CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[23bb004364] Bijlage 1 behorende bij 23bb004363 over afspraken tussen gemeente Rotterdam, het Rijk en COA over de doorstroomlocatie voor statushouders in Rotterdam

Gemeenteraad 12 oktober 2023, gemeente RotterdamBij agendapunt: Stand van zaken opvang en begeleiding asielzoekers, statushouders en Oekraïners.2.321 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Afspraken tussen de gemeente Rotterdam, het COA en het Rijk over de doorstroomlocatie Silja Europe

Aanhef De gemeente Rotterdam, het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (hierna: COA) en de ministeries van Justitie en Veiligheid, Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en Sociale Zaken en Werkgelegenheid (hierna: het Rijk) zijn op basis van constructief overleg gekomen tot onderhavige afspraken over de realisatie van de doorstroomlocatie ´Silja Europe´ te Rotterdam en daaraan gelieerde onderwerpen. Partijen a. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rotterdam, kantoorhoudend op Coolsingel 40, 3011 AD Rotterdam, rechtsgeldig vertegenwoordigd door wethouder F. Achbar, hierna te noemen: de gemeente; b. De ministeries van Justitie en Veiligheid alsmede Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en Sociale Zaken en Werkgelegenheid, ingevolge artikel [XXXX] hierbij rechtsgeldig vertegenwoordigd door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, mijnheer E. van der Burg, te dezen mede handelend namens de minister voor Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening en de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid hierna te noemen: het Rijk: c. Het zelfstandig bestuursorgaan Centraal Orgaan opvang asielzoekers, zoals bedoeld in artikel 2 Wet Centraal Orgaan (hierna: Wet COA) opvang asielzoekers, kantoorhoudend op Rijnstraat 8, 2515 XP te VE Den Haag, te dezen rechtsgeldig vertegenwoordigd door bestuursvoorzitter M.

Schoenmaker, hierna te noemen: het COA; Hierna gezamenlijk te noemen: ‘de Partijen’; Verklaren dat onderstaande blijk geeft van de wil tot samenwerking en beschrijft (I) de doelstelling, (II) gedeelde uitgangspunten en (III) gemaakte afspraken.

1

(I)

Doelstelling

De doorstroomlocatie draagt eraan bij dat voor Rotterdam de woningmarkt niet verder onder druk komt te staan door de toenemende taakstelling voor vergunninghouders en de grote vraag vanuit de regulier woningzoekenden. Door de beperkte doorstroom van vergunninghouders naar gemeenten staat de opvangcapaciteit van het COA al langere tijd onder druk. Dit komt onder meer doordat vergunninghouders niet tijdig uitstromen naar gemeenten (op het moment van schrijven circa 16.000 in de opvang van het COA waarvan 11.000 langer dan de afgesproken normtijd). Door middel van de realisatie van de doorstroomlocatie op het schip de Silja Europe (hierna: doorstroomlocatie) in de Merwehaven of een andere daarvoor geschikte aanleglocatie in de Haven van Rotterdam (hierna: Rotterdamse haven) wordt voorzien in tijdelijke huisvesting in afwachting van (meer) permanente huisvesting in een gemeente. Het betreft een tijdelijke oplossing waarbij door middel van bredere afspraken wordt ingezet op het verminderenvan verdringingseffecten tussen regulier woningzoekenden en de verschillende aandachtsgroepen. De komst en het verblijf van vergunninghouders op de doorstroomlocatie kan niet los worden gezien van de huisvestings- en inburgeringsopgaven. Om de gemeente hierin te ondersteunen draagt het Rijk bij aan de realisatie van woonvoorzieningen en de regie op de uitvoering van de inburgering.

Dit stelt de gemeente in staat aan haar taakstelling huisvesting vergunninghouders te voldoen. Bovendien verblijven vergunninghouders al in de gemeente en/of regio waar ze gehuisvest zullen worden. Dit draagt bij aan hun integratie en participatie en bevordert sneller de kans dat zij kunnen meedoen aan de Nederlandse samenleving.

