[23bb006293] Bijlage behorende bij 23bb006292 over Uitvoeringsnota ateliers en broedplaatsen 2023-2030 Werkruimte voor creatieven
Tekst van het document
Uitvoeringsnota ateliers en broedplaatsen 2023-2030 Werkruimte voor creatieven
De Wasserij – broedplaats voor mode © Roza Schous Gevestigd in de oude wasserette van het voormalige Bergwegziekenhuis
1
Samenvatting De allereerste nota Atelier en Broedplaatsen 2017-2021 resulteerde in een verdrievoudiging van de werkruimte voor creatieve werkruimte via de intermediaire instelling SKAR (Stichting Kunstaccommodaties Rotterdam). Daarnaast is de spreiding van creatieve werkruimte over de stad toegenomen, is ruimte voor experiment gerealiseerd en het aantal plekken voor jonge makers uitgebreid. Voor de komende periode handhaven we de drie hoofddoelstellingen. We gaan opnieuw het aantal werkplekken voor creatieven flink uitbreiden en we maken bovendien een start met de verduurzaming van de ateliers. -
Ruimte voor creatief talent Gelet op de groei van de creatieve industrie en het aantal plekken in de stad dat verdwijnt, zetten we in op uitbreiding van het huidig aantal vierkante meter van 67.500 m² bvo naar 100.000 m² bvo in 2030. Dat is een gedeelde opgave voor gemeente en SKAR. Gemeente zet zich in voor het leveren van circa 17.000 m² bvo . De overige vierkante meters zijn een opgave voor SKAR die middels eigen panden en of andere verhuurders gerealiseerd kan worden. Een tussentijdse evaluatie in 2027 biedt een moment om te kijken hoe het hiermee gaat en of er aanvullende maatregelen nodig zijn. Met het opzetten van een Rotterdams Atelieroverleg organiseren we een platform om de behoeften en wensen van creatief ondernemers af te stemmen en informatie te delen.
Een inclusiever beleid dat ook open staat voor mensen die geen traditionele kunstvakopleiding genoten hebben. Daarmee ontstaat meer ruimte voor creatief talent. De spreiding van de ateliers en broedplaatsen zal worden voortgezet. -
Betaalbaarheid Om de betaalbaarheid te verbeteren zal SKAR gedifferentieerde huren aanbieden: vier tarieven, passend bij de verschillende fases en typen huurders: starttarief, basistarief, plustarief en toptarief. Deze differentiatie past bij de gestegen kosten maar zorgt ook voor betaalbaarheid voor de doelgroep. Daarnaast wordt ook gekeken naar kleinere ateliers en de mogelijkheden om – vrijwillig –werkruimte te delen. Dit alles om de betaalbaarheid te optimaliseren. We maken een start met de verduurzaming van de ateliers zodat de impact van stijgende energiekosten uiteindelijk kleiner wordt en de betaalbaarheid verbetert.
-
Betekenis voor de stad Uitbreiding van het aantal ateliers en broedplaatsen dat ook een bijdrage levert aan de buurt en de stad, bijvoorbeeld door het toevoegen van publieke (wijk)functies. Het Ruimtelijk Kader Cultuur wordt gebruikt om daarin te sturen. We zien daarnaast veel kansen voor ruimte voor (cultuur)makers in de (tijdelijkheid) van gebiedsontwikkelingen.
2
Verduurzaming van de ateliers De ontwikkelingen met betrekking tot de oorlog in Oekraïne, de daardoor stijgende energieprijzen en, gekoppeld daaraan, de oplopende inflatie, hebben een groot effect op de betaalbaarheid van de ateliers gehad. Daarom is in het voorjaar 2022 gestart met een uitgebreid onderzoek naar de verduurzaming van de ateliers en broedplaatsen, in gemeentelijk en in SKAR-bezit. Een extern samenwerkingsverband van duurzaamheidsadviseurs, financieel adviesbureau en een architectenbureau heeft in beeld gebracht welke werkzaamheden aan de atelierpanden zouden kunnen worden gedaan voor de verduurzaming; het effect op de energieafhankelijkheid en welke investeringen dit met zich meebrengt. Met andere woorden: verduurzamen met behoud van een betaalbare huur. Dit onderzoek heeft het inzicht opgeleverd dat verduurzaming van de ateliers mogelijk moet zijn waarbij de panden toekomstbestendig worden en de betaalbaarheid voor de eindgebruiker geborgd is. De atelierpanden in gemeentelijk bezit zullen op die grond worden toegevoegd in de planning van de Integrale Huisvestingsplannen (IHP) De renovaties van de atelierpanden in gemeentelijk bezit kunnen daarmee gedekt worden uit de middelen van de RIM. Voor de panden in bezit van SKAR zou de investering gedekt kunnen worden uit een Energieprestatievergoeding (EPV).
Nader onderzoek wordt gedaan naar optimalisering van planning en financiering. Voor de korte termijn staat in ieder geval een pilot op het programma.
