CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[23bb003167] Bijlage 3 behorende bij 23bb003180 over Jaarverslag en jaarrekening 2022

Gemeenteraad 4 juli 2023, gemeente RotterdamBij agendapunt: Het voorstel met betrekking tot de eerste voortgangsrapportage 2023, alsmede tot:41.064 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 5

JAARVERSLAG 2022 Stichting BOOR

kwaliteit in enderwijs

Pi icevaiei houseCoopeis Accountants N.V. Iiisluiiend voor ideniih^aiiedoeleinden

9 BOOR JAARVERSLAG 2022

ínhoud Voorwoord

4

A. BestuursuersLag

10

1.

Het onderwijsbestuur

10

2.

Verantwoording van het beleid

20

2.1

Onderwijs- en kwaLiteitsbeLeid

20

2.2.

Personeelsbeleid & professionalisering

47

2.3.

Huisvestingsbeleid en facilitaire zaken

54

2.4.

ICT beleid

57

2.5.

Financieel beleid

60

2.6.

Risico's en risicobeheersing

64

3.

Continuïteitsparagraaf

68

4.

Verantwoording van de financiën

74

5.

Verslag van het algemeen bestuur

79

5.1.

Kernprioriteiten: onderwijskwaliteit en onderwijscontinuïteit

79

5.2.

Aandachtsgebieden in 2022: corona en de strategische koers

79

5.3.

Commissies van het aLgemeen bestuur

79

5.4.

Vergaderingen

80

5.5.

Overige contacten

81

5.6.

Toezichtkader gemeente

81

2

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

BOOR JAARVERSLAG 2022 9

B.

Jaarrekening

82

6.

Ba Lans

82

7.

Staat uan baten en Lasten

83

8.

Kasstroomoverzicht

84

9.

Grondslagen voor waardering

86

10.

Toelichting op de balans

96

11.

Niet in de balans opgenomen rechtenen verplichtingen

110

12.

Toelichting op de staat van baten enLasten

113

13.

Ondertekening algemeen bestuur encollege van bestuur

124

C.

Overige gegevens

125

Bijlage 1 - overzicht scholen per 31 december 2022

126

Bijlage 2 - Jaarverslag 2021 gemeenschappelijke medezeggenschapsraden

131

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

3

9 BOOR JAARVERSLAG 2022

Voorwoord Het jaar 2022 is de eerste onder onze nieuwe koers Sta Open. Daarin doen we vijf beloften aan onze leerlingen, ouders en onszelf. De nieuwe koers past ons goed. Vanuit de hele organisatie voelen we betrokkenheid bij de koers en de beloften. Het is een inspirerende leidraad die in 2022 focus heeft gegeven aan ons handelen.

Oorlog in Oekraïne In februari 2022 brak de oorlog in Oekraïne uit. Op meerdere manieren heeft dit invloed gehad op BOOR. De oorlog bracht een vluchtelingengolf teweeg, waaronder naar Nederland. Onder de vluchtelingen waren ook kinderen en jongeren. Rond de zomervakantie is de tijdelijke onderwijsvoorziening De Gaffel - een samenwerking van BOOR en RVKO - in het centrum van de stad geopend voor leerlingen in de basisschoolleeftijd. De vo-leerlingen zijn ingestroomd in de internationale schakelklassen. Een ander gevolg van de oorlog in Oekraïne was de grote stijging van de energieprijzen. Dit heeft BOOR - met circa 125 schoollocaties - hard geraakt. Daarbovenop heeft BOOR financieel nadeel ondervonden door het tijdig voldoen aan de toentertijd geldende deadline van 1 oktober om te stoppen met het lopende contract met Gazprom. Wij gaan ervan uit dat er volledige compensatie komt voor de gestegen energiekosten (zie verder paragraaf 2.3.4).

Armoedeproblematiek onder leerlingen, ouders en medewerkers De stijgende energielasten hebben niet alleen consequenties voor onze organisatie, maar hebben ook hun effect op onze leerlingen en hun ouders. Scholen merken dat het vaker voorkomt dat kinderen geen eten bij zich hebben, of ze horen dat ouders zich zorgen maken. Medewerkers op de scholen gaan hier zorgvuldig mee om. De hulp van BOOR-scholen verschilt per locatie en per wijk en richt zich in het algemeen op signaleren, ondersteunen en stimuleren. Ondersteuning kan bestaan uit het beheersen van de schoolkosten, ontbijt op school of initiatieven als een ruilkast of kledingbank en het verwijzen naar hulpinstanties. Bij stimuleren kan gedacht worden aan het bevorderen van een gezonde leefstijl, zoals een gezond ontbijt en schoolfruit, plus de inzet van sociaal maatschappelijk werk. Niet alleen leerlingen worden geconfronteerd met armoede, ook medewerkers kunnen te maken krijgen met financiële problemen. Alles is erop gericht op een tijdige signalering van problematiek, zodat al vroeg de juiste interventies ingezet kunnen worden. Interventies kunnen heel praktisch zijn, zoals de inzet van een budgetcoach die een medewerker helpt om zijn financiële zaken op orde te krijgen en het instellen van een BOOR-breed telefoonnummer bij HR waar medewerkers terecht kunnen als ze hulp nodig hebben.

Daarnaast kunnen interventies psychosociaal van aard zijn, bijvoorbeeld door de inzet van bedrijfsmaatschappelijk werk.

Gevolgen coronapandemie Een andere externe ontwikkeling die invloed had op de uitvoering van het onderwijs in 2022 is corona. Anders dan in onze jaarverslagen over 2020 en 2021, kunnen we constateren dat de directe impact van corona op het onderwijs en de leerresultaten in 2022 relatief beperkt is geweest. De scholen zijn het merendeel van het jaar open gebleven waardoor het onderwijs weer grotendeels doorgang kon vinden zoals voor corona. We hebben grote waardering voor de wijze waarop onze medewerkers in de onderwijspraktijk zich onder moeilijke omstandigheden keer op keer inzetten om het onderwijs zo goed mogelijk te laten plaatsvinden. We richten ons vol op het tegengaan van de lange termijn effecten van corona op onze leerlingen. Die effecten zijn na twee jaar nog steeds voelbaar. Om die redenen kunnen we ook de NPO-middelen die tot in dit schooljaar doorlopen goed gebruiken. In augustus 2022

h || ||

4

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

BOOR JAARVERSLAG 2022 9

is bekendgemaakt dat leraren, schoolleiders en ander personeel op scholen met veel achterstanden ook in het jaar 2022-2023 een toelage krijgen. In paragraaf 2.1.2 is meer te lezen over NPO en de inzet van deze middelen.

Lerarentekort en Anders organiseren Ook in 2022 was het tekort aan leerkrachten en schoolleiders aan de orde van de dag, en we verwachten dat dit de komende jaren niet zal veranderen. Het tekort manifesteerde zich al in het basis en speciaal onderwijs, maar loopt inmiddels ook in het voortgezet onderwijs op. Positief is dat we zien dat onze aanpak van het lerarentekort langs vier lijnen zijn vruchten afwerpt. In tegenstelling tot de tekorten in de andere grote steden, is te zien dat het tekort in Rotterdam stabiel is en niet verder oploopt. Rotterdam in het algemeen en BOOR specifiek krijgen steeds meer controle op dit vraagstuk. We leggen hier een directe relatie met onze inspanningen op het gebied van Anders Organiseren. Binnen dit programma krijgen scholen met een tekort aan bevoegd personeel ondersteuning vanuit een projectorganisatie. Enerzijds om de instroom te vergroten en de uitstroom te beperken, en anderzijds om het onderwijs duurzaam anders te organiseren vanuit de visie dat leraren daarmee meer tijd en focus voor hun kerntaak krijgen. Dit gebeurt onder andere met behulp van de inzet van anders bevoegden, digitale middelen en een grotere diversiteit aan achtergrond en expertise van professionals in de schoolteams. We leiden daarnaast op grote schaal zij-instromers op en hebben de begeleiding van startende en zittende leerkrachten geïntensiveerd.

Ook wordt fors ingezet op ‘opleiden in de school’ door het BOSS-traject in het basisonderwijs en de OSR in het voortgezet on­ derwijs (zie verder paragraaf 2.2.2).

Resultaten en financiën Dit jaarverslag bestaat uit drie delen: A. het bestuursverslag, B. de jaarrekening en C. de overige gegevens. In het bestuursverslag besteden we aandacht aan de beleidsverantwoording en gaan we in op de doelen die we in het jaarplan 2022 hadden gesteld. Verreweg de meeste doelen zijn behaald. Daar zijn we met recht trots op, zeker tegen de achtergrond van bovengenoemde ontwikkelingen. Daarnaast bespreken we in het bestuursverslag andere relevante ontwikkelingen en thema’s. In de jaarrekening rapporteert BOOR over 2022 een positief resultaat van C 13,4 miljoen. Het resultaat is sterk beinvloed door de extra baten, onder andere vanuit het NPO. We hebben vanuit het resultaat bestemmingsreserves gevormd voor de niet bestede NPO-middelen en de niet bestede werkdrukmiddelen in het vo. De toevoeging van resultaat aan de algemene reserves en resultaatverdeling bedraagt C 1,4 miljoen. De kengetallen ultimo 2022 blijven binnen de signaleringswaarden van de Onderwijsinspectie. Hieruit kan worden geconcludeerd dat de financiële positie van BOOR per balansdatum op orde is.

