CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[23bb007848] Bijlage 5 behorende bij 23bb007841 over Jaarplan 2024 en begroting 2024-2028

Commissie Werk & Inkomen, Onderwijs, Samenleven, Schuldhulpverlening & Armoedebestrijding, NPRZ 13 december 2023, gemeente RotterdamBij agendapunt: Jaarplan 2024, Begroting 2024-2028 en Tweede voortgangsrapportage 202328.234 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Jaarplan 2024 en be9roting 2024-2028

kwaliteit i •nderwijs

Vastgesteu door he, bestuur op 25 oktober 2023

1

Inhoudsopgave Inhoudsopgave............................................................................................................................... 2 Voorwoord.......................................................................................................................................3 Samenvatting................................................................................................................................. 6 1.

Sectoroverstijgende doelen................................................................................................... 7 1.1.

Meerjarenperspectief per thema.................................................................................... 7

1.2.

Focus 2024......................................................................................................................8

2.

Sectorjaarplan (s)bao........................................................................................................... 16 2.1.

Meerjarenperspectief.....................................................................................................17

2.2.

Focus 2024 per koersbelofte........................................................................................19

3.

Sectorjaarplan vo................................................................................................................. 28 3.1.

Meerjarenperspectief.................................................................................................... 28

3.2.

Focus 2024 per koersbelofte ........................................................................................30

4.

Sectorjaarplan (v)so............................................................................................................. 39 4.1.

Meerjarenperspectief.................................................................................................... 42

4.2.

Focus 2024 per koersbelofte ....................................................................................... 43

Begroting 2024-2028....................................................................................................................54 5.

Inleiding op de begroting......................................................................................................55

6.

Begroting 2024......................................................................................................................57

7.

Meerjarenbegroting 2024-2028...........................................................................................61

8.

Meerjarige balansprognose................................................................................................. 63

9.

Kengetallen........................................................................................................................... 65

10.

Ontwikkeling leerlingenaantal..........................................................................................68

11.

Toelichting baten.............................................................................................................. 69

12.

Toelichting lasten.............................................................................................................. 71

13.

Begroting per sector.........................................................................................................75

14.

Inventarisatie risico’s enonzekerheden...........................................................................83

Bijlage 1. Meerjarige liquiditeitsprognose................................................................................... 89

2

Voorwoord Sinds 2022 is onze strategische koers Sta Open de leidraad voor de verdere ontwikkeling van onze organisatie. Het uitgangspunt van deze koers is dat we bij BOOR van betekenis willen zijn voor de kwaliteit van de Rotterdamse samenleving. Dat doen we door met ons openbaar onderwijs een stevige basis te leggen voor onze leerlingen, nu en in de toekomst. Deze basis draagt niet alleen positief bij aan hun verdere onderwijsloopbaan, maar ook aan het actief kunnen participeren in een diverse samenleving. We werken daarmee aan ambitieus onderwijs met een centrale rol voor wereldburgerschap. Dat is ons recept voor het vergroten van kansengelijkheid. Voortrekker in de vorming van Onderwijsregio’s tegen lerarentekort Al vele jaren kampt het onderwijs met personeelstekorten en een grote krapte op de onderwijsarbeidsmarkt. Om het lerarentekort het hoofd te kunnen bieden, werken we als BOOR met andere schoolbesturen al enige tijd samen binnen het Convenant aanpak lerarentekort. Voor het basisonderwijs hebben we daarmee in een vroeg stadium ingezet op het opleiden van zij-instromers; betere begeleiding van startende leerkrachten en anders organiseren van het onderwijs. In tegenstelling tot de tekorten in de andere grote steden, is te zien dat het tekort in Rotterdam voor het basisonderwijs stabiel is.

Door in het voortgezet onderwijs ons eigen toekomstig personeel op te leiden in de Opleidingsschool Rotterdam (OSR) hebben we de effecten van het groeiende lerarentekort lang buiten de deur kunnen houden. We zien nu echter dat de tekorten in de sector oplopen. Om de (verdere) tekorten in het basis- en voortgezet onderwijs actief tegen te gaan, vervult BOOR samen met andere partners een voortrekkersrol in de vorming van Onderwijsregio’s voor het basis- en voortgezet onderwijs. Deze regio’s richten zich in de samenwerking op werven, matchen en opleiden, behouden en professionaliseren en anders organiseren van onderwijs. Zo investeert BOOR direct in de aanpak van het lerarentekort vanuit een collectieve maatschappelijke opdracht voor goed onderwijs. Ruim baan voor vernieuwing Het past bij een onderwijsorganisatie om altijd te willen leren en te blijven ontwikkelen. Niet voor niets is een van de vijf beloften uit onze koers Versterken door vernieuwing. De achterliggende en de komende periode zetten we daar sterk op in. We geven ruimte aan onze medewerkers om daarin vooruitstrevend te zijn, omdat we ervan overtuigd zijn dat andere manieren van werken, verrassende initiatieven en nieuwe inzichten tot betere resultaten kunnen leiden.

In het basisonderwijs werken we sinds 2022 bijvoorbeeld met primoren: leraren die een dag in de week onderzoek doen in hun school naar een onderwerp binnen een bepaald vakgebied, zoals rekenen, taal of burgerschap. Leraren en scholen zijn hier enthousiast over en het aantal primoren is dan ook snel gestegen. De komende jaren willen we dit verder uitbreiden en de 3

onderzoeksresultaten breder onder de aandacht brengen. Een ander onderwerp hoog op de innovatieagenda is de digitale transitie. Al enkele jaren zijn we aan de hand van een ICTverbeterplan bezig om de randvoorwaarden voor de digitale transitie op orde te krijgen. Een voorbeeld daarvan is een trainingsprogramma voor medewerkers die over beperkte digitale vaardigheden beschikken. Binnen de nieuwe directiestructuur (vastgesteld in 2023) van de sector (v)so is ruimte gecreëerd voor een directeur innovatie om richting te geven aan nieuwe ontwikkelingen in de sector. Een mooi voorbeeld van zo’n nieuwe ontwikkeling is het Uitstroom Trainingscentrum (UTC). Daar kunnen leerlingen van het vso in een veilige omgeving werkervaring opdoen bij diverse werkgevers, zodat zij direct kunnen werken aan hun toekomst. Inzet NPO middelen De achterliggende periode is corona in het dagelijks leven naar de achtergrond verdwenen. Het onderwijs vindt weer grotendeels doorgang op de manier zoals we het voor corona kenden. Wel heeft corona een zichtbare erfenis achtergelaten. Door corona hebben veel leerlingen achterstanden opgelopen en de lange periodes van thuisonderwijs hebben ervoor gezorgd dat leerlingen minder gewend zijn aan een schoolse structuur. Dit zien we met name bij leerlingen die in de coronaperiode instroomden op het vo.

De inzet van de beschikbare NPO-middelen levert een bijdrage aan het inlopen van de achterstanden, maar het effect op de onderwijsresultaten is nog niet wat we beogen. Impact op financiën Net als andere onderwijsbesturen heeft ook BOOR te maken met een aantal belangrijke ontwikkelingen die grote financiële impact hebben. Mede als gevolg van de onrust door de oorlog in de Oekraïne is de inflatie sinds 2022 sterk toegenomen. Dit heeft grote invloed op onze financiën. BOOR heeft net als vorig jaar een flinke subsidie ontvangen in het kader van het Nationaal Programma Onderwijs (NPO). Deze middelen worden jaarlijks zoveel als mogelijk ingezet. Niet ingezette middelen worden toegevoegd aan een bestemmingsreserve, zodat deze voor de komende jaren voor deze doelstelling beschikbaar blijven. Ook is er evenals vorig jaar - voor alle BOOR scholen een subsidieaanvraag gedaan voor de subsidie basisvaardigheden. De laatste jaren is onze huisvesting een onderwerp van aanhoudende zorg geworden. We zijn content met het relatief grote aantal nieuwbouw- en renovatieprojecten voor onze scholen. Tegelijkertijd hebben we zorg over de hoge kosten van onderhoud, de financiële impact van het vervallen van de overgangsregeling groot onderhoud en de toegenomen wensen en eisen rondom

bijvoorbeeld

luchtkwaliteit

(ventilatie-investeringen)

en

verduurzaming.