3
Aanleiding In de gemeenteraadsvergadering is in oktober 2021 de evaluatie van het atelier- en broedplaatsenbeleid 20172021 met instemming vastgesteld. De hoofddoelstellingen waren allen gerealiseerd: de beloofde verdrievoudiging van de collectieve huurovereenkomst met de SKAR; het aantal vierkante meters dat SKAR beheert groeide met 77% en daarmee hebben in totaal 604 creatieven in die periode een werkruimte gevonden. Daarnaast is de spreiding van creatieve werkruimte over de stad toegenomen, ruimte voor experiment gerealiseerd en het aantal plekken voor jonge makers uitgebreid. Maar de praktijk wijst inmiddels uit dat er een zeer grote groep creatieven is die geen werkruimte heeft. De vraag is vele malen groter dan het aanbod1. In de vergadering van de commissie Zorg, Onderwijs, Cultuur en Sport van 6 oktober 2021 hebben de leden van de commissie aandachtspunten meegegeven voor vervolg van het beleid. Dat deden desgevraagd ook de leden van een deskundige externe klankbordgroep. Daarnaast hebben diverse partijen in en buiten Rotterdam input geleverd over wat er in de toekomst nodig en mogelijk is. Zo komen we tot voorliggende uitvoeringsnota Ateliers en broedplaatsen 2023-2030.
betaalbaarheid van ateliers. Dat was aanleiding om te onderzoeken of de ateliers en broedplaatsen van de gemeente en van SKAR verduurzaamd zouden kunnen worden met behoud van een betaalbare huur. Deze uitvoeringsnota is tot stand gekomen in afstemming met vele creatieve partijen. De gemeente dankt iedereen die heeft bijgedragen aan de totstandkoming van deze nota, in het bijzonder de klankbordgroep met deskundigen uit de sector en de mensen van de Atelierunie Rotterdam. Expliciete vermelding verdienen de initiatiefnemers van het Groot Rotterdams Atelierweekend die niet alleen voor de vierde keer op rij zorgen dat alle ateliers open huis houden, maar ook een belangrijke enquête hielden onder de deelnemers waardoor er meer inzicht is gekomen in vraag en aanbod en de kwesties die spelen.
Deze uitvoeringsnota was voorzien in 2022, maar de raadscommissie werd geïnformeerd dat er meer tijd nodig was om de gevolgen van de oplopende energieprijzen als gevolg van de Oekraïne-oorlog te analyseren, en de betekenis ervan voor een van de kerndoelstellingen, namelijk de 1
Uitkomsten enquête GRAW
4
Evaluatie 2017-2021 In 2017 werd voor het eerst een langetermijnvisie op atelierruimte en broedplaatsen vastgesteld2: het Atelieren broedplaatsenbeleid 2017-2021. Dat beleid kent drie doelstellingen waarbij per doelstelling een aantal uitvoeringsmaatregelen is opgenomen: 1) ruimte voor creatief talent, 2) betaalbaarheid van ateliers en 3) bijdrage aan stedelijke ontwikkeling. Bij de evaluatie in 2021 werd vastgesteld dat de doelstellingen ruimschoots behaald zijn. Overkoepelend doel van het atelier- en broedplaatsenbeleid is dat er in de stad voldoende betaalbare en voldoende werkruimte is voor creatieven. SKAR ontvangt als Dienst van Algemeen Belang een subsidie voor het ontwikkelen, beheren en verhuren van werkruimte voor kunstenaars en creatief ondernemers en is daarmee vaste partner in het gemeentelijk Atelier- en Broedplaatsenbeleid. Voor een groot deel doet SKAR dat met gemeentelijke panden. Op dit moment heeft SKAR 12 gebouwen in eigendom en huurt zij er 22 van de gemeente Rotterdam. Het gemeentelijk beleid richt zich vooral op de creatieve ondernemers, makers en kunstenaars die zich geen (semi)commerciële prijzen kunnen veroorloven. Onderzoeksbureau KWINK heeft in 2021 getoetst wat is waargemaakt van de ambities uit het beleid 2017-2021 en wat er (nog) niet is gerealiseerd.