(II)

Gedeelde uitgangspunten

De gemeente, het COA en het Rijk (hierna: de partijen) hebben overeenstemming bereikt over de uitgangspunten op basis waarvan wordt samengewerkt aan de realisatie van de doorstroomlocatie. Overwegende: 1. dat de gemeente Rotterdam een historische rol heeft bij het vervullen van innovatieve woningbouwprojecten en inburgeringstrajecten en het gemeentebestuur daarom bereid is mee te werken aan de komst en het verblijf van vergunninghouders op een doorstroomlocatie binnen de gemeente en regio Rijnmond; 2. dat de gemeente Rotterdam vanwege haar grote omvang een centrale rol heeft binnen regio Rijnmond; 3. dat de gemeente Rotterdam de taakstelling huisvesting vergunninghouders, als bedoeld in artikel 28 van de Huisvestingswet, wil halen; 2

4. dat de gemeente Rotterdam de kwaliteit van de inburgering wil waarborgen met het oog op de op haar rustende verantwoordelijkheid ingevolge de Wet inburgering; 5. dat het COA tot kerntaak heeft de opvang van asielzoekers alsmede werkzaamheden met betrekking tot de bemiddeling bij de uitstroom van vergunninghouders; De opvangtaak is neergelegd in artikel 3, eerste lid, sub a tot en met c, Wet COA. De bemiddelingstaak in artikel 3, eerste lid, sub d, Wet COA. 6. dat het Rijk tot verantwoordelijkheid heeft om te voorzien in een stelsel van voorzieningen op het terrein van asielopvang, volkshuisvesting en inburgering; 7. dat partijen de intentie hebben om de afspraken gestand te doen conform besprokene, met als doel om een optimaal functioneren van de doorstroomlocatie in de plaatselijke gemeenschap te bewerkstelligen en, in het verlengde daarvan, woonvoorzieningen te realiseren en de inburgering te bevorderen; 8. dat partijen de intentie hebben om bij de afspraken ook andere gemeenten in de regio Rotterdam-Rijnmond te betrekken teneinde de kans te vergroten dat met de doorstroomlocatie een gezamenlijke en sluitende bijdrage wordt geleverd aan het opvang- en huisvestingsvraagstuk. (III)

Gemaakte afspraken

De gedeelde uitgangspunten zijn voor zover als mogelijk uitgewerkt in afspraken over geselecteerde onderwerpen gelieerd aan de doorstroomlocatie: - Het aantal te realiseren capaciteitsplaatsen - De te plaatsen doelgroep - De aanvang en duur van de doorstroomlocatie - Het verblijf op en na de doorstroomlocatie - Financiering van de doorstroomlocatie - Inzet op het terrein van huisvesting en inburgering - Overige onderwerpen Afspraken: 1.

Capaciteit en doelgroep a. Op de doorstroomlocatie verblijven maximaal 1500 vergunninghouders. b. Op de doorstroomlocatie verblijven in beginsel aan de gemeente gekoppelde vergunninghouders, met dien verstande dat partijen de wederzijdse intentie hebben om op de locatie ook vergunninghouders te laten verblijven die zijn gekoppeld aan gemeenten die behoren tot de regio Rotterdam-Rijnmond. Hierbij is het uitgangspunt dat 2/3e van de vergunninghouders gekoppeld is aan Rotterdam en 1/3e van de vergunninghouders aan de regiogemeenten. 2.

Aanvang en duur

3

a. Partijen streven ernaar de doorstroomlocatie onverwijld te realiseren, maar bij voorkeur niet later dan 1 juli 2023. Hiertoe treden de gemeente en het COA met elkaar in overleg met het doel om op basis van de voor aanleg noodzakelijke randvoorwaarden tot een definitieve datum te komen. b. De gemeente heeft de intentie om in te stemmen met de vestiging en het gebruik van de doorstroomlocatie voor de duur van een jaar en zes maanden, uitkomend op een totale duur van achttien maanden te rekenen vanaf de datum van realisatie. 3.

Verblijf op en na de doorstroomlocatie a. Partijen zijn voornemens met de doorstroomlocatie een sluitende bijdrage te leveren aan het opvang- en huisvestingsvraagstuk, inhoudende dat de inzet is dat de vergunninghouders hun verblijf na de doorstroomlocatie zullen voortzetten in (meer) permanente huisvesting in de gemeente. b. Hiertoe gebruikt het COA de doorstroomlocatie in beginsel onder eigen verantwoordelijkheid, met dien verstande dat partijen de wederzijdse intentie hebben om de locatie zodanig in te zetten dat deze de gemeente in staat stelt invulling te geven aan de op haar rustende taakstelling huisvesting vergunninghouders, als bedoeld in artikel 28 van de Huisvestingswet. c. Daarnaast werken het COA en de gemeente nauw samen om een doorlopende lijn vanuit de doorstroomlocatie naar de gemeente te verzekeren. In dat kader is het COA (eind)verantwoordelijk voor de begeleiding van de dagelijkse activiteiten alsmede activiteiten die worden aangeboden ten behoeve van de voorinburgering van vergunninghouders, aangevuld met nader te bepalen activiteiten door maatschappelijke organisaties. De gemeente is (eind)verantwoordelijk voor de inburgering van de aan haar gekoppelde vergunninghouders die meetellen voor de taakstelling.