De

noodzakelijke financiële uitgaven die daarmee gepaard gaan zijn zeer hoog. Daarbovenop komt de forse stijging van de energielasten doordat lopende contracten met het (voormalige) Gazprom Energy moesten worden opengebroken.

4

Opzet Jaarplan We zijn halverwege onze koers die een looptijd tot 2026 kent. In dit jaarplan kijken we nadrukkelijker terug op de inspanningen van voorgaande jaren en het effect daarvan, en blikken we vooruit naar de ambities die we eind 2026 gerealiseerd willen hebben. Daarbij is specifiek aandacht voor de stappen die we in 2024 gaan zetten om die ambities te realiseren. Alle doelen in het jaarplan 2024 zijn daarom meerjarig geformuleerd (voor einde koersperiode 2026), waardoor we beter kunnen sturen op beleid en praktijk. Hierbij is ook gekozen voor een beperkter aantal doelen. Niet omdat we niet ambitieus zijn, maar om ons nog beter te kunnen focussen op, en prioriteit te kunnen geven aan de meest relevante ontwikkelingen. De doelen in dit plan omvatten dan ook niet alles wat er binnen BOOR gebeurt. Op bestuursniveau en binnen de sectoren wordt ook vanzelfsprekend gewerkt aan bijvoorbeeld de versterking en borging van de onderwijskwaliteit en de continuering en verbetering van het primaire proces. Voor het jaarplan 2024 zijn drie sectoroverstijgende doelen geformuleerd: 1) aantrekkelijker werkgeverschap, 2) verbeteren van de aansluiting (s)bao, (v)so en vo, en 3) actief benutten van de samenwerking binnen Onderwijsregio’s (hoofdstuk 1). In hoofdstuk 2, 3 en 4 staan de doelen die specifiek op de sector gericht zijn en waar scholen binnen die sector aan samenwerken.

Rotterdam, 25 oktober 2023 M.I. Hamer

R.G.K. Voss

Voorzitter Algemeen Bestuur

Voorzitter College van Bestuur

5

Samenvatting Stichting BOOR - Thema’s jaardoelen 2024-2026

Koers Sta Open Manifest en vijf beloftes

Rotterdamse burgerschapsacademie

(S)bao: de school als oefenplaats; vanuit superdiversiteit omgaan met maatschappelijke vraagstukken Vo: versterken aanbod burgerschap, kennisuitwisselingen monitoring effecten burgerschapsonderwijs

toerusten voor een maatschappij

Veilig en verbonden

Versterken door vernieuwing

Sterke scholen door een sterke organisatie

(S)bao: expertise en

(S)bao: vergroten

(S)bao: duurzaam

(S)bao:

vernieuwing op

sociale veiligheid en

organiseren van

talentontwikkeling en

taalonderwijs in de stad

preventie

onderwijs door

duurzame inzetbaarheid

Rotterdam

jeugdcriminaliteit

complementair denken

van medewerkers

Vo: verbetering van de onderwijsresultaten door inzet op drie sporen

(V)so: nieuwe

(V)so: leerlingen plaats in de

leder talent telt

onderwijskundige verbindingen en uitbreiding aanbod onderwijsprofielen

Vo: consolidatie

Vo: scholing en

Vo: benutten kennis en

veiligheid op scholen

ontwikkeling van

schaalvoordelen door

door o.a. actuee

medewerkers via

harmonisatie

veiligheidsbeleid en

Onderwijsregio en

bedrijfsvoering binnen

certificaat Veilige School

intern scholingsaanbod

clusters.

(V)so: thuisnabij

(V)so: versterken

onderwijs organiseren

professionele cultuur,

(V)so: ïnzet op profilering als volwaardïge onderwijsvorm

door uitvoering Noord-

beleggen zorg in

Zuidplan, voorzieningen

onderwijstijd bij

voorthuiszitters

zorginstellingen

Sectordoelen per belofte onder de Koers Sta Open

Aantrekkelijk werkgeverschap

Soepele overgangen tussen (s)bao, vo en (v)so

Samenwerking binnen de Onderwijsregio's Drie BOOR-brede, sectoroverstijgende thema's

6

1.

Sectoroverstijgende doelen In dit hoofdstuk worden de sectoroverstijgende doelen weergegeven. Aan deze doelen werken de drie onderwijssectoren gezamenlijk met ondersteuning van BOOR Services. Net als in 2023 betreft dit de doelen ’Aantrekkelijk werkgeverschap’ en ‘Aansluiting tussen de sectoren (s)bao, (v)so, vo’. Daarnaast is voor 2024 een aanvullend sectoroverstijgend doel geformuleerd, te weten ‘Samenwerking in Onderwijsregio’s’. Onder de vlag van deze samenwerking werken de sectoren in gezamenlijkheid niet alleen aan maatregelen om personeel te werven, maar nadrukkelijk ook aan maatregelen om personeel te behouden. De resultaten op deze doelstellingen vormen de basis voor het behalen van de genoemde sectordoelen op het gebied van goed werkgeverschap in dit plan. De doelen bij deze thema’s zijn vanaf dit jaarplan meerjarig geformuleerd als stip op de horizon voor eind 2026. We kijken daarin terug op de manier waarop het voorafgaande jaar aan het doel is gewerkt en formuleren op basis daarvan de stappen voor het nieuwe jaar om het doel uiteindelijk in 2026 te realiseren. Hiermee sluiten we aan bij ons zogenoemde 4D-model (zie afbeelding hieronder).

1.1.

Meerjarenperspectief per thema Onderstaand overzicht bevat de sectoroverstijgende doelen voor januari 2024 tot en met december 2026: Doel 1 - Aantrekkelijk werkgeverschap BOOR onderscheidt zich eind 2026 als aantrekkelijke werkgever. Dit bereiken we door de principes van goed werkgeverschap te verankeren in de kern van de organisatie en in ons handelen. Zo streven we naar persoonlijke groei, een inspirerende werkomgeving en oprecht plezier bij onze medewerkers.

7

Doel 2 - Actief benutten van samenwerking binnen Onderwijsregio’s Binnen

de (totstandkoming van) de Onderwijsregio’s wil

BOOR actief alle

mogelijkheden verkennen en benutten die deze samenwerkingsconstructie kan bieden. Specifieke kansrijke thema’s waar BOOR zich samen met partners op richt zijn: werven, matchen en opleiden, behouden en professionaliseren, anders organiseren van onderwijs1, en samenwerking met andere stakeholders. Doel 3 - Aansluiting (s)bao, (v)so, vo We willen leerlingen een optimale schoolloopbaan bieden en drempels die dat in de weg staan zo veel mogelijk wegnemen. Daarom zorgen we de komende jaren voor meer verbinding tussen de BOOR scholen in de verschillende sectoren en verkennen we nieuwe initiatieven voor goede aansluiting en soepele overgangen. In 2024 continueren we de focus op de doorlopende leerlijn taal binnen BOOR, werken we aan een BOOR brede visie op taal en versterken we de samenwerking tussen regulier en speciaal onderwijs.

1.2.

Focus 2024 In deze paragraaf is per doel uitgewerkt hoe we hier in de voorafgaande jaren aan gewerkt hebben (terugblik) en welke stappen we in 2024 zetten richting de realisatie van het doel eind 2026. Aantrekkelijk werkgeverschap Context Voldoende en goed toegerust personeel om het best denkbare openbare onderwijs te realiseren is een belangrijk en richtinggevend thema bij BOOR. We waarderen de bevlogenheid, inzet, kennis en ervaring van onze medewerkers zeer: zonder hen is goed onderwijs simpelweg niet mogelijk. Vanuit onze focus op goed en aantrekkelijk werkgeverschap streven we dan ook naar een professionele cultuur die motiveert en ondersteunt. Door principes van goed werkgeverschap te verankeren in de kern van de organisatie en te streven naar persoonlijke groei, een inspirerende werkomgeving en oprecht plezier, willen wij ons onderscheiden als aantrekkelijke werkgever en willen we een positieve impact hebben op het leven van onze medewerkers. Vanuit deze insteek wordt momenteel in gezamenlijkheid tussen de afdeling HR en de sectoren een nieuwe HR strategie ontwikkeld die eind 2023 gereed zal zijn. In deze strategie staat onze medewerker centraal. Wij willen enthousiaste, productieve en gelukkige medewerkers, die als ambassadeur optreden van onze organisatie, een

1 Met ‘anders organiseren’ worden alle vormen van onderwijsinrichting bedoeld waardoor het onderwijzend personeel zoveel mogelijk op het primaire onderwijsproces ingezet kan worden dan wel de druk op het onderwijzend personeel gereduceerd kan worden.