Leeswijzer Het bestuursverslag start met een beschrijving van het schoolbestuur (hoofdstuk 1). Het tweede hoofdstuk is de beleidsverantwoording. Hoofdstuk 3 geeft een financiële doorkijk en hoofdstuk 4 is de continuïteitsparagraaf. Het bestuursverslag sluit af met het verslag van ons algemeen bestuur (hoofdstuk 5). De jaarrekening beslaat de hoofdstukken 6 tot en met 12. De overige gegevens bestaan uit de statutaire regeling omtrent bestemming van het resultaat en de controleverklaring van de onafhankelijke accountant. In Bijlage 2 is het verplichte jaarverslag 2021 van onze gemeenschappelijke medezeggenschapsraden te vinden. Rotterdam, 19 april 2023 College van bestuur, Renata Voss

Algemeen bestuur, Mariëtte Hamer

Voorzitter

Voorzitter

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

5

ALGEMEEN Positieue ontwikkelingen 2022

Belofte

Programma Wereldwijzer uitgebreid naar 11 scholen Jaarkalender ‘bouwstenen voor burgerschap’ gedeeld als hulpmiddel

Burgerschapsacademie

Handreiking zo doen we dat bij BOOR: 9 uitgangspunten voor een passend schooladvies ontwikkeld Gemeenschappelijk stagebureau voor het vso gerealiseerd

Ieder talent telt

^ De Gaffel, de tijdelijke onderwijsvoorziening voor Oekraïense kinderen, succesvol gestart ^ Drie nieuwe schoolgebouwen opgeleverd, zeven bouwtrajecten gestart of voortgezet en zeventien projecten in ontwikkeling

Verbonden en veilig □□□muu

Versterken door vernieuwing

Sterke scholen door een sterke organisatie

' 85% van de (s)bao- en (v)so-scholen beschikken over veilige centraal beheerde wifi ' Vernieuwing door een lectoraat voor versterking taalbasis jonge kinderen en primoren (praktijkonderzoekers) De BOOR-aanpak van het lerarentekort werpt vruchten af Succesvol leiderschapsprogramma in het (s)bao en (v)so

Bao: 55 scholen en 77 schoollocaties fŠïïļSSafŠQl

Sbo: 4 scholen en 5 schoollocaties Vo: 6 schoolgemeenschappen en 18 schoollocaties

Aantal scholen

(V)so: 7 scholen en 20 schoollocaties

Aandeel leerlingen Rotterdam 2022

2021

(Speciaal) basisonderwijs

Rotterdam

Totaal BOOR: 30.314 (2022)

Voortgezet onderwijs

3207o

basisonderwijs

32yo 3307o

Aantal leerlingen

(Voortgezet) speciaal onderwijs 1

speciaal basisonderwijs

29.932 (2021)

2022

3207o

2021

speciaal onderwijs voortgezet speciaal onderwijs

11.533 16.486

voortgezet onderwijs (inclusief vavo leerlingen)

Totaal

2.295

pwc

Pricewaterhoi Accountants N.V Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

ONDERWIJSKWALITEIT t PERSONEEL Inspectiearrangementen

Teuredenheid Leerlingen

2022

2021

so vso vo (s)bao

In- en uitstroom medewerkers

m

EXCELLENT 0 GOED 7 VOLDOENDE 91

(s)bao 0

vo

0

(v)so

0

(s)bao 1

vo

6

(v)so

0

(s)bao 65

vo

12

(v)so 14

ONVOLDOENDE 0

(s)bao 0

vo

0

(v)so

0

ZEER ZWAK 1

(s)bao 1

vo

0

(v)so

0

f

Zij-instromers 2022 91

Instromers: 591 medewerkers Uitstromers: 593 medewerkers

Ziekteverzuim 12022 12021 8iVaste dienst

â 2553 fte

TijdeLijke dienst

Tl] 640 fte

(excl stagiaires, vrijwilligers en externe inhuur)

Leeftijdsopbouw medewerkers

T/m 20 jaar

20-29 jaar 30-39 jaar

40-49 jaar 50-59 jaar

60-69 jaar

944

70+ jaar

Bh I INI

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

5 Z 0^o 14 Z 0% 19 Z 0% 147 Z 3% 499 Z 13^o 646 Z 16% 254 Z 6% 759 Z 19% 1.013 Z 25% 197 Z 50/* 666 Z 17% 846 Z 22% 204 Z 5% 640 Z 16% 844 Z 2107o 184 Z 5% 376 Z 10% 560 Z 15% 4 Z 0% 3 Z 070 7 Z 07

FINANCIËN Inkomsten en uitgauen 2022 Voortgezet onderwijs

(Speciaal) basis­ onderwijs

(Voortgezet) speciaal onderwijs

132.838

148.250

62.151

-36

343.203

Overige overheidsbijdragen en subsidies

3.195

10.806

1.903

345

16.249

Overige baten

8.435

6.761

2.176

485

17.857

Totaal baten

144.468

165.817

66.230

794

377.309

Personele lasten

102.246

125.037

52.053

13.510

292.846

Afschrijvingen

2.696

3.068

1.137

248

7.149

Huisvestingslasten

8.806

13.323

4.482

307

26.918

Overige lasten

20.202

11.094

3.945

1.422

36.663

Allocatie over de sectoren

3.733

8.285

3.179

-15.197

0

137.683

160.807

64.796

290

363.576

Saldo baten en lasten

6.785

5.010

1.434

504

13.733

Financiële baten en lasten

-365

1

7

-8

-365

Genormaliseerd resultaat

6.420

5.011

1.441

496

13.368

Resultaat na bestemingsreserve

-6.395

-5.100

-462

9

-11.948

25

-89

979

505

1.420

bedragen x C 1.000

Totaal

ABB

Baten Rijksbijdragen OCW

Lasten

Totaal lasten

Resterend resultaat na vorming bestemmingsreserve

Kengetallen

Kosten signaleringswaarde onderwijsinspectie

| Voortgezet onderwijs H

(Speciaal) basisonderwijs

H

(Voortgezet) speciaal onderwijs

31-12-’22

31-12-’21

Solvabiliteit 2

54,427

51,707

< 307

Liquiditeit (current ratio)

166,557

150,307

< 757

Weerstandsvermogen

8,337

8,9007o

< 57

Kapitalisatiefactor

34,447

27,1007o

> 357

Absolute omvang liquide middelen

81,15 milj.

č 54,49 milj.

H Administratie,beheer en bestuur

36,87

minimaal č 100.000

42,0% 16,9%

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

BESTUURSVERSLAG - BOOR JAARVERSLAG 2022 9

A. BestuursuersLag

1. Het onderwijsbestuur Profiel BOOR telt 72 scholen met 1201 locaties. De BOOR-scholen zijn zo divers als de bevolking van Rotterdam. Scholen met hun eigen kenmerken en specifieke kwaliteiten, passend bij de omgeving waar ze staan en de kinderen die ze onderrichten. Tegelijk maken zij deel uit van het collectief van openbare scholen en hebben zij een gemeenschappelijke kern. Kwaliteitsonderwijs staat op alle scholen voorop. Waaraan kunnen ouders en leerlingen herkennen dat zij op een BOOR-school zijn? Een BOOR-school is de samenleving in het klein, een gemeenschap waar leerlingen en ouders zich onderdeel van voelen, waar het lerend vermogen van onze leerlingen en het personeel wordt aangesproken, waar iedere leerling en iedere medewerker gelijkwaardig is, ertoe doet en dat ook ervaart en waar alle leerlingen kunnen groeien. Daarnaast is de school een plek waar leerlingen kunnen oefenen, fouten mogen maken en ervaren wat het betekent om in een superdiverse stad te leven. Omdat de school midden in de samenleving staat en er onlosmakelijk onderdeel van uitmaakt, verbindt ze zich met de maatschappelijke partners om zich heen. Op school leren kinderen met elkaar, maar is er ook oog voor de individuele behoeften van kinderen. Er wordt maatwerk geboden waar dat passend is, zodat leerlingen gelijke kansen krijgen om hun potentieel kunnen ontwikkelen en benutten.

