[23bb006601] Bijlage behorende bij 23bb6600 - convenant veiligheid in en om de scholen (23bo007543)
Tekst van het document
Convenant Veiligheid in en om het onderwijs 2023-2027
2
Inhoud
Voorwoord 6 1. Rotterdams convenant Veiligheid in en om het onderwijs 1.1 Vertegenwoordigers 1.2 Uitgangspunten
7 7 7
2. Doelstellingen
8
3. Privacybepaling
9
4. De rol en taken van de convenantpartners 4.1 De rol van de school 4.2 De rol van de gemeente 4.3 De rol van de politie 4.4 De rol van het Openbaar Ministerie (OM) 4.5 De rol van stichting Halt 4.6 De rol van stichting JOZ
10 10 11 12 13 13 13
5. Samenwerking en afstemming 5.1 Blijvend kritisch en innovatief
15 15
6. Overige bepalingen
16
7. Ondertekening
17
Bijlage 1 Na de schok… Informatie voor scholen en leerkrachten
19
Bijlage 2 Checklist controle op wapenbezit in en rond scholen
45
Bijlage 3 Leidraad bij seksueel grensoverschrijdend gedrag: Zo klein als mogelijk, zo groot als nodig
63
Beeld: Gerard van Roon
3
4
Voorwoord Convenant Veiligheid in en om het onderwijs 2023-2027 Met de meeste Rotterdamse jongeren gaat het goed. Sommige leerlingen en studenten hebben net een zetje extra nodig om tot optimale ontwikkeling te komen. Sociale, digitale en fysieke veiligheid is een cruciale voorwaarde voor succesvolle schoolcarrières van leerlingen en studenten. Het is daarom belangrijk dat zowel leerlingen en studenten als het onderwijspersoneel zich veilig voelen in en rondom de Rotterdamse onderwijslocaties. Hier wordt al langere tijd stevig op ingezet. Voorbeelden zijn schoolveiligheidsplannen, pestprotocollen, vertrouwenspersonen en het registreren en behandelen van incidenten. Tegelijk zien we dat de samenleving complexer wordt. De ondertekenaars van dit convenant delen gezamenlijk de zorgen over een beperkte groep leerlingen en studenten met wie het niet vanzelf goed gaat. De betrokken partijen hebben een gezamenlijk belang bij het creëren en in stand houden van een veilige school, het welzijn en de veiligheid van de leerling/student en het personeel. Met het ondertekenen van dit convenant1 leggen we een goede basis voor onze integrale samenwerking om preventief en betekenisvol te kunnen interveniëren, vroegtijdig te signaleren en onze gezamenlijke informatiepositie te verbeteren.
Door ondertekening van dit convenant maken de partners kenbaar als stad samen te werken aan een veilig schoolklimaat en schoolomgeving. Iedere organisatie draagt hieraan bij vanuit de eigen taken, bevoegdheden en mogelijkheden. Dit houdt in dat de scholen hun interne regelgeving en sanctiebeleid uitvoeren op basis van de Wet Sociale veiligheid op school2. Genoemde betrokken partijen ondersteunen scholen hier zoveel mogelijk bij.
1
Dit convenant bevat een eerste set aan afspraken, die later aangescherpt kunnen worden.
2
O p 4 juni 2015 zijn enkele onderwijswetten gewijzigd in verband met het invoeren van de verplichting voor scholen om zorg te dragen voor de veiligheid op school, Staatsblad 2015, 238.
5
1. Rotterdams convenant Veiligheid in en om het onderwijs 1.1 Vertegenwoordigers De onderstaande vertegenwoordigers van de partners3 ondertekenen dit convenant en stemmen in met de gemaakte afspraken: ■ Ahmed Aboutaleb (gemeente Rotterdam) ■ Said Kasmi (gemeente Rotterdam) ■ Marloes de Vries (bestuurder Zadkine) ■ Ron Kooren (bestuurder Albeda) ■ Petra van Lange (bestuurder STC) ■ Rob Hoogstraaten (bestuurder Grafisch Lyceum Rotterdam) ■ Bob de Baedts (bestuurder BOOR) ■ Lorenzo Civile (bestuurder LMC-VO) ■ Marc Mittelmeijer (bestuurder CVO) ■ Marieke de Kreek-Haven (algemeen directeur Yulius Onderwijs) ■ Frank van Hout (regiodirecteur Yuverta) ■ Arjen van Kralingen (bestuurder Hoornbeeck) ■ Paul Oomens (bestuurder HMC) ■ Arco van Wessel (bestuurder de Passie) ■ Melle de Vries (bestuurder GSR) ■ Ties Kragten (plv.
rector Montessori Lyceum Rotterdam) ■ Martijn van Kordelaar (bestuurder iHUB) ■ Erik van Hoogteijlingen (bestuurder Laurens Lyceum) ■ Richard Troost (bestuurder Avicenna College) ■ Raoul Majewski (bestuurder stichting KAVOR) ■ Artho Jansen (bestuurder Vrije School) ■ Leendert van Wezel (bestuurder Driestar-Wartburg) ■ Fred Westerbeke (politiechef Rotterdam) ■ Janet Ten Hoope (directeur- bestuurder Stichting Halt) ■ Guilherme Carinhoza da Graca (directeur Stichting JOZ) De onderstaande vertegenwoordiger van de partner ondertekent dit convenant voor gezien: ■ Hugo Hillenaar (Hoofdofficier van Justitie Arrondissementsparket Rotterdam)
1.2 Uitgangspunten zijn dat: ■ Het gemeentebestuur verantwoordelijk is voor de ontwikkeling en uitvoering van een integraal veiligheidsbeleid in haar gemeente. ■ De school en/of schoolbesturen4 verantwoordelijk zijn voor een veilige onderwijs- en werkomgeving voor leerlingen, medewerkers, studenten en derden die de school bezoeken. ■ De politie belast is met de handhaving van de openbare orde onder verantwoordelijkheid van het bevoegd gezag. ■ Het Openbaar Ministerie verantwoordelijk is voor de strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde. ■ Stichting Halt een gemeentelijke opdracht heeft met aanbod ter preventie en voorkoming van recidive. ■ Stichting JOZ verantwoordelijk is voor de uitvoering van de opdracht ‘Grenzenstellend Jongerenwerk’ in opdracht van de gemeente Rotterdam. Deze opdracht is onderdeel van het Rotterdams veiligheidsbeleid en heeft tot doel een bijdrage te leveren aan het voorkomen van overlastgevend- en crimineel gedrag van Rotterdamse jeugd op straat, op school en online, door het versterken van sociaal-emotionele vaardigheden.
6
2. Doelstellingen De doelstelling van dit convenant is het hebben en behouden van een veilig klimaat in en om de school. Dit realiseren we door: Preventief beleid, ter voorkoming van incidenten ■ Gezamenlijk werken aan een veilig schoolklimaat en veilige schoolomgeving. ■ Herkennen van de signalen van ondermijning en het tijdig voorkomen van normafwijkend gedrag en schooluitval. ■ Zorgwekkend gedrag van en zorgwekkende omstandigheden rond leerlingen/studenten vroegtijdig signaleren en aanpakken. ■ Versterken van de weerbaarheid van leerlingen en studenten om slachtoffer- en daderschap (jonge aanwas) te voorkomen. ■ Een stevig preventief beleid met aandacht voor het versterken van beschermende maatregelen én tegengaan van risicofactoren van delinquent gedrag. Curatief beleid, ter voorkoming van verdere escalatie in geval van incidenten ■ Bestrijden van overlast, vandalisme en criminaliteit in en om de school. ■ Repressie inzetten waar nodig. Strafbare handelingen tegen personeel, leerlingen/studenten, bezoekers, omwonenden en/of eigendommen worden niet geduld. Partners in dit convenant zetten zich volledig in om een bijdrage te leveren aan het herstellen van de openbare orde, veiligheid en/of integriteit van personen en goederen. ■ Een goedwerkende keten vormen van signalering, analyse en opschaling van zorg- en veiligheidsvraagstukken rond individuele leerlingen/studenten.
