CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[23bb006761] Bijlage 1 behorende bij 23bb6730 - Eindrapportage Feyenoord City (september 2023)

Gemeenteraad 15 februari 2024, gemeente RotterdamBij agendapunt: Het voorstel naar aanleiding van de Eindrapportage Feyenoord City.27.308 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

De mate waarin de verbin­ dingen in het hele gebied tot stand kunnen worden gebracht dient te blijken uit Masterplan Feyenoord City 2.0 en de uiteindelijke realisatie van de daarin op te nemen ambities. Het verbinden van mensen was een belangrijk onder­ deel van deze doelstelling. Dit is in beperkte mate gerealiseerd met de participatieactiviteiten en de eindrapportage september 2023

activiteiten in de tijdelijke ruimtes. Richting toekomst wordt gewerkt aan een maatschappelijk kader dat onderdeel wordt van het door de raad vast te stellen nieuwe masterplan, waarin dit onderwerp verdere aandacht en uitwerking zal krijgen. Op dat moment zal duidelijker zijn in welke mate deze ambitie in Feyenoord City 2.0 alsnog bereikt kan worden. 2. Bestemming Omdat de planvorming (nog) niet tot realisatie heeft geleid, zijn er geen nieuwe functies in het gebied gecreëerd die leiden tot nieuwe bezoekersstromen. Wel wordt het gebied meer en meer ontdekt door nieuwe groepen die gebruik maken van de activitei­ ten in de leeggekomen bedrijfspanden. Voorbeelden van deze ‘placemaking’ zijn de padelbaan, de Speel­ goedfabriek en het hergebruik van de voormalige Gaskoepels in het Mallegatpark, die is ingericht als flexibele ruimte waar onder meer panna, spoken word en freerunning plaatsvindt. De Kuip is en blijft één van de drie iconische gebou­ wen die beoogd waren als publiekstrekker voor het gebied en als locatie voor wedstrijden en andere grootschalige events. Het getijdenpark is in voorberei­ ding. Het nieuw stadion komt er zoals bekend niet. Nagedacht wordt over andere functies of voorzienin­ gen die als publiekstrekker kunnen dienen ipv het nieuwe stadion. Gemeente en Stigam streven daar­ naast naar een uniek (wellicht iconisch te noemen) woonmilieu aan het water.

Het Plan Openbare Ruimte liet zien wat (in de situatie met een nieuw stadion) mogelijkheden zijn van de buitenruimte voor diverse activiteiten en kleinschalige events ter ondersteuning

‹

›

Gebiedsontwikkeling van een gezonde levensstijl. Daar kan op worden voortborduurd. Met de aanpak vanuit Feyenoord City is de buiten­ ruimte van de Veranda vergroend en is er een diverser horeca en leisure-programma in de Veranda ontstaan. Geconcludeerd kan worden dat de beweging is in­ gezet en dat planvorming en -uitvoering hierna moet laten zien dat het gebied daadwerkelijk een nieuwe bestemming kan zijn. 3. Levendig netwerk van aantrekkelijke buitenruimtes Het vastgestelde Plan Openbare Ruimte en de ge­ maakte afspraken met betrokken partijen waaronder

Stigam over aanleg, onderhoud en beheer is een belangrijke basis en vertrekpunt voor een goede openbare ruimte in de toekomstige gebiedsontwikke­ ling zonder een nieuw stadion. Met de verwerving van bedrijventerrein Maaszicht zijn de kansen en moge­ lijkheden om een aantrekkelijke rivieroever te creëren toegenomen. Ook de planontwikkeling voor het Getijdenpark Feyenoord City en de gesprekken met het rijk over het verwerven het waterperceel dragen daaraan bij. Qua vergroening zijn bescheiden stappen gezet met het vergroenen van de Veranda. De grote slag langs de rivier en in de Stadiondriehoek was nog niet aan de orde. De programmering van de Koepels (bv free­ runnen), de padelbaan en 3x3 basketbal in de tijdelij­ ke ruimtes laten de potentie zien van de mogelijkhe­ den om te sporten in het gebied. 4. Uniek woongebied De woningbouwdoelstelling voor Feyenoord City is gebaseerd op de Woonvisie zoals die in 2017 gold. De Haalbaarheidsstudie uit 2016 (en de MKBA) gingen uit van de realisatie van 1837 woningen te realise­ ren in diverse segmenten (zowel appartementen als grondgebonden) waarmee invulling wordt gegeven aan de kwantitatieve als kwalitatieve opgave van de woonvisie. Van deze woningen zijn er 296 in aan­ bouw (Imagine) en ca 1190 in concrete voorbereiding (waarvan 790 in fase Definitief Ontwerp en 400 in fase Voorlopig Ontwerp).

De ontwerpen laten een grote variatie aan woningen zien. Met verwerving van bedrijventerrein Maaszicht is de basis gelegd voor nog 3000 woningen. Met de stichting zijn contractu­

25

eindrapportage september 2023

ele afspraken gemaakt over de diversiteit in segmen­ tering. In de verkenningen voor de Oostflank zijn in totaal 5500 woningen opgenomen voor Feyenoord City (nog los van de woningen die in Feijenoord XL kunnen komen). De programmatische ontwikkeling om het gebied aantrekkelijk te maken voor jongeren, gezinnen, arm en rijk, is nog niet tot stand gekomen. 5. Toekomstbestendig Voor de gebiedsontwikkeling is de minimumeis BREEAM Very Good en wordt gestreefd naar een hoger niveau. De gemeente verwacht van Feyenoord City dat zij de ambities op het vlak van duurzaamheid waarmaakt en, binnen wat financieel en technisch mogelijk is, hier volledig op inzet. De Breeam-doelstelling is op dit moment nog niet gehaald, maar wel verankerd in het Masterplan en plotuitwerkingen. De Breeam ambitie voor de gebiedsontwikkeling is contractueel vastgelegd met Stigam. De combinatie van een nieuw stadion en gebiedsontwikkeling bood de kans voor innovatie. Hier werd bijvoorbeeld samen met energiebedrij­ ven aan een gebiedsbreed energiesysteem gewerkt. Zonder nieuw stadion is dit vooralsnog niet op die manier aan de orde. Dit deel van de doelstelling is niet behaald en de vraag is op welke wijze dit in Feyenoord City 2.0 alsnog bereikt kan worden.

‹

›

Gebiedsontwikkeling Tabel: verwezenlijking doelen Feyenoord City Gebiedsontwikkeling Doel

Bereikt met Feyenoord City 1.0

Streven Feyenoord City 2.0

1. Feyenoord City verbindt Fysiek en sociaal

a. Roseknoop in uitvoering b. Rijkssubsidies voor traverse over en tunneltje onder het treinspoor c. MIRT-besluit NS Station Stadionpark d. Participatie planontwikkeling

a. Vervolg planontwikkeling bouwplots b. Feijenoord XL (spooremplacement) c. Vervolg MIRT-traject d. Maatschappelijk kader in Masterplan e. Participatie

2. Bestemming Meer bezoekers uit omliggende wijken, rest van Rotterdam en Nederland

a. Placemaking met nieuwe functies en activiteiten in leeggekomen bedrijfspanden. b. Plan Openbare Ruimte voor diverse activiteiten en kleinschalige events c. Buitenruimte Veranda is vergroend met een diverser horeca en leisureprogramma

a. De Kuip is een iconisch gebouw dat veel bezoekers trekt b. Nadenken over andere functies of voorzieningen die als publiekstrekker kunnen dienen

3. Buitenruimte Duurzaam en actief Met groene routes en ruimtes Voor een gezonde levensstijl

a. Plan Openbare Ruimte (POR) b. Afspraken over aanleg, onderhoud en beheer c. Verwerving bedrijventerrein en overleg met het rijk over realisatie rivieroever d. VO Getijdenpark e. Vergroening Veranda

a. POR actualiseren b. Idem afspraken over aanleg, onderhoud en beheer c. Voortzetting planontwikkeling Getijdenpark

4. Woongebied Uniek en divers Voor Rotterdam en Rotterdam Zuid ihb 1837 woningen

a. Bouwprogramma gebaseerd op de Woonvisie uit 2017 b. 296 woningen in aanbouw (Imagine) c. Concrete plannen (DO en VO) voor ca 1190 woningen (Roseplot en Colosseumplot)

a. Vervolg planontwikkeling Roseplot en Colosseum­ plot b. Afspraken met Stigam over 3000 woningen in diverse segmenten (Waterkant) c. Verkenningen voor de Oostflank (5500 woningen in Feyenoord City) d. Feijenoord XL op de langere termijn

