[23bb006313] Bijlage behorende bij 23bb006312 - Actieprogramma Meer grip op arbeidsmigratie medio 2023- medio 2026
Tekst van het document
Meer grip op arbeidsmigratie
Actieprogramma EU-arbeidsmigranten Medio 2023 - medio 2026
Inhoud
Voorwoord
3
De Rotterdamse aanpak arbeidsmigratie
4
1. Beter zicht op en contact met EU-arbeidsmigranten
9
A. Zicht op EU-arbeidsmigranten vergroten
9
B. Contact met Rotterdamse EU-arbeidsmigranten vergroten
10
C. Contact tussen EU-arbeidsmigranten en wijkbewoners vergroten
11
2. Goed werkgever- en opdrachtgeverschap
12
A. Goed werkgeverschap
12
B. Goed opdrachtgeverschap
13
3. Leefbare wijken
14
A. Tegengaan van uitbuiting en overlast
14
B. Huisvesting
15
C. Economisch vestigingsbeleid
16
4. Vergroten van zelfredzaamheid en perspectief
18
A. Versterken van zelfredzaamheid van EU-burgers
18
B. Vergroten van perspectief voor zowel professionals als EU-arbeidsmigranten
19
Informatie over het programma
21
Meer grip op arbeidsmigratie 2023 - 2026
2
Voorwoord De Europese vrijheid om te gaan en staan waar je wilt is een groot goed. Eén van de grote voordelen die ons land ervan heeft, is dat we onze personeelstekorten deels kunnen opvangen met werknemers uit andere Europese landen. Dat moeten we koesteren. Maar het leidt ook tot nieuwe problemen. De combinatie van de grote hoeveelheid EU-arbeidsmigranten die zich in onze stad vestigen en de gebrekkige voorwaarden waaronder dat gebeurt, pakt slecht uit voor de kwaliteit van leven in onze wijken. Voor de EU-arbeidsmigranten die hier komen en vaak blijven, en voor de ontvangende wijkbewoners.
We moeten dit onderkennen en aanpakken. We moeten grip op dit fenomeen zien terug te krijgen. En ze helpen verbinding te maken met wijk en buurt. Sinds 2021 heeft Rotterdam een eigen actieprogramma om de uitwassen van EU-arbeidsmigratie te bestrijden en de positie van arbeidsmigranten te verbeteren. Vanuit alle geledingen van de gemeente en samen met vele partners in de stad wordt daar keihard aan gewerkt. We spannen ons ook in om de toenemende overlast van zwervende arbeidsmigranten op straat tegen te gaan. Daar gaan we onverkort mee door. Maar een aanscherping is nodig om meer grip op het gehele fenomeen arbeidsmigratie te krijgen. We gaan nog meer in de actiestand, langs vier lijnen. We zorgen dat we beter zicht krijgen op en contact hebben met EU-arbeidsmigranten. We trekken vaker de wijken in, zoeken EU-migranten actief op. We zorgen dat ze zich vaker registreren in de BRP, dat ze hun rechten en plichten kennen en we begeleiden ze desgewenst bij het vinden van normaal werk en het opbouwen van een normaal bestaan.
We vergroten ten slotte de zelfredzaamheid en het perspectief van EU-arbeidsmigranten in onze stad. We zorgen dat ze hun eigen draai kunnen vinden in onze samenleving door ze toegang te verschaffen tot taallessen, onderwijs, zorg en de reguliere arbeidsmarkt. En we stimuleren hen en medebewoners contact met elkaar te maken in hun buurt en wijk. Grip krijgen op de problemen rond arbeidsmigratie is niet iets wat je van de ene op de andere dag voor elkaar krijgt. Dit is een zaak van lange adem. Die zullen we hebben, op alle niveaus waar het nodig is. In onze wijken, in direct contact met EU-arbeidsmigranten en gevestigde Rotterdammers. In het bouwen van bond genootschappen met werkgevers in stad, regio en land. En in onze lobby naar de wetgever – Tweede Kamer en kabinet – die voor de oplossing van veel problemen de sleutel in handen heeft. We zetten door en houden vast.
We richten ons op goed werkgever- en opdrachtgeverschap. We vormen een bondgenootschap met werk gevers, uitzendbureaus en opdrachtgevers om samen een nieuwe norm te stellen tegen malafide praktijken als uitbuiting op de werkvloer. Ook houden we onze eigen rol als opdrachtgever in het inkoop- en aanbestedingsbeleid tegen het licht. We gaan nog verder om misstanden aan te pakken rond huisvesting, om daarmee de leefbaarheid in onze wijken te verbeteren. Uitbuiting op de werkvloer pakken we vaker en steviger aan. We zien strenger toe op de vestiging van bedrijven in de stad die overlast in de hand kunnen werken. Het verminderen van de overlast heeft hoge prioriteit.
Meer grip op arbeidsmigratie 2023 - 2026
Tim Versnel Coördinerend wethouder EU-arbeidsmigranten
3
De Rotterdamse aanpak arbeidsmigratie Veel EU-arbeidsmigranten vinden hun weg in Rotterdam. Ze leveren een belangrijke bijdrage aan onze maatschappij. Een groeiend deel van de arbeidsmigranten vestigt zich hier (semi) permanent en bouwt hier een leven op, vaak met hun gezin met schoolgaande kinderen. Een gedeelte van de EU-migranten die naar Nederland komt om te werken komt echter in een andere situatie terecht dan hen vooraf is voorgehouden. Zij weten niet altijd voor zichzelf op te komen, spreken vaak geen Nederlands, komen hier met het idee om hier een aantal maanden te blijven en weten veelal niet wat hun rechten, plichten en verantwoordelijkheden zijn. Vaak zijn zij volledig afhankelijk van hun uitzendbureau, die meestal ook hun huisbaas is. Rotterdam wil EU-arbeidsmigranten beter beschermen tegen misstanden en helpen om een normaal leven te leiden. Met de aangescherpte aanpak wil de gemeente meer EU-arbeidsmigranten bereiken en wegwijs in onze samenleving maken en de impact van arbeidsmigratie op de leefbaarheid in wijken als Carnisse, Tarwewijk, Oud-Charlois en Oud-Mathenesse te verbeteren. Dit is van groot belang voor arbeidsmigranten zelf, én voor de Rotterdammers die de afgelopen vijftien jaar grote groepen Europese arbeidsmigranten hebben zien aankomen in Rotterdam, en de sociale samenhang van hun wijk hebben zien veranderen.
Ambitie Het college van B&W streeft ernaar om met een integrale aanpak meer grip op arbeidsmigratie vanuit landen van de Europese Unie te krijgen. Dit doet Rotterdam door in te zetten op (verplichte) inschrijving in de BRP, normen voor fatsoenlijk wonen en werken met gedegen huur- en arbeidscontracten vast te leggen en de mogelijkheid voor EU-burgers om mee te doen in de samenleving te vergroten. En daarmee de leefbaarheid in vestigings wijken te verbeteren. Ook de komende drie jaar neemt Rotterdam het voortouw om de gehele keten van EU-arbeidsmigratie, zowel de oorzaken als de gevolgen, te verbeteren. Om meer grip op deze forse opgave te
krijgen zet Rotterdam in de regio een Coalitie van Doeners op, met samenwerkingspartners uit zowel de publieke als private sector. Hiermee beoogt Rotterdam de aanpak de komende jaren in de reguliere werkzaamheden van de gemeente in te bedden. Tegelijkertijd wil het college andere gemeenten, regio’s en ketenpartners inspireren om een integrale aanpak gericht op EU-arbeidsmigratie op te zetten, en samen te komen tot een betere regionale verdeling van huisvesting, economische bedrijvigheid en werkgelegenheid.
Doelstellingen Om bovenstaande ambitie te bereiken heeft Rotterdam vier integrale opgaven opgesteld, die in de volgende hoofdstukken verder worden toegelicht: 1. Beter zicht op en contact met EU-arbeidsmigranten; 2. Bevorderen van goed werkgever- en opdrachtgeverschap; 3. Leefbare wijken; 4. Vergroten van zelfredzaamheid en perspectief.
Doelgroep In de afgelopen vijftien jaar is het aantal migranten afkomstig uit de Europese Unie dat naar Nederland is gekomen voor werk verviervoudigd. De schatting is dat het aantal arbeidsmigranten inmiddels meer dan 800.000 mensen bedraagt. De meerderheid van deze groep bestaat uit Midden- en Oost-Europeanen. Wanneer huidige trends worden doorgezet neemt het aantal arbeidsmigranten toe tot bijna 1,2 miljoen in 2030.1 In Rotterdam staan ongeveer 40.000 EU-burgers2 uit Midden-, Oost en Zuid-Europa ingeschreven in de gemeentelijke Basisregistratie Personen (BRP). Het daadwerkelijke aantal ligt echter veel hoger, omdat EU-migranten vaak niet in de BRP staan ingeschreven. Van de MOE3- en GIPS4-landers komt verreweg de grootste groep mensen uit Polen en daarna Bulgarije. Deze migratie concentreert zich voornamelijk in de wijken Carnisse, Tarwewijk en
1
SEO, ‘Arbeidsmigratie in 2030. Mogelijke ontwikkeling in vier scenario’s’ (2022).
