisering binnenhavens; de provincies Limburg, Zuid-Holland en Noord-Brabant stellen elk € 25.000 ter beschikking. Havenbedrijf Rotterdam stelt € 50.000 beschikbaar voor activiteiten die gerelateerd zijn aan walstroom, waarvan de helft in-kind. De in-kind inzet van Havenbedrijf Rotterdam zal bestaan uit de inbreng van inhoudelijke expertise gebaseerd op de meer dan 10 jaar ervaring met walstroom in Rotterdam, recente onderzoeken en pilots voor het ontsluiten van data en het formuleren van standaarden. Er wordt € 35.000 verwacht van deelnemende gemeenten en havens. Het resterend benodigd budget van € 80.000 wordt gefinancierd vanuit het algemene projectbudget.

43 Afsprakenlijst Bestuurlijke Overleggen MIRT 2023

Voor 2024 is besloten om -naast procesgeld voor digitale transitie en het digitalisering binnenhavens project- verder te investeren in twee projecten. (1) Fresh en Food logistiek voor € 150.000 en (2) Supply Network Visibility voor € 50.000. De provincies Limburg en Zuid-Holland investeren elk € 25.000 in deze beide projecten, Havenbedrijf Rotterdam investeert € 25.000 specifiek in het Fresh en Food project en provincie Noord-Brabant investeert € 25.000 specifiek in het Supply Network Visibility project. Het ministerie van IenW investeert € 100.000. Walstroom ❖ RWS is bezig met een verkenning en inventarisatie naar walstroom op alle Rijksligplaatsen. Eind 2023 levert RWS een adviesrapport op waarmee de verkennende fase wordt afgerond. ❖ In aanloop naar de planstudiefase, levert RWS ook eind 2023 een offerte en een plan van aanpak op ten behoeve van de uitrol en beheer en onderhoud van walstroom op alle Rijksligplaatsen in Nederland. ❖ Vooruitlopend op de stukken en op de start van de planstudiefase begin 2024, besluit IenW om de gereserveerde € 16 mln. te alloceren naar de implementatie daarvan, waarbij wordt ingezet op werk met werk maken door middel van meekoppelkansen bij lopende instandhoudingsopgaven van ligplaatsen in beheer van RWS.

❖ Voor de niet-Rijksligplaatsen verwacht IenW eenzelfde inzet van de decentrale overheden bij de uitrol van Walstroom op alle TEN-T-havens, met eigen capaciteit en middelen van de decentrale overheden. Last-mile spoor projecten Rotterdam, Moerdijk en Amsterdam ❖ In navolging van het project Beter benutten Last Mile spoor fase 1, worden er in fase 2 op de MIRT GVC OZO en Zuid corridor drie aanvullende pilots uitgevoerd op de locaties Maasvlakte West/Westwest, Moerdijk en Houtrakpolder. De scope van emplacement Houtrakpolder beperkt zich tot inzicht in bezetting. Voor deze locatie worden geen camera’s aangeschaft. Door digitalisering op basis van het gebruik van sensoren en camera’s en het aanpassen van werkprocessen wordt de capaciteit van de bestaande infrastructuur beter benut waarmee er tot 25% extra planbare capaciteit kan worden gerealiseerd zonder extra investeringen in de ruimte. ❖ De financiële dekking voor Fase 2 wordt gedragen door het ministerie van IenW, zijnde € 4.350.952 incl. btw en in projecturen: ProRail € 866.967 en Havenbedrijf Rotterdam € 99.486, Havenbedrijf Moerdijk € 49.743 en Havenbedrijf Amsterdam € 51.108 (projecturen incl. btw) Uitvoeren pilot regiohub Moerdijk ❖ Verschuiven van wegtransport van dag- naar daluren via een regiohub is een effectieve manier om congestie tussen zeehavens en achterland te verminderen.