Een klankbordgroep van vijf deskundigen uit het veld, met uiteenlopende kennis en vaardigheden op het gebied van atelierruimte in de stad, of daaraan grenzende terreinen, heeft ook nog
gereflecteerd op het beleid en aanbevelingen geformuleerd voor het vervolg. En tenslotte, heeft een uitgebreide enquête van GRAW belangrijke inzichten opgeleverd en zijn aansluitende aanbevelingen van de Atelier Unie rotterdam (AUr) verwerkt. De belangrijkste conclusie uit de evaluatie van KWINK was dat de beoogde doelstellingen zijn bereikt. Toch overstijgt de vraag nog altijd het aanbod. Uit de hierboven genoemde enquête onder Rotterdamse kunstenaars3 kwam dat ook naar voren: de vraag naar ruimte is groter dan het beschikbare aanbod, groter ook dan uit de kandidatenlijst van SKAR af te lezen valt. De groeiende vraag komt doordat de creatieve sector een groeiende sector is; doordat bestaande werkruimte verdwijnt; contracten worden opgezegd en omdat het aantal bewoners (en ook creatieven) in de stad toeneemt. Meer ruimte voor makers is dus de belangrijkste opgave voor de toekomst. Daarnaast werd de wens geuit om breder naar het veld van makers en aanbieders te kijken, dan SKAR alleen. De gemeenteraad heeft bij de bespreking van de evaluatie een aantal moties en toezeggingen aangenomen waarin richtingen voor het nieuwe beleid zijn geformuleerd. Deze zijn als aanbevelingen opgevat en verwerkt in deze uitvoeringsnota. Meer zekerheid in tijdelijkheid (21BB13048): - Onderzoek hoe cultureel ondernemers van ateliers en broedplaatsen in een vroegtijdig stadium betrokken kunnen
2
Ateliers zijn werkruimtes voor kunstenaars en creatieven. Broedplaatsen zijn plekken waar talentvolle creatieve en culturele ondernemers samenwerken en waar kruisbestuiving en synergie kunnen leiden tot innovatie
3
Uitkomsten enquête GRAW
5
-
worden bij gebiedsontwikkelingen met betrekking tot het gebied waarin zij huren. Stuur daar waar mogelijk op huisvestingscontracten met een langere doorlooptijd.
Functievermenging met de buurt (21BB13049): - Inventariseer welke ateliers en broedplaatsen behoefte hebben aan functiemenging. - Faciliteer deze ateliers en broedplaatsen maximaal in het mogelijk maken van functiemenging. - Maak dit een nadrukkelijk onderdeel van het nieuwe atelieren broedplaatsenbeleid.
‘Evaluatie Atelier-en Broedplaatsenbeleid – omgevingsvisie (21BB12700) - De wethouder informeert de commissie over hoe kunstenaars plek krijgen in de omgevingsvisie Tot slot zijn ook de referentiewaarden meegenomen waarin ook ateliers en broedplaatsen zijn verwerkt. Op basis van de referentiewaarden weten we wat de uitbreiding van het aantal ateliers en broedplaatsen zou moeten zijn met betrekking tot de groei van de stad.
Duurzaam & betaalbaar (21BB13050): - Doe in samenwerking met SKARonderzoek naar een (innovatieve) financieringsconstructie waarbij het verduurzamen en betaalbaar houden van ateliers en broedplaatsen goed samengaan. De toezeggingen: ‘Evaluatie Atelier-en
Broedplaatsenbeleid – input vanuit commissie’ (21BB12699) - De wethouder informeert bij voorstel nieuw beleid hoe de input van de commissie is verwerkt in het nieuwe beleid. Als het niet verwerkt is, legt hij uit waarom niet ‘Evaluatie Atelier-en Broedplaatsenbeleid – duurzaamheid gebouwen (21BB12699) - De wethouder gaat in gesprek met collega-wethouders over duurzaamheid gebouwen kunstenaars 6
De stand van zaken Bij de evaluatie in 2021 werden 107 locaties ateliers en broedplaatsen geteld. SKAR beheert daarvan 43 panden (huur en eigendom) met een totaal oppervlak van 67.500 m² bvo in 2022. Naast de SKAR zijn er andere partijen die creatieve panden beheren, zoals Placebased&Co (o.a. Keilewerf4, De Kroon, Hillevliet) Ook kennen we Weelde, het Wijkpaleis of VPS (Schieblock) en er zijn ateliers en broedplaatsen in bezit van creatieven zelf. Partijen als Placebased &Co en VPS beheren waardevolle, creatieve plekken. Omdat het vaak kortlopende contracten zijn tellen we ze niet mee in de structurele meters. Onderkomen voor deze makers willen we echter wel graag behouden. Niet alleen voor de waarde die ze hebben, maar ook omdat de makers een ander onderkomen zouden moeten vinden als de plekken verdwijnen. Het aanbod van deze partijen in de stad is zeer welkom en we willen, meer dan voorheen, de banden met deze andere partijen dan SKAR, aanhalen om te komen tot meer zicht en betere afstemming.
wijken zijn nu nog weinig tot geen ateliers en broedplaatsen, daar zal uitbreiding van de vierkante meters plaats kunnen vinden. Maar ook bij de nieuwe gebiedsontwikkelingen zien we kansen.