2
Alle leeftijden.
3
Mensen met een Midden- of Oost-Europese migratieachtergrond.
4
Mensen met een Griekse, Italiaanse, Portugese of Spaanse migratieachtergrond.
Meer grip op arbeidsmigratie 2023 - 2026
4
Oud-Charlois (in Rotterdam-Zuid) en Oud-Mathenesse (in Rotterdam-West). Enkele andere kleinere groepen zijn Roemenen, Slowaken, Letten, Litouwers en andere groepen Oost-Europese arbeidsmigranten. Tot slot zijn er arbeidsmigranten die met een veelal in Oost-Europa
vergeven werkvergunning via een detacheringconstructie in Nederland werken. Deze groep is eveneens een risicogroep omdat zij via ondoorzichtige constructies in Nederland werken.
Figuur 1: aantal in de Rotterdamse BRP ingeschreven MOE- en GIPS-landers per 1 januari5 Land van herkomst
2017
2018
2019
2020
2021
2022
2023
Subtotaal
14.474
15.523
17.141
18.815
20.049
22.100
24.184
Polen
7.528
8.141
8.945
9.636
10.096
10.966
11.660
Bulgarije
2.723
2.895
3.160
3.537
3.902
4.346
5.000
Roemenië
872
1.054
1.293
1.586
1.761
2.035
2.380
Hongarije
1.106
1.119
1.179
1.267
1.343
1.488
1.608
Litouwen
585
596
654
715
698
770
844
Letland
446
459
539
616
683
784
848
Kroatië
434
438
472
528
591
622
669
Slowakije
338
363
415
422
442
521
574
Tsjechië
196
200
209
208
218
235
266
Slovenië
129
138
143
152
161
169
165
Estland
117
120
132
148
154
164
170
Subtotaal
9.960
10.535
11.109
11.995
12.303
13.444
14.721
Portugal
4.001
4.075
4.180
4.399
4.407
4.676
4.937
Spanje
2.483
2.615
2.759
2.968
3.064
3.398
3.777
Italië
2.032
2.270
2.484
2.778
2.874
3.175
3.482
Griekenland
1.444
1.575
1.686
1.850
1.958
2.195
2.525
Totaal
24.434
26.058
28.250
30.810
32.352
35.544
38.905
MOE-landers
GIPS-landers
5
Gemeente Rotterdam, cluster Dienstverlening | Kwaliteit BRP, bewerking afd. Onderzoek en Business Intelligence.
Meer grip op arbeidsmigratie 2023 - 2026
5
Figuur 2: uitsplitsing per nationaliteit in geprioriteerde wijken per 1 januari 20236 Land van Herkomst
Carnisse
Oud-Charlois
Oud-Mathenesse
Tarwewijk
Totaal
1.377
813
628
897
3.715
Bulgarije
715
297
377
555
1.944
Portugal
201
210
213
222
846
Roemenië
177
122
93
136
528
Hongarije
177
98
57
128
460
Spanje
101
113
91
91
396
Griekenland
153
56
71
69
349
Italië
67
85
65
78
295
Letland
65
69
36
60
230
Litouwen
62
45
25
76
208
Slowakije
49
10
29
32
120
Kroatië
25
27
4
13
69
Tsjechië
14
4
10
17
45
Slovenië
4
4
4
4
16
Estland
4
4
4
4
16
Totaal
3.191
1.957
1.707
2.382
9.237
Polen
De gemeente hield oorspronkelijk de landelijke definitie7 van een EU-arbeidsmigrant aan. Om meer maatwerk te kunnen bieden heeft Rotterdam drie subgroepen gedefinieerd: a. de kortverblijvende migrant; b. de vestigingsmigrant; c. de dakloze EU-migrant. Hoewel het onderscheid op individueel niveau niet altijd scherp te maken is, omdat de gemeente geen inzage in het arbeidsverleden van EU-migranten heeft en de groep divers is qua leeftijd en verblijfsduur in Rotterdam, helpt het om maatwerk te leveren en rekening te houden met verschillende behoeften. Zo heeft bij de kortverblijvende migrant registratie en het tegengaan van uitbuiting en slechte huisvesting prioriteit, en heeft de vestigingsmigrant behoefte aan ondersteuning bij taal, integratie en onderwijsvraagstukken. Beide subgroepen lopen verhoogd risico op uitbuiting, omdat ook de vestigingsmigrant de Nederlandse taal vaak niet machtig is en niet altijd in de BRP 6 7
staat ingeschreven. De gemeente Rotterdam zet daarom maatwerk in op beide subdoelgroepen. De derde subgroep, de dakloze EU-migrant, is ondergebracht in het plan van aanpak ’Op weg naar herstel en een thuis’8.
Aangescherpte aanpak gericht op Wijken, Werkgevers en Wetgeving Het rapport Roemer9 liet in oktober 2020 de landelijke urgentie van een integrale aanpak zien. Ook in Rotterdam werden de opgaven steeds zichtbaarder. Sinds 2021 kent Rotterdam met het actieprogramma ‘Werken aan een menswaardig bestaan’10 een integrale aanpak op het gebied van arbeidsmigratie. Vanuit deze aanpak is nieuwe kennis opgedaan over ‘wat werkt’ en neemt Rotterdam een voortrekkersrol in Nederland op het thema arbeidsmigratie in.
Gemeente Rotterdam, cluster Dienstverlening | Kwaliteit BRP, bewerking afd. Onderzoek en Business Intelligence. Een persoon tussen de 18 en 67 jaar uit Midden of Oost-Europa of uit Griekenland, Italië, Portugal of Spanje, die minimaal 18 uur per week werkt, niet voor kennismigratie of studie in Nederland is en maximaal 8 jaar in Nederland verblijft.
8 9
Gemeente Rotterdam, ’Op weg naar herstel en een thuis’ (juli 2023, 23bb004648). Aanjaagteam Bescherming Arbeidsmigranten, ‘Geen tweederangsburgers. Aanbevelingen om misstanden bij arbeidsmigranten in Nederland tegen te gaan’ (2020).
10 Gemeente Rotterdam, actieprogramma ‘Werken aan een menswaardig bestaan, EU-arbeidsmigranten 2021-2025’ (2021).
Meer grip op arbeidsmigratie 2023 - 2026
6
Het is belangrijk dat de situatie van EU-arbeidsmigranten én de leefbaarheid van onze wijken worden verbeterd. Dat is een complexe opgave. De gemeente gaat daarom onverminderd door met inzet op het gebied van registratie, het bevorderen van zelfredzaamheid van arbeids migranten en het tegengaan van uitbuiting en overlast. Tegelijkertijd is de aanpak aangescherpt om in de toekomst meer grip op het fenomeen arbeidsmigratie te krijgen, en structureel beleid te ontwikkelen. Dat kan de gemeente niet alleen. Daarom versterken we onze Rotterdamse inzet in de geprioriteerde wijken (A), gaan we de samenwerking aan met werkgevers (B), en zetten we druk op het Rijk om wetgeving (C) te realiseren.
A. Zichtbare overheid in wijken waar de meeste arbeidsmigranten wonen In wijken met een particuliere woningmarkt, zoals Carnisse, Tarwewijk, Oud-Charlois en Oud Mathenesse, wonen relatief veel EU-arbeidsmigranten. Onderzoek naar verschillende aspecten van EU-arbeidsmigratie in drie wijken op Zuid’11 toont aan dat arbeidsmigratie voor een belangrijk deel permanent is, oftewel veel EU-arbeidsmigranten een nieuw leven in onze stad opbouwen. Ook bleek dat in deze wijken sociale cohesie, arbeidsmigratie en arbeidsuitbuiting elkaar beïnvloeden. De anonimiteit is er groot, de doorstroom
van bewoners is hoog en het particuliere bezit is vaak in handen van woningeigenaren die aan grote groepen arbeidsmigranten verhuren. Medio 2023 zijn de wijkakkoorden vastgesteld. In vestigingswijken zijn diverse opgaven gerelateerd aan EU-arbeidsmigratie geformuleerd, variërend van het versterken van de sociale cohesie en zelfredzaamheid tot het verbeteren van de leefbaarheid met het tegengaan van overlast. Met dit actieprogramma geeft Rotterdam uitvoering aan extra wijkgerichte acties uit de wijkakkoorden, zowel specifiek gericht op EU-arbeidsmigranten als op de leefbaarheid in de wijk als geheel12: Het verbeteren van de bekendheid van het inlooppunt EU-arbeidsmigranten (Mathenesse); Investering in sociale integratie met speciale aandacht voor EU-arbeidsmigranten (Mathenesse); Zorgen voor verbinding met de EU-arbeidsmigranten in de wijk (Oud-Charlois en Wielewaal); Meer en duidelijker uitleggen hoe de gemeente werkt en waar men terecht kan (Oud-Charlois en Wielewaal); Wijkmaatwerk in het verlengde van het actie programma EU-migranten, waaronder casuïstiekoverleg EU-arbeidsmigranten en het concretiseren van de rol en de taak van de welzijnsaanbieder in het kader van het actieprogramma EU-arbeidsmigranten (Carnisse).