5. Toekomstbestendig Flexibele ruimtelijke ontwikkeling Klaar voor nieuwe energieconcepten en verande­ ringen in mobiliteit, klimaat, en gebruik

a. Afgesproken minimumeis voor gebieds­ ontwikkeling is BREEAM Very Good b. Voorstel energiebedrijven voor gebiedsbreed energiesysteem

a. Voortzetting Breeam ambitie voor de gebieds­ ontwikkeling is contractueel vastgelegd met de stichting. b. Nadenken over een nieuw gebiedsbreed energie­ systeem

· · · · · · · · · ·

26

eindrapportage september 2023

‹

›

Gebiedsontwikkeling Tijdlijn Onderstaande tijdlijn bevat de belangrijkste mijlpalen die voor het onderdeel gebiedsontwikkeling zijn bereikt sinds de vaststelling van de Position Paper. Wanneer

Wat

Wie

2018 Juli

Oktober

Oprichting Stichting Gebiedsontwikkeling aan de Maas Selectie consortium 1e fase gebiedsontwikkeling Selectie ontwikkelaar Parkstad Zuid

feyenoord feyenoord feyenoord

Ondertekening Raamovereenkomst met stichting Koopovereenkomst Parkstad-Zuid met stichting

gemeente gemeente

2020 September

Subsidiebeschikking Woningbouwimpuls

rijk

Gebiedsfinanciering rond Bestuurlijk woon-werkakkoord met provincie

stichting college

2021 Januari Februari

Start campagne gebiedsmarketing

stichting

Maart

Vorming ontwikkelcombinatie Heijmans – AM

stichting

Juni

Vestiging Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg)

raad

November

Nota’s van Uitgangspunten Roseplot, Colosseumplot, Mallegatplot Start bouw Imagine

stichting stichting

2022 Februari

April September

27

Openen gemeentelijke grondexploitatie Start onteigeningsprocedure Nota van Uitgangspunten Waterfrontplot

raad raad stichting

Vaststelling Plan Openbare ruimte

stichting

Start stedenbouwkundige verkenning ‘alternatieve invulling’ Start opstellen maatschappelijke kader gebiedsontwikkeling

gemeente, stichting stichting, feyenoord

eindrapportage september 2023

3. Publiek-private samenwerking Op basis van de randvoorwaarde in de Position Paper om de benodigde entiteiten op te richten en daarbij professionele partijen te betrekken, is de structuur van de gebiedsontwikkeling uitgewerkt. Centraal element daarin is de oprichting van de Stichting Gebiedsontwikkeling aan de Maas (Stigam). Er is bewust gekozen voor de vorm van een stichting omdat de stichting een maatschappelijke doelstelling heeft en geen winstoogmerk. Dit is vastgelegd in de statuten. De Raad van Toezicht, bestaande uit vijf leden waarvan één op voordracht van de gemeente, ziet hierop toe. De ontwikkelaars (na een selectie en wisselingen in het ontwikkelconsortium, betreft dit op dit moment Heijmans en AM) hebben de stichting een lening verstrekt en krijgen als tegenprestatie rente en ontwikkelrechten. Daarnaast heeft de stichting ban­ cair vermogen en achtergesteld vermogen door een private geldverschaffer. In de raamovereenkomst is de rolverdeling en samen­ werking vastgelegd van Stigam en de gemeente. De stichting verwerft de gronden, maakt ze bouwrijp en geeft ze uit aan de ontwikkelaar en richt de buiten­ ruimte in. Stigam voert daartoe een private grondex­ ploitatie. De gemeente stelt de kaders vast, toetst, voert de publiekrechtelijke procedures, brengt haar kennis in en verkoopt de gemeentelijke gronden.

Een specifieke afspraak betrof de aankoop van de grond onder het nieuwe stadion en uitgifte ervan in erfpacht. Hiertoe is een aankoopovereenkomst gesloten met Stigam met opschortende en ontbindende voorwaar­

‹

›

Gebiedsontwikkeling den. Gezien het beëindigen van het stadionproject is deze overeenkomst niet meer van kracht. Als gevolg van de rolverdeling was er in eerste instan­ tie alleen een private grondexploitatie. Toen de coro­ na-epidemie uitbrak stond de stichting op het punt om haar financiering af te ronden. Omdat de banken vanwege corona andere prioriteiten in hun porte­ feuille hadden, moesten nieuwe afspraken worden gemaakt, waarbij de ontwikkelaars Stigam een extra financiële impuls hebben gegeven. De gemeente heeft ook een bijdrage geleverd door een aantal opdrach­ ten en producten die normaal in een gemeentelijke grondexploitatie zitten, over te nemen. Hiervoor is een gemeentelijke grondexploitatie geopend, waarin ook de uitgifte van de gemeentelijke gronden en de aankoop van de grond onder het stadion zijn opgeno­ men. Deze grondexploitatie zal in samenhang met het Masterplan Feyenoord City 2.0 worden geactualiseerd (zie verder financieel). In een allonge op de raamovereenkomst zijn met de stichting aanvullende afspraken gemaakt over de gebiedsontwikkeling mocht het nieuw stadion niet doorgaan. Deze zijn van kracht geworden nu het stadi­ onproject is gestopt en de Driepartijen-overeenkomst is beëindigd.

In aanvulling op het brede Bestuurlijk Overleg Feyen­ oord City sprak wethouder Bouwen en Wonen perio­ diek met het stichtingsbestuur over de voortgang met de gebiedsontwikkeling. Over de governance is meer informatie te vinden in de Toelichting Governance gebiedsontwikkeling die op 16 april 2019 naar de raad 28

is gestuurd als bijlage bij de aanbiedingsbrief voor de derde voortgangsrapportage.

4. Financieel Private grondexploitatie Voor deelgebied 1, bestaande uit de Colosseumplot, de Roseplot, de Mallegatplot en de Waterkant, zijn de meeste kosten opgenomen in de private grond­ exploitatie die Stigam voert. De investeringen die direct vanuit de WBI worden vergoed, vallen hier niet onder. De apparaatskosten van de gemeente (voor het deel dat niet past binnen het eerder door de raad toegekende IFR-budget) en de kosten die samen­ hangen met het onderstation/relaishuis en nodig zijn voor de gebiedsontwikkeling en het doortrekken van de Colosseumweg) zijn/worden opgenomen in de gemeentelijke grondexploitatie. De private grondexploitatie was gebaseerd op de grondexploitatie met stadion. Vanwege de onzeker­ heid over de komst van een nieuw stadion had Stigam (mede op verzoek van de gemeenteraad en voor haar financiers) een terugvalgrondexploitatie opgesteld. Omdat er geen concreet plan was, ging deze grond­ exploitatie uit van een kentallenonderbouwing. Beide private grondexploitaties waren sluitend bij het afronden van het project Feyenoord City 1.0. Voor de private grondexploitatie voor Feyenoord City 2.0 geldt hetzelfde als voor de gemeentelijke grondexploitatie, namelijk dat deze ook sterk wordt beïnvloed door actuele marktomstandigheden en de ontwikkeling daarin tot het einde van de gebiedsontwikkeling. eindrapportage september 2023

Stigam heeft fors geïnvesteerd in planvorming, ver­ wervingen en diverse werkzaamheden in het gebied (maatschappelijk programma, verplaatsing radar­ post, etc). Stigam en de aan haar verbonden Stichting Verwerving zijn gefinancierd met een bancaire lening en diverse achtergestelde leningen. In totaal is op dit moment ca € 75 mln. in de gebiedsontwikkeling Feyenoord City geïnvesteerd (zowel via de Stichting Gebiedsontwikkeling aan de Maas als de Stichting Verwerving). Alleen al om die reden zijn de private partijen gebaat bij het voortzetten van de gebieds­ ontwikkeling. Gemeentelijke grondexploitatie In navolging van de Position Paper is er sprake van een private grondexploitatie. Verreweg de meeste kosten en baten van Feyenoord City vallen onder de private grondexploitatie. Toch is in 2022 ook een gemeentelijke grondexploitatie voor Feyenoord City in uitvoering gegaan. Dat was eerst niet de bedoeling (zie ook de Basisrapportage uit 2017). De aanleiding was de noodzaak om een aantal opdrachten van Stigam over te nemen aan het begin van coronaepidemie (zie publiek-private samenwerking).

