[23bb002623] Raadsvoorstel over Vaststelling bestemmingsplan Hoogvliet Zuidwest
Tekst van het document
Gemeente Rotterdam
Stadsontwikkeling Klimaat, Bouwen, Wonen Drs. C.M. Zeegers MA Van: Gertjan de Jong Telefoon: 14 010 Ons kenmerk: M2303-2708 - 23b04243 Bijlage(n): 1 Onderwerp: Vaststelling bestemmingsplan Hoogvliet Zuidwest
Aan de gemeenteraad Datum: B&W 18 april 2023
Gevraagd besluit: Samenvattend stellen wij u voor: 1. de zienswijze 1.7 voor kennisgeving aan te nemen; 2. de zienswijze 1.5 gegrond te verklaren; 3. de zienswijzen 1.1, 1.2, 1.3, 1.4, 1.6, 2.1, 2.2, 2.3, 2.4 en 3 ongegrond te verklaren; 4. het bestemmingsplan "Hoogvliet Zuidwest", NL.IMRO.0599.BP1132Hoogvlieton01 met bijbehorende ondergronden GT_119558, GT_119559, GT_119560, BGT_120557, BGT_120558, BGT_120559, BGT_120560, GT_120561, BGT_121556, BGT_121557, BGT_121558, BGT_121559, BGT_121560, BGT_121561, BGT_122556, BGT_122557 en BGT_122558 in elektronische en papieren vorm vast te stellen, conform het voorstel van burgemeester en wethouders; 5. geen exploitatieplan vast te stellen. Waarom dit voorstel?/Waarom nu voorgelegd? Het bestemmingsplan zit in de volgende fase: V Startfase
/ Concept- en ontwerpfase / Vaststellingsfase
/ Beroepsfase
Met de vaststelling van dit bestemmingsplan krijgt het plangebied een actueel planologisch kader. De vorm van het kader voldoet aan de landelijke technische eisen. Relatie met het coalitieakkoord/collegewerkprogramma/eerder aangenomen moties en gedane toezeggingen: Geen.
Blad: Datum : Ons kenmerk:
2/17 18 april 2023 M2303-2708
Toelichting: Aanleiding Op 30 juni 2020 hebben wij besloten tot het opstellen van een nieuw bestemmingsplan en het voeren van het vooroverleg ex artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) inzake het concept ontwerpbestemmingsplan 'Hoogvliet Zuidwest'. Het nieuwe bestemmingsplan legt hoofdzakelijk de situatie van de geldende bestemmingsplannen opnieuw vast. Plangrenzen Het plangebied is gelegen ten zuiden van de Aveling en de A15 in het gebied Hoogvliet. Aan de west- en zuidzijde wordt het plangebied begrensd door de Oude Maas. Aan de oostzijde wordt het plangebied begrensd door de gemeentegrens met Albrandswaard. Ontwikkelingen De nu geldende bestemmingsplannen maken met globale woon bestemmingen al woningbouwontwikkelingen mogelijk. In het kader van dit nieuwe bestemmingsplan zijn de ongerealiseerde ontwikkelingsmogelijkheden op milieuaspecten opnieuw onderzocht. In dit bestemmingsplan is de Rietkamer in het Oedevlietsepark nog als ongerealiseerde locatie opgenomen. Milieu In het kader van het opstellen van het nieuwe bestemmingsplan is onderzoek verricht op de aspecten externe veiligheid, geluid, luchtkwaliteit, geurhinder, bodemkwaliteit, natuur/stikstof, bedrijven en milieuzonering en duurzaamheid. Het groepsrisico voor risicobronnen is verantwoord. Het opstellen van een milieurapport voor dit bestemmingsplan is niet noodzakelijk.
Op grond van de Wet geluidhinder is bij het opstellen van het nieuwe bestemmingsplan akoestisch onderzoek gedaan naar alle geluidgevoelige bestemmingen die nog niet zijn gerealiseerd of waar nog geen omgevingsvergunning voor is afgegeven. Het merendeel van de beschreven onderzochte locaties is inmiddels niet meer relevant voor het bestemmingsplan, omdat deze locaties reeds zijn vergund of niet worden gerealiseerd. Op basis hiervan wordt de geluidsparagraaf 6.4 met ambtshalve wijziging A.1 aangepast en op basis daarvan worden in het definitieve Hogere Waarden besluit alleen voor de locaties Rietkamer (ZW2) en Gebbeweg (ZW6) hogere waarden vastgesteld. Als gevolg van een recentelijke Raad van State-uitspraak (Porthos) is na de terinzagelegging ook de aanlegfase doorgerekend op stikstofdepositie. Het onderzoek naar stikstofdepositie is geactualiseerd op basis van de uitkomsten van AERIUS versie 2022. De uitkomst is opnieuw 0,00 mol/ha. Dit betekent dat nader onderzoek of maatregelen niet nodig zijn en het aspect stikstofdepositie geen belemmering vormt voor het bestemmingsplan en dit wordt met ambtshalve wijziging A.5 verwerkt in de toelichting. Duurzaamheid De ontwikkelmogelijkheden in het bestemmingsplan "Hoogvliet Zuidwest" zijn gelijkluidend aan de geldende bestemmingsplannen.
Voor dit gebiedsbestemmingsplan is duurzaamheid daarom geen sturend thema, daarvoor is de bouwplanfase het geëigende moment. Het Rotterdamse kwaliteitsbeleid wonen is van toepassing op nieuwbouwprojecten en bij transformaties, waarbij de functie wijzigt naar wonen.
Blad: Datum: Ons kenmerk:
3/17 18 april 2023 M2303-2708
Het kwaliteitsbeleid zal initiatiefnemers van nieuwbouw- en transformatieplannen van tevoren duidelijk maken welke elementen de gemeente van belang acht voor het realiseren van woningbouw met toekomstwaarde. Voor de ontwikkelingen in Hoogvliet Zuidwest zal met nota's van uitgangspunten (mits de gronden in eigendom van de gemeente zijn en/of een afwijking van het bestemmingsplan nodig is) worden gestuurd op het realiseren van de duurzaamheidsambities.
Cultuurhistorie De cultuurhistorisch waardevolle ensembles uit de cultuurhistorische scan Hoogvliet zijn in dit bestemmingsplan met de dubbelbestemming "Waarde - Cultuurhistorie" vastgelegd.