· · · · ·
11 RISBO, ‘Gescheiden werelden: een fenomeenonderzoek naar EU-arbeidsuitbuiting, veiligheidsbeleving en sociale cohesie in Carnisse, Oud Charlois en de Tarwewijk’ (2022). 12 Deze doelen en acties zijn aan de vier opgaven in dit actieprogramma toegevoegd.
Meer grip op arbeidsmigratie 2023 - 2026
7
B. Werkgevers: opzetten van een Coalitie van Doeners Het zijn primair werkgevers die arbeidsmigratie stimuleren, en een aanzienlijke rol in de keten van arbeids migratie hebben.13 Via uitleners zoals uitzendbureaus worden vaak constructies opgezet die misstanden in de hand werken. Daarom is het bevorderen van goed werkgever- en opdrachtgeverschap als nieuwe opgave14 opgenomen, gericht op het opzetten van een Coalitie van Doeners met private partijen zoals werkgevers, uitzendbureaus en huisvesters. Daarbij hoort dat Rotterdam ook naar haar eigen rol als opdrachtgever kijkt in het gemeentelijke aanbestedings- en inkoopbeleid.
C. Wetgeving: lobby en samenwerking organiseren om debat en regelgeving te beïnvloeden Rotterdam voelt de effecten van de problematiek rond grootschalige arbeidsmigratie maar mist de instrumenten om iets te veranderen aan de oorzaken. Daarom blijft Rotterdam onverminderd agenderen richting en samenwerken met de regio, het Rijk en Europa om nieuw instrumentarium te verkrijgen die het leven van de arbeidsmigrant en de leefbaarheid in onze wijken structureel moet verbeteren. Tussen 2023-2026 wordt mede op verzoek van Rotterdam veel nieuwe wetgeving geïntroduceerd, waaronder een verplicht certificerings stelsel voor uitzendbureaus, wetgeving met betrekking tot registratie, regie op de volkshuisvesting, goed verhuurderschap en wijzigingen in het Wetboek van Strafrecht om arbeidsuitbuiting eenvoudiger te bewijzen.
Het actieprogramma zorgt ervoor dat de gemeente klaar is om deze wijzigingen goed uit te voeren. Daarnaast houdt Rotterdam de diverse wetsbehandelingen scherp in de gaten, onder meer door deel te nemen aan de bestuurlijke klankbordgroepen arbeidsmigratie van het Rijk en de VNG en te reageren op internetconsultaties. Ook organiseert de gemeente werkbezoeken in de Rotterdamse wijken om bestuurders, Tweede Kamerleden en publieke en private partners kennis te laten maken met de wijkpraktijk, daarmee het politieke debat te voeden en samenwerking op onze aanpak te realiseren. Europese samenwerking tussen lokale, nationale en Europese autoriteiten in zowel herkomst- als bestemmingslanden helpt om misstanden rond arbeidsmigratie effectiever te kunnen aanpakken. Rotterdam deelt kennis over voorlichting aan EU-migranten met andere overheden en zoekt hierbij de samenwerking met nationale en internationale partners zoals ministeries, andere grote steden, ambassades en EU-instanties als de European Labour Authority (ELA) en European Employment Services (EURES). Zij spelen een belangrijke rol bij het informeren van zowel werkgevers als arbeids migranten over hun rechten en plichten bij het aantrekken van internationale werknemers en het werken in andere EU-lidstaten.
Belangrijke thema’s voor de Europese aanpak zijn: voorlichting vóór vertrek, rekruterings processen in herkomstlanden en bestendige terugkeer van dakloze EU-migranten. Er worden werkbezoeken gepland met (ambassadeurs van) herkomstlanden, waarna waar mogelijk gezamenlijke projecten met Europese partners worden opgezet om voorlichting aan EU-arbeidsmigranten te verbeteren.
13 Gemeente Rotterdam, ‘Eindrapportage verkenning arbeidsmarkt EU-arbeidsmigranten Rotterdam’ (2022). 14 Deze aanpak wordt in hoofdstuk 2 beschreven.
Meer grip op arbeidsmigratie 2023 - 2026
8
1. Beter zicht op en contact met EU-arbeidsmigranten Veel EU-arbeidsmigranten blijven onder de radar, doordat ze niet zijn ingeschreven in de BRP en in wijken wonen waar weinig onderling contact is tussen wijkbewoners. Onzeker werk, beperkte taalvaardigheid en weinig contact met de buitenwereld maakt en houdt deze groep vatbaar voor uitbuiting. Bovendien heeft de gebrekkige sociale integratie van arbeids migranten zijn weerslag op deze wijken. Om meer zicht te krijgen op arbeidsmigratie is het cruciaal dat EU-burgers zich inschrijven in de BRP, zodat bekend is wie er wonen in Rotterdam. De kracht van lokale (welzijns-)organisaties en sleutelpersonen wordt vervolgens benut om de netwerken en informatiepositie van wijkbewoners en arbeidsmigranten te versterken. Zo wordt gebouwd aan wijken waar álle Rotterdammers fijn samenleven.
A. Zicht op EU-arbeidsmigranten vergroten 1. Eerste contactmoment benutten voor (voorlichting over) inschrijving in de BRP In alle contactmomenten moedigt Rotterdam inschrijving in de BRP aan, door EU-arbeidsmigranten communicatie middelen mee te geven en voor te lichten over welke rechten en plichten zij opbouwen als zij zich hierin inschrijven. Pas na deze inschrijving kunnen zij namelijk een beroep doen op hulp vanuit officiële instanties. Hierbij benut Rotterdam de gemeentelijke baliecontactmomenten van de RNI-balie (Register Niet-Ingezetenen), de balie Eerste vestiging (BRP) en de huisbezoeken van de gemeentelijke toezichthouders door hier aan nieuwkomers praktische informatie over wonen en werken in Rotterdam en onze dienstverlening te verstrekken. 2. Groepsgewijze inschrijving in de BRP organiseren met werkgevers en uitzendbureaus Vanuit de Coalitie van Doeners worden afspraken gemaakt over de registratie van EU-migranten die bij deze werkgevers in dienst zijn. Rotterdam organiseert samen met werkgevers en uitzendbureaus in de regio groepsgewijze inschrijving voor EU-arbeidsmigranten, zodat zij vanaf aankomst in Rotterdam meteen goed in de BRP staan ingeschreven. Ook maakt de gemeente een digitaliseringsslag om het inschrijfproces aan de balie sneller te laten verlopen, waardoor de gemeente meer mensen op één dag kan inschrijven.
Hiermee kunnen grotere groepen EU-arbeidsmigranten op afspraak worden geregistreerd, wat zowel voor de werkgever als de gemeente efficiënt is.
Meer grip op arbeidsmigratie 2023 - 2026
3. Laagdrempelige DigiD-activering met de DigiD-balie Sinds december 2022 heeft Rotterdam een DigiD-balie op het Zuidplein, waar EU-migranten makkelijk en laagdrempelig een DigiD kunnen activeren en daarmee toegang tot informatie en (digitale) dienstverlening van de Nederlandse overheid verkrijgen. Ook dit contact moment benut de gemeente om de arbeidsmigrant te informeren over de opbouw van rechten en plichten en de risico’s van het niet inschrijven in de BRP. Vanaf 2024 wordt de gemeentelijke dienstverlening rond de DigiD-uitgifte zo mogelijk dichter op de RNI-balie georganiseerd. 4. Verplichte opname van het verblijfsadres en mogelijkheid tot uitschrijving Om zicht te krijgen op wie er in de stad verblijft streeft Rotterdam naar een verplichte opname van het verblijfsadres in de RNI voor mensen die in Nederland willen werken of een bedrijf willen starten. Ook steunt Rotterdam een mogelijke meldplicht, waarbij EU-arbeidsmigranten na vier maanden automatisch per brief door de gemeente worden verzocht om zich in de lokale BRP in te schrijven. Daarnaast voert Rotterdam lobby voor de mogelijkheid om arbeidsmigranten uit de RNI uit te schrijven als ze zich na deze termijn niet hebben geregistreerd in de BRP. Hierdoor kan het aan de RNI gekoppelde BSN niet langer worden gebruikt om tegen lagere belastingtarieven te werken.