Een gemeentelijke grondexploitatie bleek ook van nut om andere gemeentelijke geldstromen te geleiden zoals de gemeentelijke gronduitgifte, het inzetten van de rijkssubsidie in het kader van de Woningbouwim­ puls en het administreren en beheren van een aantal gemeentelijke kosten (apparaatskosten vanaf 2026, verplaatsing onderstation/relaishuis ProRail, etc). De grondexploitatie kent in het Jaarverslag 2022 een positief saldo van ca € 0,3 mln NCW. Dit saldo van

‹

›

Gebiedsontwikkeling kosten en opbrengsten wordt mede bepaald door de aankoop van de gronden onder het stadion en de uitgifte daarvan in erfpacht via de grondexploitatie waarvan dus niet langer sprake is. Op dit moment (jaarrekening 2022) is de stand/boek­ waarde van de grondexploitatie € 9,86 mln. negatief. Deze stand wordt bepaald door de kosten die tot dusver zijn gemaakt (het tijdelijk overnemen van opdrachten van Stigam en de aankoop van de Gamma). Het is normaal dat een grondexploitatie tussentijds een negatieve boekwaarde kent, omdat er eerst kosten worden gemaakt alvorens gronduitgif­ tes voor de inkomsten zorgen. De kosten die hebben geleid tot de huidige negatieve boekwaarde worden door de stichting vergoed en zijn in de private grond­

exploitatie opgenomen. De gemeentelijke gronden vertegenwoordigen een hogere grondwaarde dan de gemaakte kosten. Met alle voorziene kosten en op­ brengsten kent de huidige (op het plan met een nieuw stadion gebaseerde) grondexploitatie zoals gezegd een positief saldo van ca € 0,3 mln NCW. De herziene grondexploitatie wordt begin 2024 ter besluitvorming aangeboden aan de raad. Dit gebeurt in samenhang met het Masterplan Feyenoord City 2.0 en het Ambitiedocument Waterkant en daarop gebaseerde hertaxatie van de gronden. Het resultaat van de nieuwe grondexploitatie wordt beïnvloed door de gewijzigde scope van het project met een grotere afhankelijkheid van woningbouwopbrengsten en de actuele marktomstandigheden. Voor deelgebied 1 zijn de voornaamste kostenposten de apparaatskosten en de verplaatsing van het onderstation/relaishuis. Deze kosten zijn beperkt stuurbaar. Het risico bestaat dat de nieuwe grondexploitatie vanwege de hernieuwde taxatie negatief sluit, met name gezien de huidige marktomstandigheden. Parkstad Zuid (K3) Feyenoord City heeft inmiddels een eerste gronduit­ gifte opgeleverd. In 2021 is de Parkstad Zuid plot (K3) verkocht aan Stigam, waarbij de eerste betaling van de complexwaarde heeft plaatsgevonden. Dit heeft de gemeente, na aftrek van de aan deze plot gerela­ teerde kosten, € 1,5 mln. aan extra inkomsten opge­ leverd.

Deze inkomsten zijn geboekt als incidentele opbrengst voor de gemeentebegroting en zijn niet ingezet voor de gebiedsontwikkeling Feyenoord City.

29

eindrapportage september 2023

Gemeentelijke kosten De gemeentelijke kosten zijn in het hoofdstuk Overall beschreven omdat ze niet zijn uitgesplitst per deelpro­ ject. Subsidies Woningbouwimpuls (WBI) De gebiedsontwikkeling Feyenoord City heeft een woningbouwimpuls-subsidie gehad van € 21,3 mln. De subsidie is bedoeld voor de onrendabele top van de gebiedsontwikkeling en toegekend voor de reali­ satie van 3700 woningen, waarvan 450 in het sociale segment en 1533 woningen middelduur. In de be­ schikking is opgenomen voor welke maatregelen de subsidie mag worden ingezet. Er is onlangs een verzoek tot wijziging van de plan­ ning (vanwege de vernietiging van het bestem­ mingsplan) ingediend bij het Ministerie van BZK voor Feyenoord City 2.0. Feyenoord City 2.0 kent een andere businesscase (grondexploitatie) dan Feyen­ oord City 1.0. De 3700 woningen waar de subsidie op ziet, zullen alleen in deelgebied 1 worden ontwikkeld en daarmee komen alleen de maatregelen (publieke investeringen) in dat deelgebied in aanmerking voor subsidie, In het najaar van 2023 zal een verzoek tot wijziging van de businesscase worden ingediend, waarmee de subsidie weer in zijn geheel past bij het project. Overige subsidies Na de beëindiging van Feyenoord City 1.0 zijn gere­ lateerd aan de gebiedsontwikkeling Feyenoord City de volgende subsidies toegekend. De toekenning

‹

›

Gebiedsontwikkeling is bekrachtigd tijdens het Bestuurlijk Overleg Leef­ omgeving voor zuidwest Nederland met onder meer het Rijk op 16 juni 2023 1. Gebiedsbudget NOVEX-gebieden: bijdrage aan Getijdenpark Feyenoord ten behoeve van Stads­ project en investeringen vanuit Gebiedsontwikke­ ling in Getijdenpark Feyenoord 2. Mobiliteitspakket Oude Lijn: traverse station Stadion­park en tunnel Station-Zuid.

5. Participatie Door de nauwe samenwerking tussen de gemeente en Stigam om de omliggende wijken bij de planontwik­ keling te betrekken is een groot netwerk van betrok­ kenen ontstaan die actief waren bij verschillende thema’s en fases. Er is (en wordt) gewerkt met diverse

werkgroepen, waaronder het Voortgangsoverleg, de Werkgroep MER/Masterplan en de Klankbordgroep Mobiliteit. Met de bewoners van de wijk Veranda, verenigd in de Stichting Bewonersbelangen Veranda (BBV) is een participatieconvenant afgesloten. Met andere wijken werd de participatie vormgegeven in de geest van dit convenant. Met grote regelmaat wer­ den de wijkraden van de omliggende wijken bezocht. Zowel om hen te informeren als actief te betrekken bij de planvorming. Op essentiële momenten in het besluitvormingsproces werden belanghebbenden actief gewezen op de wettelijke mogelijkheden van bezwaar en beroep. Soms werd daar massaal gebruik van gemaakt. Soms werd ervan afgezien als belang­ hebbenden tevreden waren met de door hen bereikte aanpassingen in de plannen.

6. Risicobeheersing Er was (en is) sprake van een private gebiedsontwik­ keling. De gemeente zelf liep hiermee geen directe financiële risico’s. De voornaamste risico’s voor de gemeente zoals in 2017 benoemd in de Basisrappor­ tage, waren: De gebiedsontwikkelentiteit komt niet (of niet binnen de kaders) van de gemeente tot stand vanwege te grote risico’s of onvoldoende geachte businesscase. Met het oprichten van de Stichting Gebiedsont­ wikkeling aan de Maas en het afsluiten van diverse juridische contracten waarin de voor de gemeente relevante belangen konden worden vastgelegd, heeft dit risico zich niet voltrokken.

.

30

eindrapportage september 2023

. Grondtransacties: onzekerheid over de waarde van de grondtransacties tussen gemeente en gebieds­ ontwikkelentiteit kan tot onzekerheid leiden bij potentiële partijen. Ook dit risico heeft zich niet voltrokken. De po­ tentiële partijen zijn ingestapt in het project in de wetenschap dat in de Position Paper is aangege­ ven (en in de raamovereenkomst vastgelegd) dat de complexwaarde door een onafhankelijke taxa­ teur wordt vastgesteld op basis van de kosten en baten in het hele gebied. De taxatie van de grond onder het stadion bood zekerheid over de grootste inkomstenbron voor de gebiedsontwikkeling.

. Gewenste gebiedskwaliteit: de ambitie wordt niet of in onvoldoende mate gerealiseerd Dit risico loopt door in het vervolg van het project. De kwaliteiten van het gebied zullen opnieuw vastgelegd moeten worden in een geactualiseerde Gebiedsvisie Stadionpark en Masterplan Feye­ noord City 2.0. Wel is contractueel afgesproken dat de uitgangspunten/ambities van het vorige mas­ terplan in het nieuwe masterplan zonder stadion zoveel mogelijk gehandhaafd blijven.

