CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[23bb004510] Wethoudersbrief Zeegers over GBP Rotterdam Central District - aanvullende motivering m.e.r.-beoordelingsbesluit

Commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte (2022-2026) 23 augustus 2023, gemeente RotterdamBij agendapunt: Bouwen en Wonen1.853 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Stadsontwikkeling Klimaat, Bouwen, Wonen Drs. C.M. Zeegers MA Postadres: Postbus 70012 3000 KP Rotterdam Website: www.rotterdam.nl Van: Melissa Zee Telefoon: 14 010 E-mail: bbo@rotterdam.nl

Aan de commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte

Ons kenmerk: M2306-2255 23bo006426 Bijlage(n): 1 Onderwerp: GBP Rotterdam Central District – aanvullende motivering m.e.r.beoordelingsbesluit Datum: 30 juni 2023

Beste commissieleden, Met deze brief bied ik u de aanvullende motivering van het m.e.r.-beoordelingsbesluit behorende bij het Bestemmingsplan Rotterdam Central District aan. Met vriendelijke groet,

Drs. C.M. Zeegers MA Wethouder Klimaat, Bouwen, Wonen Bijlage(n): Aanvullende motivering m.e.r.-beoordelingsbesluit Rotterdam Central District

Aanvullende motivering m.e.r.beoordelingsbesluit RCD Gemeente Rotterdam

Parallelweg 1 Postbus 843

Aan de gemeenteraad

3100 AV Schiedam T 010- 246 80 00 E info@dcmr_nl www.dcmr.nl

Ons kenmerk

Uw kenmerk

Datum

27juni2023

Contact

Afdeling

Bijlagen

info@dcmr.nl

Reguleren Advies en Omgeving

n.v.t.

Onderwerp

Aanvullende motivering m.e.r-beoordelingsbesluit Rotterdam Central District

Op 14 juli 2020 is reeds besloten dat er geen milieueffectrapport (MER) opgesteld hoeft te worden voor het bestemmingsplan Rotterdam Central District (m.e.r.-beoordelingsbesluit met kenmerk 9999172333_9999811799). Die m.e.r.-beoordeling is uitgevoerd conform paragraaf 7.6 van de Wet milieubeheer en bijlage 111 van de Europese m.e.r.-richtlijn. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft naar aanleiding van een beroepsgrond in de procedure tegen het bestemmingsplan een vraag gesteld over de integrale beoordeling in relatie tot de bijlage Ill criteria van de Europese m.e.r.-richtlijn. Bij brief van 9 februari 2023 is de motivering die ten grondslag ligt aan het besluit van 14 juli 2020 toegelicht en expliciet verduidelijkt, mede in het licht van de betreffende beroepsgrond. Gezien de geplande tweede zitting in de beroepsprocedure tegen het bestemmingsplan, wordt de motivering van het besluit van 14 juli 2020 ook formeel aangevuld middels dit besluit. Dit besluit is daarmee een aanvulling op het m.e.r.-beoordelingsbesluit van 14 juli 2020. Met dit besluit wordt het besluit van 14 juli 2020 nader gemotiveerd aan de hand van de criteria uit bijlage Ill van de Europese m.e.r.-richtlijn. Deze aanvullende motivering is gebaseerd op het bestemmingsplan en de onderzoeken die hieraan ten grondslag liggen.

Deze informatie was reeds bekend ten tijde van besluitvorming van het bestemmingsplan bij zowel de gemeenteraad als dit college en was destijds ook al betrokken in de besluitvorming over de m.e.r.-beoordeling. De conclusie van het besluit van 14 juli 2020 blijft ongewijzigd in stand: er behoeft geen MER te worden opgesteld, omdat (integraal beschouwd) er geen belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu zijn. Deze aanvulling dient dan ook in samenhang te worden gelezen met het m.e.r.beoordelingsbesluit van 14 juli 2020. 1.

Kenmerken van het project

Omvang en aard van de voorgenomen activiteit

Zie het m.e.r.-beoordelingsbesluit van 14 juli 2020 onder kopje "Voorgenomen activiteit" (maar voor de goede orde hier herhaald ter introductie van het project). Het totaal ontwikkelvolume uit bestemmingsplan RCD is 119.500 m2 (Delftse Poort 25.000 m2, Unilever 50.000 m2 en Delftseplein 44.500 m2).

