CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[23bb004051] Collegebrief Monitor Werk en Inkomen 1e tertaal 2023

Commissie Werk & Inkomen, Onderwijs, Samenleven, Schuldhulpverlening & Armoedebestrijding, NPRZ 28 juni 2023, gemeente RotterdamBij agendapunt: Werk en Inkomen5.370 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Werk en Inkomen Werk, Inkomen, Nationaal Programma Rotterdam Zuid en EU-arbeidsmigranten Tim Versnel MSc Postadres: Postbus 70012 3000 KP Rotterdam Internet: www.rotterdam.nl Van: Jolien Jeroense/Michel Zuijderwijk Telefoon: 14 010 E-mail: bbo@rotterdam.nl

Aan de gemeenteraad

Ons kenmerk: M2304-2242 23bo005668 Onderwerp: Monitor Werk & Inkomen, 1e tertaal 2023 Datum: B&W 13 juni 2023

Op welke gronden deze brief? / Waarom nu voorgelegd? Met de monitor Werk en Inkomen informeren wij uw raad iedere vier maanden over de ontwikkelingen op het gebied van Werk en Inkomen op de reguliere P&C-momenten (1e herziening, 2e herziening en jaarverslag). De monitor is hiermee een verdieping van de gemeentelijke P&C-producten voor wat betreft het programma Werk en Inkomen. Relatie met het coalitieakkoord/collegewerkprogramma/eerder aangenomen moties en gedane toezeggingen: Coalitieakkoord: Eén stad 2022-2026. Toelichting: In deze brief wordt ingegaan op de belangrijkste ontwikkelingen uit de monitor over het 1e tertaal (januari t/m april) 2023. Ontwikkelingen op de landelijke en regionale arbeidsmarkt De arbeidsmarkt is in beweging. De economie krimpt in het eerste kwartaal van 2023 met 0,7%. Het aantal vacatures daalt bij werkgevers en blijft (nog) stabiel bij intermediairs. Veel werkgevers (35%) ervaren nog steeds belemmeringen door tekort aan personeel. Het aantal mensen met een uitkering in het kader van de participatiewet stijgt (zie paragraaf ontwikkeling bijstandsvolume hieronder). Dit geldt ook voor het aantal WWuitkeringen in Rotterdam. Dit is sinds december vorig jaar met 411 toegenomen tot 7.594. Door de stijging van het aantal mensen met een WW-uitkering en daling van het aantal vacatures is de arbeidsmarkt iets minder krap.

Voor Rijnmond is de krapte-indicator van ‘zeer krap’ naar ‘krap’ gegaan. Door de opkomende vergrijzing en nog steeds grote vraag naar arbeidskrachten zal naar verwachting de arbeidsmarkt nog langdurig ‘krap’ blijven. Onze focus op en het stimuleren van uitstroom naar kansrijke sectoren blijft daarmee onverminderd belangrijk.

Blad: Datum: Ons kenmerk:

2/13 13 juni 2023

Volgens de eerste berekening van het CBS1 daalde het volume van het bruto binnenlands product (bbp) in het eerste kwartaal met 0,7 procent ten opzichte van het vierde kwartaal van 2022. In het vierde kwartaal steeg het bbp nog met 0,4 procent. De krimp in het eerste kwartaal is vooral toe te schrijven aan een daling van het handelssaldo en aan een grotere onttrekking uit de voorraden. De in- en uitvoer van goederen en diensten is gedaald. Vooral de dalende export heeft gevolgen voor de regio Rijnmond. Investeringen en de consumptie van de overheid en huishoudens zijn gestegen. Het aantal faillissementen is één van de zogenaamde vroegindicatoren van de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt. Zoals verwacht is het aantal faillissementen2 in de regio Rijnmond gestegen. In het eerste tertaal van 2023 zijn er 81 ondernemingen failliet gegaan. De stijging is voor een groot deel het gevolg van het wegvallen van tijdelijke, ondersteunende coronamaatregelen. In de regio Rijnmond daalt het ondernemersvertrouwen al vier kwartalen op rij. Een belangrijke oorzaak is het tekort aan personeel en dalende vraag (orders). Zoals hiervoor benoemd is dit al zichtbaar in de dalende export. Het aantal banen in de regio stijgt al jaren achtereen.

De meeste werkgelegenheid in Rijnmond is te vinden in de sectoren zorg (12%), zakelijke dienstverlening (11%), detailhandel (10%) specialistische zakelijke dienstverlening (8%), vervoer en opslag (7%), onderwijs (6%) en groothandel (6%). In Rijnmond ondervindt 35%3 van de werkgevers belemmeringen door personeelstekort. Vooral de sectoren zakelijke dienstverlening, ICT, horeca, industrie, handel ervaren de grootste belemmeringen. De krapte en het tekort aan personeel is nagenoeg in alle sectoren groot, zeker met het oog op de vergrijzing en ontgroening zal naar verwachting personeelstekort blijven. Er wordt wel krimp van banen verwacht in de industrie en detailhandel maar dit zal geen grote invloed hebben op de tekorten voor andere sectoren. Het aantal vacatures in de regio Rijnmond daalt in het 1e tertaal bijna 10% bij werkgevers. Deze daling is vooral zichtbaar voor de MBO-opleidingsniveaus 1-2 en 3-4. Daarentegen stijgt het aantal vacatures bij intermediairs met 7%. Het lijkt erop dat werkgevers door de toenemende onzekerheid weer vaker een beroep doen op intermediairs. Bijstandsvolume Onze collegedoelstelling is het behalen van 30.000 bijstandsuitkeringen eind 2025. Het bijstandsvolume in de eerste maanden van een jaar, laat vaak een stabiel beeld zien, waarbij de uitstroom later in het jaar stijgt (door o.a.