Partici patie Op woensdag 21 september 2022 is in Hoogvliet een informatieavond over het bestemmingsplan gehouden. Op deze avond kon iedereen vragen stellen over het ontwerpbestemmingsplan. De aanwezige ambtenaren hebben de belangstellenden geïnformeerd en vragen beantwoord. De wijkraad Hoogvliet heeft kennisgenomen van het bestemmingsplan. Het ontwerpbestemmingsplan is niet in strijd met de uitgangspunten en doelstellingen van de wijkraad.
Zienswijzen Het ontwerpbestemmingsplan heeft van 9 september 2022 tot en met 20 oktober 2022 ter inzage gelegen. Gedurende deze periode zijn drie zienswijzen ingekomen. De zienswijzen zijn aan de juiste instantie gericht en tijdig ingediend, zodat reclamanten in hun zienswijzen kunnen worden ontvangen.
Samenvatting en beantwoording van de zienswijzen 1 Havenbedrijf Rotterdam N.V. 1.1
Regionale Afsprakenkader geluid en ruimtelijke ordening (RAK)
Reclamant geeft in zijn zienswijze aan dat het bestemmingsplan niet is gemeld aan het RAK-secretariaat. Hierdoor is er geen mogelijkheid geweest om gezamenlijk standpunt in te nemen of en met welke maatregelen een goed woon- en leefklimaat kan worden gerealiseerd. Reactie: De afkorting RAK staat voor Regionaal Afsprakenkader Geluid & Ruimtelijke Ontwikkeling. In dit Afsprakenkader, dat dateert uit 2015, heeft een aantal gemeenten (waaronder Rotterdam) die liggen in de nabijheid van het havengebied, de provincie ZuidHolland, de DCMR, het Havenbedrijf en Deltalinqs, afspraken gemaakt over de manier waarop partners elkaar betrekken bij planvorming van woningbouw binnen geluidscontouren van de haven. In het kader van het nieuwe bestemmingsplan zijn de locaties, waar volgens de geldende bestemmingsplannen geluidsgevoelige functies zijn toegestaan, maar nog niet gerealiseerd, opnieuw onderzocht. Op basis van de resultaten is een ontwerp hogere waarden besluit voor de locaties opgesteld en met het bestemmingsplan ter inzage gelegd.
Aangezien de mogelijkheid voor woningbouw op de onderzochte locaties al was vastgelegd in het geldende bestemmingsplan van 2009, in het RAK in 2015 en reclamant hierop in zijn vooroverleg reactie niet heeft gereageerd, zagen wij geen reden om deze bekende woningbouwlocaties bij het opstellen van het nieuwe bestemmingsplan (opnieuw) aan te melden bij het RAK-secretariaat.
Blad:
4/17
Datum:
18 april 2023
Ons kenmerk:
M2303-2708
Inmiddels zijn de onderzochte locaties vergund op basis van het nu geldende bestemmingsplan "Hoogvliet Noordwest" en de locaties zijn als bestaande situatie in dit nieuwe bestemmingsplan "Hoogvliet Zuidwest" opgenomen. De relevantie om in het kader van dit bestemmingsplan hogere waarden te verlenen voor deze locaties is dus komen te vervallen. Het definitieve Hogere Waarden besluit is hierop aangepast. Met de ambtshalve aanpassing A.1 wordt voorgesteld om de geluidsparagraaf in de toelichting van het bestemmingsplan hierop te herzien. Dit betekent dat in het bestemmingsplan geen in het kader van het RAK relevante woningbouwlocaties worden vastgelegd. Voorstel: Wij stellen u voor om deze zienswijze ongegrond te verklaren.
1.2
Nestgeluid
Reclamant wijst in haar zienswijze op de toepassing van de latente geluidruimte bij de vaststelling van de geluidproductieplafonds (bij de omzetting van de Wet geluidhinder naar de Omgevingswet) en stelt dat het effect van het industrielawaai wordt onderschat en er wordt voor sommige woningen een te lage minimaal benodigde gevelisolatie berekend. Reclamant verzoekt om het nestgeluidonderzoek en de onderbouwing op het punt aan te passen. Reclamant is van mening dat in de vooroverleg reactie van de gemeente ten onrechte wordt gesteld dat als gevolg van de continue bedrijvigheid er geen grote verschillen worden verwacht tussen de berekening onder de huidige wetgeving en onder de Omgevingswet. Die conclusie is niet juist omdat bij de berekening onder de Omgevingswet het nestgeluid opgeteld dient te worden bij het industrielawaai. Daarbij merkt reclamant op dat in de nadere analyse met betrekking tot het nestgeluid een beoordeling van de geluidbelasting voor locatie ZW12 ontbreekt. Reclamant verzoekt het onderzoek op dit punt aan te passen. Reactie: Nestgeluid (het geluid van afgemeerde schepen dat niet is opgenomen in individuele vergunningen van bedrijven) wordt op dit moment niet aangemerkt als wettelijke geluidsbron.
Wettelijke geluidsbronnen waarmee bij het opstellen van een bestemmingsplan rekening moet worden gehouden zijn op grond van de Wet geluidhinder (Wgh): wegverkeerlawaai, spoorweglawaai en industrielawaai. Op grond daarvan hoeft het nestgeluid in beginsel niet meegenomen te worden in het akoestisch onderzoek voor dit bestemmingsplan. In het kader van een goed woon- en leefklimaat en de aanstaande invoering van de Omgevingswet is inzicht in de mate van nestgeluid wel van belang. In verband daarmee is voor deze ontwikkeling een aanvullend akoestisch onderzoek uitgevoerd voor het aspect nestgeluid. Onder de Omgevingswet wordt de geluidbelasting van de industrie jaargemiddeld en met Lden berekend. Deze berekeningssystematiek verschilt van de berekeningssystematiek onder de Wgh. Het huidige wettelijke industrielawaai van de vaste bronnen is onder de Wgh vastgelegd in etmaalwaarden. Op een aantal locaties ontstaat er als gevolg van de gewijzigde rekenmethode onder de Omgevingswet meer berekende geluidruimte vanwege het industrielawaai. Dit is de zogenoemde latente geluidsruimte.