Missie Stichting BOOR wil het best denkbare openbaar onderwijs van Rotterdam geven. Dit doen we door maximale kansen te creëren voor kinderen en jongeren in Rotterdam en omgeving. We helpen hen om volwassen wereldburgers te wor­ den die bijdragen aan een rechtvaardige samenleving en die weten hoe zij hun talenten daarvoor kunnen benutten.

Visie Wij dragen zorg voor onderwijs dat bijdraagt aan de talentontwikkeling van iedere leerling. Iedere dag zetten onze leer­ krachten en medewerkers zich in om de volgende generatie een goede start te geven, om hun nieuwsgierigheid aan te wakkeren en hun talenten te ontwikkelen. En om ervoor te zorgen dat er maximale kansen zijn voor ieder kind. Maar wij hebben nóg een belangrijke opdracht. De kinderen van nu vormen de samenleving van morgen. De opgaven die ze daarbij op hun bordje krijgen zijn groot. Of ze die aankunnen, hangt niet alleen af van de resultaten die zij behalen. Het hangt ook af van hun vermogen om samen te werken, om hun verschillen te overstijgen voor een gemeenschappelijk belang. Daarom leren we ze om open te staan. Welke levensovertuiging, seksuele voorkeur, fysieke en mentale

1

Zie bijlage 1 h || ||

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

9

9 BOOR JAARVERSLAG 2022 - BESTUURSVERSLAG

mogelijkheid, afkomst, politieke overtuiging je ook hebt: bij ons ben je welkom, op onze scholen ontmoeten we elkaar Zodat we leren om verschillen te accepteren en te ervaren als een bron van nieuwe inzichten. Met onze nieuwe strategische koers ‘Sta open’ (2022 - 2026) geven we invulling aan deze visie. Dat doen we via de volgende vijf beloften aan ouders, leerlingen en medewerkers2: ^

Iedere school is een burgerschapsacademie

^

Ieder talent telt

^

Verbonden en veilig

^

Versterken door vernieuwing

^

Sterke scholen door een sterke organisatie

De uitwerking van deze beloften vindt met ingang van 2022 hun weerslag in jaarplannen op organisatie- en sectorni­ veau. Daarbij is er altijd sprake is van faseverschillen tussen scholen. Dat is niet erg: de koers is bedoeld als richting­ gevend en niet als blauwdruk. Er is heel bewust gekozen voor een compacte koers. Zo is er veel ruimte voor eigen accenten en uitwerkingen.

Toegankelijkheid en toelating Op de scholen van BOOR zijn alle kinderen welkom en zal er, indien nodig, voor iedere leerling gezocht worden naar een passende school. BOOR beschikt over een zeer breed aanbod, zodat dit in verreweg de meeste gevallen slaagt. Toch kan het voorkomen dat vanwege onvoldoende ruimte in het schoolgebouw soms de eerste keuze van ouders/ leerlingen niet kan worden gehonoreerd. In uitzonderlijke gevallen maken scholen gebruik van wachtlijsten. In het (voortgezet) speciaal onderwijs is dit vaker het geval dan in de andere sectoren. Voor de toelating van leerlingen bij overinschrijving volgen we de afspraken die zijn gemaakt in de Rotterdamse plaatsingswijzer en de OverstapRoute. De toelating tot een school is nooit afhankelijk van de vrijwillige ouderbijdrage. De hoogte en bestemming van de vrijwil­ lige ouderbijdrage wordt op schoolniveau indirect door een instemmingsrecht van de ouderVleerlinggeleding van de medezeggenschapsraad op de schoolgids vastgesteld.

Organisatie Naam instelling

Stichting BOOR

KvK nummer

24424572

Bestuursnummer

41775

Postadres

Postbus 23058 3001 KB Rotterdam

Bezoekadres

Schiekade 34 3032 AJ Rotterdam

Telefoon

010-2540800

E-mail

info@stichtingboor.nl

Website

www.stichtingboor.nl

Contactpersoon

Regina Stoutjesdijk, bestuurssecretaris

E-mailadres contactpersoon

regina.stoutjesdijk@stichtingboor.nl

Overzicht scholen

2

https://www.boorbestuur.nl/cp/uploads/downloads/Koers-2022-2026-Sta-open-def.pdf

10

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

BESTUURSVERSLAG - BOOR JAARVERSLAG 2022 9

Onder stichting BOOR vallen 55 reguliere basisscholen (bao), vier scholen voor speciaal basisonderwijs (sbo), zeven scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs ((v)so) en zes scholengemeenschappen voor voortgezet onderwijs (vo). De scholen zijn verdeeld over 120 locaties. Een overzicht van alle scholen, met een link naar hun eigen website en de website Scholen op de kaart, is te vinden in bijlage 1.

Juridische en organisatiestructuur De juridische structuur is een stichting. In onderstaand organogram is de organisatiestructuur schematisch weergegeven.

Scholen

Bestuur algemeen bestuur

concerncontroller

bestuurssecretaris

college van bestuur

ļ 1

i bovenschools directeuren (s)bao

bovenschools directeur (v)so

rectoren vo

r

n (speciaal) basisonderwijs

(voortgezet) speciaal onderwijs

voortgezet onderwijs

Scholen De scholen in het (speciaal) basisonderwijs zijn verdeeld in vier scholengroepen, met elk een bovenschools directeur. De scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs vormen een eigen scholengroep die ook wordt geleid door een boven­ schools directeur. De bovenschools directeuren vormen samen de bovenschoolse directie. Elke scholengemeenschap voor voortgezet onderwijs heeft een rector. De rectoren vormen gezamenlijk het college van schoolleiders. Het college van bestuur, de bovenschools directeuren, de rectoren en de mt-leden van BOOR Services ontmoeten elkaar een aantal keer per jaar in de managementgroep om samen te spreken over strategische thema’s en sectordoorsnijdende onderwerpen, zoals doorlopende leerlijnen en de Koers.

BOOR Services Voor het optimaal kunnen functioneren van scholen, management en bestuur is een goede ondersteuningsstructuur noodzakelijk. Daarin vervult BOOR Services een belangrijke rol. BOOR Services heeft een breed en divers serviceaanbod op verschillende expertisegebieden, zoals algemene beleidsondersteuning, kwaliteit van het onderwijs, communicatie, financiën, HR, ICT, juridische zaken, medezeggenschap, huisvesting en inkoop. BOOR Services heeft een mr en functioneert met een zelfsturend mt.

h || ||

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

11

9 BOOR JAARVERSLAG 2022 - BESTUURSVERSLAG

Medezeggenschap Elke school heeft een medezeggenschapsraad (mr). Via de medezeggenschapsraad hebben ouders, medewerkers en eventueel leerlingen invloed op het schoolbeleid. De rector of schooldirecteur overlegt regelmatig met de medezeg­ genschapsraad op zijn/haar school over onderwerpen die de school betreffen. Op elke school worden leden voor een termijn van drie of vier jaar gekozen. BOOR heeft naast de medezeggenschapsraden op scholen, ook drie gemeenschappelijke medezeggenschapsraden (gmr’s) voor het (speciaal) basisonderwijs, het voortgezet onderwijs en het (voortgezet) speciaal onderwijs. Deze raden bespreken in overleg met het college van bestuur en/of de bovenschools directeur de voorstellen en plannen van het bestuur over bovenschoolse zaken. Volgens de Wet medezeggenschap op scholen hebben de gmr’s advies- en instemmingsrecht over een tal van onderwerpen die een groot deel of alle scholen betreffen, zoals stichtingsbreed per­ soneelsbeleid, voordracht van nieuwe bestuursleden en strategische beleidsplannen van de stichting. Elk personeelslid of ouder mag zich verkiesbaar stellen en een gmr-lid hoeft niet per se lid te zijn van de mr van een school. Het jaarverslag van de gmr’s bevindt zich in bijlage 2.

Gemeenteraad De gemeente Rotterdam heeft een aantal (wettelijke) toezichthoudende taken betreffende het openbaar onderwijs. De raad is verantwoordelijk voor de goedkeuring van het strategisch beleidsplan, de jaarlijkse begroting, het jaarverslag met jaarrekening, benoeming van de bestuursleden en wijziging van de statuten. Verder is de gemeenteraad verant­ woordelijk voor de instandhouding van het openbaar onderwijs met betrekking tot spreiding en toegankelijkheid. Ten slotte kan de gemeenteraad ingrijpen bij ernstige taakverwaarlozing.

Governance In de Code Goed Bestuur in het primair onderwijs van de PO-Raad en de code Goed onderwijsbestuur Vo van de VO-raad zijn basisprincipes vastgelegd voor de professionaliteit van bestuurders, toezichthouders en managers in respectievelijk het primair en het voortgezet onderwijs. Het bestuur handelt overeenkomstig deze codes. BOOR is lid van de PO-Raad en de VO-raad. De horizontale dialoog met belanghebbenden is ingericht via medezeggenschap. De honorering van onze interne toezichthouders is opgenomen in hoofdstuk 12. Jaarlijks wordt een uitvraag van verbonden partijen gedaan aan de bestuursleden. Hieruit is geen belangenverstrengeling gebleken. Er zijn geen veranderingen geweest op het gebied van governance in het verslagjaar. De interne (algemeen bestuur) en externe toezicht-structuur (gemeenteraad) is ongewijzigd. Meer informatie over de governance van stichting BOOR is te vinden op stichtingboor.nl onder menukeuze ‘bestuur’.