Hierbij zetten de partners in dit convenant zich in om het onderwijs actief te betrekken in casuïstiek, waarmee het onderwijs een bijdrage kan leveren aan een integrale aanpak van individuen met als doel om de kans op schoolsucces van leerlingen en studenten te vergroten. ■ We verkennen gezamenlijk de voorwaarden, waaronder uitwisseling van persoons- en/of politiegegevens met het oog op de privacy van de betrokkene zo veilig mogelijk is, rekening houdend met het wettelijk kader. Dit ten behoeve van samenwerking in casuïstiek. ■ We volgen ontwikkelingen ten aanzien van gegevensdeling in andere gemeenten, op het gebied van weten regelgeving, volgen de jurisprudentie en de uitspraken van de Autoriteit Persoonsgegevens (AP). ■ Integraal samenwerken met de partners in het convenant én andere partijen in het onderwijs-, zorg- en veiligheidsdomein. Registratie en evaluatie ■ Werken aan innovatie en doorontwikkeling van de aanpak door samenwerking en kennisuitwisseling en in het algemeen kritisch oog voor verbetermogelijkheden van de aanpak. Partijen werken vanuit het gezamenlijke belang van veiligheid in en om de school. Zorgen voor korte lijnen: per partij, op centraal en op lokaal niveau één contactpersoon, die intern kan schakelen met te betrekken personen/afdelingen.
D eze partners zijn in de eerste instantie betrokken, andere relevante partners kunnen indien wederzijds gewenst later aansluiten. School en of schoolbestuur: deze worden wisselend gehanteerd in dit convenant. Afhankelijk van de organisatie/context is dit een taak van de school en/of het schoolbestuur. 3
4
7
3. Privacybepaling Dit convenant is géén grondslag voor het verstrekken van persoons- en/of politiegegevens tussen de deelnemende partijen. Zij zijn gehouden aan de voor hen geldende wet- en regelgeving. Geldende wet- en regelgeving en kaders Hier is opgesomd de geldende wet- en regelgeving en kaders die relevant zijn ten aanzien van de rol en taken van diverse partners ten aanzien van de sociale, fysieke en digitale veiligheid en relevant zijn voor de in dit convenant opgenomen bepalingen: -
-
-
-
8
Het schoolbestuur is gehouden aan de van toepassing zijnde onderwijswet- en regelgeving en vanuit de Arbowet verantwoordelijk voor de veiligheid, gezondheid en het welzijn van werknemers. Zoals opgenomen in de onderwijswetten (art. 4c WPO, art. 3.40. WVO 2020 en art. 5a WEC) en de Arbowet. De politie heeft tot taak in ondergeschiktheid aan het bevoegd gezag en in overeenstemming met de geldende rechtsregels te zorgen voor de daadwerkelijke handhaving van de rechtsorde en het verlenen van hulp aan hen die deze behoeven. Specifiek voor de samenwerking metscholen gelden de richtlijnen in de Kadernotitie Politie en Schoolveiligheid van de Nationalepolitie (2016) en de politie is daarbij gehouden aan de Wet politiegegevens (Wpg) en het Besluit politiegegevens (Bpg). Het Openbaar Ministerie is verantwoordelijk voor het opsporen en vervolgen van strafbare feiten en is gehouden aan de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens (Wjsg) en de Aanwijzing verstrekking van strafvorderlijke gegevens voor buiten de strafrechtspleginggelegen doeleinden; De gemeente heeft de regierol op het lokaal veiligheidsbeleid. Om dit goed in te vullen, is het integraal veiligheidsplan (IVP) van belang. Artikel 38b Politiewet bepaalt dat gemeenten minimaal eens in de vier jaar (in een IVP) doelen vaststellen op het terrein van veiligheid.
De belangrijkste veiligheidsopgaven van de gemeente Rotterdam en partners zijn beschreven in de veiligheidskoers 2023-2027. De gemeente, de schoolbesturen, politie, stichting JOZ en Stichting Halt zijn daarbij gehouden aan de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG).
4. De rol en taken van de convenantpartners In dit hoofdstuk zijn de rol en taken van de convenantpartners opgesomd in relatie tot de doelen die dit convenant nastreeft. De rol en taken zijn niet limitatief.
4.1 De rol van de school Contactpersoon ■ De school of het schoolbestuur wijst een persoon aan die tot taak heeft dit convenant uit te voeren en die optreedt als contactpersoon voor de andere partijen in dit convenant. Bekendheid en borging van het convenant ■ Binnen de school en/of het schoolbestuur is duidelijk wie de contactpersoon is voor het convenant en tot wie men zich wendt bij vragen en/of problemen bij veiligheid in de school. ■ Elke school is wettelijk verplicht om een veiligheidsplan op te stellen. Bepalingen in dit convenant sluiten zoveel mogelijk aan op het schoolveiligheidsplan ingevolge de Arbowet en de Wet Veiligheid op school. Preventie ■ De school spant zich in om strafbare handelingen, overlast en andere aantastingen van de veiligheid in en rond de school te voorkomen. Zij bespreekt onderwerpen met leerlingen/studenten, onderwijspersoneel en indien relevant met ouders. Hiervoor kan de school contact onderhouden met (veiligheids-) partners. De contactpersoon/veiligheidscoördinator van de school kan, wanneer de situatie daarom vraagt periodiek overleggen met de aangewezen contactpersoon/wijkagent van de politie. Gezamenlijk gaan zij na of (aanvullende) maatregelen nodig zijn.
■ Wanneer de situatie daarom vraagt biedt de school een overzicht van de diverse mogelijkheden van aangifte doen, melding maken en/of de wijkagent consulteren (de wijkagent denkt mee in het vinden van een passende follow-up/oplossing). ■ De school heeft een protocol hoe om te gaan met seksueel grensoverschrijdend gedrag door scholieren, personeel en onderwijsondersteunend personeel5. ■ De school mag de politie vragen om op de achtergrond aanwezig te zijn bij preventieve controles, bijvoorbeeld op wapenbezit of vuurwerk. De politie heeft een verantwoordelijkheid op het moment dat er sprake (of een vermoeden) is van bijvoorbeeld illegaal wapenbezit.6 Aanpak incidenten ■ De school ziet toe op naleving van orde en gedragsregels in de school. Zij grijpt in, treedt handhavend op waar nodig en binnen haar mogelijkheden en bevoegdheden, in nauwe samenwerking met politie en andere partners. ■ De school en/of het schoolbestuur maakt altijd een bewuste afweging over het doen van (formele) melding en/of aangifte van strafbare feiten. ■ De school verleent medewerking aan maatregelen die volgens de politie noodzakelijk zijn bij de handhaving van wet- en regelgeving en openbare orde rond de school.
D eze partners zijn in de eerste instantie betrokken, andere relevante partners kunnen indien wederzijds gewenst later aansluiten. School en of schoolbestuur: deze worden wisselend gehanteerd in dit convenant. Afhankelijk van de organisatie/context is dit een taak van de school en/of het schoolbestuur. 3
4
9
De omgeving van de school ■ De school is zich bewust van mogelijke overlast, vandalisme en criminaliteit door en van leerlingen/ studenten in de directe (woon)omgeving van de school en levert daar waar overlast, vandalisme en/of criminaliteit zich voordoet naar vermogen een bijdrage aan het voorkomen en bestrijden hiervan. ■ De school heeft als taak om schoolpleinen, die eigendom zijn van de school en/of het schoolbestuur, schoon te houden. ■ De school maakt leerlingen en studenten bewust van het belang van een schone schoolomgeving. Verzuimbeleid ■ De school voert een actief verzuimbeleid in overeenstemming met geldende wet- en regelgeving, protocollen en afspraken. Verzuim wordt geregistreerd en krijgt de benodigde opvolging. De leerplichtambtenaar of de Regionaal Meld- en Coördinatiepunt Rotterdam-consulent (RMC) handelt de verzuimmelding in afstemming met de school af. De school kan de leerplichtambtenaar ook preventief betrekken bij een leerling die vaak afwezig is om advies in te winnen. Huiselijk geweld en/of kindermishandeling ■ Bij signalen van huiselijk geweld doet de aandachtsfunctionaris huiselijk geweld en kindermishandeling van de school melding bij Crisis Interventie Team (CIT) of Veilig Thuis (Meldcode).