Het COA stelt fysieke ruimtes op de doorstroomlocatie beschikbaar ter ondersteuning van genoemde activiteiten, waaronder in ieder geval gedacht kan worden aan kinderopvang en studieruimtes. 4.

Financiering doorstroomlocatie a. De financieringssystematiek is in beginsel verdeeld over drie periodes van zes maanden, uitgaande van een totale duur van achttien maanden. b. Gedurende de eerste periode van zes maanden worden alle kosten die samenhangen met de vestiging en het gebruik van doorstroomlocatie gedragen door het COA, daaronder begrepen kosten die samenhangen met de aanleg aan en de veiligheid van de kade in de Rotterdamse haven, projectkosten ter ondersteuning van de realisatie van de doorstroomlocatie en kosten in verband met nader te bepalen activiteiten door maatschappelijke organisaties. c. In de tweede periode wordt de doorstroomlocatie ten dele gefinancierd door een beroep te doen op de Hotel- en Accommodatieregeling voor zover het aan de gemeente gekoppelde vergunninghouders betreft die meetellen voor de taakstelling. 4

Overige kosten die door het COA worden gedragen in de eerste periode worden ook in de tweede periode door het COA gedragen. d. In de derde periode geldt ten minste dezelfde financieringssystematiek als in de tweede periode. e. Met het oog op de fasering van de financiering wordt de voortgang van de doorstroomlocatie gemonitord in een daarvoor nog op te richten gremium waarin alle partijen zijn vertegenwoordigd. 5.

a.

b.

c.

d.

6.

Inzet huisvesting Met inachtneming van bovenstaande is het Rijk bereid de gemeente te ondersteunen bij het tijdig realiseren van woonvoorzieningen, waarbij in ieder geval kan worden gedacht aan het bouwen van flexwoningen alsmede het transformeren van vastgoed. Hiertoe is het Rijk bereid de gemeente voor de eerste helft van 2024 een begunstigende positie te geven ten aanzien van de Stimuleringsregeling voor Flex- en Transformatiewoningen voor de realisatie van 600 flexwoningen per 1 juli 2024, uitgaande van conformatie aan de nog door het Rijk vast te stellen voorwaarden. Verwachte openstelling vindt plaats in september 2023. Daarnaast is het Rijk bereid voor de tweede helft van 2024 in nauwe samenwerking met de gemeente in te zetten op vergelijkbare realisatie van 525 aanvullende flexwoningen voor eind 2024. Hierbij is het uitgangspunt dat Rotterdam dezelfde begunstigde positie heeft als bij de eerste tranche. Vanuit de gedeelde realisatie dat het Rijk op het moment van schrijven nog niet kan beschikken over middelen voor de volgende tranche zijn het Rijk en de gemeente overeengekomen om zo snel mogelijk contact te hebben zodra deze middelen beschikbaar komen. Aanvullend op de inzet ten aanzien van flexwoningen wenst de gemeente door middel van het transformeren van bestaand vastgoed in 2023 en 2024 nog 375 plekken toe te voegen voor de huisvesting van vergunninghouders.

Hiertoe heeft de gemeente een lijst met potentiële projecten geïnventariseerd welke met het Rijk wordt gedeeld. Het Rijk helpt de gemeente om deze projecten te realiseren, daarbij in overweging hebbende dat de gemeente zorgen heeft over de financiële haalbaarheid van de projecten. Over deze lijst treden de gemeente en het Rijk met elkaar in overleg met het doel om op basis van bestaande regelingen, zoals de Regeling Huisvesting Aandachtsgroepen (RHA) en, zo mogelijk, de Stimuleringsregeling Flex- en Transformatiewoningen te beoordelen of met financiële steun binnen de voorwaarden van de regelingen en regelgeving de begroting sluitend te maken is. Hierbij is de gemeente zich wel bewust dat een beroep kan worden gedaan op de RHA vanaf 30 mei om 9:00 uur en dat een aanvraag bij voorkeur dus ook op of zo snel mogelijk na dat moment ingediend zal moeten worden. Inzet inburgering

