CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[23bb003537] Bijlage 2 behorende bij 23bb3533 - M.e.r.- beoordelingsbesluit d.d. 300523

Gemeenteraad 22 juni 2023, gemeente RotterdamBij agendapunt: Het voorstel tot vaststelling van het bestemmingsplan ‘Slinge 303’.2.115 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

M.e.r.-beoordelingsbesluit

Ons kenmerk

Uw kenmerk

Datum

2117782_4759900

-

25-05-2023

Contact

Afdeling

Bijlagen

info@dcmr.nl

Reguleren Advies en Omgeving

1

Onderwerp

M.e.r.-beoordelingsbesluit bestemmingsplan Slinge 303 te Rotterdam

Op 30 mei 2023 hebben wij besloten dat geen milieueffectrapport (MER) hoeft te worden opgesteld voor het bestemmingsplan Slinge 303 te Rotterdam. Als uitgangspunt geldt dat alleen een MER hoeft te worden opgesteld, indien het bevoegd gezag van oordeel is dat dit noodzakelijk is vanwege belangrijke nadelige gevolgen die de activiteit voor het milieu kan hebben. Deze m.e.r.-beoordeling is uitgevoerd conform paragraaf 7.6 van de Wet milieubeheer en is een integrale beoordeling uitgevoerd aan de hand van de selectiecriteria van bijlage III uit de M.e.r.richtlijn (2014/52/EU). De beoordeling is gebaseerd op ontwerpbestemmingsplan Slinge 303 van 5 september 2022 en de daarbij behorende bijlagen. Voorgenomen activiteit Het ontwerpbestemmingsplan Slinge 303 maakt de bouw mogelijk van maximaal 52 woningen en de bouw van een basisschool met ondersteunende functies van ca. 4000m2 bedrijfsvloeroppervlak (b.v.o.) op het nu onbebouwde terrein van Slinge 303. De school wordt gehuisvest in de onderbouw, het basement, welke 13 meter hoog zal worden. Bovenop het basement is ruimte voor een woontoren van maximaal 40 meter hoog en een optopping van de school in de vorm van een gymzaal van maximaal 16 meter hoog. Noodzakelijkheid m.e.r.-beoordelingsbesluit De voorgenomen activiteit valt onder: M.e.r.

categorie : D11.2 Activiteit : De aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject Drempelwaarde : een aaneengesloten gebied en 2000 of meer woningen omvat of 200.000 m2 of meer b.v.o. Blad 1 van 6

Ons kenmerk 2117782_ 4759900

Besluit

:

Bestemmingsplan Slinge 303

Voor de vaststelling van een bestemmingsplan is deze m.e.r.-beoordeling noodzakelijk, volgens artikel 2 lid 5 onder b van het Besluit m.e.r., omdat het bestemmingsplan de aanleg van een stedelijk ontwikkelingsproject volgens categorie D11.2 mogelijk maakt. De omvang van het de voorgenomen activiteit betreft 52 woningen en een basisschool met een oppervlakte van 4000 m2 en ligt daarmee onder de drempelwaarden van categorie D11.2, te weten van 2000 woningen of meer en 200.000 m2 of meer. Bevoegd gezag College van B&W is bevoegd gezag in het kader van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) en daarmee bevoegd dit m.e.r.-beoordelingsbesluit te nemen. Besluit Er hoeft geen MER te worden opgesteld, omdat er geen belangrijke nadelige gevolgen zijn te verwachten voor het milieu. Argumentatie Op basis van onderstaande argumenten zijn wij tot de conclusie gekomen dat geen belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu zijn te voorzien. In de bijlage is de onderbouwing van dit m.e.r.beoordelingsbesluit opgenomen. Bezwaar en beroep Op grond van artikel 6:3 van de Algemene wet bestuursrecht is deze beoordeling een voorbereidingsbesluit, waarop geen bezwaar of beroep mogelijk is, tenzij aangetoond kan worden dat dit besluit belanghebbende rechtstreeks treft. Derden kunnen bij het besluit in het kader van de Wro bezwaar maken tegen de m.e.r.-beoordeling.