Ateliers en broedplaatsen bekend bij de gemeente Rotterdam in 2017. Blauw = SKAR locaties, rood = andere locaties
Ateliers en broedplaatsen bekend bij de gemeente Rotterdam in 2021. Blauw = SKAR locaties, rood = andere locaties
Groeiende doelgroep
Spreiding De spreiding over de stad is anno 2021 aanzienlijk verbeterd ten opzichte van 2017. Het aandeel van panden op Zuid is verdubbeld naar 20%. In een aantal 4
Keilewerf 1 brandde in juni 2023 helaas volledig af. Creatieve industrie volgens Standaard Bedrijfsindeling Economische Activiteiten (SBI 2010): Kunsten en cultureel erfgoed (Podiumkunsten, Scheppende kunsten, Overig 5
Het beleid richt zich op de makers: de Rotterdamse kunstenaars en creatieven die professioneel actief zijn in de culturele en creatieve sector5. De creatieve industrie is al jaren sterk in de stad vertegenwoordigd en bestaat uit tal van ontwerpers, makers, culturele instellingen, manifestaties en kunstvakopleidingen die samen het creatieve ecosysteem vormen. De Kunst en Erfgoed) Media (Film) Creatieve zakelijke dienstverlening (Architectuur, Design)
7
creatieve industrie kenmerkt zich van oudsher door kleinschaligheid van de bedrijven. In geen andere sector is het aantal zelfstandigen zo groot als in de creatieve industrie. De jaarlijkse banengroei van de creatieve sector is in Rotterdam met 5% inmiddels groter dan in de andere grote steden6. Rotterdam is na Amsterdam de stad met de meeste banen in de creatieve industrie: 18,2 duizend. De doelgroep van het atelier- en broedplaatsenbeleid is divers en tegenwoordig hanteren we een bredere definitie dan vroeger toen het beleid eigenlijk vooral gericht was op de traditionele autonoom werkende kunstenaar die zijn/haar opleiding genoten had van een erkend opleidingsinstituut.
Sinds 2017 neemt het aantal aanmeldingen jaarlijks verder toe. Dat komt door een groeiende vraag, maar ook door een verruiming van de voorwaarden om in aanmerking te komen voor een atelier. De omvang van de kandidatenlijst van SKAR was in 2015: 310 personen. In 2022 staat de teller op 871, ondanks de uitbreiding van het aantal ruimtes dat SKAR aanbiedt. Tot oktober 2020 stonden ook mensen op de kandidatenlijst die al een plek hadden, maar die zijn er inmiddels afgehaald. De groei van de kandidatenlijst stabiliseert overigens iets. Inmiddels heeft 17% van de mensen op de kandidatenlijst van SKAR geen traditionele opleiding genoten, maar hebben hun ontwikkeling op een andere wijze georganiseerd. Deze ontwikkeling juichen we toe omdat het beleid daarmee inclusiever is. Nader onderzoek naar de samenstelling van de lijst wijst uit dat de het aantal personen aan het begin van hun carrière, die een plek nodig hebben is gestegen van 33% naar 61% van het totaal. Dus vooral de jonge creatieven zoeken ruimte.
Ontwikkeling van de vraag
Kandidatenlijst SKAR SKAR hanteert een kandidatenlijst voor mensen die een werkruimte willen huren. We weten uit de enquête van GRAW dat niet iedereen die een ruimte zoekt, de SKAR weet te vinden. Dus de vraag is groter dan de kandidatenlijst van SKAR, toch is het een graadmeter voor creatieven die ruimte zoeken.
6
Op basis van wat we nu zien gaan we ervanuit dat de vraag naar ruimte tot 2030 zal toenemen. De volgende ontwikkelingen onderschrijven dat beeld: -De toename van inschrijvingen bij SKAR; -De toename van inschrijvingen van kunstenaars bij het Centrum Beeldende Kunst; -De referentiewaarden in relatie tot de verwachte groei van de stad; -Het huidige aanbod schiet al tekort; -De creatieve industrie in Rotterdam groeit jaarlijks met 5%; -Uit de enquête van GRAW in 2021 kwam naar voren dat een vierde van de respondenten geen werkruimte had;
Monitor Creatieve Industrie 2021, p. 7
8
-Vanwege herontwikkelingen zullen mogelijk bestaande panden met creatieven verdwijnen. 2015 Kandidatenlijst SKAR Inschrijvingen bij CBK
2017
310
2022
langere termijn. Het evaluatiemoment in 2027 geeft de kans in te schatten of de ambitie gehaald kan worden of niet en wat daarvan de consequenties zijn.
2023
871 1347
1865
2.261
Wat is er nodig?
Bovenstaande ontwikkelingen leiden tot het volgende. SKAR beheert nu 67.500 m² bvo. Rekenend op een groei van jaarlijks minimaal 5% en wetende dat het huidig aanbod al onder druk staat, is het streven dat er in 2030 100.000 m² bvo beschikbaar is via SKAR. De groei van het aantal vierkante meters zal in dezelfde verhouding staan als dit moment. Dat wil zeggen dat de gemeente 50% levert van het aanbod van SKAR-locaties: 17.000m² bvo. De overige vierkante meters zijn een opgave voor SKAR die zij middels eigen panden en of andere verhuurders kunnen realiseren.
Benchmark: opgave in G47
Ook in de andere grote steden is de druk op ruimte voor creativiteit hoog. Dat wordt bovendien steeds urgenter. Ruimte wordt steeds schaarser. Utrecht is ambitieus en heeft daarom vastgesteld dat in 2040 behoefte is aan 80.000 m2 erbij. Arnhem stelt dat er een tekort is van 15.500 m2. Amsterdam zet in op het bestendigen van het totaal aanbod van 143.000 m2.