uitstroom naar opleiding en de jaarlijkse verschuiving van de AOW-leeftijd). Het Rotterdamse bijstandsvolume bedroeg eind april 2023 33.155 uitkeringen. Dat is iets meer dan eind 2022 (180 meer). De dalende trend van het bijstandsvolume sinds mei 2021 is daarmee doorbroken. De stijging in de eerste vier maanden komt door een combinatie van een licht stijgende instroom (o.a. toename statushouders) en een dalende uitstroom door minder gunstige economische ontwikkelingen, een complexere doelgroep en een verhoging van de AOW gerechtigde leeftijd met drie maanden. Daarnaast geeft de eenmalige beëindiging van ongeveer 1100 uitkeringen Bbz light een vertekend beeld ten opzichte van de

1 Bron: CBS.nl 2 Bron: RijnmondInzicht.nl 3 Bron: RijnmondInzicht.nl

Blad: Datum: Ons kenmerk:

3/13 13 juni 2023

uitstroomcijfers over het 1e tertaal 2023 (zie ook duiding bij ‘uitstroom totaal’ op pagina 6). Alle inspanningen blijven erop gericht om de ambitie voor 2023 van 32.325 bijstandsuitkeringen te behalen. De komende jaren zetten we de meeste capaciteit in op werkzoekenden die een reële kans maken om, al dan niet na een ontwikkeltraject, vlot uit te stromen naar werk. Zo openen we deze collegeperiode twee nieuwe Leerpraktijkcentra waar we werkzoekenden begeleiden bij het leren en werken. Dit doen we in samenwerking met sociaal ondernemers. Samen werken we aan het leren van de juiste vaardigheden om duurzaam overeind te blijven op de arbeidsmarkt. Om de drempel naar betaald werk te verlagen zetten we in op het creëren van meer passend werk. We verlagen de drempel voor werkgevers om kwetsbare Rotterdammers met een verminderde loonwaarde in dienst te nemen door werkgevers loonkostensubsidie (LKS) te geven. Bestandsontwikkeling Tot en met februari 2023 lag de (voorlopige) landelijke ontwikkeling hoger (1-1-2022=100) op 96,8% en Rotterdam op 95,5%. In april is de index in Rotterdam (95,8%). In de vergelijkbare periode daalt het bijstandsvolume in Amsterdam (94,3%) en Den Haag (95%). In Utrecht stijgt het bijstandsvolume (98,8%). In onderstaande grafiek is de ontwikkeling zichtbaar sinds eind december 2021.

Rond december 2022 is zichtbaar dat in Rotterdam het bijstandsvolume weer toeneemt.

Ontwikkeling BUIG (zie monitor ad 10) Het BUIG-saldo is het verschil tussen het ontvangen budget voor bijstandsuitkeringen (BUIG) en de uitgaven aan bijstandsuitkeringen en loonkostensubsidies. Gedurende het jaar wordt de begroting meermaals aangepast aan de hand van opeenvolgende beschikkingen van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en van nieuwe uitgavenramingen.

Blad: Datum: Ons kenmerk:

4/13 13 juni 2023

In de 1e herziening 2023 zijn de begrote uitgaven en inkomsten voor het verstrekken van bijstandsuitkeringen en loonkostensubsidies (het BUIG-budget) bijgesteld. In de aanbiedingsbrief bij de Monitor W&I voor het 3e tertaal 2022 (M2301-7360) is al aangegeven dat het BUIG-budget voor Rotterdam voor 2023 fors naar beneden is bijgesteld door een lager aandeel van Rotterdam in het landelijke macro-budget, namelijk van 9,02% in 2022 naar 8,58% in 2023[1]. Rotterdam heeft bezwaar aangetekend tegen het voorlopig BUIG-budget 2023. Dit bezwaar is door het ministerie van SZW afgewezen. We beraden ons op eventuele verdere vervolgstappen. Voor de inkomsten is uitgegaan van het nader voorlopig budget 2023 en een afgegeven indicatie door het ministerie van SZW over de toename van het budget vanwege de verhoging van het wettelijk minimumloon. De verwachte BUIG-inkomsten voor Rotterdam zijn begroot op € 546,9 mln. Voor de raming van de uitkeringslasten wordt uitgegaan van de jaarlijkse doelen om te komen tot de collegetarget van 30.000 eind 2025. Dit blijft ook het uitgangspunt voor 2023 (namelijk 32.325 bijstandsuitkeringen einde jaar) voor het bepalen van de uitkeringslasten. De daling van het gemiddelde bijstandsvolume voor Rotterdam in 2023 zou daarmee 3,0% bedragen. Dit is 1,6% beter dan het geraamde landelijke gemiddelde waarbij wordt uitgegaan van een daling van 1,4%.

