CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[23bb003319] Bijlage 6 behorende bij 23bb003308 over Nota zienswijzen

Subcommissie bestemmingsplannen Commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte (2022-2026) 6 juni 2023, gemeente RotterdamBij agendapunt: Hoorzitting ontwerpbestemmingsplan Transformatie Voetbalvelden Overschiese Kleiweg9.833 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

12.6 Visie voor de Steilrand Samenvatting van de zienswijze 20

Reclamanten stellen dat bureau OTO Landscape een gemeentelijke visie over het behoud en versteviging van de cultuurhistorische waarde van de Steilrand opstelt. Reclamanten verzoeken de Raad dan ook om het Ontwerpbestemmingsplan niet verder in procedure te brengen voordat een Nota van Uitgangspunten is opgesteld nadat de bredere visie voor de Steilrand door Bureau OTO Landscape is opgesteld en door de Raad is behandeld en vastgesteld. Reactie Deze reactie dient in samenhang met de reactie onder zienswijze 12.3 te worden gelezen. Het klopt dat bureau OTO Landscape werkt aan een visie over de Steilrand. De Steilrand slingert 13,5 kilometer van Overschie via Schiebroek naar Hillegersberg. Het ontwerpbestemmingsplan grenst voor een klein deel aan de Steilrand. Met het ontwerpbestemmingsplan wordt onder andere beoogd de landgoedzone te vergroten door een losse setting van gebouwen, als een landgoed in een groene setting. Het kan voorkomen dat de totstandkoming van visie- of planvormingsdocumenten parallel aan elkaar lopen. Na vaststelling van het ontwerpbestemmingsplan wordt in het vervolgtraject het plan uitgewerkt. Met een gemeentelijke visie zoals de visie op de Steilrand kan daarbij rekening worden gehouden. Daarbij wordt opgemerkt dat gelet op de reactie onder 12.5 niet direct tegen de Steilwand zal worden aangebouwd.

Voorstel We stellen u voor de zienswijze ongegrond te verklaren. 12.7 Geen onderzoek plaatsgevonden naar lichthinder, bezonning, windhinder en vleermuizen Samenvatting van de zienswijze Reclamanten stellen dat het Ontwerpbestemmingsplan gebrekkig onderzoek kent. Onder meer ten aanzien van lichthinder, bezonning en windhinder alsmede verblijfplaatsen van vleermuizen heeft geen enkele vorm van onderzoek plaatsgevonden. Cliënten zijn van mening dat zonder deze onderzoeken het Ontwerpbestemmingsplan niet kan worden vastgesteld. Reactie Voor dit ontwerpbestemmingsplan en de beoogde herontwikkeling is een afweging gemaakt welke aspecten voor dit plan relevant zijn om de uitvoerbaarheid van een ruimtelijk plan aan te tonen en te onderbouwen dat sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Gelet op het feit dat de beoogde appartementencomplexen een maximale bouwhoogte van 21 meter kennen en daarmee onder de grens van 30 meter voor windonderzoek vallen, is er geen noodzaak tot het doen van een onderzoek naar windhinder. De voorgestelde bebouwing in het lint kennen een maximale bouwhoogte van 8,5 meter. Ten aanzien van het aspect bezonning is overwogen dat de bestaande woningen aan de Overschiese Kleiweg ten zuiden liggen van de beoogde woningen. Hierdoor hebben de beoogde woningen geen of nauwelijks invloed op de bezonning van deze woningen.

De woningen ten noorden van het plangebied bevinden zich op een ruime afstand van meer dan 100 meter tot de beoogde woningen. Daarbij wordt aanmerking genomen dat tussen het plangebied en deze woningen diverse bomen staan met een hoogte van ca. 15 meter. Het effect van de beoogde woningen is verwaarloosbaar. Aan de zijde waar het plangebied grenst met Stadszicht staan ook diverse hoge bomen tussen het plangebied en het gebouw van Laurens. Ook is de gevel richting het plangebied een kopse gevel zonder ramen. Op geen van alle omliggende locaties is het aannemelijk dat niet aan de (strenge) TNO-norm kan worden voldaan. Ten aanzien van lichthinder geldt dat de beoogde ontwikkeling voorziet in het realiseren van woningen. Dit betreft geen functie met zodanige kunstmatige verlichting dat het negatieve 21

effecten veroorzaakt zoals sportvelden of glastuinbouw dat wel kunnen doen. Een onderzoek naar lichthinder is daarom niet noodzakelijk. Ten aanzien van vleermuizen is in de ecologische quickscan aangegeven dat lichtuitstraling van meer dan 2 lux tijdens de werkzaamheden en bij de inrichting moet worden voorkomen. Een lichtberekening van de verstrooiing is noodzakelijk. Dit gaat om de Steilrand net ten noorden van het plangebied. Bij de planuitwerking wordt dit meegenomen. Er heeft wel degelijk een onderzoek plaatsgevonden ten aanzien van vleermuizen. In 2019 heeft nader onderzoek naar verblijfplaatsen van vleermuizen plaatsgevonden. In 2023 wordt dit onderzoek geactualiseerd. Voorstel We stellen u voor de zienswijze ongegrond te verklaren. 13 Zienswijzen reclamant 8 Reclamanten zijn woonachtig in de nieuwbouwwijk Park16hoven. Samenvatting van de zienswijze Reclamanten willen graag aangeven dat zij geen hoogbouw willen aan de kant van hun huizen. Zij behouden graag het groen en de bestaande bomen en willen dit liever uitbreiden. Reactie Reclamanten stellen dat zij geen hoogbouw wensen. Er wordt verwezen naar de reactie onder 12.4 waaronder wordt onderbouwd waarom de beoogde ontwikkeling wenselijk wordt geacht. Uit de nota van uitgangspunten en de toelichting blijkt dat er juist veel aandacht is voor groen in het ontwerpbestemmingsplan.

De beoogde ontwikkeling ziet toe op woningbouw met aandacht voor het parkachtig landgoed. Aan de Steilrand is ook een ecologische groene bufferzone opgenomen. Het deel van het plangebied met als bestemming wonen-landgoed zal voor een deel bestaan uit uitgegeven terrein met daarop bebouwing en private tuinen en voor een deel uit openbaar gebied. Van het deel in het plangebied dat als ‘wonen-Landgoed’ is bestemd komt voor maximaal 15% te bestaan uit het appartementsgebouw met bijbehorende voorzieningen. De oude polderstructuur en de sfeer van het bestaande het waterrijke parkbos rondom Stadzicht, vormen de basis voor de inrichting van deze landgoedzone. In tegenstelling tot reclamanten stellen is er juist sprake van behoud van een open en groene ruimte. Door inrichting van het gebied kan het voorkomen dat er bomen worden verwijderd. Deze moeten in de uitwerking van het plan worden gecompenseerd. Voorstel Wij stellen u voor deze zienswijze ongegrond te verklaren.

22

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=74566ea6-61fa-41fa-8454-9e5199e9e033