[23bb005848] Bijlage 2 behorende bij 23bb005842 over Intentieovereenkomst Centraal Loket Ontheffingen zero-emissiezones
Tekst van het document
Intentieovereenkomst Centraal Loket Ontheffingen nul-emissiezones 6-6-2023 - definitief
Intentieovereenkomst Centraal Loket Ontheffingen nul-emissiezones
PARTIJEN a. b.
c. d.
De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat, V.L.W.A. Heijnen, handelend als bestuursorgaan, hierna te noemen ministerie van I en W; Lokale overheden Waaronder het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rotterdam, te dezen handelend als bestuursorgaan; Samen hierna te noemen: Gemeenten; De Dienst Wegverkeer (RDW), namens deze divisiemanager Registratie en Informatie, .... De Coöperatie Servicehuis Parkeer- en Verblijfsrechten U.A. (SHPV), namens deze de directeur, Martin Andriessen
Samen hierna te noemen: Partijen; IN AANMERKING NEMENDE DAT (1) In 2014 is de Green Deal Zero Emission Stadslogistiek1 gesloten tussen verschillende gemeenten, vertegenwoordigers van het bedrijfsleven en belangenorganisaties en de rijksoverheid met als doel dat in 2025 de stadskernen van de bij deze green deal aangesloten gemeenten in Nederland emissievrij worden beleverd. De afspraken uit deze green deal zijn opgenomen in het Klimaatakkoord2 van 28 juni 2019, waarbij is uitgesproken vanaf 2025 nulemissiezones voor stadslogistiek in te voeren in de 30-40 grootste gemeenten. De uitvoering van deze ambitie is verder uitgewerkt in de Uitvoeringsagenda Stadslogistiek (UAS).3 (2) Het besluit van 29 oktober 2019 tot wijziging van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 in verband met de harmonisatie van milieuzones maakt mogelijk om nulemissiezones voor bedrijfs- en vrachtauto's in te voeren. Gemeenten hebben de bevoegdheid voor het instellen van een dergelijke zone en de handhaving ervan. (3) Het Tijdelijk besluit nul-emissiezones4 legt hiervoor de overgangsregelingen, vrijstellingen en enkele mogelijke ontheffingen vast. (4) Op grond van het Tijdelijke besluit nul-emissiezones worden tot 1 januari 2030 bepaalde soorten bedrijfs- en vrachtauto's van de geslotenverklaring van de nul-emissiezone vrijgesteld, of kunnen voor een ontheffing in aanmerking komen.
(5) De onder de vorige overweging bedoelde voertuigcategorieën zijn: a. Voertuigen van gehandicapten, welke zijn aangepast voor C 500 of meer; b. kermis- en circusvrachtauto's, vrachtauto's voor exceptioneel transport, verhuisauto's en vrachtauto's met een laadkraan met een hefvermogen van 35 tonmeter of meer, en met een datum van eerste toelating van twaalf jaar of jonger. Deze ontheffingen vervallen in lijn met het Tijdelijke besluit nul-emissiezones op 1 januari 2030. (6) Gemeenten kunnen op basis van artikel 87 van het RVV 1990 ook voor andere voertuigen een lokale ontheffing verlenen van de toegangsregels van de nul-emissiezone. (7) De nul-emissiezone is volgens de UAS bedoeld om de professionele stadslogistiek emissievrij te maken. In deze agenda is daarom vastgelegd dat particulieren die niet bedrijfsmatig gebruik maken van een bedrijfs- of vrachtauto een ontheffing kunnen krijgen. Deze ontheffing wordt in het kader van de UAS in overleg met gemeenten en belanghebbenden verder vormgegeven.
