CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[23bb003321] Bijlage 7 behorende bij 23bb003308 over Besluit hogere waarden Wet geluidshinder d.d. 25 april 2023

Gemeenteraad 22 juni 2023, gemeente RotterdamBij agendapunt: De voorstellen tot:1.860 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeente Rotterdam P/a DCMR Milieudienst Rijnmond Afdeling: Reguleren Advies en Omgeving

Postadres: Postbus 843 3100 AV Schiedam

Contact: info@dcmr.nl Website: www.dcmr.nl

Besluit hogere waarden Wet geluidhinder Bestemmingsplan Transformatie Voetbalvelden Overschiese Kleiweg

Ons kenmerk: 2091462 Betreft: Besluit hogere waarden Wet geluidhinder (Transformatie Voetbalvelden Overschiese Kleiweg)

Bijlagen: 1

Datum: 25 april 2023

Besluit hogere waarden Wet geluidhinder Bestemmingsplan Transformatie Voetbalvelden Overschiese Kleiweg

1. Aanleiding In verband met het bestemmingsplan Transformatie Voetbalvelden Overschiese Kleiweg dienen hogere waarden te worden vastgesteld voor: maximaal 99 woningen in het plangebied. De locaties staan op kaart vermeld in het akoestisch onderzoek.

Lftndÿoadjcfl»

4

* a

Ja*

2. Onderzoek Het besluit is gebaseerd op het akoestisch onderzoek van LBPsight van 30-01-2023 kenmerk: 072487aa_R072487aa.22h29rt.ka. In het onderzoek is berekend wat de geluidbelasting is van wegverkeer en railverkeer. Aan de geluidsnormen voor de andere wettelijke bron(nen) wordt voldaan. In het onderzoek wordt aangegeven welke maatregelen worden genomen om de geluidsbelasting te beperken en op welke wijze aan het Ontheffingsbeleid van de gemeente Rotterdam wordt voldaan.

In verband hiermee en in verband met de goede ruimtelijke onderbouwing van het bestemmingsplan Transformatie Voetbalvelden Overschiese Kleiweg dienen hogere waarden te worden vastgesteld voor maximaal 99 woningen. In het onderzoek is ook aandacht besteed aan de niet-wettelijke bronnen: 30kmZu wegen. Ook wordt ingegaan op de geluidbelasting buiten de wettelijke zones. Het akoestisch onderzoek ligt bij dit besluit ter inzage. Uit het rapport blijkt dat de geluidsbelasting bij de verschillende locaties hoger is dan de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting, maar niet hoger dan de waarde waarvoor op grond van de Wet geluidhinder een hogere waarde kan worden verleend. Op een deel van het plangebied, op de woningen is de geluidbelasting als gevolg van de rijksweg hoger dan de waarde waarvoor op grond van de Wet geluidhinder een hogere waarde kan worden verleend en wordt een dove gevel toegepast. 3. Overweging Het akoestisch rapport voldoet aan de bepalingen van de Wet geluidhinder en geeft voldoende informatie over de akoestische situatie. In het rapport wordt een motivering gegeven voor de aangevraagde hogere waarden. Deze staat hieronder weergegeven. Maatregelen Volgens het ontheffingsbeleid moet onderzoek gedaan worden naar maatregelen die toegepast kunnen worden om de geluidbelasting op woningen of andere geluidsgevoelige gebouwen te beperken.

Daarbij geldt een volgorde van de toe te passen maatregelen: ^ bronmaatregelen • overdrachtsmaatregelen ^ gevelmaatregelen Wegverkeer De ten hoogste toelaatbare waarde (voorkeurswaarde) voor woningen en geluidgevoelige gebouwen is 48 dB. Een te verlenen hogere waarde mag voor woningen in buitenstedelijk gebied niet hoger zijn dan: 53 dB. De geluidsbelasting van op de Rijksweg A20 op de planlocatie bedraagt ten hoogste 61 dB. Bronmaatregelen Als bronmaatregel kan worden gedacht aan vermindering van (vracht)verkeer, snelheidsverlaging en/of toepassing van stillere wegdekken. De Rijksweg A20 is in de bestaande situatie reeds voorzien van geluidarm asfalt. Verdergaande maatregelen zijn zeer omvangrijk die niet kosteneffectief zijn voor de beoogde ontwikkeling. Het toepassen van verder geluidreducerend asfalt is verder vanuit financieel oogpunt niet gewenst en daarnaast zal het toepassen van een geluidarm asfalt er niet toe leiden dat dat de voorkeursgrenswaarde van 48 dB of de maximale ontheffingswaarde van 53 dB wordt bereikt. Overdrachtsmaatregelen Als overdrachtsmaatregel kan worden gedacht aan afstandsvergroting en/of afschermende maatregelen. Binnen de grenzen van het bestemmingsplan is er onvoldoende ruimte om door middel van een afstandsvergroting een significante geluidreductie te realiseren.