Tenslotte maakt Rotterdam zich hard voor het verplichten van inschrijving in de BRP bij inschrijving in het handelsregister van de Kamer van Koophandel, met het oog op de toename van het aantal EU-arbeidsmigranten die via schijnconstructies als zzp’er aan de slag gaan.
9
B. Contact met Rotterdamse EU-arbeidsmigranten vergroten 1. Bereik onder Rotterdamse EU-migranten vergroten met permanente voorlichtingscampagne Met een permanente, doelgroepgerichte communicatieaanpak worden EU-arbeidsmigranten op praktische wijze geïnformeerd over de opbouw van rechten en plichten door inschrijving in de BRP. De campagne bevat laagdrempelig communicatiemateriaal, vanuit waar zowel naar specifiek Rotterdamse informatie15, (overheids)zorg en -hulp als landelijke informatie die voor elke EU-burger hetzelfde is wordt doorverwezen.16 De campagne wordt met behulp van sleutelpersonen, EU-voorlichters en eerstelijnswerkers die in contact staan met EU-migranten (welzijn, onderwijs, zorg, handhaving, werkgevers, etc.) gecommuniceerd. Ook worden er voorlichtingsavonden over specifieke thema’s georganiseerd, zoals over financiën, zorg of voorkomen van uitbuiting. 2. Inzet van sleutelpersonen om meer EU-arbeidsmigranten te bereiken De organisatiegraad onder EU-arbeidsmigranten is laag en vanwege hun diverse nationale en culturele achtergronden zijn er verschillen in de manier waarop ze zich tot elkaar en anderen verhouden. Om EU-burgers van diverse achtergronden beter te bereiken, aan te spreken en te activeren om deel te nemen aan wijkactiviteiten,
intensiveert Rotterdam de sleutelpersonenaanpak. Sleutelpersonen zijn actieve bewoners met een EU-migrantenachtergrond die op vrijwillige basis andere EU-burgers willen helpen. Momenteel zijn er ongeveer 25 sleutelpersonen actief. Rotterdam wil dit netwerk uitbreiden en het netwerk laten ondersteunen door het lokale welzijnswerk, die wijkinitiatieven opzet met arbeidsmigranten en andere wijkbewoners. De sleutelpersonen fungeren in de vier geprioriteerde wijken ook als klankbordgroep voor het actieprogramma. Tijdens deze gesprekken wordt de aanpak tot nu toe besproken, acties in gezamenlijkheid opgezet, en beleid waar nodig aangepast. 3. Bekendheid infopunten EU-arbeidsmigranten vergroten en dienstverlening uitbreiden Veel EU-arbeidsmigranten weten de weg naar gemeentelijke loketten niet goed te vinden. Beperkt vertrouwen in de overheid speelt hierbij een rol. Dit maakt het lastig om gericht hulp te bieden en hen te betrekken bij het samenleven in de wijk. Bij de twee in 2021 geopende infopunten EU-arbeidsmigranten in Oud-Mathenesse en Charlois kunnen EU-migranten op een laagdrempelige manier terecht voor informatie, advies en ondersteuning. De infopunten worden in het bijzonder gevonden door arbeidsmigranten die kampen met meervoudige complexe problemen. De hier werkzame EU-voorlichters helpen deze EU-migranten goed op weg naar dienst verlening binnen of buiten de gemeente.
Deze dienst
15 www.rotterdam.nl/eu-arbeidsmigranten. 16 www.workinnl.nl.
Meer grip op arbeidsmigratie 2023 - 2026
10
verlening wordt uitgebreid door de openingstijden te verruimen en met een HalloWerk-balie waar mensen worden toegeleid naar omscholing of bonafide werk. 4. Voorlichting en bereikbaarheid vergroten met de wijkbus Met een dienstverlening ‘light’ breidt Rotterdam de dienstverlening uit naar aandachtsgebieden, zoals specifieke buurten in het Centrum, Feijenoord, IJsselmonde en Delfshaven. Hier worden zowel met pop-up spreekuren op wijklocaties als met de inzet van een wijkbus17 voorlichtingsmomenten georganiseerd op plekken waar veel EU-arbeidsmigranten komen, zoals markten, schoolpleinen en op de werkplaats van grote werkgevers. Met deze (mobiele) inzet ontstaat flexibiliteit om EU-arbeidsmigranten op plekken te bereiken waar zij regelmatig komen, en hen snel en gericht te informeren over de gemeentelijke dienstverlening.
C. Contact tussen EU-arbeidsmigranten en wijkbewoners vergroten 1. Wijkontmoetingen en -activiteiten organiseren en sociale integratie stimuleren EU-arbeidsmigranten en andere wijkbewoners leven vaak in gescheiden werelden. Het leven van EU-arbeidsmigranten in Rotterdam wordt veelal gekenmerkt als hard werken met weinig vrije tijd, waardoor zij weinig participeren aan sport of het verenigingsleven. Buurt bewoners met EU-arbeidsmigranten als buren zeggen over het algemeen weinig contact met hen te hebben vanwege de taalbarrière en dat zij niet veel thuis zijn. Om het contact tussen EU-arbeidsmigranten en andere bewoners te bevorderen worden vanuit het wijknetwerk laagdrempelige ontmoetingen in de wijk georganiseerd. Ook sleutelpersonen met een EU-achtergrond worden bij de organisatie van deze wijkactiviteiten, zoals een wijkfeest, Walk and Talk club, schoonmaakactie of jongerenactiviteit, betrokken. De gemeente informeert instanties die met EU-arbeidsmigranten in contact staan over de bestaande mogelijkheden om een financiële bijdrage en ondersteuning via de wijkraad aan te vragen voor buurtinitiatieven gericht op het versterken van het wijknetwerk.
17 De wijkbus wordt vormgegeven met de Mobiele Wijkhub, een verrijdbare voorziening die op locaties komt waar de aanwezigheid van de gemeente gewenst is.
Meer grip op arbeidsmigratie 2023 - 2026
11
2. Goed werkgever- en opdrachtgeverschap Het merendeel van de EU-migranten komt naar Nederland voor werk. Zij werken veelal via uitzendbureaus in laagbetaalde sectoren in de regio, waar veel vraag is naar (fysieke) arbeid en flexwerk, zoals de glastuinbouw, vleesverwerkingsindustrie, logistiek en distributiesector. Ook is een substantieel deel als ZZP’er actief in de bouw. In deze sectoren is al lang geen sprake meer van seizoensarbeid. Rotterdam wacht niet tot het verplichte certificeringsstelsel voor uitzendbureaus en de naleving daarvan gereed is, maar gaat nú al aan de slag met het bevorderen van goed werkgeverschap. Door duurzaam samen te werken met private partners verwacht Rotterdam dat de rechten en het welzijn van de arbeidsmigranten drastisch kunnen worden verbeterd. Bonafide bedrijven die op een verantwoorde manier arbeidsmigranten inhuren en/of huisvesten kunnen gewenst gedrag stimuleren bij bedrijven die nog niet zover zijn. Hoewel de gemeente op dit terrein geen wettelijke plicht heeft, wil Rotterdam vanuit een aanjaagfunctie het speelveld positief beïnvloeden en beweging in de sector én in het maatschappelijk debat creëren.
Om in haar rol als opdrachtgever het goede voorbeeld te geven gaat de gemeente voorwaarden in het eigen inkoop- en aanbestedingsproces opnemen over goede werk-, woon en leefomstandigheden voor EU-arbeidsmigranten en actief op de naleving van die voorwaarden controleren.