4.2 De rol van de gemeente De gemeente wijst een persoon aan die tot taak heeft dit convenant uit te voeren en die optreedt als contactpersoon voor de andere partijen in dit convenant. ■ De afspraken in dit convenant zijn bekend bij medewerkers van de gemeente, die actief zijn op het brede terrein van onderwijs en veiligheid. De afspraken vormen (mede) de basis voor inzet en maatregelen gericht op veiligheid in en om de school. ■ De werking van het convenant wordt ondersteund door het integrale veiligheidsbeleid van de gemeente. De afspraken in het convenant klinken ook door in en worden ondersteund door ander gemeentelijk beleid. De contactpersoon van de gemeente signaleert tijdig eventuele strijdigheid van beleid met afspraken in dit convenant en brengt deze onder de aandacht van beleidsverantwoordelijken. ■ De gemeente monitort de naleving van gemaakte afspraken. Daarvoor organiseert de gemeente vier keer per jaar een ambtelijk en jaarlijks een bestuurlijk voortgangsoverleg. De gemeente bereidt samen met de partners in dit convenant de agenda voor deze overleggen voor. Ook kan de gemeente een ‘veilig op school’-overleg faciliteren in de gebieden. Aan deze tafels nemen ook partijen plaats die een grote rol spelen op het preventieve vlak (CJG, welzijnspartners, JOZ, e.a.).
■ De gemeente spant zich in voor een samenhangend geheel van voorzieningen en maatregelen die aansluiten op afspraken in dit convenant en bijdragen aan de veiligheid in de openbare ruimte rondom school. ■ De gemeente heeft als taak om de openbare ruimte rondom de school schoon te houden. ■ De gemeentelijke afdeling Toezicht en Handhaving (T&H) kan op verzoek afspraken maken met de school/ het schoolbestuur en de contactpersoon van de school/het schoolbestuur over toezicht en handhaving in de directe omgeving van de school. Dit kunnen bijvoorbeeld afspraken zijn over de surveillance rond de school. T&H kan ook op verzoek ingeschakeld worden om voorlichting te geven of te adviseren over het voorkomen en bestrijden van overlast en vandalisme. ■ GGD biedt psychosociale hulp bij ingrijpende gebeurtenissen (PSHi)7,8 .
7 8
10
PSHi is bereikbaar via het telefoonnummer 010-267 40 47. In bijlage ‘Na de schok… Informatie voor scholen en leerkrachten’.
■ De gemeente zet in op het terugdringen van alle vormen van huiselijk geweld, kindermishandeling en seksueel geweld, zodat Rotterdammers zich veilig kunnen ontwikkelen en optimaal kunnen meedoen in de samenleving. Bij (vermoedens van) huiselijk geweld en kindermishandeling kan advies worden gevraagd of een melding worden gedaan bij Veilig Thuis Rotterdam Rijnmond. Bij (vermoedens van) seksueel geweld kan contact worden opgenomen met het Centrum Seksueel Geweld Rotterdam voor advies en hulp. Preventie ■ De gemeente draagt binnen het onderwijs bij aan een veilige schoolomgeving met jongerenwerk, in ieder geval vanuit de opdracht grenzenstellend jongerenwerk. De inzet en werkzaamheden worden jaarlijks vastgesteld in onderling overleg tussen onderwijs, gemeente en opdrachtnemer. Leerrecht en ondersteuning ■ De school signaleert en registreert verzuim. Na melding door de school van verzuim door leerlingen/ studenten tot 23 jaar, onderzoekt de leerplichtambtenaar of de Regionaal Meld- en Coördinatiepunt Rotterdam-consulent (RMC) het verzuim en bepaalt welke interventies nodig zijn. Het mogelijk handhaven met een proces-verbaal en/of doorverwijzing naar Halt op basis van de door het OM vastgestelde verzuimcriteria zijn opties.
De MAS (Methodische Aanpak Schoolverzuim) is leidend voor leerlingen/studenten onder 18 jaar en voor 18-23 jaar hebben we in de regio Rijnmond een verzuimprotocol mbo. ■ De school heeft een vaste leerplichtambtenaar en/of een RMC-consulent. SISA ■ Verschillende partners signaleren zoveel mogelijk in SISA (SIgnaleren en SAmenwerken). SISA is een computersysteem waarin professionals kunnen signaleren dat zij betrokken zijn bij een leerling/ student tot 23 jaar. Op deze manier kunnen professionals met elkaar afstemmen om de best mogelijke begeleiding te bieden. In SISA staat geen inhoudelijke informatie en ook geen dossier. Door actief te signaleren ontstaat overzicht van verschillende partners /professionals die op hetzelfde moment bij dezelfde leerling/student of binnen het gezin betrokken zijn. ■ Alle schoolbesturen zijn toegetreden tot het samenwerkingsconvenant SISA9. Geautoriseerde contactpersoon binnen de school signaleert dat hij of zij betrokken is (volgens vastgesteld protocol), niet waarom.
4.3 De rol van de politie Contactpersoon ■ De politie wijst voor elke schoolvestiging een contactpersoon aan en communiceert met de school bij wijzigingen. ■ De contactpersoon is het eerste aanspreekpunt voor de school. ■ Periodiek overleggen de contactpersoon en de veiligheidscoördinator van de school. Hierbij worden zorgelijke signalen, strafbare handelingen, overlast en andere aantastingen van de veiligheid besproken. Samen gaan zij na welke (aanvullende) maatregelen eventueel nodig zijn. Bekendheid en borging van het convenant ■ De afspraken in dit convenant zijn bekend bij de medewerkers van het basisteam. Het convenant vormt een basis van politie-inzet gericht op veiligheid in en rond de school.
9
Zie voor meer informatie www.sisa.rotterdam.nl.
11
Samenwerking, afstemming met de school ■ De politie denkt mee met de school over voorkoming en bestrijding van overlast, vandalisme en criminaliteit. Daarnaast kan de politie vanuit haar politietaak, eventueel op verzoek van school, aanhaken bij partners en organisaties die de voorlichting en lessen verzorgen. ■ De politie trekt samen met de school op om ‘jonge aanwas’ bij georganiseerde criminaliteit te voorkomen. ■ Politie en school maken afspraken over aanhoudingen in school. De politie meldt deze altijd van tevoren, om deze zo rustig mogelijk uit te voeren. ■ Op verzoek ondersteunt de politie de school bij controles van kluisjes op aanwezigheid/in bezit hebben van onder meer wapens, vuurwerk, alcohol en drugs. Hierbij wordt gebruik gemaakt van de Checklist ‘Controle op wapenbezit in en rond scholen’ (2021, bureau Beke) Veilige Publieke Taak (VPT) ■ De politie zet zich in voor een snelle interventie en afhandeling van een melding of aangifte van (een vermoeden van) strafbare feiten in en om school in het kader van de Veilige Publieke Taak (VPT). De politie koppelt indien mogelijk aan de school terug hoe een aangifte of melding wordt opgepakt. Informatiedeling / privacywetgeving ■ Alle handelingen van de politie die voortkomen uit dit convenant gebeuren volgens geldende regelgeving over registratie, delen en gebruik van privacygevoelige informatie.
4.4 De rol van het Openbaar Ministerie (OM) ■ Het OM kan op verzoek (indien een situatie daar om vraagt qua noodzaak/ernst) een bijdrage leveren aan advies over preventieve, maar vooral repressieve activiteiten bij criminaliteit; ■ Het OM zorgt ervoor dat, bij melding van strafbare feiten en opmaken van een proces- verbaal door de politie en/of leerplichtambtenaren, strafzaken zo snel mogelijk worden afgehandeld; ■ Het Openbaar Ministerie biedt slachtoffer/benadeelde de mogelijkheid desgevraagd bericht te ontvangen over de afloop van de zaak; ■ Het Openbaar Ministerie spant zich desgevraagd in om, als een leerling/student een strafbaar feit heeft gepleegd en waar de wet dit toestaat, relevante informatie te verstrekken aan de school.