❖ Er zal in 2024 een pilot worden gedraaid in Moerdijk voor een periode van 6 maanden met als doel om deze aanpak breder ingang te doen vinden. ❖ De totale kosten bedragen € 191.000 incl. btw. De provincies Noord-Brabant en ZuidHolland en het Havenbedrijf Rotterdam zullen elk € 25.000 incl. btw bijdragen. Vepco draagt € 41.000 bij in-kind, incl. btw. IenW draagt bij € 75.000 incl. btw. Vervolg nachtelijke weekendbediening Maas en Brabantse kanalen ❖ Vanwege een positieve MKBA hebben betrokken partijen zich uitgesproken voor een vervolg op de nachtelijke weekendbediening van de sluizen en bruggen op de Maas en Brabantse kanalen. ❖ IenW heeft zich bereid verklaard om voor het jaar 2024 100% van de meerkosten van een 7x24 uurs bedieningsregime (€ 420.000 op jaarbasis o.b.v. prijspeil 2023) te financieren. ❖ Dit geeft de corridorpartijen (ministerie van IenW, Rijkswaterstaat en de provincies Noord-Brabant en Limburg) in samenwerking met het bedrijfsleven de gelegenheid om vóór 1 mei 2024 een meerjarig vervolg op de nachtelijke weekendbediening te bepalen (welke vaarweg en in welke mate) en aansluitend in voorbereiding op het BO MIRT 2024 te kijken naar de bijbehorende financiering. ❖

6.

7.

8.

9.

44 Afsprakenlijst Bestuurlijke Overleggen MIRT 2023

10.

11.

12.

13.

Railterminal Gelderland ❖ Provincie Gelderland realiseert de Railterminal Gelderland (RTG) aan de Betuweroute waarmee tri-modaliteit voor de overslag van goederen in knooppunt Nijmegen vanaf 2026 mogelijk wordt met een provinciale investering van € 55,5 mln. Rijk en provincie investeren samen in de aansluiting van de railterminal op de Betuweroute, hierover zijn in 2018 afspraken gemaakt. ❖ Rijk en provincie Gelderland constateren dat de uitvoeringskosten voor de aansluiting van de RTG op de Betuweroute zijn gestegen van € 24 mln. prijspeil 2018 (incl. btw) tot afgerond € 28 mln. prijspeil 2022 (incl. btw). ❖ Rijk en provincie Gelderland verdelen de meerkosten voor de aansluiting van € 4 mln. (incl. btw) 50/50 voor regio en Rijk, conform de verdeling die bij de eerdere afspraak over de aansluiting van de RTG aan de Betuweroute is gemaakt (BO MIRT 2018). ❖ Rijk en provincie indexeren hun deel van de meerkosten tot naar het jaar van uitvoering. De bijdrage van het Rijk wordt direct na aanbesteding aan de provincie overgemaakt. Faciliteren van 740 meter-spoor voor treinen ❖ De corridorpartijen bevestigen het belang om te investeren in het geschikt maken van het goederenspoornetwerk voor 740 meter lange goederentreinen, zowel vanuit het oogpunt van betere bereikbaarheid van de corridors als duurzaamheid (reductie CO2).

❖ Corridorpartijen onderschrijven het advies van ProRail om dit stapsgewijs te doen in twee fasen: o Fase A: Eerst de drukste corridors geschikt te maken voor het faciliteren van één goederenpad per uur (één 740 meter-goederentrein per uur) o Fase B: daarna de stap te maken naar twee goederenpaden per uur (twee 740 meter goederentreinen per uur). o Met de drukste corridors worden de herkomsten/bestemmingen en het tussenliggende spoornetwerk met het grootste 740 meter-potentieel bedoeld. Dit betreft in volgorde van potentieel: het spoorgoederenvervoer tussen het Rotterdamse havengebied, Venlo, Moerdijk, Tilburg, Sloe en Sittard en de grensovergangen bij Zevenaar, Oldenzaal, Roosendaal en Venlo. CEF EU subsidie trajecten ❖ De Werkgroep CEF zal haar succesvolle aanpak voortzetten in 2024 met voorbereiding van nieuwe projectvoorstellen voor CEF EU subsidie. Tot nu toe zijn projecten goedgekeurd ter waarde van € 194 mln. waarvan € 65 mln. aan toegekende CEFsubsidies. Cruciaal daarin zijn de investeringen van bedrijven (ruim € 83 mln.) en regionale partijen, vooral gemeenten (ruim € 44 mln.). ❖ Voor 2024 wordt door de werkgroep een aanpak uitgewerkt waarbij ook naar bredere overheidsfinancieringsmogelijkheden voor projecten en initiatieven op de corridors gekeken zal worden (zowel nationaal als Europees).