Blad 1 van 4

Cumulatie met andere projecten

De gebiedsontwikkelingen Schiekadeblok en Pompenburg zijn betrokken bij de beoordeling van de effecten op risico's op ongevallen (externe veiligheid). Ook het verkeersmodel, dat gebruikt wordt voor het akoestisch onderzoek, is aangevuld met de (verwachte) verkeersgeneratie van deze gebiedsontwikkelingen. Om de akoestische situatie in kaart te brengen, is cumulatief het effect van de toename van verkeer vanwege deze gebiedsontwikkelingen betrokken. De productie van afvalstoffen

Het bestemmingsplan "Rotterdam Central District" voorziet met name in het vastleggen van de bestaande structuur en functies in het gebied. In de binnenstad is al sprake van allerlei grondgebruik ten behoeve van verschillende stedelijke functies en ziet de toevoeging van de nieuwe stedelijke functies op beperkt grondgebruik in een grootstedelijke omgeving. De effecten van het project reiken dan ook niet verder dan het centrumgebied zelf. Het bestemmingsplan voorziet niet in (industriële) functies die zijn gericht op of verband houden met de productie van afvalstoffen. In wezen is dit dus geen relevant criterium om te betrekken bij de m.e.r.-beoordeling (zie daartoe ook de conclusie van AG Kokott van 19 januari 2023 (ECLl:EU:C:2023:39) waaruit volgt dat alleen de belangrijkste aspecten expliciet in de afweging aan de orde hoeven te komen). Verontreiniging en hinder

Dit aspect wordt op basis van vigerende regelgeving cumulatief beoordeeld. Hierna wordt toegelicht hoe deze informatie in samenhang is beoordeeld. Luchtverontreiniging Er wordt een beperkte bijdrage van de luchtverontreiniging verwacht. Er zijn desondanks geen negatief effecten te verwachten, gezien de opname in het NSL en de Rotterdamse aanpak luchtkwaliteit. Het plan voldoet aan de Wet milieubeheer. Geluidhinder Zie het m.e.r.-beoordelingsbesluit van 14 juli 2020 onder kopje "Geluid" tot het kopje "Hogerewaardebesluit". Bezonning De ontwikkelingen geven in de maatgevende periode van 21 maart t/m 23 september tezamen niet meer dan één uur extra schaduw op omliggende woningen. Het effect vanwege extra schaduw is daarmee gering. Hiermee voldoet het bestemmingsplan tevens aan de zogenaamde 'Provenierswijkregel', die inhoudt dat er maximaal één uur extra schaduw valt op woningen als gevolg van het totaal aan bouwvolumes die ontwikkelingen in het gebied Rotterdam Central District mogelijk worden gemaakt. Windhinder In de bestaande situatie heerst er plaatselijk een matig tot slecht wind klimaat. De ontwikkelingen Delftseplein en Unilever kunnen een beperkt negatief effect hebben op het windklimaat, maar nergens in het gebied wordt de overschrijding van het gevaarcriterium verwacht.

Het windklimaat is te verbeteren door aanpassingen in de bouwmassa en de terreininrichting bij verdere detaillering van de ontwikkelingen. Nadelige effecten kunnen hierdoor worden voorkomen. Water Zie het m.e.r.-beoordelingsbesluit van 14 juli 2020 onder het kopje "Water". In aanvulling daarop geldt dat de gemiddelde ontwateringsdiepte in het plangebied groter is dan de vereiste 0,80 meter. In de huidige situatie is er geen sprake van grondwateroverlast. In de omgeving loopt de ondergrondse metrolijn en is veel bebouwing met een 1-laags kelder. De ontwikkeling van plannen met eventueel een ondergrondse parkeergarage zal daarom dan ook geen significante invloed hebben op de grondwaterstanden. Trillingen Ontwikkellocaties Unilever en Delftse Poort bevinden zich binnen de onderzoekszone voor trillingen vanwege de ondergrondse metro. De ontwikkellocatie Delftseplein alsmede een klein deel van de Blad 2 van 4

ontwikkellocaties Unilever en Delftse Poort liggen binnen de onderzoekszone voor trillingen vanwege de NS-sporen. Het risico van zware ongevallen en/of rampen, waaronder rampen door klimaatverandering

Zie het m.e.r.-beoordelingsbesluit van 14 juli 2020 onder het kopje "Externe veiligheid" en "Water". Risico's voor de menselijke gezondheid

De risico's ten aanzien van de menselijke gezondheid zijn meegewogen in de aspecten geluidhinder, luchtverontreiniging en water. Zie het m.e.r.-beoordelingsbesluit van 14 juli 2020 onder het kopje "Geluid", "Externe veiligheid" en "Water". 2.

Plaats van het project

Omschrijving van de locatie

De voorgenomen activiteit vindt plaats in de binnenstad van Rotterdam. Dit gebied is gekwalificeerd als hoogstedelijk gebied. Het projectgebied is niet gesitueerd op een gevoelige locatie qua natuur of cultuu rhistorie. Natuurgebieden

Zie het m.e.r.-beoordelingsbesluit van 14 juli 2020 kopje "Natuur/Stikstof' Ecologische waarden

Zie het m.e.r.-beoordelingsbesluit van 14 juli 2020 kopje "Flora & Fauna". Cultuurhistorische verkenning

Het gebied is niet c.ultuurhistorisch waardevol. Er bevinden zich wel twee waardevolle objecten in het gebied, namelijk Central Post en het Groot Handelsgebouw. De nieuwe ontwikkelingen hebben geen nadelig effect op deze gebouwen. 3.