Functiescheiding De Governance Codes benadrukken de verplichte scheiding van de functies van bestuur en intern toezicht binnen organisaties voor onderwijs. Er zijn verschillende manieren om de functiescheiding uit te werken. Op stichting BOOR is de functionele scheiding van toepassing (one-tier board).

BOOR bestuur Het algemeen bestuur (niet-uitvoerend bestuur) en het college van bestuur (dagelijks bestuur) vormen samen het bestuur van BOOR.

h || ||

12

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

BESTUURSVERSLAG - BOOR JAARVERSLAG 2022 9

College van Bestuur Het College van Bestuur van stichting BOOR bestaat statutair uit drie leden (artikel 6.1). In mei 2022 heeft BOOR afscheid genomen van Huub van Blijswijk als voorzitter van het college van bestuur. Hij is opgevolgd door Renata Voss. Zij was - sinds 2018 - lid van het college van bestuur. Renata Voss is als voorzitter college van bestuur benoemd tijdens de raadsvergadering van 3 februari 2022, met ingang van 1 mei 2022. Vanaf die datum functioneert het college van bestuur tijdelijk als tweehoofdig bestuur: Renata Voss als collegevoorzitter en Bob de Baedts als collegelid. Renata Voss heeft de portefeuilles (speciaal) basisonderwijs en voortgezet onderwijs en Bob de Baedts de portefeuilles (voortgezet) speciaal onderwijs en bedrijfsvoering. Op dit moment oriënteert het bestuur zich op het vraagstuk over de omvang van het college van bestuur.

Hoofd- en nevenfunctis leden college van bestuur De leden van het college van bestuur hadden in 2022 de volgende hoofd- en nevenfuncties:

Naam

Hoofdfunctie

Nevenfuncties

Mevrouw Renata Voss

^ Voorzitter college van

^ Lid algemeen bestuur PO-Raad

bestuur BOOR (vanaf 1 mei 2022) ^ Lid college van bestuur (tot 1 mei 2022)

^ Lid raad van toezicht ROC West-Brabant (Curio) ^ Lid adviescommissie kwaliteitsafspraken MBO ^ Lid raad van toezicht Platform Talent voor Technologie ^ Lid bestuur Stichting Bijzondere Leerstoel Onderwijsrecht op pluriforme grondslag ^ Voorzitter stuurgroep CZ NPRZ

De heer Bob de Baedts

^ Lid college van bestuur BOOR

De heer Huub van Blijswijk

• Voorzitter college van

^ Lid bestuur Sivon (vanaf 1 mei 2022) ^ Voorzitter bestuur stichting Vrienden van Uniq ^ Voorzitter Sivon (tot 1 mei 2022)

bestuur BOOR

^ Lid Pettelaaroverleg (tot 1 mei 2022)

(tot 1 mei 2022)

^ Lid bestuursraad OSR (tot 1 mei 2022) ^ Lid bestuur EIC Mainport Rotterdam (tot 1 mei 2022)

Algemeen bestuur Het algemeen bestuur bestaat uit zes leden en fungeert als intern toezichthouder. Voor het verslag van het algemeen bestuur, zie hoofdstuk 5. In het algemeen bestuur hebben in 2022 geen mutaties plaatsgevonden. In het eerste kwartaal van 2023 lopen de eerste termijnen van vier jaar van Focco Vijselaar en Mohamed Acharki af. Beiden hebben te kennen gegeven op te willen gaan voor een tweede termijn. Op 15 december 2022 heeft de gemeenteraad de heer Vijselaar en de heer Acharki herbenoemd voor een periode van vier jaar, respectievelijk tot 1 januari 2027 en 22 maart 2027.

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

13

9 BOOR JAARVERSLAG 2022 - BESTUURSVERSLAG

Samenstelling algemeen bestuur in 2022: Naam

Functie

Mevrouw Mariëtte Hamer

Voorzitter algemeen bestuur, lid remuneratiecommissie, lid onderwijscom­ missie (sinds 15 februari 2022)

De heer Mohamed Acharki

Lid auditcommissie

De heer Hamit Karakus

Lid onderwijscommissie

De heer Leen Paape

Lid onderwijscommissie (tot 15 februari 2022); lid auditcommissie (sinds 15 februari 2022)

De heer Focco Vijselaar

Voorzitter auditcommissie

Mevrouw Jessica van Wingerden

Voorzitter remuneratiecommissie, voorzitter onderwijscommissie

Extern lid auditcommissie: Naam

Functie

De heer Rens Knegt

Extern lid auditcommissie (tot 15 februari 2022)

Hoofd- en nevenfuncties leden algemeen bestuur De zes leden van het algemeen bestuur hadden in 2022 de volgende hoofd- en nevenfuncties: Naam

Hoofdfunctie

Nevenfuncties

Mevrouw Mariëtte Hamer

^ Regeringscommissaris

^ Voorzitter raad van toezicht Pharos

seksueel grensoverschrijdend

^ Voorzitter raad van toezicht De Doelen

gedrag en seksueel geweld

^ Voorzitter raad van toezicht van Stichting Lezen &

(vanaf 1 april 2022) ^ Voorzitter SociaalEconomische Raad (SER) (tot 1 april 2022)

Schrijven ^ Voorzitter raad van toezicht RDW ^ Lid raad van toezicht TU Eindhoven ^ Voorzitter raad van advies van de Faculteit der Geesteswetenschappen Universiteit Amsterdam ^ Voorzitter raad van advies Nationale Jeugdraad ^ Lid Maatschappelijke Adviesraad (MAR), PO-Raad ^ Lid raad van advies van de Maatschappelijke Alliantie ^ Lid raad van advies GAK ^ Lid raad van advies van de Vrije Universiteit Am­ sterdam

De heer Mohamed Acharki

^ Directeur/bestuurder woning­ corporatie Rochdale (vanaf 1

^ Lid algemeen bestuur Aedes vereniging van woningcorporaties

november 2022) ^ Bestuurder woningcorporatie Zayaz (tot 1 november 2022)

h || ||

14

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

BESTUURSVERSLAG - BOOR JAARVERSLAG 2022 9

Naam

Hoofdfunctie

Nevenfuncties

De heer Hamit Karakus

^ Strategisch Consultant/

• Eerste Kamerlid

eigenaar Socium31 (vanaf 1

^ Voorzitter commissie Politie-eenheid Rotterdam

maart 2022)

^ Lid raad van toezicht Hogeschool Rotterdam

^ Directeur Platform 31 en alge­ meen directeur onderzoeksin­ stituut IVo (tot 1 maart 2022)

^ Lid raad van toezicht Stichting Nederlands Regis­ ter Vastgoed Taxateurs (NRVT) ^ Voorzitter coalitie Feijenoord XL ^ Bestuurlijk regisseur volkshuisvestelijke proble­ matiek Vestia (in opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) (tot 1 juni 2022) ^ Lid raad van commissarissen van Woning­ stichting Eigen Haard ^ Lid raad van advies Timpaan ^ Lid van bestuur Stichting Wijkverbetering Rotterdam Zuid ^ Lid raad van advies stichting Timpaan ^ Lid raad van commissarissen woningcorporatie Wooncompas

De heer Leen Paape

^ Hoogleraar Corporate Gover­

^ Voorzitter van de raad van commissarissen van

nance bij Nyenrode Center for Entrepreneurship, Gover­

^ Voorzitter van de raad van toezicht van stichting

nance & Stewardship (tot 1 januari 2023)

Univé Dichtbij Pensioenfonds van SNS Reaal ^ Voorzitter van de Signaleringsraad NBA ^ Voorzitter van de Raad voor de Praktijkopleidin­ gen NBA ^ Lid raad van toezicht Stichting Centre for Organi­ zational Integrity ^ Lid Academic Council Impact Economy Founda­ tion ^ Lid External Audit Committee IMF ^ Extern lid Auditcommissie ABP ^ Lid Raad van Advies Centrum voor Mens en Luchtvaart

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

15

9 BOOR JAARVERSLAG 2022 - BESTUURSVERSLAG

Naam

Hoofdfunctie

De heer Focco Vijselaar

^ Directeur VNO-NCW (per 1

Nevenfuncties

januari 2023) ^ Buitengewoon adviseur alge­ mene bestuursdienst Rijks­ overheid (vanaf 29 augustus 2022 tot 1 januari 2023) ^ Directeur-generaal bedrijfsle­ ven en innovatie bij het minis­ terie van economische zaken en klimaat (tot 29 augustus 2022) Mevrouw Jessica van Wingerden

^ Lid raad van bestuur Dyade groep (vanaf 1 maart

^ Lid raad van commissarissen bij Vestia

2022) ^ Executive Vice-President bij de Rabobank (tot 1 maart 2022) Jaarlijks wordt een uitvraag van verbonden partijen gedaan aan de bestuursleden. Hieruit is geen belangen­ verstrengeling gebleken.

