[23bb002151] Jaarverslag 2022 van de Rekenkamer Rotterdam
Tekst van het document
Meent 94 t 010 • 267 22 42
Postbus 70012
info@rekenkamer.rotterdam.nl
3000 KP Rotterdam
www.rekenkamer.rotterdam.nl
Gemeente Rotterdam d.t.k.v. de Griffie Gemeenteraad Coolsingel 40 3011 AD ROTTERDAM
datum 31 maart 2023
ons kenmerk
RR/23.06/MvA/JW/CS
pagina
betreft
1 van 1
Jaarverslag
Geacht raadslid, Op 30 maart 2023 heeft de rekenkamer haar jaarverslag 2022 gepubliceerd. Bijgaand ontvangt u de digitale versie van het jaarverslag. In het jaarverslag blikt de rekenkamer terug op het afgelopen jaar. In het bijzonder wordt aandacht besteed aan de inspanningen die in 2022 zijn gedaan om de onderzoeksstaf en de bedrijfsvoering van de rekenkamer te versterken. De financiële consequenties daarvan voor de toekomst zijn toegelicht bij de begroting van 2023. In de Commissie Rekenkamer Rotterdam zal ik een toelichting geven op het jaarverslag.
Met vriendelijke groet,
Prof.dr.ir. M.B.A. van Asselt Directeur
bijlage: 1
jaarverslag 2022 Rekenkamers Rotterdam, Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Lansingerland
Rekenkamer
Rotterdam
Rekenkamer
Barendrecht
Rekenkamer
Krimpen aan den IJssel
Rekenkamer
Albrandswaard
Rekenkamer
Capelle aan den IJssel
Rekenkamer
Lansingerland
jaarverslag 2022 Rekenkamers Rotterdam, Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Lansingerland
Rekenkamers Rotterdam, Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Lansingerland
voorwoord
De Rekenkamer Rotterdam bestond in december 2022 precies 25 jaar. Daar mag Rotterdam trots op zijn. Bijna 5 jaar vóór de wettelijke verplichting werd in Rotterdam een rekenkamer ingesteld om de gemeenteraad te ondersteunen in haar controlerende en kaderstellende taak. Met inspiratie vanuit de Algemene Rekenkamer werd de basis gelegd voor werkwijzen die wij nog steeds hanteren. Sinds de oprichting zitten kwaliteit van onderzoek en de noodzakelijke onafhankelijkheid in het DNA van de Rekenkamer Rotterdam. De afgelopen 25 jaar verschenen tientallen rapporten gebaseerd op degelijk interdisciplinair onderzoek en beleidsevaluatie. Inmiddels werkt de Rekenkamer Rotterdam niet alleen voor de gemeenteraad van Rotterdam, maar ook voor die van Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Lansingerland. We zijn daarmee de enige grootstedelijke rekenkamer die voor zes gemeenteraden werkt. Dat is bijzonder, maar ook uitdagend. Daarover hebben we sinds mijn aantreden het gesprek gevoerd en inmiddels is een herijking in gang gezet. De rekenkamer werd overvraagd en de inzet van de capaciteit was niet meer in overeenstemming met de financiële verhoudingen. Met de onderzoeksprogrammering 2023 hebben we de kaders geschetst voor de toekomst. De onderzoeksprogrammering 2022 was voor ons het afgelopen jaar zowel het vertrekpunt als de stip op de horizon.
En het biedt een kader om terug te blikken op wat we in 2022 hebben gepresteerd. Daarom staan we in dit jaarverslag als eerste stil bij onze onderzoeksactiviteiten. Hoewel qua onderwerp uiteenlopend laten de gepubliceerde rapporten gezamenlijk de noodzaak zien van structurele verbeteringen zowel in samenwerking over muren heen als in de omgang met cijfers. Ook tonen ze de urgentie aan om regelingen en werkwijzen die niet voldoen te herzien. In 2022 hebben we de 20ste verjaardag van collegetargets aangegrepen om de evaluatie van de eindverantwoording te verrijken met een reflectie op het instrument. Wat valt er te leren van 20 jaar collegetargets? De lessen daaruit zijn door raad, college en ambtelijke organisatie ter harte genomen in het opstellen van de collegetargets voor de periode 2022-2026. Ook hebben we 2022 gebruikt om de potentiële meerwaarde van een rekenkamer zijn voor meerdere gemeenten in de praktijk te verkennen. Alle bij de rekenkamer aangesloten gemeenten participeren in de MRDH, dus het onderzoek naar het economische programma is aan allen aangeboden. Ook is actief samengewerkt met de rekenkamers van de andere MRDH-gemeenten. Deze insteek heeft goed gewerkt en heeft eraan bijgedragen dat niet alleen Rotterdam, maar de MRDH in zijn geheel de aanbevelingen ter harte neemt.
In de toekomst willen we vaker onderzoek doen naar gemeenschappelijke regelingen waarin zowel Rotterdam als onze regiogemeenten participeren. Ook met het onderzoek naar woonbeleid hebben we geïnvesteerd in synergie en leren van vergelijken. We hebben onderzoek gedaan naar de woonvisie in Rotterdam, Albrandswaard,
1
jaarverslag 2022
Rekenkamers Rotterdam, Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Lansingerland
Barendrecht, Capelle aan den IJssel en Lansingerland. Daarom zijn we in 2022 gestart met het voorbereiden van een synthese-rapport waarin we het woonbeleid in de verschillende gemeenten vergelijken en ons voordeel doen met het feit dat we vanuit vijf perspectieven zicht gekregen hebben op de regionale samenwerking. Op die manier verkennen we actief hoe we meerwaarde kunnen halen uit het zijn van rekenkamer voor meerdere gemeenten. Is 25 jaar reden voor een feest? Helaas niet op alle vlakken. Afgelopen jaar werd duidelijk dat de bedrijfsvoering niet is meegegroeid met het instituut en de eisen van deze tijd. Daarom hebben we een bedrijfsvoeringsscan laten uitvoeren en zijn verbetertrajecten in gang gezet. De reserve van de Rekenkamer Rotterdam was vol en dat heb ik als nieuwe directeur benut als ruimte om te doen wat de Rekenkamer volgens mij nodig heeft om te kunnen doen wat we moeten doen. Tegelijkertijd is duidelijk dat de noodzakelijke versterking van de rekenkamer niet duurzaam uit de reserves kan worden gefinancierd. Dat is ook zichtbaar in de begroting 2023 die we met dit jaarverslag presenteren. Dat is reeds ingebracht in het proces van de Voorjaarsnota en zal langs die lijn om besluitvorming door de gemeenteraad van Rotterdam vragen. Voor de regiogemeenten komt het terug in de financiële afspraken die sowieso opnieuw gemaakt moeten worden.
