CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[23bb005248] Bijlage 8 behorende bij 23bb5269 - Nieuw m.e.r.-beoordelingsbesluit RIVA

Subcommissie bestemmingsplannen Commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte (2022-2026) 3 oktober 2023, gemeente RotterdamBij agendapunt: Hoorzitting ontwerpbestemmingsplan Riva2.520 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

M .e. r.-beoordelingsbesluit

'-«

Gemeente Rotterdam

Parallelweg 1 Postbus 843 3100 AV Schiedam T 010-2468000 E info@dcmr.nl www.dcmr.nl

Ons kenmerk

Uw kenmerk

2103527_4786172

Datum

22-08-2023

Contact

Afdeling

info@dcmr.nl

Reguleren Advies en Omgeving

Bijlagen

Onderwerp

M.e.r-beoordelingsbesluit RIVA

e/. Op 22 augustus 2023 hebben wij besloten dat geen milieueffectrapport (MER) hoeft te worden opgesteld voor het bestemmingsplan RIVA dat ligt aan de Scheepmakershaveri 27, 28 en 29 en Bierstraat 12, 14, 16 en 18 te Rotterdam Als uitgangspunt geldt dat alleen een MER hoeft te worden opgesteld, indien het bevoegd gezag van oordeel is dat dit noodzakelijk is vanwege belangrijke nadelige gevolgen die de activiteit voor het milieu kan hebben. Deze m.e.r.-beoordeling is uitgevoerd conform paragraaf 7.6 van de Wet milieubeheer en is een integrale beoordeling aan de hand van de selectiecriteria van de bijlage Ill uit de M.e.r.-richtlijn (2014/52/EU). De beoordeling is gebaseerd op: • • • • •

Aanmeldingsnotitie m.e.r. beoordeling van 25 maart 2022, kenmerk: 20108.AN/MER; Het stikstofonderzoek van 6 mei 2023; Geactualiseerde bezonningsonderzoek van 12 juli 2023; Aanvullend windhinderonderzoek van 15 maart 2023; Ontwerpbestemmingsplan RIVA inclusief de bijbehorende milieuonderzoeken.

Voorgenomen activiteit

De voorgenomen activiteit betreft het transformeren van de bestaande bebouwing, door gedeeltelijke sloop-nieuwbouw van het pand op de hoek van de Bierstraat / Scheepmakershaven, alsmede het toevoegen van volume middels een hoogteaccent. In de eindsituatie behoudt de onderbouw de huidige hoogte van ca. 14 tot 18 meter en wordt er een hoogteaccent gerealiseerd van maximaal 67 meter hoog. Het gebouw zal bestaan uit 20 bouwlagen met maximaal 56 woningen, 2200 m2 kantoorruimte, 400 m2 horeca, 400 m2 maatschappelijke functies, 400 m2 dienstverlening en/of 880 m2 aan sportvoorzieningen.

Blad 1 van 7

Ons kenmerk 2103527_ 4786172

Daarnaast is op de 1°, 2° en 3° verdieping inpandig parkeren voorzien toegankelijk via een autolift. Het fiets parkeren is voorzien op de begane grond. Noodzakelijkheid m.e.r.-beoordelingsbesluit De voorgenomen activiteit valt onder: M.e.r. categorie D11.2 Activiteit Stedelijk ontwikkelingsproject Drempelwaarde 2.000 woningen of meer; bedrijfsvloeroppervlakte (bvo) van 200.000 m2 of meer. Besluit Bestemmingsplan Voor de vaststelling van dit bestemmingsplan is een m.e.r.-beoordeling noodzakelijk volgens artikel 2 lid 5 onder b van het Besluit m.e.r., omdat de omvang 56 woningen betreft en dit ligt onder de drempelwaarde van 2.000 woningen. Het aantal vierkante meters bedrijfsvloeroppervlakte dat is voorzien bedraagt 2.600 m2 en dat ligt onder de drempelwaarde van 200.000 m2. Besluit Er zijn geen belangrijke nadelige effecten te verwachten voor het milieu en daarom hoeft geen MER opgesteld te worden. In samenhang zijn alle relevante aspecten beoordeeld op directe en indirecte effecten, waarin rekening is gehouden met de genoemde factoren in artikel 3 van de M.e.r.-richtlijn (2014/52/EU) en de aspecten uit Bijlage Ill van diezelfde richtlijn, met name onder punt 3. Zie de bijlage voor de onderbouwing van dit m.e.r.-beoordelingsbesluit.