Hoogachtend, Burgemeester en Wethouders van Rotterdam De secretaris

De burgemeester

V.J.M. Roozen

A. Aboutaleb

Blad 2 van 6

Ons kenmerk 2117782_ 4759900

Bijlage 1 Relevante kenmerken van de voorgenomen activiteit volgens Bijlage III van de Europese m.e.r.-richtlijn Kenmerken voorgenomen activiteit Aard en omvang activiteit Op de planlocatie worden een school van 4000 m2 b.v.o. met daarop een hoogbouw van maximaal 52 appartementen mogelijk gemaakt. Het complex wordt maximaal 59 meter hoog. Productieproces Er worden op de planlocatie geen voorzieningen mogelijk gemaakt ten behoeven van productie. Cumulatie met andere projecten Er geen relevante ontwikkelingen in de omgeving waardoor sprake is van cumulatieve effecten. Afvalstoffen Bij een basisschool en buitenschoolse opvang (BSO) is sprake van regulier afval zoals papier, plastic, gemengd huishoudelijk afval, kleine hoeveelheden klein chemisch afval zoals batterijen en incidenteel kapot meubilair. In deel B3 van het Landelijk Afvalbeheerplan (LAP) is het beleid uitgewerkt voor afvalscheiding. Uitgangspunt is dat bedrijven verplicht zijn alle afvalstoffen gescheiden te houden en gescheiden af te geven, tenzij dat redelijkerwijs niet van hen kan worden gevergd. De basisschool en BSO zullen hier aan voldoen. Er zullen containers zijn voor gescheiden opvang van afvalstoffen welke door erkende verwerkers worden opgehaald.

De woningen zullen beschikken over gemeentelijke papier-, glas- groen-, textiel,- en restafval containers voor het deponeren van gescheiden afval welke door de gemeente op strategische punten in de wijk zijn geplaatst. De bewoners zijn zelf verantwoordelijk voor het scheiden van afval. Verontreiniging Bodem: conform de Wet bodembescherming is verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. Uit het bodemonderzoek is gebleken dat de grond vanaf maaiveld tot 2,50 m-mv (maximale boordiepte) over het algemeen licht verontreinigd is met zware metalen, minerale olie, Polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK) of Polychloorbifenylen (PCB). Plaatselijk is de kleilaag van 0,50 tot 1,30 meter sterk verontreinigd met nikkel. Rondom dit boorpunt zijn extra boringen geplaatst, waaruit blijkt dat de omvang van de sterke verontreiniging met nikkel zeer beperkt is. Verder zijn zowel in de grond als in het grondwater geen matige of sterke verontreinigingen aangetoond. De ondergrond is daarom geschikt om te wonen. Water: Om diffuse verontreinigingen van water en bodem te voorkomen, is het voor de nieuwe bebouwing van belang om duurzame, niet-uitloogbare bouwmaterialen toe te passen. Zink, lood, koper en PAK ś -houdende materialen mogen uitsluitend worden toegepast als deze worden voorzien van een coating. Het plangebied is gelegen in het beheersgebied van het waterschap Hollandse Delta.

Er hoeft echter niet te worden voldaan aan de watercompensatie voor toename van nieuwe verhard oppervlak die verplicht is vanuit het beleid van het waterschap omdat het plangebied tijdelijk onbebouwd is na de sloop van de oude bebouwing. Het plangebied ligt niet in een waterkering, noch binnen de bij een kering behorende beschermingszone.