4.5 De rol van stichting Halt ■ Stichting Halt voert de justitiële Halt-afdoeningen uit. Daarnaast maakt de gemeente jaarlijks met Halt afspraken over een aanvullend preventief takenpakket. ■ Stichting Halt kan, in overleg met de schoolleiding of de veiligheidscoördinator en naar aanleiding van incidenten en individueel grensoverschrijdend gedrag, de school ondersteunen bij thema’s als groepsdruk, sexting en ander grensoverschrijdend gedrag, en over het voorkomen van overlast, vandalisme en criminaliteit. Bijvoorbeeld door middel van voorlichting, ouderavonden, spreekuren op scholen, de preventieve gedragsinterventie, herstelbemiddeling en ART-trainingen (agressie regulatie trainingen). Jaarlijks rond mei krijgen de scholen een e-mail met het aanbod. ■ Stichting Halt kan, op verzoek van de school, deelnemen aan het Intern Zorg Overleg als er leerlingen/ studenten onder 18 jaar worden besproken. ■ Als er zich signalen van excessen voordoen in of rondom de school, dan is de school ter voorkoming van deze excessen verantwoordelijk om voorlichting door ‘partners in veiligheid’ te organiseren. Halt is een van de partners die voorlichting kan geven. ■ Ongeoorloofd schoolverzuim door leerlingen/studenten onder 18 jaar is een Halt-waardig feit. Leerplichtambtenaren kunnen leerlingen/studenten onder bepaalde voorwaarden verwijzen naar Halt.
■ Bij belediging/bedreiging van schoolpersoneel door leerlingen/studenten, kan de school of het schoolbestuur aangifte doen. Dit delict is Halt-waardig en de politie verwijst daders waar mogelijk door naar Halt.
12
4.6 De rol van stichting JOZ Werkwijze ■ Stichting JOZ brengt in relatie tot de doelgroep overlast/maatschappelijke ontwikkelingen en spanningen in kaart binnen de klas, rondom de school en online; ■ Stichting JOZ zet in op het voorkomen of verminderen van jeugdoverlast rondom de school en draagt bij aan het voorkomen dat leerlingen/studenten afglijden naar criminaliteit, via de Positive Behaviour Support methodiek; ■ Stichting JOZ helpt het bevorderen van sociale veiligheid bij spanningen in de klas; ■ Stichting JOZ verbindt de wijk en school; ■ Stichting JOZ realiseert doorverwijzing bij complexe vraagstukken naar bijvoorbeeld het wijkteam, Kredietbank of Crisisopvang; ■ Stichting JOZ heeft een rol in de begeleiding van jongeren en het stimuleren van ouderbetrokkenheid; ■ Stichting JOZ helpt bij het versterken van het contact tussen schoolpersoneel en leerlingen/studenten; ■ Stichting JOZ verzorgt proactief en op verzoek van de onderwijslocatie voorlichting/training aan leerlingen/studenten, schoolpersoneel en ouders; ■ Stichting JOZ werkt samen met het zorgteam van de onderwijslocatie aan casuïstiek Per casus wordt gekeken of JOZ deze oppakt of schoolmaatschappelijk werk.
JOZ kan individuele begeleiding bieden aan jongeren met enkelvoudige hulpvragen zoals schulden, school en werk; ■ Stichting JOZ werkt samen via het RMC om schoolverzuim tegen te gaan en kan dit ook via de onderwijslocatie direct oppakken; ■ JOZ neemt deel aan overleggen (zorgschil) met de scholen; ■ JOZ registreert en verwerkt informatie over bevindingen en inzet. Concrete inzet per onderwijslocatie ■ Stichting JOZ realiseert inzet in en rondom de school in afstemming met de onderwijslocaties en de gemeente. De inzet wordt jaarlijks per onderwijslocatie vastgesteld voor de duur van een schooljaar en wordt na ieder schooljaar geëvalueerd.
13
5. Samenwerking en afstemming Samenwerking ■ Partijen spannen zich in voor een goed werkende keten van signalering, afstemming en opschaling, vervolgacties en terugkoppeling binnen de toegestane wettelijke kaders. Verbeterpunten in de keten kunnen geagendeerd worden in het ambtelijk overleg over het convenant. ■ Partijen brengen elkaar op de hoogte van ontwikkelingen rondom sociale/fysieke/digitale veiligheid en relevante maatschappelijke vraagstukken en spanning, in het periodieke overleg of tussentijds. ■ Partijen werken integraal samen met overige partners buiten het convenant. ■ Partijen maken onderling werkafspraken10 passend bij de school(omgeving). Bijvoorbeeld de inzet van JOZ in scholen en het delen van camerabeelden (CCTV: Closed-circuit television) met de politie. Het maken van werkafspraken zal een terugkerend agendapunt zijn tijdens de ambtelijke overleggen. Werkagenda Jaarlijks stellen we een werkagenda op met acties en maatregelen. In onderlinge afstemming tussen deelnemende partijen wordt afgesproken wie verantwoordelijk is/zijn voor de uitvoering. Deze werkagenda monitoren we via het ambtelijk en het bestuurlijk overleg. De gemeente bereidt de werkagenda voor en voert het secretariaat. Uiterlijk op 1 juli wordt de agenda in gezamenlijkheid vastgesteld ten behoeve van het opvolgend onderwijsjaar.
Ambtelijk overleg Vier keer per jaar is er een ambtelijk overleg met de partners. Dit overleg gaat over voortgang van dit convenant, de samenwerking, actuele veiligheidsthema’s en uitwisseling van kennis en ervaringen. De uitkomsten van het ambtelijk overleg kunnen input vormen voor het bestuurlijk overleg. De gemeente bereidt de ambtelijke overleggen voor en voert het secretariaat. Samen met de partners stelt de gemeente de agenda op. Bestuurlijk overleg Jaarlijks is er een bestuurlijk overleg met de bestuurders van de partijen in dit convenant. Dit overleg gaat over voortgang van dit convenant, de samenwerking, actuele veiligheidsvraagstukken, knelpunten en dilemma’s. De uitkomsten van het ambtelijk overleg vormen input voor dit bestuurlijke overleg. De gemeente bereidt het bestuurlijk overleg voor en stelt samen met de partners de agenda op.
5.1 Blijvend kritisch en innovatief Partijen zijn samen scherp op de werking van het convenant en de mogelijkheden voor verbetering en doorontwikkeling van afspraken en samenwerking. Partijen delen kennis, nieuwe inzichten en instrumenten en goede en slechte ervaringen. Dit gebeurt primair tijdens de periodieke ambtelijke overleggen.
De werkafspraken zijn nu (nog) geen onderdeel van dit convenant. Bij overeenstemming tussen partners, kunnen deze werkafspraken op een later moment als bijlage toegevoegd worden aan dit convenant 10
14
6. Overige bepalingen ■ Het convenant treedt in werking op de dag na de ondertekening door alle partijen en wordt aangegaan voor vijf jaar11. Het convenant kan na evaluatie verlengd worden met vier jaar. ■ De bepalingen in dit convenant kunnen tijdens de ambtelijke en bestuurlijke overleggen geëvalueerd en bijgesteld worden. ■ Na afloop van het convenant is deze van rechtswege beëindigd, tenzij gebruik gemaakt wordt van een mogelijke verlenging van het convenant. ■ Een partij deelt drie maanden voor het eind van een school-/studiejaar, het voornemen tot beëindigen van deelname aan het convenant schriftelijk mee aan de andere partijen. ■ Relevante partners kunnen tussentijds en indien wederzijds gewenst op elk moment aansluiten bij dit convenant. ■ Alle geschillen in verband met dit convenant of afspraken die daarmee samenhangen trachten partijen in onderling overleg op te lossen. Het geschil zal dan worden besproken in een ambtelijk overleg. Indien het niet mogelijk is gebleken een geschil in onderling overleg ambtelijk op te lossen, dan wordt het geschil geagendeerd in het bestuurlijk overleg. ■ Partijen kunnen voorstellen tot wijziging of aanvulling van dit convenant doen. ■ Op dit convenant is Nederlands recht van toepassing.
■ Deelnemende partijen spreken af elkaar tijdig en vooraf te informeren en/of af te stemmen bij uitspraken van een partij in bijvoorbeeld het publieke debat of media die impact kunnen hebben op elkaars werkveld. ■ Uitsluitend partijen kunnen aan dit convenant rechten ontlenen. Derden kunnen in geen enkel opzicht rechten jegens partijen ontlenen aan dit convenant. ■ Door ondertekening van dit convenant vervallen alle eventuele eerder door partijen gemaakte mondelinge en schriftelijke afspraken over de hierbij overeengekomen samenwerking. Indien één of meerdere bepalingen in dit convenant nietig zijn of vernietigd worden, blijven de overige bepalingen van dit convenant volledig van toepassing. Partijen overleggen dan om nieuwe bepalingen ter vervanging van de nietige/ vernietigde bepalingen overeen te komen. Hierbij houden zij zoveel mogelijk het doel en de strekking van de oorspronkelijke bepalingen in acht.
