CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[23bb004016] Bijlage 3 behorende bij 23bb004013 over Rotterdamse Monitor Inburgering 2022

Commissie Werk & Inkomen, Onderwijs, Samenleven, Schuldhulpverlening & Armoedebestrijding, NPRZ 20 september 2023, gemeente RotterdamBij agendapunt: daarbij betrekken12.081 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

. Participatieverklaringstraject: Tijdens dit traject ontvangen inburgeraars op een interactieve wijze toelichting op 6 belangrijke kern­

22

Rotterdamse monitor inburgering 2022

4.6 Pilot Vroege Start – schip Statendam

4.8 Onvoltooide inburgering

Sinds mei 2022 is op het riviercruiseschip de Statendam een kleinschalige opvanglocatie gerealiseerd voor gekoppelde statushouders, die zo alvast naar Rotterdam kunnen komen in afwachting van huisvesting in de stad (op basis van de taakstelling). 17 statushouders tussen de 18 en 27 jaar hebben aan de pilot deelgenomen. Dit hield in dat tijdens de opvangfase (op het schip) het eerste onderdeel van hun inburgeringsproces brede intake wordt gestart. Zo wordt de tijd dat zij wachten op reguliere huisvesting zinvol ingezet. Met deze pilot zijn positieve resultaten geboekt. We onderzoeken hoe we dit kunnen voortzetten.

In Rotterdam hebben we ongeveer 750 inburgerings­ plichtigen die nog moeten inburgeren onder de Wet inburgering 2007. Deze groep kan vaak door multi-­ problematiek niet voldoen aan de inburgeringsplicht en komt niet in aanmerking voor een ontheffing of vrijstelling.

4.7 Einde Lening nog Inburgeringsplichtig (ELIP) In september 2020 is de Rotterdamse aanpak ELIP gestart. De zogenaamde ELIP’ers zijn inburgeraars die onder de Wet inburgering 2013 vallen en van wie de inburgering in gevaar komt omdat hun DUO-lening opgebruikt is en/of hun inburgeringstermijn afloopt. Inburgering010 ondersteunt ELIP’ers op maat om de kortste en beste weg naar het afronden van hun inbur­ gering te bewandelen. Zo voorkomen we dat de ELIP’ers bij het niet voldoen aan de inburgeringsverplichting door DUO worden beboet, en dat de DUO-lening van 10.000 euro voor de statushouders in een schuld verandert. Tot op heden zijn 279 inburgeraars begeleid, waarvan 196 inmiddels voldaan hebben aan hun inburgeringsplicht.

De gemeente is verantwoordelijk voor de inburgering van deze groep. Inburgering010 biedt ondersteuning van deze groep en dient als vraagbaak voor hulpvragen. De prioriteit ligt bij de uitkeringsgerechtigden binnen deze groep. Ongeveer 100 van deze inburgeraars kregen eind 2022 een taaltraject aangeboden om hen alsnog in de gelegenheid te stellen succesvol in te bur­ geren. 6414 van hen heeft zich daadwerkelijk aangemeld. Een landelijk onderzoek in opdracht van ministerie van SZW naar deze zogenaamd onvoltooid ingeburgerden brengt de problemen en (on)mogelijkheden van inburge­ ring onder de Wi 2007 in beeld. De uitkomsten van het onderzoek kunnen mogelijk bijdragen aan oplossingen voor deze groep. De onderzoeksresultaten worden later dit jaar openbaar. De gemeente Rotterdam is landelijk een van de weinige gemeentes die zich actief inzet voor personen die een inburgeringsverplichting hebben of hadden onder de Wi 2007. De gemeente vindt het belangrijk dat ook zij hun inburgering afronden om mee te kunnen doen in Rotterdam.

4.9 Inzicht bijstands­uitkeringen De cijfers die we in deze monitor presenteren, geven het aantal statushouders weer dat sinds 1 januari 2013 een verblijfsdocument heeft (verblijfscode 26 en verblijfscode 27 vanaf 1 januari 201815). Dit is inclu­sief de burgers die een vervangend verblijfsdocument (ook code 26 of 27) ontvingen of genaturaliseerd zijn. Ook de zogenaamde nareizende partners tellen mee. Zij krijgen sinds 1 januari 2013 een verblijfsdocument om zich bij de partner te vestigen. De uitkering en de hoofdaanvrager zelf tellen niet mee in de aantallen.