Het is altijd ingewikkeld om als onafhankelijk instituut de financiële afhankelijkheid zichtbaar te maken en tegelijkertijd is het voor gemeenteraden altijd ingewikkeld om in eigen ondersteuning te investeren. Maar die versterking van de rekenkamer, Ombudsman en griffie is wel belangrijk, zoals ook blijkt uit het rapport ‘Goede ondersteuning, sterke democratie’ (Raad voor Openbaar Bestuur, 2020) en het is ook de inzet van de Wet versterking decentrale rekenkamers, die per 1 januari van kracht is. De maatschappelijke complexiteit van hedendaagse politieke vraagstukken en de realiteit van steeds meer, en dus ook kleine(re) en nieuwe, fracties vergen hoogwaardige ondersteuning om het raadswerk echt goed te kunnen doen. Dus investeren in de hulptroepen van de raad is geen luxe maar noodzaak. Het mooiste compliment kreeg ik het afgelopen jaar van een raadslid: “Ik heb niet gestudeerd, maar jullie rapporten begrijp ik helemaal en kan ik goed gebruiken”. Daar doen we het voor. Kennis is macht en met goede onderzoeken en leesbare rapporten kunnen wij raadsleden helpen een verschil te maken. Het is een voorrecht dat al 25 jaar te mogen doen, niet altijd met dezelfde mensen, wel met dezelfde drive: bijdragen aan het versterken van de lokale democratie en de kwaliteit van het gemeentebestuur. Prof.dr.ir. Marjolein van Asselt Directeur Rekenkamer Rotterdam
2
jaarverslag 2022
3
jaarverslag 2022
4
jaarverslag 2022
Rotterdam, Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Lansingerland
inhoud
1
voorwoord 1
9 9 10 10 11
inleiding
1-2
publicaties Rotterdam
1-3
realisatie regiogemeenten
1-4
realisatie van de onderzoekssprogrammering 2022
1-5
onderzoeksprogrammering 2023
2 15 15
realisatie 2021
1-1
1-5-1
nieuwe onderzoeken
1-5-2
uitgangspunten programmering
Rekenkamer Rotterdam
2-1
inleiding
2-2
gepubliceerd onderzoek in 2022 2-2-1
overzicht
2-2-2
tijd voor targets
2-2-3
brief onderzoek Wet openbaarheid van bestuur
2-2-4
thuis in cijfers
2-2-5
meer waarde voor jongeren
2-2-6
bijdragen aan de regionale economie
19
2-3
21 21
3-1
inleiding
3-2
gepubliceerd onderzoek
21
3-3
3
lopend onderzoek 2022
Rekenkamer Albrandswaard
3-2-1 3-3-1
4
bouwen voor elkaar
lopend onderzoek woonvisie synthese
Rekenkamer Barendrecht
23 23
4-1
inleiding
4-2
gepubliceerd onderzoek
23
4-3
4-2-1 4-3-1
5 25 25
5
bouwen in balans
lopend onderzoek woonvisie synthese
Rekenkamer Capelle aan den IJssel
5-1
inleiding
5-2
lopend onderzoek 5-2-1
woonvisie
5-2-2
woonvisie synthese
jaarverslag 2022
Rekenkamers Rotterdam, Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Lansingerland
6 27 27
Rekenkamer Krimpen aan den IJssel
6-1
inleiding
6-2
lopend onderzoek 6-2-1
7 29 29
31
subsidies
Rekenkamer Lansingerland
7-1
inleiding
7-2
gepubliceerd onderzoek
7-3
7-2-1
bouwen in beweging
7-2-2
zorg om kosten
lopend onderzoek 7-3-1
8
woonvisie synthese
overige publicaties en activiteiten
33 33 33 33
8-1
inleiding
8-2
externe optredens en andere publicaties
8-3
samenwerking andere rekenkamers
8-4
overige activiteiten
35 35
9-1
inleiding
9-2
wijzingen en gevolgen voor rekenkamer, raad en college
10
organisatie
37 38
10-1
strategie
10-2
bedrijfsvoering
9
wet versterking decentrale rekenkamers
10-2-1 bedrijfsvoeringsscan 10-2-2 verbetertrajecten 10-2-3 personeel 10-2-4 functieboek 10-2-5 personeelsdossiers 10-2-6 opleidingen 10-2-7 vertrouwenspersoon
44 44 45
10-3
privacy en informatiebeveiliging
10-4
diversiteit en inclusie
10-5
nevenfuncties en declaraties
47 47 50 50 52 52 53
11-1
resultatenrekening
11-2
toelichting op de resultatenrekening
11-3
begroting 2023
11-4
toelichting op de begroting
11-5
balans
11-6
toelichting op de balans
11-7
financieel arrangement regiogemeenten
11
jaarrekening Rekenkamer Rotterdam
bijlagen 57 59 60
bijlage 1
verslag Functionaris Gegevensbescherming
bijlage 2
verslag externe vertrouwenspersoon
bijlage 3
kwaliteitshandvest G4 rekenkamers
6
jaarverslag 2022
Rekenkamers Rotterdam, Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Lansingerland
1 1-1
realisatie 2022
publicaties Onderzoeksrapporten zijn het belangrijkste product van de rekenkamer. Het aantal rapporten dat de rekenkamer publiceert, is afhankelijk van de beschikbare onderzoekscapaciteit, de complexiteit van de onderzoeken en de doorlooptijd. Het aantal publicaties fluctueert daardoor. In dit hoofdstuk wordt een beeld geschetst van de verschenen publicaties in 2022 voor Rotterdam en voor de vijf regiogemeenten waarvoor de rekenkamer werkt. Rotterdam en regio In de Verordening Rekenkamer Rotterdam wordt gesteld dat de Rekenkamer Rotterdam ook mag werken voor gemeenteraden in de voormalige stadsregio. In de loop der jaren is de rekenkamer gaan werken voor gemeenteraden van vijf andere gemeenten. Dat is georganiseerd via verordeningen, waarin de directeur van de Rekenkamer Rotterdam qualitate qua ook de directeur van de rekenkamer van de betreffende gemeente is. De directeur is vervolgens enig lid van die rekenkamer en maakt gebruikt van het bureau van de Rekenkamer Rotterdam voor het uitvoeren van de onderzoeken. De jura zijn het dus respectievelijk de Rekenkamer Albrandswaard, de Rekenkamer Barendracht, de Rekenkamer Capelle aan den IJssel, de Rekenkamer Krimpen aan den IJssel en de Rekenkamer Lansingerland die de rapporten uitbrengen. Iedere rekenkamer heeft een eigen variant op de huisstijl van de Rekenkamer Rotterdam voor de rapporten en andere communicatie uitingen.
In dit jaarverslag wordt in een deel van de hoofdstukken uitgegaan van het instituut Rekenkamer Rotterdam, dat zowel voor de Rotterdamse gemeenteraad als voor de gemeenteraden van vijf regiogemeenten onderzoek doet. In de hoofdstukken 2 tot en met 7 wordt, om recht te doen aan het juridische arrangement van zes rekenkamers, bij iedere rekenkamer apart stilgestaan.
1-2
publicaties Rotterdam De Rekenkamer Rotterdam heeft in 2022 in totaal vier rapporten voor de Rotterdamse gemeenteraad gepubliceerd. Het gaat om: • ‘Tijd voor targets’ • ‘Thuis in cijfers’ • ‘Meer waarde voor jongeren’ • ‘Bijdragen aan de regionale economie’ Daarnaast is een brief uitgebracht over Wet openbaarheid van bestuur. Onderstaande tabel geeft een overzicht van het aantal publicaties in de periode 2018-2022. tabel 1-1: publicaties Rotterdam 2018-2022
9
publicaties
2018
2019
2020
2021
2022
rapporten
3
5
4
3
4
brieven
3
2
2
2
1
totaal
6
7
6
5
5
jaarverslag 2022
Rekenkamers Rotterdam, Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Lansingerland
Uit de tabel is op te maken dat het aantal publicaties voor Rotterdam schommelt tussen de vijf en zeven in de afgelopen vijf jaren. Jaarlijks worden er drie tot vijf rapporten en één tot drie brieven uitgebracht. Het jaar 2022 is als een gemiddeld jaar te beschouwen.
1-3
realisatie regiogemeenten In 2022 zijn vier rapporten uitgebracht voor de gemeenteraden van Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Lansingerland. • Voor de gemeenteraad van Lansingerland zijn twee onderzoeken gepubliceerd: ‘Bouwen in beweging’ en ‘Zorg om kosten’. • Voor de gemeenteraad van Barendrecht werd het onderzoek ‘Bouwen in balans’ gepubliceerd. • Voor de gemeenteraad van Albrandswaard werd het onderzoek ‘Bouwen voor elkaar’ uitgebracht. Het rapport ‘Bijdragen aan de regionale economie’ over het economisch programma van de gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) is ook de gemeenteraden van Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Lansingerland aangeboden. Onderstaande tabel geeft een overzicht van het aantal publicaties in de periode 2018-2022. tabel 1-2: publicaties regiogemeenten 2018-2022 rekenkamer
2018
2019
2020
2021
2022
Albrandswaard
-
-
0
0
1
Barendrecht
2
1
1
0
1
Capelle aan den IJssel
1
1
2
1
0
Krimpen aan den IJssel
0
1
2
0
0
Lansingerland
1
1
2
0
2
totaal
4
4
7
1
4
Het aantal publicaties voor de vijf regiogemeenten fluctueert van één tot en met zeven. In de volgende hoofdstukken wordt voor iedere gemeenteraad toegelicht welke onderzoeken zijn gepubliceerd en welke onderzoeken in 2022 in uitvoering waren en in 2023 zullen verschijnen.