Is de groei haalbaar?
Hoewel het steeds meer een uitdaging wordt om beschikbare panden te vinden om de benodigde vierkante meters in kwijt te kunnen, is er wel vertrouwen dat die meters te realiseren zijn. Daarin wordt gekeken naar gemeentelijke panden, bijvoorbeeld onderwijspanden, die beschikbaar komen. Al dan niet voor 7
Boekman cahier#130, Is er nog plaats voor de creatieve sector?
9
Uitvoering 2030 Voor een sterk en dynamisch cultureel klimaat dat past bij een innovatieve en inclusieve stad is het van belang dat de omstandigheden voor productie van kunst, cultuur en vormgeving op orde zijn. Want, zonder kunstenaars geen kunst. Zonder ontwerpers geen innovaties. En zonder werkruimte kan niet gemaakt worden. De betaalbaarheid komt steeds meer onder druk te staan. Dus, het gaat niet vanzelf. Bovendien zien we volop kansen voor de bijdrage van broedplaatsen aan de leefbaarheid in wijken en levendigheid in nieuwe gebiedsontwikkelingen. We bouwen voort op de drie doelstellingen uit het Atelier- en Broedplaatsenbeleid 2017-2021: Ruimte voor creatief talent; Betaalbaarheid en duurzaamheid en tenslotte, Bijdrage aan stedelijke ontwikkeling. Het beleid draagt ook bij aan de culturele ijkpunten van inclusiviteit en innovatie doordat het ruimte biedt voor experiment en innovatie en aan talentontwikkeling van een brede groep makers en creatieven. SKAR ontvangt als Dienst van Algemeen Belang een subsidie voor het ontwikkelen, beheren en verhuren van werkruimte voor kunstenaars en creatief ondernemers en is daarmee vaste partner in het gemeentelijk Atelier- en Broedplaatsenbeleid. Maar er zijn ook andere partijen in de stad zoals Placebased&Co, die, al dan niet tijdelijke, werkruimte aanbieden aan creatieven.
Die partijen proberen we waar mogelijk te helpen, omdat zij voorzien in een serieus aanbod werkruimte voor creatieven. Ook bij enkele corporaties
zien we mooie voorbeelden van, al dan niet tijdelijke, plekken voor creatieven. Zoals de plek die Woonstad op Zuid faciliteert. (De Sportkantine). We zullen deze partijen uitnodigen voor het Atelieroverleg. Kunstenaars en creatieven zoeken vaak de rauwe randen van de stad op. Zeker ook omdat ruimte daar beschikbaar en goedkoper is. Maar de ontwikkeling van de stad en de schaarse ruimte maakt dat die plekken ontwikkeld worden en al gauw minder betaalbaar zijn voor creatieven. Terwijl zij soms een belangrijke bijdrage hebben geleverd aan de waardeontwikkeling van een gebied. We onderzoeken manieren om deze vorm van gentrificatie tegen te gaan. Het bieden van meer zekerheid, in de vorm van langere huurovereenkomsten, of zelfs eigendom, hoort daarbij. Maar dit kent ook beperkingen in de vorm van het Didamarrest bijvoorbeeld. Het atelier- en broedplaatsenbeleid gaat ook over de betekenis die creatieve plekken hebben voor hun omgeving en over de verbindingen die daar gelegd kunnen worden. Als onderdeel van een wijk, een gebiedsontwikkeling als Alexanderknoop bijvoorbeeld. Creatieven kunnen een mooie bijdrage leveren aan de levendige stad die Rotterdam is. Een publieke of ontmoetingsfunctie kan onderdeel kan daarin van betekenis zijn. Het Ruimtelijk Kader Cultuur geeft inzicht in plekken waar dat wenselijk is. Er zijn, tenslotte, ook veel kansen in de tijdelijkheid.
Niet alleen bij gebiedsontwikkelingen waar tijdelijk gebruik als placemaking vaak wordt ingezet, maar ook om voor te sorteren op functies in de toekomst of juist alleen om ruimte te bieden voor makers en 10
creatieven. In december is bijvoorbeeld een open call gedaan ten behoeve van tijdelijke ruimte in de ontwikkeling van Upfield/De Kaai. Daarmee zijn creatieven in een vroeg stadium betrokken bij deze ontwikkeling.
