CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[23bb001293] Collegebrief over monitor Werk & Inkomen 3e tertaal 2022

Commissie Werk & Inkomen, Onderwijs, Samenleven, Schuldhulpverlening & Armoedebestrijding, NPRZ 7 juni 2023, gemeente RotterdamBij agendapunt: Daarbij betrekken3.357 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeente Rotterdam

Werk en Inkomen Werk, Inkomen, Nationaal Programma Rotterdam Zuid en EU-arbeidsmigranten Tim Versnel MSc Postadres: Postbus 70012 3000 KP Rotterdam Internet: www.rotterdam.nl Van: Jolien Jeroense/Michel Zuijderwijk Telefoon: 14 010 E-mail: bbo@rotterdam.nl

Aan de gemeenteraad

Ons kenmerk: M2301-7360 - 23b03296 Onderwerp: Monitor Werk & Inkomen, 3e tertaal 2022 Datum: B&W 21 februari 2023

Op welke gronden deze brief? / Waarom nu voorgelegd? Met de monitor Werk in Inkomen informeren wij uw raad iedere vier maanden over de ontwikkelingen op het gebied van Werk en Inkomen op de reguliere P&C-momenten (le herziening, 2e herziening en jaarverslag). De monitor is hiermee een verdieping van de gemeentelijke P&C-producten voor wat betreft het programma Werk en Inkomen.

Relatie met het coalitieakkoord/collegewerkprogramma/eerder aangenomen moties en gedane toezeggingen: Coalitieakkoord: Eén stad 2022-2026.

Toelichting: In deze brief wordt ingegaan op de belangrijkste ontwikkelingen uit de monitor over het 3e tertaal (september tot en met december) 2022.

Ontwikkelingen op de landelijke en regionale arbeidsmarkt Er is nog steeds sprake is van een krappe arbeidsmarkt inclusief de onzekerheden door de aanhoudende oorlog in Oekraine en de inflatie. Volgens het CBS 1 was het aantal werklozen (landelijk) die minder dan een jaar op zoek zijn naar werk in het derde kwartaal 299.000 (seizoensgecorrigeerd). Dat zijn er 49.000 meer dan in het kwartaal ervoor. Het aantal WW-uitkeringen in Rotterdam daalt sinds begin dit jaar overigens nog steeds. Eind januari 2022 telde Rotterdam 9.053 WW-uitkeringen en eind december is dit aantal gedaald naar 7.183 WW-uitkeringen. De maand december laat overigens wel een stijging zien van het aantal WW-uitkeringen t.o.v. de maand november (6.970 WW-uitkeringen) Het aantal faillissementen in Zuid-Holland (bedrijven en instellingen) in het 3° tertaal bedraagt 160. Over het 3° tertaal 2021 werden 128 faillissementen in Zuid-Holland geregistreerd. De door ondernemers verwachte inzet personeel (Conjunctuur enquête) is in december 2022 12,3%, wat lager ligt dat in december 2021 (13,7%). Daarnaast geeft 36,5% van de werkgevers aan, een tekort aan arbeidskrachten als belemmering te ondervinden bij hun activiteiten. 1 2

Werklozen (cbs.nl) COEN-enquete (personeel) (Selectie: Regio Zuid-Holland, personeelssterkte, 49-96 Totaal Dienstverlening)

Blad: Datum: Ons kenmerk:

2/8 21 februari 2023 M2301-7360

Volgens het CBS stonden landelijk eind september 2022 449.400 vacatures open (seizoensgecorrigeerd). Binnen de arbeidsmarkt Rijn mond stonden er eind september 2022 27.357 vacatures open 3• De arbeidsmarkt is ondanks de lichte stijging van het aantal WW-uitkeringen en nog steeds krap tot zeer krap. Bijstandsvolume Onze collegedoelstelling is het behalen van 30.000 bijstandsgerechtigden eind 2025. De tussentarget eind 2022 is 33.375 uitkeringen. Eind 2022 kwam het bijstandsvolume uit op 32.975. Daarmee liggen we op koers. Ten opzichte van eind 2021 is het volume met 1.649 uitkeringen gedaald. Met uitzondering van de maanden januari en februari 2022, waarin wegens afloop van de ToZo regeling een stijging was te zien van het bijstandsvolume, is in alle overige maanden een maandelijkse daling te zien. De voorlopige landelijke cijfers zijn beschikbaar tot en met oktober 2022. Tot en met oktober 2022 lag de landelijke bestandsontwikkeling (1-1-2022=100) met 96,13% boven die van Rotterdam (95,97%) In dezelfde vergelijking binnen de G4 (tot en met december 2022 (1-1-2022=100)) laat Rotterdam na Amsterdam relatief de grootste bestandsdaling zien: Amsterdam (94,71%), Rotterdam (95,24%), Den Haag (95,28%) en Utrecht (98,09%).