1-4
realisatie van de onderzoekssprogrammering 2022 Met de gerealiseerde publicaties heeft de rekenkamer niet alle opgenomen onderzoeken uit de onderzoeksprogrammering 2022 uitgevoerd. Voor de gemeenteraad van Rotterdam zijn wel alle voorgenomen onderzoeken afgerond dan wel opgestart. Enige uitzondering is het onderzoek integriteit dat een bredere insteek heeft gekregen en daardoor niet in 2022 maar in 2023 wordt afgerond. Voor de regiogemeenten is niet de volledige programmering gerealiseerd. Van de zeven voorgenomen publicaties zijn er vier daadwerkelijk verschenen. De onderzoeken naar de Woonvisie Capelle aan den IJssel en de subsidies in Krimpen aan den IJssel verschijnen niet in 2022 maar in 2023. Daarnaast is geen onderzoek opgestart en afgerond naar het
10
jaarverslag 2022
Rekenkamers Rotterdam, Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Lansingerland
afvalbeleid in Barendrecht. Ook zijn vijf geplande nieuwe onderzoeken voor de regiogemeenten niet van start gegaan. Dat is een bewuste keuze geweest. De onderzoeksagenda 2022 was voor de regiogemeenten gericht op het afronden van de bestaande programmering en ging uit van de gegroeide praktijk. Dat betekent dat voor deze programmering werd uitgegaan van de veronderstelling dat de rekenkamer in staat was twaalf onderzoeken voor de vijf regiogemeenten af te ronden dan wel op te starten. Afgelopen jaar is duidelijk geworden dat die verwachting niet realistisch is. Dit aantal onderzoeken is niet in verhouding met de financiële bijdragen, capaciteit en de werkwijze van de rekenkamer.
1-5 1-5-1
onderzoeksprogrammering 2023 nieuwe onderzoeken Op 29 november 2022 heeft de rekenkamer het onderzoeksprogramma voor 2023 gepubliceerd. Het onderzoeksprogramma presenteert de onderzoeken die de rekenkamer in 2023 afrondt en opstart. Het programma bevat naast de lopende onderzoeken vijf nieuw te starten onderzoeken voor Rotterdam: • gemeenschappelijke regeling Jeugdhulp; • opvolgingsonderzoek opvang daklozen; • verkeersveiligheid; • regeling risicovolle projecten; • toegankelijkheid dienstverlening. Voor de regiogemeenten worden de volgende onderzoeken gestart: • regelingen voor minima: hierbij worden drie gemeenten betrokken, zodat de mogelijkheid wordt benut om te vergelijken en van elkaar te leren; • een onderzoek naar een nader te bepalen thema voor de gemeenteraad van Capelle aan den IJssel; • een pilot voor Lansingerland met een onderzoek waarin hetzelfde beleidsterrein/maatschappelijke vraagstuk wordt onderzocht als in Rotterdam, om te verkennen of dit een goede vorm is om het potentiële synergievoordeel te benutten; • het DoeMee-onderzoek van de NVRR naar klachtenafhandeling; • alle zes gemeenten nemen deel aan de gemeenschappelijke regeling Jeugdhulp Rijnmond. Het onderzoek wordt voor alle gemeenten uitgevoerd. De programmering voor 2023 voor Rotterdam is tot stand gekomen via een nieuwe werkwijze.
Het doel van deze nieuwe aanpak is om door middel van een transparanter selectieproces en op basis van een goede balans tussen de inbreng van raadsleden, burgers en medewerkers te komen tot een realistische agenda. Daarmee wordt ook voorkomen dat er te veel tijd verstrijkt tussen het agenderen en daadwerkelijk in onderzoek nemen en is er meer ruimte om in te spelen (via moties) op gevraagde onderzoeken. Komend jaar zullen we verkennen hoe in de onderzoeksprogrammering voor de regiogemeenten een soortgelijke slag gemaakt kan worden.
1-5-2
uitgangspunten programmering Zoals in de onderzoeksprogrammering 2023 is beschreven is de rekenkamer met de gemeenteraden in gesprek getreden over de noodzaak van het herijken van de informele afspraken en historisch gegroeide verwachtingen over de programmering. Dit heeft onder andere geleid tot een anders opgestelde onderzoeksagenda 2023 waarbij de capaciteit van de rekenkamer het vertrekpunt is geweest en het aantal onderzoeken in
11
jaarverslag 2022
Rekenkamers Rotterdam, Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Lansingerland
verhouding is gebracht met de financiële bijdragen van de regiogemeenten. In de onderzoeksprogrammering 2023 zijn de volgende uitgangspunten leidend geweest in de keuzes die de rekenkamer voor de programmering heeft gemaakt: • De rekenkamer heeft een onafhankelijke positie en bepaalt zelf de onderwerpen waarnaar onderzoek wordt gedaan. • Het onderzoeksportfolio sluit aan bij de competentiestructuur die de rekenkamer heeft. • Er wordt ingezet op synergie en meerwaarde van deelname van zes gemeenten. • De inzet van de capaciteit moet in verhouding zijn tot de financiële bijdrage en als fair ervaren worden door alle deelnemende gemeenteraden. • De planning moet realistisch en haalbaar zijn. De gemeenteraad van Rotterdam heeft deze uitgangspunten in een raadsbesluit onderschreven en daarbij uitgesproken dat: 1 1 Zij hecht aan een hoogwaardige rekenkamer die de belangen van het Rotterdamse behartigt. 2 Het uitvoeren van onderzoek voor andere gemeenten door de Rekenkamer Rotterdam mogelijk is zolang dit aansluit bij de werkzaamheden en de competentiestructuur voor Rotterdam en het deze op geen enkele wijze schaadt.
3 De strategische herijking in de programmering en uitvoering van onderzoek voor vijf gemeenten in de regio (Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Lansingerland) die door de Rekenkamer Rotterdam in de onderzoekprogrammering 2023 is voorgesteld, gewenst is. 4 Alleen onder de genoemde uitgangspunten in de onderzoekprogrammering 2023, en met inachtneming van verder te maken afspraken over governance en financiële bijdragen, bereid te zijn de huidige constructie met vijf andere gemeenten voort te zetten. Het recente raadsbesluit biedt een aanvullend institutioneel kader voor de activiteiten die de Rekenkamer Rotterdam mag ontplooien naast de kerntaak van rekenkamer zijn voor Rotterdam. De gemeenteraad van Albrandswaard heeft de onderzoeksprogrammering 2023 en daarmee bovenstaande uitgangspunten voor kennisgeving aangenomen. Met de andere gemeenteraden lopen gesprekken. In de loop van 2023 zal duidelijk worden welke regiogemeenten ook in de toekomst aangesloten willen blijven bij de Rekenkamer Rotterdam en hoe dat nader ingevuld zal worden.
1 Gemeenteraad Rotterdam, ‘Raadsvoorstel over uitgangspunten werkwijze Rekenkamer Rotterdam’, 2 februari 2023.
12
jaarverslag 2022
14
jaarverslag 2022
Rekenkamer
Rotterdam
2 2-1
Rekenkamer Rotterdam
inleiding De Rekenkamer Rotterdam heeft in 2022 vier rapporten en één brief gepubliceerd. In 2022 waren er ook vijf onderzoeken in uitvoering die in 2023 verschijnen. In de volgende paragrafen zijn de onderzoeken toegelicht.
2-2 2-2-1
gepubliceerd onderzoek in 2022 overzicht In de onderstaande tabel is opgenomen wanneer de vijf onderzoeken zijn gepubliceerd en op welke datum de rekenkamer het onderzoek heeft toegelicht in de betreffende raadscommissie. tabel 2-1: gepubliceerd onderzoek 2022 onderzoek
publicatie
Tijd voor targets
3 februari 2022
8 februari 2022
brief Wet openbaarheid van bestuur
19 april 2022
geen toelichting
Thuis in cijfers
9 september 2022
21 september 2022
Meer waarde voor jongeren
7 oktober 2022
2 november 2022
Bijdragen aan de regionale economie
20 oktober 2022
16 november 2022
2-2-2
toelichting in raadscommissie
tijd voor targets
Op 3 februari 2022 heeft de rekenkamer ‘Tijd voor targets’ gepubliceerd. Dit rapport bevat de eindbeoordeling van de collegetargets 2018-2022 naar aanleiding van de eindverantwoording van het college. In dit rapport reflecteerde de rekenkamer ook op twintig jaar collegetargets. De rekenkamer concludeerde dat het college aan het einde van de collegeperiode zeven van de vijftien collegetargets (47%) voor meer dan 80% heeft gehaald. Vijf targets zijn niet gehaald (33%). Twee targets zijn niet controleerbaar gebleken en één target is niet verantwoord. Verder trok de rekenkamer uit twintig jaar collegetargets zeven lessen over opzet, toezicht en gebruik van de collegetargets. Eén van de lessen is dat de onafhankelijke controle van de realisatie van collegetargets noodzakelijk is. Een andere les gaat over het feit dat de raad meer aandacht en tijd zou moeten hebben voor het politieke debat over de collegetargets.