In de begroting heeft het programma Werk en Inkomen twee hoofddoelen: - Inkomenszekerheid en rechtmatigheid - Iedereen vooruit Alle toelichtingen bij opvallende punten in de monitor zijn ingedeeld langs deze twee hoofddoelen. Afwijkingen van de norm of streefwaarde worden hieronder toegelicht. Inkomenszekerheid en rechtmatigheid “Bijstandsuitkeringen zijn rechtmatig en met oog voor de menselijke maat verstrekt.” 

De tijdigheid afhandeling klachten (zie monitor ad 12) is in het 1e tertaal 2023 ten opzichte van het 3e tertaal van 2022 iets omlaaggegaan. Belangrijkste oorzaak is verminderde inzetbaarheid van medewerkers door onder meer verzuim. Vanwege de specifieke expertise van de functie én het niet kunnen benutten van inzet van expertise uit andere clusters (uitwisseling), was extra ondersteuning op korte termijn niet mogelijk. Het werk is binnen de bestaande bezetting opgepakt. De inzetbaarheid is inmiddels weer toegenomen, wat leidt tot een stijging van de tijdige afhandeling van klachten.

[1] In de 3e tertaalmonitor 2022 is aangegeven dat het aandeel van Rotterdam is gedaald van 8,70%

naar 8,25%; dit is het aandeel inclusief het budget voor loonkostensubsidies. Het in deze brief genoemde percentage van 8,58% is het aandeel van Rotterdam voor de objectieve verdeling van het macrobudget voor bijstandsuitkeringen exclusief LKS.

Blad: Datum: Ons kenmerk:

5/13 13 juni 2023

Er zijn het eerste tertaal 678 heronderzoeken (zie monitor ad 15) uitgevoerd. Hiermee lopen wij achter op de streefwaarde van 3500. Er zijn meerdere maatregelen getroffen om ervoor te zorgen dat de doelstelling wel gehaald gaat worden. Dit zijn: - heronderzoeken hebben de hoogste prioriteit. Dit betekent dat wij de beschikbare capaciteit uit andere teams gaan inzetten op heronderzoeken; - het werkproces en de werkinstructies zijn verbeterd; - de doorlooptijden worden versneld.

Percentage beëindigingen (zie monitor ad 15)

De heronderzoeken worden in 2023 uitgevoerd op basis van twee selectiemethoden. We nodigen mensen uit: 1. Op basis van de a-selecte methode 2. Die nog nooit een heronderzoek gehad hebben en waarbij we de langst niet gesprokenen als eerste uitnodigen. Het percentage uitkering beëindigd is lager dan voorgaande jaren. Dit komt mogelijk omdat we nu heronderzoeken uitvoeren bij een relatief stabiele doelgroep die al lang in de bijstand zit. Waarschijnlijk is het percentage rechtmatigheid bij deze groep hoger dan bij andere groepen. Fraudeonderzoeken In de Begroting 2023 wordt, in plaats van het aantal heronderzoeken, gerapporteerd over het aantal fraudeonderzoeken. Fraudeonderzoeken zijn bestuursrechtelijke onderzoeken naar de rechtmatigheid van een uitkering. Deze onderzoeken worden gedaan op basis van een vermoeden naar fraude. Tot en met eind april zijn 237 fraudeonderzoeken afgerond die ertoe geleid hebben dat €231.400,- aan terugvorderingen wordt gepleegd (bestaande uit o.a. 31 terugvorderingen en 20 beëindigingen). Hiermee zitten we op koers richting de 700 ambitie voor het hele jaar. De handhavingsaanpak wordt op dit moment herijkt. Het doel is om de productiviteit van onder meer fraudeonderzoeken te verhogen. Vorig jaar hebben we 2794 fraudeonderzoeken gedaan, waarvan 36 terugvorderingen en 43 beëindigingen

Het percentage tijdig terugbellen (zie monitor ad 16) is met 85% onder de gestelde servicenorm van minimaal 90%. In het eerste tertaal van 2023 heeft er een technische storing plaatsgevonden waarbij de terugbelnotities niet bij de betrokken afdeling binnen kwamen. De storing is inmiddels hersteld. Het % tijdig terugbellen is weer stijgend.

Iedereen vooruit richting werk!