Blad: Datum: Ons kenmerk:
5/17 18 april 2023 M2303-2708
Wij zijn het niet eens met de stelling van reclamant dat de bepalingen van de Omgevingswet zodanig uitgelegd dienen te worden dat deze verplichten tot één-op-één omzetting van industrielawaai, met andere woorden dat de latente geluidruimte als ontwikkelruimte van de industrie moet worden ingezet. Uit de bepalingen van de Omgevingswet volgt naar ons oordeel dat het aan het bevoegd gezag (dus de gemeenteraad) is om te besluiten hoe deze zogenoemde latente geluidruimte in de berekeningen van het industrielawaai en de nieuw vast te stellen grenswaarden, de geluidproductieplafonds, wordt verwerkt. Met de door reclamant aangevoerde één-op-één omzetting, zou de latente geluidruimte aan de industrie worden toebedeeld als ontwikkelruimte, met een toename van geluidbelasting in de omgeving tot gevolg. In het proces om te komen tot een evenwichtige balans tussen ontwikkeling van economie, woningbouw en leefomgevingskwaliteit/gezondheid moet bij het vaststellen van de geluid productieplafonds de afweging worden gemaakt tussen de verschillende factoren. Vooruitlopend daarop wordt, in de interim-periode tot de vaststelling van de geluid productieplafonds, dan ook niet de latente geluidruimte van het industrielawaai aan de industrie toebedeeld.
Bij de berekening van het nestgeluid zorgt de set met uitgangspunten voor die berekening al voor een overschatting van de werkelijkheid, zoals bijvoorbeeld de lig plaatsbezetting en de bronvermogens. Daarnaast worden er op de locaties Rietkamers en Gebbeweg geen grote verschillen verwacht tussen de berekening onder de huidige wetgeving en die onder de Omgevingswet. Op grond daarvan menen wij dat de huidige berekening voldoende ruimte biedt voor het accommoderen van het nestgeluid en de ontwikkelingen van de industrie. De kans dat voor sommige woningen een te lage minimaal benodigde gevelisolatie wordt berekend is daardoor niet aanwezig. Ten aanzien van de opmerking over locatie ZW12 merken wij op dat deze locatie geen nieuwe ontwikkeling in het kader van dit bestemmingsplan betreft. Wij verwijzen verder naar de reactie onder 1.6. Voorstel: Wij stellen u voor om deze zienswijze ongegrond te verklaren. 1.3 Benodigde gevelwering Reclamant geeft aan dat in het ontwerpbestemmingsplan wordt gesteld dat voor locatie ZW8 een extra gevelwering nodig is, maar dat de borging van deze extra gevelwering ontbreekt. Reclamant verzoekt om het bestemmingsplan op dit punt aan te passen en de benodigde gevelwering voor het gewenste binnenniveau te verankeren in de plan regels.
Reactie: Deze genoemde locatie ZW8 is inmiddels vergund en daardoor niet meer relevant in het kader van deze bestemmingsplanprocedure. Met de ambtshalve aanpassing A.1 wordt voorgesteld om de geluidsparagraaf in de toelichting van het bestemmingsplan hierop te herzien. Voorstel: Wij stellen u voor deze zienswijze ongegrond te verklaren. 1.4 Gecumuleerde geluidbelasting Reclamant constateert dat voor de gecumuleerde geluidbelasting alleen de bronnen industrielawaai en weg verkeerslawaai zijn beschouwd en niet de overige geluidbronnen · zoals nestgeluid. Doordat de uitgevoerde analyse onvolledig is kan niet geconcludeerd worden dat sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat.
Blad:
6/17
Datum:
18 april 2023
Ons kenmerk:
M2303-2708
Verzocht wordt het onderzoek aan te vullen en te betrekken bij de vaststelling van het bestemminsplan. Aanvullend wordt ter overweging meegegeven om, hoewel er nog onzekerheid bestaat over de exacte inwerkingtreding van de Omgevingswet, de benodigde gevelwering te dimensioneren op basis van het toelaatbare binnenniveau (33 dB(A)) ten gevolge het gezamenlijke geluid. Reactie: Zoals al eerder aangegeven is nestgeluid op dit moment geen wettelijke geluidsbron. In het kader van een goed woon- en leefklimaat is voor dit bestemmingsplan wel een onderzoek gedaan naar nestgeluid. Uit de resultaten van het nestgeluid onderzoekvolgt dat het nestgeluid geen of een beperkte toename geeft van het gezamenlijk geluidniveau. Deze resultaten zullen geen andere afweging tot gevolg hebben met betrekking tot de vraag of er sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Met betrekking tot de overweging de benodigde gevelwering te dimensioneren op basis van het toelaatbare binnenniveau (33 dB(A)) ten gevolge het gezamenlijke geluid, merken we op dat de interimwerkwijze nestgeluid het resultaat is van afstemming tussen de gemeente Rotterdam, de provincie Zuid-Holland en het Havenbedrijf Rotterdam. Afgesproken is om het verschil in benodigde geluidwering in beeld te brengen volgens de regels in de huidige wetgeving en de nieuwe regelgeving onder de Omgevingswet.
