CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[23bb005889] Beantwoording vragen Coenradie over zorgwekkende cijfers rondom uithalers haven

Commissie Bestuur, Organisatie, Financiën en Veiligheid (2022 - 2026) 14 september 2023, gemeente RotterdamBij agendapunt: Hierbij betrekken2.390 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Veiligheid Burgemeester A. Aboutaleb Uw kenmerk: 23bb005068 Ons kenmerk: M2307-1498 - 23bo007305 Onderwerp: Zorgwekkende cijfers rondom uithalers haven Datum: 14 september 2023

Aan de gemeenteraad

Op 19 juli 2023 stelde I. Coenradie (Leefbaar Rotterdam) schriftelijke vragen over de cijfers rondom uithalers in de Rotterdamse haven. Gezien de aard van de vragen wordt geacht dat deze aan de burgemeester zijn gesteld. Inleidend wordt gesteld: ‘Uithalers die betrapt worden tijdens het uithalen van cocaïne in de haven, blijken zware criminelen te zijn. Dit blijkt uit cijfers van de Rotterdamse politie. De 893 uithalers die de politie de afgelopen drie jaar geregistreerd heeft, zijn goed voor maar liefst 8106 antecedenten (note: geseponeerde zaken zijn hierin niet meegenomen). In veel gevallen gaat het om overvallen, geweldsincidenten of bedreigingen, zo stelt de politie1. Zeer zorgwekkend. Leefbaar Rotterdam maakt zich al heel lang zorgen over deze ontwikkelingen in de haven. In het verleden hebben wij talloze vragen, moties en/of initiatiefvoorstellen over dit onderwerp ingediend. Wij beseffen ons dat deze strijd, een strijd van de lange adem is. Maar we mogen ook niet naïef zijn in deze strijd. Veel uithalers zijn geen ‘kwetsbare jongeren’ meer, maar veelal harde criminelen die een gevaar vormen voor onze samenleving en de gemeenschap. Dat maakt niet deze criminelen primair de ‘kwetsbaren’ zijn, maar onze samenleving die dagelijks gebukt gaat onder explosies, schietpartijen en drugdealers voor hun deur.

Van jonge kinderen van 12 of 14 jaar die geronseld worden tot aan onze ouderen; het ondermijnt onze gemeenschap als geheel. Dat wijzen de cijfers ook duidelijk uit. Een uithaler is immers goed voor gemiddeld tien (!) antecedenten. Wel zien wij nieuwe ontwikkelingen. De laatste jaren werd ongeveer 75% voor het eerst gesnapt als uithaler, en de andere 25% was al vaker in de haven aangehouden. In 2023 zien we hierin een trendbreuk. Zo is ruim 90% van de uithalers ‘nieuw’ in de haven. Als vermoedelijke oorzaak wordt de uithaalwet genoemd, die per 1 januari 2022 van kracht is. De Uithaalwet (artikel 138aa Sr) is een belangrijke wet voor Rotterdam, maar heeft haar hiaten. Zo zijn er gevallen waarbij ‘first offenders’ ervan af komen met een taakstraf. Niet voor niets hebben wij met de motie ‘Vinger aan de Pols’ het college verzocht om stevig op de ontwikkeling van deze Uithaalwet te zitten. 1

Ruim 200 uithalers aangehouden in eerste half jaar | politie.nl

Blad: Datum: Ons kenmerk:

2/6 14 september 2023 M2307-1498

Leefbaar Rotterdam is groot voorstander van de Uithaalwet en wil hier bovenop zitten, omdat deze wet enorm belangrijk is voor de Rotterdamse veiligheid in de breedste zin van het woord; van beleidsvorming – landelijk en gemeentelijk – tot aan het beschermen van onze wijken.’ Hieronder volgen de vragen en mijn beantwoording. Vraag 1: Hoe reflecteert de Driehoek op deze cijfers? Antwoord: Zoals bij uw raad bekend is, span ik mij als burgemeester al tijden in om de toevoer van verdovende middelen via de Rotterdamse haven te stoppen. Samen met de politie, het Openbaar Ministerie, de Douane, FIOD, Belastingdienst, het RIEC, Havenbedrijf Rotterdam en branchevereniging Deltalinqs is een brede aanpak opgezet die staat beschreven in de Uitvoeringsagenda Haven. Verdovende middelen die in de haven aankomen, moeten uit de containers worden gehaald. Uithalers zijn dus een essentieel onderdeel van de criminele transportketen en zodoende ook onderdeel van de Uitvoeringsagenda. De gemeente, politie en het OM hebben een gezamenlijke aanpak op uithalers uit Rotterdam, waarin preventieve en repressieve elementen worden gecombineerd. Ik deel uw zorgen over het aantal uithalers en hun (jonge) leeftijd. Het baart mij zorgen dat jongeren zwichten voor het snelle geld van drugscriminaliteit en dat criminelen erin lijken te slagen steeds nieuwe jongeren te vinden voor hun klussen.