A. Goed werkgeverschap Arbeidsmigranten doen vaker dan Nederlandse werk nemers zwaar en gevaarlijk werk, waarbij regels gericht op gezond en veilig werken niet goed in acht worden genomen. De meeste arbeidsmigranten hebben te maken met het minimumloonniveau en variabele, onvoorspelbare werkuren.18 Bij Goed Werkgeverschap gedraagt een uitzendbureau of werkgever zich als een goed werkgever, met als uitgangspunt dat hij of zij zorgdraagt voor een goede kwaliteit van het werk, de werkomgeving en huisvesting. Hierbij valt te denken aan registratie in de BRP, ontkoppeling van arbeids- en huisvestingscontract, verzekering bij ziektekosten, bedrijfsgezondheidszorg en werk-naar-werk bemiddeling. Bij kortblijvende arbeidsmigranten is daarnaast ook aandacht voor de woonsituatie en het woon-werkverkeer en bij vestigingsmigranten additionele aandacht voor taal en inburgering. 1. Oprichting van een regionale Coalitie van Doeners gericht op Goed werkgeverschap Uitzendbureaus en werkgevers zijn belangrijke partners als het gaat om het verbeteren van de werksituatie van EU-arbeidsmigranten. Rotterdam wil daarom de komende jaren een Coalitie van Doeners vormen,
bestaande uit werkgevers, uitzendbureaus en huis vesters uit de regio, die het Goed Werkgeverschap voor EU-arbeidsmigranten samen gaan vormgeven. Om tot deze coalitie te komen gaat de gemeente pro actief private partijen, brancheverenigingen en regio gemeenten benaderen in sectoren waarin veel arbeidsmigranten werken. De coalitie stelt een gezamenlijke ambitie op met bijbehorende afspraken waaraan alle partijen zich willen gaan houden. Ook vraagt Rotterdam hen om een voorbeeldfunctie van Goed werkgeverschap te zijn voor andere uitzendbureaus, werkgevers en huisvesters. Zelf wil de gemeente ook een goede werk- en opdrachtgever zijn, onder meer door aan uitzendbureaus die door de gemeente worden ingehuurd te vragen zich aan deze afspraken te gaan houden. 2. Ondersteuning aan werkgevers en uitzendbureaus bij de uitvoering van Goed Werkgeverschap Het Werkgevers Service Punt Rijnmond (WSPR) ondersteunt uitzendbureaus en werkgevers actief bij de uitvoering van Goed Werkgeverschap. Dit doet zij door zoveel mogelijk werkgevers en uitzendbureaus die bemiddelen in branches waar veel EU-arbeidsmigranten werken te informeren over wat Goed Werkgeverschap behelst, zoals alle belangrijke rechten en verplichtingen die werkgevers moeten weten bij het werken met
18 SEO, ‘Goed werkgeverschap voor kortverblijvende arbeidsmigranten’ (2022).
Meer grip op arbeidsmigratie 2023 - 2026
12
arbeidsmigranten. Ook worden zij actief geïnformeerd over de gevolgen van het niet goed uitvoeren hiervan en waar nodig aangesproken op hun verantwoordelijkheid. Er wordt een meldpunt ingericht waar het niet nakomen van Goed Werkgeverschap gemeld kan worden, en werk-naar-werk trajecten kunnen worden gestimuleerd.
B. Goed opdrachtgeverschap Goed Opdrachtgeverschap is in gemeentelijke opdrachten een uitgangspunt van het gemeentelijk Inkoop- en Aanbestedingsbeleid. In dat kader kan de gemeente opdrachtnemers contractueel aanspreken op de werk-, woon- en leefomstandigheden van EU-arbeidsmigranten -voor zover de opdrachtnemers daarvoor verantwoordelijkheid hebben- die via die opdrachtnemers worden ingehuurd. In de vorm van een pilotproject kijkt Rotterdam hoe opdrachtnemers effectief kunnen worden gestimuleerd en verantwoordelijk kunnen worden gehouden voor de woon-, werk- en leefomstandigheden van ingehuurde EU-arbeidsmigranten. Ook worden relevante kaders en instrumenten voor de verschillende gemeente lijke afdelingen uitgewerkt, en bewustwording gecreëerd en eigenaarschap gestimuleerd voor de verdere uit werking van deze aanpak. 1. Juridische kaders uitwerken voor het toetsen van inkoop- en aanbestedingscontracten De wettelijke kaders van de Aanbestedingswet, de Wet Bibob en contractuele afspraken bieden de gemeente mogelijkheden om malafide partijen als opdrachtnemer te weren. Naleving van arbeidswet- en regelgeving is daarbij één van de aandachtspunten. Wanneer de gemeente signalen of vermoedens heeft van misstanden
Meer grip op arbeidsmigratie 2023 - 2026
kan ze onderzoeken (laten) uitvoeren op gegunde en gecontracteerde partijen om te controleren of zij zich aan de spelregels houden. Aan deze onderzoeken wordt het zorgen voor goede woon-, werk- en leefomstandigheden voor EU-arbeidsmigranten toegevoegd. De onderzoeken kunnen ook betrekking hebben op uitzendorganisaties die door de gemeente worden ingehuurd. Dit laatste wordt momenteel nog niet gedaan; wel heeft de gemeente de wettelijke bevoegdheid om dit te doen. Met een pilotproject gaat Rotterdam bepalen binnen welke juridische kaders en op welke manier het uitvoeren van dergelijke onderzoeken kan worden geïntegreerd in het reguliere inkoopproces van de gemeente. 2. Medewerkers trainen op het toezicht op bepalingen in aanbestedingscontracten Als opdrachtgever van grote projecten, zoals de bouw van scholen en infrastructuur, besteedt de gemeente Rotterdam deze projecten aan. Opdrachtnemers huren onderaannemers in. Onder andere op grond van de Wet Ketenaansprakelijkheid is de gemeente als opdracht gever deels verantwoordelijk en aansprakelijk voor wat de opdrachtnemer als werkgever doet. De gemeente heeft al bepalingen in de aanbestedings- en contractstukken opgenomen om te zorgen dat de arbeidswet- en regelgeving wordt nageleefd. Extra aandacht voor bewustwording van deze aansprakelijkheid in de gemeentelijke organisatie is nodig.
Om die bewust wording te creëren en te vergroten en de risico’s op uitbuiting in deze keten te verminderen, gaat de Nederlandse Arbeidsinspectie (NLA) de gemeente trainen om uitbuiting bij onderaannemers te voorkomen.
13
3. Leefbare wijken Helaas krijgen EU-arbeidsmigranten nog steeds te maken met misstanden. Zo zijn er werk gevers en malafide tussenpersonen die handig inspelen op het gebrek aan regelgeving en daarmee arbeidsmigranten als verdienmodel gebruiken. Abominabele huisvesting, waarbij meerdere mensen zelfs in kelderboxen van tien vierkante meter wonen, zorgt voor overlast in de wijk. Rotterdam houdt samen met ketenpartners toezicht op bestaande regelgeving en intensiveert periodieke controles in woningen en op bouwplaatsen. De Wet goed verhuurderschap geeft gemeenten meer bevoegdheden om misstanden aan te pakken en een hogere standaard bij het huisvesten van arbeidsmigranten te realiseren. Met de invoering van een verhuurvergunning woonruimte in Carnisse wordt voorkomen dat verhuurders die misbruik maken van de situatie hier nog langer kunnen gedijen. Hiermee wordt overlast verminderd en de leefbaarheid in wijken met een grote particuliere woningvoorraad verbeterd. A. Tegengaan van uitbuiting en overlast 1. Ketensamenwerking op misstanden rondom EU-arbeidsmigranten optimaliseren Via de gemeentelijke website, 14010 en collega’s uit de wijk komen signalen van misstanden (zoals zorg- of uitkeringsfraude, illegale bouw, woon- of horecaoverlast, achterstallig woningonderhoud, arbeidsuitbuiting en afval) binnen.
De projectmedewerker arbeidsuit buiting fungeert als centraal punt vanuit waar deze signalen worden geanalyseerd met samenwerkings partners19, waarna locaties ofwel zelfstandig door één van de samenwerkingspartners ofwel gezamenlijk worden gecontroleerd. Dit kan zowel een woon- als een bedrijfspand of -locatie zijn. Overtredingen worden waar mogelijk beëindigd, en waar nodig benut voor verder onderzoek door onder andere het Regionaal Informatie- en Expertise Centrum (RIEC). Vaak geven verhuurders aan dat inschrijven niet is toegestaan, waardoor EU-migranten niet juist zijn geïnformeerd. In deze gevallen zorgt de gemeente ter plekke voor inschrijving waar mogelijk. Daarnaast wordt onderzocht welke juridische mogelijkheden de gemeente heeft om op te treden bij panden waarin wordt gewoond, maar die volgens het bestemmingsplan een andere bestemming hebben. Om de goed lopende ketenaanpak met samenwerkingspartners zoals de Arbeidsinspectie, Openbaar Ministerie, Politie, AVIM20, Belastingdienst, FIOD en het UWV effectief te houden wordt continu met hen bekeken waar
de samenwerking verbeterd kan worden, en wat nieuwe ontwikkelingen (zoals veranderende wetgeving) zijn. Zo worden de gegevens uit de RNI, zodra deze beschikbaar komen, gebruikt als bron voor signalen, waardoor de gemeente naar verwachting meer adressen op overbewoning kan controleren. Ook werkt Rotterdam samen met zorgpartners en woningcorporaties om dakloosheid te helpen voorkomen en stimuleert de Coalitie van Doeners werk naar werk transities om te voorkomen dat zij werkloos raken. De ketensamenwerking die binnen de aanpakken Goed Huren en verhuren en EU-arbeidsmigranten is opgezet wordt gedurende de looptijd van het programma in de reguliere bedrijfsvoering van de gemeente opgenomen, omdat controle op deze mis standen rondom inschrijving, huisvesting, uitbuiting en (woon)overlast altijd nodig zal zijn. 2. Samenwerking met externe ketenpartners uitbouwen om arbeidsuitbuiting te bestrijden De Nederlandse Arbeidsinspectie houdt toezicht op een gezonde en veilige werkomgeving en eerlijke uitbetaling van werknemers. De succesvolle samenwerking met de NLA wordt, zowel preventief als repressief, voortgezet en geïntensiveerd, onder andere met controles op bouwlocaties. Door de inzet van extra toezichthouders, informatie-uitwisseling en het uitvoeren van meer eigen onderzoeken en controles worden steeds meer malafide partijen opgespoord die arbeidsmigranten uitbuiten.