8

positieve sfeer brengen, goed presteren en bij ons in werkzaam blijven. In de huidige ‘war for talent’ is het belangrijk om ook op de lange termijn een goed doordacht plan te hebben, in plaats van ad hoc te handelen in de wervingsbehoefte op de korte termijn. Niet alleen de juiste talenten aantrekken, maar ook het binden en behouden is essentieel. We onderscheiden ons als goede en aantrekkelijke werkgever door de juiste dingen voor onze medewerkers te doen. Bij BOOR zorgen we dat de basis op orde is en bieden we onze medewerkers daarnaast de mogelijkheid om bij BOOR een carrière lang te leren en te innoveren. Bij BOOR kun je als medewerker impact maken door het openbaar onderwijs in Rotterdam te versterken. Resultaat eind 2026 Doel 1 - Aantrekkelijk werkgeverschap BOOR onderscheidt zich eind 2026 als aantrekkelijke werkgever. Dit bereiken we door de principes van goed werkgeverschap te verankeren in de kern van de organisatie en in ons handelen. Zo streven we naar persoonlijke groei, een inspirerende werkomgeving en oprecht plezier bij onze medewerkers. Terugblik Bij het geven van invulling aan goed en aantrekkelijk werkgeverschap is een belangrijke rol weggelegd voor de afdeling HR. Het strategisch beleidskader van de afdeling HR dateert van 2019.

In opdracht van het cvb is de afdeling HR in 2023 gestart met het uitwerken van een nieuw strategisch beleidskader voor de periode 2024-2027 met als doel invulling te geven aan thema goed en aantrekkelijk werkgeverschap. Het manifest en de beloftes van BOOR zijn samen met de sturingsbeginselen uit de besturingsfilosofie de basis voor de invulling van goed en aantrekkelijk werkgeverschap en de professionele cultuur die we met elkaar willen nastreven.

9

Vanuit onze koers en sturingsbeginselen.

VERSTERKEN DOOR VERNIEUWING

STA #PEN

Besturingsfilosofie en 10 sturingsbeginselen

Koers 2022-2026 EEN STERKE ORGANISATIE

en onze positie als werkgever. Als openbaar onderwijs zijn we er voor iedereen. BOOR biedt haar medewerkers betekenisvol werk in een inclusieve werkomgeving waarin gelijke kansen en diversiteit worden omarmd. We benutten de kracht van onze grote organisatie. Door de combinatie van basis-, voortgezet, en speciaal onderwijs bieden wij professionals maximale groeikansen en samenwerkingsmogelijkheden.

hebben wij de volgende visie op goed werkgeverschap: BOOR wil een inclusieve werkgever zijn waar medewerkers met trots werken. Net als voor onze leerlingen staat ook voor onze medewerkers talentontwikkeling centraal. Bij BOOR kun je een carrière lang leren om zo een maximale bijdrage te leveren aan het versterken van de onderwijskwaliteit van het openbaar onderwijs in Rotterdam.

Als inclusieve werkgever streeft BOOR naar het tot recht laten komen van al haar (toekomstige) medewerkers door het optimaal benutten van alle diverse talenten. Als openbaar onderwijs zijn wij er voor iedereen en kunnen alle medewerkers zichzelf zijn. Welke levensovertuiging, seksuele voorkeur, fysieke en mentale mogelijkheid, afkomst, politieke overtuiging je ook hebt: bij ons ben je welkom, op onze scholen ontmoeten we elkaar. Uitvoering 2024 In 2024 werken we vanuit de nieuwe HR-strategie concreet aan de volgende resultaten: -

Realiseren aanbesteding arbodienst Per 1 september 2024 loopt het contract met de huidige aanbieder af. In samenwerking met de afdeling Inkoop coördineert HR in 2024 een Europese aanbestedingstraject met als doel het verwerven van een (raam)overeenkomst met één leverancier voor het inkopen van arbodienstverlening voor alle scholen en BOOR Services die volledig voldoet aan de kwalitatieve eisen die hieraan gesteld worden.

-

Optimalisatie AFAS Op basis van de nulmeting die in 2023 is uitgevoerd werken we in 2024 aan het optimaliseren

van AFAS

zodat

het systeem

straks

meer intuïtief en

gebruiksvriendelijk gebruikt kan worden. Hierbij hanteren we de uitgangspunten

10

dat medewerkers daar waar mogelijk personele zaken zelf organiseren en de HR-processen zoveel mogelijk gedigitaliseerd en geautomatiseerd worden. -

Ontwikkelen arbobeleid en beheersen van de werkdrukrisico’s Uit het medewerkerstevredenheidsonderzoek (MTO) van 20222 kwam naar voren dat 48,20Zo van onze medewerkers de werkdruk als te hoog ervaren. Deze resultaten nemen we zeer serieus. Een te hoge werkdruk of beleving hiervan is funest voor gezondheid, tevredenheid, motivatie en prestatie van medewerkers. Werkdruk is dan ook een onderwerp dat extra aandacht krijgt in het arbobeleid. Daarnaast heeft werkgeluk invloed op de wijze waarop medewerkers met werkdruk om gaan. Werkgeluk is hierbij een middel dat ingezet kan worden om medewerkers weerbaarder te maken. Werkgeluk is daarom een belangrijk onderwerp in de ontwikkelgesprekken die in alle sectoren gevoerd worden. Daarbij kan een toolbox op het gebied van werkgeluk leidinggevenden helpen om medewerkers daarin te faciliteren. In 2024 zal opnieuw een MTO uitgevoerd worden en wordt daarbij opnieuw in kaart gebracht wat de werkbeleving van medewerkers is. Het streven is dat de ervaren werkdruk omlaag gaat. We hangen hier (nog) geen streefnorm aan, omdat de eerste ronde als nulmeting heeft gediend en we door de tweede ronde beter zicht krijgen op de trends en de benchmark. Naast de uitkomsten van het MTO kan ook een daling van het ziekteverzuim een indicator zijn voor verlaging van (de ervaren) werkdruk.

Als BOOR hanteren we voor het ziekteverzuim een streefnorm van 60Zo en lager. We betrekken daarbij ook de landelijk beschikbare verzuimcijfers vanuit DUO.

-

MTO In 2022 heeft voor het eerst een MTO plaatsgevonden via het feedbackplatform van Effectory. Dit heeft waardevolle data opgeleverd die we in gezamenlijkheid hebben geduid, waarna we concrete acties hebben ingezet om waar nodig te werken aan verbetering.

Tegelijk waren er in het proces een aantal

verbeterpunten op het gebied van de voorbereiding, uitvoering en het delen van de

resultaten.

Door

onder

andere

de

inzet

van

gestructureerd

projectmanagement en het werken met een projectgroep waarin alle sectoren vertegenwoordigd zijn, verwachten we in 2024 een succesvol MTO te realiseren. -

Doorontwikkeling HR review en BOOR brede implementatie Bij BOOR willen we de juiste match realiseren tussen talent en taak. Met het instrument HR review brengt de schoolleiding samen met HR Advies daarom de prestaties, talenten en het potentieel van onze medewerkers in kaart. Aan de hand van de uitkomsten wordt met de individuele medewerkers een op maat gemaakt actieplan opgesteld, passend bij ons uitgangspunt om de professionele groei van al onze medewerkers goed te faciliteren en te stimuleren. Vanuit datzelfde uitgangspunt werken we ook aan een grotere diversiteit aan

2 Het medewerkerstevredenheidsonderzoek vindt elke twee jaar plaats. De laatste peiling was in 2022, de volgende peiling is in 2024.

