CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[23bb005873] Reactie en vragen PvdD ontwerp partiële herziening omgevingsvisie Oostflank

Commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte (2022-2026) 20 september 2023, gemeente RotterdamBij agendapunt: Daarbij betrekken1.977 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aan: Gemeente Ro,erdam Stadsontwikkeling, Ruimte, Wonen en Milieu Postbus 6575 3002AN Ro,erdam Ro,erdam, 7 juli 2023 Betre%: Zienswijze parGële herziening Omgevingsvisie L.S. U heeO ons in de gelegenheid gesteld in een zienswijze kenbaar te maken wat wij van de plannen voor de oostkant van de stad vinden, door u vervat in de zogenoemde parGële herziening van de Omgevingsvisie – addendum OosQlank. Met deze brief maken wij van de gelegenheid gebruik. We vinden de voorgestelde plannen over het algemeen slecht. Er worden een kleine zeshonderd volkstuinen opgeheven en de natuur in de Eschpolder wordt afgegraven. Als ParGj voor de Dieren kunnen we daar nooit mee instemmen. De Omgevingsvisie gaat over ruimtelijke ordening. De parGële herziening is een nieuwe invulling van de beschikbare ruimte die ons als stad toekomt. De gemeente zet volop in op verdichGng van de stad en heeO het binnenstedelijk bouwen als topprioriteit omarmd. De oorspronkelijke Omgevingsvisie uit 2021 spreekt daar al over en het addendum over OosQlank doet daar nog een schepje bovenop. In onze zienswijze geven we op twee sporen invulling aan onze bezwaren op de voorgestelde plannen: 1) we stellen verdichGng ter discussie; en 2) we geven een alternaGeve invulling aan de voorgestelde verdichGng. In de oorspronkelijke Omgevingsvisie wordt gerept over zogenoemde ruimte-extensieve funcGes.

Dat zijn “[f]uncGes die een relaGef groot oppervlak innemen, maar die slechts door weinig mensen en/of op weinig momenten worden gebruikt.” De gemeente koppelt extensief ruimtegebruik vervolgens aan de ruimteclaim die de volkstuinen neerleggen en waarvan zij vindt dat deze disproporGoneel is. In de Omgevingsvisie staat: “In sommige gebiedsontwikkelingen moeten we voor volkstuinen onderzoeken of deze in de huidige vorm kunnen blijven bestaan of dat ze op andere manieren kunnen worden gebruikt.” De parGële herziening die nu voorligt heeO de daad bij het woord gevoegd. We verwerpen het beeld dat de volkstuinen ruimte-extensief zijn. Volkstuinen worden intensief benut. Allereerst staat het ledental van een vereniging niet voor het aantal personen dat gebruik maakt van de tuinpercelen. Op A.T.V. Kweeklust, V.T.V. De Venhoeve en A.T.V. Ommoord zijn respecGevelijk 110, 197 en 279 tuinpercelen met evenveel leden. Maar dat zijn dus niet 586 singuliere Ro,erdammers, maar 586 Ro,erdamse gezinnen, huishoudens of vriendengroepen die dagelijks deze kleine stukjes Ro,erdam onderhouden. Ze vormen vaak

hechte gemeenschappen die je niet meer tegenkomt in onze verharde, geïndividualiseerde samenleving. Het is ruimtegebruik waarin werken aan stadsnatuur en sociale cohesie hand in hand gaan. Overigens zijn het de eigen regels van de gemeente dat niet méér personen zich kunnen aanmelden als lid van een volkstuinvereniging. Daarmee ontneemt de gemeente verenigingen de mogelijkheid intensief ruimtegebruik aan te tonen. Er is nog een andere reden waarom het beeld dat de gemeente schetst over extensief ruimtegebruik niet klopt. Het redeneert namelijk puur vanuit een mens-centrisch wereldbeeld, en is daarmee beperkt en armoedig. Er zijn veel meer dieren dan mensen binnen onze gemeentegrenzen, die ook allemaal het recht hebben om er te zijn en een belang hebben om naar hun aard te leven. We hebben als overheid de morele plicht om omstandigheden te realiseren waarin de dieren goed kunnen leven, genoeg habitat hebben om te rusten, te foerageren of zich voort te planten. De volkstuinen zijn hotspots van de stedelijke fauna en worden daardoor zeer intensief gebruikt. Op de complexen van genoemde verenigingen tref je bijvoorbeeld vaak egels aan, die landelijk in hun voortbestaan worden bedreigd door verschraling van natuurwaarden in het landelijk gebied. Het is primair in het stedelijk gebied waar de egelsoorten nog kunnen floreren, mits er genoeg leefgebied voorhanden is.