‹

›

Gebiedsontwikkeling De in de Basisrapportage genoemde maatregelen om deze risico’s te beheersen zijn allemaal uitgevoerd. De beheersmaatregelen betroffen: 1. Oprichting Stichting Gebiedsontwikkeling aan de Maas a. De gemeente was betrokken bij de opzet en partijselectie; b. Met de statuten en toezicht door de Raad van Toezicht met een lid op voordracht van de gemeente zijn een aantal risico’s zoals het afmaken gebiedsontwikkeling beheerst; c. Door financiering van de stichting met onder andere achtergestelde leningen is een financi­ ële buffer gecreëerd. 2. Contractueel a. In de raamovereenkomst zijn veel van de genoemde beheersaspecten geborgd, zowel qua demarcatie, financiën als de instrumenten voor kwaliteitsborging; b. De Position Paper als geheel is geborgd in alle overeenkomsten en de specifieke te borgen voorwaarden voor de gebiedsontwikkeling zijn ook in de artikelen uitgewerkt; c. De randvoorwaarden voor de gebiedsontwik­ keling zijn verankerd in de raamovereenkomst met de stichting en zullen voor zover het de kwalitatieve aspecten van de gebiedsontwik­ keling betreft, terugkomen in het nog vast te stellen Masterplan Feyenoord City 2.0. 3. Kwaliteitsborging De kwaliteitsborging is verankerd in diverse typen producten. Voor het gebied zijn het Masterplan 31

Feyenoord City en het Plan Openbare Ruimte opge­ steld. Voor de individuele bouwontwikkelingen zijn Nota’s van Uitgangspunten vastgesteld. De gemeen­ telijke projectorganisatie heeft vervolgens de plan­ vorming actief getoetst aan deze documenten. Ook is het Q-team (welstandskamer) opgericht. Het onafhan­ kelijk adviserende Q-team heeft een bredere samen­ stelling dan de reguliere Commissie voor Welstand en Monumenten. Ook disciplines als mobiliteit, sociale omgeving en venues zijn vertegenwoordigd. Hiermee is, in de geest van de omgevingswet, integrale toet­ sing van de plannen mogelijk. Zoals in de Basisrapportage is beschreven dient een groot deel van de risicobeheersing door de private partijen plaats te vinden. De gemeente probeert zoveel mogelijk de vinger aan de pols te houden, indien nodig risico’s te signaleren en mee te denken over oplossingen zonder de verantwoordelijkheid van de private partijen over te nemen. In het Projectdirecteurenoverleg en de Stuurgroep Gebiedsontwikkeling zijn risico’s regelmatig onder­ werp van gesprek geweest. De gemeente heeft daarbij vooral het belang van een gestructureerd risicoma­ nagement benadrukt, het hebben van voldoende achtergesteld vermogen en haar inzichten ingebracht tijdens het meekijken bij het opstellen van de private grondexploitatie.

In dat proces was en is het van groot belang er op te letten dat de verantwoordelijkheid bij de private partijen blijft liggen en tegelijkertijd de gemeentelijke belangen voldoende worden bewaakt.

eindrapportage september 2023

Hoewel de risicobeheersing en financiële verantwoor­ delijkheid bij de private partijen ligt, is het op enkele momenten in het project niet gelukt om dit volledig in stand te houden. Door de overname van enkele op­ drachten/producten (bij het begin van corona) en de aankoop van de Gamma (toen het stadion niet door­ ging), vanwege de beperkte liquiditeit van de Stigam, heeft de gemeente een iets grotere verantwoorde­ lijkheid genomen dan oorspronkelijk bedoeld. Op het moment dat een tekort voorzien werd op de (private) grondexploitatie is dit opgelost met de rijkssubsidie uit de Woningbouwimpuls. De genoemde maatrege­ len waren in balans met de inspanningen van andere partijen en in lijn met de beheersmaatregel “meeden­ ken over oplossingen zonder extra risico’s voor de gemeente”. Het gemeentelijk risicoprofiel is permanent in de gaten gehouden, waarbij de insteek is geweest dat met bij het eventueel niet doorgaan van de gehele gebiedsontwikkeling de verkoop van de gemeentelij­ ke gronden voldoende oplevert om de in verband met de stichting gemaakte kosten te dekken. De gemeen­ telijke grondexploitatie kent bij hernieuwde taxatie een risico op een negatief resultaat, gezien de huidige marktomstandigheden. Dit is met name gekoppeld aan het opnemen van het verplaatsen van het onder­ station/relaishuis van ProRail (ook noodzakelijk voor de Roseknoop) in de grondexploitatie.

Middels afspra­ ken met de stichting over een minimumgrondprijs is dit risico wel verkleind.

‹

›

Gebiedsontwikkeling 7. Vervolg Op 6 december 2022., bij het aanbieden van de 9e voortgangsrapportage van Feyenoord City, heeft het college aan de raad gemeld niet langer een bouw­ plot voor een nieuw stadion te reserveren en te starten met een planontwikkelingsproces zonder een nieuw stadion. Dat proces voltrekt zich langs meerdere sa­ menhangende sporen: 1. Opstellen en vaststellen ontwikkelvisie Oostflank; 2. De eerste ontwikkelplots (Mallegatplot, Colosse­ umplot en Roseplot) zo snel mogelijk tot ontwikke­ ling brengen met projectbestemmingsplannen; 3. Opstellen van een ambitiedocument voor de Wa­ terkantplot (voorheen stadionplot en Waterfront­ plot); 4. Ontwikkelen van een visie voor Deelgebied 2 (Veranda) en 3 (Stadiondriehoek) in samenspraak met de stakeholders; 5. Deelgebied 4 (Feijenoord XL). Voor deze vijf sporen worden de volgende producten opgesteld en ter besluitvorming aan de raad voorge­ legd: 1. Partiële herziening van de Omgevingsvisie Rotterdam in het kader van Oostflank 2. Geactualiseerde Gebiedsvisie Stadionpark 3. Masterplan Feyenoord City 2.0 4. Geactualiseerde Grondexploitatie Feyenoord City (deelgebied 1 met Waterkant, Mallegat-, Colosseum- en Roseplot) 5. Ambitiedocument Waterkantplot.

32

Deze aanpak is samengevat in de ‘Procesplaat Feyenoord City’ die als bijlage bij de genoemde college­brief is gevoegd. Bovenstaande aanpak inclusief de procesplaat zijn ook uitgebreid aan de orde geweest tijdens bijeenkomsten met raadsleden waaronder de uitgebreide technische sessie met Raadscommissie BWB op 26 januari 2023 ten kantore van de Stichting Gebiedsontwikkeling aan de Maas.

8. Conclusie Samenvattend kan voor het deelproject Gebiedsont­ wikkeling het volgende worden geconcludeerd: 1. De doelstellingen uit het Masterplan zijn niet gehaald. Met name voor deelgebied 1 is met de gedane verwervingen en de lopende planvorming een goede basis gelegd om de doelstellingen alsnog (gedeeltelijk) te verwezenlijken; 2. De oorspronkelijke doelstelling voor de woning­ bouw wordt al bijna gehaald met de realisatie van de eerste woningbouwplots. De doelstelling wordt naar verwachting ruim overtroffen uitgaande van het Consultatiedocument Waterkant; 3. De doelstelling om de basis te leggen voor een nieuw treinstation en verbetering van het OV is gehaald met het MIRT-besluit over de brug, een nieuwe tramverbinding en station Stadionpark; 4. De overige doelstellingen voor deelgebied 1 worden gehaald, indien de ambities in het consul­ tatiedocument worden waargemaakt; 5. De mate waarin de doelstellingen voor het hele gebied (dus inclusief deelgebied 2 en 3) worden bereikt, hangt af van de verdere uitwerkingen en eindrapportage september 2023

het daadwerkelijk tot stand komen van gebieds­ ontwikkeling in deelgebied 2 en 3. Met de brug en het station Stadionpark is wel een extra impuls ontstaan voor de ontwikkeling van met name deel­ gebied 3 (Stadiondriehoek) 6. De verrichte inspanningen voor Feyenoord City 1.0 hebben de basis gelegd om de eerder vastgestelde doelstellingen alsnog te bereiken: a. Verwervingen in deelgebied 1; b. Bereidheid eigenaren in deelgebied 2 en 3 om serieus na te denken over ontwikkeling mits dit financieel haalbaar is; c. Het gebied is op de kaart gezet als ontwikkel­ gebied. Dit heeft geleid tot toekenning van diverse subsidies en tot het particuliere initia­ tief Feyenoord XL.