Bijlagen 1) Checklist controle op wapenbezit in en rond scholen 2) Leidraad bij seksueel grensoverschrijdend gedrag: Zo klein als mogelijk, zo groot als nodig 3) Na de schok… Informatie voor scholen en leerkrachten
11
De looptijd van het convenant loopt gelijk met het onderwijsbeleid.
15
7. Ondertekening Rotterdam, 4 oktober 2023
Dhr. Bob de Baedts, bestuurder BOOR
Dhr. Ahmed Aboutaleb, Burgemeester, gemeente Rotterdam
Dhr. Lorenzo Civile, bestuurder LMC-VO
Dhr. Said Kasmi, Wethouder Onderwijs, Cultuur en Evenementen, gemeente Rotterdam
Dhr. Marc Mittelmeijer, bestuurder CVO
Mevr. Marloes de Vries, bestuurder Zadkine
Dhr. Ron Kooren, bestuurder Albeda
Mevr. Petra van Lange, bestuurder STC
Dhr. Rob Hoogstraaten, bestuurder Grafisch Lyceum Rotterdam
16
Mevr. Marieke de Kreek-Haven, algemeen directeur Yulius Onderwijs
Dhr. Frank van Hout, regiodirecteur Yuverta
Dhr. Arjen van Kralingen, bestuurder Hoornbeeck
Dhr. Paul Oomens, bestuurder HMC
Dhr. Arco van Wessel, bestuurder de Passie
Dhr. Artho Jansen, bestuurder Vrije School
Dhr. Melle de Vries, bestuurder GSR
Dhr. Leendert van Wezel , bestuurder Driestar-Wartburg
Dhr. Ties Kragten, plv. rector Montessori Lyceum Rotterdam
Dhr. Fred Westerbeke, politiechef Rotterdam
Dhr. Martijn van Kordelaar, bestuurder iHUB
Mevr. Janet Ten Hoope, directeur- bestuurder Stichting Halt
Dhr. Erik van Hoogteijlingen, bestuurder Laurens Lyceum
Dhr. Guilherme Carinhoza da Graca, directeur Stichting JOZ
Dhr. Richard Troost, bestuurder Avicenna College
Dhr. Raoul Majewski, bestuurder stichting KAVOR Voor gezien: Dhr. Hugo Hillenaar, Hoofdofficier van Justitie Arrondissementsparket Rotterdam
17
Bijlage 1
concrete ondersteuning kan inhouden. ■ De wijkagent wordt ruim van tevoren op de hoogte gesteld van de activiteiten die op school zullen plaatsvinden. Indien nodig worden afspraken gemaakt over ondersteuning door de wijkagent of met Toezicht en Handhaving. Hierbij geeft de school duidelijk aan wat de starten eindtijden van de activiteiten zijn. ■ De school deelt de contactgegevens van de locatiemanager of de veiligheidscoördinator met de wijkagent. ■ De activiteit kan in de surveillancerondes worden meegenomen en alle politiemedewerkers worden bij aanvang van hun dienst op de hoogte gesteld. ■ Indien zich incidenten voordoen, neemt de school contact op met het alarmnummer 112, het nummer 0900-8844 of de wijkagent (zie Protocol I, onder 4).
Checklist controle op wap in en rond sChol 18
penbezit len 19
InleIdIng WaPens en straffen De checklist (in schema) De checklist (uItgebreiDe versie) Praktische tIps en voorbeelden
Voor een optimale weergave van de checklist adviseren wij om de Adobe Acrobat Reader DC te gebruiken. Download Acrobat Reader DC
20
colofon Auteurs: Henk Ferwerda en Joey Wolsink (Bureau Beke) Vormgeving: Marcel Grotens (Bureau Beke)
2
Beeldverantwoording: pag. 2, 3, 4, 5, 7, 14; Istock. pag. 1 en 5 Bureau Beke. Opdrachtgevers: Ministerie van Justitie en Veiligheid en Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap Met dank aan: Rianne de Back (Openbaar Ministerie); Marike van Deventer (Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid); Ivoline van Erpecum (Ministerie van Justitie en Veiligheid); Erik Hartendorf (Politie); Michael Hoppe (Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap); Niels Horn (Politie); Lynn Louwe (Stichting School & Veiligheid); René Tieleman (Politie); Monique Veldhuis (William Schrikker Groep); Renate Verhagen (Ministerie van Justitie en Veiligheid), Lianne Vonk (Politie) en Monique Willemsen-van de Kamp (Openbaar Ministerie) © 2021, Ministerie van Justitie en Veiligheid en Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap
21
InleIdIng In de Monitor Jeugdcriminaliteit (2020) werd aan jongeren gevraagd of ze in het afgelopen jaar een wapen bij zich hadden ter zelfverdediging. Ruim 3 op de 100 jongeren (3,2%) van 12 tot en met 17 jaar geeft aan dat wel eens te doen. Wapenbezit en wapengebruik onder jongeren is een maatschappelijk probleem dat helaas te vaak het lokale en landelijke nieuws beheerst. Door onder andere ouders, burgemeesters, jongerenwerkers, onderwijspersoneel, rechtshandhavers en politici is gepleit voor nieuw elan in de aanpak van wapenbezit en -gebruik. Dit heeft in de herfst van 2020 geleid tot het ‘Actieplan Wapens en Jongeren’ waaruit naar voren komt dat de aanpak van wapenbezit niet alleen een taak is van politie en justitie, maar dat ook de sociale omgeving van jongeren hieraan kan bijdragen.
Wapens en het onderwijs Het gebruik van deze checklist – die bedoeld is voor het voorgezet onderwijs (VO) en middelbaar beroepsonderwijs (MBO) – maakt deel uit van het ‘Actieplan Wapens en Jongeren’. Scholen kunnen namelijk een belangrijke rol spelen in de aanpak van wapenbezit onder hun leerlingen. Uit de Veiligheidsmonitor Voortgezet (Speciaal) Onderwijs komt naar voren dat 25% van de leidinggevenden in 2018 wapenincidenten heeft gemeld. In welke mate deze cijfers de daadwerkelijke omvang van het wapenbezit op scholen weerspiegelen, is de vraag. Niettemin laten deze cijfers wel zien dat wapenbezit onder leerlingen voorkomt. Dit is overigens geen op zichzelf staand onderwerp, maar maakt deel uit van het bredere thema sociale veiligheid in en rondom de school. Het is van belang dat scholen bij het vormgeven van hun veiligheidsbeleid aandacht schenken aan het tegengaan van wapenbezit onder leerlingen. Een van de manieren om dit te doen, is het uitvoeren van een gezamenlijke preventieve wapencontrole. De school doet dit in nauwe samenwerking met lokale instanties zoals de gemeente, de politie en het Openbaar Ministerie (OM).
22
‘Het bezit van steekwapens levert gevaarlijke situaties op met grote gevolgen voor slachtoffers, jongeren, ouders en bewoners. In mijn stad moet iedereen zich veilig kunnen voelen.
3
Wapenbezit kan en mag nooit als normaal worden gezien’. Deze woorden zijn van een burgemeester na een dodelijk steekincident in zijn stad waarvan een jongere het slachtoffer is geworden.
23
Doel van de checklist Controles op wapenbezit zijn niet alleen bedoeld voor scholen die problemen met wapens ervaren. Dit preventieve instrument – de checklist – biedt een handreiking voor het invoeren van en uitvoering geven aan preventieve controles op wapenbezit, op basis van afspraken tussen scholen en lokale overheidsinstanties. Vrijwel elke ouder vindt het belangrijk dat scholen voldoende aandacht besteden aan hun veiligheidsbeleid. Om deze reden staat de checklist ook stil bij voorlichting aan leerlingen, ouders/opvoeders en docenten over de invoering van preventieve wapencontroles. Scholen die werk maken van wapencontroles zullen uiteindelijk merken dat dit een positieve uitwerking kan hebben op het veiligheidsgevoel van leerlingen, ouders en docenten. Om zowel het maatschappelijk als gezamenlijk belang van scholen van de aanpak van wapenbezit te onderstrepen, kan besloten worden om samen met andere scholen binnen de gemeente op dezelfde dag een preventieve wapencontrole uit te voeren.