Uitvoering Doelstelling 1: Ruimte voor creatief talent Uitvoering: Gelet op de groei van de creatieve industrie en het aantal plekken in de stad dat verdwijnt, zetten we in op uitbreiding van het aantal vierkante meter van 67.500 m² bvo naar 100.000 m² bvo in 2030. Dat is een gedeelde opgave voor gemeente en SKAR. Dat wil zeggen dat de gemeente zich inzet voor circa 50% van het aanbod van SKAR-locaties: 17.000 m2 bvo. Er zal daarvoor een nieuwe Collectieve Huurovereenkomst komen die bovendien een langere looptijd krijgt dan de vorige overeenkomst. De overige vierkante meters zal SKAR middels eigen panden en of andere verhuurders aanbieden. Middels monitoring zullen we de ontwikkeling van de vraag blijven volgen. Het evaluatiemoment in 2027 kan een moment zijn om bij of af te schalen. We voeren een inclusiever beleid dat ook open staat voor mensen die geen traditionele kunstvakopleiding genoten hebben en geven daarmee meer ruimte aan creatief talent. De spreiding van de ateliers en broedplaatsen zal worden voortgezet. De referentiewaarden bieden daartoe houvast, en ook de wijkakkoorden geven aan of en waar behoefte is aan ateliers en broedplaatsen. Het Ruimtelijk Kader Cultuur helpt om op de juiste plekken
broedplaatsen te realiseren met een publieke – of ontmoetingsfunctie. Er zal een atelier- en broedplaatsenoverleg worden geïnitieerd door de gemeente voor aanbieders van werkruimte voor creatieven om de behoeften en wensen af te stemmen en informatie te delen. We zien veel kansen in het aansluiten bij gebiedsontwikkelingen. In de tijdelijkheid is veel mogelijk: niet alleen ruimte voor creativiteit, maar ook het helpen van gebiedsontwikkelingen in placemaking en het verbinden van nieuwe plekken met bestaande structuren. We onderzoeken de mogelijkheid voor creatieven, maatschappelijke en wijk gerelateerde initiatieven om van groter betekenis te kunnen zijn in het leegstandsbeheer. Doelstelling 2: Betaalbaar en duurzaam Uitvoering: Vanuit een van de vijf perspectieven van de omgevingsvisie, de compacte stad, wordt het borgen van betaalbaarheid, ook in de creatieve en culturele sector als uitgangspunt benoemd. De ontwikkelingen met betrekking tot de oorlog in Oekraïne, de daardoor stijgende energieprijzen en, gekoppeld daaraan, de oplopende inflatie, hebben een groot effect op de betaalbaarheid van de ateliers. Er is daarom in beeld gebracht welke werkzaamheden aan de atelierpanden zouden kunnen worden gedaan voor het verduurzamen met behoud van een betaalbare huur.
De atelierpanden in gemeentelijk bezit zullen op die grond worden toegevoegd in de planning van de Integrale Huisvestingsplannen (IHP) De 11
renovaties van de atelierpanden in gemeentelijk bezit kunnen daarmee gedekt worden uit de middelen van de RIM. Voor de panden in bezit van SKAR zou de investering gedekt kunnen worden uit een Energieprestatievergoeding (EPV). Nader onderzoek wordt gedaan naar optimalisering van planning en financiering. Voor de korte termijn staat in ieder geval een pilot op het programma. Er komt een differentiatie van tarieven die past bij de gestegen kosten en toch betaalbaar voor de doelgroep is. Er wordt ingezet op meer differentiatie in de huur. Dit volgt de ontwikkelingen in de andere grote steden in Nederland: SKAR introduceert vier tarieven: 1. Starttarief: Dit wordt de norm voor startende kunstenaars/creatieven, voor wie met name lage kosten een belangrijke voorwaarde zijn. In dit tarief is niet zozeer een generieke prijs per vierkante meter het uitgangspunt, maar een maximaal bedrag voor de huurlasten. Voor studenten, jonge starters en herstarters. 2. Basistarief: Dit tarief is bedoeld voor autonoom werkende kunstenaars/creatieven die al een start van hun carrière hebben gemaakt. Dit zijn de ruimtes die nu al standaard aangeboden worden, veelal het type klaslokalen van 40 tot 70 vierkante meter met een laag afwerkingsniveau. Deze ruimtes worden op basis van een prijs per vierkante meter aangeboden, en zijn een voortzetting van de bekende SKAR-norm.
Voor professionele autonome makers en kunstenaars
3.Plustarief: Voor toegepast werkende kunstenaars-creatieven is een ander tarief mogelijk. Deze gelden voor ruimtes vanaf 40 vierkante meter, en zullen een hoger afwerkingsniveau hebben. Ook deze ruimtes worden op basis van een prijs per vierkante meter aangeboden, en worden vastgesteld op anderhalf maal SKAR-basis. Voor toegepaste makers en kunstenaars 4.Toptarief: In clusters maakt SKAR ook ruimte voor partijen die een significante bijdrage leveren aan de ontwikkeling van de kansen voor medehuurders in het cluster, maar die niet meer afhankelijk zijn van SKAR om aan werkruimte te komen. Te denken valt aan opleidingen of partijen en culturele instellingen die dicht bij hun doelgroep willen zitten, of bedrijven die als agentschap de kunstenaars/creatieven kunnen helpen. Deze prijs begint vanaf tweemaal Basistarief. Doelstelling 3: Betekenis aan stedelijke ontwikkeling Uitvoering: Broedplaats- en atelierorganisaties kunnen ook bijdragen aan de leefbaarheid in bestaande buurten en ze creëren levendigheid in nieuwe gebiedsontwikkelingen8 Daarom willen we meer van dit soort plekken realiseren. Om betekenis voor de omgeving te krijgen, is het wel wenselijk dat een broedplaats een programma heeft dat afgestemd is op de wensen uit de buurt en interessant en toegankelijk is voor de omgeving. Te denken valt bijvoorbeeld
8
(onderzoek Fontys Hogeschool ‘Bloeiende Broedplaatsen’ 2022).