Nu de Omgevingswet weer is uitgesteld wordt vooralsnog de afgesproken werkwijze gecontinueerd. Voorstel: Wij stellen u voor de zienswijze ongegrond te verklaren. 1.5 Geluidscontouren Reclamant wenst dat de geluidszones van het industriegebied Botlek-Pernis en Vettenoord-Vulcaanhaven op de plankaart met de bijbehorende planregels op worden genomen. Reactie: Wij delen de wens van reclamant dat vanwege de duidelijkheid van de ligging van deze zones het de voorkeur verdient om de geluidszones op de plankaart en in de planregels op te nemen. Voorgesteld wordt om deze geluidszones alsnog toe te voegen. Voorstel: Wij stellen u voor om deze zienswijze gegrond te verklaren en het ontwerpbestemmingsplan als volgt aan te passen: Regels:
Toevoegen aan artikel 47 Algemene aanduidingsregels: Geluidzone vanwege het gezoneerd industrieterrein Vettenoord, Vulcaanhaven Terplaatse van de aanduiding "geluidzone - industrie 1"zijn geen nieuwe geluidsgevoelige objecten toegestaan, tenzij: a) de hoogst toelaatbare geluidsbelasting van de gevel van geluidsgevoelige objecten niet meer bedraagt dan de in de Wet geluidhinder aangegeven voorkeurswaarde of, b) op grond van de Wet geluidhinder voor die hoogst toelaatbare geluidsbelasting hogere waarden kunnen worden vastgesteld of, c) anderszins aan de Wet geluidhinder kan worden voldaan. Geluidzone vanwege het gezoneerd industrieterrein Botlek-Pernis
Blad:
7/17
Datum:
18 april 2023
Ons kenmerk:
M2303-2708
Terplaatse van de aanduiding "geluidzone - industrie 3"zijn geen nieuwe geluidsgevoelige objecten toegestaan, tenzij: a)
de hoogst toelaatbare geluidsbelasting van de gevel van geluidsgevoelige objecten niet meer bedraagt dan de in de Wet geluidhinder aangegeven voorkeurswaarde of, b) op grond van de Wet geluidhinder voor die hoogst toelaatbare geluidsbelasting hogere waarden kunnen worden vastgesteld of, c) anderszins aan de Wet geluidhinder kan worden voldaan. Verbeelding:
Voorgesteld wordt de geluidscontouren als gebiedsaanduidingen "geluidszone - industrie 1" en "geluidszone - industrie 3" op te nemen op de verbeelding. 1.6 Digna Johannaweg 245 Reclamant constateert dat de voormalige school aan de Digna Johannaweg de bestemming "Maatschappelijk-1" heeft gekregen. Op grond van de plan regels zijn geluidgevoelige bestemmingen binnen deze bestemming toegelaten. Vanwege de geluidbelasting, die voor deze locatie boven de 60 dB(A) industrielawaai ligt, verzoekt reclamant om geluidgevoelige bestemmingen op deze locatie uit te sluiten. Reactie: Bij besluit van 3 maart 2021 hebben wij op basis van het voorgaande bestemmingsplan een omgevingsvergunning verleend voor de transformatie van het schoolgebouw aan de Digna Johannaweg 245 naar 26 zorgwoningen met algemene ruimten voor dementerenden. Bij de vergunningverlening is binnen de maatschappelijke bestemming een functie als zorgwoningen, waarbij het van belang is dat de zorgcomponent de belangrijkste functie vervult, als passend beschouwd. Deze transformatie binnen de maatschappelijke bestemming past dus in het vigerende bestemmingsplan "Hoogvliet Noordwest" en is in dit nieuwe bestemmingsplan als bestaande situatie opnieuw opgenomen. Voorstel: Wij stellen u voor deze zienswijze ongegrond te verklaren. 1.7
Geur
Reclamant geeft aan dat de reactie in het vooroverleg ten aanzien van het aspect geur naar tevredenheid is beantwoord en verwerkt. Reactie en voorstel: Wij danken reclamant voor deze opmerking en stellen u voor om deze zienswijze voor kennisgeving aan te nemen. 2 Deltalinqs 2.1 Regionale Afsprakenkader geluid en ruimtelijke ordening (RAK) Reclamant merkt op dat in het (ontwerp)bestemmingsplan enkele geluidsbelaste woon locaties zijn opgenomen, waarvoor geen melding is gedaan bij het RAK en dat dat niet conform de gemaakte afspraken uit dit convenant is. Reactie: De afkorting RAK staat voor Regionaal Afsprakenkader Geluid & Ruimtelijke Ontwikkeling.
Blad: Datum:
18 april 2023
Ons kenmerk:
M2303-2708
8/17
In dit Afsprakenkader, dat dateert uit 2015, heeft een aantal gemeenten die liggen in de nabijheid van het havengebied (waaronder de gemeente Rotterdam), de provincie ZuidHolland, de DCMR, het Havenbedrijf en Deltalinqs, afspraken gemaakt over de manier waarop convenant,partners elkaar betrekken bij planvorming. In het kader van het nieuw bestemmingsplan zijn de locaties, waar volgens de geldende bestemmingsplannen wel geluidsgevoelige functies zijn toegestaan, maar nog niet gerealiseerd, opnieuw onderzocht. Van deze onderzochte locaties zijn de Waaier en de Haifaweg gelegen binnen de in het RAK opgenomen 55 dB(A)-contour. Aangezien de mogelijkheid voor woningbouw op beide locaties al bestond in de geldende bestemmingsplannen uit 2009 en is vastgelegd in het RAK in 2015 zagen wij geen reden om deze bekende woningbouwlocaties bij het opstellen van het nieuwe bestemmingsplan (opnieuw) aan te melden bij het RAK. Op basis van de resultaten van dit akoestisch onderzoek is tegelijkertijd met de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan een ontwerpbesluit Hogere Waarden door DCMR opgesteld en ter inzage gelegd. Inmiddels zijn de locaties vergund op basis van het nu geldende bestemmingsplan "Hoogvliet Noordwest" en de locaties zijn als bestaande situatie in dit nieuwe bestemmingsplan "Hoogvliet Zuidwest" opgenomen.
Met de ambtshalve aanpassing A.1 wordt voorgesteld om de geluidsparagraaf in de toelichting van het bestemmingsplan hierop te herzien. Dit betekent dat in het bestemmingsplan binnen de 55 dB(A)-contour geen nieuwe woningbouwlocaties worden vastgelegd en ook geen hogere waarden meer worden vastgesteld. Ook het definitieve Hogere Waarden besluit is hierop aangepast door de DCMR. Voorstel: Wij stellen u voor deze zienswijze ongegrond te verklaren. 2.2 Zeehavennorm Reclamant maakt bezwaar tegen de toepassing van de zeehaven norm bij enkele in het kader van het bestemmingsplan onderzochte locaties. Reactie: In het kader van dit nieuwe bestemmingsplan zijn meerdere locaties op geluid onderzocht. In het ontwerpbestemmingsplan is daarbij ter onderbouwing van de geluidsbelasting de zeehavennorm toegepast op de locaties ZW7, ZW8 en ZW9 en daarvoor heeft een ontwerpbesluit Hogere Waarden ter inzage gelegen. Inmiddels is de woningbouwontwikkeling op de locaties Haifaweg (ZW7) en Waaier (ZW8) vergund op basis van het vigerende bestemmingsplan "Hoogvliet Noordwest". Deze locaties betreffen daarom geen nieuwe ontwikkelingen in het kader van het nieuwe bestemmingsplan meer, maar worden als bestaande situatie in dit bestemmingsplan opgenomen. De locatie ZW9 wordt geschrapt, omdat die onvoldoende concreet is gebleken.