Deze jongeren worden voornamelijk geronseld uit de kwetsbare wijken in de stad. Ik zie de minderjarigen dan ook als een kwetsbare groep2 die hulp nodig heeft. Het betreft jongeren die zich vaak niet realiseren in wat voor een wereld zij terechtkomen op het moment dat zij hand- en spandiensten verrichten voor criminele netwerken. Zij staan niet stil bij de gevolgen die dat voor hun toekomst kan hebben. Om beter zicht te krijgen op de achtergrond van deze jongeren, de netwerken waarin zij zich bevinden op het moment dat ze geronseld worden en de criminele keten waarin zij daarna terechtkomen, is aanvullend wetenschappelijk onderzoek nodig. De voorbereidingen hiervoor zijn gestart. De resultaten hiervan kunnen worden gebruikt om de aanpak aan te scherpen. Zoals benoemd bestaat de aanpak uit preventieve en repressieve maatregelen. De preventieve maatregelen zien toe op het voorkomen dat onze jongeren ten prooi vallen aan de drugscriminaliteit. Dit gebeurt door de jongeren weerbaar te maken en (handelings)perspectieven te bieden die gericht zijn op onder andere school en werk. Het gaat om interventies als City Stewards, ‘Pak je kans’, Halt, politiekids en ‘Alleen jij bepaalt wie je bent’ en de inzet op scholen met bijvoorbeeld VR-brillen. Het programma Preventie met Gezag zorgt voor een (financiële) versterking van dergelijke interventies op Rotterdam-Zuid en in Delfshaven.

Met deze interventies wordt de positie van kwetsbare jongeren verstevigd en worden ze weerbaar gemaakt tegen (drugs)criminaliteit. Ook wordt aan hen een aantrekkelijker toekomstperspectief geboden in plaats van een criminele carrière.

2

Bij deze vorm van georganiseerde ondermijnende drugscriminaliteit worden vooral de groepen geraakt die al maatschappelijk kwetsbaar zijn. Onder kwetsbare groepen verstaan we groepen met een lage sociaaleconomische status, groepen met fysieke of mentale beperkingen, groepen met een afstand tot de arbeidsmarkt of groepen die kwetsbaar zijn door een combinatie van deze factoren.

Blad: Datum: Ons kenmerk:

3/6 14 september 2023 M2307-1498

Om jongeren de best passende interventie aan te bieden, kan een persoonsgerichte aanpak wenselijk zijn. Op dit moment wordt bekeken op welke manier uithalers (als doelgroep) het best mee kunnen in een persoonsgerichte aanpak (pga) van uithalers binnen het Zorg- en Veiligheidshuis. Zo bieden we jongeren perspectief en maken we duidelijk dat ze een keuze hebben. De repressieve maatregelen bestaan uit het bestraffen van delicten. Via artikel 138aa Wetboek van Strafrecht kunnen uithalers sinds 1 januari 2022, zonder dat drugs zijn aangetroffen, worden vervolgd voor het onbevoegd aanwezig zijn of verblijven op bijvoorbeeld een containerterminal in de haven. Wordt er wel drugs aangetroffen, dan kunnen deze uithalers worden vervolgd via de Opiumwet. Op basis van de Opiumwet kunnen personen ook worden vervolgd voor voorbereidingshandelingen. Uithalers die met drugs worden aangetroffen, krijgen in bijna alle gevallen door de rechter een gevangenisstraf opgelegd. Naast het strafrecht worden ook aanvullende repressieve maatregelen ontwikkeld. Zo verkent de gemeente of de kosten van het stilleggen van bedrijfsprocessen via het civiel recht kunnen worden verhaald op uithalers. Naast het afschrikwekkende effect dat hiervan uitgaat, krijgen bedrijven hiermee compensatie voor hun financiële schade.