In onderstaande grafiek is zichtbaar hoe het Rotterdamse volume zich heeft ontwikkeld vanaf 1 januari 2018 tot en met december 2022, ten opzichte van het landelijk gemiddelde (tot en met oktober) en de G4. Bezien over deze periode blijft de Rotterdamse bestandsdaling achter bij de landelijke en G4-cijfers. Na de eerste twee jaar liep Rotterdam voorop in de daling van het aantal uitkeringen, maar de coronacrisis heeft Rotterdammers bovengemiddeld hard getroffen. Het herstel is ingezet, maar de opgave blijft groot.

Bestandsontwikkeling 2018 - 2022 (index 1-1-2018 = 100)

101% 99% 97% 95% 93% 91% 89% 87%

R'damn

G4

Landelijk

Ontwikkeling BUIG (zie monitor ad 10) 3

RijnmondinZicht - Data per thema

»NPRZ (Rotterdam Zuid)

Blad: Datum: Ons kenmerk:

3/8 21februari 2023 M2301-7360

Het BUIG-saldo is het verschil tussen het ontvangen budget voor bijstandsuitkeringen (BUIG) en de uitgaven aan bijstandsuitkeringen en loonkostensubsidies. Gedurende het jaar wordt de begroting meermaals aangepast aan de hand van opeenvolgende beschikkingen van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en van nieuwe uitgavenramingen. Het uiteindelijke BUIG-saldo over 2022 is een tekort van € 2,7 miljoen (0,5%). De inkomsten kwamen uit op € 523,7 miljoen, fors lager dan de inkomsten in 2021 en de oorspronkelijke begroting 2022. Deze bijstellingen waren het gevolg van een meevallende conjunctuur in 2022 en een correctie vanwege de meevallende cijfers over 2021. Ook de uitgaven vielen lager uit dan in 2021 en zijn gedurende 2022 naar beneden toe bijgesteld, omdat het aantal bijstandsuitkeringen afnam. Het resulterende tekort van € 2,7 miljoen kent meerdere oorzaken: het Rotterdamse budgetaandeel 2022 was licht gedaald ten opzichte van 2021, de daling van het bijstandsvolume in 2022 lijkt wat later op gang te zijn gekomen dan in veel andere gemeenten, en de opschorting van de kostendelersnorm bij 21- tot 27-jarige medebewoners (waarmee Rotterdam vooruitliep op de wetswijziging van 1 januari jl.) heeft tot extra kosten geleid waarmee het BUIG-budget geen rekening hield. Onduidelijk is nog of er ook landelijk sprake is geweest van BUIGtekorten.

In elk geval lijkt de situatie van 2021 met een overschot van € 246 miljoen voor het totaal van de Nederlandse gemeenten zich niet te hebben herhaald. Met het tekort op de BUIG is ook de taakstellende opgave op de BUIG (€ 3,2 mln in 2022 voor het uitvoeren van heronderzoeken) niet behaald. Het tekort en de taakstelling wordt gedekt door een onttrekking (van € 6,4 mln!l/) te doen vanuit de bestemmingsreserve BUIG. In de tweede herziening 2022 was, op basis van de cijfers/verwachtingen op dat moment, een vrijval voorgesteld van bijna€ 10 mln vanuit de bestemmingsreserve BUIG (deze middelen zijn daarmee toegevoegd aan de algemene middelen). De omvang van de reserve BUIG bedraagt daarmee ultimo 2022 € 19,4mln. Eerder bent u geïnformeerd over het fors lagere BUIG-budget in 2023 (brief 22b005961)). Het voorlopige BUIG-budget 2023 is voor Rotterdam vastgesteld op € 496,4 mln. Dit is €32 miljoen lager dan wat in de gemeentelijke begroting 2023 is begroot. De belangrijkste reden voor dit verschil is het verlaagde budgetaandeel voor Rotterdam in het voorlopig BUIG-budget 2023. Het Rotterdamse aandeel in het landelijke verdeelmodel is gedaald van 8,70% naar 8,25%. Rotterdam heeft bezwaar aangetekend tegen het voorlopig BUIG-budget 2023. Richting de Voorjaarsnota 2023 worden, mede op basis van de cijfers 2022, nieuwe ramingen gemaakt voor de uitkeringslasten.