1 https://www.greendeals.nl/sites/default/files/downloads/GD173-Zero-Emission-Stadslogistiek.pdf 2 https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2019/06/28/klimaatakkoord 3 Bijlage bíj Kamerbrief Uitvoeringsagenda en subsidieregeling zero-emissie stadslogistiek (Kamerstuk 31209 226) 4 Het besluit tot wijziging van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 in verband met de tijdelijke voorwaarden en overgangsbepalingen van nul-emissiezones (Tijdelijk besluit nul-emissiezones) zal in de zomer van 2023 worden gepubliceerd (link toevoegen na publicatie), https: //www. riiksoverheid.nl/documenten/besluiten/2021/07/09/biilaae-l-tiideliik-besluit-nul-emissiezones
1
Intentieovereenkomst Centraal Loket Ontheffingen nul-emissiezones 6-6-2023 - definitief
(8) In de UAS hebben het ministerie van I en W en gemeenten afgesproken dat ze samenwerken aan een zo uniform mogelijk ontheffingensysteem, bij voorkeur middels een gezamenlijk loket. Het instellen van een instantie die geharmoniseerde ontheffingen centraal afhandelt, is een bewezen aanpak vanuit milieuzones. Dit maakt de aanpak behapbaar voor de gemeenten en eenduidig voor de gebruikers, en vermindert de administratieve lasten voor beiden. (9) In het advies5 over het Tijdelijk besluit nul-emissiezones stelt de Raad van State het volgende:
"Het in de toelichting genoemde systeem van vrijwillige mandatering van de ontheffingsbevoegdheid aan een nationale autoriteit, zat voorts alleen goed kunnen werken als alle colleges van burgemeester en wethouders die een nul-emissiezone instellen de ontheffingsbevoegdheid daadwerkelijk mandateren. Waar een bevoegd college die bevoegdheid niet mandateert, kunnen burgers en bedrijven voor die gemeente geen aanvraag om ontheffing indienen bij de beoogde nationale autoriteit. Bovendien kan de nationale autoriteit geen ontheffing voor de desbetreffende gemeente afgeven. Dit kan ertoe leiden dat verschillende loketten ontstaan waar een ontheffing moet worden aangevraagd.
Bovendien tast dit de beoogde landelijke gelding van door de nationale autoriteit afgegeven ontheffingen aan, omdat door de nationale autoriteit afgegeven ontheffingen, bij gebreke aan een zelfstandige bevoegdheid tot het verlenen van ontheffingen, niet voor die gemeente zullen gelden." (10) De volgende Gemeenten hebben het voornemen aangekondigd om binnen hun grenzen een of meer Nul-emissiezones voor stadslogistiek in te richten, Op 1 januari 2025: Amersfoort, Amsterdam, Apeldoorn, Assen, Delft, Deventer, Eindhoven, Gouda, Den Haag, Haarlem, Leiden, Maastricht, Nijmegen, Rotterdam, Tilburg, Utrecht, Zwolle; Op 1 maart 2025: 's-Hertogenbosch; Op 1 april 2025: Groningen; Op 1 juli 2025: Enschede; Op 1 januari 2026: Dordrecht, Ede, Haarlemmermeer (Schiphol), Hilversum; Op 1 juli 2026: Alphen aan den Rijn; Nog te bepalen: Almere, Hoorn, Zaanstad. (11) Het ministerie van I en W heeft in samenspraak met de andere partijen in de UAS aan de R DW opdracht gegeven om een uitvoeringstoets te doen waarin onderzocht wordt op welke wijze de RDW kan bijdragen aan de realisatie van een Centraal Loket.