Opzet van de checklist In deze checklist onderscheiden we drie fasen die nodig zijn om het uitvoeren van preventieve controles op wapenbezit op scholen te vergemakkelijken. Het gaat om de voorbereidingsfase, de uitvoeringsfase en de fase van nazorg en flankerende maatregelen. Verschillende partijen dragen bij deze verschillende fasen een eigen verantwoordelijkheid. Met icoontjes geven we aan welke partij verantwoordelijk is voor de uitvoering van bepaalde onderdelen.
Praktische tips en voorbeelden Aan het eind van de checklist zijn praktische tips en voorbeelden terug te vinden om met het thema ‘veilige school’ in het algemeen en ‘wapenbezit en wapengebruik’ in het bijzonder aan de slag te gaan.
24
Andere maatregelen dan preventieve wapencontroles Naast preventieve controles op wapenbezit in samenwerking met andere partijen kunnen scholen ook meer ‘aan de voorkant’ maatregelen treffen om het wapenbezit onder leerlingen tegen te gaan. Hierbij hoeven geen externe partijen betrokken te worden. Te denken valt dan aan voorlichting of het opnemen van voorwaarden in het veiligheidsplan, waardoor het bijvoorbeeld mogelijk is om een leerling te vragen zijn of haar kluisje te openen in het geval van diefstal of andere verdachte zaken. We komen hier later in deze checklist op terug. Het is ook van belang om als school te weten wie je school- of wijkagent is. Elkaar leren kennen en het gesprek met elkaar aangaan op het moment dat er geen incidenten zijn, vormt een goede basis voor het moment dat je elkaar nodig hebt. Hoe je dit doet, lees je in de ‘Samen voor een veilige school, gespreksleidraad voor onderwijsinstellingen en politie’.
4
Download de PDF
25
Betrokken partijen en verantwoordelijkheden Het tegengaan van wapenbezit op scholen is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van diverse actoren. De checklist is bedoeld om de samenwerking tussen scholen, politie, OM en gemeenten in het tegengaan van wapenbezit te stimuleren.
Scholen zijn primair verantwoordelijk voor het onderwijsklimaat en de sociale veiligheid van het personeel, de leerlingen en bezoekers.
Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de ontwikkeling en uitvoering van integraal jeugd- en veiligheidsbeleid. Daartoe kan de gemeente het jongerenwerk, Halt en de sociale wijkteams vragen om ondersteuning.
De politie heeft geen eigenstandige controlebevoegdheid op scholen. Wel kan de politie op de achtergrond aanwezig zijn bij preventieve controles op wapenbezit. De politie heeft wél een verantwoordelijkheid op het moment dat er sprake (of een vermoeden) is van illegaal wapenbezit.
Het OM is verantwoordelijk voor het afhandelen van strafzaken die voortkomen uit een preventieve controle op illegaal wapenbezit. Bijvoorbeeld wanneer daadwerkelijk een verboden wapen of andere illegale goederen (zoals drugs of verdachte hoeveelheden geld) worden aangetroffen.
school
gemeente
politie
iconen gebruikt in de checklist
26
OM
5
27
WaPens en straffen De Wet Wapens en Munitie (WWM) bepaalt wanneer er sprake is van illegaal wapenbezit. Samengevat gaat het onder andere om de volgende soorten wapens:
Steekwapens, zoals stiletto’s, vlindermessen, vilmessen en machetes
Slag- en stootwapens, zoals boksbeugels en ploertendoders
Vuur- en stroomwapens, zoals geweren, tasers, (alarm)pistolen en munitie
Overige wapens, zoals werpsterren, wurgstokken en pepperspray
Imitatie- of nep(vuur)wapens
Voorwerpen die in omstandigheden als wapen kunnen dienen, zoals een honkbalknuppel of schroevendraaier. De context bepaalt of iets een wapen is of niet. Betrek bij twijfel de wijk- of jeugdagent.
Het OM bepaalt hoe een zaak wordt afgehandeld. In veel gevallen zal de (jeugd) officier van justitie daarover een beslissing nemen met informatie van de wijk- of jeugdagent en het advies van de Raad voor de Kinderbescherming. Dit gebeurt tijdens het afstemmingsoverleg bij ZSM*, het samenwerkingsverband met deze instanties. Afhankelijk van de aard en ernst van het wapenbezit en de voorgeschiedenis van de jeugdige zal er een passende reactie worden gegeven, waarbij wordt ingezet op begeleiding of hulp indien nodig. Het spreekt voor zich dat bij vuurwapenbezit altijd vervolgd zal worden bij de Kinderrechter. Een taakstraf (werkstraf en/of leerstraf ) opgelegd door de officier van justitie behoort ook tot de mogelijkheden. In lichte gevallen kan gekozen worden voor een waarschuwing.
* = Zo Snel, Slim, Selectief, Simpel, Samen en Samenlevingsgericht Mogelijk.
28
Steekwapens Bijvoorbeeld stiletto’s, vlindermessen, vilmessen en valmessen.
Slag- en stootwapens Bijvoorbeeld boksbeugels en ploertendoders.
Vuur- en stroomwapens Bijvoorbeeld geweren, tasers, (alarm)pistolen en munitie.
Overige wapens Bijvoorbeeld werpsterren, wurgstokken en pepperspray.
Imitatie- of nep(vuur)wapens Voorwerpen die als wapen kunnen dienen Bijvoorbeeld een honkbalknuppel, fles of schroevendraaier. De context bepaalt of iets een wapen is of niet.
Deze poster is onderdeel van de ontwikkelde checklists controle op wapenbezit binnen scholen en de horeca. Ontwikkeling: Bureau Beke. Met dank aan de Politie Eenheid Amsterdam. © 2021, Ministerie van Justitie en Veiligheid en het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.
6
Download de printversie van de poster
U kunt ook een drukwerkbestand (PDF) van de poster downloaden
29
De checklist in schema Een goede voorbereiding is het halve werk. Voordat preventieve controles op wapenbezit op school kunnen worden uitgevoerd, is het doorlopen van de volgende stappen essentieel:
1
Voorbereiding
Opstellen van een schoolveiligheidsplan
Opnemen van regels over wapenbezit en preventieve controles in het schoolveiligheidsplan
Opnemen van het veiligheidsbeleid in de schoolgids
Aanstellen van een persoon binnen de school die aanspreekpunt is voor samenwerkingspartners
Aanstellen van een persoon binnen de politie die als aanspreekpunt voor de school fungeert
Afspraken maken met gemeente en OM
Facultatief: opstellen veiligheidsconvenant met de lokale partners
In de uitvoeringsfase zijn de volgende aspecten van belang:
2 30
Uitvoering
Organisatie van preventieve wapencontroles
Uitvoering van preventieve wapencontroles
Medewerking aan preventieve wapencontroles
Na de controle zijn er nog vier aandachtspunten:
3
Nazorg en flankerende maatregelen
Communicatie richting ouders en leerlingen
Acties politie bij het aantreffen van wapens
Acties OM bij het aantreffen van wapens
Eventuele aanvullingen op de wapencontroles
7
31
De checklist (uItgebreiDe versie) De school heeft altijd de regie bij het uitvoeren van een preventieve wapencontrole. Wanneer een school de mogelijkheid wil hebben om preventieve controles op wapenbezit in samenwerking met de lokale partners uit te voeren, moeten de school en andere betrokken partijen afspraken maken over de verschillende taken en verantwoordelijkheden. Het maken van deze afspraken is een randvoorwaarde om gezamenlijk tot preventieve controles over te kunnen gaan. Daarnaast is het raadzaam om een veiligheidsconvenant op te stellen en dit door de lokale gezagsdriehoek, bestaande uit vertegenwoordigers van gemeente, OM en politie, te laten ondertekenen. Preventieve controles zijn pas zinvol wanneer goed is nagedacht over nut en noodzaak daarvan, regels zijn aangescherpt en een aanspreekpunt bekend is binnen gemeenten, OM, politie en scholen.