11

opleidingsroutes en een opleidingsmix, gekoppeld aan goede begeleiding en talentontwikkeling. De HR review geeft ons ook op sector- en afdelingsniveau inzicht in de kritieke sleutelfuncties, zodat we waar nodig tijdig actie kunnen ondernemen om goede opvolging te realiseren. -

Gedragscode In 2024 werken we aan de implementatie van de gedragscode die in 2023 is geactualiseerd.

De

geactualiseerde

gedragscode

biedt

kaders

om

bewustwording te realiseren en de dialoog te voeren over gewenst en ongewenst gedrag. Door middel van nader te bepalen instrumenten faciliteren we leidinggevenden in hun wendbaarheid en weerbaarheid bij situaties van ongewenst gedrag en het voeren van de dialoog in hun team. Samenwerking in Onderwijsregio’s Context De gezamenlijke schoolbesturen voor primair onderwijs, voortgezet onderwijs en middelbaar beroepsonderwijs van Rotterdam, de gemeente Rotterdam, de opleiders, de kinderopvangorganisaties

en

overige

samenwerkingspartners

nemen

deel

aan

voorloperstrajecten van de totstandkoming van onderwijsregio’s voor po en vo. De focus van de Rotterdamse aanpak ligt op het behoud van de kwaliteit van het onderwijs en de kwaliteit van het beroep, binnen de context van een groot lerarentekort. De samenwerkende partners willen de onderwijsregio’s benutten om met elkaar afspraken te maken om te komen tot een solidaire arbeidsmarkt in Rotterdam. We werken hierin samen vanuit onze collectieve maatschappelijke opdracht om te zorgen voor voldoende, goed opgeleide professionals voor het Rotterdamse onderwijs. BOOR pakt van daaruit samen andere partners in de stad de voorlopersrol op. Resultaat eind 2026 Doel 2 - Actief benutten van samenwerking binnen Onderwijsregio’s Binnen

de (totstandkoming van) de Onderwijsregio’s wil

BOOR actief alle

mogelijkheden verkennen en benutten die deze samenwerkingsconstructie kan bieden. Specifieke kansrijke thema’s waar BOOR zich samen met partners op richt zijn: werven, matchen en opleiden,

behouden en professionaliseren, anders

organiseren van onderwijs, en samenwerking met andere stakeholders. Terugblik Dit sectoroverstijgende doel is voor 2024 nieuw toegevoegd waardoor een terugblik nog niet aan de orde is.

12

Uitvoering 2024 In eerste instantie worden twee kamers binnen de Onderwijsregio Rotterdam ingericht, namelijk de po-kamer en de vo/mbo-kamer. Beide sectoren bouwen voort op de bestaande succesvolle aanpakken in de regio die ieder een eigen insteek hebben. Het po bouwt voort op het convenant lerarentekort, voor de vo/mbo-kamer wordt de opleidingsschool (OSR) als basis gebruikt. Beide sectoren in de regio verkennen mogelijkheden tot een intensievere samenwerking (onder andere het uitwisselen van succesvolle aanpakken en samen optrekken waar mogelijk en kansrijk), zodat de bestaande succesvolle regionale samenwerking onverminderd kan worden voortgezet en verder versterkt. Aansluiting (s)bao, (v)so, vo Context Binnen BOOR hebben we zowel (speciaal) basisonderwijs, (voortgezet) speciaal onderwijs en voortgezet onderwijs. Dit brede palet biedt ons unieke kansen om samen te werken voor goede aansluiting en soepele schoolovergangen. Voor een optimale overgang zijn niet alleen een goede overdracht en informatieuitwisseling van belang, maar ook een goede inhoudelijke aansluiting tussen curricula. Met name taalvaardigheid is hierbij randvoorwaardelijk, dit is immers essentieel voor leerlingen voor het goed kunnen volgen van de andere vakken en om je te kunnen redden in zowel het (vervolg)onderwijs als in de samenleving.

Het gaat daarbij concreet om doelgericht lezen, schrijven, kijken/luisteren, spreken en gesprekken voeren in functionele taalgebruikssituaties. Op het samenwerken aan goede aansluitingen tussen scholen heeft taalvaardigheid daarom onze focus. Resultaat eind 2026 Doel 3 - Aansluiting (s)bao, (v)so, vo We willen leerlingen een optimale schoolloopbaan bieden en drempels die dat in de weg staan zo veel mogelijk wegnemen. Daarom zorgen we de komende jaren voor meer verbinding tussen de BOOR scholen in de verschillende sectoren en bespreken we hoe we goede aansluitingen en soepele overgangen gaan creëren. In 2024 continueren we de focus op de doorlopende leerlijn taal binnen BOOR, werken we aan een BOOR brede visie op taal en versterken we de samenwerking tussen regulier en speciaal onderwijs. Terugblik In 2023 zijn binnen BOOR de volgende stappen gezet om soepele schoolovergangen te bevorderen: "

Er is een analyse gemaakt van de schooladviezen op alle BOOR basisscholen en het succes in het vervolgonderwijs.

13

"

In de startgesprekken met de scholen in het (s)bao is aandacht voor de schooladviezen en over de positie van de leerling in het vo na drie jaar. Het gesprek dat we hierover voeren met de scholen richt zich op twee vragen: hebben jullie een beeld van de afstroom binnen het vo en welke gesprekken voeren jullie hierover met het vo?

"

BOOR participeert binnen de interbestuurlijke leerwerkgroep die zich richt op het verbeteren van de overgang van primair naar het voortgezet onderwijs in de gemeente Rotterdam. Het doel is om de samenwerking tussen de bij FOKOR aangesloten po- en vo-scholen te versterken en om een passend advies en een passende school voor elke leerling in Rotterdam te realiseren.

"

Er is een informatiebulletin ontwikkeld voor alle (s)bao- en vo-scholen binnen BOOR: Schooladviserìng, zo doen we dat bij BOOR.

m

Voorbereiding op de doorstroomtoets in het (s)bao. Leerlingen uit groep 8 van de basisschool

maken

vanaf

het

schooljaar

2023-2024

in

februari

een

doorstroomtoets. Ze moeten zich dan eind maart aanmelden voor de middelbare school. Hierdoor maken alle leerlingen even veel kans op een plek op de school van hun voorkeur en op het voor hen best passende niveau. Krijgt de leerling een hoger toetsadvies dan het voorlopig schooladvies? Dan geeft de school een hoger definitief schooladvies. Alleen als het in het belang van de leerling is, kan de school besluiten het advies niet te verhogen. "

Een aantal (s)bao- en vo-scholen werken reeds in gezamenlijkheid toe naar doorlopende leerlijnen basisvaardigheden. De coördinatoren taal, rekenen en burgerschap van deze scholen hebben kennis gemaakt en de eerste stappen gezet in het ontwikkelen van een doorlopende leerlijn.

"

De sector (v)so heeft de datastroom zo ingericht dat er elk kwartaal actuele data beschikbaar is over de in- en uitstroom op de (v)so-scholen.

"

Tussen het (v)so en de andere twee sectoren zijn interviews gehouden om te komen tot een BOOR inclusie-agenda.