12
aan (avond) horeca, culturele (buurt)voorziening en of openbaar toegankelijk groen. Het Ruimtelijk Kader Cultuur helpt om op de juiste plekken broedplaatsen te realiseren met een publieke – of ontmoetingsfunctie. De kennis en het netwerk van de cultuurregisseurs zoeken we daarbij op. We zien veel kansen in het aansluiten bij gebiedsontwikkelingen. In de tijdelijkheid is veel mogelijk: niet alleen ruimte voor creativiteit, maar ook het helpen van gebiedsontwikkelingen in placemaking en het verbinden van nieuwe plekken met bestaande structuren. Maar ook voor de lange termijn zien we kansen. Door het opstellen van referentiewaarden zijn de cultuuropgave bekend. De vastgoedstrategen uit het Strategieteam maatschappelijk Vastgoed spelen een belangrijke rol in de opgave van de stedelijke ontwikkeling en het borgen van ruimte voor maatschappelijke voorzieningen. Zij zitten aan tafel bij de gebiedsontwikkelingen. De keerzijde van die tijdelijkheid is dat die plekken al gauw minder betaalbaar zijn voor creatieven. Terwijl zij soms een belangrijke bijdrage hebben geleverd aan de waardeontwikkeling van een gebied. We onderzoeken manieren om deze vorm van gentrificatie tegen te gaan. Het bieden van meer zekerheid, in de vorm van langere huurovereenkomsten, of zelfs eigendom, hoort daarbij. Maar dit kent ook beperkingen in de vorm van het Didamarrest bijvoorbeeld.
Behoud en realisatie van nieuwe broedplaatsen kan bijvoorbeeld door deze een plek te geven in gemeentelijke tenders. Of door het mogelijk maken van de aankoop van panden zoals bij het collectief van de Keilepand.
Planning, financiën en evaluatie Deze uitvoeringsnota heeft een perspectief tot 2030 en zal in 2027 geëvalueerd worden. SKAR is een intermediaire organisatie en krijgt als Dienst van Algemeen Belang een subsidie (in 2022: € 565.500) voor het ontwikkelen, beheren en verhuren van werkruimte voor kunstenaars en creatief ondernemers en is daarmee vaste partner in het gemeentelijk Atelieren Broedplaatsenbeleid. De huren worden niet gesubsidieerd. Voor de gemeentelijke panden wordt een kostendekkende huur berekend die via de SKAR aan de huurders wordt doorbelast.
Verantwoording Alle aanbevelingen van de klankbordgroep, de Atelierunie en de gemeenteraad hebben we overgenomen. Een klein aantal was echter minder of niet uitvoerbaar: - Een onafhankelijke broedplaatsscout/ gemeentelijk broedplaatsloket; een permanente gespecialiseerde functie die een schakel vormt tussen kunstenaars, gemeenteafdelingen en vastgoed-eigenaren. Begeleiding van aankoopprocessen, mediation bij problemen of onderhandelingen tussen private vastgoedeigenaren/ontwikkelaar s ateliergebruikers. ➢ De SKAR is de intermediaire organisatie die door de gemeente gesubsidieerd wordt om tussen partijen te schakelen. Een functie daarnaast zetten achten we niet wenselijk. 13
-
Percentage regeling: verplicht 10% creatieve werkruimte
beschikbaar te stellen bij alle nieuwbouw. ➢ Deze aanbeveling achten we financieel niet haalbaar.