15
jaarverslag 2022
Rekenkamer
Rotterdam De rekenkamer heeft het rapport op 8 februari 2022 toegelicht in een raadsbrede technische sessie voor de raad 2018-2022. Na de gemeenteraadsverkiezingen heeft de rekenkamer dit rapport aan de nieuwe raad gepresenteerd op 28 juni 2022. Een paar dagen daarvoor, op 23 juni 2022, werd de motie ‘tijd voor targets’ met algemene stemmen aangenomen bij het debat over het coalitieakkoord. In die motie werd het belang zowel van het instrument collegetargets als van de lessen uit ‘Tijd voor targets’ onderstreept. 2-2-3
brief onderzoek Wet openbaarheid van bestuur De Rekenkamer Rotterdam heeft deel genomen aan een landelijk onderzoek naar de wijze waarop Nederlandse gemeenten omgaan met informatieverzoeken onder de Wet openbaarheid van bestuur (Wob). Dit onderzoek was de 2022 versie van het jaarlijkse ‘DoeMee-onderzoek’, dat een initiatief is van de Nederlandse Vereniging van Rekenkamers en Rekenkamercommissies (NVRR). In totaal deden ongeveer 80 rekenkamers mee, waaronder ook die van Amsterdam en Utrecht. Op 19 april 2022 heeft de rekenkamer hierover een brief gepubliceerd. In deze raadsbrief brengt de rekenkamer enkele punten uit het onderzoek onder de aandacht die betrekking hebben op de Rotterdamse situatie. Uit het onderzoek blijkt dat de werkinstructies rond de afhandeling van Wob-verzoeken aan de geldende eisen voldoet. Wel valt op dat de gemeente Rotterdam geen extern beleidskader heeft met daarin procedures en regels rondom Wob-verzoeken. De vraag is dan ook of burgers voldoende zicht hebben op de wijze waarop een Wob-verzoek wordt ingediend en de werkwijze van de gemeente bij de afhandeling daarvan. Ruimte voor verbetering is er ook ten aanzien van de beslistermijnen op Wob-verzoeken. In de periode 2018-2020 gold een gemiddelde termijn voor afdoening van 69 dagen. Dit is meer dan het maximum van vier weken plus vier weken verlenging, dat de wet voorschrijft.
In 2018 volgde op zo’n 80% van de verzoeken een te laat besluit. In 2020 was dit 54%. Verder wijst de rekenkamer in de brief op de inwerking tredende Wet open overheid (Woo) en de extra eisen die dit aan actieve openbaarmaking stelt. 2-2-4
thuis in cijfers
Op 9 september 2022 publiceerde de rekenkamer het onderzoek ‘Thuis in cijfers’, dat gaat over het Rotterdamse woonbeleid vanaf 2015. Het onderzoek beschouwt de beleidsvorming en de uitvoering van de Woonvisie Rotterdam uit 2016. In de woonvisie legt de gemeente haar visie neer voor de periode tot 2030. Er staat onder andere in hoeveel huizen er in elke prijsklasse zouden moeten zijn, hoeveel er nog bij zouden moeten komen en welke afspraken zij wil maken met woningcorporaties, andere verhuurders en bouwers. Uit het rekenkameronderzoek komt naar voren dat de gemeente, bij het opstellen van en het rapporteren over haar woonbeleid, cijfers gebruikte die minder exact en volledig waren dan dat zij presenteerde. De gebruikte cijfers over het prijspeil van de particuliere huurvoorraad zijn bijvoorbeeld weinig betrouwbaar. Alles bij elkaar zijn de cijfers die het gemeentelijk woonbeleid onderbouwen wankel. Een leidende aanname in de woonvisie is dat het Rotterdamse goedkope aanbod groter is dan de vraag. Gezien de tekortkomingen in de cijfers is dit echter onvoldoende feitelijk onderbouwd, zo stelde de rekenkamer vast. De analyse van de rekenkamer van de beschikbare en beperkte
16
jaarverslag 2022
Rekenkamer
Rotterdam cijfers maakt duidelijk dat het percentage goedkopere woningen in Rotterdam in de periode 2015-2020 sterk afnam, terwijl het aandeel lage-inkomenshuishoudens ongeveer gelijk gebleven is. Een andere conclusie op basis van het onderzoek is dat de gemeente het overleg met vragers op de woningmarkt (dus zittende bewoners en woningzoekenden) minimaal heeft opgezet. Met aanbieders worden wel veel overleggen georganiseerd. Bovendien heeft de gemeente niet geborgd dat huurders van corporatiecomplexen die grondig verbouwd of gesloopt worden, goed en op tijd met hun corporatie en de gemeente kunnen overleggen. De rekenkamer gaf het college in het rapport verschillende aanbevelingen mee voor de nieuwe woonvisie die de gemeente gaat schrijven. Het college nam in de bestuurlijke reactie op het rapport deze aanbevelingen allemaal grotendeels of gedeeltelijk over, maar niet alle voorstellen die erbij horen. Op 21 september 2022 gaf de rekenkamer een technische toelichting op het rapport aan de commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte van de gemeenteraad. Het rapport werd verder behandeld tijdens de raadsvergadering van 20 oktober 2021.
Toen werd per amendement op het raadsbesluit besloten om het college op te dragen in het proces naar het zogeheten woonakkoord terug te komen op de aanbevelingen die niet worden overgenomen, en dan hiervoor een gedegen afweging en onderbouwing te geven. Deze afwegingen en onderbouwingen zouden dan tijdens het proces naar een nieuw ‘Woonakkoord’ moeten worden voorgelegd aan de raad. Na het vaststellen van het Woonakkoord heeft de griffie een brief ontvangen van het college. Hierin geeft het college voor één van de drie aanbevelingsonderdelen aan waarom zij deze niet overneemt, voor de andere twee afgewezen aanbevelingsonderdelen stelt het college de onderbouwing van de afwijzing uit tot de vaststelling van de nieuwe Woonvisie. De Woonvisie wordt in de zomer van 2023 verwacht. De raad vroeg het college in het amendement tevens om bij de vaststelling van de nieuwe woonvisie te rapporteren over de wijze waarop ze de overgenomen rekenkameraanbevelingen uitvoert. 2-2-5
meer waarde voor jongeren
Op 7 oktober 2022 publiceerde de rekenkamer het rapport Meer waarde voor jongeren, onderzoek naar effecten jongerenwerk’. De rekenkamer heeft onderzocht in hoeverre het jongerenwerk van welzijnsorganisaties heeft bijgedragen aan de doelen die de gemeente met het ‘Nieuw Rotterdams Welzijn’ wilde bereiken voor jongeren in de leeftijd van 12 tot en met 23 jaar. In het rapport stelt de rekenkamer vast dat het welzijn van jongeren in Rotterdam onder druk staat. Vooral de toename van sociaalemotionele gezondheidsproblemen onder jongeren is een zorgelijke ontwikkeling. De coronacrisis was een belangrijke factor die de welzijnsproblematiek van jongeren versterkte. In het onderzoek concludeert de rekenkamer dat het jongerenwerk een aanzienlijk deel van de Rotterdamse jongeren bereikte en dat de activiteiten van het jongerenwerk aantoonbaar bijdragen aan het welzijn van jongeren. Het laagdrempelige karakter is een specifieke kwaliteit van het jongerenwerk en een belangrijke verklaring voor het aanzienlijke bereik. De rekenkamer concludeert verder onder meer
17
jaarverslag 2022
Rekenkamer
Rotterdam dat het jongerenwerk problemen ondervindt in de samenwerking met gemeentelijke instanties. Hierdoor laat de gemeente kansen onbenut om jongeren met problemen passende hulp te bieden. De rekenkamer doet in het rapport meerdere aanbevelingen om zowel de interne gemeentelijke samenwerking als de samenwerking tussen gemeentelijke instanties en welzijnsorganisaties te verbeteren. Zo beveelt de rekenkamer de gemeente aan om procedurele barrières die hulpverlening aan jongeren beperken weg te nemen, opdat jongerenwerkers en gemeentelijke instanties (zoals het wijkteam, het Jongerenloket of het Expertise Team Financiën) elkaar gemakkelijk kunnen vinden en ruimte krijgen om jongeren beter te helpen. Dit rapport is op 2 november 2022 toegelicht in de Commissie Zorg, Welzijn, Cultuur en Sport (ZWCS). Op 7 december heeft de commissie ZWCS debat over het rapport gevoerd met de wethouder Welzijn, Samenleven, Sport en Digitale Inclusie. Op 15 december 2022 heeft de gemeenteraad besloten om alle conclusies en aanbevelingen van de rekenkamer over te nemen. Bij die raadsbehandeling heeft de raad daarnaast een motie aangenomen, waarin het college onder meer wordt verzocht om mogelijkheden te onderzoeken voor samenwerking van huisartsen met jongerenwerkers. 2-2-6
bijdragen aan de regionale economie De gemeenteraad van Rotterdam nam in mei 2021 een motie aan waarin de rekenkamer werd gevraagd onderzoek te doen naar het economisch programma van de MRDH. De Metropoolregio Den Haag (MRDH) is een samenwerkingsverband van 21 gemeenten (destijds 23 gemeenten) gericht op versterking van de regio, met wettelijke taken op het gebied van verkeer en vervoer en daarnaast doelstellingen op het gebied van economische ontwikkeling. Op 20 oktober 2022 publiceerde de rekenkamer het rapport ‘Bijdragen aan de regionale economie. Onderzoek naar economisch programma MRDH’. De rekenkamer onderzocht de rol en positie van de MRDH en de opbrengsten van de inspanningen gericht op economische ontwikkeling. Verder keek de rekenkamer naar de mogelijkheden van de gemeenteraad om zijn rol in de MRDH te vervullen en de wijze waarop de raad deze mogelijkheden benutte. De rekenkamer heeft gedurende dit onderzoek op enkele momenten input gevraagd van de rekenkamers en rekenkamercommissies van de overige bij de MRDH aangesloten gemeenten. De rekenkamer stelde vast dat de activiteiten van de MRDH voor de bevordering van het economisch vestigingsklimaat passen bij de rol die overheden hebben in succesvolle economische regio’s.