‹

›

3. Nieuw stadion

33

eindrapportage september 2023

‹

›

Realisatie nieuw stadion 1. Doelen Dit projectonderdeel betrof de ontwikkeling en reali­ satie van het stadion met een capaciteit van 63.000 toeschouwers inclusief de concourse rond het stadion en de aansluitingen op de omgeving. De verantwoor­ delijkheid voor de planvorming en realisatie lag bij Stadion Feijenoord, BVO Feyenoord en de projec­ torganisatie stadion. In de Position Paper is geen expliciet doel voor het nieuwe stadion opgenomen. De voorwaarden met betrekking tot het stadion zien vrijwel alleen op de risicobeheersing van het gemeentelijk aandeel en de gemeentelijke erfpacht. Voor de gemeente was het doel van het nieuwe stadion het tot stand brengen van de gebiedsontwikkeling. Enerzijds als aanjager van de gebiedsontwikkeling langs de rivier, maar ook om de mogelijkheid tot een ontwikkeling van de Stadion­ driehoek (gebied rond De Kuip) met daarbinnen een aantrekkelijke buitenruimte te komen. De beoogde

34

ontwikkeling in de Stadiondriehoek zou mogelijk worden door het verplaatsen van de voetbal- en evenementenfunctie (en ook de 750 parkeerplaatsen) naar een nieuw stadion. In het publiek kader voor de gemeentelijke deelneming in het nieuwe stadion is dit concreet vastgelegd. De MKBA laat zien dat naast het op gang brengen van de gebiedsontwikkeling, aan het nieuwe stadion concrete baten toe te rekenen zijn met betrekking tot bezoekers en werkgelegenheid.

2. Realisatie Nadat de gemeenteraad de Position Paper had vastgesteld ging Stadion Feijenoord aan de slag. In oktober 2017 werd een speciale BV Nieuw Stadion opgericht, als dochteronderneming van Stadion Feijenoord NV. Het nieuwe stadion kende een eigen projectorganisatie.

eindrapportage september 2023

Stadion Feijenoord, BVO Feyenoord en de project­ organisatie stadion waren verantwoordelijk voor de resultaten om te komen tot een stadion met bouw­ kosten, financiering en een exploitatie die pasten bij de beoogde (robuuste) businesscase. De gemeentelij­ ke rol beperkte zich voornamelijk tot het toetsen aan de Position Paper, opstellen van en toetsen aan de ruimtelijke randvoorwaarden en vergunningverlening. In zijn algemeenheid leverde de gemeente ook inzet om het ontwerpproces, het gesprek met de omgeving en de relatie met het stadsbestuur goede invulling te geven. Verrichte activiteiten en realisatie Onderstaande tabel geeft de uitgevoerde werkzaam­ heden en opgeleverde resultaten weer sinds 2017 in het kader van Feyenoord City 1.0 en hoe die zich verhouden tot het vervolg van de gebiedsontwikkeling (Feyenoord City 2.0). Veel van deze werkzaamheden en resultaten zijn van geen waarde nu besloten is om geen nieuw stadion te bouwen.

‹

›

Realisatie nieuw stadion Tabel: activiteiten en resultaten Feyenoord City Nieuw Stadion

Feyenoord City 1.0

Feyenoord City 2.0

Ontwerp Structuur ontwerp

Niet langer van toepassing

Voorlopig ontwerp

Niet langer van toepassing

Definitief ontwerp

Niet langer van toepassing

Stedenbouwkundige uitwerking (onder meer rand Mallegatpark)

Niet langer van toepassing

Voorlopig ontwerp concourse

Niet langer van toepassing

Definitief Ontwerp landaanwinning en langsdam

Actualiseren in Ambitiedocument Waterkant

Rapportage duurzaamheid

Niet langer van toepassing

Diverse vergunningen landaanwinning en langsdam waterwetvergunning, omgevingsvergunningen

Hergebruik informatie en behoud afgesproken watercompensatie

Vergunningaanvraag en -beoordeling/begeleiding nieuw stadion

Niet langer van toepassing

Realisatie doelen Het deelproject nieuw stadion is stopgezet. Omdat de reservering op de beoogde locatie vervalt, zal er geen sprake meer zijn van een nieuw stadion in Feyenoord City. De bijbehorende doelen qua bezoekers en werk­ gelegenheid zullen niet worden behaald. Ook aan het op gang brengen van de gebiedsontwikkeling zal een nieuwe stadion geen bijdrage meer leveren.

Financieel/contractueel Driepartijen-overeenkomst

Is door gemeente en Stigam ontbonden

Ramingen bij faseovergangen

Niet langer van toepassing

Businesscase bij faseovergangen

Niet langer van toepassing

Investeringsmemorandum

Niet langer van toepassing

Diverse overeenkomsten, letters of intent, letters of comfort

Niet langer van toepassing

Selectie bouwpartner

Niet langer van toepassing

Concept-erfpachtovereenkomst

Niet langer van toepassing

Oprichting Stichting Landaanwinning in de Maas

Niet langer van toepassing

Concept-vierpartijenovereenkomst (mbt landaanwinning) Gemeentelijke deelneming

35

Publiek kader

Niet langer van toepassing

Concept aandeelhoudersovereenkomst

Niet langer van toepassing

Toets Deloitte

Niet langer van toepassing eindrapportage september 2023

‹

›

Realisatie nieuw stadion 3. Publiek-private samenwerking

Mijlpalen Wanneer

Wat

Wie

2017 Oktober

Inschrijving Nieuw Stadion BV bij KVK Informatiemarkt in De Kuip

stadion stadion

2018 Januari

PVE nieuwe stadion

feyenoord

Februari

Brugfinanciering Goldman Sachs

feyenoord

Juni

Nota van Uitgangspunten Nieuwe Feyenoord Stadion

college

December

Besluit vervolg planontwikkeling nieuw stadion

stadion, bvo

Perspresentatie nieuw stadion

stadion

2019 Maart April

Bouwpartner stadion geselecteerd Onafhankelijke toets businesscase nieuw stadion 2.0

stadion gemeente

September

Oplevering DO en aanvraag omgevingsvergunning

stadion

December

Besluit een jaar uitstel opening stadion

stadion, bvo

Mei

Herziene aanvraag omgevingsvergunning

stadion

September

Besluit maken Technisch ontwerp nieuw stadion

stadion

2020

April

Investeringsmemorandum nieuw stadion Vaststellen businesscase nieuw stadion

stadion, bvo stadion, bvo

Juli

Financial commitment onder voorwaarden

raad

November

Besluit tot heroverweging alternatieven stadion

bvo

Februari

Start haalbaar maken nieuw stadion

stadion

April

Stilleggen planontwikkeling nieuw stadion

bvo

De gemeentelijke rol bij de realisatie betrof het potentiële aandeelhouderschap, verlener van de omgevingsvergunning en erfpachtverlener. De gemeente volgde vanuit deze rollen de processen, toetste de producten en werkte met de betrokken partijen aan de contractvorming op de relevante onderwerpen. Ook hield de rol in dat de gemeente afspraken zou maken om de herontwikkeling van De Kuip te borgen. Stadion Feijenoord NV was verant­ woordelijk voor de herontwikkeling. In aanvulling op de overkoepelende governance (Hoofdstuk Overall, par 3) vond maandelijks een bestuurlijk overleg tussen gemeente en stadion plaats specifiek over het ontwikkelen van het nieuwe stadion aan de Maas. En later ook de herontwikkeling van De Kuip. Aan dit overleg namen de wethouder Grote Projecten en de directies van Stadion Feije­ noord en BVO Feyenoord deel. De bijeenkomsten werden voorgezeten door de wethouder. In deze bestuurlijke overleggen werd de voortgang en de volgende stappen besproken en werd informatie uit­ gewisseld over de interne besluitvorming bij partijen.

2022

36

eindrapportage september 2023

‹

›

Realisatie nieuw stadion 4. Kosten en baten De kosten voor de planontwikkeling voor het nieuwe stadion lagen primair bij Stadion Feijenoord als ont­ wikkelende partij. Stadion Feijenoord heeft daartoe in oktober 2017 een speciale BV Nieuw Stadion opge­ richt. De financiering vond deels uit eigen middelen plaats en deels uit financieringsafspraken met Gold­ man Sachs. De kosten voor de gemeente betroffen onder meer de kosten voor begeleiding, faciliteren en toetsing aan de bouwverordening. Tegenover deze kosten stonden opbrengsten in de vorm van leges. De gemeentelijke kosten maken onderdeel uit van de overall kosten als beschreven in hoofdstuk 2. Stadion Feijenoord heeft fors geïnvesteerd in de plannen voor het nieuwe stadion. Die investeringen zijn privaat en vallen dus buiten het bestek van deze rapportage. Op dit moment werkt Stadion Feijenoord aan herfinanciering van de lening van Goldman Sachs en het opstellen van een meerjarenbegroting voor het onderhoud aan De Kuip voor de komende tien jaar. De verantwoording van deze investeringen loopt via de jaarverslagen van Stadion Feijenoord en hun eigen verantwoordingslijn. De financiële situatie van Stadion Feijenoord heeft bij de gemeente wel geleid tot een voorziening in de begroting voor de (inmiddels in een aandeel omgezette) oude lening die in 1994 verstrekt is voor de toenmalige renovatie van De Kuip.