Deze rol van de RDW als beheerder en uitvoerder van het Centraal Loket houdt in elk geval in: Het opzetten van een Centraal Loket waarbij geautomatiseerd het aanvraagproces wordt georganiseerd; Het invullen van de backofficefunctie (beoordelen van ontheffingsaanvragen die niet automatisch kunnen worden afgedaan; registreren van verleende ontheffingen in een centraal register; vervullen van helpdeskfunctie); Het opzetten van een centraal register met ontheffingsinformatie ten behoeve van gemeentelijke handhavingssystemen. (12) In de uitvoeringstoets wordt ingegaan op alle relevante juridische, organisatorische en financiële aspecten die de in overweging 10 beschreven rol met zich meebrengt voor de RDW, waarbij in ieder geval de volgende elementen aan de orde komen: Tijdsplanning voor het opzetten van het Centraal Loket; Ontwikkelkosten voor het opzetten van het Centraal Loket, register en backofficefuncties; Uitvoeringskosten (inclusief functioneel beheer) van het Centraal Loket, register en
backofficefuncties; -
Omgaan met gemeenten die op een later moment aansluiten bij het Centraal Loket, aangezien niet alle gemeenten de nul-emissiezone tegelijkertijd invoeren; Uren- c.q. FTE-inzet tijdens ontwikkeling en uitvoering; ICT; Financieringsconstructies uitwerken voor de exploitatiefase; Inrichting van samenwerking /governance stakeholders; Startdatum operationaliseren Centraal Loket (uitgangspunt is uiterlijk juli 2024).
5 Kenmerk W17.22.00047/IV, Datum advies: 29 juni 2022, https7Zwww.raadvanstate.nlZ@131014Zwl7-2200047-iv/
2
Intentieovereenkomst Centraal Loket Ontheffingen nul-emissiezones 6-6-2023 - definitief
(13) In het bijzonder zal RDW aandacht hebben voor de uitvoerbaarheid van de volgende ontheffingen: Dagontheffingen voor bedrijfsauto's en voor vrachtauto's; Langdurige ontheffingen in verband met de levertijd van een vervangend emissieloos voertuig Langdurige ontheffingen voor voertuigen zoals bedoeld in artikel 86e lid van het Tijdelijk besluit nul-emissiezones; Ontheffing voor plug-in hybride vrachtauto; Ontheffing voor niet verkrijgbare emissieloze voertuigen; Ontheffing voor bedrijfsauto's en vrachtauto's in particulier bezit; Daarnaast wordt de RDW gevraagd om te vermelden in hoeverre ontheffingsaanvragen "dreigend faillissement" en "hardheidsclausule" kunnen worden behandeld en onder welke condities. Tevens de vraag of deze ontheffingen eveneens in een centraal register moeten en kunnen worden geregistreerd. (14) Het is de planning dat in 2024 een wijzigingsbesluit van het RVV 1990 zal worden gepubliceerd dat het gemeenten mogelijk maakt om in 2025 een nul-emissiezone voor taxi's in te voeren. De RDW neemt de ontheffingverlening voor taxi's door het Centraal Loket mee in de uitvoeringstoets. Het zal gaan om: Dagontheffingen voor taxi's; Langdurige ontheffingen in verband met de levertijd van een vervangend emissieloos voertuig; Ontheffingen voor Valys, HAP-vervoer en zittend ziekenvervoer (niet herkenbaar o.b.v. kentekenregister); Ontheffing i.v.m.
dreigend faillissement en hardheidsclausule.
KOMEN ALS VOLGT OVEREEN: Definities In deze Intentieovereenkomst wordt verstaan onder: a. Bedrijfsauto: bedrijfsauto (voertuigcategorie NI) zoals bedoeld in artikel 86c RVV 1990; b. Centraal Loket: de door Gemeenten met een nul-emissiezone gemandateerde instantie die namens het college de ontheffingsaanvragen inzake de nul-emissiezones in behandeling neemt; c. Vrachtauto voor exceptioneel transport: vrachtauto voor exceptioneel transport zoals bedoeld in artikel 86c RVV 1990; d. Kermis- en circusvrachtauto: vrachtauto zoals bedoeld in artikel 86c RVV 1990; e. Nul-emissiezone: geslotenverklaring zoals bedoeld in artikel 86e RVV 1990; f. Verkeersbesluit Nul-emissiezone: Besluit van de wegbeheerder om verkeerstekens te plaatsen en/of fysieke maatregelen te treffen ten behoeve van de ruimtelijke begrenzing en inrichting van de nul-emissiezone. g. Vrachtauto: motorvoertuig (voertuigcategorie N2 of N3) zoals bedoeld in artikel 1 RVV 1990. DOEL 1. Doel van deze Intentieovereenkomst 1.1 Partijen beogen met deze Intentieovereenkomst zo spoedig mogelijk maar uiterlijk 1 juli 2024 te komen tot een Centraal Loket dat namens Gemeenten ontheffingen zal verlenen voor nulemissiezones. 1.2 Partijen spreken af dat het Centraal Loket in eerste instantie wordt ingericht voor het verlenen van ontheffingen voor nul-emissiezones voor bedrijfs- en vrachtauto's.