Ook concludeerde zij dat de samenwerking tussen gemeenten heeft geleid tot meer samenhang in beleid en bestuur en vergroting van de kennisuitwisseling. De wijze van het financieren van projecten door de MRDH schiet echter tekort. De hiervoor bedoelde bijdrageregeling kampt met onderbesteding, heeft een omslachtige werkwijze en de relatie tussen projecten en visies en programma’s is onduidelijk. Verder is weinig bekend over de opbrengsten van de projecten. Ten slotte concludeerde de rekenkamer dat de adviescommissie, een belangrijk middel om raadsleden te betrekken bij het economisch
18
jaarverslag 2022
Rekenkamer
Rotterdam programma, niet goed aansluit bij de rol van raadsleden. Ook worden raadsleden onvoldoende geïnformeerd over de voortgang van resultaten van het economisch programma. De belangrijkste aanbeveling van de rekenkamer was het heroverwegen van de uitvoerende functie van de MRDH, waarvoor de rekenkamer twee mogelijke scenario’s gaf. Daarnaast gaf de rekenkamer onder andere de aanbeveling om minder doelstellingen te kiezen en duidelijker te zijn over de beoogde resultaten, zodat de MRDH een scherper profiel krijgt en raadsleden beter zicht krijgen op de voortgang. De rekenkamer heeft haar rapport op 16 november toegelicht in de raadscommissie Mobiliteit, Haven, Economie en Klimaat (MHEK). Het rapport is op 1 december in de gemeenteraad behandeld. De gemeenteraad heeft unaniem ingestemd met de conclusies en aanbevelingen van de rekenkamer. Ten aanzien van de aanbeveling de uitvoerende functie te heroverwegen heeft de gemeenteraad een amendement aangenomen waarbij is gekozen voor het herinrichten van de uitvoerende functie. De MRDH liet in december middels een brief aan de raden van deelnemende gemeenten weten “enthousiast aan de slag” te gaan met de uitkomsten van het rekenkamerrapport. Het rapport is ook aangeboden aan de vijf regiogemeenten, met het aanbod het toe te lichten. Capelle aan den IJssel heeft van dit aanbod gebruik gemaakt.
De rekenkamer heeft het rapport toegelicht op een thema-avond op 31 januari 2023, waarbij de MRDH ook een presentatie gaf over de opvolging van de aanbevelingen.
2-3
lopend onderzoek 2022 In 2022 liepen vijf onderzoeken die niet in 2022 gepubliceerd zijn. In de onderstaande tabel zijn deze opgenomen. Het rapport over de collegetargets ‘Targets tellen’ is ondertussen op 8 februari 2023 gepubliceerd. tabel 2-2: lopend onderzoek in 2022 onderzoek Collegetargets: ‘Targets tellen’ Woonvisie synthese Integriteit Groene buitenruimte Vervolgonderzoek algoritmes
Een nadere toelichting op de lopende onderzoeken is te vinden in de onderzoeksprogrammering 2023.
19
jaarverslag 2022
Rekenkamer
Albrandswaard
3 3-1
Rekenkamer Albrandswaard
inleiding De Rekenkamer Albrandswaard heeft één onderzoek gepubliceerd in 2022. Daarnaast liep in 2022 het onderzoek naar de woonvisiesynthese dat in 2023 wordt gepubliceerd. In de volgende paragrafen zijn de onderzoeken toegelicht.
3-2 3-2-1
gepubliceerd onderzoek bouwen voor elkaar Op 29 november 2022 publiceerde de Rekenkamer Albrandswaard het rapport ‘Bouwen voor elkaar’ over het woonbeleid in Albrandswaard. De rekenkamer onderzocht hoe en in welke mate het woonbeleid van de gemeente Albrandswaard bijdroeg aan een betere aansluiting tussen vraag en aanbod op de lokale woningmarkt. Uit het onderzoek bleek dat de schaarste aan sociale huurwoningen in Albrandswaard sinds 2015 toenam. In het sociale segment werd minder gebouwd dan met de regio was afgesproken en de gemeentelijk doelstellingen voor de sociale woningvoorraad werden niet of nauwelijks gehaald. Verder bleek het lastig om na te gaan in hoeverre Albrandswaard haar eigen doelen bereikte, omdat deze in de woonvisie 2016-2025 niet duidelijk gedefinieerd waren. Ook waren verschillende doelgroepen slecht afgebakend. Daardoor was het niet mogelijk vraag en aanbod op de woningmarkt per doelgroep te volgen. De gemeente had ook niet per doelgroep uitgewerkt welke instrumenten zouden worden ingezet. De gemeente moet in de toekomst dus duidelijker vastleggen wat haar doelstellingen zijn en hoe zij die doelen wil bereiken, concludeerde de rekenkamer. De rekenkamer deed daarom ook de aanbeveling om in de nieuwe woonvisie duidelijke definities op te nemen van doelgroepen en prijssegmenten.
De rekenkamer heeft het rapport op 23 januari 2023 toegelicht in de commissie ruimte. Behandeling in de gemeenteraad is op 3 april 2023 voorzien.
3-3
lopend onderzoek
3-3-1
woonvisie synthese De rekenkamer voert een synthese uit van vijf onderzoeken die de rekenkamer heeft uitgevoerd naar woonvisies (Rotterdam, Barendrecht, Lansingerland en Albrandswaard zijn gepubliceerd en Capelle aan den IJssel volgt in het voorjaar van 2023). De rekenkamer beoogt met deze analyse inzicht te krijgen in overeenkomsten en verschillen in het woonbeleid van de onderzochte gemeenten, in de regionale samenwerking in het woonveld en de mate waarin regionale doelstellingen zijn gerealiseerd. De synthese zal uitmonden in een rapportage die voor het zomerreces van 2023 zal worden aangeboden aan de gemeenteraden van de vijf onderzochte gemeenten.
21
jaarverslag 2022
Rekenkamer
Barendrecht
4 4-1
Rekenkamer Barendrecht
inleiding De Rekenkamer Barendrecht heeft één onderzoek gepubliceerd in 2022. Daarnaast liep in 2022 het onderzoek naar de woonvisiesynthese dat in 2023 wordt gepubliceerd. In de volgende paragrafen zijn de onderzoeken toegelicht.