Bezwaar en beroep Op grond van artikel 6:3 van de Algemene wet bestuursrecht is deze beoordeling een voorbereidingsbesluit, waarop geen bezwaar of beroep mogelijk is, tenzij aangetoond kan worden dat dit besluit belanghebbende rechtstreeks treft. Derden kunnen in hun zienswijze tegen het besluit in het kader van de Wro eventuele bezwaren tegen de m.e.r.-beoordeling kenbaar maken.

Burgemeester en Wethouders van Rotterdam De secretaris,

e burgemeester,

W.A.J.J. Houtman, l.s.

Blad 2 van 7

Ons kenmerk 2103527_ 4786172

Bijlage 1: Onderbouwing aan de hand van de relevante kenmerken van de voorgenomen activiteit volgens Bijlage Ill van de Europese m.e.r -richtlijn. Kenmerken voorgenomen activiteit Aard en omvang activiteit De voorgenomen activiteit betreft het transformeren van de bestaande bebouwing, door gedeeltelijke sloop-nieuwbouw van het pand op de hoek van de Bierstraat/ Scheepmakershaven, alsmede het toevoegen van volume middels een hoogteaccent. In de eindsituatie behoudt de onderbouw de huidige hoogte van ca. 14 tot 18 meter en wordt er een hoogteaccent gerealiseerd van maximaal 67 meter hoog. Het gebouw zal bestaan uit 20 bouwlagen met maximaal 56 woningen, 2200 m2 kantoorruimte, 400 m2 horeca, 400 m? maatschappelijke functies, 400 m2 dienstverlening en/of 880 m? aan sportvoorzieningen. Daarnaast is op de 1, 2° en 3° verdieping inpandig parkeren voorzien toegankelijk via een autolift. Het fiets parkeren is voorzien op de begane grond. Cumulatie met andere projecten Er zijn meerdere projecten in ontwikkeling in het Maritiem District. Deze projecten zijn opgenomen in het verkeersmodel dat ten grondslag ligt aan de onderzoeken ter onderbouwing van dit bestemmingsplan. De projecten Glashaven 16-70 en Boompjes 65 zijn reeds planologisch mogelijk, maar nog niet gerealiseerd. Voor zover deze ontwikkelingen effect sorteren op de omgeving van RIVA, zijn deze meegenomen.

Zo is Boompjes 65 opgenomen in de bezonningsstudie. Glashaven heeft gelet op de ligging en afstand van de toren geen effect op de bezonningsresultaten van de woningen in de Waterstadtoren en aan de Bierstraat. Andere projecten liggen te ver van het plangebied om effect te sorteren, anders dan dat is meegenomen middels gebruik van een integraal verkeersmodel. Gebruik van natuurlijke hulpbronnen De ontwikkelingsmogelijkheid vanwege dit bestemmingsplan zullen leiden tot het gebruik van natuurlijke hulpbronnen. Gelet op de omvang van de ontwikkeling zal het gebruik van natuurlijke hulpbronnen niet bijdragen aan uitputting van een natuurlijke hulpbron. Productie van afvalstoffen Bij de gedeeltelijke sloop komen afvalstoffen vrij die worden afgevoerd naar erkende verwerkers. Als gevolg van de functies wonen, werken, horeca en sport ontstaat er huishoudelijk- en bedrijfsafval. De benodigde faciliteiten worden gerealiseerd om het afval gescheiden op te slaan en af te voeren naar erkende verwerkers. Verontreiniging Luchtkwaliteit Als gevolg van het plan zullen er extra verkeersstromen ontstaan. Uit het mobiliteitsonderzoek blijkt voor een gemiddelde werkdag een toename van maximaal 325 motorvoertuigen per etmaal. De berekende piekbelasting in de ochtend en avond bedraagt maximaal 33 motorvoertuigen per uur.