14 Het is op vrijwillige basis (geen juridische grondslag). Het verschil ontstaat als men wel in aanmerking komt maar zelf afziet van het aanbod of als we geen contact meer krijgen met de inburgeraar (na herhaalde pogingen). 15 Toelichting code 26 en code 27.

Rotterdamse monitor inburgering 2022

23

De cijfers komen uit de gemeentelijke systemen; uitkeringssysteem Socrates en klantvolgsysteem Re-integratie Module WiGo4it (RMW).

4.9.1 Instroom en uitstroom Van de totale toestroom statushouders in Rotterdam is gemiddeld 30% kind. Van de resterende 70% is 35% jonger dan 27 jaar en 65% ouder dan 27 jaar. Zodoende zijn van de 2.370 huishoudens op 1-1-2023 in totaal 3.118 volwassen statushouders bijstandsafhankelijk (tabel 8). Tabel 9 laat over 2022 het aandeel van huishoudens zien in het totale bijstandsvolume en vanuit de Bundeling Uitkeringen Inkomstenvoorziening Gemeenten (BUIG).

Van de totale instroom in 2022 is 8,3% statushouder. Bij jongeren (onder de 27 jaar) is het aandeel groter, namelijk 13%. Het aandeel statushouders is nu 7,2% van het totale bijstandsvolume. Van het totale bijstandsvo­ lume onder de 27 jaar is dit 18,9% statushouder. Naar verhouding is het aandeel jonge statushouders groter dan statushouders van 27 jaar en ouder. Ten opzichte van vorig jaar is dit aandeel met 4% gestegen. De verklaring hiertoe is dat dit mede veroorzaakt wordt door een hoger percentage reguliere instroom door COVID-19. Gedurende 2022 is een groot deel van deze reguliere instroom weer vlot uitgestroomd naar werk. Dit geldt niet voor de complexere groep statushouders.

Tabel 8. Aantal bijstandsafhankelijke statushouders 2013 t/m 2022 – unieke aantallen Uitkeringsnorm

Huishoudens

Personen

Totaal

Waarvan <27

Totaal

Waarvan <27

Totaal 1-1-2013 t/m 31-12-2022

5481

1045

7057

1214

Waarvan uitgestroomd

3111

603

3939

682

Aantal statushouders in bijstand 1-1-2023

2370

442

3118

532

Tabel 9. Percentage huishoudens met een bijstandsuitkering – niet unieke aantallen Huis2013 houdens

2014

2015

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

aantal % van totaal

aantal % van totaal

aantal % van totaal

aantal % van totaal

aantal % van totaal

aantal % van totaal

aantal % van totaal

aantal % van totaal

aantal % van totaal

aantal % van totaal

Totaal

80

0,8%

269

2,3%

602

5,4%

863

8,6%

456

5,3%

299

4,1%

477

6,9%

563

5,5%

705

8,5%

605

8,3%

Waarvan onder 27

35

1,3%

124

4,4%

291

10,6%

385

15,5%

206

9,8%

110

7,2%

181

11,7%

194

6,6%

254

12,4%

213

13,0%

Totaal

76

0,2%

327

0,9%

909

2,4%

1687

4,3%

1929

5,1%

1893

5,4%

1765

5,2%

1982

5,5%

2176

6,3%

2370

7,2%

Waarvan onder 27

22

0,8%

69

2,4%

230

8,1%

460

15,2%

544

19,5%

497

22,2%

346

17,0%

358

15,4%

370

14,9%

442

18,9%

Instroom

Aandeel in BUIGvolume

24

Rotterdamse monitor inburgering 2022

In tabel 10 zijn de uitstroomredenen inzichtelijk gemaakt. De bijstandsuitkering is gestopt door werk, een voorliggende voorziening (zoals studiefinanciering), verhuizing of andere redenen (zoals rechtmatigheid, overlijden, voeren gezamenlijke huishouden, bereiken van de AOW-leeftijd etc.). Vrijwilligerswerk of parttime werk onder de bijstandsnorm telt niet mee.