Dialoog Belanghebbenden Met onder andere de volgende belanghebbenden heeft het bestuur regelmatig contact: Belanghebbende organisatie of groep Ouders, leerlingen medewerkers via

Beknopte omschrijving van de samenwerking of dialoog Zie bijlage 2 voor het jaarverslag van de gmr’s.

de gmr’s (s)bao, vo en so/vso Gemeenten

Met alle gemeenten waarin wij scholen hebben (Rotterdam Gouda, Nieuwerkerk aan den IJssel en Lansingerland), is regelmatig contact over zaken als huisvesting, leerlingzorg en de maatschappelijk positie van het onderwijs in de betreffende gemeente. Met de gemeente Rot­ terdam heeft BOOR ook een subsidierelatie. De gemeente Rotterdam is bovendien de externe toezichthouder van de stichting.

Kinderopvangorganisaties en

Zowel op bestuurs- als op individueel schoolniveau is contact met deze

vve-instellingen

organisaties. Er worden mede afspraken gemaakt over een goede over­ dracht van kinderen.

Jeugdzorg

Vooral individuele scholen hebben contact met jeugdzorgorganisaties. In veel gevallen gaat dit via de wijkteams. Op bestuursniveau is er onder meer contact over het verbeteren van de samenwerking tussen onderwijs en zorg.

h || ||

16

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

BESTUURSVERSLAG - BOOR JAARVERSLAG 2022 9

Belanghebbende organisatie of groep Collega-schoolbesturen

Beknopte omschrijving van de samenwerking of dialoog Met collega-besturen is regelmatig contact. Het gaat om het delen van informatie, het maken van (samenwerkings)afspraken en het gezamen­ lijk optrekken in kwesties als het lerarentekort en het opstellen van de IHP’s.

Belangenorganisaties (onder meer

Er is met name contact op strategisch niveau.

VO-raad en PO-Raad) Leveranciers, aannemers en uitzendbureaus

contacten worden in toenemende mate gecentraliseerd.

Ministeries

Er is met name contact op bestuurlijk en strategisch niveau.

Onderwijsinspectie

Houdt toezicht op de kwaliteit op bestuurs- en schoolniveau.

Nationaal Programma Rotterdam Zuid

In NPRZ, werken Rijk, de gemeente Rotterdam, corporaties, zorginstel­

(NPRZ)

Het gaat in dit geval vooral over contact op uitvoeringsniveau. Deze

lingen, schoolbesturen, bedrijfsleven, politie en Openbaar Ministerie aan een gezonde toekomst voor Rotterdam Zuid.

Samenwerkingsverbanden BOOR maakt onderdeel uit van alle samenwerkingsverbanden waar onze leerlingen wonen:

Samenwerkingsverband

Beknopte omschrijving

Koers VO

Het samenwerkingsverband passend voortgezet onderwijs Koers Vo wordt gevormd door 18 schoolbesturen met 110 vestigingen voor voort­ gezet (speciaal) onderwijs in de regio Rotterdam.

PPO Rotterdam

Primair Passend Onderwijs Rotterdam is een samenwerkingsverband van 20 schoolbesturen, met ruim 200 scholen.

Andere samenwerkingsverbanden

In het (voortgezet) speciaal onderwijs werkt BOOR samen met, en maakt in sommige gevallen deel uit van, samenwerkingsverbanden uit de gebie­ den waar onze leerlingen wonen.

Klachtenbehandeling Bij BOOR is een klachtenregeling van kracht, voor alle bij het onderwijs betrokkenen die een klacht hebben of met een klacht te maken krijgen. De regeling geeft aan welk type klacht waar ingediend kan worden. Ouders, leerlingen, per­ soneelsleden en verder iedereen die deel uitmaakt van stichting BOOR en de aangesloten scholen kunnen een beroep doen op de klachtenregeling. In de schoolgidsen van de scholen staat beschreven waar de regeling te vinden is, wie op school- en op bestuursniveau optreden als contactpersoon, wie de klachtenfunctionaris van BOOR is, wie de exter­ ne vertrouwenspersonen zijn en hoe deze functionarissen te bereiken zijn. In de tabel staat het aantal klachten dat aan de Stichting Onderwijsgeschillen is voorgelegd. Binnen deze stichting zijn verschillende klachten- en geschillencommissies actief, zoals de Landelijke Klachtencommissie voor klachten vanuit de klachtenregeling, de Geschillencommissie voor geschillen tussen bestuur en medezeggenschap, etc. Daarbij hanteert de Landelijke Klachtencommissie (LKC) het uitgangspunt dat de klager zo mogelijk eerst wordt terugverwezen naar de school en/of het schoolbestuur om te proberen de klacht op te lossen. De overige commissies hanteren dit uitgangs­ punt niet.

h || ||

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

17

9 BOOR JAARVERSLAG 2022 - BESTUURSVERSLAG

Onderwijsgeschillen

2017

2018

2019

2020

2021

2022

Aantal klachten3

9

8

11

12

6

8

In 2022 zijn acht klachten voorgelegd aan de LKC van de Stichting Onderwijs-geschillen. Eén daarvan betrof de sector voortgezet onderwijs. Nadat klager zich rechtstreeks tot de LKC had gewend, is de klacht terugverwezen naar de schoolleiding van de betreffende school, waarna de klacht binnen drie dagen intern was opgelost. De andere zeven klachten betreffen de sector primair onderwijs. Drie daarvan zijn ingetrokken, nadat de LKC deze zaken had terugverwezen naar BOOR en deze intern naar tevredenheid van de klagers zijn opgelost. Twee klachten die eveneens rechtstreeks door klagers aan de LKC waren voorgelegd, zijn niet verder behandeld, omdat de klagers na herhaalde uitnodiging van de LKC geen nadere informatie over de aard van hun klachten hebben gedeeld. De termijn voor een derde klacht in deze categorie loopt nog. Eén klacht is inhoudelijk behandeld. De LKC heeft geadviseerd deze klacht gegrond te verklaren. Het cvb beraadt zich op dit advies. Voor het derde achtereenvolgende jaar zijn vanuit de sector speciaal (voortgezet) onderwijs geen klachten voorgelegd aan de Stichting Onderwijsgeschillen. BOOR blijft zich inzetten om een luisterend oor te bieden als ouders, leerlingen en medewerkers hun zorgen of klach­ ten uiten. De meeste klachten konden intern worden opgelost, waardoor ook het afgelopen jaar het aantal klachten dat aan LKC is voorgelegd laag is gebleven.

3

18

Tot en met 2018 telden we klachten bij de LBT en de GPO nog niet mee.

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

BESTUURSVERSLAG - BOOR JAARVERSLAG 2022 9

2. Verantwoording uan het beleid In dit hoofdstuk verantwoordt het bestuur het gevoerde beleid op de volgende beleidsterreinen: Onderwijs à kwaliteit, Personeel & professionalisering, Huisvesting, Inkoop en facilitaire zaken, ICT en Financieel beleid. De doelen die in het jaarplan 2022 gesteld zijn, staan centraal. De laatste paragraaf van dit hoofdstuk gaat in op het beleid rond risico’s en risicobeheersing.

2.1

Onderwijs- en kwaliteitsbeleid

2.1.1

Onderwijskwaliteit bij BOOR

De kwaliteit van ons onderwijs is topprioriteit. Wij dragen zorg voor onderwijs dat bijdraagt aan de talentontwikkeling van iedere leerling. Wij vinden de kwaliteit van het onderwijs in onze scholen goed als er door deskundig personeel zo­ danig les wordt gegeven dat de leerlingen daardoor de kennis verwerven en de vaardigheden ontwikkelen die passen bij hun niveau en talent. Daarmee waarborgen we de ononderbroken ontwikkeling van ieder kind. Goed onderwijs sluit aan op de mogelijkheden, behoeften en talenten van al onze leerlingen. Kwaliteit is geen statisch begrip: het betekent dat je als onderwijsorganisatie blijft voldoen aan de eisen en verwach­ tingen die aan het onderwijs worden gesteld. Het zijn eisen die de overheid stelt (via wet- en regelgeving), de eigen ambities van BOOR, en, minstens zo belangrijk, de optelsom van de verwachtingen die ouders, leerlingen, het vervolg­ onderwijs en de lokale gemeenschap van het onderwijs hebben. Deze verwachtingen veranderen voortdurend. Daarom streven we middels reflectie, evaluatie en analyse in een cyclisch proces voortdurend naar continue verbete­ ring (zie onderstaand kader voor de kenmerken van ons kwaliteitsbeleid). Scholen borgen op die manier dat wat goed gaat en werken door planmatige verbetering aan datgene wat nog beter kan. Elke school formuleert haar ambitie(s) in het school(jaar)plan en werkt daar aantoonbaar aan.