Deze extra motorvoertuigen veroorzaken uitstoot van verontreinigende stoffen in de lucht in de vorm van stikstofoxide (NO,), fijnstof (PMo) en zeer fijn stof (PM as). Uit berekeningen blijkt dat er sprake Blad 3 van 7

Ons kenmerk 2103527_4786172

is van een "niet in betekende mate bijdrage" en dat wordt voldaan aan de normen van NO,, PM+o en PM.s uit de Wet milieubeheer. Bodem Uit het verkennend bodemonderzoek blijkt dat in de bodem licht verhoogde gehalten zware metalen, PAK's en/of minerale oliën aanwezig zijn. Daarnaast is in het grondwater een licht verhoogde concentratie barium aangetoond. De omvang van de verontreinigingen geven geen aanleiding tot nader onderzoek of bodemsanering. Hinder Geluid - wegverkeer Als gevolg van de bestaande omliggende wegen ontstaat geluidbelasting op de gevel van de toekomstige woningen. Uit het akoestisch onderzoek blijkt dat geluidbelastingen veroorzaakt door de gezoneerde wegen (Boompjes (S100), Blaak, André van der Louwbrug, Rederijstraat / Glashaven / Posthoornstraat) ten hoogste 43 dB bedragen. Hiermee wordt voldaan aan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB op de gevel van de woningen zoals gesteld in de Wet geluidhinder. De gecumuleerde geluidbelasting op de gevels veroorzaakt door al het wegverkeer is berekend op ten hoogste 57 dB. De zuidoost georiënteerde gevels van de toekomstige woningen worden het meest geluid belast (gecumuleerd overwegend 53 dB of hoger tot 57 dB veroorzaakt door de Scheepmakerskade). Op de overige gevels van de woningen is de gecumuleerde geluidbelasting lager dan 53 dB.

Het akoestisch leefklimaat veroorzaakt door het wegverkeer mag worden gekwalificeerd als 'goed' en 'redelijk' tot 'matig'. Stemgeluid Het plan maakt horeca met buitenterras mogelijk, met de beperking dat de horecainrichting is geopend tussen 07:00 en 23:00 uur en dat bij het exploiteren alleen inpandig achtergrondmuziek is toegestaan. Ook het terras is uiterlijk om 23.00 uur gesloten. De openbare ruimte biedt op deze locatie enkel ruimte voor gevelterrassen grenzend aan een weg en er is geen ruimte voor grote terrassen. De geluidemissie veroorzaakt door het maximaal aantal personen op een terras gaat op in het aanwezige omgevingsgeluid en is als niet relevant te beschouwen voor zowel de toekomstige woningen als de huidige woningen. In de directe omgeving is geen horeca aanwezig met terrassen die tot een slecht woon- en leefklimaat kunnen leiden ter plaatse van de nieuwe appartementen. Bezonning Als gevolg van het plan kan er vermindering van de hoeveelheid zon en daglichttoetreding optreden op de bestaande omliggende woningen. Er is een bezonningonderzoek uitgevoerd waaruit blijkt dat de maximale afname van bezonning op woningen 3 uur is. Verder blijkt uit het onderzoek dat alle bestaande woningen op de eerste woonlaag rondom RIVA (met ten minste 2 uur bezonning in de bestaande situatie) op 21 september als gevolg van de nieuwbouw nog steeds ten minste.