Het uitbreiden van de bestaande geluidschermen langs deze rijksweg is vanuit verkeerskundig, financieel en stedenbouwkundig oogpunt niet mogelijk/wenselijk. Gevelmaatregelen Omdat het treffen van bron- en overdrachtsmaatregelen niet afdoende is om te kunnen voldoen aan de geluidsnormen van het Bouwbesluit zullen voorzieningen aan de gevel worden getroffen. Spoorwegverkeer De ten hoogste toelaatbare waarde (voorkeurswaarde) voor woningen is 55 dB. Een te verlenen hogere waarde mag voor woningen niet hoger zijn dan: 68 dB.

De geluidsbelasting op het spoortraject Rotterdam-Schiphol op de planlocatie bedraagt ten hoogste 61 dB. Ter plaatse van de woningen waarvoor hogere waarden worden aangevraagd bedraagt de hoogste geluidsbelasting 61 dB. Bronmaatregelen Hierbij kan worden gedacht aan het toepassen van een stillere bovenbouw, het toepassen van raildempers, het akoestisch slijpen van rails, het vervangen van bestaand materieel en het verlagen van de intensiteiten op het spoor. Het verlagen van de intensiteiten of het vervangen van materieel is gezien de functie en het gebruik van de spoorlijn niet aan de orde. Overdrachtsmaatregelen Hierbij kan worden gedacht aan afstandsvergroting en/of afschermende maatregelen. Binnen de grenzen van het bestemmingsplan is er onvoldoende ruimte om door middel van een afstandsvergroting een significante geluidreductie te realiseren. Langs de voor de locatie akoestisch relevante delen van het spoor staan momenteel geen geluidschermen. Hier kan een geluidscherm worden geplaatst en kan de geluidbelasting vanwege de spoorlijn enigszins gereduceerd worden. Echter, de toekomstige woningen worden ook hoog belast door het wegverkeer. Maatregelen bij of aan het spoor ontmoeten bezwaren van financiële aard en zijn onvoldoende doeltreffend.

Gevelmaatregelen Omdat het treffen van bron- en overdrachtsmaatregelen niet afdoende is om te kunnen voldoen aan de geluidsnormen van het Bouwbesluit zullen voorzieningen aan de gevel worden getroffen. Geluidluwe gevel en buitenruimte Volgens het ontheffingsbeleid dient iedere woning, waarvoor een hogere waarde wordt vastgesteld te beschikken over een geluidluwe gevel en indien aanwezig over een geluidluwe buitenruimte. Bij het bepalen of sprake is van een geluidluwe gevel en buitenruimte wordt ook gekeken naar niet wettelijke bronnen. In het plan kan bij alle woningen een geluidsluwe gevel en buitenruimte aanwezig zijn. Dove gevel Op een deel van de woningen is de geluidbelasting als gevolg van Rijksweg A20 hoger dan de waarde waarvoor op grond van de Wet geluidhinder een hogere waarde kan worden verleend en wordt een dove gevel toegepast. In de regels van het bestemmingsplan is dit geborgd en tevens een extra regel toegevoegd dat enkelzijdig georiënteerde woningen en woningen met een slaapkamer met alleen een dove gevel niet zijn toegestaan. Conclusie Op grond van bovenstaande overwegingen kan voor het globaal besluit onder voorwaarden hogere waarden als gevolg van Rijksweg A20 en het spoortraject Rotterdam-Schiphol worden verleend.

Bij verdere planuitwerking dient een concreet akoestisch onderzoek voor de exacte bepaling van de hogere waarden en de bijhorende maatregelen aangeleverd te worden. 4. Zienswijzen Het ontwerpbesluit heeft van 17-02-2023 tot en met 30-03-2023 ter inzage gelegen. Op het ontwerpbesluit zijn formeel geen zienswijze ingediend. Er zijn wel zienswijzen ingediend tegen het ontwerp bestemmingsplan die een relatie hebben met het ontwerp hogere waarde besluit. De zienswijzen zijn tijdig ingediend en in behandeling genomen. De zienswijzen zijn ontvankelijk en ongegrond. Hieronder wordt volledigheidshalve ingegaan op de ingediende zienswijzen en worden deze van een reactie voorzien. ^

Zienswijze nummer 4: In deze zienswijze vraagt men waarom de toegestane geluidshinder hier wordt vergroot terwijl er al overlast is door het vliegveld. In het verlengde hiervan vraagt men wat dit betekend voor hun gezondheid.