Tabel 10. Uitstroomreden (per huishouden) 2013 – 2022 – niet unieke aantallen Uitstroomreden per huishouden

2013

2014

2015

2016

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Totaal aantal

Totaal in %

Inkomsten uit reguliere arbeid

0

1

5

34

94

218

269

169

293

272

1355

46

Inkomsten uit zelfstandig 0 beroep/bedrijf

0

0

1

2

14

18

19

34

41

129

4,4

Studie/opleiding

1

6

9

26

79

107

140

95

76

35

574

19,5

Verhuizing naar andere gemeente

1

8

4

22

33

28

22

25

37

39

219

7,4

Andere reden

3

12

39

56

89

96

96

83

96

96

666

22,6

Totaal

5

27

57

139

297

463

545

391

536

483

2943

100

Figuur 1. Instroom en uitstroom statushouders

Rotterdamse monitor inburgering 2022

25

Over de afgelopen jaren is het aantal statushouders in Rotterdam toegenomen, zie figuur 1. De verwachting is dat deze ontwikkeling door het toenemend aantal statushouders zal doorzetten. Er ligt nog een inhaalslag uit 2020 en 2021 door de coronacrisis. Daarnaast was de taakstelling te huisvesten statushouders in 2022 hoger dan in voorgaande jaren. Dit is ook het geval in 2023.

4.9.2 Verdeling naar leefsituatie & geslacht en leeftijd In tabel 11 zijn de huishoudens die een uitkering ontvangen, verdeeld naar leefsituatie. Dit bepaalt de hoogte van de uitkering: de uitkeringsnorm. Uit de tabel blijkt dat ruim de helft alleenstaand is. De groep alleen­ staande ouder is relatief klein.

Ondanks de positieve resultaten zien we dat status­ houders een complexe doelgroep is. Er is veelal meer aandacht en ondersteuning nodig om toe te werken naar meedoen door werk, vrijwilligerswerk of scholing. Daarnaast weten we dat deze groep verder zal groeien in de aankomende jaren en de complexiteit toeneemt o.a. vanwege psychische problematiek.

Tabel 11. Aantal bijstandsuitkeringen (huishoudens) naar uitkeringsnorm op 1-1-2023 – unieke aantallen Uitkeringsnorm

26

Uitkering

Totaal

Lopend

Beëndigd

Aantal

%

Alleenstaande

1379

1456

2835

65,4

Alleenstaande ouder

332

67

399

9,2

Gehuwden en samenwonenden

657

421

1078

24,9

Anders

0

15

15

0,3

Onbekend

2

3

5

0,1

Totaal

2370

1962

4332

100

Rotterdamse monitor inburgering 2022

Tabel 12 betreft een weergave van de huishoudens met een lopende bijstandsuitkering, verdeeld naar geslacht en leeftijd. De verdeling man-vrouw is bij de statushou­ ders 55% versus 45%. Dit is vergelijkbaar met het totale uitkeringenbestand. 28% is jonger dan 30 jaar. Dit is exact hetzelfde als in 2021.

Ontheffing en Bijzondere bijstand In 2022 zijn 94 statushouders (tijdelijk) ontheven van de arbeidsverplichtingen. Dit is iets meer dan vorig jaar (92). De gronden hiervoor zijn bijvoorbeeld (arbeids) medisch, psychisch, sociaal (bijvoorbeeld bij problemen in de familie of zorg voor een zieke), of hangen samen met alleenstaand ouderschap met jong(e) kind(eren). In totaal hebben de statushouders in 2022 gezamenlijk ongeveer 2.8 miljoen euro aan Bijzondere bijstand ontvangen. De grootste kostenposten voor Bijzondere bijstand is de inboedel, eenmalig levensonderhoud en de energietoeslag.