4-2
gepubliceerd onderzoek 4-2-1
bouwen in balans
Op 21 april 2022 publiceerde de rekenkamer het rapport ‘Bouwen in balans’, een onderzoek naar het woonbeleid in Barendrecht. De rekenkamer onderzocht hoe en in welke mate het woonbeleid van de gemeente Barendrecht heeft bijgedragen aan een betere aansluiting tussen vraag en aanbod op de lokale woningmarkt. De rekenkamer concludeerde onder meer dat de verhouding tussen vraag en aanbod op de Barendrechtse woningmarkt sinds 2015 is verslechterd. Er was sprake van een stijging van het al relatief hoge percentage dure woningen terwijl het percentage ‘hoge’ inkomens juist daalde. Tegelijkertijd bleef de woningbouw in het sociale segment achter bij de doelstellingen van de gemeente. Het gemeentelijk woonbeleid heeft zodoende niet bijgedragen aan meer evenwicht. Verder stelde de rekenkamer dat het zicht op nieuwbouwproductie beperkt is: er is namelijk geen totaaloverzicht beschikbaar van het type gebouwde woningen, zoals sociale, middeldure en dure woningen. Terwijl deze segmentering wel het uitgangspunt van het woonbeleid is. Dit belemmert het inzicht in de voortgang van de doelstellingen. De rekenkamer heeft op 7 juni 2022 het rapport toegelicht in de commissie Ruimte. Daarna is het rapport op 21 juni 2022 als hamerstuk behandeld in de raad.
4-3
lopend onderzoek
4-3-1
woonvisie synthese De rekenkamer voert een synthese uit van vijf onderzoeken die de rekenkamer heeft uitgevoerd naar woonvisies (Rotterdam, Barendrecht, Lansingerland en Albrandswaard zijn gepubliceerd, Capelle aan den IJssel verschijnt in het voorjaar van 2023). De rekenkamer beoogt met deze analyse inzicht te krijgen in overeenkomsten en verschillen in het woonbeleid van de onderzochte gemeenten, in de regionale samenwerking in het woonveld en de mate waarin regionale doelstellingen zijn gerealiseerd. De synthese zal uitmonden in een rapportage die voor het zomerreces van 2023 zal worden aangeboden aan de gemeenteraden van de vijf onderzochte gemeenten.
23
jaarverslag 2022
Rekenkamer
Capelle aan den IJssel
5 5-1
Rekenkamer Capelle aan den IJssel
inleiding De Rekenkamer Capelle aan den IJssel had in 2022 één onderzoek in uitvoering dat in 2023 zal verschijnen. Daarnaast liep het onderzoek naar de woonvisiesynthese dat in 2023 wordt gepubliceerd. In de volgende paragraaf zijn de onderzoeken toegelicht.
5-2 5-2-1
lopend onderzoek woonvisie Uitgangspunt van de Capelse Woonvisie 2013-2020 was de afronding van voortdurende stadsuitbreiding. Capelle aan den IJssel ging ‘van groeikern naar beheergemeente’. Daarmee werd het uitgangspunt om te bouwen voor een stad van minimaal 65.000 inwoners losgelaten. De actualisatie van de woonvisie uit 2019 markeerde een omslag in het woonbeleid. Onder andere waren er op regionaal niveau afspraken gemaakt over de sociale woning voorraad en ging Capelle aan den IJssel uit van een bevolkingsgroei van maximaal 13.000 inwoners. De rekenkamer onderzoekt in welke mate het woonbeleid van de gemeente Capelle aan den IJssel de afstemming van vraag en aanbod op de woningmarkt verbetert. Ook kijkt de rekenkamer in hoeverre de inzet van gemeentelijke instrumenten en de afspraken met partners binnen het woonbeleid hieraan hebben bijgedragen. Het onderzoek bevindt zich in de afrondende fase. De rekenkamer zal het rapport in april of mei 2023 aan de gemeenteraad aanbieden.
5-2-2
woonvisie synthese De rekenkamer voert een synthese uit van vijf onderzoeken die de rekenkamer heeft uitgevoerd naar woonvisies (naast Capelle zijn dit Rotterdam, Barendrecht, Lansingerland en Albrandswaard). De rekenkamer beoogt met deze analyse inzicht te krijgen in overeenkomsten en verschillen in het woonbeleid van de onderzochte gemeenten, in de regionale samenwerking in het woonveld en de mate waarin regionale doelstellingen zijn gerealiseerd. De synthese zal uitmonden in een rapportage die voor het zomerreces van 2023 zal worden aangeboden aan de gemeenteraden van de vijf onderzochte gemeenten.
25
jaarverslag 2022
Rekenkamer
Krimpen aan den IJssel
6 6-1
Rekenkamer Krimpen aan den IJssel
inleiding De Rekenkamer Krimpen aan den IJssel heeft in 2022 één onderzoek in uitvoering dat in 2023 verschijnt. In de volgende paragraaf is het onderzoek toegelicht.
6-2 6-2-1
lopend onderzoek subsidies In het onderzoek naar subsidies geeft de rekenkamer een beoordeling van de kwaliteit van de prestatieafspraken met subsidie-ontvangende organisaties. Tevens beoordeelt de rekenkamer de door deze organisaties geleverde prestaties en onderzoekt ze de wijze waarop de gemeente de uitvoering bewaakt en hoe de gemeente handelt bij het eventueel niet nakomen van prestatieafspraken. Er zijn drie subsidie-ontvangende organisaties geselecteerd: het Streekmuseum Krimpenerwaard, Synerkri en Enver. De onderzoeksopzet is in september 2021 gepubliceerd. Het onderzoek is afgerond en bevindt zich in de wederhoorfase. De publicatie van het onderzoeksrapport staat gepland in mei 2023.
27
jaarverslag 2022
Rekenkamer
Lansingerland
7 7-1
Rekenkamer Lansingerland
inleiding In 2022 heeft de Rekenkamer Lansingerland twee onderzoeken gepubliceerd. Daarnaast liep in 2022 een onderzoek naar de woonvisiesynthese dat in 2023 wordt gepubliceerd. In de volgende paragrafen zijn de onderzoeken toegelicht.
7-2
gepubliceerd onderzoek 7-2-1
bouwen in beweging
Het rapport ‘Bouwen in beweging’ verscheen op 7 juli 2022. Hierin onderzocht de Rekenkamer Lansingerland hoe en in welke mate het woonbeleid van Lansingerland van invloed is geweest op de aansluiting tussen vraag en aanbod op de woningmarkt in de gemeente. De rekenkamer keek zowel naar de uitvoeringsperiode van de gemeentelijke woonvisie 2015-2020 als naar het eerste half jaar dat de nieuwe woonvisie van 2021-2025 van kracht was. Deze laatste werd in de zomer van 2021 vastgesteld. Op basis van het onderzoek trok de rekenkamer elf conclusies. Eén daarvan is dat het woonbeleid in de periode 2015-2020 niet heeft bijgedragen aan een verbeterde verhouding tussen vraag en aanbod. De inkomenssamenstelling van de Lansingerlandse huishoudens bleef namelijk praktisch ongewijzigd, terwijl het percentage dure woningen steeg en het percentage middeldure woningen en het percentage goedkope woningen afnamen. Een andere conclusie was dat de bouwproductie in de periode 2015 gemiddeld achterbleef bij het in de woonvisie benoemde streefcijfer daarvoor. Ook stelde de rekenkamer vast dat de woonvisie niet aangeeft hoe groot elk van haar woonbeleidaandachtsgroepen is, noch hoeveel voor deze groepen geschikte woningen er in Lansingerland staan.
Gedurende de uitvoeringsperiode was de Lansingerlandse sociale woningvoorraad te klein om alle Lansingerlandse lage-inkomenshuishoudens daarin te huisvesten en dit tekort liep verder op. In de woonvisie werden geen kwantitatieve nieuwbouwdoelen voor deze woningen gesteld. Hierdoor was er weinig prikkel om woningen in het sociale segment of in het niet-sociale starterssegment te bouwen of te plannen. Ook concludeert de rekenkamer dat er in de onderzochte periode geen vergunningen werden verleend voor nieuwbouw van huisvestingscomplexen voor arbeidsmigranten. Wel stelt de gemeente zich sinds de zomer van 2021 ambitieuzer op binnen het woondossier. Ze heeft namelijk meer instrumentarium ingericht om te kunnen sturen op nieuwbouw in het sociale en in het zogeheten “overig betaalbare” segment. Ook heeft ze over deze nieuwbouw meer afspraken met corporaties gemaakt en meer afspraken opgenomen in nieuwbouwlocatie-kaders.