De zeehaven norm wordt in het kader van dit bestemmingsplan dus voor geen enkele locatie meer toegepast en voor de genoemde locaties worden geen hogere waarden in het kader van dit bestemmingsplan verleend. Het Hogere Waarden besluit is hierop door DCMR aangepast. Wij verwijzen naar de ambtshalve aanpassing A.1 waarbij wordt voorgesteld om de geluidsparagraaf te herzien. Voorstel: Wij stellen u voor deze zienswijze ongegrond te verklaren.
Blad: Datum: Ons kenmerk:
9/17 18 april 2023 M2303-2708
2.3 Nestgeluid Reclamant is van mening dat het nestgeluid onvoldoende is meegenomen bij de berekeningen van het industrielawaai. Het effect van het industrielawaai wordt nu onderschat en er wordt voor sommige woningen een te laag minimaal benodigde gevelisolatie berekend. Reactie: Nestgeluid (het geluid van afgemeerde schepen dat niet is opgenomen in individuele vergunningen van bedrijven) wordt op dit moment niet aangemerkt als wettelijke geluidsbron. Wettelijke geluidsbronnen waarmee bij het opstellen van een bestemmingsplan rekening moet worden gehouden zijn op grond van de Wet geluidhinder (Wgh): wegverkeerlawaai, spoorweglawaai en industrielawaai. Op grond daarvan hoeft het nestgeluid in beginsel niet meegenomen te worden in het akoestisch onderzoek voor dit bestemmingsplan. In het kader van een goed woon- en leefklimaat en de aanstaande invoering van de Omgevingswet is inzicht in de mate van nestgeluid wel van belang. In verband daarmee is voor deze ontwikkeling een aanvullend akoestisch onderzoek uitgevoerd voor het aspect nestgeluid. Onder de Omgevingswet wordt de geluidbelasting van de industrie jaargemiddeld en met Lden berekend. Deze berekeningssystematiek verschilt van de berekeningssystematiek onder de Wgh. Het huidige wettelijke industrielawaai van de vaste bronnen is onder de Wgh vastgelegd in etmaalwaarden.
Op een aantal locaties ontstaat er als gevolg van de gewijzigde rekenmethode onder de Omgevingswet meer berekende geluidruimte vanwege het industrielawaai. Dit is de zogenoemde latente geluidsruimte. Wij zijn het niet eens met de stelling van reclamant dat de bepalingen van de Omgevingswet zodanig uitgelegd dienen te worden dat deze verplichten tot één-op-één omzetting van industrielawaai, met andere woorden dat de latente geluidruimte als ontwikkelruimte van de industrie moet worden ingezet. Uit de bepalingen van de Omgevingswet volgt naar ons oordeel dat het aan het bevoegd gezag (dus de gemeenteraad) is om te besluiten hoe deze zogenoemde latente geluidruimte in de berekeningen van het industrielawaai en de nieuw vast te stellen grenswaarden, de geluid productieplafonds, wordt verwerkt. Met de door reclamant aangevoerde één-op-één omzetting, zou de latente geluidruimte aan de industrie worden toebedeeld als ontwikkelruimte, met een toename van geluidbelasting in de omgeving tot gevolg. In het proces om te komen tot een evenwichtige balans tussen ontwikkeling van economie, woningbouw en leefomgevingskwaliteit/gezondheid moet bij het vaststellen van de geluidproductieplafonds de afweging worden gemaakt tussen de verschillende factoren.
Vooruitlopend daarop wordt, in de interimperiode tot de vaststelling van de geluidproductieplafonds, dan ook niet de latente geluidruimte van het industrielawaai aan de industrie toebedeeld. Bij de berekening van het nestgeluid zorgt de set met uitgangspunten voor die berekening al voor een overschatting van de werkelijkheid, zoals bijvoorbeeld de lig plaatsbezetting en de bronvermogens. Daarnaast worden er op de locaties Rietkamers en Gebbeweg geen grote verschillen verwacht tussen de berekening onder de huidige wetgeving en die onder de Omgevingswet. Op grond daarvan menen wij dat de huidige berekening voldoende ruimte biedt voor het accommoderen van het nestgeluid en de ontwikkelingen van de industrie. De kans dat voor sommige woningen een te lage minimaal benodigde gevelisolatie wordt berekend is daardoor niet aanwezig. Voorstel: Wij stellen u voor deze zienswijze ongegrond te verklaren.
Blad: Datum: Ons kenmerk:
10/17 18 april 2023 M2303-2708
2.4 Gecumuleerde geluidbelasting Reclamant constateert dat voor de gecumuleerde geluidbelasting alleen de bronnen industrielawaai en wegverkeerslawaai zijn beschouwd en niet de overige geluidbronnen zoals nestgeluid. Doordat de uitgevoerde analyse onvolledig is kan niet geconcludeerd worden dat sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Verzocht wordt het onderzoek aan te vullen en te betrekken bij de vaststelling van het bestemminsplan. Reactie: Zoals al eerder aangegeven is nestgeluid op dit moment geen wettelijke geluidsbron. In het kader van een goed woon- en leefklimaat is voor dit bestemmingsplan wel een onderzoek gedaan naar nestgeluid. Uit de resultaten van het nestgeluid onderzoek volgt dat het nestgeluid geen of een beperkte toename geeft van het gezamenlijk geluidniveau. Deze resultaten zullen geen andere afweging tot gevolg hebben met betrekking tot de vraag of er sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Voorstel: Wij stellen u voor deze zienswijze ongegrond te verklaren. 3 Frame Vastgoed Participaties B.V. Reclamant wenst dat zijn herontwikkelingsplannen voor de Oude Wal in het bestemmingsplan worden opgenomen. Reactie: De locatie Oude Wal heeft de bestemming "Gemengd 3" in het bestemmingsplan gekregen. Deze globale bestemming is gelijk aan de regeling uit het vigerende bestemmingsplan "Hoogvliet Noordwest".
Voor die bestemming zijn toentertijd ook hogere waarden verleend. De herontwikkelingsplannen voor de Oude Wal passen niet in deze bestemming. Ten tijde van de terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan was het plan voor deze locatie nog onvoldoende concreet om mee te nemen in het nieuwe bestemmingsplan. Een dergelijke ontwikkeling, die niet past binnen de in het bestemmingsplan gestelde kaders zal met een aparte procedure te zijner tijd mogelijk kunnen worden gemaakt. Voorstel: Wij stellen u voor deze zienswijze ongegrond te verklaren.