Daarbij wordt, in lijn met de verwachtingen vanuit het CPB, uitgegaan van een dalend verloop van de Rotterdamse bijstandsvolume. Ook worden dan de baten geactualiseerd waarbij wordt uitgegaan van het nader voorlopig budget dat eind april 2023 wordt gepubliceerd.

1

1 1 Naast het genoemde tekort wordt via deze onttrekking ook een storting gedaan van bijna € 0,5 mln naar de bestemmingsreserve RIM (Rotterdamse Investeringsmotor) cilinder 'verkoopopbrengst Eneco'. Dit is gedaan in het kader van het Rotterdamse Scholingsfonds. Bij de dekking van dit fonds (vanuit de verkoopopbrengst Eneco) is namelijk afgesproken dat besparingen door uitstroom van bijstandsgerechtigden met een scholingsvoucher terugvloeien naar de RIM (revolverend karakter).

Blad:

4/8

Datum:

21 februari 2023

Ons kenmerk:

M2301-7360

In de begroting heeft het programma Werk en Inkomen twee hoofddoelen:

- Inkomenszekerheid en rechtmatigheid - Iedereen vooruit Alle toelichtingen bij opvallende punten in de monitor zijn ingedeeld langs deze twee hoofddoelen. Afwijkingen van de norm of streefwaarde worden hieronder toegelicht.

Inkomenszekerheid en rechtmatigheid "Bijstandsuitkeringen zijn rechtmatig en met oog voor de menselijke maat verstrekt." •

Het aantal i ngediende klachten (zie monitor ad 12) in het 3° tertaal is ten opzichte van het 2 tertaal volgens verwachting licht gestegen (289 = 28 extra). Klachten over de energietoeslagen veroorzaken net als bij de stijging van tertaal 1 naar tertaal 2 het surplus. De prognose is dat het aantal klachten ook in 2023 nog licht zal stijgen, met name door te verwachten klachten rondom de energietoeslagen.

•

In tertaal 3 is 88% van de klachten binnen 4 weken afgehandeld (zie monitor ad 12). tertaal 3 laat ten opzichte van tertaal 2 een lichte daling zien van 2%. Deze daling is veroorzaakt door verzuim bij de klachtbehandelaars. Over geheel 2022 is 89% van de klachten binnen 4 weken afgehandeld. Zoals in de 1° tertaal monitor genoemd is in het ie tertaal W&I door cluster Maatschappelijke Ontwikkeling om collegiale hulp gevraagd om tijdelijk MO te ondersteunen bij het afdoen van klachten. Hierdoor is in Tl 87% van de klachten tijdig afgehandeld. Dit percentage is in de rest van 2022 niet volledig ingelopen.

•

In 2022 is ten opzichte van 2021 het totaalaantalbijstandsaanvragen (zie monitor ad 13) met 419 gegroeid. Het aanvraagproces is in 2022 verder vernieuwd. Medewerkers hebben meer persoonlijk contact met Rotterdammers. De inkomensconsulenten werken daarnaast ook met een nieuw klant aanvraagsysteem, wat implementatietijd kost. Ondanks deze ontwikkelingen laat het cijfer over de afhandelingstermijn een goed resultaat (94,1%) zien. Het aantal aanvragen in tertaal 1 (5.353) is inclusief de Bbz-light aanvragen. De beëindiging van de Bbz-light regeling eind maart 2022 verklaart de daling (-1.254) in tertaal 2 ten opzichte tertaal 1 in het aantal aanvragen.

•

In2022 is net als in 2021 de norm met betrekking tot het tijdig verwerken van i nkomstenverrekeningen (zie monitor ad 14) ruimschoots behaald. Met inkomenszekerheid reduceren of voorkomen wij financiële stress bij bijstandsgerechtigden. Het streven is om alle inkomstenverrekeningen binnen de 4 weken te realiseren zodat bijstandsgerechtigden juist en tijdig hun uitkering ontvangen. Dit wordt met succes gehaald.