5

a. Met inachtneming van bovenstaande is het Rijk bereid de gemeente te ondersteunen bij het voeren van regie op de uitvoering van de inburgering, met als doel om inburgeringsplichtigen zo snel mogelijk te laten meedoen in de Rotterdamse samenleving, liefst via betaald werk. b. Hiertoe zijn het Rijk en het COA bereid in nauwe samenwerking met de gemeente in te zetten op een of meerdere innovatieve pilotprojecten op het terrein van het intensiveren van de inburgering en het waarborgen van de kwaliteit. Daaronder begrepen wordt in ieder geval een project ten behoeve van een snelle en vroege start van de inburgering inclusief inzet op taalverwerving en arbeidsparticipatie, daarbij voortbouwend op het eerdere pilotproject Vroege start van de gemeente. Hiertoe wordt door partijen gezamenlijk een business case opgesteld met tussenkomst van een gespecialiseerd bureau teneinde meerkosten ten opzichte van de huidige financieringssystematiek in kaart te brengen alsmede eventuele dubbelingen uit te sluiten gelet op de bestaande verantwoordelijkheidsverdeling ten aanzien van de begeleiding van de dagelijkse activiteiten, de voorinburgering van vergunninghouders en de inburgering van de aan de gemeente gekoppelde vergunninghouders die meetellen voor de taakstelling.

Op basis van deze business case wordt de begroting met financiële steun van het Rijk sluitend gemaakt met het oog op uitvoering van het pilotproject. Deze business case is uiterlijk 1 juli 2023 gereed. c. Inzet van activiteiten door maatschappelijke organisaties, vergelijkbaar met de inzet op de noodopvang in Rotterdam, worden gefinancierd door het Rijk. 7.

Gedurende de eerste periode van zes maanden vallen alle op het schip verblijvende vergunninghouders onder de zorg van de Gezondheidszorg Asielzoekers (GZA). De vergunninghouders die daarna onder de HAR-regeling vallen blijven verzekerd via de Regeling Medische Zorg Asielzoekers (RMZA). Het COA zorgt ervoor dat voor de vergunninghouders op het schip de GZA het eerste aanspreekpunt voor zorgvragen blijft.

8.

Voor maatregelen en voorzieningen die getroffen worden in verband met de doorstroomlocatie op aanpalende beleidsterreinen geldt de verantwoordelijkheidsverdeling zoals vastgelegd in wet- en regelgeving.

9.

De afspraken worden op onderdelen nader uitgewerkt en aangevuld in een of meer onderliggende bestuursovereenkomsten. Daaronder begrepen zijn in ieder geval een bestuursovereenkomst over de vestiging en het gebruik van de doorstroomlocatie alsmede een realisatieovereenkomst voor de realisatie van woonvoorzieningen.

10. De afspraken zijn aanvullend op reeds bestaande afspraken tussen het COA en de

gemeente inzake de opvang van asielzoekers, waarbij de gemeente zich bereid toont 6

om de bestaande opvangcapaciteit van 500 capaciteitsplaatsen te continueren voor de duur van een jaar conform de bestaande bestuurlijke afspraken, wetende dat het Rijk nadrukkelijk heeft opgeroepen om geen restricties te hanteren ten aanzien van de te plaatsen doelgroep. 11. Bij het vervolg is betrokkenheid van nader te bepalen gemeenten in de regio

Rotterdam-Rijnmond voorzien, met dien verstande dat hun betrokkenheid geen vertragende of anderszins negatieve werking heeft op de uitwerking en tenuitvoerlegging van de tussen partijen gemaakte afspraken. 12. In geval van onvoorziene omstandigheden zullen partijen zo spoedig mogelijk met

elkaar in overleg treden om te bezien of er mogelijkheden zijn om de doelstelling van het onderhandelingsresultaat alsnog te bereiken op een wijze die recht doet aan de bedoelingen van alle partijen. Aldus overeengekomen, in drievoud opgemaakt en ondertekend. Rotterdam, 21 juni 2023 gemeente Rotterdam

Rijksoverheid

F. Achbar

E. van der Burg

Wethouder Welzijn, Samenleven, Sport

Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid

en Digitale Inclusie

Centraal Orgaan opvang asielzoekers

M. Schoenmaker voorzitter bestuur COA 7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=51fd910f-049e-4ba3-b393-8e32ad387aae