De volkstuinen voorzien daarin. Maar ook veel knaagdiersoorten (zoals marterachGgen of muizen), vleermuissoorten en vogelsoorten zijn op de complexen te vinden. Dit soort intensief ruimtegebruik van en voor álle levende wezens vind je bijna nergens anders. Wij vinden dat de gemeente moet afstappen van de idee dat elke vierkante meter moet ‘presteren’, als dit langs de meetlat van menselijk genot en menselijke funcGes wordt gelegd. Dieren hebben een intrinsieke waarde, een belang. Daarnaast zijn we rentmeesters van de openbare ruimte, om zo de dieren in Ro,erdam hun geëigende plek te bieden. De volkstuinders zijn de hoeders van de flora en fauna in onze stad. Dat maakt het narraGef van intensief of extensief ruimtegebruik door mensen compleet overbodig. KlimaatadaptaGe is een belangrijke ruimtelijke opgave voor de stad. De gevolgen van klimaatverandering worden steeds heOiger. Die gevolgen zien bijvoorbeeld op het tegengaan van wateroverlast of hi,estress. Alhoewel alle focus moet liggen op het terugdringen van klimaatverandering, zien we de noodzaak om een gezonde en veilige leefomgeving te waarborgen door middel van klimaatadaptaGe.

Op eerdere momenten hebben we aangegeven dat het de verkeerde volgorde is om eerst keuzes te maken in de ruimtelijke ordening op basis van zaken als woningbouwtargets of sport- en speelvoorzieningen, en om pas daarna na te denken over klimaatadaptaGe. Wij denken en vinden dat ruimtelijke ordening zelf al klimaatadapGef moet zijn. Keuzes over ruimtelijke inrichGng van de stad bepalen namelijk het speelveld voor zaken als waterberging of verkoeling. Een nieuwe woonwijk op een braakliggend terrein kan fundamenteel minder doen voor het tegengaan van de gevolgen van klimaatverandering dan door deze plek niet vol te bouwen maar klimaatadaptaGef in te richten. Hetzelfde gaat overigens op voor het verstevigen van natuurwaarden: ruimtelijke ordening gaat niet vóór biodiversiteit, maar ís biodiversiteit. In de parGële herziening van de Omgevingsvisie wordt de verkeerde volgorde gehanteerd. Nu wordt eerst beslist dat er moet worden verstedelijkt, om pas daarna te bekijken welke klimaatadapGeve maatregelen kunnen worden geborgd in de gebiedsontwikkeling. Of welke maatregelen voor biodiversiteit er het beste toe kunnen bijdragen om de natuur- en

biodiversiteitscrisis op te lossen. Het beleid om de stad te verdichten is blijkbaar leidend, andere beleidsoverwegingen volgen en worden daarop aangepast en ingepast. Zo zou het niet moeten werken. VerdichGng is in de ogen van de gemeente niet alleen leidend, maar bijkans heilig. En daar hebben we grote problemen mee. Verdich+ng ParGj voor de Dieren hanteert een woonladder om af te wegen hoe invulling kan worden gegeven aan de opgave om een ieder te voorzien in woonruimte. Allereerst pleiten we voor transformaGe van bestaande bouw, om elke vierkante meter aan beschikbare ruimte aan te wenden voor wonen. Daarna kijken we of verdichGng van bestaande woongebieden opportuun is, zonder apreuk te doen aan de kwaliteit van de leefomgeving. Wij meten kwaliteit af aan genoeg groen in de nabijheid van de Ro,erdammers, gezonde lucht, verkeersluwe straten en genoeg speelgelegenheid voor kinderen. Omdat de gemeente deze opgaven vaak facultaGef invult en zelf geen kaders hanteert voor goede ruimtelijke ordening (feitelijk maar ‘wat doet’), kiezen wij per gebiedsontwikkeling of plannen aan onze voorwaarden voldoen. De derde sport op onze woonladder betreO buitenstedelijk bouwen. Het is te gek voor woorden dat de helO van dit kleine land is bestemd voor landbouw, met door pesGciden vervuilde grond en oneindige vlakten aan raaigras voor de veeteelt.

We vinden niet dat de stad moet worden volgebouwd om overtollige landbouwgrond – grasfalt – te ontzien. Een buur,uin, volkstuin, natuurgebied of park in de stad is meer waard dan de producGevelden voor export van, zeg, varkensoren naar China. Zo wegen we aldus bouwplannen en daarom zijn we tegen de visie die de gemeente erop nahoudt voor de oostkant van de stad. Er wordt verdicht op cruciale groengebieden, te weten drie volkstuinverenigingen die gezamenlijk ruim Gen procent van het bestand van alle Ro,erdamse volkstuinen vertegenwoordigen. Daarnaast is het verstedelijkingslint tussen Alexanderknoop en Zuidplein de facto legiGmering voor een nieuwe oeververbinding tussen Kralingen en IJsselmonde. De duizenden extra woningen creëren noodzaak voor de nieuwe verbinding. Maar het college kiest voor een brug waarvoor een groot gedeelte van natuurpolder De Esch wordt afgegraven, mogelijk tot wel 175 meter landinwaarts. De polder is een habitat voor ontze,end veel diersoorten die het elders in de stad moeilijk hebben of gewoonweg niet voorkomen. Deze natuurwaarden moeten koste wat het kost worden behouden voor het Ro,erdam van toekomsGge generaGes dieren en mensen. We verzoeken de gemeente om te stoppen met het omploegen van de stadsnatuur voor stenen. Het stenen Gjdperk ligt immers ver achter ons; de toekomst is groen.