•

In het derde tertaal zijn er meer heronderzoeken (zie monitor ad 15) afgerond ten opzichte van het tweede tertaal. In de vorige monitor is de verwachting gesteld dat er 2.500 heronderzoeken zouden zijn afgerond.

Blad: Datu m : Ons kenmerk:

5/8 21 februari 2023 M2301-7360

Dit is met 2.261 heronderzoeken niet gehaald. Wel is te zien dat de nieuwe medewerkers meer onderzoeken kunnen afronden. U bent in de vorige monitor ingelicht over het niet gaan halen van de norm. De tegenvallende cijfers in 2022 komen door een groot verloop in de teams, waardoor de aandacht is komen te liggen op het opleiden van nieuwe medewerkers. In 2023 wordt er een nieuwe koers gevaren, waarbij er meer aandacht komt voor de samenwerking met de andere handhavingsinstrumenten in de bijstand. Fraudeonderzoeken In de Begroting 2023 wordt, in plaats van het aantal heronderzoeken, gerapporteerd over het aantal fraudeonderzoeken. Fraudeonderzoeken zijn bestuursrechtelijke onderzoeken naar de rechtmatigheid van een uitkering. Deze onderzoeken worden gedaan op basis van een vermoeden naar fraude. Heronderzoeken worden niet gedaan op basis van een vermoeden van fraude. Bij een heronderzoek wordt de rechtmatigheid gecontroleerd door bijstandsgerechtigheden uit te nodigen op basis van een aselecte steekproef, een themaonderzoek of op basis van een risico-inschattingsmodel. In 2022 zijn er 26 7 fraudeonderzoeken afgerond. Hiermee is het verwachte eindresultaat van 240 fraudeonderzoeken gehaald. In 2022 was er sprake van een hoog verloop en verzuim. Door de extra investering van het college dit jaar zijn nieuwe sociale rechercheurs aangenomen en worden zij opgeleid.

Hierdoor verwachten wij dit jaar een hoger aantal fraudeonderzoeken. (Doelstellingen 2023 zijn 700 afgeronde fraudeonderzoeken). •

Vanaf 2022 is de 1° lijn telefonie, inclusief de hiervoor beschikbare capaciteit overgegaan naar 14010 (Rol Entree). Het volume van het aantal telefoontjes dat bij Werk & Inkomen binnenkomt is ten opzichte van tertaal 2 fors afgenomen. Dit heeft invloed op het percentage telefonische berei kbaarheid(zie monitor ad 16). Het percentage tijdige afhandeling van terugbelnotities laat een stijging zien. De domeinen van Werk en Inkomen hebben twee medewerkers aangesteld om de portefeuille telefonie op te pakken. Hierdoor is er rechtstreeks contact tussen 14 010 en W&I en kan er gericht gestuurd worden op het op tijd afhandelen van de terugbelnotities en een betere telefonische bereikbaarheid. Op basis van de eerste bevindingen zijn de werkinstructies en werkprocessen aangepast en verbeterd. Daarnaast heeft 14010 sinds kort toegang tot de systemen van Werk & Inkomen en is de medewerker van 14010 beter in staat de vraag van de burger in één keer te beantwoorden. We zien, door de getroffen maatregelen, het aantal doorgezette terugbelnotities afnemen. Het percentage tijdig terugbellen(zie monitor ad 16) zien we, binnen tertaal 3, stijgen.

Iedereen vooruit "Minder Rotterdammers in de bijstand. Rotterdamse werkzoekenden zetten een stap in hun mens- en arbeidsontwikkeling en meer mensen met een arbeidsbeperking zijn aan de slag, passend bij hun vermogen en/of eigen ontwikkeling"

Blad: Datum: Ons kenmerk:

6/8 21 februari 2023 M2301-7360

Arbeidsparticipatie •

De totale instroom(zie monitor ad 5) is in het3° tertaal 76 personen hoger dan in tertaal 2. In totaal zijn er in 2022 7.336 personen in de bijstand ingestroomd. Dit is een verbetering (-928) ten opzichte van de resultaten van 2021. De voornaamste reden is de aanhoudende krapte op de arbeidsmarkt.