Uitvoering 2024 Op basis van de terugblik onderscheiden we twee punten die de afgelopen periode nog onvoldoende ontwikkeld zijn om ons meerjarige doel te realiseren. Allereerst het samenwerken binnen BOOR voor de in- en uitstroom van regulier van en naar het (voortgezet) speciaal onderwijs. Ten tweede de stap naar meer gezamenlijkheid over de sectoren heen wat betreft de basisvaardigden en daarvoor samen gebruik maken van kennis van buiten BOOR. Daarom zetten we in 2024 in op het verbeteren van de afstemming over in-, door-, en uitstroom regulier en speciaal onderwijs en meer kennisuitwisseling tussen (v)so, het vo en (s)bao. Hierboven beschreven we al dat er gesprekken lopen tussen het (v)so en de andere twee sectoren om expertise uit te wisselen. De bedoeling daarvan is de expertise uit het

14

(v)so ook in het (s)bao en vo beschikbaar te maken en zo bij te dragen aan de uitbreiding van handelingsmogelijkheden, zodat leerlingen zoveel mogelijk in het regulier onderwijs kunnen blijven. Daarnaast zetten we er in een gezamenlijke zoektocht naar maatwerk per situatie op in dat leerlingen uit het (v)so goed kunnen landen in het reguliere onderwijs. Op gebied van de basisvaardigheden ontwikkelen we in 2024 een gezamenlijke visie voor taalonderwijs voor alle drie de sectoren,

gaan we data over bereikte

referentieniveaus gezamenlijk benutten en de curricula op gebied van taalonderwijs op elkaar afstemmen. Om dit te bewerkstelligen, wordt een samenwerking opgezet tussen het IDT taal en rekenen van het (s)bao en de werkgroepen taal en rekenen van het vo. Tot slot vergroten we de gelijke kansen bij de overgang van (s)bao naar vo door de verbinding te leggen tussen collega’s uit (s)bao- en vo-scholen. We organiseren hiervoor zes bijeenkomsten waarbij collega's uit (s)bao- en vo-scholen in gesprek gaan over wat werkt bij schooladvisering en overgang van leerlingen.

15

2.

Sectorjaarplan (s)bao Context sectorjaarplan Aan de hand van de vijf beloften uit de Koers 2022 - 2026 lichten we hieronder de doelstellingen voor de sector (s)bao toe. De doelen in dit sectorjaarplan zijn gebaseerd op ambities die de sector eind 2026 gerealiseerd wil hebben. In de sectorjaarplannen van de jaren 2024, 2025 en 2026 staat steeds beschreven hoe de sector in dat specifieke kalenderjaar stappen zet om eind 2026 de meerjarige doelen gerealiseerd te hebben. Dit sectorjaarplan vormt mede input voor de scholen bij het opstellen van de schooljaarplannen voor het schooljaar 2024/2025. Uitgangspunt voor ons handelen zijn de waarden die we binnen de sector samen hebben geformuleerd (zie afbeelding hieronder). Alle basisscholen dragen deze waarden. We stimuleren een cultuur waarin we elkaar op deze waarden aanspreken.

OP WEG NAAR EEN WENDBARE ORGANISATIE Missie BOOR Maximale talentontplooiing

Koers 2022-2026 Manifest met 5 beloften

Strategie Meerjarig Sectorplan PO 2022-2026 Sectorplan 2024 Schooljaarplan 2023-2024

- managenien ţgroep

Ambitieus

ONZE WAARDEN

Wij leren continu

DE WERELD BUITEN VERANDERT

Wij zijn toekomstgericht

ONZE BELOFTEN

Wij staan open

Wij zijn professioneel

ZO GAAN WE HET DOEN

Onderwijs­ vernieuwing en digitalisering

NPO regeling

b

Rotterdamse burgerschapsacademie

Simpele en eenduidige processen

Vakmanschap in wendbaar leiderschap

Krapte op de arbeidsmarkt

Versterken door vernieuwing

Werken in inter­ disciplinaire teams en ontwikkel­ groepen.

Sterke scholen door een sterke organisatie

16

Werkwijze sector Het sectorjaarplan geeft aan wat de focus van de sector is bij nieuw te realiseren ambities (in de jaren tot en met 2026). Uiteraard zijn dit niet de enige zaken waar de sector zich mee bezighoudt. Het sectormanagement heeft een interne uitvoeringsagenda voor de continuering van het primaire proces, de versterking en borging van de onderwijskwaliteit en de bedrijfsvoeringsprocessen. Iedere maand monitort het sectormanagement die interne uitvoeringsagenda en stuurt zij waar nodig bij. De uitvoering van zowel de doelen uit het sectorjaarplan als van de interne uitvoeringsagenda is voor een deel belegd bij interdisciplinaire teams3 (IDT’s) en voor het andere deel bij het sectormanagement zelf, die daarin ondersteund wordt door de ondersteunende diensten. In 2023 is voor het eerst met IDT’s gewerkt, in 2024 continueren en versterken we deze werkwijze waarbij op verschillende momenten een check is ingebouwd:

Januari start IDT

November -december

April

Opdrachtformulering en projectplan IDT

le sprint bijeenkomst

September — november

2e sprint

Aanscherpen jaarplan

Input ophalen bij IDT en sl voor nieuw jaarplan

3e sprint (oktober) Augustus Evaluatie jaarplan Evaluatie, opgehaalde input en relevante informatie zijn input voor nieuw jaarplan

2.1.

Meerjarenperspectief Onderstaand overzicht bevat de sectordoelen voor januari 2024 tot en met december 2026: Doel 1 - Burgerschap: stevige basis Eind 2026 is iedere BOOR (s)bao-school een oefenplaats voor burgerschap op basis van een curriculumbrede aanpak. Het lesaanbod is gebaseerd op de vier BOOR-pijlers

3 Dit zijn zelforganiserende teams (met staf en lijn) die werken aan een project, doelstelling of ambitie van de sector.

17

van burgerschapsonderwijs. De effecten van dit onderwijs op onze leerlingen zijn in beeld. Alle BOOR (s)bao-scholen voldoen aan de wettelijke opdracht en hebben een aanbod voor levensbeschouwelijk onderwijs. Doel 2 - Vanuit superdiversiteit omgaan met maatschappelijke vraagstukken Eind 2026 zijn alle medewerkers in het (s)bao toegerust en vaardig genoeg om complexe gesprekken te voeren over maatschappelijke vraagstukken vanuit het kader van superdiversiteit (Rotterdamse context), zowel onderling in teamverband als met ouders en leerlingen. Doel 3 - Taalonderwijs Voor de Rotterdamse leerlingen is het (s)bao van stichting BOOR eind 2026 expert op taalonderwijs, zichtbaar in de kwaliteit van het personeel en in een vernieuwende visie op taalonderwijs in de stad Rotterdam, passend bij de populatie van BOOR basisscholen. Doel 4 - Sociale veiligheid Om de sociale veiligheid voor onze leerlingen en medewerkers te vergroten, zijn eind 2026 op basis van data en duiding de juiste randvoorwaarden en hulpmiddelen ontwikkeld, vastgesteld en geïmplementeerd. Er is een klimaat waarin medewerkers zich veilig voelen, in het team een lastig gesprek aan durven gaan, weten hoe te handelen en weten waar zij met vraagstukken terecht kunnen.

Leerlingen gaan naar school in veilige omgeving en om dit te versterken nemen alle scholen deel aan het (nog te ontwikkelen) programma preventie jeugdcriminaliteit. Doel 5 - Duurzaam organiseren Eind 2026 is complementair denken vanzelfsprekend in het handelen van schoolleiders en teams. We denken vanuit kwaliteit en kansen. Teams op scholen zijn divers van samenstelling, talent en expertise en ieder teamlid werkt op de plek waar hij of zij vanuit het eigen talent en de eigen expertise op dat moment het beste kan bijdragen aan het best denkbare onderwijs. Doel 6 - Ontwikkeling en groei van medewerkers Eind 2026 heeft (s)bao BOOR talentontwikkeling en duurzame inzetbaarheid van medewerkers stevig verankerd in het strategisch personeelsbeleid van de organisatie.

Werkwijze volgens 4D-model Binnen heel BOOR werken we volgens het 4D-model (zie afbeelding hieronder). Het 4Dmodel is ook onze algemene werkwijze om de meerjarige sectordoelen te realiseren. Elk jaar evalueren we door onder andere het duiden van onze data en stellen we nieuwe acties vast om het meerjarige doel te bereiken.

18

2.2.