Dit kan worden uitgebreid wanneer ook nul-emissiezones voor andere voertuigentypen (bijvoorbeeld taxi's en autobussen) ingesteld kunnen worden. 1.3. Partijen beogen met deze Intentieovereenkomst uniformiteit te bewerkstelligen met betrekking tot het afhandelen van ontheffingsaanvragen via het Centraal Loket.
3
Intentieovereenkomst Centraal Loket Ontheffingen nul-emissiezones 6-6-2023 - definitief
1.4. Partijen beogen de doelen beschreven in artikel 1.1 tot en met 1.3 te bereiken door: gezamenlijk zoveel mogelijk geharmoniseerde gemeentelijke beleidsregels nul-emissiezone vast te stellen, in elk geval (maar niet uitsluitend) voor de ontheffingen die in het Tijdelijk besluit nul-emissiezones zijn opgenomen; voor het realiseren en beheren van het Centraal Loket opdrachtgeverschap vorm te geven tussen gemeenten, RDW, SHPV en het ministerie van I en W naar aanleiding van de Uitvoeringstoets door RDW; gezamenlijke afspraken te maken over welke ontheffingsaanvragen voor de in de uitvoeringstoets getoetste ontheffingen door het Centraal Loket behandeld worden; ontheffingen op te nemen in een centraal register en deze te ontsluiten richting handhavende instanties. 1.5. Partijen zullen bevorderen dat zoveel mogelijk gemeenten met nul-emissiezones deze Intentieovereenkomst zullen ondertekenen en dat nieuwe gemeenten die een principebesluit nemen om een Nul-emissiezone in te stellen de in 1.4 afgesproken geharmoniseerde gemeentelijke beleidsregels hierin meenemen. 1.6 Partijen hebben de intentie dat een Centraal Loket tenminste tot 2030 wordt ingesteld. 2.
Geharmoniseerd ontheffingenbeleid voor nul-emissiezones 2.1 De Gemeenten in deze Intentieovereenkomst beogen om een geharmoniseerd ontheffingenbeleid voor Nul-emissiezones voor stadslogistiek op te stellen voor de ontheffingen waarvan de aanvraag en afhandeling door het Centraal Loket lopen. Iedere gemeente is ervoor verantwoordelijk om dit geharmoniseerde beleid zelf vast te stellen en in zijn gemeentelijke verkeersbesluit Nul-emissiezone op te nemen. 2.2. Indien het RVV 1990 het in de toekomst mogelijk maakt om voor andere voertuigcategorieën, zoals taxi's, autobussen en landbouwvoertuigen, een Nul-emissiezone in te voeren, en als de individuele gemeenten besluiten tot het invoeren van een ZE-zone voor deze specifieke voertuigcategorieën, hebben gemeenten de intentie ook hiervoor geharmoniseerde ontheffingsteksten op te stellen en deze teksten op te nemen in hun gemeentelijk ontheffingenbeleid Nul-emissiezone voor betreffende voertuigcategorieën. 3. Instellen van Centraal Loket 3.1 Partijen hebben de intentie om op basis van de uitkomsten van de Uitvoeringstoets nadere uitvoerìngsafspraken te maken over het instellen van het Centraal Loket met de volgende uitgangspunten: dat de ontwikkelkosten van het Centraal Loket niet ten laste komen van de gemeenten en dat de te heffen leges kostendekkend zullen zijn voor de uitvoering van het Centraal Loket.