Voorbereidingsfase Opstellen van een schoolveiligheidsplan Elke school behoort een schoolveiligheidsplan te hebben waarin afspraken staan over de wijze waarop omgegaan wordt met grensoverschrijdend en ongewenst gedrag (Wet veiligheid op school, 2015). De Inspectie van het Onderwijs heeft in het Toezichtkader Voortgezet Onderwijs 2017 vastgelegd dat de beoordeling van de kwaliteitszorg van de school mede afhankelijk is van de mate waarin scholen de sociale veiligheid voor leerlingen en personeel waarborgen. De wijze waarop dit gebeurt, kan worden vastgelegd in het veiligheidsplan.
32
Opnemen van regels over wapenbezit en preventieve controles Wat betreft preventieve wapencontroles ligt het initiatief, de regie en uitvoering altijd bij de school. Voor het kunnen uitvoeren van controles op wapenbezit moeten scholen in het veiligheidsplan een paragraaf opnemen met daarin regels over wapenbezit en het recht van de school op het uitvoeren van een preventieve controle op wapenbezit. De volgende onderwerpen kunnen in het veiligheidsplan aan bod komen:
Bij het huren van een kluisje tekenen de leerling en de ouders/opvoeders de gebruikersvoorwaarden en gaan akkoord dat de school het recht heeft om het kluisje te openen ook als de leerling hierbij niet aanwezig is.
De mogelijkheid dat de school preventieve controles op wapenbezit uitvoert. Daarbij kan een onderscheid worden aangebracht tussen het controleren binnen de school en op het terrein van de school. Te denken valt aan het controleren van kluisjes en het verzoek aan leerlingen om de inhoud van jassen en (fiets)tassen of de opbergruimte onder scooterzadels te tonen.
Dat deze controles zelfstandig of in samenwerking en samenspraak met de gemeente, het OM en de politie kunnen plaatsvinden.
De consequenties bij het weigeren van medewerking, maar ook de strafrechtelijke sancties en/of door de school opgelegde maatre-
8
gelen die kunnen volgen wanneer wapens worden aangetroffen. Voorbeelden van door de school op te leggen maatregelen zijn het schorsen van de betreffende leerling, het inlichten van diens ouders/opvoeders, het doen van aangifte en het eventueel opnemen van de gebeurtenis in een incidentenregistratiesysteem.
33
De training die medewerkers van de school ontvangen met betrekking tot het bijvoorbeeld het doorgeven van signalen, maatregelen en sancties.
Het eventuele convenant dat de school en de genoemde partijen hiertoe hebben afgesloten (zie ‘Opstellen veiligheidsconvenant met de lokale partners’).
Opnemen van het veiligheidsbeleid in de schoolgids Sinds het schooljaar 2006/2007 zijn scholen wettelijk verplicht om het veiligheidsbeleid te vermelden in de schoolgids. Het opnemen van het veiligheidsbeleid in de schoolgids is van belang, zodat ouders/opvoeders en leerlingen weten welke regels er zijn en hoe deze kunnen worden gehandhaafd. Wanneer leerlingen en verzorgers niet op de hoogte kunnen zijn van het veiligheidsbeleid en de daaruit voortvloeien de regels, mogen er geen preventieve wapencontroles worden uitgevoerd.
Aanstellen van een persoon binnen de school die aanspreekpunt is voor samenwerkingspartners Voor een lokale samenwerking is het volgende belangrijk:
De school heeft in haar veiligheidsplan een heldere visie geformuleerd hoe zij samenwerkt met partners buiten de school. In deze visie staat de toegevoegde waarde die de samenwerking met externe partners biedt of kan bieden beschreven. Hier kan ook gemeld worden welke informatie, inzichten, kennis en kunde de externe partijen kunnen leveren. Dit draagt bij aan het bevorderen van sociale veiligheid in en rond de school.
Binnen de school is duidelijk wie het aanspreekpunt is voor de gesprekken in het kader van de lokale samenwerking. Is dat de directeur, de schoolleider of een andere functionaris? De medewerkers op school weten wie dit aanspreekpunt is.
34
Er zijn duidelijke afspraken gemaakt met de lokale partners over waar de verantwoordelijkheid stopt van de school, en wanneer de school doorverwijst naar ketenpartners.
Aanstellen van een contactpersoon bij de politie die als aanspreekpunt fungeert Tegenwoordig is doorgaans de wijk- of jeugdagent het aanspreekpunt voor schoolleiding en leerlingen. Het is van belang dat de betreffende agent niet alleen in het geval van problemen (van welke aard dan ook) beschikbaar is, maar ook los van incidenten ‘een vinger aan de pols’ houdt. In het geval van ernstige strafbare feiten kan via het bestaande contact tussen de agent en schoolleiding worden bekeken welke wijze van optreden gewenst en passend is.
Afspraken maken met de gemeente en het OM De gemeente is verantwoordelijk voor het bevorderen van de beleidsmatige aandacht voor veiligheid op de scholen. Betrokkenheid van een of meer (liefst uitvoerende) gemeentelijke ambtenaren met jeugd, onderwijs en/of veiligheid in de portefeuille, is daarom van belang. Zij kunnen de invoering van preventieve controles op wapenbezit en
9
het opstellen van een veiligheidsconvenant (zie hierna) stimuleren en coördineren. De gemeente kan ook de regie nemen bij een (periodieke) evaluatie van preventieve wapencontroles. Het is ook belangrijk om het OM in de voorbereidingsfase te betrekken. Met name zodat afspraken gemaakt kunnen worden over het omgaan met en afhandelen van incidenten en de wijze waarop partijen elkaar op de hoogte houden over de (strafrechtelijke) afhandeling van zaken. Afspraken kunnen worden vastgelegd in een veiligheidsconvenant en het onderwerp preventieve wapencontroles wordt periodiek geagendeerd in het overleg tussen de lokale partijen.
35
Facultatief: Opstellen van een veiligheidsconvenant met de lokale partners Het verdient aanbeveling om een convenant op te stellen of in bestaande veiligheidsconvenanten aanvullingen op te nemen met betrekking tot preventieve controles op wapenbezit. In het convenant kunnen rollen, taken en verantwoordelijkheden van de verschillende betrokken partijen worden vastgelegd. Daarnaast kan het afsluiten van een gezamenlijk veiligheidsconvenant bijdragen aan commitment van de betrokken partijen. Uit het veiligheidsconvenant moet duidelijk blijken dat de regie op en de uitvoering van preventieve wapencontroles primair bij de scholen liggen, inclusief een verplichting van de school om over dit onderwerp te communiceren met leerlingen, ouders/opvoeders en docenten. De school moet bij de aanpak niet de sterke hand willen zijn. Die taak ligt bij de politie. De gezagsdriehoek is verantwoordelijk voor de politie-inzet. Het is aan te raden het veiligheidsconvenant te laten accorderen door de gezagsdriehoek. Daarmee wordt voorkomen dat de gezagsdriehoek toestemming moet geven voor afzonderlijke preventieve controles waarbij de politie, op verzoek van de school, ter ondersteuning aanwezig is.
Uitvoeringsfase Wat moet er gebeuren om een preventieve wapencontrole op een school mogelijk te maken? We zetten de stappen op een rij.
Organisatie van de preventieve wapencontroles Preventieve controles op wapenbezit kunnen periodiek worden uitgevoerd, bijvoorbeeld een- of tweemaal per jaar. Het initiatief daartoe ligt bij de school. Wel kan in overleg met de wijk- of jeugdagent worden bepaald hoe vaak en wanneer een preventieve wapencontrole wordt uitgevoerd. Voorbeelden van geschikte momenten voor een controle zijn
36
onder andere de ‘vuurwerkperiode’ en het begin van het schooljaar. Een argument voor het laatste is onder andere dat nieuwe leerlingen dan direct aan de preventieve controles gewend raken. Het is de bedoeling dat leerlingen en docenten vooraf niet van het specifieke moment van een wapencontrole op de hoogte zijn. Vanzelfsprekend zijn zij via de schoolgids wel op de hoogte van het feit dat een preventieve wapencontrole kan worden uitgevoerd. Juist van die wetenschap alleen al gaat een sterk preventief effect uit, waardoor leerlingen geen wapens mee naar school nemen. Afhankelijk van het doel dat de schoolleiding voor ogen heeft, kan de politie bij een preventieve controle aanwezig zijn (signaalfunctie). Wanneer de politie bij een preventieve controle aanwezig zal zijn, is het noodzakelijk de gezagsdriehoek over de preventieve wapencontrole te informeren.