Focus 2024 per koersbelofte In deze paragraaf is per belofte en doel uitgewerkt hoe we hier in de voorafgaande jaren aan gewerkt hebben (terugblik) en welke stappen we in 2024 zetten richting de realisatie van het betreffende doel eind 2026. 1. Iedere BOOR-school is een burgerschapsacademie Belofte: Wij leiden kinderen op tot de burgers van morgen. (Sectorale) context Onderdeel van burgerschapsonderwijs is het vergaren van de kennis en het ontwikkelen van de competenties die nodig zijn om mee te kunnen doen in de samenleving. Voorbeelden zijn kennis over de basiswaarden van de democratisch rechtsstaat en over verschillende levensbeschouwingen, het ontwikkelen van een eigen mening en de vaardigheid om in een discussie die eigen mening naar voren te brengen. We zorgen ervoor dat onze scholen hun leerlingen in staat stellen deze kennis te verwerven en de benodigde competenties te ontwikkelen. De Rotterdamse grootstedelijke context is superdivers. Er leven meer dan 200 nationaliteiten en 700Zo van alle Rotterdamse jongeren onder de achttien jaar heeft ouders met een migratieachtergrond. Een complexe omgeving om je als burger in te bewegen én om de toekomstige burgers in op te leiden. Tegelijk biedt die superdiversiteit veel kansen. Jongeren die in Rotterdam opgroeien komen veel met andersdenkenden in aanraking en kunnen veel aan en van elkaar leren.

Daarvoor is het belangrijk dat zij leren om over verschillen te praten, verschillen te respecteren en samen vorm te geven aan thema’s ondanks die verschillen. Dat maakt hen de constructieve burgers van de toekomst die de stad nodig heeft. De grote uitdaging van onze tijd is om met elkaar in verbinding te blijven. Daarvoor moeten we onze omgang met elkaar en onze manier van samenleven als het ware opnieuw uitvinden. Ontdekken waar onze gemeenschappelijke overtuigingen zitten, en

19

van daaruit verder bouwen. Wij zien het als onze opdracht als openbaar onderwijs daar aan bij te dragen én om de sociale veiligheid te creëren die nodig is om dat gesprek te laten plaatsvinden. Dat begint door zelf open te staan, respect te tonen en het gesprek aan te kunnen en willen gaan. Dat is niet altijd makkelijk. Daarom zetten we er de komende jaren gericht op in gespreksvaardigheden op te doen zodat alle medewerkers het comfort hebben of krijgen open te staan voor diversiteit, het gesprek durven aan te gaan en hierin een positief rolmodel te zijn voor onze leerlingen. Resultaat eind 2026 Doel 1 - Burgerschap: stevige basis Eind 2026 is iedere BOOR (s)bao-school een oefenplaats voor burgerschap op basis van een curriculumbrede aanpak. Het lesaanbod is gebaseerd op de vier BOOR pijlers van burgerschapsonderwijs, vanuit de kernopdracht ‘Sta Open’ uit onze Koers. De effecten van dit onderwijs op onze leerlingen zijn in beeld. Alle BOOR (s)bao-scholen voldoen aan de wettelijke opdracht hebben een aanbod voor levensbeschouwelijk onderwijs. Doel 2 - Vanuit superdiversiteit omgaan met maatschappelijke vraagstukken Eind 2026 zijn alle medewerkers in het (s)bao toegerust en vaardig genoeg om complexe gesprekken te voeren over maatschappelijke vraagstukken in de context van superdiversiteit (Rotterdamse samenleving), zowel onderling in teamverband als met ouders en leerlingen.

Terugblik In 2023 hebben we eraan gewerkt dat iedere basisschool binnen BOOR een functionerende leerlingenraad heeft. Op die manier raken leerlingen betrokken bij de school, kunnen ze hun belangen verwoorden en behartigen en maken zij kennis met democratische waarden. Alle scholen hebben in hun jaarplan beschreven hoe zij burgerschap in het curriculum hebben of gaan verweven. De nieuwe burgerschapswet vraagt van scholen de resultaten van het burgerschapsonderwijs te meten. In 2023 hebben

we

via

een

pilot

ervaringen

opgedaan

met

het

meten

van

burgerschapscompetenties. Op basis hiervan bepalen we of het nodig is hier een BOORbrede aanpak voor te ontwikkelen. We hebben de afgelopen jaren gewerkt aan de invulling van levensbeschouwelijk onderwijs binnen ons openbaar onderwijs. Veel scholen hebben besloten gebruik te maken van de aanpak Wereldwijzer, een bijzondere samenwerking van BOOR, het Centrum voor Vormingsonderwijs en de VOS/ABB, waarbij we nadrukkelijk aandacht geven aan álle levensbeschouwingen. Dat past ook bij onze openbare identiteit. In 2024 gaan we in gesprek met scholen of zij ook gebruik willen maken van Wereldwijzer of dat zij op een andere manier vorm willen geven aan levensbeschouwelijk onderwijs.

20

We hebben in het afgelopen jaar op de scholen ervaren hoe lastig het soms kan zijn om in het team, met ouders en leerlingen het gesprek te voeren over ingewikkelde onderwerpen, zoals tijdens de week van de Lentekriebels, het gesprek over het praktiseren van geloof op school, etc. Enkele scholen zijn daarom gestart met het voeren van dialoogsessies, waarin ze onder begeleiding manieren leren om op een open en respectvolle manier het gesprek te voeren. Deze trainingen zijn goed bevallen en daar willen we komend jaar meer ervaring mee opdoen. Uitvoering 2024 In schooljaar 2023-2024 doet de Onderwijsinspectie op een aantal (s)bao-scholen onderzoek naar het thema burgerschap. Daarnaast loopt er in de sector op dit moment een pilot voor het meten van de burgerschapscompetenties, die we in 2024 zullen evalueren. De lessen die we uit deze evaluatie en uit de terugkoppelingen van de inspectiebezoeken kunnen trekken brengen we in 2024 beeld. Op basis daarvan nemen we in dat jaar ook een besluit over de wijze waarop we burgerschapsonderwijs in de sector verder gaan vormgeven. We vinden het belangrijk dat onze leerlingen op school kennis kunnen maken met alle richtingen binnen het levensbeschouwelijk spectrum. Daarom zijn we proactief in ons aanbod: we wachten de vraag niet af.

In 2024 vindt bij alle (s)bao-scholen een inventarisatie plaats en vragen we scholen om een keuze te maken: of vóór eind 2026 te gaan deelnemen aan het programma Wereldwijzer óf bepalen op welke andere manier de school gaat voldoen aan het doel kinderen in aanraking te brengen met levensbeschouwelijk onderwijs. De school stemt over de invulling af met de MR. We starten in 2024 met gesprekstrainingen voor medewerkers om complexe gesprekken te leren voeren over maatschappelijke thema’s (bijvoorbeeld het signaleren en bespreekbaar maken van armoedeproblematiek, lentekriebels, paarse vrijdag). Elke school neemt in het jaarplan voor schooljaar 2024-2025 op dat het team in 2024, 2025 of 2026 de trainingen volgt. 2. Ieder talent telt Belofte: Wij gaan voor kansengelijkheid en bieden ieder kind brede basisvaardigheden. (Sectorale) context Alles begint met taal, taal is de basis voor elk vak. De context van onze scholen in een superdiverse stad als Rotterdam vraagt om goed taalonderwijs. Een goede basis in taal draagt immers bij aan kansengelijkheid. Onze focus ligt daarom voor de komende jaren op goed taalonderwijs. We bouwen onze expertise uit en nemen de nieuwe inzichten uit de wetenschap in ons programma op. Onwenselijke schoolverschillen op gebied van taal gaan we tegen. Ons bestuurlijk streven is om 10007o van onze leerlingen op

21

referentieniveau 1F te krijgen (tenzij er beperkingen zijn die dit voorkomen), en de ambitie is: altijd meer als er meer kan. Ook willen we dat al onze scholen minimaal het percentage leerlingen op niveau 2F krijgt dat haalbaar is voor hun leerling populatie. Daarbij streven we naar het landelijk gemiddelde, maar de inspectienorm is voor ons de ondergrens. Een belangrijke sleutelfactor voor succesvol taalonderwijs is het onderwijs aan het jonge kind. Daarom breiden we onze vastgestelde ‘visie op het jonge kind’ uit door een koppeling te maken met goed taalonderwijs. In 2022 is vanuit het Masterplan Basisvaardigheden een substantiële investering gedaan in het verbeteren van de basisvaardigheden taal, rekenen, digitale geletterdheid en burgerschap. De basisscholen van BOOR hebben besloten deze subsidie voor een deel in te zetten op collectieve activiteiten en in 2023 zijn de eerste activiteiten dan ook opgestart. De komende jaren gaan we hiermee door en breiden we waar nodig uit. Resultaat eind 2026 Doel 3 - Taalonderwijs Voor de Rotterdamse leerlingen is het (s)bao van stichting BOOR eind 2026 expert op taalonderwijs. Dit is zichtbaar in de kwaliteit van het personeel en in een vernieuwende visie op taalonderwijs in de stad Rotterdam, passend bij de populatie van BOOR basisscholen.