5. Participatie Het overleg met gebruikers, supporters, investeerders 37

en de omgeving over het realiseren van een nieuw stadion was primair de verantwoordelijkheid van Stadion Feijenoord en de BVO Feyenoord. De gemeen­ te adviseerde over het traject en droeg bij in relatie tot de gebiedsontwikkeling en andere onderdelen van Feyenoord City. De participatie met de omgeving liep gelijk op met de gebiedsontwikkeling vanwege de nauwe ruimte­ lijke samenhang en het daarbij behorende integrale karakter van de planvorming. De ontwerpaspecten en andere aspecten die impact hadden op de omgeving (zoals geluidsemissie van het stadion en kunstlicht) zijn onderwerp van participatie geweest. Het nieuwe stadion stond op de agenda van het reguliere voort­ gangsoverleg met vertegenwoordigers uit de omge­ ving en de projectdirecteur van het nieuwe stadion was standaard bij de bijeenkomsten aanwezig. De participatie van de supporters heeft in het begin van het proces tot input in het programma van eisen geleid. De projectleiding van het nieuwe stadion heeft ook tijdens het ontwerpproces informatiesessies georganiseerd en gesproken met supportersvertegen­ woordigers, waaronder de supportersvereniging FSV De Feijenoorder, over hun wensen in het nieuwe stadion (denk aan een supportersruimte). De BVO sprak in een regulier overleg met de supporters­ vereniging over de voortgang van het stadiondossier.

Op essentiële momenten in het besluitvormings­proces werden geïnteresseerde supporters en vertegen­ woordigers van Stadion Op Zuid actief gewezen op de wettelijke mogelijkheden van bezwaar en beroep. Soms maakten zij daar massaal gebruik van. eindrapportage september 2023

Naast het ontwerp speelden ook andere discussies een rol die van invloed waren op het draagvlak voor het nieuwe stadion zoals de businesscase, het seating plan en de risico’s en opbrengsten voor de BVO. On­ danks aandringen vanuit de gemeente is het gesprek hierover met supporters en andere bij het oude en nieuwe stadion betrokken partijen niet goed op gang gekomen. Dat is het draagvlak voor het nieuwe stadion, niet ten goede gekomen.

6. Risicobeheersing De gemeente zou als aandeelhouder een privaat belang in het stadion nemen. Aan de deelname aan het eigen vermogen zijn in de Position Paper specifie­ ke randvoorwaarden gekoppeld over maximalisering van de gemeentelijke deelname en het gemeentelijk risicoprofiel. De voornaamste risico’s ten aanzien van het stadion waren: Financiering komt niet rond, vanwege uiteinde­ lijke businesscase. Onderwerpen die hier een grote invloed op hebben zijn ontwikkeling van de rentestand, ontwikkeling in de bouwprijzen en stichtings- en onderhoudskosten behorend bij het definitieve ontwerp van het stadion (beheers­ maatregelen gemeente zijn beperkt, behalve het meesturen op het ontwerp) Dit risico dat volledig bij het stadion lag, heeft zich uiteindelijk voltrokken. Dit betrof met name het stijgen van de bouwkosten in de post-coronaperi­ ode. De weerslag van de stijgende bouwkosten op de financiering en de businesscase en de onzekere vooruitzichten voor de nabije toekomst waren de

.

‹

›

Realisatie nieuw stadion belangrijkste redenen om de planontwikkeling stil te leggen. Voor het aandeelhouderschap van de gemeente heeft dit verder geen gevolgen gehad, want daar is het niet van gekomen.  De bouwkosten zijn (net als de financiering) een constant aandachtspunt gedurende het hele proces geweest. De verantwoordelijkheid voor dit onderwerp lag bij Stadion Feijenoord en de Pro­ jectorganisatie Nieuw Stadion.. De private projec­ torganisatie heeft dit risico proberen te beheersen door het vroegtijdige betrekken van een bouw­ partner, het continu laten ramen van de ontwerpen door een derde (externe) partij, het sturen op de kosten tijdens het ontwerp en het opnemen van een op basis van het ontwerp berekenden indexa­ tie. Ondanks het inzetten van deze beheersmaat­ regelen, hebben de onverwachte kostenstijgingen op de bouwmarkt ertoe geleid dat BVO Feyenoord heeft ingeschat dat een stadion niet binnen de kaders van de businesscase realiseerbaar was.

. Risicoprofiel gemeente verschuift: dit kan door aanpassingen in de waterval of andere, nog niet voorziene maatregelen waarbij de positie van de aandeelhouders verslechterd, bijvoorbeeld door eisen van andere financiers (beheersmaatregel: vasthouden aan Position Paper) In de aanloop naar het uiteindelijke voorstel (het Investeringsmemorandum) is hier uitvoerig over gesproken. Uiteindelijk bleek het gemeentelijke risicoprofiel (ook naar het oordeel van Deloitte) binnen de randvoorwaarden van de Position Paper te liggen. De risicoaanpak heeft het risico voor de 38

gemeente adequaat beheerst, maar heeft het niet doorgaan van het project niet kunnen voorkomen. De voorwaarden in de Position Paper over de deelneming van de gemeente die mede ten doel hadden om toekomstige risico’s voor de gemeente te voorkomen, hebben hun werk gedaan.

. Het ontwerp voldoet niet aan het publiek belang van de gemeente Geconstateerd kan worden dat de beheersmaat­ regelen, zoals vasthouden aan de Position Paper, vaststellen van de Nota van Uitgangspunten, sturen in het ontwerpproces, advisering door het Q-team en veel overleg, goed hun werk hebben gedaan om te zorgen dat voldaan werd aan het publiek belang in het geval het stadion was gerea­ liseerd. Het ontwerp en de inpassing in de gebieds­ ontwikkeling en langs de rivier van het vergunde project is positief beoordeeld door het Q-team.

. Erfpachtcontract: de positie in de waterval wordt door de andere financiers niet erkend De beheersmaatregel om vast te houden aan positie als opgenomen in de Position Paper heeft goed gewerkt. De voorwaarde is niet ter discussie gesteld.

7. Beëindiging nieuw stadion Op 6 december 2022., bij het aanbieden van de 9e voortgangsrapportage van Feyenoord City, heeft het college aan de raad gemeld niet langer een bouwplot voor een nieuw stadion te reserveren en te starten eindrapportage september 2023

met een planontwikkelingsproces zonder een nieuw stadion. Dat besluit heeft het college genomen na het bestuurlijk overleg met de belangrijkste stakeholders (BVO Feyenoord, Stadion Feijenoord en Stichting Gebiedsontwikkeling aan de Maas) op 28 november 2022. In dit bestuurlijk overleg is geconcludeerd dat BVO Feijenoord en Stadion Feijenoord een nieuw stadion niet op korte termijn kunnen realiseren. Ook op langere termijn (10 jaar) konden de partijen daarover geen duidelijkheid verschaffen. De gestegen bouwkosten (en ook de onzekerheid over de ontwik­ keling daarvan) en de verdere onduidelijkheid op de financiële markten lagen hieraan ten grondslag. Gezien het gewenste tempo van de gebiedsontwikke­ ling (en met name de woningbouw) was juist op korte termijn duidelijkheid gewenst en was het besluit van het college om de plot niet langer te reserveren voor het stadion, onvermijdelijk. Na dit besluit is de samenwerking met Stadion Feijenoord opgezegd en de Driepartijen-overeenkomst door Stigam en ge­ meente ontbonden.

8. Conclusies Het nieuwe stadion is niet gerealiseerd en zal ook nooit meer gerealiseerd worden. Als onderdeel van de gebiedsontwikkeling wordt nog wel gebruik gemaakt van de voornemens voor de langsdam en de landaan­ winning (al dan niet in een aangepast vorm). De di­ recte activiteiten voor het nieuwe stadion zijn helaas van geen waarde meer en de direct aan het nieuwe stadion gekoppelde doelen zijn dus ook niet gehaald.