Uitvoering van de preventieve wapencontroles Een wapencontrole kan op verschillende manieren worden uitgevoerd:
Een steekproefsgewijze of volledige controle van kluisjes. Dit kan zowel in als buiten de aanwezigheid van leerlingen geschieden. In het laatste geval moet de school dan achteraf wel aan de (betreffende) leerlingen melden, dat hun kluisje is gecontroleerd.
Controle van jassen en tassen. Dit kan het beste in de klas zelf
10
plaatsvinden. Omdat het lastig/tijdrovend is om alle klassen en leerlingen te controleren, zal een aantal klassen steekproefsgewijs geselecteerd moeten worden. Afhankelijk van het doel van de wapencontrole kan worden gedacht aan probleemklassen (gerichte aanpak) en brugklassen (preventief en signaalfunctie).
Controles rond de school, op het schoolplein en in de fietsenstalling. Te denken valt dan aan het controleren van fietstassen (in of buiten aanwezigheid van leerlingen) en de opbergruimte onder scooterzadels (in aanwezigheid van leerlingen in verband met het openen daarvan). Wanneer fietstassen gecontroleerd worden
37
zonder dat leerlingen hierbij aanwezig zijn, moet de school dit achteraf wel aan de leerlingen melden.
Het personeel op school mag de leerlingen zelf (kleding en lichaam) niet fouilleren.
Medewerking aan de preventieve wapencontroles Het is goed om vooraf na te denken over de consequenties voor leerlingen die weigeren mee te werken aan een preventieve wapencontrole. Wanneer preventieve wapencontroles in de schoolgids zijn opgenomen (zie voorbereidingsfase), hebben ouders/opvoeders en leerlingen zich automatisch verplicht hieraan hun medewerking te verlenen. De school kan leerlingen en hun ouders/opvoeders op deze basis aanspreken op het weigeren van medewerking.
Nazorg en flankerende maatregelen Communicatie richting ouders/opvoeders en leerlingen Als er een preventieve wapencontrole wordt uitgevoerd op school is dit binnen een paar minuten ook bekend via sociale media. Zorg er dus voor dat leerlingen en ouders/opvoeders weten dat dergelijke controles kunnen plaatsvinden in het kader van een veilige school. Natuurlijk is het daarnaast belangrijk om na afloop van een preventieve wapencontrole met ouders/opvoeders en leerlingen te communiceren waarom deze heeft plaatsgevonden. Eventueel kan ook aandacht worden besteed aan de opbrengst van de preventieve wapencontrole en eventuele vervolgacties die vanuit de school genomen zijn. Indien er wapens worden gevonden, zijn er meerdere stappen die de schoolleiding kan nemen of die namens de schoolleiding kunnen worden ondernomen.
38
Op hoofdlijnen gaat het om de volgende stappen:
Informeren van de ouders/opvoeders van een leerling bij wie een wapen is aangetroffen.
Het treffen van een sanctie, zoals een (voorwaardelijke) schorsing. Een schorsing mag maximaal één aaneengesloten week duren. Bij een schorsing langer dan een dag, moet het schoolbestuur de Inspectie van het Onderwijs schriftelijk informeren.
Het in kennis stellen van de politie en het doorgeven van relevante informatie over feiten, omstandigheden en over de leerling.
Wanneer tijdens een preventieve controle een wapen wordt aangetroffen, is het nuttig hierover binnen de school openheid van zaken te geven. Hiermee kan worden voorkomen dat roddels en onjuistheden zich verspreiden en er (ten onrechte) een gevoel van onveiligheid onder leerlingen, ouders/opvoeders en docenten ontstaat.
11 Politie niet inschakelen of juist wel? Het ene wapen is het andere niet. Een belangrijke vraag is met name hoe omgegaan moet worden met het aantreffen van dagelijkse gebruiksvoorwerpen die ook als wapen gebruikt kunnen worden (bijvoorbeeld een schroevendraaier). Als richtlijn kan worden aangehouden dat er altijd aangifte zou moeten volgen na het aantreffen van wapens die concreet in de WWM genoemd staan en derhalve als illegaal wapen gelden. Bij twijfel is het verstandig om contact op te nemen met de politie(contactpersoon), die op basis van de specifieke situatie advies kan geven.
39
Acties politie bij het aantreffen van wapens De politie kan, zoals eerder aangegeven, ter ondersteuning aanwezig zijn bij preventieve wapencontroles. Wanneer specifiek in de WWM opgenomen wapens worden aangetroffen, dienen deze in beslag genomen te worden door de politie. Daarnaast zou de school tot het doen van aangifte over moeten gaan. Wanneer aangifte wordt gedaan, maakt de politie proces-verbaal op tegen de leerling. Deze is dan formeel verdachte in een strafzaak, een feit waarover de politie de ouders/opvoeders en de leerling ook informeert. Wanneer de school geen aangifte wil doen maar wel ondersteuning van de politie wenst, kan de wijk- of jeugdagent hieraan tegemoetkomen in de vorm van het geven van advies over de verdere afhandeling. In overleg met de schoolleiding kan bijvoorbeeld worden besloten tot een gerichte individuele of projectmatige aanpak.
Acties OM bij het aantreffen van wapens Wanneer aangifte is gedaan van illegaal wapenbezit en de politie proces-verbaal tegen een leerling heeft opgemaakt, moet het OM bepalen hoe een zaak wordt afgehandeld. Wanneer de schoolleiding als aangever optreedt, zal deze automatisch een terugkoppeling van het OM over de afhandeling van een strafzaak ontvangen.
Aanvullingen op de wapencontroles Wanneer wapencontroles worden ingevoerd, verdient het aanbeveling dit te combineren met voorlichting over de gevaren van wapenbezit, de strafmaat en de noodzaak van wapencontroles. Er is een gratis leskaart beschikbaar die docenten kunnen gebruiken om wapenbezit in de klas bespreekbaar te maken. De voorlichting kan ook gericht zijn op de ouders/opvoeders. Voor hen kunnen informatieavonden worden georganiseerd. Ouders/opvoeders hebben immers een taak om ervoor te waken dat hun kinderen wapens bij zich dragen. Een folder waarin
40
puntsgewijs is opgenomen wat het veiligheidsbeleid inhoudt, kan onder de ouders/opvoeders worden verspreid. Op die manier kunnen ook ouders/opvoeders die niet op ouder- en informatieavonden komen, op de hoogte worden gesteld. Een andere manier om ouders/opvoeders te bereiken, is het bespreken van het veiligheidsbeleid bij het ‘intakec.q. kennismakingsgesprek’ nadat de leerling en zijn ouders/opvoeders hem/haar hebben aangemeld voor de nieuwe school.
Wapens en groepsdruk
12
Op basis van voorbeelden uit het onderwijs is bekend dat wapenbezit en wapengebruik regelmatig te maken hebben met groepsgedrag en groepsdruk. Het monitoren van groepsdruk in het kader van het verbeteren van een veilig schoolklimaat is dus belangrijk. Het zou goed zijn om als school antwoorden te hebben op de volgende vragen:
Ken je je leerling?
Wat is er tot dusverre allemaal gebeurd in zijn of haar leven?
Is hij of zij gevoelig voor groepsdruk?
Waarom neemt hij of zij een wapen mee naar school?
41
Praktische tIps en voorbeelden Praktisch materiaal om te lezen of te downloaden Wanneer je op zoek bent naar praktische handreikingen, voorlichtings- of lesmateriaal om op school met het thema wapens aan de slag te gaan, kijk dan eens op de websites van de Stichting School & Veiligheid en de Toolbox Wapens en Jongeren van het Centrum voor Criminaliteitspreventie en Veiligheid.
Vragen en antwoorden over veiligheid op school Over het thema school en veiligheid is veel informatie beschikbaar.
Hoe kan ik voorkomen dat wapens, drugs en/of alcohol de school in komen? Lees op welke wijze je binnen de school hierop kan controleren.
Mogen jongeren eigenlijk een mes op zak hebben? De politie geeft antwoord.