Terugblik In 2023 hebben we gewerkt aan inhoudelijk invulling geven aan de manier van organiseren die past bij een wendbare organisatie. We zijn gestart met interdisciplinaire teams (IDT’s). Dit zijn zelforganiserende teams (met staf en lijn) die werken aan een doelstelling van de sector. We hebben de werkwijze uniform toegepast en geëvalueerd. Uitvoering 2024 In 2024 vragen we onze scholen om in beeld te brengen hoe zij een geïntegreerd aanbod op gebied van taal, technisch lezen, begrijpend lezen en woordenschat aanbieden. En als een school dit nog niet aanbiedt, hoe deze school daarnaartoe werkt. Daarbij maken alle scholen in hun taalonderwijs een koppeling met het onderwijs aan het jonge kind. Daarnaast

gaan we

in

2024

het taalonderwijs

op

scholen

verbinden

met

(wetenschappelijk) onderzoek door op dit thema te gaan werken met primoren. Ook gaan we kennisdeling tussen scholen op gebied van taalonderwijs stimuleren en hier een structuur voor inrichten.

22

3. Verbonden en veilig Belofte: Onze scholen zijn een prettige en veilige leeromgeving. (Sectorale) context Voor onze leerlingen en medewerkers streven wij naar een sociaal veilige leer- en werkomgeving. Dat is een randvoorwaarde voor leerprestaties en werkgeluk. We bouwen actief aan open en hartelijke onderlinge relaties en een klimaat waarin we elkaar durven aanspreken. Ook onderhouden we warme contacten met partners van de school (bijvoorbeeld kinderopvang, jeugd- en jongerenwerk, wijkteams). We staan open voor samenwerking om - in het belang van het welzijn van onze leerlingen en medewerkers een helpende rol te spelen bij maatschappelijke vraagstukken. Een voorbeeld van zo’n vraagstuk is jeugdcriminaliteit. Onze scholen geven het signaal af dat leerlingen steeds jonger verstrikt raken in criminele netwerken. We willen daarom een bijdrage leveren aan de preventie van jeugdcriminaliteit in Rotterdam. We gaan 2024 gebruiken om te verkennen hoe we een dergelijke bijdrage kunnen realiseren, in verbinding met ons burgerschapsonderwijs. Een sociaal veilige werkomgeving is een omgeving waarin professionals respectvol met elkaar omgaan, zichzelf kunnen zijn, fouten mogen maken en hun vakmanschap alle ruimte krijgt in hun werk. Een werkomgeving ook waarin het open gesprek gevoerd wordt, er wederzijds vertrouwen is en waarin conflicten op een goede manier gezamenlijk worden opgelost.

Uitkomst van het medewerkerstevredenheidsonderzoek (2022) laat zien dat de sector (s)bao in vergelijk met de BOOR-brede uitkomst vrij goed scoort op het gebied van sociale veiligheid. Desalniettemin heeft 19,40Zo van de respondenten uit het (s)bao te maken gehad met een vorm van ongewenst gedrag van een collega (23,407o), leidinggevende (16,107o), ouder/verzorger (2807o) en/of leerlingen (58,307o). Resultaat eind 2026 Doel 4 - Sociale veiligheid Om de sociale veiligheid voor onze leerlingen en medewerkers te vergroten, zijn eind 2026 op basis van onze data de juiste randvoorwaarden en hulpmiddelen ontwikkeld, vastgesteld en geïmplementeerd. Er is een klimaat waarin medewerkers zich veilig voelen en een lastig gesprek aan durven gaan, weten hoe te handelen en weten waar zij met vraagstukken terecht kunnen. Leerlingen gaan naar school in veilige omgeving. Alle scholen nemen deel aan het (nog te ontwikkelen) programma preventie jeugdcriminaliteit. Terugblik In 2023 is een Gedragscode opgesteld als opvolger van de Integriteitscode. Deze is BOOR breed van toepassing. In lijn met de identiteit, opdracht en kernwaarden van

23

BOOR is deze gedragscode vastgelegd hoe wij bij BOOR en de partijen met wie we samen werken integer met elkaar omgaan. Alle medewerkers krijgen bij BOOR gelijke kansen. De gedragscode bestaat uit basisprincipes die wij naleven wanneer wij voor óf namens BOOR optreden en die positief bijdrage aan een sociaal veilige werkomgeving. In 2023 is er een adviseur veiligheid geworven voor stichting BOOR. Hij brengt alle informatie op het gebied van veiligheid binnen BOOR samen, analyseert en adviseert wat nodig of wenselijk is. Hij is aanspreekpunt voor partners en scholen bij situaties waarbij de veiligheid acuut in het geding is en daar waar samen wordt gewerkt op beleidsmatig gebied. Zijn expertise en netwerk wordt daarnaast ook benut op de kant van preventie. Uitvoering 2024 In 2024 wordt de gedragscode die in 2023 is ontwikkeld, geïmplementeerd. De gedragscode beschrijft wat we bij BOOR als (on)gewenst gedrag zien. Dit onderwerp vraagt om nuance. Wat de een ervaart als grensoverschrijdend gedrag kan door een ander niet als grensoverschrijdend ervaren worden. Deze gedragscode is daarom niet in de eerste plaats bedoeld als een opsomming van regels en sancties, maar bedoeld om een proces van bewustwording en dialoog op gang te brengen. We onderzoeken de mogelijkheid naar een naar een centrale kick off.

Er is ruimte voor gesprek over dilemma’s en we bespreken de werkwijze van de gedragscode. We stimuleren onze leidinggevenden het gesprek aan te gaan met medewerkers die niet handelen volgens de gedragscode. We gebruiken 2024 om te verkennen hoe we als openbaar onderwijs in de toekomst een bijdrage kunnen leveren aan de preventie van jeugdcriminaliteit in Rotterdam. Onderdeel van die verkenning is te onderzoeken met welke interne (andere sectoren van BOOR) en externe partners (gemeente, politie, etc.) we hierin kunnen optrekken. 4. Versterken door vernieuwing Belofte: We stimuleren om altijd te blijven leren en vernieuwen. (Sectorale) context Het personeelstekort in het funderend onderwijs is een feit. De focus van onze aanpak ligt op het behoud van de kwaliteit van het onderwijs én de kwaliteit van het beroep. Dit doen we langs de lijn van vier pijlers: "

vergroten instroom

"

beperken uitstroom

"

anders opleiden

"

anders organiseren

24

We nemen maatregelen op basis van een duidelijke visie op onderwijskwaliteit en op personeelsbeleid. En we doen alles om noodmaatregelen met nadelige effecten voor de kwaliteit van het onderwijs en ons personeel te vermijden. Om al onze leerlingen het best denkbare onderwijs te kunnen geven zijn veerkrachtige en divers samengestelde teams op de scholen nodig, die minder kwetsbaar zijn voor de arbeidsmarkt van één specifieke beroepsgroep. Met onderwijsteams die rijk zijn aan diversiteit kunnen wij een passend antwoord blijven bieden op de uiteenlopende (leer)behoeften, ontwikkel- en begeleidingsvragen van onze leerlingen. We gebruiken daarvoor onder andere ‘complementair denken’: het benutten en opleiden van divers talent en het ontwikkelen van andere loopbaanpaden voor het onderwijs. Hierin zien we de toekomst van ons onderwijs. Deze werkwijze gaan we de komende jaren duurzaam verankeren in het handelen en denken van schoolleiders en teams. Resultaat eind 2026 Doel 5 - Duurzaam organiseren Eind 2026 is complementair denken vanzelfsprekend in het handelen van schoolleiders en teams. We denken vanuit kwaliteit en kansen. Teams op scholen zijn divers van samenstelling, talent en expertise en ieder teamlid werkt op de plek waar hij of zij vanuit het eigen talent en de eigen expertise op dat moment het beste kan bijdragen.