In plaats daarvan willen we dat de gemeente zich hardmaakt voor een naGonale visie op ruimtelijke ordening, waarin door beleidsmakers op bovenlokaal niveau de goede afwegingen gemaakt worden over welke funcGes we als overheid op welke plekken nog willen faciliteren. In onze opGek is er voor de enorme ruimteclaim van de landbouw geen plek meer in onze regio zoals haar die momenteel is toebedeeld. Zo telt de Krimpenerwaard liefst zevenduizend hectare aan grond voor de intensieve melkveehouderij. Of denk aan de uitgestrekte landbouwpercelen ten noorden van onze stad. Dáár liggen de kansen voor nieuwe natuur én woningen voor mensen die graag dichtbij Ro,erdam wonen, maar ook begrijpen dat de Ro,erdammers niet zonder stadsnatuur kunnen. Volkstuinen en natuurpolders maken het leven van onze inwoners de moeite waard, daar moet je dus van aplijven.

Als er dan tóch moet worden verdicht, dan zien wij kansen om zowel deze wens gestand te doen als de volkstuinen te behouden. Dat kan buiten het plangebied van OosQlank, zoals op de huidige 220 hectare van de overbodige luchthaven Ro,erdam The Hague Airport. Maar er zijn ook zoekgebieden binnen het plangebied. We vinden dat de golpaan langs de Boszoom minder ecologische waarde met zich meebrengt dan de drie volkstuincomplexen en ook minder publieke funcGes leveren aan de Ro,erdammers. De golfsport is een vrij exclusieve sport die slecht bereikbaar is voor de massa. Het is niet bepaald een volkssport waar grote groepen Ro,erdammers lol aan beleven en daarnaast zorgt het niet voor de nodige lichaamsbeweging om te werken aan de volksgezondheid en vitaliteit van onze inwoners. Het is niet erg dat de golfsport zo is als ze is, maar de ruimteclaim van een golpaan is dat wél. Het is niet eerlijk dat de gemeente in haar droombeeld van een verdichtende stad de golpaan op een absolute a-locaGe ontziet. Welke publieke doelen heeO zij voor ogen met behoud van deze voorziening op deze locaGe? Het is ons compleet onduidelijk en we vinden het selecGef beleid om wel de volkstuinverenigingen op te heffen en niet de golpaan. Voor de goede orde, we hebben niets tegen de golpaan.

Er staan mooie bomen op het terrein en de onverharde ondergrond biedt kansen voor klimaatadaptaGe, in de zin van waterberging. Maar als de gemeente scherpe keuzes maakt in de ruimtelijke ordening, dan doen wij dat ook. Datzelfde gaat op voor verschuiving c.q. uitbreiding van een sportcomplex op het terrein van volkstuinvereniging A.T.V. Kweeklust. We zijn in de regel blij met toevoeging van sportvoorzieningen voor de Ro,erdammers, maar de zero sum tussen sport en volkstuin hoeO niet te worden gemaakt. Het is lood om oud ijzer, omdat beide funcGes even belangrijk zijn. Het opheffen van een volkstuinvereniging ten gunste van sportvoorzieningen houdt dus ook geen verband met verdichGng, maar is een eigenstandige afweging die de gemeente hier maakt. We kunnen ons hier niet in vinden. De volkstuinen verdienen onze extra aandacht. Door ontwikkelingen in de relaGe tussen de gemeente als verhuurder enerzijds en de volkstuinverenigingen als huurder anderzijds, moeten eerst zaken worden geregeld voordat er over ruimtelijke herordening kan worden gesproken. Dat ziet met name op het regelen van ‘grond voor grond’ voor verenigingen die door ruimtelijke keuzes van de gemeente moeten wijken, en ook schadeloosstelling voor de waardevermindering van het economisch eigendom van de verenigingen en van de volkstuinders.

Momenteel wordt gewerkt aan een meerjarige huurovereenkomst tussen gemeente en de volkstuinverenigingen in de stad. Laten we daar eerst op wachten voordat we rigoureuze planologische kaders ter vaststelling voorleggen, zoals voor Ro,erdam-Oost. We spreken de wens uit dat u de parGële herziening Omgevingsvisie – addendum OosQlank aanpast, zodat de volkstuinen kunnen blijven en de Eschpolder niet wordt aangetast.

Jaap Rozema GemeenteraadsfracGe ParGj voor de Dieren Ro,erdam

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=d2389a76-8a59-4b48-81bd-d07bfb895245