29
jaarverslag 2022
Rekenkamer
Lansingerland Op 21 september 2022 gaf de rekenkamer tijdens een beeldvormende avond toelichting op het rapport aan de gemeenteraad. Op 24 november 2022 besloot de raad het college op te dragen uitvoering te geven aan alle aanbevelingen van het rekenkamerrapport. Ook nam de raad naar aanleiding van het rapport een motie aan. De motie verzoekt et college om het bestaande toetsingskader voor de huisvesting van flexwerkers in Lansingerland te evalueren en een mogelijk nieuw kader binnen vier maanden aan de raad voor te leggen. 7-2-2
zorg om kosten
Gemeenten zijn op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo 2015) verantwoordelijk voor het ondersteunen van kwetsbare inwoners zodat zij zo lang mogelijk thuis kunnen blijven wonen en deel kunnen nemen aan de maatschappij. In Lansingerland zijn de Wmo-uitgaven de afgelopen jaren fors gestegen. Deze stijging heeft invloed op de gemeentebegroting. Vanwege deze impact heeft de rekenkamer onderzocht in hoeverre de gemeente inzicht heeft in de toekomstige ontwikkeling van het gebruik en de kosten van Wmo voorzieningen, zij de oorzaken van deze ontwikkeling kent en of zij effectieve maatregelen heeft getroffen om de kosten te beheersen. De bevindingen uit het onderzoek zijn op 22 december 2022 gepubliceerd in het rapport ‘Zorg om kosten’. De rekenkamer concludeerde in het onderzoek dat de kosten voor Wmo- voorzieningen in Lansingerland sneller groeien dan het landelijke gemiddelde en dat dit de komende jaren niet zal veranderen. De belangrijkste oorzaak is het groeiend aantal ouderen in de gemeente. Bovendien maakt een steeds groter deel van de oudere inwoners gebruik van deze voorzieningen. Hoewel de kosten sneller stijgen dan in de rest van Nederland, liggen de totale kosten per inwoner nog steeds een stuk lager dan het landelijk gemiddelde.
De gemeente heeft met de huidige structuur voor het monitoren, analyseren en ramen goed zicht op het huidige en toekomstige gebruik en de kosten van Wmo-maatwerkvoorzieningen. De beschikbare data zijn echter niet geschikt om patronen in zorggebruik in beeld te brengen. Als de gemeente de kosten wil beperken, kan dit door kritisch te kijken naar de aanvragen en door het aanbod te versoberen. De rekenkamer stelde vast dat Lansingerland grip heeft op het toegangsproces en al een aantal kostenbesparende maatregelen heeft doorgevoerd. Op het moment van onderzoek was echter nog niet te bepalen of de doorgevoerde kostenbesparingen leiden tot ongewenste effecten op de kwaliteit van de ondersteuning. Er zijn volgens de rekenkamer meer besparingsmogelijkheden die verder onderzocht kunnen worden, maar in vergelijking met andere gemeenten heeft Lansingerland geen grote besparingen laten liggen. De rekenkamer raadt de gemeente aan alert te blijven op nieuwe besparingsmogelijkheden, maar ook om altijd goed in de gaten te houden welke invloed besparingen hebben op de kwaliteit van zorg voor cliënten. Verder heeft de rekenkamer aanbevelingen gedaan over het monitoren van effecten en neveneffecten van genomen besparingsmaatregelen, het inzicht te vergroten in trends en ontwikkelingen in het zorggebruik en te investeren in verbetering werkprocessen voor databeheer en kwaliteitscontrole.
Het college heeft deze aanbevelingen overgenomen.
30
jaarverslag 2022
Rekenkamer
Lansingerland Het rapport is op 1 februari 2023 toegelicht tijdens een beeldvormende bijeenkomst van de Commissie Samenleving. De behandeling van het rapport in de commissie en in de raad is in maart 2023 voorzien.
7-3
lopend onderzoek
7-3-1
woonvisie synthese De rekenkamer voert een synthese uit van vijf onderzoeken die de rekenkamer heeft uitgevoerd naar woonvisies (Rotterdam, Barendrecht, Lansingerland en Albrandswaard zijn gepubliceerd, Capelle aan den IJssel verschijnt in het voorjaar van 2023). De rekenkamer beoogt met deze analyse inzicht te krijgen in overeenkomsten en verschillen in het woonbeleid van de onderzochte gemeenten, in de regionale samenwerking in het woonveld en de mate waarin regionale doelstellingen zijn gerealiseerd. De synthese zal uitmonden in een rapportage die voor het zomerreces van 2023 zal worden aangeboden aan de gemeenteraden van de vijf onderzochte gemeenten.
31
jaarverslag 2022
Rekenkamers Rotterdam, Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Lansingerland
8 8-1
overige publicaties en activiteiten
inleiding Naast de reguliere onderzoeken verricht de rekenkamer ook op incidentele basis activiteiten die in het verlengde liggen van het rekenkamerwerk of daar een spin off van zijn. Het schrijven van artikelen is daar een voorbeeld van, evenals het geven van gastcolleges of externe presentaties. Ook kunnen publicaties voor een bredere doelgroep worden opgesteld.
8-2
externe optredens en andere publicaties presentaties • presentatie onderzoek algoritmes, Concern control binnen de gemeentelijke overheid, 8 maart 2022; • gastcollege beleidsevaluatie, VU bestuurskunde opleiding, 11 april 2022; • lezing woonvisie Rotterdam, Erasmus Universiteit Rotterdam, 27 oktober 2022; • toelichting Woonvisie onderzoek, Rotterdam Late Night, 4 november 2022; • presentatie werkwijze onderzoeksprogrammering bij rekenkamer, Auditafdeling Hogeschool Rotterdam, 21 november 2022; • presentatie communicatie bij de rekenkamer, congres NVRR, 2 december 2022.
8-3
samenwerking andere rekenkamers G4 De Rekenkamer Rotterdam werkt in G4-verband samen met de rekenkamers van Amsterdam, Den Haag en Utrecht en met de Randstedelijke Rekenkamer. Naast bestuurlijk overleg vindt onderlinge kennisuitwisseling plaats. De kennisuitwisseling bestaat onder andere uit intervisie met collega’s van andere rekenkamers. De meeste onderzoekers en projectleiders namen hieraan deel. Nederlandse Vereniging van Rekenkamers en Rekenkamercommissies (NVRR) Ook in breder verband heeft de Rekenkamer Rotterdam contact met andere rekenkamers. De rekenkamer is lid van de Nederlandse Vereniging van Rekenkamers en Rekenkamercommissies (NVRR). In 2022 namen medewerkers deel aan verschillende bijeenkomsten als werksessies en cursussen. Ook is het jaarcongres door de directeur en meerdere medewerkers bezocht.
8-4
overige activiteiten aanpak coronacrisis In het onderzoeksprogramma 2022 is aangekondigd dat de rekenkamer de mogelijkheden zou verkennen voor een onderzoek naar de aanpak van de corona crisis. In 2022
33
jaarverslag 2022
Rekenkamers Rotterdam, Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Lansingerland
is hiervoor een verkennend onderzoek uitgevoerd. De verkenning is begin 2023 afgerond met een notitie waarin verschillende opties voor een onderzoek zijn verkend. De conclusie is dat het onder bepaalde randvoorwaarden goed mogelijk is één van deze opties uit te voeren. De uitkomsten worden gebruikt bij de afweging van onderwerpen voor de onderzoeksprogrammering van 2024. DoeMee-onderzoek ondersteuning raden De rekenkamer heeft deelgenomen aan een landelijk onderzoek naar de ondersteuning van gemeenteraden, provinciale Staten en het algemeen bestuur van waterschappen. Het onderzoek is een initiatief van de NVRR. In totaal deden 70 gemeenten in Nederland mee. Het onderzoek heeft geresulteerd in een landelijke publicatie met kengetallen en trends daarin over onder andere budgetten en formatie bij griffies en rekenkamers en het budget voor fractieondersteuning.2 De rekenkamer heeft het rapport onder de aandacht van de griffies gebracht. kennismaking nieuwe raden Naar aanleiding van de gemeenteraadsverkiezingen in maart 2022 heeft de rekenkamer kennisgemaakt met de nieuwe raden. Gedurende de eerste helft van 2022 heeft er met vijf van de zes gemeenten een kennismakingsbijeenkomst plaatsgevonden, die veelal onderdeel uitmaakte van het inwerkprogramma van de nieuwe raad.
In twee regiogemeenten (Albrandswaard en Barendrecht) heeft er een kennismakingsbijeenkomst met het voltallige nieuwe college plaatsgevonden. Tijdens de coalitieonderhandelingen van de gemeente Rotterdam is de directeur van de rekenkamer gevraagd een toelichting te geven aan de betrokken partijen. In het gesprek is ingegaan op de rol van de rekenkamer, voor zowel raad als college, op de belangrijke aanbevelingen uit reeds gepubliceerde rapporten en is een vooruitblik gegeven op de onderzoeken die in uitvoering zijn.