In de vorige tertaal monitor (tm december 2022) is genoemd dat er 267 fraudeonderzoeken zijn afgerond. Dit aantal is later gecorrigeerd naar 279. 4

Blad: Datum: Ons kenmerk:

6/13 13 juni 2023

“Minder Rotterdammers in de bijstand. We zetten in op een vlotte uitstroom richting werk. Meer mensen met een arbeidsbeperking zijn aan de slag, passend bij hun vermogen en/of eigen ontwikkeling”

Arbeidsparticipatie 

De totale instroom (zie monitor ad 5) in T1 van 2023 is een stuk lager (2.271) dan in het eerste tertaal van 2022 (3.185). De primaire reden voor het verschil is dat in de eerste 3 maanden van 2022 de transitieperiode voor de BBZ nog gold. Dit was een tijdelijke regeling die de TOZO-regeling opvolgde. Nederland heeft daarnaast nog steeds te maken met een krappe arbeidsmarkt, wat ook in de instroom te zien is.

Instroom vanuit de WW als % van instroom Participatiewet (zie monitor ad 5). Ten opzichte van het 1e tertaal 2022 stromen er dit jaar meer WW-ers in, ruim 6,5%. Alle kandidaten die geschikt worden geacht voor WW@Work worden benaderd om gebruik te maken van dit instrument. Dit zien we echter niet terug in het aantal aanwezigen bij de voorlichtingen. Het merendeel van de verhoogde instroom vanuit de WW maakt dus geen gebruik van WW@Work. Met het UWV hebben we gekeken wat wij kunnen doen om het aantal deelnemers te verhogen. Door de casemanagers UWV wordt per direct en herhaaldelijk in gesprekken met potentiële WW@Work klanten aandacht gevraagd voor en het belang benadrukt van de voorlichting. De uitnodigingsbrieven worden door het UWV verzonden. Door belemmeringen in de AVG hebben wij geen inzage welke kandidaten worden uitgenodigd. Belacties of het verzenden van een herinnering SMS is van onze kant daarom niet mogelijk. Door het teruglopend aantal aanmeldingen is het een uitdaging om de targets te behalen. Afgezet tegen de caseloadhoogte worden er echter wel degelijk mooie uitstroomresultaten bereikt. Naast de Rotterdamse kandidaten biedt WW@Work ook haar diensten aan de IJsselgemeenten aan. Gezien de geboekte resultaten hebben onlangs de BAR gemeenten contact gezocht om onze diensten ook bij hen aan te gaan bieden.

Uitstroom naar Werk (zie monitor ad 6) Na het opheffen van de corona maatregelen konden veel mensen in de beroepsgroepen die ‘on hold’ stonden - denk aan horeca en detailhandel - weer starten. In coronatijd hebben de re-integratietrajecten stilgelegen. Er wordt hard gewerkt om de gebruikelijke aantallen werkzoekenden in ontwikkeling weer op peil te brengen. Daarbij wordt opgemerkt dat de huidige groep in het bestand meerdere en complexere problematieken hebben. Deze zijn veelal groter geworden. Door corona-omstandigheden maar zeker ook door de hoge inflatie, waardoor stress door moeilijk rondkomen of schuldenproblematiek vaker voorkomt. Het aantal werkzoekenden in de fase bemiddeling is in 1,5 jaar gedaald met 1400. Dat is van 30% naar 23% van de totale caseload van de afdeling Mens- en Arbeidsontwikkeling van het cluster Werk & Inkomen. Er wordt ingezet op intensiever contact op locatie, meer digitale contactmomenten met werkzoekenden en gerichte

Blad: Datum: Ons kenmerk:

7/13 13 juni 2023

inzet op de juiste mix van re-integratietrajecten. Naast de inzet op werkzoekenden met een korte(re) afstand tot de arbeidsmarkt, blijven we ook inzetten op de grote groep werkzoekenden die meer ondersteuning nodig hebben op weg naar (passend) werk. Bijvoorbeeld via de inzet van LKS. 

Op het volume uitstroom Totaal (zie monitor ad 6) heeft in 2022 in het 1e tertaal een eenmalige beëindiging plaatsgevonden van ongeveer 1100 BBZ light uitkeringen. Deze eenmalige beëindiging geeft daardoor een vertekend beeld ten opzichte van de uitstroomcijfers over het 1e tertaal 2023. Daarnaast hebben fors minder Rotterdammers in het 1e tertaal van 2023 de pensioengerechtigde leeftijd bereikt.

Statushouders Hoewel we met de intensieve Rotterdamse opgave inburgering positieve resultaten boeken, zien we in de praktijk dat statushouders (monitor ad 4) een complexe doelgroep is. Er is veelal meer aandacht en ondersteuning nodig om toe te werken naar meedoen naar vermogen door werk, vrijwilligerswerk of scholing. Met het oog op de niet aflatende stroom vluchtelingen is de verwachting dat de groei van het aantal statushouders in de bijstand verder zal doorzetten. Daarnaast ligt er nog een inhaalslag uit 2020 en 2021 door de coronacrisis. Ook is de taakstelling te huisvesten statushouders in 2022 en nu in 2023 hoger dan in voorgaande jaren. Voor meer inzicht in de resultaten van de Rotterdamse opgave inburgering verwijzen wij u naar Rotterdamse monitor Inburgering 2022 die medio juni 2023 aan uw raad wordt aangeboden. Jongeren 

In 2022 zagen we, nadat de laatste coronamaatregelen waren ingetrokken, de instroom jongeren (zie monitor ad 5) weer teruglopen tot het niveau van voor corona. De afgelopen maanden zien we de instroom weer geleidelijk toenemen. De instroom in het eerste tertaal 2023 ligt ruim 12% hoger dan in het eerste tertaal 2022. De jongeren die zich in de huidige krappe arbeidsmarkt bij het Jongerenloket melden, missen de aansluiting op de arbeidsmarkt. Bijvoorbeeld omdat zij een arbeidsbeperking hebben, nieuw in Nederland zijn, of kampen met sociale of psychische problemen.