twee mogelijke bezonningsuren per dag hebben op de gevel en voldoen hiermee aan het Afwegingskader voor bezonning Rotterdam. Twee van de getoetste woningen aan de Bierstraat die in de bestaande situatie op 21 september al minder dan 2 uur zon heeft, wordt door RIVA 0,5 tot 1 uur extra beschaduwd. De bezonningsafname ten gevolge van de nieuwbouw van RIVA is hiermee groter dan 15% ten opzichte van de bestaande situatie. Er dient dan volgens het beleid te worden afgewogen of het belang van de nieuwe ontwikkeling opweegt tegen de extra schaduw op de bestaande

Blad 4 van 7

Ons kenmerk 2103527_ 4786172

woningen. Kijkend naar de effecten van bezonning op de omgeving, de bijdrage van de ontwikkeling aan de stedelijke beleidsdoelstellingen en de criteria van proportionaliteit, verdichting en typologie, wordt in deze afweging het negatieve effect op bezonning als acceptabel beoordeeld. Wind

Als gevolg van het plan kan windhinder ontstaan. Niet alleen op maaiveldniveau, maar ook op grotere hoogtes, zoals op 30 meter en 60 meter hoogte waar zich bij de Waterstadtoren (bestaande woontoren nabij het plan) balkons bevinden. De normstelling voor windhinder en windgevaar staat in de Nederlandse norm NEN 8100:2006 'windhinder en windgevaar in de gebouwomgeving'. Met de windstudie die is uitgevoerd conform NEN 8100:2006 is het effect onderzocht van de nieuwbouw op het windklimaat in de openbare ruimte op maaiveld en in de private buitenruimten op hoogte. De resultaten laten zien dat de toekomstige situatie: Overwegend gelijk blijft en in dat geval valt binnen aanvaardbare windhinderklassen; Soms verslechtert, maar in dat geval niet veel en ruim binnen de acceptabele grenswaarden blijft. Er is geen sprake van windgevaar; Op sommige punten zelfs verbetert, iets dat zeer positief is en zelden voorkomt. Meer specifiek voor de twee meest kritische punten: 1) Uit het windhinder onderzoek blijkt een toename van windhinder tussen het bouwplan RIVA en de Bierstraat 103 t/m 283 vanaf een hoogte van circa 30 m. Er is geen windtoename geconstateerd op de private buitenruimtes (balkons) van de Bierstaat 103 t/m 283.

2) Voor de Waterstadtoren (bestaande woontoren nabij het plan) blijkt een lokale afname (verbetering) van de windcondities ter plaatse van de zuidwestelijke gebouwhoek als gevolg van het toekomstige plan). Echter, aan de zuidoostelijke gevel, ter plaatse van de oostelijke gebouwhoek, wordt een lichte toename opgemerkt van extra wind vanaf een hoogte van 20 meter en een hoogte van circa 65 m. Al met al is de beperkte verslechtering aanvaardbaar. Risico van zware ongevallen Het plan maakt kwetsbare bestemmingen mogelijk (wonen). Het plangebied ligt niet binnen het invloedgebied van een inrichting met opslag van grote hoeveelheden gevaarlijke stoffen (Beviinrichting). Het ligt niet binnen het invloedgebied van transportroutes over weg, water, spoor of door buisleiding. Externe veiligheid geeft voor wat betreft plaatsgebonden risico (10°/jaar) en het groepsrisico geen belemmeringen. Risico's voor de menselijke gezondheid Als gevolg van dit plan zijn geen risico's voor de menselijke gezondheid te verwachten. Locatie voorgenomen activiteit Omschrijving locatie De projectlocatie ligt in bestaand stedelijk gebied, aan de Scheepmakershaven 27, 28, 29 en aan de Bierstraat 12, 14, 16 en 18. Dit is op het Wijnhaveneiland in het Maritiem District Rotterdam. Dit is onderdeel van de stadsdriehoek van Rotterdam en ligt aan de rechterhelft van het centrum.