Blad 3 van 6

Ons kenmerk 2117782_ 4759900

Op de planlocatie is sprake van een gemengd rioolstelsel, dat betekent dat zowel het regenwater als het afvalwater gezamenlijk wordt afgevoerd. Het beoogde bouwplan wordt uitgerust met een aansluiting voor een gescheiden stelsel, maar wordt aangesloten op het huidige gemengde stelsel. Daar waar mogelijk wordt het hemelwater afgekoppeld zodat het ter plaatse in de bodem kan infiltreren. Luchtkwaliteit: In de Regeling Niet in betekenende mate (NIBM) is een lijst met categorieën van gevallen opgenomen die niet in betekenende mate bijdragen aan de luchtverontreiniging. De voorgenomen activiteit betreft maximaal 52 woningen. Dit ligt onder de grenswaarden, te weten 1.500 woningen met één ontsluitingsweg. Daardoor kan geconcludeerd worden dat er niet in betekenende mate (NIBM) wordt bijgedragen aan de luchtverontreiniging. Stikstof: Er zijn AERIUS-berekeningen uitgevoerd voor de sloop- en bouwfase en voor de gebruiksfase. Uit deze berekeningen blijkt dat voor zowel de realisatiefase als de gebruiksfase de voorgenomen activiteit geen stikstofdepositie groter dan 0,00 mol/ha/jaar veroorzaakt op daarvoor gevoelige Natura 2000-gebieden, en dat negatieve effecten daarmee zijn uitgesloten.

Hinder Geluid wegverkeer: Uit het geluidrapport blijkt dat de berekende geluidbelasting ter plaatse van de basisschool ten gevolge van de Slinge ten hoogste 56 dB Lden bedraagt en ter plaatse van de woningen ten hoogste 53 dB Lden. Daarmee wordt niet voldaan aan de in de Wet geluidhinder zijn opgenomen geluidsnormen voor wegverkeerslawaai. De voorkeursgrenswaarde van 48 dB Lden wordt overschreden. Daarom is een hogere waardenbesluit nodig om het beoogde bouwplan te kunnen realiseren. Aan de maximale ontheffingswaarde van 63 dB Lden wordt voldaan. Dit besluit zal door de gemeente Rotterdam worden verleend om het voornemen te kunnen realiseren. In het hogere waardenbesluit is opgenomen dat alle woningen en de school over minimaal één geluidluwe gevel dienen te beschikken. In het kader van een goede ruimtelijke ordening is berekend wat de gezamenlijke geluidsbelasting is van de omliggende 30 km/h-wegen. De berekende geluidsbelasting van deze wegen bedraagt gezamenlijk maximaal 46 dB voor de woningen en 45 dB voor de onderwijsvoorziening. Daarmee voldoet de geluidbelasting ten gevolge van de 30 km per uur wegen aan de voorkeursgrenswaarde van 48 Lden uit de Wet geluidhinder.

Stemgeluid: Voor de basisschool en BSO is de geluidbelasting door spelende kinderen berekend met een gemiddeld bronvermogen uit eerdere metingen waaruit blijkt dat spelende kinderen van (412 jaar) op een schoolplein een gemiddelde geluidsbronvermogen hebben van tussen de 80 en 87 dB(A). Uit de rekenresultaten blijkt dat voor de Langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus (LAr,LT) niet wordt voldaan aan de richtwaarden van de vereniging van Nederlandse gemeenten (VNG) van 50 dB(A) voor de bestaande woningen aan de Larenkamp 28a - 32d en bij de nieuwbouw appartementen aan de oostzijde. Hier wordt namelijk respectievelijk 57, 56 en 60 dB(A) berekend. Voor de maximale geluidsniveaus (LAmax) hanteert de VNG een richtwaarden van 70 dB(A). Uit de rekenresultaten blijkt dat voor deze maximale geluidsniveaus (LAmax) bij de bestaande woningen wel wordt voldaan aan de richtwaarden. Aan de oostzijde van de nieuwbouw appartementen wordt er echter niet voldaan. Hier is de berekende geluidsbelasting 77 dB(A). De geluidsbelasting vindt alleen plaats tijdens de openingstijden van de school en de BSO. Blad 4 van 6