De caseload van het Jongerenloket bestaat op dit moment uit jongeren die de aansluiting op de arbeidsmarkt missen. We zien dat de uitstroom jongeren naar opleiding (zie monitor ad 8) het eerste tertaal 2023 nagenoeg gelijk is ten opzichte van het eerste tertaal 2022.

De uitstroom jongeren naar werk (zie monitor ad 8) blijft achter. Het merendeel van de jongeren met een uitkering heeft intensieve ondersteuning nodig, voordat zij de stap naar (gesubsidieerd) werk kunnen maken. Daarbij is het van belang dat meer banen worden gevonden (gecreëerd) op een niveau dat aansluit bij de mogelijkheden van de jongeren en op de werkplek goede begeleiding wordt geboden.

De streefverhouding van het volume jongeren in de bijstand t.o.v het totale BUIG volume is 6,5%. Eind 1e tertaal 2023 is dit percentage ongeveer 7,4%.

Blad: Datum: Ons kenmerk:

8/13 13 juni 2023

NPRZ 

Uitstroom naar Werk in Rotterdam Zuid (NPRZ) (zie monitor ad 9). De eerdere toelichting bij uitstroom naar Werk in deze brief geldt ook voor de uitstroom naar Werk in Rotterdam Zuid. De procentuele daling van de uitstroom naar werk binnen NPRZ (18%) ligt minder laag dan in de rest van Rotterdam (-24%), Dit heeft te maken met de intensievere dienstverlening die we in NPRZ gebied aan de werkzoekenden kunnen geven, doordat de hoogte van de caseload lager is (80 vs 100) en we voor NPRZ een extra bemiddelingsinstrument kunnen inzetten.

Begeleide arbeidsparticipatie 

Het aantal gemeentelijke garantiebanen (GGB) (zie monitor ad 17) is eind april 2023 527,6 garantiebanen. De verwachting is daarmee dat de taakstelling voor 2023 gehaald zal worden.

De meest actuele bekende gegevens over het aantal gerealiseerde regionale garantiebanen (zie monitor ad 17) zijn de gegevens over Q4 2022 vanuit UWV. Ten opzichte van de T3 2022-rapportage (In T3 werd gerapporteerd 10.647 banen per 309-2022) zijn er 21 banen bijgekomen. Eind 2022 was de percentuele stijging van het aantal regionale garantiebanen ten opzichte van eind 2021 ruim 4,7%. Dit ligt gelijk de landelijke realisatie van de Wet Banenafspraak met eveneens een groeipercentage van ruim 4,7%. De groei in Rijnmond is iets lager dan de gemiddelde groei in de G4steden van 5,5%. Er waren daarmee eind 2022 10.668 garantiebanen in regio Rijnmond.

Het aantal werkplekken Nieuw Beschut Werk (NBW) (zie monitor ad 19) eind april 2023 is 248. Ten opzichte van het vorige tertaal neemt de groei voorzichtig toe. De groei is nog niet voldoende om eind 2023 de taakstelling te behalen. Om de groei te stimuleren wordt onder andere gekeken naar hoe meer kandidaten via een arbeidsontwikkeltraject naar een werkplek Nieuw Beschut geleid kunnen worden. Ook wordt de uitstroom van NBW-medewerkers onderzocht die invloed heeft op het aantal gerealiseerde werkplekken.

Loonkostensubsidie (LKS) Voor 2023 is de ambitie een netto groei naar 1.500 banen met LKS. Eind april zijn 1.277 Rotterdammers aan het werk met loonkostensubsidie. Daarmee liggen we op koers om de doelstelling van dit jaar te realiseren. Om de benodigde groei in de komende jaren te realiseren zijn we gestart met het uitrollen van het verbeterde dienstverleningsconcept aan de doelgroep LKS. Inspanningen richten zich onder meer op: LKS inzetten bij iedere werkzoekende die LKS nodig heeft om (gedeeltelijk) uit te kunnen stromen naar betaald werk, samenwerking met een groeiend aantal werkgevers om deze Rotterdammers in dienst te nemen, beter en vroegtijdig herkennen van werkzoekenden die goed op deze banen passen en het inzetten van bijpassende ontwikkeltrajecten, kwalitatief goede voorbereiding op plaatsing én begeleiding tijdens het werken zodat LKS-banen duurzaam zijn.