Blad: Datum: Ons kenmerk:
11/17 18 april 2023 M2303-2708
Ambtshalve wijzigingen TOELICHTING A.1 Geluidsparagraaf De geluidsparagraaf (hoofdstuk 6.4) dient te worden herzien, omdat het merendeel van de onderzochte locaties die in de toelichting van het ontwerpbestemmingsplan zijn beschreven inmiddels al zijn vergund of niet meer doorgaan. Het betreffen de locaties ZW1, Zw3, ZW4, ZW5, ZW7, ZW8, ZW9, ZW10, ZW11 en ZW12. Het heeft geen gevolgen voor de resultaten van het geluidsonderzoek, maar wel op de beschrijving van de resultaten in de toelichting van het bestemmingsplan. De onderbouwing in de toelichting zal alleen nog betrekking hebben op de resterende twee locaties, ZW2 en ZW6. Voorgesteld wordt de geluidsparagraaf 6.4 hierop aan te passen. Het vervallen van de genoemde locaties heeft ook gevolgen voor het ontwerp-Hogere Waarden besluit, zoals opgesteld door de DCMR en ten tijde van het ontwerpbestemmingsplan ter inzage is gelegd. Dit ontwerp-Hogere Waarden besluit is op basis van de wijzigingen van de locaties aangepast tot het definitieve Hogere Waarden besluit. Dit definitieve Hogere Waarden besluit met alleen de locaties ZW2 en ZW6 wordt als bijlage 3 opgenomen bij de planregels. A.2 Evenementen Voor Hoogvliet is recent de "Parapluherziening evenementen" vastgesteld.
Deze parapluherziening dient te worden geborgd in dit bestemmingsplan: Voorgesteld wordt de toelichting aan te passen door aan paragraaf 2.3 de volgende alinea toevoegen: De gemeenteraad heef op 9juli 2019 het nieuwe 'Beleidskader Evenementen' vastgesteld. Rotterdam wil zijn positie als evenementenstad behouden en uitbouwen. Daarnaast is één van de doelen in het beleid een goede balans tussen levendigheid en leefbaarheid. Er is ingezet op een betere spreiding van evenementen over de stad om de lusten en de lasten gelijkmatig over de stad te verdelen. Op basis van het Nationaal Programma Rotterdam Zuid is vanwege de pijler Cultuur voor Rotterdam Zuid ingezet op verlevendiging. In dit bestemmingsplan is op basis van historische cijfers en toekomstige ambities afgewogen hoeveel evenementen binnen het plangebied kunnen plaatsvinden waarbij er een goede balans tussen rust en reuring is. In de regels is opgenomen hoeveel evenementen toegestaan zijn, de maximale duur van alle evenementen samen, de omvang en de maximale geluidbelasting.
A.3 Kaartje dakopbouw en dakkapel (paragraaf 4.4) Het kaartje "uitbreidingsmogelijkheden dakopbouw en dakkapel" uit paragraaf 4.4 van de toelichting vanwege de onleesbaarheid als aparte goed leesbare bijlage toe te voegen bij de toelichting: A.4 Duurzaamheidsparagraaf Voorgesteld wordt om in de toelichting de volgende duurzaamheidsparagraaf op te nemen: De ontwikkelmogelijkheden in het bestemmingsplan "Hoogvliet Zuidwest"zijn overgenomen uit de geldende bestemmingsplannen. Voor dit bestemmingsplan is duurzaamheid daarom geen sturend thema, daarvoor is de bouwplanfase het geëigende moment. Het Rotterdamse kwaliteitsbeleid wonen is van toepassing op nieuwbouwprojecten en bij transformaties, waarbij de functie wijzigt naar wonen. Het kwaliteitsbeleid zal initiatiefnemers van nieuwbouw- en transformatieplannen van tevoren duidelijk maken welke elementen de gemeente van belang acht voor het realiseren van woningbouw met toekomstwaarde. Voor de ontwikkelingen in Hoogvliet Zuidwest zal met nota's van uitgangspunten (mits de gronden in eigendom van de gemeente zijn en/of een afwijking van
Blad: Datum: Ons kenmerk:
12/17 18 april 2023 M2303-2708
het bestemmingsplan nodig is) worden gestuurd op het realiseren van de duurzaamheidsambities, zoals verwoord in het Rotterdams Duurzaamheidskompas.
A.S Natuurparagraaf Als gevolg van een recentelijke Raad van State-uitspraak (Porthos) is nu ook de aanlegfase doorgerekend op stikstofdepositie. Het onderzoek naar stikstofdepositie is daarom geactualiseerd op basis van de uitkomsten van AERIUS versie 2022. De uitkomst is 0,00 mol/ha. Dit betekent dat nader onderzoek of maatregelen niet nodig zijn en het aspect stikstofdepositie geen belemmering vormt voor het bestemmingsplan. Voorgesteld wordt de natuurparagraaf 6.9 hierop aan te passen. A.6 Redactionele wijzigingen Wij stellen u voor om ondergeschikte, redactionele wijzigingen in het bestemmingsplan door te voeren, welke geen juridische gevolgen hebben voor de uitvoering van het plan. PLAN REGELS A.7 Evenementen Recent is de "Parapluherziening evenementen" vastgesteld. Deze parapluherziening dient te worden geborgd in dit bestemmingsplan: Voorgesteld wordt de plan regels aan te passen door de volgende begripsbepaling en algemene gebiedsaanduidingen over te nemen uit de parapluherziening: In artikel 1.1 Begripsbepalingen het begrip 'Evenementen' toevoegen: Evenementen Een voor het publiek toegankelijke verrichting van vermaak, zoals een feest of muziekvoorstelling, in de buitenruimte van het openbaar toegankelijk gebied met uitzondering van: a. kleinschalige evenementen onder de voorwaarden dat: 1. het aantal bezoekers niet meer bedraagt dan 250 personen; 2.