‹

›

4. Mobiliteits­ aanpak

39

eindrapportage september 2023

‹

›

Mobiliteitsaanpak 1. Doelen

2. Realisatie

Het door de raad in mei 2017 vastgestelde Mobiliteitsplan Feyenoord City vormt het startpunt van de uitwerking van maatregelen. In het Mobiliteits­ plan zijn de hoofddoelen: a. Faciliteren van de gebiedsontwikkeling Stadionpark met bijbehorend nieuw stadion. b. Beperken van de huidige overlast.

Verrichte activiteiten en realisatie Hieronder staan de verrichte activiteiten en gereali­ seerde projecten. Anders dan bij Gebiedsontwikkeling en Nieuw Stadion is er op dit moment geen eendui­ dige relatie tussen Feyenoord City 1.0 en Feyenoord City 2.0. Voor de uitvoering is in de afgelopen periode altijd bewust gekozen voor de ‘no regret’- projecten die ook zonder nieuw stadion van nut zijn. In het Masterplan Feyenoord City 2.0 zal opnieuw bekeken worden hoe verdergegaan wordt met het onderwerp mobiliteit.

In paragraaf 3.5 van de Position Paper is benoemd dat een goede bereikbaarheid essentieel is voor: a. Het functioneren van het gebied in het algemeen en het nieuwe stadion in het bijzonder b. De bereikbaarheid van omliggende gebieden en de stad als geheel, gezien de door en langs het gebied lopend infrastructuur c. Het voorkomen van parkeeroverlast in de om­ liggende wijken. Belangrijke onderdelen van de strategie om de doel­ stellingen te bereiken zijn spreiding van bezoekers (modal split, peak shaving en ontvlechting), het bor­ gen van doorstroming en een veilige verkeerssituatie. De gemeente realiseert een pakket aan mobiliteits­ maatregelen en werkt de maatregelen voor het tegengaan van parkeren in de wijken uit. Feyenoord is verantwoordelijk voor alle inspanningen die te maken hebben met gedragsbeïnvloeding van hun bezoekers. Met behulp van het mobiliteitscontract sturen ge­ meente en Feyenoord op de voortgang.

40

De volgende inspanningen zijn sinds 2017 gedaan om te doelstellingen voor mobiliteit te bereiken: Algemeen - Basisovereenkomst Mobiliteit - Opstellen en uitwerken mobiliteitsplan in jaarlijkse mijlpalen - Jaarlijkse actieplannen - Jaarlijkse monitoringsrapportages - Klankbordgroep Mobiliteit

.

. Maatregelen mobiliteitsprogramma gemeente

- Realisatie omklappen tramhaltes Stadionweg - Realisatie Keerlus Wilhelminaplein - Realisatie steiger + wachtruimte vervoer over water Piet Smitkade - Realisatie herinrichting Olympiaweg-zuid inclusief busparkeren - Realisatie P+R Noorderhelling - Voorbereiden Verlengde Colosseumweg en tramhaltes Laan op Zuid (in uitvoering als onder­ deel van Roseknoop) - Voorbereiden Roseknoop (onderdeel van Feyenoord City voordat het vanwege scope-uit­ breiding zelfstandig project werd) - Voorbereiding halte OV-over water Rivium (daadwerkelijke voorbereiding en realisatie door MRDH en gemeente Capelle aan de IJssel) - Verkenning mogelijke locaties vervoer over water aan herkomstzijde (elders in Rotterdam/ regio) - Voorbereiding busparkeren Colosseumweg - Voorbereiding traverse spoor (ter hoogte van Riederlaan) - Verkenning en voorbereiding uitbreiding P+R Beverwaard plus aanpassing kruising Groeninx van Zoelenlaan

De maatregelen van de gemeente in het mobili­ teitsprogramma beoogden om het comfort van de reiziger te vergroten en daarmee de modal split positief te beïnvloeden. Hieronder staan niet alleen de werkzaamheden die door de gemeente zijn uitgevoerd maar ook de activiteiten voor parkeren van bussen in de openbare ruimte waar de Stich­ ting Gebiedsontwikkeling aan de Maas formeel voor verantwoordelijk was: eindrapportage september 2023

‹

›

Mobiliteitsaanpak . Maatregelen parkeerbeleid gemeente

. Maatregelen door Stadion Feijenoord:

Afgelopen jaren is in diverse wijken betaald parkeren ingevoerd of zijn de tijden uitgebreid (ook in de avond of specifiek tijdens evenementen in De Kuip). Deze parkeermaatregelen zijn niet vanuit Feyenoord City geïnitieerd, maar dragen wel bij aan de doelstellingen. Het betreft onder andere het parkeerregime in de wijken Feijenoord, Hillesluis en Bloemhof.

- Aanstelling mobiliteitsmanager - Extra fietsparkeervoorzieningen - Inzet bewaakte fietsenstalling - Inzet P+R Beverwaard -  Inzet parkeren op afstand met aansluitend vervoer bij evenementen en interlands (o.a. Ahoy) - Inzet georganiseerd busvervoer - Voorbereiding extra afspraken met NS - Voorbereiding op extra afspraken met RET - Nieuwe verkeersregeling Veranda - Integratie mobiliteit in ticketverkoop - Inrichting mobiliteitscentrum in stadion - Peakshaving-activiteiten rond wedstrijden en evenementen

Veel aandacht is gegaan naar de parkeersituatie op de Veranda. De zoektocht naar een balans tussen een maatregel (passend binnen het ge­ meentelijk beleid) die de parkeerplaatsen beschik­ baar houdt voor de bewoners en (bezoekers van) ondernemers en de overlast tijdens evenementen beperkt, is intensief geweest. Uiteindelijk is een proef met parkeerduurbeperking op de Veranda uitgevoerd. Vanwege de coronacrisis is de proef enkele malen stilgelegd en weer vervolgd. Uitein­ delijk bleek een paar maanden voor de nieuwe einddatum van de proef uit nieuwe jurisprudentie dat de maatregel juridisch gezien niet kon worden gehandhaafd. De proef is daarom beëindigd. Als alternatief wordt nu nagedacht over een progres­ sief parkeertarief. Daarnaast is in de eerste helft van 2023 gewerkt aan de invoering van betaald parkeren in het noor­ delijk deel van IJsselmonde. Enkele weken voor de beoogde invoeringsdatum op 1 juni 2023 is echter besloten de invoering uit te stellen.

41

Mijlpalen 2017

Wat

Wie

Mei

Vaststelling mobiliteitsplan

raad

April

Basisovereenkomst mobiliteit

college

September 2019 April

Ondertekening mobiliteitscontract Vaststelling 1e actieplan mobiliteit Wat 1e monitoringsrapportage mobiliteit Vaststelling 2e actieplan mobiliteit

gemeente, feyenoord gemeente, feyenoord Wie stadion, gemeente stadion, gemeente

Juni

Vaststelling 3e actieplan mobiliteit

stadion, gemeente

2021

Wat

Wie

Januari

Start bouw Gamma en P+R Noorderhelling

private partij

Juni

Aanpak parkeerregulering Feyenoord City

college

2022

Wat

Wie

Februari

Opening P+R Noorderhelling

gemeente

eindrapportage september 2023

‹

›

Mobiliteitsaanpak

b. Peakshaving: 1. Voor aanvang van wedsstrijden en evenemen­ ten zijn hier goede stappen gezet 2. Na afloop bleek dit moeilijk, mede gezien het tijdstip en de beperkte faciliteiten in het stadion. c. Ontvlechting: 1. De stappen op dit vlak waren pas echt voorzien bij het nieuwe stadion. De einddoelstelling is niet gehaald. De uitgevoerde werkzaamheden leiden volgens de monitoring welis­ waar tot minder ongereguleerd parkeren maar er is nog steeds sprake van overlast rond evenementen.

5. Participatie

Tabel: Ongereguleerd parkeren 50% 40%

10%

2022

0% av on d

do

or de w ee

ks e

la

2019

in te r

20%

ag

2018

nd ni et -v oe tb al

30%

zo nd ag m id d

Realisatie doelen Er zijn stappen gezet op weg naar het behalen van de doelen. Op basis van de laatste monitoringsrapportage uit 2022 kan het volgende geconcludeerd worden: a. Modal split: 1. Toename van vervoer met fietsen en scooters 2. Meer parkeren op afstand (weliswaar nog be­ perkt bij Feyenoord-wedstrijden, maar succes­ vol bij interlands en evenementen) 3. Het gebruik van OV nam toe 4. Georganiseerd busvervoer is ingezet, maar kende een beperkt gebruik en is vanwege de kosten inmiddels gestopt. 5. Betaald parkeren in de omgeving wordt pas de komende jaren daadwerkelijk ingevoerd.