De verzamelde informatie wordt gedeeld met de NLA, die (hoge) boetes kan geven of opsporingsonderzoeken naar arbeidsuitbuiting kan starten, waarna het Openbaar Ministerie tot strafrechtelijke vervolging
19 Hieronder valt ook het in het wijkakkoord genoemde casuïstiekoverleg Carnisse Tarwewijk. 20 Afdeling Vreemdelingenpolitie, Identificatie en Mensenhandel.
Meer grip op arbeidsmigratie 2023 - 2026
14
over kan gaan. Toezichthouders worden periodiek getraind om arbeidsuitbuiting te signaleren, samen te werken binnen en buiten de gemeente en kennis te hebben van elkaars bevoegdheden. Daarnaast trekt de gemeente de komende jaren samen met de NLA op om ‘daglonersmarkten’ (alternatieve plekken voor werkverdeling, zoals Bulgaarse supermarkten) tegen te gaan en controles uit te voeren in nieuwe risicobranches, zoals ondergrondse werken en de aanleg van glasvezelnetwerken. Ook lopen de gemeente en NLA samen vooruit op nieuwe wetgeving zoals de verplichte certificering van uitzendbureaus en hoe beide partijen elkaar kunnen versterken in de uitvoering van deze wetgeving. Ook de AVIM is een belangrijke partner bij integrale controles. De AVIM is primair belast met het toezicht op vreemdelingen en heeft de bevoegdheid maatregelen aan vreemdelingen op te leggen. De belangrijkste taak van de vreemdelingenpolitie is het opsporen van criminele vreemdelingen en vreemdelingen die overlast veroorzaken. Het doel van de Rotterdamse aanpak van arbeidsuitbuiting is niet zozeer om illegale werknemers op te sporen, wel om ervoor te zorgen dat malafide bedrijven deze mensen niet meer ronselen om voor hen te werken voor een te laag loon en abominabele huisvesting. En om overlast te verminderen.
Met de modernisering van artikel 273f WvS21 kan arbeidsuitbuiting of ‘ernstige benadeling’ mede worden bewezen door het aantonen van het aanbieden van ondermaatse huisvesting door een bedrijf of uitzend bureau. Gemeenten zouden hier een belangrijke rol in kunnen spelen, vanuit de controles die de bouw inspecteurs in woonpanden uitvoeren. Naast een bestuurlijke aanpak op huisvesting biedt dit ook meer kansen voor een strafrechtelijke aanpak van arbeids uitbuiting, in samenwerking met het Openbaar ministerie. Casussen kunnen in RIEC-verband worden besproken. 3. Signalen van arbeidsuitbuiting inbrengen in het handhavingsknelpunt mensenhandel Veel arbeidsmigranten wonen in Rotterdam en werken elders. Dit maakt een regionale samenwerking onontbeerlijk. Via het RIEC kunnen signalen worden ingediend waardoor alle RIEC-partners en gemeenten in de regio of daarbuiten zich kunnen buigen over en hand haven op bedrijven die de regels overtreden. Rotterdam wedijvert voor een zogenaamd ‘handhavingsknelpunt Mensenhandel’ bij het RIEC, waardoor signalen van
arbeidsuitbuiting (en criminele en seksuele uitbuiting) eenvoudiger en privacyproof kunnen worden besproken en uitgelopen.22
B. Huisvesting 1. Huisvestingsopgave voor EU-arbeidsmigranten in beeld brengen Arbeidsmigratie van binnen de EU is een blijvend fenomeen. Dat wordt ook onderkend door het Rijk in het programma ‘Een thuis voor iedereen’ en de hieruit voortvloeiende ‘Wet versterking regie volkshuisvesting’. Deze wet verplicht de gemeente tot het opstellen van een woonzorgvisie voor aandachtsgroepen waaronder EU-arbeidsmigranten. Rotterdam maakt een integrale woonzorganalyse waarin de huidige vraag van doelgroepen en toekomstige huisvestingsbehoefte in beeld wordt gebracht. Ook maakt Rotterdam een woonzorg visie, waarin EU-arbeidsmigranten benoemd worden, die als input kan dienen voor de regionale woonzorgvisie. 2. Bekendmaken meldpunt waar verhuurders melding kunnen maken van huurmisbruik De Wet goed verhuurderschap, die op 1 juli 2023 van kracht werd, introduceert een aantal dwingende algemene regels van goed verhuurderschap waar verhuurders zich aan moeten houden. De gemeente heeft een digitaal meldpunt geopend waar verhuurders melding kunnen maken van huurmisbruik. Dit kan alleen nadat is ingelogd met een DigiD. Omdat niet alle arbeids migranten hierover beschikken, worden zij actief naar de DigiD-balie op het Zuidplein verwezen. 3.
Toezicht op loskoppeling van het arbeids- en huurcontract en informatieplicht huurders Verhuurders moeten aan arbeidsmigranten altijd een aparte huurovereenkomst aanbieden, die geen onderdeel mag zijn van een arbeidsovereenkomst. Verlies van een arbeidsrelatie mag bij wet niet automatisch leiden tot direct verlies van de woning. Daarnaast moeten huurders geïnformeerd worden over alle rechten en plichten. Arbeidsmigranten zijn het Nederlands en vaak ook het Engels niet machtig. De wet Goed Verhuurder schap schrijft daarom voor dat arbeidsmigranten door de huurbaas altijd moeten worden geïnformeerd in de taal die zij goed begrijpen. In de meeste gevallen is dit de moedertaal. De gemeente gaat actief controleren op naleving van deze verplichtingen. Omdat dit een nieuwe bevoegdheid betreft maakt Rotterdam hierover afspraken
21 Vaststelling naar verwachting eind 2023. 22 De verwachting is dat dit handhavingsknelpunt nog in 2023 operationeel wordt.
Meer grip op arbeidsmigratie 2023 - 2026
15
met ketenpartners en stelt werkinstructies op om de toezicht en handhaving effectief in te richten. De gemeente maakt gebruik van de wettelijke bevoegdheid om een bestuurlijke boete op te leggen als wordt geconstateerd dat niet aan de verplichtingen wordt voldaan. De opgelegde boete wordt openbaar gemaakt, om malafide werkgevers en huisvesters te dwingen zich aan de wet te houden. Ook kunnen zij niet doorgaan met hun praktijken nu huurders vooraf kunnen inzien of de werkgever of huisvester zich eerder schuldig heeft gemaakt aan malafide praktijken. Dit waarborgt de transparantie en zorgt ervoor dat arbeidsmigranten de rechten verwerven waar zij wettelijk gezien recht op hebben. 4. Invoering verhuurvergunning woonruimte Carnisse voor toezicht op de huurprijs De gemeente heeft in Carnisse de verhuurvergunning woonruimte ingevoerd, waarmee Rotterdam kan handhaven op de hoogte van de huren. In 2024 vindt een evaluatie plaats waarin de invoering van de verhuur vergunning in Carnisse wordt getoetst. Hierin wordt ook onderzocht of de aspecten van de Wet goed verhuurderschap gericht op EU-arbeidsmigranten adequaat worden ge(waar)borgd. 5. Aanpak van illegale situaties in kelderboxen en schuurtjes De gemeente voert maandelijks integrale controles uit,
Meer grip op arbeidsmigratie 2023 - 2026
samen met zorg- en veiligheidspartners, op ongewenste en illegale situaties bij huisvesting van dakloze EU-migranten. Bij constatering van illegale situaties wordt waar mogelijk een minnelijk traject opgestart met de eigenaar, en indien noodzakelijk een handhavingstraject opgestart. Hierdoor worden malafide eigenaren aangepakt en arbeidsmigranten beter beschermd voor de mensonterende omstandigheden waarin zij in kelder boxen en schuurtjes verbleven. De EU-migranten worden waar mogelijk toegeleid naar de juiste zorg of hulpverlening.