Soort en kenmerken van potentiële effecten

Vanwege de voorgenomen activiteit zijn effecten te verwachten. Hierna worden de potentiële effecten en de manier waarop deze effecten kunnen worden voorkomen of beperkt verder toegelicht. Hierbij ook is beschouwd het bereik van het effect en duur, frequentie of (on)omkeerbaarheid van het effect middels mogelijk te nemen maatregelen. Geluid Op de locaties waar de maximale geluidbelasting wordt overschreden, zijn geen woningen toegestaan. Zie het m.e.r.-beoordelingsbesluit van 14 juli 2020 onder het kopje "Hogerewaardebesluit". Externe veiligheid Zie het m.e.r.-beoordelingsbesluit van 14 juli 2020 onder het kopje "Plasbrandaandachtsgebied". In het bestemmingsplan is in de regels opgenomen dat het gebouw op het Delftseplein moet voldoen aan de constructieve eisen uit artikel 2.4 tot en met 2.10 van de Regeling Bouwbesluit 2012 zodat het gebouw lang genoeg bestand is tegen brand en de bewoners/gebruikers kunnen vluchten. Zie het m.e.r-beoordelingsbesluit van 14 juli 2020 onder het kopje "Zeer kwetsbare bestemmingen". Het Externe veiligheidsbeleid van de Veiligheidsregio Rotterdam Rijnmond schrijft voor dat binnen de 100% letaliteitscontour geen objecten mogen staan die zeer kwetsbare niet-zelfredzame personen huisvesten. In regels van het bestemmingsplan zijn deze bestemmingen niet toegestaan.

In aanvulling daarop is in de regels van het bestemmingsplan verplicht gesteld dat alle bouwwerken naast het spoor een centraal afsluitbaar ventilatiesysteem en lekwerende voorzieningen dienen te hebben, en een uitgang van het spoor afgekeerd om schuilen of vluchten in geval van een calamiteit mogelijk te maken.

Blad 3 van 4

Water Zie het m.e.r-beoordelingsbesluit van 14 juli 2020 onder het kopje "Water". Vanwege de ontwikkeling Delftseplein wordt 900 m2 onverhard terrein verhard. In de regels van het bestemmingsplan is opgenomen dat het gebouw moet voorzien in een waterberging van 87 m3 om de extra verharding te compenseren. Trillingen Trillingen ten gevolge van de passages van de metrostellen en NS-treinen zijn goed op te vangen door maatregelen aan de bron (bijvoorbeeld met tussenvloeren in tunnelconstructies of toepassing rubberen blokken bij bovengrondse systemen), maatregelen in overdracht (bijvoorbeeld afstandsvergroting, meer massa) en bij de ontvanger (gebouwimpedantie verhogen (zwaarder/stijver maken), zwevende dekvloeren, afveren van gebouwen). Bij het indienen van een bouwaanvraag voor een gebouw op alle ontwikkellocaties (voor zover gelegen binnen 25 meter van metrosporen en of 100 meter van NS-sporen) moet worden aangetoond dat aan de richt- en grenswaarden wordt voldaan, dit wordt geborgd in de planregels. 4.

Conclusie

Gezien: de aanvullend beoordeelde potentiële effecten - mede gelet op de plaats en de kenmerken van het project - niet leiden tot de conclusie dat sprake zou kunnen zijn van belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu; dat er bovendien geen sprake van is dat voormelde aspecten cumulatief leiden tot vrees voor een ongezonde of onveilige leefomgeving zodat mogelijk sprake zou kunnen zijn van belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu; leidt dat in samenhang beschouwd, niet tot de conclusie dat sprake zou kunnen zijn van belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu. Concluderend zijn wij nog steeds van oordeel dat alle relevante milieuaspecten integraal beoordeeld en met inachtneming van mogelijke mitigerende maatregelen - niet een zodanig effect hebben op het gebied van de bescherming van het milieu, de kwaliteit van het bestaan alsmede voor menselijke gezondheid en welzijn dat sprake zou kunnen zijn van belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu. Op grond van het Besluit m.e.r. geldt daarom geen verplichting tot het doorlopen van de m.e.r.-procedure. Met voormelde overwegingen vullen wij het eerdere m.e.r-beoordelingsbesluit van 14 juli 2020 aan.

Hoogachtend, meester en Wethouders van Rotterdam

De se etaris

Blad 4 van 4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=f33f4188-b6a6-4fe2-919f-f649cdfd071d