Het behoort tot de professionele ruimte van scholen om, gelet op de specifieke situatie van en verwachtingen die gesteld worden aan de school (wijk, stad, samenstelling populatie, omgeving, voedingsgebied), eigen keuzes te maken in profilering van kerndoelen en eindtermen. BOOR hanteert een kwaliteitshandboek waarin beschreven is wat we verstaan onder kwaliteit. Het eerste deel is een algemene beschrijving waarin we uitleggen hoe we tegen kwaliteit aankijken. In het tweede deel staan de kwaliteitsinstrumenten en het normenkader binnen de verschillende sectoren beschreven en toegelicht. Ook ons kwaliteitshandboek is dynamisch en wordt volgens onze eigen principes voortdurend bijgewerkt, verbeterd en aangepast aan nieuwe ontwikkelingen.

Basis op orde BOOR heeft vier uitgangspunten: ^

De basiskwaliteit van alle scholen is in orde;

^

Elke school brengt de eigen aanpak jaarlijks helder in beeld via een analyse;

^

Elke school werkt met een hierop gebaseerd school(jaar)plan met doelen;

^

Op het niveau van de school, de sector en het bestuur wordt gewerkt aan de hand van het 4D-model: data-duiden-doelen-doen.

h || ||

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

19

9 BOOR JAARVERSLAG 2022 - BESTUURSVERSLAG

Kenmerken van het kwaliteitsbeleid bij BOOR a. Cyclisch Het kwaliteitsbeleid is gerelateerd aan de beleidscyclus van het 4D-model: data, duiden, doelen en doen; b. Dynamisch Wij bewegen weloverwogen en op basis van geduide data mee met de ontwikkelingen en verwachtingen in de samenleving en met de keuzes die daartoe moeten worden gemaakt; c. Integraal Ons kwaliteitsbeleid is in samenhang met en in afstemming op de verschillende deelprocessen en sectoren in onze organisatie; d. Meetbaar en Merkbaar Wij handelen data-geïnformeerd met als doel inzicht en kennis om gefundeerde beslissingen te kunnen nemen en om te kijken of doelen en resultaten zijn behaald; e. Procesmatig Kwaliteitsbeleid is eerst en vooral een proces. Een proces waarin voortdurende aanscherping plaatsvindt op basis van data, duiden, doelen en doen; f. Ambitieus Wij streven continu naar aanscherping en verbetering waarbij we oog hebben voor de context en ontwikkelingen.

Kwaliteitszorg en 4D-model Het bestuur draagt, in samenspraak met de scholen, zorg voor een stelsel van kwaliteitszorg op de scholen. Van daar­ uit bewaakt en bevordert het bestuur de kwaliteit van het onderwijsproces en de leerresultaten. Het bestuur beschikt over sturingsinformatie van alle sectoren. Deze informatie geeft integraal inzicht op onderwijskundig, personeel en financieel vlak. De prestaties van de school worden afgezet tegen de gemiddelde prestaties van een vergelijkingsgroep van scholen met vergelijkbare kenmerken. In 2022 is de beschikbare sturingsinformatie verder ontwikkeld. Een externe partij beoordeelde de kwaliteit van de beschikbare sturingsinformatie en heeft geadviseerd hoe deze verder te verbeteren. We hanteren inmiddels het 4D-model voor een cyclische aanpak: Data, Duiden, Doelen, Doen. Het 4D-model houdt in dat we data over de onderwijsresultaten en het onderwijsproces verzamelen, ontsluiten en duiden. Op basis daarvan bepalen we de doelen en acties, die vervolgens uitgevoerd worden. Evaluatie vindt plaats op basis van data, waar­ door een cyclisch proces ontstaat. Dit gebeurt op school-, sector en bestuursniveau. In het (s)bao is deze werkwijze gestart en reeds praktijk, in het (v)so en het vo wordt steeds meer op basis van deze systematiek binnen de sector het gesprek gevoerd over kwaliteit.

LMrtJňţj'LŕtrkriehåjTB'tf

İí-p ,ll,jiir\nr-i--f .hl

Directie

Bulturn der

IV pe -MHipik:

Ū n ri e rw u **'pn? t c ^; - LM'ViriUriHd j i ŬUurkp A htróffa* * Pwŭfcįeţrtü» hüfdtí**

EchBalriīïffHu

üiiii nH

Hn»

11*

1

Duiden Vŕírjrtijkm met sľandundc-n c-n drnbllif}

—1

Doeten

Doen

Ajtn^iurinļļ ieerüTHjrn

A*n»1urtng

ŕJiilŕrwļíproliel

Adnifcuríng

dŕfcllŕĥi!

ruírteft:

VćrbeţĖŕŕlïñ

20

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

BESTUURSVERSLAG - BOOR JAARVERSLAG 2022 9

Ook op schoolniveau wordt het 4D-model toegepast. Dit cyclische proces vormt de belangrijkste basis voor de visieontwikkeling en het school(jaar)plan van de school. Elke school formuleert schooleigen ambities, in nauwe verbinding met de missie en visie van de sector en BOOR. Hier is sprake van een wisselwerking: de doelen op bestuursniveau geven richting aan de sectoren en scholen, terwijl de ontwikkelingen op scholen richting geven aan de doelen op scholengroep-, sector- en bestuursniveau.

Vroegsignalering Binnen BOOR is een systeem van vroegsignalering ingericht om scholen die niet aan onze normstelling voldoen te de­ tecteren. De inspanningen zijn erop gericht om door een gerichte verbeteraanpak scholen met risico’s zo snel mogelijk naar het gewenste niveau te begeleiden. Op basis van de beschikbare data voortvloeiend uit de audits, gesprekkency­ clus, jaarlijkse zelfevaluatie, opbrengstengesprekken etc. wordt minstens jaarlijks een risicoanalyse uitgevoerd. Voor de school wordt een passend arrangement gekozen waarin helder beschreven doelstellingen ter verbetering en passende ondersteuning zijn vastgelegd.

Verantwoording Het bestuur verantwoordt zich drie keer per jaar op formele wijze over de onderwijskwaliteit. Dit doet het bestuur door elk jaar in het jaarverslag en in twee tussentijdse voortgangsrapportages te rapporteren aan de interne en externe toezichthouders. Voorbeeld van de BOOR kwaliteitszorgcyclus in het (s)bao Schooljaar

Kalenderjaar

Kaderbrief Startgesprek aug/sept

BOOR jaarverslag

Schooljaarplan mei/juni

Staat van BOOR onderwijs

apr/mei

Audits

juli/aug

Tevredenheids peiling feb/mrt Waar nodig ontwikkelof herstel opdracht

Opbrengst

Activiteiten­

Jaarplan BOOR

gesprek

plan sector

Sectorplan

mrt/apr

aug/sept

feb/mrt

Schoolfoto

(re) audits

Bezoeken en afgegeven oordelen Inspectie 2022 In 2022 zijn door de inspectie van het onderwijs verschillende onderzoeken uitgevoerd op BOOR-scholen. We maken daarbij onderscheid naar een aantal type bezoeken: ^

Thema-onderzoek (7)

^

Kwaliteitsonderzoek (1)

^

Stelselonderzoek (4)

^

Onderzoek op verzoek (in het kader van waardering Goed) (2)

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

21

9 BOOR JAARVERSLAG 2022 - BESTUURSVERSLAG

Belangrijk om te vermelden is dat deze onderzoeken soms een feitelijk bezoek aan de school behelzen, maar soms ook niet meer zijn dan het meedoen aan een vragenlijst. De onderzoeken van de inspectie kunnen soms leiden tot het afgeven van een oordeel. In 2022 is er in het (s)bao een oordeel voldoende afgegeven en is dat bij drie afdelingen in het vo gebeurd. Zolang de inspectie geen nieuw oordeel heeft, spreken we overigens van basiskwaliteit. Daarnaast hebben in het vo twee afdelingen het predicaat excellent gekregen, waarbij aangetekend moet worden dat de classificatie goed en excellent binnen het toezicht de komende periode zal komen te vervallen. Het in 2022 afgege­ ven oordeel zeer zwak betrof een oordeel in het (s)bao over een schoollocatie die inmiddels is samengevoegd.

Onderzoek Q,

Eindoordeel o

Uilgevůerde onderzoeken

Gegeven oordelen

#EC 4 (J 4VI ŕpCOTçķ OOÖe' ThcmjçndçíīDrtr ŕTĖQlGnttoŕodK ryjí

I

Trend uifge voerde onderzoeken

2.1.2

Histone gegeven oordelen m: r' it ü!,.--.