C. Economisch vestigingsbeleid 1. Opstellen wijkgericht brancheringsplan Het economisch perspectief is een belangrijke reden waarom EU-arbeidsmigranten naar Rotterdam komen. Hun komst brengt ook de vestiging van Poolse en Bulgaarse niet-reguliere supermarkten, slijterijen, kapperszaken en administratiekantoren met zich mee. Dit heeft soms uitwassen tot gevolg zoals illegale handel in drank en sigaretten en buurtoverlast. En in ernstige situaties het ronselen van EU-arbeidsmigranten voor illegale arbeid en (normaliter gratis) dienstverlening tegen torenhoge tarieven. In een aantal winkelgebieden werkt de gemeente samen met vastgoedeigenaren, winkeliers en de buurt aan een brancheringsplan dat aansluit bij de wijk. Brancheringsplannen zijn afhankelijk van medewerking van vastgoedeigenaren en niet via de overheid afdwing-
16
baar. Inzet is een gevarieerde branchering. Deze aanpak moet uiteindelijk een toekomstbestendige mix van functies opleveren waardoor de leefbaarheid in de wijk wordt vergroot. Het stellen van nadere eisen binnen een branche (bijvoorbeeld aan de afkomst van een onder nemer) is niet mogelijk (EU-dienstenrichtlijn). Indien nodig kan de gemeente (leegstaande) panden opkopen en voorzien van een nieuwe, duurzame invulling zoals een goede maatschappelijke voorziening, winkel of horeca. Vervolgens worden deze panden (met voorwaarden) weer verkocht. Op deze manier kan de gemeente als eigenaar sturen op de branchering. Ook voert het Bestuurlijk Toezicht Team, een integraal team gecoördineerd door de gemeente, periodiek integrale controles uit bij dit type detailhandel. 2. Eisen aan huisvesting en werkgelegenheid stellen bij de vestiging van nieuwe bedrijvigheid Rotterdam gaat voorwaarden opstellen voor de vestiging van nieuwe (grote) bedrijven die werkgelegenheid creëren waarbij gebruik wordt gemaakt van het arbeidspotentieel van EU-arbeidsmigranten. Hierin wordt opgenomen dat nieuw te vestigen bedrijven (in de bedrijfseffectrapportage) op moeten nemen hoeveel EU-arbeidsmigranten naar verwachting werkzaam zullen zijn binnen het bedrijf, en moeten zij vooraf aangeven hoe de passende huisvesting van deze EU-arbeidsmigranten wordt geregeld.
Als dit niet voldoende kan worden aangetoond, dan kunnen bedrijven uit Rotterdam worden geweerd.
Meer grip op arbeidsmigratie 2023 - 2026
3. Regionale samenwerking versterken voor een betere verdeling van huisvesting en werkgelegenheid Rotterdam is slechts één gemeente binnen een regio waarin de laatste jaren de economische bedrijvigheid is gestegen, mede dankzij de inzet van EU-arbeidsmigranten. Het is daarom van belang dat er op regionaal niveau afsprakenkaders worden opgesteld, om te voorkomen dat bedrijven zich vestigen in gemeenten waar de regels soepeler zijn dan in andere gemeenten. Regie voeren op de vestiging van nieuwe bedrijvigheid zoals distributiecentra vergt ook dat er goed wordt gekeken naar de invulling van de gecreëerde arbeidsplaatsen en benodigde huisvesting. Dit vraagstuk overschrijdt gemeentegrenzen en vereist stevige impulsen en regie van zowel het Rijk als de provincie Zuid-Holland. Rotterdam agendeert aan regionale en nationale overlegtafels de urgentie om te komen tot gezamenlijke regionale afspraken op het gebied van werkgelegenheid, nieuwe bedrijvigheid en huisvesting van arbeidsmigranten, onder regie van de provincie.
17
4. Vergroten van zelfredzaamheid en perspectief EU-arbeidsmigranten streven naar een betere toekomst voor henzelf en hun gezinnen. Om alle EU-arbeidsmigranten, ook degenen die in een afhankelijkheidspositie van derden zitten, in staat te stellen zelfredzamer te worden is gedifferentieerde inzet nodig. Registratie, fatsoenlijk werk en een adequate woning zijn niet genoeg om volwaardig mee te draaien in de maatschappij. Niet voor de migrant die hier kort verblijft, en zeker niet voor de vestigingsmigrant. Om je weg te vinden is het belangrijk dat je de Nederlandse taal spreekt, je kinderen onderwijs volgen en je relevante verzekeringen afsluit. Rotterdam helpt hierbij door de toegang tot de (eerstelijns)gezondheidszorg te verbeteren en arbeidsmigranten toe te leiden naar een beter (arbeids)perspectief. A. Versterken van zelfredzaamheid van EU-burgers 1. Stimuleren van het leren van de Nederlandse taal Het leren van de Nederlandse taal bevordert niet alleen het integratieproces, maar beschermt ook tegen uitbuiting en misstanden. Veel arbeidsmigranten die al langer in Rotterdam wonen geven aan de Nederlandse taal te willen leren. Des te langer iemand in Nederland woont, des te lastiger dit wordt. Daarom worden nieuwkomers gestimuleerd om een Nederlandse taalcursus te gaan doen.
Omdat onder EU-arbeidsmigranten een grotere uitval van taaltrajecten dan gemiddeld voorkomt spant de gemeente zich samen met taalaanbieders in om uitval te voorkomen. De gemeentelijk gecontracteerde taalaanbieders bieden lessen aan die voor EU-arbeids migranten praktisch te volgen zijn, namelijk in het weekend en de avonduren. Hierin wordt het leren van het Nederlands gecombineerd met thema’s uit het dagelijks leven, zodat de zelfredzaamheid wordt vergroot. Ook worden deelnemers na afronding van een taal traject gestimuleerd om verder te gaan met het Nederlands leren, vanuit de doorlopende leerlijn die in het Rotterdamse taalaanbod centraal staat. Medewerkers van de gemeente en de Huizen van de Wijk wijzen geïnteresseerde EU-arbeidsmigranten op het beschikbare taalaanbod en organiseren wervings acties om EU-migranten actief naar taalcursussen te bemiddelen. Taalaanbieders worden gewezen op de mogelijkheid om subsidies aan te vragen voor maat werkinitiatieven gericht op EU-arbeidsmigranten, zoals het aanbieden van taallessen aan ouders op scholen in de wijk.
EU-arbeidsmigranten die niet geregistreerd staan in de BRP hebben alleen toegang tot informele taalactiviteiten zoals conversatielessen, taalcafés en Walk en Talk Clubs, die worden aangeboden door welzijnsorganisaties, bibliotheken of wijknetwerken. 2. Welzijnswerk ondersteunt EU-bewoners in de geprioriteerde wijken Het welzijnswerk speelt een belangrijke rol bij het ondersteunen van bewoners in de wijk en het verwijzen naar relevante instanties. In wijken waar veel EU-arbeidsmigranten wonen wordt de rol en de taak van de welzijnsaanbieder verder geconcretiseerd. De welzijnspartijen werken aan het vergroten van netwerken en het creëren van verbindingen tussen EU-arbeidsmigranten en welzijns- en zorginstanties. Hierbij maken zij gebruik van vrijwilligers met een EU-achtergrond, zowel bewoners als ondernemers. Ze organiseren spreekuren in de Huizen van de Wijk en geven trainingen aan EU-bewoners, zoals (toeleiding naar) cursussen Nederlandse taal en hoe om te gaan met geld. Ook organiseren zij activiteiten waar alle buurtbewoners elkaar beter kunnen leren kennen. 3. Beter organiseren van (gezondheids)zorg Arbeidsmigranten kampen door slechte werk- en leefomstandigheden regelmatig met gezondheidsproblemen. Zij melden zich echter niet snel ziek, onder andere uit angst om hun baan te verliezen. Mensen blijven dus vaak lang rondlopen met fysieke en mentale klachten.
Om deze situatie te verbeteren zet Rotterdam in op het beter toegankelijk maken van de eerstelijnsgezondheidszorg voor arbeidsmigranten met voorlichting over hoe de zorg in Nederland is geregeld, in samenwerking met diverse instanties.23
23 Instanties zoals het wijkteam, de GGD, de Landelijke Huisartsen Vereniging, Rijnmond dokters, de straatdokters, tandartsen en adviesorganisatie Samergo.