Verder onderzoekt de gemeente de komende tijd welke bestuursrechtelijke mogelijkheden zij heeft om uithalers aan te pakken. Een voorbeeld daarvan is het (bestuurlijk) afpakken van crimineel vermogen. Vraag 2: In hoeverre is het bekend of Rotterdamse uithalers ook in België actief zijn? Hebben wij bijvoorbeeld contact met Antwerpen over uithalers en in hoeverre kunnen wij van elkaar leren? Antwoord: De politie (eenheid Rotterdam) staat in nauw contact met de Belgische autoriteiten, in het bijzonder met de Antwerpse politie. De samenwerking vindt structureel plaats op strategisch en tactisch niveau, en waar nodig ook operationeel. Ook breder vindt er samenwerking tussen de Belgische en Nederlandse politiediensten plaats met betrekking tot drugscriminaliteit via havens. Er zijn gevallen bekend waar Rotterdamse uithalers ook in België actief zijn. Internationale samenwerking is cruciaal. Daarom is eveneens op bestuurlijk niveau goed contact. Zo heb ik samen met burgemeester De Wever van Antwerpen (n.a.v. ons werkbezoek aan Midden- en Zuid- Amerika) een stevige lobby gevoerd om drugscriminaliteit via de havens van Rotterdam en Antwerpen – en dus ook de aanpak van uithalers in de havens – te voorkomen en tegen te gaan. Antwerpen staat nog aan het begin van een aanpak van ‘jonge aanwas’. Rotterdam heeft aangeboden om kennis en ervaringen uit te wisselen.

Hiertoe worden voorbereidingen getroffen. Vraag 3: Vanaf welk punt kunnen we in de preventieve aanpak tegen drugscriminelen stellen dat ‘preventie’ niet meer werkt en dat ‘repressie’ – letterlijk het leven zuur maken van deze lui en oppakken en opsluiten – nog de enige manier is om onze samenleving

Blad: Datum: Ons kenmerk:

4/6 14 september 2023 M2307-1498

te beschermen tegen dit soort uitgewassen? Is er in de optiek van de Driehoek zo’n ‘point of no return’? En zo nee, waarom niet? Antwoord: Preventie kent verschillende vormen en wordt bijvoorbeeld ook ingezet om recidive te voorkomen. Er is geen ‘point of no return’ waarna iemand geen hulp meer wordt geboden. Wanneer iemand tot inkeer komt en openstaat voor hulp, is het gesprek daarover altijd mogelijk. Daarnaast kan het Openbaar Ministerie vervolging inzetten bij een strafbaar feit. Zoals genoemd is het verhalen van de kosten die bedrijven mislopen een andere aanvullende repressieve maatregel. Vraag 4: Op welke manier kunnen we de cijfers met betrekking tot het aantal antecedenten betrekken bij nieuw beleid wat vormgegeven gaat worden, zoals de GVI-aanpak of Preventie Met Gezag? Kan het bijvoorbeeld een leidend principe of onderdeel zijn voor diegene die niet geholpen willen worden? Antwoord: De balans tussen helpen en straffen kan per persoon en per aanpak verschillend zijn. Antecedenten en de hoeveelheid daarvan spelen een rol bij het type aanpak waar iemand voor in aanmerking komt. Bij de prioritering van jeugdgroepen voor een groepsaanpak komen jongeren in aanmerking als zij aanhoudend problematisch gedrag vertonen. Het gaat hier niet om criminele groepen, want daar is deze aanpak niet voor geschikt.

Zo komt iemand pas in aanmerking voor de HIC-aanpak als diegene is veroordeeld voor een HICdelict (straatroof, woninginbraak, overval). Zonder deze specifieke antecedenten kom je niet in aanmerking voor de HIC-aanpak. Zoals hierboven toegelicht zijn er meerdere interventies onderdeel van het programma Preventie met Gezag. Ook hier wordt de lijn gevolgd dat de rol die antecedenten spelen bij het wel/niet in aanmerking komen voor een interventie, afhankelijk is van de interventie en/of de doelgroep op wie de interventie is gericht. De Group Violence Intervention (GVI) is gericht op jongeren die gewelddadig gedrag laten zien. Uithalers zijn dus niet de primaire doelgroep van deze methode. In theorie kan het zo zijn dat iemand die onderdeel uitmaakt van de GVI ook als uithaler bekend is, maar het is gewelddadig gedrag dat maakt dat iemand in de GVI terechtkomt. GVI draagt de boodschap uit: wil je stoppen met het geweld of uit het circuit stappen waar je je in bevindt, dan is er hulp als je die nodig hebt. Als je desondanks nog een keer geweld pleegt, zul je daarvoor ook worden gestraft.