Ons kenmerk 2117782_ 4759900

Dat is van maandag tot en met vrijdag van 8.00 tot 18.30 uur. De bestaande woningen beschikken over een balkon aan de andere zijde van de woning waardoor deze buitenruimte wel geluidsluw is. Voor de nieuwbouwsituatie geldt dat er een eis aan de gevelwering gesteld wordt. Dit houdt in dat er een minimale gevelwering nodig is van 25 dB(A). Een balkon aan de oostzijde van het appartement moet bij voorkeur beschikken over een dichte balustrade om in de buitenruimte het geluidsniveau te beperken en zo een aanvaardbaar woon- en leefklimaat te waarborgen. Ongevallen Het plangebied bevindt zich niet in een 10-6 plaatsgebonden risicocontour van risicovolle inrichtingen of transportroutes. Ook groepsrisicoverantwoording is niet aan de orde vanwege de grote afstanden tot risicovolle inrichtingen of transportroutes. Desalniettemin ligt het projectgebied bij een eventuele rampsituatie wel binnen de invloedsfeer van de rijksweg A15, de aanwezige spoorlijnen en het emplacement "Waalhaven Zuid". Daarom staan in het bestemmingsplan dat voorzorgsmaatregelen genomen worden zoals het toepassen van afsluitbare deuren, ramen en ventilatieopeningen en het geven van goede voorlichting aan de toekomstige bewoners. Locatie voorgenomen activiteit Omschrijving locatie Het projectgebied betreft een braakliggend terrein met verschillende bomen.

Op het terrein is op dit moment een restant van een kelder aanwezig in westen van het projectgebied. Ecologische waarden Uit het ecologisch vooronderzoek van 31 maart 2020 blijkt dat er geen holtes, spleten of andere geschikte ruimtes aanwezig in de bomen. Verblijfplaatsen van vleermuizen in bomen zijn daarom uitgesloten. De te slopen kelder is met een endoscoop onderzocht. Hieruit blijkt dat er geen geschikte spleten, kieren of ruimtes aanwezig zijn. De aanwezigheid van verblijfplaatsen van vleermuizen in het oude kelder fundament is daarom ook uitgesloten. De bomenrij in het oosten vormt een potentieel essentiële vliegroute voor vleermuizen. Deze vliegroute vormt de verbinding tussen potentiele verblijfplaatsen in de omringende bebouwing en foerageergebied ten noorden van het projectgebied, het Zuiderpark. Deze bomenrij blijft behouden, maar kan wel verstoord worden als de hoeveelheid lichtmasten wordt gewijzigd of de locatie en hoogte veranderen ten opzichte van de huidige situatie. In die gevallen zal nader onderzoek worden uitgevoerd naar de aanwezigheid van een vliegroute en als die wordt vastgesteld worden maatregelen genomen om negatieve effecten te voorkomen. Als dat niet mogelijk is, is een ontheffing in het kader van de Wet natuurbescherming benodigd.

Natuurgebieden Het plangebied is geen onderdeel van beschermd natuurgebied en bevindt zich niet nabij beschermd natuurgebied waardoor directe negatieve effecten door versnippering of verstoring plaats kunnen vinden op beschermde natuurgebieden. Relevante ontwikkelingen in omgeving Er zijn geen relevante ontwikkelingen in de omgeving.

Blad 5 van 6

Ons kenmerk 2117782_ 4759900

Soort en kenmerken van het potentiële effect De geluidsbelasting van het verkeer op de Slinge is hoger dan de voorkeursgrenswaarde gesteld in de Wet geluidhinder. Daarom is een hogere waardenbesluit nodig om het beoogde bouwplan te kunnen realiseren. Volgens het ontheffingsbeleid van de gemeente Rotterdam moet onderzoek gedaan worden naar maatregelen die toegepast kunnen worden om de geluidbelasting op woningen of andere geluidsgevoelige gebouwen te beperken. Uit dit onderzoek blijkt dat zowel bronmaatregelen als overdrachtsmaatregelen onvoldoende effectief zijn om de geluidsbelasting onder de 48 dB te brengen en niet verkeerskundig of financieel haalbaar zijn. Een andere eis is dat iedere woning, waarvoor een hogere waarde wordt vastgesteld te beschikken over een geluidluwe gevel en indien aanwezig over een geluidluwe buitenruimte. Dat is het geval in de bouwplannen. De geluidsbelasting op de oostgevel van de nieuwbouw appartementen door stemgeluid is hoger dan de richtwaarden van de VNG. Ook hier zijn bron en overdrachtsmaatregelen niet mogelijk. Door het toepassen van een minimale gevelwering nodig is van 25 dB(A) wordt een akoestisch acceptabel binnenklimaat gegarandeerd.

Blad 6 van 6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=bfe29ed3-cac2-42fd-af0f-cc319c884955