[23bb002962] Wethoudersbrief Zeegers over DCMR Doorrekening Rotterdamse klimaataanpak
Tekst van het document
Stadsontwikkeling Klimaat, Bouwen, Wonen Drs. C.M. Zeegers MA Postadres: Postbus 70012 3000 KP Rotterdam Website: www.rotterdam.nl Van: Maud van den Eijnden Telefoon: 14 010 E-mail: bbo@rotterdam.nl
Aan de commissie Mobiliteit, Haven, Economie en Klimaat
Ons kenmerk: M2304-3044 - 23bo004857 Uw kenmerk: Bijlage(n): 1 Onderwerp: DCMR Doorrekening Rotterdamse klimaataanpak Datum: 9 mei 2023
Beste commissieleden, Via deze weg wil ik u laten weten dat het effect van de Rotterdamse klimaataanpak (RKA), uitgedrukt in CO2 -reductie, is doorgerekend door de Dienst Centraal Milieubeheer Rijnmond (DCMR). Sinds 2019 voert de DCMR deze doorrekening jaarlijks uit om de status van plannen te beoordelen en zo te bepalen of in Rotterdam de aangescherpte landelijke doelstelling van -55% CO2-reductie in 2030 gehaald kan worden. Nieuw in de rapportage zijn de berekende stedelijke effecten voor het collegetarget, waar we inzetten op minimaal 25% CO2-reductie in 2025 voor het stedelijk gebied, gemeten ten opzichte van 1990. De volledige rapportage is te raadplegen via de website van de DCMR. Uit de doorrekening van dit jaar blijkt dat de stedelijke CO2-reductie in 2025 naar verwachting uit zal komen op -17% t.o.v. 1990, door de Rotterdamse klimaatplannen die nu bekend zijn binnen mobiliteit en de gebouwde omgeving. Met de aanvullende beoogde plannen en de trend van verschoning in de nationale elektriciteitsmix, lijkt -27% mogelijk. Of deze reductie ook daadwerkelijk gerealiseerd wordt, is afhankelijk van de snelheid waarmee schone energiebronnen ook elders in Nederland worden gerealiseerd en de mate waarin het Rijk en gemeente(n) hierop aansturen.
Voor de landelijke opgave van 55% in 2030, geheel Rotterdam inclusief haven, rekent DCMR vanaf de huidige uitstoot een effect door van 11,5 Mton aan concrete plannen. De restopgave van 4,4 Mton is ten opzichte van de vorige doorrekening geslonken (was 7,4 Mton), ondanks de naar boven bijgestelde landelijke ambitie van -49% naar -55%. Wat ik hieruit concludeer, is dat Rotterdam knappe stappen zet richting de doelstelling van -55% in 2030. Het behalen van het collegetarget in 2025 is mogelijk, maar nog zeker geen gelopen race; gemeentelijke inzet en sturing op de daadwerkelijke uitvoering van plannen blijft hiervoor noodzakelijk. Bovendien moeten we voorsorteren op de sprint richting 2030. Stadsbrede inzet blijft nodig om plannen zoals de zero emissiezone stadslogistiek, energiebesparing en de aanpak aardgasvrije wijken, daadwerkelijk tot uitvoering te brengen en hiervoor de benodigde partijen en middelen bij elkaar te brengen.
Blad: Datum: Ons kenmerk:
2/2 9 mei 2023 M2304-3044
Het Klimaat-actieplan Rotterdam (KAR) biedt hiervoor concrete aanknopingspunten. Met vriendelijke groet,
Drs. C.M. Zeegers MA Wethouder Klimaat, Bouwen, Wonen Bijlage(n): DCMR Rapportage ‘Effect Rotterdamse Klimaataanpak 2023’