•

Instroom vanuit de WWals % van i nstroom Partici patiewet(zie monitor ad 5) is in 2022 duidelijk afgenomen ten opzichte van het jaar ervoor. Er zijn drie belangrijkste oorzaken van de verminderde instroom van WW-kandidaten voor WW@Work. 1. De gunstige en krappe arbeidsmarkt. 2. De samenwerking UWV met het Regionaal mobiliteitsteam waardoor kandidaten verschuiven naar de dienstverlening van het RMT. 3. Het UWV gaat terug naar individuele caseloads voor de klantmanagers van het UWV. Dit betekent persoonlijke begeleiding van de kandidaten waardoor de klantmanagers van het UWV nu zelf de dienstverlening oppakken inclusief het bemiddelen naar werk tijdens de volledige duur van de uitkering.

•

Het volume van de uitstroom naar Werk(zie monitor ad 6) (2022: 4.675 wordt beinvloed door verschillende factoren waaronder de samenstelling van ons bestand, het zittend bestand en de nieuwe instroom. De nieuwe instroom vormt historisch gezien het grootste aandeel van de uitstroom. Het afgelopen jaar was er door de aantrekkende economie minder instroom. De lage instroom in 2022 (928 minder t.o.v. 2021) heeft als logisch gevolg dat de absolute uitstroom lager is maar in verhouding tot de instroom stabiel is gebleven (instroom gedeeld door uitstroom).

•

Partti me Werk(zie monitor ad 7) Een deel van de Rotterdammers met een bijstandsuitkering werkt in deeltijd, wat een mooie stap vooruit is als volledige uitstroom uit de uitkering naar betaald werk (nog) niet mogelijk is. De inkomsten uit deeltijdwerk leiden tot een besparing op de bijstandsuitgaven. Deze inkomsten zijn in 2022 gestegen tot€ 13,9 mln Dat is een aanzienlijke stijging (10,3%) ten opzichte van de € 12,6 miljoen in 2021, toen er vanwege coronamaatregelen minder mogelijkheden waren om bij te verdienen. De stijging wordt veroorzaakt door hogere bijverdiensten per persoon in parttime werk; het aantal personen met inkomsten uit deeltijdwerk bleef praktisch onveranderd (ca. 6.000 unieke personen).

Jongeren •

Na het opheffen van de coronamaatregelen is het aantaljongeren i n de bijstand(zie monitor ad 3) geleidelijk afgenomen. Deze geleidelijke afname is gestagneerd. Jongeren zonder afstand tot de arbeidsmarkt zijn uitgestroomd. De huidige instroom bestaat voornamelijk uit jongeren met een afstand tot de arbeidsmarkt en problemen op meerdere leefgebieden. We weten waar de instroom vandaan komt. Dit beeld is niet afwijkend ten opzichte van andere jaren. Wat we in de huidige krappe arbeidsmarkt zien, is dat werkgevers bij de invulling van hun vacatures minder kritisch kunnen zijn.

Blad: Datum: Ons kenmerk:

7/8 21 februari 2023 M2301-7360

Hierdoor vinden ook jongeren met bijvoorbeeld een afgebroken opleiding of jongeren die het Nederlands nog niet zo goed spreken maar bijvoorbeeld in het Engels kunnen communiceren zelfstandig een baan. Jongeren met (complexe) problematiek lukt het niet zelf hun weg te vinden en we zien dus voornamelijk deze groep instromen. •

In de huidige krappe arbeidsmarkt kunnen de meeste jongeren zelfstandig hun weg naar werk vinden. We zien dit terug in de instroomcijfers. De instroom jongeren (zie monitor ad 5) in 2022 was bijna 20% lager dan in 2021.

•

De uitstroom vanjongeren naar werk(zie monitor ad 8). Er is een aanzienlijke groep jonge Rotterdammers die duurzaam een aanzienlijke afstand tot de arbeidsmarkt houdt. Jongeren met een afstand tot de arbeidsmarkt kampen met problemen op meerdere leefgebieden en hebben ondersteuning nodig, voordat zij de stap naar een (garantie) baan of opleiding kunnen maken. Met de huidige arbeidsmarkt bestaat de caseload van het Jongeren loket voornamelijk uit deze laatste groep jongeren. We zien dit terug in het dalende (-604) aantal jongeren dat uitstroomt naar werk of opleiding.