Terugblik In 2023 is het complementair denken tijdens plenaire dagen intensief besproken en op onderdelen uitgewerkt. Dit heeft onder andere geresulteerd in een meer doorleefd mobiliteitsbeleid, intensivering van samenwerking op het gebied van werving van personeel tussen scholen onderling en tussen afdeling recruitment en de scholen. Er is meer inzicht in de data door een actueel en aangescherpt HR-dashboard. Binnen BOOR is een heldere organisatie neergezet voor de aanpak personeelstekort met korte lijnen tussen en binnen de diverse afdelingen en tussen staf en lijn. Dat levert innovatie- en ontwikkelkracht op, en daardoor kijken we meer en meer vanuit kansen en mogelijkheden én lukt het om het onderwijs echt anders te organiseren. We leiden inmiddels als bestuur zo'n 500 mensen per jaar op in verschillende stadia van hun opleiding. Instroom komt via de 'reguliere' kanalen zoals de voltijd pabo. Vormen van opleiden zoals de zij-instroom en verkorte deeltijd (bijvoorbeeld met partner Echt Onderwijs) hebben ons de afgelopen vijf jaar ook meer dan 70 afgestudeerde leerkrachten gebracht. De samenwerking binnen Rotterdam (besturen en gemeente) verloopt positief. Daarnaast

werkt

toeleveranciers).

BOOR

intensief

samen

met

externe

partners

(opleiders,

BOOR is een van de initiatiefnemers van een Rotterdamse

25

onderwijsregio po (pilotfase). Binnen Rotterdam is BOOR het eerste bestuur dat aan de slag gaat met Onderwijsambassadeurs (mensen van buiten het onderwijs die een jaar lang een dag meelopen en meehelpen in het onderwijs). Uitvoering 2024 2024 is een verkennings-Zinventarisatiejaar. We beginnen met een verkenning naar verschillende profielen van samengestelde complementaire teams die kwaliteit leveren. We wijzen pilotteams aan en gaan hun ervaringen en resultaten (in termen van onderwijskwaliteit) volgen. Daarbij maken we een analyse van belemmerende en stimulerende factoren. Dit moet in de komende jaren leiden tot een plan van aanpak om - samen met externe partners (zoals bijvoorbeeld de pabo) - een duurzame diverse samenstelling van onderwijsteams te realiseren. 5. Sterke scholen door een sterke organisatie Belofte: Wij bieden een stevige organisatie als basis voor succesvolle scholen. (Sectorale) context Net als voor leerlingen geldt ook voor onze medewerkers dat elk talent telt. Onze medewerkers maken het verschil, ieder op zijn of haar eigen unieke manier. Alleen met goede medewerkers, die werken op de plek waar hun talenten het beste uitkomen, kunnen we onze ambitie om het beste onderwijs te verzorgen waarmaken. We willen de ontwikkeling van elke medewerker stimuleren en optimaal faciliteren tijdens diens volledige loopbaan.

De omvang van onze sector biedt daarin veel mogelijkheden. In de komende jaren bouwen we ons aanbod verder uit en zorgen we ook voor verduurzaming, zodat we veranderingen in het subsidielandschap kunnen opvangen. Resultaat eind 2026 Doel 6 - Ontwikkeling en groei van medewerkers Eind 2026 heeft (s)bao BOOR talentontwikkeling en duurzame inzetbaarheid van medewerkers stevig verankerd in het strategisch personeelsbeleid van de organisatie.

Terugblik Coaching en begeleiding van onze zij-instromers, starters en stagiaires vormen de basis voor een duurzaam inzetbaar personeelsbestand en het binden, boeien en behouden voor de organisatie. Daar zetten wij als BOOR intensief op in. Zo worden onze starters gedurende hun eerste drie jaar structureel en de daaropvolgende twee jaar optioneel begeleid. De coaching gaat in op leerkrachtvaardigheden maar ook op de ontwikkeling van de professionele identiteit van de leerkracht en de balans in werk/privé^studie). Onze startende en studerende onderwijsprofessionals waarderen de coaching met een 8,5.

26

OnBOORding van nieuw personeel is een integraal programma waar alle stafafdelingen en lijnfuncties hun verantwoordelijkheid in nemen. In samenwerking met partners in samen opleiden en professionaliseren (opleidingsschool Boss PO en opleidingsschool EMPO) zorgen wij voor een sterke begeleidingsstructuur voor onze studenten op de scholen waar zij stage lopen. Daarmee investeren we in toekomstig personeel en geven we ons reeds bevoegde personeel handvatten en tools om studenten te coachen en begeleiden. Ook dit zorgt op lange termijn voor boeien, binden en behouden van personeel. Binnen BOOR zijn het afgelopen jaar verschillende zij-instromende schooldirecteuren op onze scholen gestart. Deze groep schoolleiders wordt intensief begeleid. Uitvoering 2024 In 2024 is een proces ingericht voor het in kaart brengen van talenten, het ontwikkelpotentieel en ambities van schoolleiders. Hierbij baseren we ons op de visie die we in de sector hebben op wendbaar leiderschap. We ontwikkelen de HR-review door, zodat deze nauw aansluit bij onze visie en taal op het gebied van talentmanagement. Via deze tool brengen we de talenten en ontwikkeling van onze medewerkers in kaart. Om talentontwikkeling en duurzame inzetbaarheid in onze organisatie verder te versterken, stellen we dit kalenderjaar ook beleid op voor de ‘kweekvijver. We geven nadere invulling hoe dit traject eruit komt te zien.

We ambiëren een wendbare organisatie te zijn die kan inspelen op wat nodig is. Daarvoor is het belangrijk om ruimte te bieden aan experiment. Waar de kweekvijver gericht is op specifieke functies of rollen, willen we ook bekijken wat de mogelijkheden zijn van een vrijer concept. Niet elke medewerker ambieert een volledig andere functie of rol, soms gaat het bijvoorbeeld om een combinatie van taken. Daarom ontwikkelen we in 2024 ook een kader voor het experimenteren met taakdifferentiatie en nieuwe initiatieven, passend bij het complementair denken (zie over dit onderwerp ook de tekst bij belofte 4). Een van de manieren waarop we dat gaan doen is het inrichten van een auditorenpool.

27

3.

Sectorjaarplan vo Het voortgezet onderwijs bij BOOR is divers. Niet alleen worden er verschillende onderwijsniveaus aangeboden op de verschillende vo-scholen, ook hebben alle scholen hun eigen karakter en bieden zij onderwijs aan leerlingen met andere kenmerken afkomstig uit andere wijken of regio’s. Context sectorjaarplan De bovenschoolse doelstellingen en de doelen op schoolniveau geven invulling aan de vijf beloftes uit onze strategische koers. Alle vijf de beloftes hebben daarmee onze voortdurende aandacht. De onderwerpen waarop de doelen zijn geformuleerd zijn onderwerpen waaraan in de afgelopen jaren al is gewerkt en die een vervolg krijgen in 2024, 2025 en 2026. Dit jaar hebben we er daarom voor gekozen om de bovenschoolse doelstellingen meerjarig te formuleren, als stip op de horizon voor het einde van de koersperiode. Dat maakt het mogelijk meer samenhang aan te brengen in ons beleid en jaarlijks aan de hand van evaluatie aan te scherpen en de passende vervolgstappen te bepalen. Ook sluit het hebben van meerjarige doelen beter aan op de onderwijspraktijk; doordat scholen werken op schooljaar kunnen we met meerjarige doelen beter richting bieden voor de schooljaarplannen die elk voorjaar worden opgesteld. Doelen waaraan we met de drie de sectoren in samenhang werken, hebben een plaats gekregen bij de sectoroverstijgende doelen (zie hoofdstuk 1).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=ed06eba9-7447-48a5-abae-9e2aeb6b34fb