Blad 5 van 7

Ons kenmerk 2103527_ 4786172

Ecologische waarden Op 11 mei 2019 heeft een ecoloog het veldonderzoek uitgevoerd naar de aanwezigheid van beschermde flora en fauna in het plangebied. Hieruit bleek dat als gevolg van het plan een bestaand zomer-/paarverblijf van de gewone dwergvleermuis verloren zal gaan. In december 2021 is een nader onderzoek uitgevoerd waarbij de gewone dwergvleermuis en de ruige dwergvleermuis zijn aangetroffen. Voor het mogen verstoren van de vleermuizen is op 8 augustus 2022 een ontheffing in het kader van de Wet natuurbescherming verleend. Als gevolg hiervan worden er tijdens de bouw tijdelijke verblijfplaatsen gerealiseerd en in het definitieve plan permanente verblijfplaatsen voor de vleermuis. Natuurgebieden De projectlocatie ligt niet in het Natuurnetwerk Nederland (NNN) en ook niet in een Natura 2000gebied. Het meest nabijgelegen stikstofgevoelige Natura 2000-gebied 'de Biesbosch' ligt op circa 18 kilometer afstand van de projectlocatie. Met AERIUS-calculator is berekend of negatieve effecten op de Biesbosch kunnen optreden als gevolg van stikstofdepositie in de bouwfase en de exploitatiefase. Hieruit blijkt dat de depositie als gevolg van dit plan niét groter is dan 0,00 mol/ha/jaar op de Biesbosch.

Aanwezigheid van landschappen en/of plaatsen van historisch, cultureel of archeologisch belang Op grond van de archeologische beleidskaart heeft het gebied een zeer hoge archeologische verwachting. Vanwege deze verwachtingswaarde en de omvang van de ontwikkeling is een plantoets uitgevoerd door het Bureau Oudheidkundig Onderzoek Rotterdam (BOOR) d.d. 7 december 2021. Uit de plantoets blijkt dat dat geen archeologisch onderzoek noodzakelijk is. Echter zal wel in het deel van het plangebied waar puin aanwezig is, tijdens de bouw archeologische begeleiding aanwezig zijn. Er is sprake van beeldbepalende cultuurhistorische waarde. Daarom zal het hoekpand van kavel 198, inclusief een zone van 4-5 meter van de gebouwconstructie erachter behouden blijven. Verder worden de gevels van de nieuwbouw teruggebouwd in dezelfde ontwerptaal van de te slopen bestaande bebouwing. Door het huidige gevelbeeld te handhaven en terug te brengen worden de aanwezige cultuurhistorische waarden gerespecteerd. Soort en kenmerken van het potentiële effect Een potentieel effect kan optreden dat er archeologische waarden in het geding kunnen komen, daarom zal er tijdens de bouw archeologische begeleiding zijn. In de regels van het bestemmingsplan is ter bescherming van de archeologische waarden in het plangebied de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 2' opgenomen.

Dit heeft onder andere tot gevolg dat bepaalde werkzaamheden in de grond pas mogen worden gedaan nadat er een omgevingsvergunning is afgegeven met voorwaarden. Er is een kans dat de beeldbepalende cultuurhistorisch waarden worden aangetast. Daarom is er in de regels van het bestemmingsplan de dubbelbestemming 'Waarde - Cultuurhistorie' opgenomen. Dit heeft onder andere tot gevolg dat voor de beeldbepalende objecten niet zomaar mag worden gesloopt.

Blad 6 van 7

Ons kenmerk 2103527_ 4786172

Conclusie Afsluitend wordt geconstateerd dat er een integrale beoordeling heeft plaatsgevonden, waarbij rekening is gehouden met de genoemde factoren in artikel 3 van de M.e.r.-richtijn (2014/52/EU) en de aspecten uit Bijlage Ill van diezelfde richtlijn, met name onder punt 3. In samenhang zijn alle relevante aspecten beoordeeld op directe en indirecte effecten. Geconcludeerd wordt dat er geen sprake zal zijn van waarschijnlijk aanzienlijke milieueffecten vanwege de voorgenomen activiteit en dat er daarom geen MER gemaakt hoeft te worden.

Blad 7 van 7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=78b64880-58f0-40c9-a283-1f17d134d8a8