» m::

m- ‘.-.ĩ*

-

. - *V; or*--.:*’ u

Nationaal Programma Onderwijs - inget NPO middelen

In 2022 hebben we de inzet van de NPO middelen nauwkeurig gevolgd. Hierbij waren voor ons de volgende vragen leidend: 1. Is er door alle scholen een schoolscan uitgevoerd? 2. Wat is de impact van corona geweest en is er sprake van herstel? 3. Welke soorten interventies zijn gekozen? 4. Hoe zijn personeel, leerlingen en ouders hierbij betrokken en hebben alle mr’s hiermee ingestemd? 5. Zijn er al mogelijke effecten van ingezette middelen te zien? Net als vorig jaar was het niet eenvoudig om de effecten van de inzet van NPO middelen te isoleren. Naast de inzet van NPO middelen zetten schoolleiders/ locatieleiders ook andere interventies in om achterstanden in te lopen. Daarbij worden de interventies van de NPO-middelen beïnvloed door de context van de organisatie en maatschappij, zoals personeelstekorten, ziekteverzuim als gevolg van corona en verlies van onderwijstijd in verband met corona-maatregelen. Ook zien we in 2022 dat scholen de voorgenomen interventies niet altijd geheel volgens plan hebben kunnen uitvoeren. Scholen worden ingehaald door de werkelijkheid. In de eerste maanden van 2022 was er sprake van hoge pieken in het ziekteverzuim, gecombineerd met het lerarentekort, zowel landelijk als bij BOOR. Niet alle interventies zijn daarom volgens planning uitgevoerd.

NPO in het basisonderwijs Zeventig procent van onze scholen constateerde dat in 2022 de impact van de corona periode op de sociaal-emotionele ontwikkeling en functieontwikkeling van kinderen nog steeds merkbaar is. Enerzijds in de groepsdynamiek, de “korte lontjes” in de klas, anderzijds het moeizame herstel van met name de zorgleerlingen. Opvallend vaak wordt genoemd dat jonge kinderen anders binnenstromen, minder voorbereid zijn op de groepsdynamiek op school. Het h || ||

22

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

BESTUURSVERSLAG - BOOR JAARVERSLAG 2022 9

gebrek aan het kunnen socialiseren op een voorschool, kinderdagverblijf of peuterspeelzaal vanwege de lockdowns lijkt hier debet aan zijn. Basisscholen geven aan dat corona ook impact heeft gehad op de executieve functies4 van leerlingen, waarbij er een wisselend beeld is: sommige scholen geven aan dat groepen leerlingen opvallend meer dan normaal moeite hebben met zaken als timemanagement, focus houden, taakgerichtheid, plannen, starten met een taak en doorzetten. Andere scholen geven juist aan dat die achterstand op deze functies nu langzaam wordt ingelopen er zeker sprake is van herstel. De impact op de cognitieve ontwikkeling is naar de inschatting van scholen nog steeds aanwezig. Nagenoeg alle scholen geven aan dat de impact op de basisvaardigheden taal en rekenen zichtbaar is en opvallend vaak worden zorgen geuit over de huidige leerlingen in de middenbouw. Zowel op taal (met name begrijpend lezen) en rekenen blijkt het een uitdaging om met name de zwakke leerlingen weer omhoog te brengen. Er zijn grote zorgen over leerlingen uit een sociaal zwak milieu en de extra zorg die de gezinnen van deze kinderen nodig hebben laat lang op zich wachten. Ook zijn er zorgen over de inflatie en energiecrisis en de impact hiervan op de thuissituatie.

Scholen geven aan dat vooral de groep acht leerlingen uit schooljaar 2021-2022 naar hun inschatting op de langere termijn in het vo last zullen hebben van de achterstand. Dit cohort is het hardst geraakt door lockdowns en onderbroken schooljaren. Veel basis­ scholen geven aan dat de inzet van de NPO-middelen veel extra tijdelijke ondersteuning mogelijk heeft gemaakt, zowel tijdens de coronacrisis als in de nasleep ervan. Scholen geven aan dat zij zo veel als mogelijk hebben geprobeerd te investeren in structurele verbetering en zijn redelijk positief over de lange termijn impact van de NPO-middelen. Tege­ lijkertijd worstelen veel scholen nu met de vraag hoe ze deze extra ondersteuning voor lange tijd kunnen behouden nu de middelen stoppen. Voor een deel is er nieuwe ruimte om inzet te continueren en zal waarschijnlijk een deel van de middelen voor basisvaardigheden worden ingezet. Maar er blijft een verlegenheid om personeel voor een langdurige periode te binden met deze incidentele middelen. Een structurele financiering zou deze zorg wegnemen. Alle scholen hebben een schoolanalyse gemaakt die een plaats heeft gekregen in het regulier jaarplan. Toetsresultaten en observaties door leerkracht/mentor waren daarbij de belangrijkste input.

9 Teirľwisţljiŕļfn

51

9 Cijfers

1*

9 RjftppniŤfcTrņfcHŕíiníĵŗfl

IS

W

9 desprekben mw ñurfŕ.n/vŕfi-rî-rfļ.. lĩ 9 filHŕirvnţin rirar mfaíiwr mi/ .

45 40

9 flhīMvnTiM íinor nnrirrr «ip^rt... IA 9 Sociale vęiligheidÿfnDnŕlōr

9 LeeHingbeip'efcjngen in Heiror... 31

?0

9 Rapportage Nator-w Cohorten.. 27

10

9 LeeH \ nqe-nq l4tes

20

9

Ū

[r zijiñ geer1 ■adj'.rterter. uiìgívō—

* ÅrrSere

4

30 33

0

ft

Executieve functies: vaardigheden die belangrijk zijn voor het uitvoeren van sociaal en doelgericht gedrag. Denk hierbij aan zaken als: volgehouden aandacht, timemanagement, emotie-regulatie, doelgericht gedrag en flexibiliteit

h || ||

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

23

9 BOOR JAARVERSLAG 2022 - BESTUURSVERSLAG

Net als vorig jaar hebben basisscholen ook dit jaar vooral ingezet op (verlengde) instructie in kleine groepen, individuele instructie en 1 op 1 begeleiding. Bijna alle scholen hebben vanuit de NPO middelen interventies ingezet ten behoeve van de sociaal-emotionele ontwikkeling en welbevinden van leerlingen. Eēíi-op-een-btļe^idi^g V-drvHdue-le if.stnjrtfe iPűBnjttîí m kle?n.t groepen

45

Ľ -'eť.e mill l-lL «

2-

J rrŕ-īi v*a ■i*íi irtૠmr riŕ-lrŕ-rlingfii ľ! I

Feedback

26

8«h«ïmrigyĮŗţfK.hĩ Içrpn

6

Trrhr. rtrn visor brgnjpr-ndi Iŕrrn

14

'jíEprDkřr lm i nien.'tri'es mtervenCits u-i rubnËk B

fonemiKïi bewnaciin

1

Í2

Een vanzelfsprekend onderdeel van de jaarplan cyclus is het betrekken van ouders, zowel formeel (via de mr) als informeel. Ook met leerlingen wordt gesproken over hun behoeften na corona. Bij alle scholen heeft de mr ingestemd met de voorgenomen inzet.

NPO in het (Voortgezet) Speciaal onderwijs In het (v)so merken alle scholen dat de impact op de sociaal-emotionele ontwikkeling en het welbevinden nog steeds merkbaar is. Schoolleiders geven aan dat het isolement van veel leerlingen in het speciaal onderwijs tijdens de peri­ ode van coronamaatregelen is toegenomen, gepaard gaande met somberheid en eenzaamheid. Leerlingen hebben hierdoor meer last gehad van de eigen beperkingen. Schoolleiders geven aan dat dit bij leerlingen merkbaar was door meer spanningsopbouw, en leerlingen vaker last hadden van dwangmatig en externaliserend gedrag, angsten en weerstand. Scholen melden dat het herstel wel is ingezet doordat de regelmaat op school is teruggekeerd en leerlin­ gen baat hebben bij de extra aandacht die er voor de sociaal-emotionele ontwikkeling en het contact tussen leerlingen onderling is geweest. In tegenstelling tot het basisonderwijs zijn er op de scholen in het (v)so nagenoeg geen specifieke leerjaren waar zorgen over zijn; de zorg zit bij alle leerjaren.

9 3

0 OderfcoLiW

7

9 fi'iöScn60U‘h

5 Ė

0 Eūvcfibautt

İ

O'

Net íe rorgnt bļalk leefjaiw

5

J,

O

Nee. w-j màltŕn ľvhnwr Keī q*.