2
Het rapport is te downloaden van de site van de NVRR: https://www.nvrr.nl/nieuws/10913/nvrr-doemee-onderzoek-2022-ondersteuning-van-volksvertegenwoordigers.
34
jaarverslag 2022
Rekenkamers Rotterdam, Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Lansingerland
9 9-1
wet versterking decentrale rekenkamers
inleiding Op 1 januari 2023 is de Wet versterking decentrale rekenkamers in werking getreden. Het doel van deze wet is de onafhankelijke positie van rekenkamers ter ondersteuning van de controlerende en kaderstellende rol van raden (en provinciale staten en algemene besturen van waterschappen) beter te waarborgen.
9-2
wijzingen en gevolgen voor rekenkamer, raad en college De wet stelt eisen aan de inrichting van rekenkamers, vergroot de onderzoeksbevoegdheden en bevat extra waarborgen voor het proces van onderzoek en rapportage. Hieronder is kort in gegaan op deze wijzigingen en de gevolgen voor de rekenkamer, de raad en het college.3 wijzingen Een belangrijke wijziging is dat de wet regelt dat gemeenteraden voortaan een onafhankelijke rekenkamer dienen in te stellen. De vormvrije rekenkamerfunctie waarbij de gemeenten zelf voor een eigen invulling konden kiezen is dus afgeschaft. Via deze rekenkamerfunctie konden gemeenten bijvoorbeeld voor een rekenkamercommissie kiezen waarin ook raadsleden zitting hadden. Met de nieuwe wet zijn eisen gesteld waaraan een lokale rekenkamer dient te voldoen. Hierdoor is een onafhankelijke rekenkamer verplicht. Andere eisen die de wet stelt aan de inrichting van de rekenkamer zijn: • de raad beslist hoeveel leden de rekenkamer heeft en benoemt deze; • er geldt een benoemingstermijn van zes jaar voor leden; • de raad stelt het budget vast; • er wordt vastgelegd hoe de rekenkamer ambtelijk wordt ondersteund. Een tweede belangrijk onderdeel van de wet gaat over uitbreiding van de bevoegdheden van de rekenkamer.
Hierin verandert met name de bevoegdheid onderzoek te doen naar verschillende verbonden partijen: • de rekenkamer kan voortaan een onderzoek instellen naar de inkoop en contractrelaties van de gemeente als dat nog niet was geregeld in de inkoopvoorwaarden; • de rekenkamer kan voortaan alle subsidies, leningen en garanties onderzoeken. De grens dat de subsidie, lening of garantie tenminste 50% van de baten van de private rechtspersoon moet zijn, is daarmee komen te vervallen; • de rekenkamer mag onderzoek doen naar NV’s en BV’s waarin alle betrokken overheden samen een meerderheidsbelang hebben (ook als de betreffende gemeente dat afzonderlijk niet heeft);
3
Zie: Brief ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties, ‘Inwerkingtreding wet versterking decentrale rekenkamers‘, afschrift van brief aan alle colleges, gedeputeerde staten en besturen waterschappen; Tweede Kamer der Staten-Generaal, Memorie van Toelichting, ‘Wijziging van de Gemeentewet, de Provinciewet en de Comptabiliteitswet 2016 in verband met het afschaffen van de decentrale rekenkamerfunctie en het uitbreiden van de bevoegdheden van de rekenkamers (Wet versterking decentrale rekenkamers)’, 35.298-3.
35
jaarverslag 2022
Rekenkamers Rotterdam, Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Lansingerland
• tot slot mag de rekenkamer voortaan onderzoek doen naar dochterondernemingen van overheidsdeelnemingen waarin betrokken overheden gezamenlijk meer dan 50% belang hebben. Verder is de tekst aangepast om de scope van het onderzoek van de rekenkamer te verduidelijken. In plaats van onderzoek naar ‘het gevoerde bestuur’ wordt nu gesproken van onderzoek naar ‘het gevoerde beleid’. Doel is duidelijk te maken dat de bevoegdheid ruim moet worden opgevat: beleidsvoorbereiding, -vorming, -vaststelling, -uitvoering en effecten vallen hieronder, maar ook het functioneren van de ambtelijke en de politieke organisatie van de gemeente. De derde wijziging gaat over enkele waarborgen voor een goed verloop van het onderzoek en de rapportage van de bevindingen door de rekenkamer. • In de wet is opgenomen dat de rekenkamer hoor en wederhoor dient toe te passen op conceptrapporten. Dit geldt ook voor andere onderzochte instellingen naast het gemeentebestuur. • De rekenkamer kan voortaan bevindingen of gegevens die vertrouwelijke informatie bevatten ter vertrouwelijke kennisneming aan de raad verstrekken. • Het college moet jaarlijks aan de raad laten weten wat er is gedaan met de aanbevelingen die de rekenkamer aan het college heeft gericht. • Als er onderzoek naar gemeenschappelijke regelingen wordt uitgevoerd, moeten de colleges van de andere deelnemende gemeenten hierover worden geïnformeerd.
Na afloop moet ook hen het rapport worden toegestuurd. • De rekenkamer moet een reglement van orde hebben waarin ook de nieuwe bevoegdheden en verplichtingen zijn opgenomen. gevolgen Voor de rekenkamers van Rotterdam, Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Lansingerland hebben de wijzigingen beperkte impact op de inrichting van de rekenkamer en de positie van de rekenkamerleden. Overigens is bij de Rekenkamer Rotterdam en daarmee ook bij de regiogemeenten sprake van een directeursmodel, wat betekent dat er één rekenkamerlid is. De rekenkamer was altijd al als onafhankelijk orgaan gepositioneerd. Ook zaken als de wijze van benoeming, benoemingstermijn en de ambtelijke ondersteuning waren al in lijn met de nieuwe wet geregeld. Ook was al een reglement van orde aanwezig. Wel dient de tekst op onderdelen te worden aangepast aan de nieuwe wet. Voor de rekenkamer zelf is de uitbreiding van de bevoegdheden de belangrijkste wijziging. De rekenkamer kan nu eerder onderzoek doen naar verbonden organisaties aan de gemeente. Hierbij gaat het zowel om gesubsidieerde organisaties, inkooprelaties als organisaties waarin de gemeente een deelneming heeft. Voor onderzoek naar gemeenschappelijke regelingen zijn de bevoegdheden niet vergroot (dit kon al), maar zijn procesafspraken over de wijze van betrokkenheid van andere gemeenten geformuleerd.
Specifiek voor het gemeentebestuur is relevant dat jaarlijks moet worden gerapporteerd hoe wordt omgegaan met de aanbevelingen die de rekenkamer aan het college heeft gedaan.
36
jaarverslag 2022
Rekenkamers Rotterdam, Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Krimpen aan den IJssel en Lansingerland
10 10-1
organisatie
strategie De missie van de rekenkamer ligt vast in wet- en regelgeving. Voor de Rekenkamer Rotterdam wordt het institutionele kader gevormd door de Gemeentewet, de Wet versterking decentrale rekenkamers, de Verordening Rekenkamer Rotterdam en de rekenkamerverordeningen van de regiogemeenten. Daaruit is duidelijk dat het zowel de opdracht als het mandaat van de rekenkamer is om onafhankelijk onderzoek te doen naar de rechtmatigheid, doeltreffendheid en doelmatigheid van het gevoerde beleid en de kwaliteit van het bestuur. De rekenkamers van de grote steden en de rekenkamer voor de randstedelijke provincies hebben gezamenlijk een kwaliteitshandvest opgesteld. Dat kwaliteitshandvest is een aantal malen herzien; momenteel is de derde visie uit 2020 vigerend. De Rekenkamer Rotterdam heeft zich gecommitteerd aan dit kwaliteitshandvest, wat in feite voorschrijft hoe de rekenkamer te werk moet gaan. Daarom is ervoor gekozen om vanaf nu jaarlijks een kwaliteitshandvestscan uit te voeren. Deze is opgenomen in bijlage 3. Daaruit volgt dat de Rekenkamer Rotterdam op hoofdlijnen voldoet aan het kwaliteitshandvest en zich in 2022 verbeterd heeft op diverse punten, terwijl ook duidelijk is dat er op een aantal punten nog winst te boeken valt. Op die punten zijn veelal al acties ondernomen of zijn verbetertrajecten in gang gezet (zie 10-2).