Ook wordt actief met buurlanden contact gezocht om internationale deelnemers die gevestigd zijn langs de TEN-T Corridors in de aanvragen mee te nemen. ❖ De corridorpartners spreken af om projectvoorstellen waar mogelijk van positief advies te voorzien zodat indiening kan plaatsvinden bij de betrokken EU-instanties in Brussel. ❖ De provincie Zeeland neemt formeel zitting in de werkgroep en draagt hiervoor jaarlijks €10.000 incl. btw bij. Verslogistiek ❖ Rijk, Havenbedrijf Rotterdam, Greenports Nederland en provincies Limburg en ZuidHolland zetten in 2024 in op verdere verduurzaming en efficiëntere afhandeling van verslogistiek van het knooppunt Rotterdam (haven en greenports) naar het achterland ❖ Hiervoor komt in 2024 een werkgroep bijeen die een plan van aanpak uitwerkt voor het BO MIRT 2024 met daarbij focus op (1) duurzame trucks en laadinfra voor versvervoer over de weg, (2) reefer(koelcontainer)hubs uitrol en strategie, (3) digitalisering verslogistiek incl. douane en inspecties, (4) vers op het spoor en (5) binnenvaart ❖ Voor bovenstaande activiteiten wordt € 120.000 bijeengebracht, waarbij de volgende verdeling gehanteerd wordt: Rijk € 40.000, Havenbedrijf Rotterdam, Greenports Nederland, provincies Limburg en Zuid-Holland, elk € 20.000, alles incl. btw.

45 Afsprakenlijst Bestuurlijke Overleggen MIRT 2023

14.

15.

16.

17.

Truckparkings ❖ De acties uit het werkplan voor 2024 zullen worden uitgevoerd met bijzondere aandacht voor: o Het tegengaan van vluchtstrook parkeren door het verbeteren van de informatievoorziening over beschikbare parkeerplaatsen op private beveiligde Truckparkings; o Het uitvoeren van een pilot met juridisch afdwingbare parkeerduurbeperking voor het vrachtwagens op verzorgingsplaatsen; o Het onderzoeken of toegang tot een beveiligde Truckparking via een verzorgingsplaats, binnen de door IenW gestelde randvoorwaarden, op 3 locaties in de provincie Limburg haalbaar en realiseerbaar is. ❖ De financiering van de samenwerking Truckparkings wordt ongewijzigd voortgezet met een bijdrage voor 2024 van de provincies Zuid-Holland, Limburg en Noord-Brabant van € 25.000 incl. btw en een bijdrage van IenW van € 75.000 incl. btw. Clean Energy Hubs ❖ De subsidieregeling Clean Energy Hubs zal in 2024 starten op basis van de uitwerking voor de regeling naar het voorbeeld van het SPUK Schone luchtakkoord. ❖ Het jaarplan met Deliverables in 2024 door de Learning Community wordt voor 1 januari 2024 vastgesteld. De op te leveren producten in 2024 door de Learning Community worden zoals elk jaar vastgesteld door de betrokken partners in het jaarplan. De uitrolstrategie Clean Energy Hubs voor de binnenvaart zal daar van onderdeel uitmaken.

❖ De financiering van de Learning Community Clean Energy Hubs zal vanuit de GVC Oost en Zuidoost voortgezet worden met een bijdrage voor 2024 van de vier betrokken provincies en Havenbedrijf Rotterdam van elk € 25.000, naast de bijdrage van IenW van € 190.000 voor de periode 2022-2024 aan de provincie Gelderland als trekker van de werkgroep Clean Energy Hubs. Daarnaast leveren de andere provincies die deelnemen aan de Learning Community Clean Energy Hubs voor 2024 ook een bijdrage van elk € 25.000. Versterken binnenvaartvoorzieningen Goederenvervoercorridor Zuid ❖ De corridorpartijen besluiten het plan Versterken Binnenvaartvoorzieningen Goederenvervoercorridor Zuid uit te voeren. Dit plan heeft tot doel de benodigde voorzieningen te realiseren voor de Modal Shift-doelen en facilitering van de autonome groei van de binnenvaart. Het plan van aanpak bestaat uit de volgende 3 actielijnen: 1) behouden wat we hebben aan voorzieningen, 2) het beter benutten van bestaande voorzieningen, en 3) het voorbereiden van werkzaamheden voor het faciliteren van de groei van de binnenvaart. Kernonderdelen zijn: 1.