Reactie: De geluidshinder wordt hier niet verhoogd. Voor de nieuwe woningen in het plangebied is de geluidshinder onderzocht en is er een besluit hogere waarde Wet Geluidhinder voorbereid om af te wijken van de hoogste toelaatbare waarde (voorkeurswaarde) door de bestaande wegen. Er komen door dit bestemmingsplan geen nieuwe of extra geluidsbronnen in de omgeving. De zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van het besluit hogere waarden. ^

Zienswijze 5: in deze zienswijze wordt gesteld dat in het akoestisch onderzoek uitsluitend onderzoek is gedaan naar de geluidsbelasting van omliggende geluidsbronnen (wegen en spoor) op het plangebied. Er is niet gekeken naar de extra verkeersbewegingen op de bestaande (zorg)woningen aan het lint als binnen de locatie Stadszicht. Vanuit een goede ruimtelijke ordening is, zeker gezien de kwetsbare groep wonend in het gebouw van Stadszicht en de verouderde staat van het pand, dit naar hun oordeel onvoldoende onderzocht. Reactie: Bij het voorbereiden van de vaststelling van een bestemmingsplan moet een akoestisch onderzoek worden ingesteld naar de geluidsbelasting van de geluidsgevoelige objecten in het plangebied. De locatie Stadszicht ligt niet in het plangebied en is daarom niet meegenomen. Bij de aanleg van een nieuwe weg zal ook akoestisch onderzoek gedaan moeten worden naar de bestaande locatie Stadszicht. Als toch wordt gekeken naar de geluidsbelasting van de extra verkeersbewegingen op de bestaande locatie van Stadszicht kan worden gesteld dat deze voor de A 20 en de N 471 wegvallen in de bestaande geluidbelasting en dat voor de Overschiese Kleiweg de akoestische omgevingskwaliteit ten minste redelijk is. De zienswijze geeft geen aanleiding tot aanpassing van het besluit hogere waarden.

5. Besluit Gelet op artikel 83 en 110a van de Wet geluidhinder besluiten burgemeester en wethouders van Rotterdam voor het bestemmingsplan Transformatie Voetbalvelden Overschiese Kleiweg de hogere waarden vanwege wegverkeer en railverkeer onder de navolgende voorwaarden als volgt vast te stellen: 1. Geluidluwe gevel: De woningen dienen te beschikken over een geluidluwe gevel en buitenruimte. Indien bij hoogbouw een buitenruimte wordt gemaakt, dient deze te zijn gelegen aan de geluidluwe gevel. 2. Indeling woning: Tenminste één slaapkamer dient aan de geluidluwe zijde te worden gesitueerd. Andere geluidgevoelige ruimten dienen zoveel mogelijk aan de geluidluwe gevel te worden gesitueerd. 3. Andere voorwaarden: Bij verdere planuitwerking dient een concreet akoestisch onderzoek voor de exacte bepaling van de hogere waarden en de bijhorende maatregelen aangeleverd te worden. Vast te stellen hogere waarden: Voor rekenpunten, rekenhoogte en locaties: zie het akoestisch rapport. Wegverkeer Zoneplichtige weg: rijksweg A20 locatie Enkelbestemming Wonen Landgoed Enkelbestemming Wonen - Lint

bestemming/ aantal 60 woningen

hogere waarde in dB 53 dB

39 woningen

53 dB

Railverkeer Zoneplichtige spoorweg: Spoorlijn Rotterdam-Schiphol locatie Enkelbestemming Wonen Landgoed Enkelbestemming Wonen - Lint

bestemming/ aantal 60 woningen

hogere waarde in dB 61 dB

39 woningen

61 dB

Andere wettelijke regelingen Dit besluit laat onverlet dat er voor realisering van het bestemmingsplan mogelijk rekening gehouden dient te worden met andere wettelijke bepalingen.

Namens het college van burgemeester en wethouders Gemeente Rotterdam,

C. van den Bergh Teammanager team Ruimtelijke Ordening en Milieu DCMR Milieudienst Rijnmond,

DCMR maakt gebruik van digitaal vaststellen, daarom ontbreekt een zichtbare handtekening

Procedure Tegen het definitieve besluit hogere waarden kan gedurende zes weken na de dag waarop het bestemmingsplan ter inzage is gelegd beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State worden ingesteld door: degenen die zienswijzen hebben ingebracht tegen het ontwerpbesluit; de adviseurs die gebruik hebben gemaakt van de gelegenheid advies uit te brengen over het ontwerpbesluit; degenen die bedenkingen hebben tegen wijzigingen die bij het nemen van het besluit ten opzichte van het ontwerpbesluit zijn aangebracht; belanghebbenden aan wie redelijkerwijs niet kan worden verweten geen zienswijzen te hebben ingebracht tegen het ontwerpbesluit. Het beroepschrift moet in tweevoud worden gezonden aan de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA ’s-Gravenhage. Het besluit wordt na afloop van de beroepstermijn van kracht tenzij voor deze datum beroep is ingesteld en een verzoek om voorlopige voorziening is gedaan. Het verzoek moet worden gericht aan de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. In dat geval wordt het besluit niet van kracht voordat op het verzoek is beslist. Voor het indienen van een beroepschrift en/of een verzoek om voorlopige voorziening zijn griffierechten verschuldigd. Bijlage Akoestisch onderzoek van LBPsight van 30-01-2023, kenmerk 072487aa_R072487aa.22h29rt.ka.

Afschrift Een afschrift van dit besluit wordt verzonden naar: Degenen die zienswijze 4 en 5 hebben ingediend.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=287a39bc-6dfe-480c-a556-897a6bf0be07