1

ì

O ńrvlf-re

4

ĩ 1

0

24

pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

BESTUURSVERSLAG - BOOR JAARVERSLAG 2022 9

Net als vorig jaar hebben (v)so-scholen ook dit jaar vooral ingezet op (verlengde) instructie in kleine groepen, individuele instructie en 1 op 1 begeleiding. Bijna alle scholen hebben vanuit de NPO middelen interventies ingezet ten behoeve van de sociaal-emotionele ontwikkeling en welbevinden van leerlingen. Le-i-ľ'p-ecn-fcŵņťe'dinq Irdŕvįdueľe initraobí: Instruct» in Ideiné q.rqėpēñ DiffCtiP intírurFįe

Lerw van en met medįteerfrngťñ -1

EthBers-rgsaif cH: eren ĩęclvnęlcęn võor bŵļnjpėnd teiėn b

Gcţprs •ccntMlinterv&nţieî íieen inleivenţjeļ, uiL ii/btwk. c-

frjnpm.ţjľh twwuţffiijn

Opvallend verder is dat veel scholen aangeven dat de coronacrisis heeft geleid tot een sterk gevoel van samenho­ righeid in het schoolteam. Ook geven scholen aan dat de grote beperkende factor in herstel toch het ontbreken van voldoende gekwalificeerd personeel is, en dat de tijdelijke financiering vanuit NPO niet behulpzaam is om dit aan te pakken. Een vanzelfsprekend onderdeel van de jaarplan cyclus is het betrekken van ouders, zowel formeel (via de mr) als informeel. Ook met leerlingen wordt gesproken over hun behoeften na corona. Bij alle scholen heeft de mr inge­ stemd met de voorgenomen inzet.

Totstandkoming schoolscan en schoolprogramma In de totstandkoming van de schoolscan hebben scholen gebruik gemaakt van een diverse set aan activiteiten en bronnen. Het gaat om onder andere toetsuitslagen (van methode-gebonden toetsen en methode-onafhankelijke toetsen), rapportvergaderingen, gesprekken met ouders, verzorgers en/of leerlingen, observaties, leerlingenenquêtes en leerlingbesprekingen. Door input op te halen bij leerlingen, ouders en medewerkers voor de schoolscan en aan te sluiten bij de jaarplancyclus, zijn personeel, ouders en/of leerlingen betrokken bij de inhoud van de schoolscan en het schoolprogramma. Op alle scholen zijn de plannen ter goedkeuring voorgelegd aan de personeelsgeleding van de betreffende school en is er door de medezeggenschapsraad ingestemd met het schoolprogramma NPO. Het opstellen en aanvullen van de schoolscan en opstellen en bijstellen van het plan NPO is onderdeel van de jaarplancyclus.

Instrumenten schoolscan íe

//VV

////V o*

4?

^

r/ w pwc

PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

25

9 BOOR JAARVERSLAG 2022 - BESTUURSVERSLAG

NPO in het voortgezet onderwijs De schoolscan geeft een beeld van de impact van de coronacrisis op leerlingen. Bij alle scholen wordt gezien dat de coronacrisis ook in 2022 nog impact heeft gehad op het welbevinden/sociaal-emotionele ontwikkeling van leerlingen. Scholen spreken voorzichtig over herstel, maar geven tevens aan dat de problematiek nog groot is en er meer tijd nodig is voor herstel. Ook wordt er bij een groot deel van de scholen een vertraging waargenomen op het gebied van taal (93%) en op het gebied van rekenen/wiskunde (87%). Vergeleken met 2021 geven nu meer scholen aan dat zij effecten zien van de coronacrisis op de cognitieve ontwikkeling. De impact op het gebied van taal en rekenen/wiskunde is groot en het lijkt daarom ook niet mogelijk om de effecten op korte termijn weg te werken, ondanks de ingezette interventies. Leerlingen hebben niet alle leerstof en oefening meegekregen in voorgaande jaren, waardoor het moeilijk is om op een bepaald niveau met leerlingen verder te gaan met de leerstof. De meeste scholen zien ook in 2022 nog impact op de ontwikkeling van executieve functies en/of de motivatie van leerlingen (93%). Bij de meeste scholen verloopt het herstel langzaam. Vooral in de bovenbouw wordt gezien dat het voor leerlingen nog steeds lastig is om aan te haken bij het onderwijs. De leerlingen kunnen maar voor korte tijd de aandacht bij de les houden.

Op het moment dat resultaten achterblijven, wat bij best wat leerlingen het geval is, haken deze leerlingen ook sneller af en/of geven eerder op dan normaliter het geval is. Impact cororta periode 16

1* lī IQ 5

6

A 2

ū

Soítìaf-«míKK}flele

Executieve fwiĩ^es en

Ontwikkeling en welbevinden

nvul řvjl ľ

Cognitieve ontwikkeling

Als het gaat om groepen leerlingen waar de meeste zorgen over zijn, is er meer spreiding van zorgen over leerjaren te zien. Op dit moment geeft de helft van de scholen (53%) aan dat de zorg bij alle leerjaren zit. Opvallend is dat er een grote toename is in het aantal scholen dat zorgen heeft over leerjaar 3 t/m 6 in vergelijking met 2021, waarbij vooral leerjaar 4 en 5 uitvallen. Een groot deel van deze leerlingen hebben onvoldoende motivatie voor school en laten een onvoldoende studiehouding zien in en buiten de lessen. De onderwijsresultaten blijven achter en het verzuim is opvallend hoog. Daar­ naast zijn er bij deze groep leerlingen ook de meeste zorgen over de sociaal-emotionele ontwikkeling. Scholen geven aan dat het moeilijk is om grip te krijgen op deze groep leerlingen, ondanks de (extra) ingezette interventies.

Zorgen over cohort leerlingen 10

nihil Leerjaar Leerjaar

12

26

Leerjaar Leerjaar Leerjaar Leerjaar Alle Geen 3 4 5 6 leerjaren zorgen

i Anders PricewaterhouseCoopers Accountants N.V. Uitsluitend voor identificatiedoeleinden

BESTUURSVERSLAG - BOOR JAARVERSLAG 2022 9

De vo-scholen geven net als vorig schooljaar aan dat alle leerlingen extra aandacht en ondersteuning nodig hebben en verdienen. Een aantal groepen wordt nog specifiek genoemd. Het gaat hierbij om leerlingen die vanuit huis weinig begeleiding meekrijgen en/of leerlingen met een onstabiele thuissituatie. Deze leerlingen hebben altijd de aandacht van de scholen gehad, maar hebben het in de coronatijd extra zwaar gehad. Er wordt gezien dat deze groep leerlingen meer vertraging laat zien in de ontwikkeling die moeilijk weg te werken is. Ook de leerlingen uit de (pré-)examenklassen vragen extra aandacht, zoals hierboven vermeld. Er wordt daarnaast een verschil gezien in problematiek tussen jongens en meisjes; bij jongens wordt vaker een toename in motivatie-, concentratie- en gedragsproblemen waargeno­ men en bij meisjes wordt vaker sociaal-emotionele problematiek gezien, zoals faalangst, onzekerheid, depressieve- en somberheidsklachten. De isk-leerlingen doen het naar verhouding goed. Een aantal scholen heeft de ervaring dat de instroomgroep nu aardig lijkt aan te haken, maar dit is wisselend tussen de scholen.

Inzet interventies Er wordt door de scholen breed ingezet op interventies vanuit de verschillende categorieën van de menukaart NPO, te verklaren door de impact van corona op de verschillende ontwikkelgebieden van leerlingen.

^ Meer onderwijs: bijna alle scholen hebben hun onderwijs uitgebreid (93%) en één school organiseert een zomer­ en/of lenteschool (7%).

^ Effectievere inzet onderwijs: alle scholen zetten interventies in om het onderwijs effectiever in te richten. De meest gekozen interventies van deze categorie zijn 1-op-1 begeleiding (60%), instructie in kleine groepen (87%), individu­ ele instructie (47%), feedback (67%) en technieken voor begrijpend lezen (53%). De interventies directe instructie, leren van en met medeleerlingen, beheersingsgericht leren, gesprokentaalinterventies en fonemisch bewustzijn zijn door minder scholen ingezet.

^ Sociaal-emotionele en fysieke ontwikkeling: vrijwel alle scholen zetten interventies in gericht op het welbevinden (87%), sportieve activiteiten (80%) en cultuureducatie (80%).

^ Executieve functies: de scholen spelen in op de vertraging in ontwikkeling executieve functies door middel van de interventies metacognitie/zelfregulerend leren (80%) en samenwerkend leren (53%).

^ (Extra) inzet van personeel en ondersteuning: er is extra personeel aangetrokken voor het verkleinen van klassen bij 2/3 van de scholen (67%). Acht scholen hebben daarnaast geïnvesteerd in extra onderwijsassistenten/instruc­ teurs (53%).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=0609ab6e-5a3c-446a-a973-ae468963ca9e