Blad: Datum: Ons kenmerk:

9/13 13 juni 2023

Toezeggingen Tussenbericht Effect maatregelen samenvoegen functies (22bb005578) Op 31 mei 2022 heeft ons college u de antwoorden gestuurd op de schriftelijke vragen van de fractie van Leefbaar Rotterdam over het samenvoegen van de rol van handhaver met de functie van werkcoach bij het cluster Werk & Inkomen (22bb3368). In de vergadering van de commissie WIOSSAN van 2 september 2022 zijn deze antwoorden besproken. Wij hebben u daarbij toegezegd uw raad te informeren over het effect van deze samenvoeging op het aantal opgelegde maatregelen. Op dit moment worden de werkcoaches groepsgewijs opgeleid om de rol van handhaver te kunnen gaan uitvoeren. Op het moment dat de training is doorlopen, gaan de werkcoaches onder toezicht van een kwaliteitsmedewerker aan de slag. Als is gebleken dat de werkzaamheden goed en volgens de richtlijnen worden uitgevoerd, kan de werkcoach de taken zelfstandig oppakken. Omdat nog niet alle werkcoaches zijn opgeleid en we nog in een overgangsfase zitten, is het nog niet mogelijk om aan te geven of, en zo ja, welke effecten de samenvoeging van de rol van handhaver met de functie van werkcoach heeft op het aantal maatregelen. Dat kunnen wij gaan bijhouden en vergelijken als álle medewerkers zijn getraind en vervolgens de taken uitvoeren. De verwachting is dat eind van dit jaar alle werkcoaches de training hebben afgerond.

Daarmee kunnen we per 1 januari 2024 het aantal opgelegde maatregelen op basis van deze werkwijze gaan volgen. Wij stellen u dan ook voor om u uiterlijk zomer 2024 te berichten over de effecten op het aantal maatregelen over de eerste zes maanden van het jaar 2024 ten opzichte van dezelfde periode dit jaar. Wij hechten eraan te benadrukken dat we de huidige werkwijze van handhaven continueren tot alle werkcoaches zijn opgeleid. Vervolgstap in persoonlijke ontwikkeling (22bb007159) In de vergadering van de commissie WIOSSAN van 2 november 2022 hebben wij u toegezegd om bij het nieuwe beleidskader Participatie 2023-2026 invulling te geven aan een indicator ‘vervolgstap in persoonlijke ontwikkeling’. Op dit moment wordt onderzoek gedaan naar de mogelijkheden voor het (geautomatiseerd) meten van ontwikkelstappen die individuele werkzoekenden maken (via het programma Thomas DUP). De ontwikkeling en implementatie hiervan gaat naar verwachting meerdere jaren in beslag nemen. Daarom is besloten om voor deze bestuursperiode te komen met een alternatieve set aan indicatoren die tezamen een beeld geven van stappen’ die werkzoekenden zetten die bijdragen aan hun mens- en arbeidsontwikkeling.

In lijn met het nieuwe beleidskader (actielijn ontwikkeling mensen bevorderen) gaan we daarvoor de indicator ‘percentage werkzoekenden in beweging’ gebruiken (doelgroep Mens- en arbeidsontwikkeling/Werk en Inkomen). Daarnaast wordt vanuit Prestatie010/Maatschappelijke ontwikkeling een indicator opgenomen met betrekking tot de tegenprestatie en/of de gezette vervolgstappen.

Blad: Datum: Ons kenmerk:

10/13 13 juni 2023

Met ingang van het 2e tertaal 2023 worden deze indicatoren standaard onderdeel van de monitor Werk & Inkomen. Wij vertrouwen er op de toezegging hiermee voldoende te hebben afgedaan. Uitstroom naar ondernemerschap (23bb000303) Bij de bespreking van de strategiebrief beleidskader Participatie, hebben wij u toegezegd om u in de monitor over het 1e tertaal 2023 te rapporteren over het aantal werkzoekenden dat uitstroomt naar ondernemerschap. Over het jaar 2022 is de uitstroom naar ondernemerschap (als subonderdeel van de totale uitstroom naar werk) 363. Over het eerste tertaal van 2023 is dit 102. Met ingang van het 2e tertaal 2023 wordt de uitstroom naar ondernemerschap standaard onderdeel van de monitor Werk & Inkomen. Wij vertrouwen er op de toezegging hiermee voldoende te hebben afgedaan. Tussenbericht Verdere ontwikkelingen cao SW (23bb001780) In de actualiteitenraad van 16 maart 2023 hebben wij toegezegd uw raad op de hoogte te houden over de verdere ontwikkelingen van de cao Aan de slag voor medewerkers met een Beschut Werken indicatie en de cao SW voor medewerkers met een WSW-indicatie. De hoge inflatie raakt nog steeds een grote groep mensen in het land en in het bijzonder werknemers die onder de cao Aan de slag vallen. De cao kent stabiele maar basale arbeidsvoorwaarden, die voor alle werknemers in de sector gelijk zijn.