3.2 Bij de besluitvorming over de nadere uitvoerìngsafspraken worden alle Partijen betrokken. Partijen stellen vóór oplevering van de uitvoeringstoets een voorstel voor het besluitvormingsproces vast. 4. Mandatering aan Centraal Loket In verband met het vaststellen van het gemeentelijke ontheffingenbeleid Nul-emissiezone heeft elke gemeente de intentie om bij instemming met de op grond van de onder 3.1 bedoelde nadere uitvoerìngsafspraken het Centraal Loket te mandateren voor het in behandeling nemen en verlenen of afwijzen van aanvragen voor de in artikel 2 bedoelde ontheffingen, en het intrekken van verleende ontheffingen. Op grond van deze mandatering zal het Centraal Loket namens de Gemeenten hun bevoegdheid om op grond van artikel 87 RVV ontheffing te verlenen uitoefenen. Evaluatie en monitoring 5. Jaarlijkse evaluatie en rapportage 5.1. Partijen maken op basis van de uitkomsten van de uitvoeringstoets zo snel mogelijk aanvullende nadere afspraken over evaluatie en monitoring met betrekking tot onderwerpen zoals: 1. het aantal gemeenten dat deelneemt aan het Centraal Loket; 2. het aantal bij het Centraal Loket aangevraagde en verleende ontheffingen per gemeente en per categorie; 3. de kosten voor de behandelde aanvragen per Gemeente; 4. de mate van kostendekking van het Centraal Loket uit leges. 5.2.
Partijen spreken af om kennis te delen, zowel onderling als met deelnemers in de UAS, en met gemeenten die in de toekomst een nul-emissiezone willen inrichten.
4
Intentieovereenkomst Centraal Loket Ontheffingen nul-emissiezones 6-6-2023 - definitief
Slotbepalingen 6. Wijzigingen 6.1 Elke Partij kan de andere Partijen schríftelijk verzoeken de Intentieovereenkomst te wijzigen. De wijziging behoeft de schríftelijke instemming van alle Partijen. 6.2 Partijen treden in overleg binnen zes weken nadat een Partij de wens daartoe aan de andere Partijen schríftelijk heeft medegedeeld. 7. Toetreding van nieuwe partijen Nieuwe gemeenten kunnen na inwerkingtreding van deze Intentieovereenkomst toetreden tot deze Intentieovereenkomst door middel van een verzoek aan het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat en ondertekening van een verklaring. 8. Opzegging Elke Partij kan deze Intentieovereenkomst met inachtneming van een opzegtermijn van drie maanden schríftelijk opzeggen. 9. Nakoming Partijen komen overeen dat de nakoming van de afspraken van de Intentieovereenkomst niet in rechte afdwingbaar is. 10. Looptijd Deze intentieovereenkomst treedt in werking met ingang van de dag na ondertekening door alle Partijen en eindigt op 31 december 2029. Als Partijen dit nodig vinden kan de Intentieovereenkomst voor een nader overeen te komen periode worden verlengd. 11. Publicatie De Intentieovereenkomst wordt binnen twee weken na inwerkingtreding gepubliceerd in de Staatscourant. 1. DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT (datum) haniáťekenin
2. HET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN DE GEMEENTE ROTTI
Rotterdam,
(datum)
handtekening
Y. DIVISIEMANAGER REGISTRATIE EN INFORMATIE VAN DE DIENST WEGVERKEER plaats,
(datum)
handtekening
Z. DE DIRECTEUR VAN DE COÖPERATIE SERVICEHUIS PARKEER- EN VERBLIJFSRECHTEN U.A. plaats,
(datum)
handtekening
5