Tabel 12. Weergave huishoudens met een lopende bijstandsuitkering naar leeftijd en geslacht16 - unieke aantallen Kenmerk

Relatie

Totaal

Hoofdaanvrager

Partner

Aantal

%

Man

1632

86

1718

55,1

Vrouw

738

661

1399

44,9

18-22

144

28

172

5,5

23-26

298

62

360

11,5

27-29

272

72

344

11

30-54

1445

520

1965

63

55-66

211

65

276

8,9

Totaal

2370

747

3117

100

Geslacht

Leeftijdscategorie

16 Een gedeelte van de cijfers komen uit W&I en een gedeelte vanuit IOS.

Rotterdamse monitor inburgering 2022

27

4.9.3 Parttime werken

Wanneer we inzoomen op de ontwikkeling gedurende de start van onze specialistische aanpak en caseload verlaging zien we dat specialistische begeleiding bij statushouders significant leidt tot meer werkenden. Daarnaast zien we ook een positieve ontwikkeling met betrekking tot urenuitbreiding.

Tabel 13 laat zien dat in 2022 1.328 statushouders part­ time aan het werk zijn en op 925 huishoudens worden inkomsten ingehouden. Dit betreft 39% van het totale aantal uitkering dat aan huishoudens statushouders wordt verstrekt. In 2020 waren er 1.133 statushouders parttime aan het werk en in 2021 waren dat 1.207 statushouders. Elk jaar neemt het aantal parttime werkende statushouders toe. Veel statushouders zijn nog bezig met de inburgering en kunnen hierdoor niet altijd fulltime werken. We stimuleren hen om te werken naast de inburgering.

50% van de werkende statushouders heeft een baan van meer dan 0,8 fte in het tweede kwartaal van 2022. Dit was in 2018 eerste kwartaal 31%.

Tabel 13. Parttime inkomsten Parttime inkomsten

Totaal

2022

Huishoudens

Personen

Actieve uitkeringen

%

925

1.328

2370

39

Tabel 14. % werkende mannelijke statushouders

Rotterdam

2018 1ste kwartaal

2022 2e kwartaal

15%

39%

Tabel 15. % werkende vrouwelijke statushouders

Rotterdam

2018 1ste kwartaal

2022 2e kwartaal

2%

15%

Tabel 16. Aantal uren die statushouders werken in fte

Rotterdam

28

Kleiner dan 0,3 fte

0,3 – 0,8 fte

Groter dan 0,8 fte

16%

27%

50%

Rotterdamse monitor inburgering 2022

4.10 Inzet instrumenten De gemeente zet instrumenten in, expliciet bedoeld voor statushouders.17 Tabel 17 geeft een aantal van deze weer. Hiernaast maken we ook gebruik van ‘informele’ trajecten in stad.18 Voorbeelden daarvan zijn verschillende (maatjes)trajecten van Stichting Mano en Buddy to Buddy, zie hoofdstuk 3. Deze instrumenten kunnen bijdragen aan het wegnemen van belemmeringen om aan het werk te gaan of aan scholing te beginnen. Tabel 17. Instrumenten voor statushouders Traject

Aangemeld

UAF (Universitair Asiel Fonds)

38

Fit voor GIT (geïntegreerde duale inburgeringstraject)

23

Werkclub

44

Werkshop

18

Calder Werkt - Vrouwelijke statushouders

65

Sagènn – Z-route doelgroep

21

Sagènn – B1-route doelgroep

18

In 2022 werden 26 jonge statushouders gekoppeld aan een Douwer. Het traject Make Your Move van Sagènn begeleidt jongeren naar een opleiding. In 2022 zijn 24 jongeren gestart met dit traject. Verder zijn voor statushouders nieuwe trajecten gestart in september 2022. De trajecten zijn gericht op het volwaardig meedoen in de Nederlandse maatschappij, het liefst via betaald werk. Deze trajecten zijn:

Calder Werkt - Vrouwelijke statushouders Veel vrouwen zijn gemotiveerd om aan het werk te gaan maar hebben zich niet eerder georiënteerd op de Nederlandse arbeidsmarkt, kennen hun mogelijkheden niet of ervaren weerstand of weinig steun vanuit het thuisfront. Empowerment loopt als een rode draad door het traject. In 2022 waren er 65 aanmeldingen voor dit traject.

Sagènn – Z-route doelgroep Deelnemers beheersen de Nederlandse taal niet of heel beperkt. Er is een beperkte mate van zelfred­ zaamheid en een grote afstand tot de arbeidsmarkt. Voor hen is het vooral belangrijk om (participatie) activiteiten op een passende werkplek uit te voeren. Daar kunnen zij oefenen met de Nederlandse taal. Het vergroten van de zelfredzaamheid is een belang­ rijk onderdeel van het traject.