De cao Aan de slag loopt nog tot en met 31 december 2023. En loonsverhoging is vooralsnog door financiële tekorten in de sector uitgebleven. De VNG heeft berekend dat gemeenten voor deze groep te maken hebben met een financieel tekort van ongeveer € 6000,- per arbeidsplaats per jaar. Hoewel veel werkgevers de werknemers die onder de cao Aan de slag vallen wel beter willen betalen, is de realiteit dat een verbetering van arbeidsvoorwaarden leidt tot een nog groter financieel tekort per arbeidsplaats. Het Rijk is nog niet met voldoende middelen over de brug gekomen om dit tekort te dichten. Wij blijven ons actief inzetten om tot een verbetering van de cao Aan de slag te komen. Wethouder WINE is toegetreden tot de Kamer Inclusieve Arbeid (KIA). De Kamer functioneert als het werkgeversverband voor alle gemeenten voor de sociale werkvoorziening en voor de mensen in dienst van de gemeenten die onder de cao Aan de slag vallen. Vanuit de KIA is wethouder WINE lid van de onderhandelingsdelegatie die namens de KIA bindende afspraken kan maken over de nieuw af te sluiten cao. De cao SW loopt nog tot en met 31 december 2025 en is nu geen inzet van onderhandelingen. In Rotterdam gaan wij door medewerkers te ondersteunen met maatregelen die we al eerder ingezet hebben, zoals het outreachend Financieel Loket.

Themaonderzoek Reisbewegingen Algemeen In lijn met de eerdere berichtgeving aan uw raad, wordt u nu geïnformeerd over het feit dat het themaonderzoek ‘reisbewegingen’ inmiddels is uitgevoerd en afgerond. Zoals eerder gecommuniceerd is aan dit themaonderzoek uitvoering gegeven door deze te integreren binnen de reguliere heronderzoeken. Dit mede vanwege het feit dat informeren naar mogelijk bezit van onroerend goed in het buitenland (overigens ook in het binnenland) standaard onderdeel is van de reguliere heronderzoeken.

Blad: Datum: Ons kenmerk:

11/13 13 juni 2023

Resultaten In totaal is het themaonderzoek reisbewegingen uitgevoerd onder 735 Rotterdammers. Allereerst is aan de Rotterdammers gevraagd of zij bekend zijn met de regelgeving over verblijf in Nederland, maar buiten Rotterdam. Uit de gegeven antwoorden blijkt dat 64% van de respondenten niet bekend is met deze regelgeving. Vervolgens is aan de respondenten de vraag gesteld of zij bekend zijn met de regelgeving over verblijf in het buitenland. Duidelijk is dat deze regelgeving veel meer bekendheid geniet onder de respondenten dan wanneer het gaat om de regelgeving over verblijf elders in Nederland. 68% van de respondenten geeft aan de regelgeving over verblijf in het buitenland te kennen. Ook is aan de respondenten gevraagd of zij ermee bekend zijn dat verblijf in het buitenland gemeld moet worden wanneer men een bijstandsuitkering op grond van de Participatiewet ontvangt. In het oog springt dat 80% van de respondenten noemt dat dit hen bekend is. Dit terwijl bij de vraag hiervoor is gebleken dat 68% van de respondenten noemt bekend te zijn met de regelgeving rondom verblijf in het buitenland. Kennelijk geniet de specifieke bepaling over het melden van verblijf in het buitenland meer bekendheid onder de respondenten. Tijdens het themaonderzoek is in 39 (5%) situaties gestuit op een onrechtmatigheid.

Daarvan bleek de onrechtmatigheid in 16 (2%) situaties verband te houden reisbewegingen. De onderzoeken hebben uitgewezen dat in deze situatie geen sprake was van verzwegen vermogen en/of bezit van onroerend goed. In alle situaties hield de onrechtmatigheid namelijk verband met het feit dat de reisbeweging niet (tijdig) was doorgegeven. In 9 situaties bleek dat de reisbeweging met een duur van <4 weken niet was doorgegeven en in 7 situaties ging het om een reisperiode met een duur van >4 weken. Voor deze laatstgenoemde geldt dat direct een terugvorderingsprocedure is opgestart. Voor wat betreft de 23 (3%) overige situaties waarin op onrechtmatigheden is gestuit die geen betrekking hebben op reisbewegingen, dan blijkt dat deze voornamelijk gerelateerd zijn aan de teruggave van inkomstenbelasting en bijschrijvingen. Gelet op deze uitkomsten lijkt er geen noemenswaardige aanleiding te zijn voor het voortzetten of herhalen van dit themaonderzoek. In de opgave ‘keten toezicht en handhaving inkomen’ worden de heronderzoeken geïntensiveerd, waardoor het onderwerp wel onze aandacht blijft houden.