het een evenement is dat plaatsvindt tussen 8.00 en 23.00 uur of op een zon- of feestdag tussen 13.00 uur en 23.00 uur; 3. het geluidsniveau op een afstand van 10 meter van enige geluidsbron niet meer bedraagt dan 80 dB(A) en 90 dB(C) waarbij de geluidbelasting maximaal 65 dB(A) en 75 dB(C) ter plaatse van de gevel van de dichtstbijzijnde geluidgevoelige objecten mag zijn; 4. slechts kleine objecten worden geplaatst met een oppervlakte van maximaal 25 m?per object; 5. er geen ander evenement in de nabijheid plaatsvindt; b. verrichtingen van vermaak die plaatsvinden in de buitenruimte van een openbare inrichting waarbij: 1. een vergunning krachtens artikel 2:28 APVgeldt; 2. de buitenruimte in het onderliggende bestemmingsplan bestemd of aangeduid is als behorend bij de openbare inrichting; c. markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, onder h, van de Gemeentewet en markten die vallen onder de "Beleidsregel Evenementenmarkten: Braderieën, Rommelmarkten en Themamarkten Rotterdam 2018"; d. betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties; e.
activiteiten als bedoeld in artikel 2:9 (straatartiest) van de APV; Bij optochten (niet zijnde een betoging als bedoeld in sub d), sportwedstrijden en wandeltochten op openbare wegen en paden worden uitsluitend parcoursafzettingen waaronder start, finish en eventuele locaties langs de weg met podiumopstelling of versterkt muziek of tribunes meegerekend als evenement. Indien de gehele route het parcours is afgezet, telt het ook mee als evenement. Optochten (niet zijnde een betoging als bedoeld in sub d) sportwedstrijden of
Blad:
13/17
Datum:
18 april 2023
Ons kenmerk:
M2303-2708
wandeltochten zonderparcoursafzettingen of tribunes of versterkt geluid worden niet meegerekend als evenement.
Artikel xxx Algemene gebruiksregels toevoegen: Voor evenementen gelden de volgende bepalingen xx.1.1 Geluidsnormering Voor evenementen geldt dat het equivalente geluidsniveau (gemeten over een tijdsinterval van 3 minuten) veroorzaakt door het ten gehore brengen van muziek en/of het gebruik van geluidsapparatuur terplaatse van de gevel van Geluidgevoelige objecten niet meer mag bedragen dan het bepaalde onder evenementen in lid 43.1. XX.1.2
Begin- en eindtijden van evenementen
a. Een evenement is toegestaan tussen 08.00-23.00 uur en op zon- of feestdagen tussen 13.0023.00uur b. bij evenementen vanwege de viering van oud- en nieuw geldt een eindtijd tot 01.00 uur
xx.1.3 Op- en afbouwperiode a. De op- en afbouwperiode mag in totaal niet meer dagen bedragen dan hieronder is opgenomen: • Voor evenementen vallend onder de Categorie Klein: maximaal 4 dagen • Voor evenementen vallend onder de Categorie Middel binnen parken: maximaal 10 dagen • Voor evenementen vallend onder de Categorie Middel buiten de parken: maximaal 7 dagen • Voor evenementen vallend onder de Categorie Groot binnen parken: maximaal 15 dagen • Voor evenementen vallend onder de Categorie Groot buiten de parken: maximaal 7 dagen b. De op- en afbouw is uitsluitend toegestaan tussen 7.00 uur en 23.00 uur, en op zondag tussen 12.00 en 23.00 uur tenzij het noodzakelijke geluidsarme activiteiten betreft.
xx.1.4 Gebruiksruimte categorie Groot en Middel Indien blijkt dat ruimte resteert binnen de categorie Groot of Middel voor wat betreft het aantal evenementen en/of evenementdagen is het toegestaan gebruik te maken van de hogere evenementencategorie onder voorwaarde dat vastgehouden wordt aan de maximale geluidsbelasting en op- en afbouwperiode van de oorspronkelijke categorie.
Artikel xxx Algemene aanduidingsregels toevoegen: xx.1
Evenementen
Binnen publieke bestemmingen zoals 'Verkeer - Verblijfsgebied', 'Verkeer-Wegverkeer', 'Recreatie' 'Groen', 'Water-1'en 'Water-2' zijn de gronden tevens bestemd voor evenementen. De volgende evenementen zijn jaarlijks toegestaan: Categorie
Maximaal aantal Maximaal aantal Maximaal aantal Maximale geluidbelasting ter bezoekers evenementen per evenementen-dag plaatse van de gevel het gelijktijdig jaar en per jaar dichtstbijzijnde aanwezig geluidgevoelige object 1
Groot
>2500 tm 10000
1
4
75 8(4) 85 6B(C)
Middel
501 tm 2500
5
6
70 6B(4) 30 dB(C)
Klein
<500
10
15
65 0B84(4 ). 75 dB(C)
Blad: Datum: Ons kenmerk:
14/17 18 april 2023 M2303-2708
Xxl overige zone - vrijwaringszone Ter plaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone - vrijwaringszone' geldt in afwijking van artikel Evenementen dat evenementen slechts zijn toegestaan indien advies is gevraagd aan de VRR en er op basis van dat advies afdoende maatregelen zijn getroffen om het risico of het effect gedurende het evenement beheersbaar te houden. Xx2 overige zone - effectgebied externe veiligheid Ter plaatse van de gebiedsaanduiding overige zone - effectgebied externe veiligheid geldt in aanvulling op artikel 47.3 dat de organisator van een evenement: a. de aanwezigen dient te informeren over de risico's aangaande externe veiligheid waarbij verwezen dient te worden naar een schuilgelegenheid en/of vluchtroute, b. na advies van de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond kan kiezen voor een maatwerkoplossing op grond waarvan het risico op of het effect van een incident aanvaardbaar wordt geacht. Xx3 overige zone - natuur in relatie tot evenementen Terplaatse van de gebiedsaanduiding 'overige zone - natuur in relatie tot evenementen' geldt in afwijking van artikel xx.3 dat evenementen in deze gebieden alleen zijn toegestaan na het in winnen van ecologisch advies.
A.8 Discotheek uitgesloten In het bestemmingsplan "Maasranden" is voor het adres Lengweg 150 opgenomen dat een discotheek niet is toegestaan. Voorgesteld wordt dit opnieuw ook in dit bestemmingsplan expliciet op te nemen in de bestemmingsregeling en aan artikel 13.3.a toe te voegen: "ten aanzien van het bepaalde in lid 13.1, onder c geldt dat een discotheek niet is toegestaan".