Uitvoeren regionale gebiedsonderzoeken ten aanzien van het benodigde regionale niveau van kern- en faciliterende binnenvaartvoorzieningen en op basis hiervan opstellen van een corridorbrede uitrolstrategie, inclusief voorstellen voor concrete maatregelen, dat ter besluitvorming voorgelegd wordt op het BO MIRT 2024; 2. Om het gebruik van de vaarwegen op orde te houden spreken de corridorpartijen af dat de basiskwaliteit van de kernvoorzieningen op de Goederenvervoercorridor Zuid op orde moet komen om knelpunten op te lossen. 3. Het onderzoeken waar en hoe watergebonden bedrijventerreinen en binnenvaartvoorzieningen beschermd moeten worden om ze te behouden voor watergebonden activiteiten. ❖ Voor de uitvoering van het plan wordt voor 2024 € 165.000 incl. btw beschikbaar gesteld, waarbij er een verdeling wordt gemaakt tussen Rijk en de regio's van elk 50%. Het besluit over de inzet van middelen ten behoeve van benodigde nieuwe binnenvaartvoorzieningen wordt op een later BO MIRT gemaakt. Autonoom rijden en varen ❖ Afgelopen jaar hebben de Corridorpartners gezamenlijk de ambitie bepaald om gezamenlijk stappen te zetten richting het versnellen van het gebruik van autonoom rijden/varen in verschillende pilots op de middellange termijn. Om hier verder stappen in te zetten is een plan van aanpak voor 2024 (met doorkijk 2025) opgesteld met daarin vier werkpakketten.

Met dit Plan van aanpak hebben we een concreet kader om op basis

46 Afsprakenlijst Bestuurlijke Overleggen MIRT 2023

18.

19.

van ambitie en aanpak in 2024 onderzoek uit te voeren naar de meerwaarde van samenwerking binnen de corridor Zuid, investeringsplannen (marktdialoog) en het opstellen van een leidraad t.b.v. de ontwikkelagenda 2030. ❖ Partijen stemmen in dat ten bate van een juiste besteding van de beschikbare financiering en coördinatie op de uitvoering van het PvA een regiegroep Corridor Zuid voor autonoom transport per januari 2024 ingesteld wordt (met als “ambassadeur” namens de Corridor Zuid – North Sea Port, Havenbedrijf Rotterdam en Havenbedrijf Amsterdam voor het thema varen, en provincie Zeeland voor het thema rijden). Verder zal de al bestaande werkgroep Autonoom rijden en varen de benodigde expertise en scherpte levert voor de acties uit de bovengenoemde werkpakketten. ❖ De corridorpartijen van GVC Zuid besluiten om voor de uitvoering van het plan van aanpak gezamenlijk een budget te reserveren voor 2024 van € 100.000,-. Dit bedrag wordt bijeengebracht door alle partners binnen de Corridor Zuid (50% door de havens en provincies, 50% door IenW). Dit budget wordt besteed aan de uitwerking van de acties 2024 voor werkpakketten A t/m C zoals opgenomen in het Plan van aanpak autonoom varen en rijden. Digitaal transitieteam GVC Oost en Zuidoost ❖ In het BO MIRT 2020 is besloten om een werkgroep op te zetten die de voortgang in deze pijler Digitalisering stimuleert en waarborgt.

Deze werkgroep wordt voortgezet in 2024 op basis van de eerder afgesproken verdeelsleutels. De provincies Zuid-Holland, Noord-Brabant en Limburg dragen in 2024 elk € 40.000 bij incl. btw. IenW draagt in 2024 € 160.000 bij incl. btw. In 2024 is voor digitale transitie een totaalbudget van € 280.000 beschikbaar. Digitaal transitieteam GVC Zuid ❖ De Corridorpartijen van GVC Zuid besluiten om gezamenlijk vervolgstappen te zetten binnen het thema digitalisering en richten zich daarbij op 3 onderwerpen: 1. Verder digitalisering in de binnenvaart; 2. Aansluiting bij startende DIL en OZO Living labs; 3. Onderzoek naar opschaling vanuit de pilots Last Mile Spoor. ❖ Voor de uitvoering van het plan van aanpak in 2024 levert het Havenbedrijf Amsterdam een projectleider die als trekker van de werkgroep functioneert. Daarnaast leveren de corridorpartners participatie in de werkgroep digitalisering. Waar relevant wordt de samenwerking met OZO gezocht. De corridorpartners in GVC Zuid besluiten om voor de uitvoering van het Plan van aanpak in 2024 een budget van € 160.000 vrij te maken op basis van de volgende verdeelsleutel: 50% IenW, 6,25% per provincie en zeehaven. ❖ De corridorpartners in GVC Zuid spreken de intentie uit om ook voor 2025 een bedrag van € 100.000 incl. btw hiervoor beschikbaar te stellen.

47 Afsprakenlijst Bestuurlijke Overleggen MIRT 2023

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=02c72bd4-1d6b-4f85-98cb-ad75815288b4