Breaking Barriers, Building Bridges & traject van Centrum 45

In 2022 waren er 21 aanmeldingen voor dit traject.

Voor de ondersteuning van kwetsbare jongeren zijn 2 projecten uitgevoerd in 2022. Het project Breaking Barriers, Building Bridges, waarin vluchtelingen hun verhaal vertellen. En het traject van Centrum 45 op het Albeda. Daarin delen jongeren met een vluchtelingen­ achtergrond hun ervaringen en gevoelens, normen en waarden en strubbelingen die ze tegenkomen in Nederland en bij het kennismaken met de Nederlandse maatschappij.

Sagènn – B1-route doelgroep De activiteiten die zij in dit traject verrichten zijn in eerste instantie gericht op het oefenen van de Nederlandse taal in een praktijksituatie. Wanneer de deelnemer de Nederlandse taal voldoende beheerst om stappen naar werk te zetten, wordt hij hierin actief ondersteund en begeleid. In 2022 waren er 18 aanmeldingen voor dit traject.

Rotterdamse Douwers & Sagènn Make Your Move Jonge statushouders maken vaak gebruik van trajecten waar ook andere Rotterdamse jongeren gebruik van maken, zoals de Rotterdamse Douwers en Sagènn Make Your Move. De Rotterdamse Douwers is een mentor­ traject. Jongeren worden gekoppeld aan een Douwer (mentor) die hun hulp biedt op het gebied van werk of opleiding, financiën of het vergroten van hun netwerk. 17 Vanwege vertragingen tijdens de aanbestedingen van de nieuwe re-integratie instrumenten voor statushouders, konden de consulenten pas in september 2022 beginnen met aanmelden. Dit verklaart de “lage aantallen” aanmeldingen op de nieuwe trajecten in 2022. 18 Deze trajecten vallen onder de RMW-code ‘Eigen dienstverlening’.

Rotterdamse monitor inburgering 2022

29

Hoofdstuk 5

Onderzoek Rotterdamse inburgeringsbeleid We vinden het belangrijk dat de Rotterdamse opgave inburgering een goede en effectieve aanpak is. Daarom laat de gemeente de Erasmus Universiteit Rotterdam en de onderzoeksafdeling van de gemeente Rotterdam (OBI) een onderzoek doen naar de Rotterdamse opgave inburgering. Vanaf september 2022 t/m augustus 2026 loopt dit onderzoek en gaat over de opzet, uitvoering, uitkomsten en effecten van het Rotterdamse inburgeringsbeleid. De centrale onderzoeksvraag luidt In hoeverre draagt het Rotterdamse inburgeringsbeleid bij aan de in de nieuwe wet gestelde doelen?

. outcome/maatschappelijk doelen. Participatie, liefst Het gaat daarbij om 2 typen doelen:

.

via betaald werk of opleiding, en zelfredzaamheid van statushouders en gezinsmigranten. output/beleidsdoelen. O.a. tijdig en op niveau afronden van inburgering, het leveren van maatwerk, aandacht voor participatie en het realiseren van een zo hoog mogelijk taalniveau.

In het onderzoek worden de opzet, uitvoering, uitkom­ sten en effecten van het nieuwe inburgeringsbeleid periodiek in beeld gebracht. Voor het onderzoek is een klankbordgroep en een begeleidingscommissie in het leven geroepen. In de klankbordgroep worden kennis en informatie tussen onderzoek en beleid uitgewisseld. De klankbordgroep bestaat uit vertegenwoordigers van het gemeentelijk beleid en uitvoering, de contractpartijen en de doelgroepen. Een wetenschappelijke begelei­ dingscommissie ziet toe op de wetenschappelijke kwaliteit van het onderzoek. Een tussenrapportage van het onderzoek wordt in juni dit jaar verwacht en gedeeld met de raad.

30

Rotterdamse monitor inburgering 2022

Colofon

Gemeente Rotterdam Postbus 70012 3000 KP Rotterdam Rotterdam.nl

Opmaak:

DropOuts Amsterdam Fotografie:

VluchtelingenWerk

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=bfc81e43-ec6f-4640-97f0-8f8253ee5b7a