Meer grip op arbeidsmigratie 2023 - 2026
18
Op basis van een behoeftepeiling onder partners in de gezondheidszorg en EU-arbeidsmigranten bekijkt de gemeente op welke wijze Rotterdam invulling geeft aan een pilot ‘online gezondheidszorg’. Digitale zorg geeft de mogelijkheid om zorg op afstand te leveren en om zorgaanbod in de eigen taal aan te bieden. Hybride zorg, waarbij huisartsenzorg online wordt verleend wanneer mogelijk en fysieke zorg in een praktijk wanneer nodig, is ook een optie. 4. Toeleiding naar juridische ondersteuning Het blijkt in de praktijk voor EU-arbeidsmigranten vaak lastig om voor hun rechten op te komen. Daarom werkt de gemeente vanuit de Infopunten EU-arbeidsmigranten samen met de Sociaal raadslieden om de toeleiding naar juridische dienstverlening aan EU-arbeidsmigranten te verbeteren. Er worden pop-up spreekuren ingezet, bij voorkeur in de avonduren, waar arbeidsmigranten (en andere bewoners) hulp kunnen krijgen bij civiel rechtelijke kwesties zoals het huur- en arbeidsrecht.
B. Vergroten van perspectief voor zowel professionals als EU-arbeidsmigranten 1. Verduidelijken rechtspositie EU-migranten met een rechtentool De juridische werkelijkheid ten aanzien van de rechten van EU-burgers is erg complex. EU-arbeidsmigranten die niet ingeschreven staan kunnen geen gebruikmaken
Meer grip op arbeidsmigratie 2023 - 2026
van zorg en andere voorzieningen, zoals taalcursussen. Als zij voornemens zijn langer te verblijven dan vier maanden is registratie in de BRP verplicht. De Rijksoverheid ontwikkelt momenteel een rechtentool die gemeenten moet helpen om deze rechten beter inzichtelijk te hebben en EU-burgers zo sneller te helpen. Vanuit de gemeentelijke website verwijst Rotterdam straks naar deze tool. 2. Professionals deskundig maken op wet- en regelgeving en cultuursensitiviteit Zorg- en hulpverleners hebben behoefte aan meer inzicht in de rechten, plichten, mogelijkheden en culturele achtergronden van EU-arbeidsmigranten. Dit vereist periodieke training en up-to-date werkinstructies. Deskundigen worden ingezet om expertise te bieden op specifieke gebieden zoals huurrecht, gezondheidszorg en de Wmo. De EU-voorlichters fungeren hierin als bruggenbouwers richting de ketenpartners. Het doel is om een gericht handelingsperspectief te bieden aan professionals en eenduidige informatie te verstrekken over rechten en plichten. Dit zorgt voor betere uitvoering van maatregelen en naleving van wet- en regelgeving. 3. Zorgstructuur voor schoolgaande EU-kinderen opzetten om onderprestatie te voorkomen Het aantal kinderen van Midden-, Oost en Zuid-Europese afkomst neemt jaarlijks toe. Veel ouders en kinderen zijn betrekkelijk kort in Nederland.
Dit levert soms problemen op in de communicatie tussen docenten en ouders en
19
leerlingen. Ook is het tijdelijk verblijf van EU-burgers een uitdaging voor het onderwijs. Leerlingen stromen tussentijds in, vaak zonder kennis van de Nederlandse taal en het Nederlandse onderwijssysteem. In wijken met veel EU-arbeidsmigranten zien we dat de beperkte verblijfsduur van ouders in Rotterdam het leerproces van kinderen onderbreekt. Rotterdam pakt de taal- en ontwikkelingsachterstand bij kinderen tot 6 jaar aan, door hen te verwijzen naar de voorschool als hun Nederlandse taalontwikkeling achterblijft. In Carnisse zijn schakelklassen in het primair onderwijs beschikbaar voor kinderen tussen de 6 en 12 jaar die geen Nederlands spreken. Naast Carnisse worden ook in de 3 andere geprioriteerde wijken schoolzorgteams opgezet die deze zorgstructuur op basisscholen gaan opzetten. Een zorgteam bestaat uit een schoolmaatschappelijk werker, een interne begeleider van de school, een adviseur passend onderwijs en een wijkteamlid. Met deze zorgstructuur kunnen kinderen sneller worden ondersteund, en kan onderprestatie worden voorkomen. Waar nodig kan in deze wijken de tolkentelefoon en de expertise van de EU-voorlichters worden ingezet om de communicatie met ouders en kinderen van EU-afkomst te vergemakkelijken.
Op scholen wordt laagdrempelige informatie beschikbaar gesteld om ouders van EU-afkomst te informeren over inschrijving in de BRP, het Nederlandse onderwijssysteem en het gratis taalonderwijs. De schoolcontactpersonen organiseren sessies op scholen in prioriteitswijken, waarbij het informatiepakket wordt aangeboden die scholen aan EU-arbeidsmigranten kunnen uitreiken. 4. Toeleiding van EU-arbeidsmigranten naar bonafide werk of omscholing organiseren EU-arbeidsmigranten geven in klankbordgesprekken aan weinig kansen tot opwaartse mobiliteit te hebben, ook als ze lang in Nederland wonen. Om hun kansen op de arbeidsmarkt te verbeteren, richt Rijnmond Werkt Door (RWD) een meldpunt voor werk-naar-werk-transities in. EU-arbeidsmigranten die in Rotterdam in de BRP staan ingeschreven, in Nederland wil blijven en zich willen om- of bijscholen naar een baan in een cruciale sector waar veel vacatures zijn kunnen zich hier melden
Meer grip op arbeidsmigratie 2023 - 2026
voor ondersteuning bij het vinden van (ander) werk. Waar nodig kunnen zij worden doorverwezen voor een adviesgesprek met een scholingsadviseur. In het Infopunt EU-arbeidsmigranten in Charlois wordt een HalloWerk-balie ingericht, en worden samen met uitzendbureaus, werkgevers en het WSPR banenmarkten georganiseerd gericht op vitale sectoren waar een groot tekort is aan arbeidskrachten. De Coalitie van Doeners is hier actief bij betrokken. In het Infopunt in Oud-Mathenesse wordt deze dienstverlening met een vast spreekuur voor EU-arbeidsmigranten ingericht. 5. Samenwerking organiseren gericht op het voorkomen dat EU-migranten dakloos worden Om het aantal dakloze EU-migranten te verminderen gaat Rotterdam onverminderd door met de intensieve aanpak, in nauwe samenwerking tussen zorg- en veiligheidspartijen en op zowel stedelijk als wijkniveau. Deze aanpak is onderdeel van het plan van aanpak ‘Op weg naar herstel en een thuis (2023-2026)’. Buitenslapende EU-migranten die voldoende rechten hebben opgebouwd kunnen in aanmerking komen voor maatschappelijke opvang. Echter, er is ook een deel die onvoldoende rechten heeft opgebouwd voor sociale voorzieningen en op straat belandt. Voor hen wordt ingezet op een ondersteuningstraject gericht op terugkeer naar werk of land van herkomst. In de stad zijn veldwerkers actief die deze doelgroep actief benaderen om in contact met hen te komen.
Als onderdeel van het ondersteuningstraject wordt er kortdurende opvang van maximaal 1 week geboden. In 2023 is het aantal beschikbare plaatsen hiervoor uitgebreid naar 10, waarvan 2 plekken voor een langere duur (een aantal weken) beschikbaar zijn voor EU-arbeidsmigranten met verslavingsproblematiek en/of psychische problemen. Bij een gevoelstemperatuur van 0 graden of lager wordt de winterkouderegeling van kracht. In dit geval worden alle daklozen opgevangen. De Coalitie van Doeners, een samenwerking met werkgevers, uitzendbureaus, huisvesters en gemeente Rotterdam, stimuleren werk naar werk transities. Hiermee proberen ze te voorkomen dat arbeids migranten werkloos en/of dakloos worden.
20
Informatie over het programma
Verantwoording Het college heeft voor de portefeuille EU-arbeids migranten wethouder Versnel als coördinerend wet houder aangewezen. Jaarlijks informeert het college de raad over de voortgang en de resultaten van de aanpak via een jaarrapportage EU-arbeidsmigranten. De laatste voortgangsrapportage over 2025 wordt in het eerste kwartaal van 2026 aan de gemeenteraad aangeboden. Hierin wordt ook beschreven hoe de gemeente na afloop van de programmaperiode met het fenomeen arbeidsmigratie verder gaat.