BIJLAGEN Aanbevelingen klankbordgroep Atelier- en Broedplaatsenbeleid, juli 2021 Klankbordgroep Deborah Stolk, vz Renee Trijselaar Mathis J. Bout Sandro Setola Arna Notten Florian Cramer
(Prins Claus Fonds, vz Adviescommissie Cultuur, dir Helicon) (coach, adviseur in de cultuursector, strategie, verdienmodellen) (new urban architect, eigenaar URBMATH) (beeldend kunstenaar, initiatiefnemer GRAW Enquete) (directeur DePlaatsmaker, Utrecht) (lector Willem de Kooning Academie)
De aanbevelingen: 1. Faciliteer de makers - Geef andere partijen dan SKAR de ruimte, geef ook ruimte aan kunstenaars zelf om panden te ontwikkelen en beheren; - Meer ruimte voor zelfbeheer, meer kunstenaarsinitiatieven; - Ga partnerschappen aan. Laat makers zelf iets bedenken; 2. Knooppunt in het netwerk - Maak een knooppunt in het netwerk tussen makers en vastgoedeigenaren waarin makers, Cultuur, Vastgoed, CBK en financiële expertise vertegenwoordigd zijn. Een loket waarin de behoeften en ideeën van de makers opgehaald worden en die van daaruit geholpen wordt te faciliteren. In het netwerk ook aandacht voor verruiming van mogelijkheden in vergunningen en regelgeving - Stel een onafhankelijke broedplaatsscout aan die een schakel is tussen de verschillende afdelingen binnen de gemeente en zich richt op begeleiding van collectieven om een pand te gaan huren of verwerven; 3. Verbeter de situatie met leegstandsbeheer - Werkruimte via Leegstandsbeheer geeft weinig zekerheid, geen rechten, veel verhuizingen, veel slechte ervaringen. De leegstandsbeheerders houden zich bovendien niet aan de afgesproken regels. Sluit een contract af met een leegstandsbeheerder met meer oog voor de creatieve onderhuurders; 4. Sluit meer aan op ander beleid - Zorg voor meer inclusiviteit, meer samenwerking (met cultuurscouts bijv.), maar ook meer inzet op gebiedsontwikkeling, economie 5.
Betrek ruimte voor creativiteit bij de stedelijke ontwikkelingen - De ontwikkelingen op Zuid, maar ook Alexanderknoop creëren in feite nieuwe stadscentra. Zorg dat je op die centrale plekken ruimte voor creativiteit creëert 14
6. (fysieke) ruimte voor creativiteit - Ruimte wordt steeds schaarser. Plekken voor creativiteit verdwijnen omdat ze verkocht worden of omdat er ontwikkeld wordt. Houd voldoende ruimte voor creativiteit. De wachtlijst van de SKAR is een graadmeter. Maar de behoefte is groter dan die lijst. 7. Koppel broedplaatsbeleid aan grondprijzen of omgevingsvisie - Voorkom dat er na een gebiedsontwikkeling geen plek is voor kunst en cultuur in het gebied. 8. -
En, tot slot, handhaaf ook nog steeds de bestaande doelstellingen: Ruimte voor creativiteit; Betaalbaarheid; Bijdrage aan stedelijke ontwikkeling
Aanbevelingen Atelier Unie Rotterdam d.d. 1 september 2022 Broedplaatsbeleid a. Creëer een lange termijnvisie van het broedplaatsbeleid die verder kijkt dan 4 jaar. Laat Rotterdam niet dezelfde fout maken als Amsterdam en Berlijn. Deze steden corrigeren hun beleid van de afgelopen tien jaar om de creatieven terug de stad in te krijgen. Geen werkruimte=vertrekkende creatieven=geen levendig stadsklimaat. b. Een lange termijnvisie helpt ook mee aan een verduurzaming van de ateliervoorraad. Zeker in het licht van de huidige energiecrisis moeten er ook mogelijkheden komen voor nieuwbouw van atelierpanden c. Zorg dat maatschappelijk vastgoed maatschappelijk blijft. Zorg ervoor dat individuen en cultureel maatschappelijke organisaties die afhankelijk zijn van vastgoed de mogelijkheid houden om dit vastgoed te blijven huren. d. Creëer betere samenwerking tussen vastgoed en cultuur zodat deze niet alleen maar doorslaat in het voordeel van projectontwikkelaars e. Ontwikkel een systeem dat los staat van de kandidatenlijst van de SKAR Faciliteer de maker a. Betrek kunstenaars en creatieven bij beleid, praat niet zonder hen over hen b. Ondersteun waar mogelijk coöperatieve vormen van beheer en eigendom van vastgoed door gebruikers zelf c.
Ontwikkel een gemeentelijk broedplaatsloket; voorzie in permanente gespecialiseerd functie die schakel vormt tussen kunstenaars, gemeenteafdelingen en vastgoed-eigenaren. Begeleiding van aankoopprocessen, mediation bij problemen of onderhandelingen tussen private vastgoedeigenaren/ontwikkelaars en ateliergebruikers
15
Verbeter de situatie aan de kant van de aanbieder a. Blijf niet uitsluitend werken met de standaard leegstandsbeheerders (Alvast, VPS Villex) maar sluit ook een contract af met een *nieuwe) lokale organisatie met meer oog voor de creatieve onderhuurders. Leegstandsbeheer is geen duurzame oplossing, maar een tijdelijke oplossing en hier kan de kunstenaar niet op bouwen. Kijk naar de opties voor een duurzamere verandering van tijdelijk leegstandsbeheer naar permanent beheer b. Percentage regeling: verplicht 10% creatieve werkruimte beschikbaar te stellen bij alle nieuwbouw c. Voorkom dat er na gebiedsontwikkeling geen plek is voor kunst en cultuur in het gebied d. Bescherm de m2 prijs norm van Rotterdam
16
OVERZICHT VAN PANDEN
17
18