In verband met het verkrijgen van inzicht over de wijze waarop de gemeente de informatieverstrekking aan de Rotterdammer over ‘reisbewegingen’ (en rechten en plichten in het algemeen die horen bij een bijstandsuitkering) kan verbeteren, is onder de respondenten geïnventariseerd hoe zij vinden dat de gemeente dergelijke regelgeving bij hen het beste onder de aandacht kan brengen. Als het gaat om de keuze die de respondenten hebben gemaakt binnen de antwoordopties dan valt het op dat de voorkeur uitgaat naar zowel digitale informatieverstrekking als via een fysieke flyer. Dit is precies wat we de afgelopen maanden hebben opgestart vanuit de moties ‘Allemaal toppers’ en ‘Handje helpen’. Zo krijgen bijstandsgerechtigden bij hun uitnodiging voor een gesprek over rechtmatigheid (heronderzoek of bijzonder onderzoek) met de uitnodiging een flyer meegestuurd met uitleg over de rechten en plichten voor zo’n gesprek. Ook hebben alle bijstandsgerechtigden bij hun uitkeringsspecificatie in maart 2023 een flyer over de inlichtingenplicht ontvangen en sturen we twee keer per jaar een sms bericht om te wijzigen op het doorgeven van relevante wijzigingen. In de 010Werkt wordt structureel aandacht besteed aan een onderwerp van de inlichtingenplicht dat uitgelegd wordt. Op weg naar passend werk. Een onderzoek naar het gebruik van en ervaringen met het Instrumentenhuis Werk

Blad: Datum: Ons kenmerk:

12/13 13 juni 2023

De afdeling Onderzoek & Business Intelligence (OBI) van onze gemeente heeft in 2022 een onderzoek uitgevoerd naar de inzet van re-integratie instrumenten door uitvoerend professionals in de gemeente Rotterdam. Aanleiding voor het onderzoek was de behoefte bij de afdeling Instrumentenhuis van het cluster Werk & Inkomen om meer inzicht te krijgen in de effectiviteit van de vele instrumenten die worden ingezet om de re-integratie van werkzoekenden met een Participatiewet uitkering te bevorderen. Daarnaast was er behoefte aan inzicht in de toepassing van de instrumenten in de praktijk: hoe vaak worden ze ingezet, bij welke werkzoekenden en wat zijn de factoren die bepalen waarom uitvoerders instrumenten wel of niet inzetten? In het rapport staat een aantal aanbevelingen en verbeterpunten voor de toekomst. 1. Creëer perspectief voor werkzoekenden en werkcoaches door middel van een doorlopende instrumentenlijn: een reeks instrumenten die elkaar opvolgen van ontwikkeling tot duurzame uitstroom bij een werkgever. 2. Voor de groep die kampt met gezondheidsbelemmeringen moet mensgericht en breder naar participatie gekeken worden, bijvoorbeeld vrijwilligerswerk. 3. Werk toe naar een overzichtelijker aanbod, structurele kennisdeling en praktische ICToplossingen die de dienstverlening ondersteunen en re-integratie en arbeidsontwikkeling kwalitatief én kwantitatief effectiever maken.

Het cluster Werk & Inkomen herkent zich in de aanbevelingen en verbeterpunten en betrekt deze bij de verdere verbetering van het bedrijfsproces van het Instrumentenhuis. Het volledige onderzoeksrapport is terug te vinden via deze link https://onderzoek010.nl/documents/Werk-en-inkomen. Impact kwijtschelden bijstandsvorderingen Samen met een team wetenschappers van de rijksuniversiteit Leiden heeft de gemeente Rotterdam een onderzoek uitgevoerd naar de impact van het kwijtschelden of het verjaren van bijstandsvorderingen. Voor de groep als geheel zijn in de kwantitatieve studies geen significante effecten gevonden op het hebben van werk, de hoogte van het loon, bijstandsafhankelijkheid of mentale gezondheid. Dit wordt waarschijnlijk verklaard door het feit dat, ondanks een substantiële afboeking van de bijstandsschuld, ongeveer 75% van de onderzochte groep nog steeds met andere schulden te maken heeft. Door middel van diepte-interviews is ook de beleving en de ervaren impact onderzocht. De meeste respondenten gaven aan dat de interventies weinig verandering te ervaren in hun schuldenlast, vertrouwen in de gemeente, kans op werk of een hoger inkomen en hun mentale gezondheid.

De rapporten worden begin juli gepubliceerd op www.onderzoek010.nl en via de site van de rijksuniversiteit Leiden Herziene monitor Werk & Inkomen Gelijk met het verschijnen van de Monitor Werk & Inkomen over het 1e tertaal 2023 is ook het nieuwe beleidskader Participatie 2023-2026 voor besluitvorming aan uw raad aangeboden. Met ingang van het 2e tertaal 2023 verschijnt de monitor Werk & Inkomen in enigszins herziene vorm. Hiermee doen we recht aan de actielijnen en daaraan gekoppelde doelen uit het beleidskader Participatie 2023-2026. Tegelijkertijd nemen we enkele wensen van

Blad: Datum: Ons kenmerk:

13/13 13 juni 2023

uw raad over met betrekking tot indicatoren over uitstroom naar ondernemerschap en stappen in persoonlijke ontwikkeling van werkzoekenden (zie afdoening toezeggingen 22bb007159 en 23bb000303 hierboven). Financiële en juridische consequenties/aspecten: Geen. Burgemeester en wethouders van Rotterdam, De secretaris,

De burgemeester,

V.J.M. Roozen

A. Aboutaleb

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=f4071279-228f-4735-9ba0-00a6f1e1badd