3. Publiek-private samenwerking De samenwerking is vastgelegd in de Basisovereen­ komst Mobiliteit. Onderdeel hiervan is een overleg­ structuur met als onderdeel daarvan een Bestuurlijk Overleg Mobiliteit tussen de verantwoordelijk wet­ houder en directeur Stadion Feijenoord. In dit overleg werden de monitoring en het volgende actieplan vastgesteld. Daarnaast was er periodiek overleg tussen de overall projectmanager Feyenoord City en directeur stadion Feijenoord. Over het actieplan en de daarin vastgelegde maatregelen is er regulier overleg geweest tussen de mobiliteitsmanager en de verant­ woordelijken binnen de gemeente.

4. Kosten en baten Zie Paragraaf Financieel van Hoofdstuk Overall. 42

eindrapportage september 2023

De Klankbordgroep Mobiliteit Feyenoord City, waar­ aan zowel omwonenden, ondernemers als supporters deelnamen, heeft meermaals meegedacht en input geleverd over mobiliteitsonderwerpen. Daarnaast maakte mobiliteit onderdeel uit van de brede partici­ patie (zie ook Hoofdstuk Overall, paragraaf Participa­ tie). Samen met de mobiliteitsmanager van Stadion Feijenoord zijn vele bijeenkomsten bezocht, onder andere bij de verschillende wijkraden van omliggende gebieden. In het Voortgangsoverleg Feyenoord City was mobiliteit een vast agendapunt dat toegelicht werd door de mobiliteitsmanager van Stadion Feijen­ oord. Met de Stichting BewonersBelangen Veranda is intensief gezocht en geëxperimenteerd om de mobili­ teitsoverlast in die wijk terug te dringen. Een aantal van de door de BBV voorgestelde aanpassingen wordt nog altijd bij evenementen in De Kuip toegepast.

6. Risicobeheersing Voor het onderdeel mobiliteit werden in de Basisrap­ portage de volgende risico’s en bijbehorende beheers­ maatregelen onderscheidden: De doelstellingen met betrekking tot gedragsver­ andering (modal split, peak shaving) worden niet gerealiseerd. De beheersmaatregelen waren een mobiliteitscontract met voldoende prikkels voor Feyenoord, tijdig signaleren en bijsturen in de samenwerking met Feyenoord, inbrengen gemeentelijke kennis en kunde en extra 2500 parkeerplaatsen conform amendement als terugvaloptie.

.

‹

›

Mobiliteitsaanpak De risicobeheersing heeft zijn werk gedaan. In de aanloop naar een mogelijk nieuw stadion heeft Stadion Feijenoord en BVO Feyenoord diverse activiteiten ontplooid op basis van de jaarlijkse ac­ tieplannen die hebben bijgedragen aan de modal split en peak shaving. De effecten zijn aangetoond door de monitoringsrapporten. Vanwege de coro­ namaatregelen en de periodes van evenementen zonder publiek was het moeilijk de ingezette lijn te continueren. Dit risico was vooraf uiteraard niet ingeschat. De Basisovereenkomst Mobiliteit en de bijbehorende bonus/malusregeling heeft een sti­ mulerend invloed gehad. Op een aantal aspecten bleek gedragsverandering makkelijker (transitie naar fiets, opkomst deelmobiliteit) en op andere aspecten weerbarstiger (peak shaving na afloop, georganiseerd busvervoer, extra trams gezien de beperking van de stroomcapaciteit).

. Het gemeentelijk programma wordt niet binnen de randvoorwaarden van tijd en geld gerealiseerd. De beheersmaatregelen waren reguliere projectsturing met tijdige bijsturing indien noodzakelijk, specifiek risicomanagement voor mobiliteitsprogramma en de daarin opgenomen gemeentelijke projecten, tijdige afspraken met andere partijen als ProRail en goede afstemming van projecten op overige projecten in de stad.

planning van het nieuwe stadion. De planning van het gemeentelijke mobiliteitsprogramma was steeds onderdeel van de integrale planning zodat de vervoersaspecten op orde zouden zijn bij de opening van het nieuwe stadion.

. Onvoldoende draagvlak voor programma en/of maatregelen om parkeren in de wijken tegen te gaan. De beheersmaatregelen waren vroegtijdig participatie, zowel voor het hele programma als voor de indivi­duele maatregelen, bij participatie duidelijk maken wat voor specifieke wijken de mogelijke impact is en met omgeving bepalen hoe daar mee om te gaan qua maatregelen. De beheersmaatregelen zijn uitgevoerd. Het draagvlak voor de uitvoering van het mobiliteit­ sprogramma was in de omgeving het algemeen groot. Parkeermaatregelen hebben voortdurend discussie opgeleverd om een balans te vinden tus­ sen de belangen van bewoners en ondernemers.

In de basisovereenkomst is afgesproken dat als het nieuwe stadion niet zou doorgaan nieuwe mijlpalen en acties worden geformuleerd om de doelstellingen te realiseren. De verdere invulling van deze contractuele afspraak is vanwege personele wisselingen bij Stadion Feijenoord en de benodigde aandacht voor het onderhoud van het stadion nog niet uitgewerkt. Dit zal in het najaar van 2023 plaatsvinden, waarbij ook het vervolg van de gebiedsontwikkeling en de impact van Station Stadionpark en de brug en tram­ verbinding Kralingse Zoom-Zuidplein zal worden meegenomen. Daaraan gekoppeld zal ook het Mobili­ teitsprogramma Feyenoord City worden herzien, gericht op de nieuwe mobiliteitsaanpak en het tot stand brengen van de gebiedsontwikkeling Feyenoord City 2.0. Bij Masterplan Feyenoord City 2.0 wordt dit aan de gemeenteraad ter besluitvorming voorgelegd.

8. Conclusies De einddoelstellingen zijn niet gehaald. Wel is er de start van de gewenste verschuiving in modal split en afname van ongereguleerd parkeren te zien. Ook is er aandacht voor peak-shaving, maar is dit (met name na afloop van wedstrijden) moeilijk te realiseren met de beperkingen van De Kuip Het verder verbeteren van de organisatie van mobiliteit rond evenementen behoeft in de komende periode aandacht, waarbij het positief is dat Stadion Feijenoord sinds enige jaren een mobiliteitsmanager heeft die hier expliciet voor verantwoordelijk is.

De gerealiseerde projecten in het gemeentelijke programma zijn tot op heden binnen het voor die projecten beschikbare budget gerealiseerd. Qua tijd zijn sommige maatregelen bewust in de tijd opgeschoven in navolging van wijzigingen in de 43

7. Vervolg

eindrapportage september 2023

‹

›

5. Sociaal Economisch Programma

44

eindrapportage september 2023

‹

›

Sociaal Economisch Programma 1. Doelen Scope In het Sociaal Economisch Programma (SEP) zijn de maatschappelijke ambities van Feyenoord City benoemd. Hierbij werd sport ingezet als vliegwiel voor vernieuwing en ontwikkeling van de maatschappelij­ ke inzet voor de bewoners van Rotterdam-Zuid. Deze maatschappelijke inzet vanuit Feyenoord vormde voor de gemeente een belangrijke voorwaarde voor deelname aan Feyenoord City. Het SEP omvatte doelstellingen voor werkgele­ genheid, opleidingen, stages en sportparticipatie. Feyenoord was verantwoordelijk voor de realisatie van de doelstellingen uit het SEP. De gemeente had een toetsende en faciliterende rol. De afspraken zijn vastgelegd in Basisovereenkomst Sociaal Economisch Programma Feyenoord, die Feyenoord (BVO en stadi­ on) en de gemeente op 6 maart 2019 hebben onder­ tekend. In een later stadium heeft ook de stichting Gebiedsontwikkeling aan de Maas zich aan de doelen van het SEP gecommitteerd. Doelen De doelen van het SEP zijn op hoofdlijnen benoemd in de Position Paper en geoperationaliseerd in de Basis­ overeenkomst van maart 2019. Hierin zijn de volgende doelen geformuleerd, met een looptijd van 10 jaar: Multisportclub: het ontwikkelen van een multi-­ sportclubclub Feyenoord waarin naast voetbal meerdere takken van sport worden bedreven, met over 10 jaar 100.000 betrokken deelnemers, waar­ van 10.000 nieuwe sporters.

.

45

. Clubhuizen/Hubs: het realiseren van 3 tot 5

. Sportexperience: ontwikkelen van een wereldwijd

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=2bed4bc2-0c3d-4c7c-b970-3bd6d5020a57