Vraag 5: Kan de Driehoek ons iets vertellen over de relatie tussen de strafmaat conform de Uithaalwet en het aantal antecedenten en hoe kijkt de Driehoek hier tegenaan? Is het bijvoorbeeld zo dat iemand met een veelvoud aan antecedenten ook weg kan komen met een taakstraf? En zo ja, hoe kijkt de Driehoek daarnaar en kunnen we dan duidelijk spreken van een hiaat binnen de Uithaalwet? Vraag 6: In hoeverre ziet de burgemeester/Driehoek de eventuele urgentie of noodzaak om bij de minister van Veiligheid & Justitie te lobbyen voor een verscherping of versteviging van de Uithaalwet, zodat de Uithaalwet afschrikt? Zo ja, op welk vlak? Zo nee, stelt de burgemeester/Driehoek dan dat de Uithaalwet op dit moment in

Blad: Datum: Ons kenmerk:

5/6 14 september 2023 M2307-1498

voldoende mate onze samenleving beschermd tegen drugscriminaliteit en ook nog eens voldoende afschrikkend is? Antwoord op de vragen 5 en 6: Een rechter bepaalt de straf en neemt hierin het samenspel van feiten en omstandigheden mee. De justitiële documentatie, onder andere het aantal antecedenten, is daar een onderdeel van, maar de rechter weegt het geheel van feiten en omstandigheden mee in de opgelegde straf. Omdat rechters in deze beslissing onafhankelijk zijn, is er voor mij als burgemeester niets te zeggen over de waarschijnlijkheid dat iemand met meerdere antecedenten een taakstraf krijgt. In theorie is dit mogelijk. Er is overigens geen analyse van het aantal antecedenten en de strafmaat, dus of deze situatie zich heeft voorgedaan is onbekend. Sinds de inwerkingtreding van de wet zijn tientallen uithalers vervolgd en is een aantal van hen op basis van de nieuwe strafbepaling in eerste aanleg veroordeeld tot onvoorwaardelijke gevangenisstraffen. Echter oordeelde het gerechtshof in een aantal hoger beroepzaken dat de geëiste gevangenisstraffen te hoog waren. Het gerechtshof is daarbij van oordeel dat bij ‘first offenders’ voor dit delict taakstraffen met voorwaardelijke gevangenisstraffen passen bij de ernst van de gepleegde feiten en voldoende afschrikwekkend werken. Deze uitspraak heeft ertoe geleid dat het beoogde lik-opstukbeleid voor een deel wegvalt. Op 6 maart jl.

zijn drie ‘uithalerszaken’ in hoger beroep behandeld. Het gerechtshof heeft inhoudelijk geen andere uitspraak gedaan, maar verwees hierbij naar het arrest van juni 2022. Echter heeft de rechtbank Rotterdam afgelopen april wel aan een aantal ‘first offenders’ gevangenisstraffen in eerste aanleg opgelegd3. Ook in de afdoening van de motie ‘Vinger aan de Pols’ (13 juni 2023, 22bb6315) heb ik aangegeven dat de rechtspraak hieromtrent nog volop in ontwikkeling is. De minister heeft in haar brief van 22 december 2022 (Kamerbrief Uithalerswet (kenmerk 4392505)) aangegeven dat zij aan de hand van deze ontwikkelingen bekijkt of een eventuele wijziging in de wettelijke strafmaat wenselijk kan zijn. In haar brief geeft ze aan dat het nog te vroeg is om sluitende conclusies te trekken over de wijze waarop de strafbepaling in de huidige vorm in de toekomst uitwerkt. Eind 2023 wordt een nieuwe ministersbrief verwacht waarin ze de Tweede Kamer over dit onderwerp informeert. Ik volg de acties van de minister met betrekking tot de strafbaarstelling van uithalers op de voet en informeer uw raad bij eventuele nieuwe ontwikkelingen op dit gebied. Ook informeer ik uw raad over de voortgang hiervan via het jaarverslag over de resultaten van de aanpak van ondermijnende criminaliteit. De aanpak van uithalers is onderdeel van de Uitvoeringsagenda Haven.

Het is een belangrijk onderdeel, omdat kwetsbare jongeren in handen vallen van (zware) criminele netwerken. De inspanningen van de veiligheidspartners, vaak samen met het bedrijfsleven, zijn erop gericht om juist die criminele netwerken op te sporen en te doorbreken en betrokkenen te straffen. Ik blijf mij hier als burgemeester hard voor maken.

3

Celstraffen tot 16 weken voor mannen die illegaal op haventerrein waren (rechtspraak.nl)

Blad: Datum: Ons kenmerk:

6/6 14 september 2023 M2307-1498

De burgemeester,

A. Aboutaleb

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=d9e2947b-7e50-46ae-bb63-2459ea137bdb