NPRZ In het NPRZ-gebied (zie monitor ad 2) is het bijstandsvolume gedaald met 682 werkzoekenden naar 13.291 uitkeringen. Daarmee is het aandeel NPRZ in het BUIG4volume (zie monitor ad 2) gedaald van 40,36% naar 40,31%. Gezien de kwetsbaarheid van het bestand is de prestatie op Zuid wellicht niet in lijn met de beoogde doelstelling maar zeker relevant geweest. De inzet op mens- en arbeidsontwikkeling waarna arbeidsbemiddeling volgt, loont! In 2023 zal binnen Samen voor Zuid, het uitvoeringsprogramma zoveel als mogelijk worden voortgezet. •

De uitstroom naar Werk opZuid(zie monitor ad 9) was met 42,1% bijna 2% meer dan het aandeel van NPRZ in de bijstand. Dat is een positieve ontwikkeling. De focus op werk vind je hierin terug. De uitstroom vanwege overige redenen, zoals verhuizing, samenwonen, AOW-leeftijd is iets achtergebleven ten opzichte van de rest van Rotterdam. Deze vorm van uitstroom is slechts beperkt beinvloedbaar.

Begeleide arbeidsparticipatie •

Het aantal gemeentelijke garantiebanen (GGB) (zie monitor ad 17) is eind 2022 509,3 fte garantiebanen. De taakstelling 2022 van 505,5 is daarmee ruimschoots gehaald zoals verwacht.

•

De meest actuele bekende gegevens over het aantalgerealiseerde regionale garantiebanen (zie monitor ad 18) zijn de gegevens over Q3 2022 van UWV. In Q2 zijn er in de regio 206 banen bijgekomen. In Q3 zijn er nog eens 238 gerealiseerd. Ten opzichte van Ql 2022 zijn er dus 444 banen bijgekomen, waardoor het aantal per 30 september 2022 op 10.647 banen is gekomen. De ontwikkeling in de regio loopt gelijk op met de ontwikkeling landelijk.

4

BUIG= Bundeling Uitkeringen Inkomensvoorzieningen Gemeenten (uitkeringen in het kader van de Participatiewet, IOAW, IOAZ en Bbz)

Blad: Datum: Ons kenmerk:

8/8 21februari 2023 M2301-7360

•

Het aantal werkplekken Nieuw Beschut Werk (NBW} (zie monitor ad 19) eind 2022 is 237. De groei is in 2022 lager uitgevallen dan verwacht. Er zijn in tertaal 3, slechts 2 banen bijgekomen. Een analyse naar de oorzaken hiervan loopt nog, maar duidelijk is al wel dat één van de factoren het lage aantal positieve indicaties NBW van UWV is. Dat waren er ongeveer 75 in 2022. Gegeven is dat niet iedere burger met een positief advies uiteindelijk ook aan de slag wil op een NBW of daar direct geschikt voor is. Daarmee bleek in 2022 de marge om de taakstelling NBW te kunnen halen zeer klein. Temeer omdat er ook 29 NBW banen beëindigd zijn in 2022, die met nieuwe banen gecompenseerd moeten worden om op de gewenste netto groei uit te komen. De oorzaak van deze beëindigingen wordt nog onderzocht. Voor 2023 is de verwachting dat er meer indicaties NBW zullen zijn gezien de invoering van de nieuwe dienstverlening loonkostensubsidie en mogelijk ook het actief ophalen van kandidaten NBW uit de dagbestedingstrajecten van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning. Loonkostensubsidie (LKS) De doelstelling voor 2022 (1.200 Rotterdammers aan het werk met LKS) is bijna volledig gehaald (1.179). Voor 2023 is de ambitie eenzelfde netto groei met ongeveer 300 banen naar 1500 banen met LKS. Dat is een uitdaging omdat er ook altijd eerder met LKS gestarte banen weg zullen vallen.

Dit kan komen doordat of de LKS niet meer nodig is omdat de werknemer volledige loonwaarde heeft, of omdat het contract afloopt omdat de match geen goede match meer blijkt te zijn. Naarmate het aantal banen met LKS stijgt, stijgt ook deze zogenaamde 'vervangingsvraag' mee. In 2023 wordt het in 2022 verbeterde dienstverleningsconcept aan de doelgroep LKS ingevoerd waarmee we de beoogde groei willen bereiken.

Financiële en juridische consequenties/aspecten:

Burgemeester en wethouders van Rotterdam, De burgemeester,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=4160040c-29ec-43d8-8153-bb3a7226b7c8