A.9 Natuur- Natuurgebied en landschappelijk waardevol gebied (artikel 15) Abusievelijk is het artikel 15 Natuur - Natuurgebied en landschappelijk waardevol gebied opgenomen in de planregels. Op de plankaart hebben deze gronden al de bestemming "Natuur" en daarmee is deze bepaling inhoudsloos geworden en kan daarom worden geschrapt. A.10 Tuin (artikel 20) De straatnaam Herikweg waar deze bepaling betrekking op heeft in het geldende bestemmingsplan is van naam veranderd naar Groene Kruisweg. Dat heeft tot gevolg dat artikel 20.2.2, lid c, als volgt moet worden aangepast: "een aanbouw aan de zijgevel niet breder mag zijn dan ..." toevoegen "3 meter, gemeten van de oorspronkelijke zijgevel"..
A.11 Tuin (artikel 20) - specifieke gebruiksregeling Voorgesteld wordt de specifieke gebruiksregeling in de bestemming "Tuin" uit de vigerende bestemmingsplannen opnieuw op te nemen: Artikel 20, lid .3.1: Gebruik van gronden als bedoeld in artikel 20.1 onder e ten behoeve van het parkeren/stallen van (motor)voertuigen is slechts toegestaan, indien de parkeerplaats wordt ingericht achter de denkbeeldige lijn getrokken in het verlengde van de voorgevel van het hoofdgebouw en de zijtuin wordt ontsloten aan de zijde van de voorgevel van het hoofdgebouw. In afwijking hiervan is parkeren/stallen voor de denkbeeldige lijn getrokken in het verlengde van de voorgevel van het hoofdgebouw toegestaan onder de volgende voorwaarden: a. de voortuin dient tenminste ó meter diep te zijn (gemeten vanuit de denkbeeldige lijn getrokken in het verlengde van de voorgevel van het hoofdgebouw) en tenminste 8 meter breed; b. niet meer dan 50% van de perceelsbreedte mag voorparkeren worden gebruikt.
Blad: Datum: Ons kenmerk:
15/17 18 april 2023 M2303-2708
Lid 20.3.2: Bijgebouwen in een tuin mogen slechts worden gebruikt als berging voor huishoudelijke doeleinden en voor stalling van personenauto's.
A.12 Wonen (artikel 29) Artikel 29.2.2, leden een g: "zoals gevisualiseerd in de tabel 'uitbreidingsmogelijkheden' op de plankaart" vervangen door "in bijlage 4 uitbreidingsmogelijkheden". 29.4.1 specifieke gebruiksregel voor het realiseren van woningen schrappen. A.13 Maatschappelijk- 1 (artikel 12) Toevoegen van de specifieke gebruiksregel: Ten aanzien van het bepaalde in lid 12.1 geldt dat woningen waarvoor hogere waarden zijn vastgesteld in het Besluit hogere waarden Wet geluidhinder dat als Bijlage 3 bij de regels is gevoegd, uitsluitend zijn toegestaan als wordt voldaan aan de in dit besluit opgenomen voorwaarden.
A.14
Waar een artikel wegvalt, het document doornummeren.
VERBEELDING A.15 Evenementen Recent is de "Parapluherziening evenementen" vastgesteld. Deze parapluherziening dient te worden geborgd in dit bestemmingsplan: Voorgesteld wordt de verbeelding aan te passen door de volgende aanduidingen over te nemen uit de parapluherziening: • overige zone - effectgebied externe veiligheid • overige zone - natuur in relatie tot evenementen • vrijwaringszone De aanduidingen zijn exact gelijk aan de zones uit de 'Parapluherziening evenementen'. A.16 "Waarde - Cultuurhistorie" Toevoegen van de dubbelbestemming "Waarde - Cultuurhistorie" op de locaties Gaarde 6,8,10, 12 en 14. Deze adressen zijn wel genoemd in de cultuurhistorische paragraaf 3.3 van de toelichting, maar abusievelijk niet op de verbeelding vastgelegd. Voorgesteld wordt deze omissie alsnog te repareren. A.17 Wonen- 2 (Posweg 3) In het ontwerpbestemmingsplan was deze locatie uit het plangebied gelaten, omdat de procedure nog liep. De vergunning voor deze ontwikkeling is inmiddels verleend. Voorgesteld wordt de plankaart als volgt aan te passen:
V
Uitsnede ontwerpbestemmingsplan
I
Voorgestelde wijziging
~
Blad:
16/17
Datum:
18 april 2023
Ons kenmerk:
M2303-2708
Financiële en juridische consequenties/aspecten: Het bestemmingsplan legt de bestaande situatie vast. Bij de vaststelling van dit bestemmingsplan hoeft geen exploitatieplan te worden vastgesteld. Het bijbehorende ontwerpbesluit bieden wij u hierbij ter vaststelling aan.
Burgemeester en wethouders van Rotterdam, De burgemeester,
A. Aboutaleb Bijlage(n): Dit raadsvoorstel bevat de volgende bijlagen: Bijlage 1: ontwerpbestemmingsplan "Hoogvliet Zuidwest"; Bijlage 2: verbeelding van het ontwerpbestemmingsplan.
Blad: Datum: Ons kenmerk:
17/17 18 april 2023 M2303-2708
Ontwerpbesluit De Raad van de gemeente Rotterdam, gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 22 maart 2023 gelet op de Wet ruimtelijke ordening en het Besluit ruimtelijke ordening; overwegende dat:
besluit: 1. 2. 3. 4.
5.
de zienswijze 1.7 voor kennisgeving aan te nemen; de zienswijze 1.5 gegrond te verklaren; de zienswijzen 1.1, 1.2,1.3, 1.4,1.6, 2.1, 2.2,2.3,2.4 en 3 ongegrond te verklaren; het bestemmingsplan "Hoogvliet Zuidwest", NL.IMRO.0599.BP1132Hoogvlieton01 met bijbehorende ondergronden BGT_119558, BGT_119559, BGT_119560, GT_120557, GT_120558, BGT_120559, GT_120560, GT_120561, GT_121556, BGT_121557, BGT_121558, BGT_121559, GT_121560, BGT_121561, BGT_122556, BGT_122557 en BGT_122558 in elektronische en papieren vorm vast te stellen, conform het voorstel van burgemeester en wethouders; geen exploitatieplan vast te stellen.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van De griffier,
De voorzitter,