[23bb001265] Raadsvoorstel over Vaststelling Bestemmingsplan Rijnhaven
Tekst van het document
Stadsontwikkeling Klimaat, Bouwen, Wonen Drs. C.M. Zeegers MA Van: Roel Volman Telefoon: 14 010 Ons kenmerk: M2210-4668 - 23bo3235 Bijlage(n): 8 + ontwerpbesluit Onderwerp: Vaststelling Bestemmingsplan Rijnhaven
Aan de gemeenteraad
Datum: B&W 21 februari 2023
Gevraagd besluit: Samenvattend stellen wij u voor: 1. de zienswijzen 1.1, 5.1, 6.1, 6.2, 7.1, 7.2, 7.3, 7.4, 9.1, 10.1, 10.2, 11.3, 12.1 en 12.2 gegrond te verklaren; 2. de zienswijzen 2.1, 3.1, 4.1, 4.2, 8.1, 9.2, 11.1, 11.2, 11.4 en 12.3 ongegrond te verklaren; 3. zienswijze 13 buiten behandeling te laten; 4. het bestemmingsplan ‘Rijnhaven’, NL.IMRO.0599.BP1141Rijnhaven-on01 met bijbehorende ondergrond BGT 12956400, 12956500, 13056400 en 13056500 in elektronische en papieren vorm vast te stellen, conform het voorstel van burgemeester en wethouders; 5. geen exploitatieplan vast te stellen. Waarom dit voorstel?/Waarom nu voorgelegd? Met de vaststelling van dit bestemmingsplan krijgt het gebied een actueel planologisch kader. De vorm van het kader voldoet aan de landelijke technische eisen. Het bestemmingsplan zit in de volgende fase: Startfase
Concept- en ontwerpfase
▼ Vaststellingsfase
Beroepsfase
Relatie met het coalitieakkoord/collegewerkprogramma/eerder aangenomen moties en gedane toezeggingen: Meerjarenprogramma voor de actualisering van bestemmingsplannen Programma Rivieroevers Stadsakkoord Rotterdam. Sterker door 7 stadsprojecten
Blad: Datum: Ons kenmerk:
2/52 21 februari 2023 M2210-4668
Toelichting: Aanleiding Rotterdam heeft de ambitie om de oude overslaghaven Rijnhaven een nieuwe toekomst te geven en te ontwikkelen tot een aantrekkelijk centrumstedelijk woongebied met onder meer horeca, werkfuncties, een strand en een stadspark. Deze ambitie wordt gefaseerd richting realisatie gebracht. Uw gemeenteraad heeft in april 2020 het masterplan vastgesteld waarin deze ambitie voor de gebiedsontwikkeling wordt beschreven. Daarna is in december 2020 de grondexploitatie vastgesteld die de ontwikkeling - samen met de middelen uit de stadsprojecten voor het Rijnhavenpark - financieel onderbouwd. Voor dit park is op 1 februari 2022 het Schetsontwerp vastgesteld door ons college van burgemeester en wethouders. De ambitie gaat verder dan de mogelijkheden die het huidige bestemmingsplan ‘1e herziening Kop van Zuid’ uit 2009 biedt, waardoor een wijziging van het bestemmingsplan noodzakelijk is. In lijn met de door uw raad ingezette koers is daarom het proces in gang gezet voor het nieuwe bestemmingsplan om deze ontwikkeling mogelijk te maken. Op 18 mei 2021 is daarom besloten tot het opstellen van een nieuw bestemmingsplan en het voeren van het vooroverleg ex artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) inzake het concept ontwerpbestemmingsplan ‘Rijnhaven’.
Het nieuwe bestemmingsplan heeft als doel de juridische kaders voor de ruimtelijke ordening in het gebied planologisch te verankeren. Begrenzing plangebied Het plangebied Rijnhaven ligt in het gebied Feijenoord. Het sluit aan op de bestemmingsplannen Kop van Zuid en Afrikaanderwijk en het (concept-) ontwerpbestemmingsplan Katendrecht. Het nieuwe bestemmingsplan Rijnhaven geeft een nieuw kader voor de gewenste ruimtelijke situatie en de mogelijke ontwikkelingen. Het dient daarmee als wettelijk kader voor bouwen en gebruiken van het gebied. De essentie van de gebiedsontwikkeling Rijnhaven is het havenbekken dat haar industriële functie nagenoeg verloren heeft, te transformeren naar een hoogstedelijk en gemengd stuk stad met ruimte voor nieuwe bebouwing en een stadspark. Hiervoor wordt een deel van het bekken aan de noordoostzijde gedempt, waar het nieuwe land een plek gaat bieden voor de bebouwing en het park. Ontwikkelingen De volgende ontwikkelingen worden in het bestemmingsplan opgenomen: A.
Verdichten: drie bouwblokken langs de Posthumalaan Het programma bestaat uit maximaal 3.000 woningen (waarvan 20 procent sociaal, 30 procent middensegment, 35 procent hoger segment en 15 procent topsegment) en verder maatschappelijke voorzieningen, horeca, winkels,
Blad: Datum: Ons kenmerk:
3/52 21 februari 2023 M2210-4668
B.
C.
werkplekken en vrijetijdsvoorzieningen. Parkeren wordt opgelost door middel van een ondergrondse parkeervoorziening. Vergroenen: twee pleinen en een stadspark met strandjes en drijvende parkdelen Naast de bebouwing aan de Posthumalaan komen er twee pleinen, een stadspark met strandjes en drijvende parkdelen. Het stadspark ‘Rijnhavenpark’ geeft invulling aan het programma Rivieroevers en hoort bij de zeven grote stadsprojecten voor de buitenruimte van de stad. Het te realiseren stadspark is een voorziening voor de hele stad en zijn bezoekers. Ook het overgebleven wateroppervlak is onderdeel van het stadspark met drijvende parkvoorzieningen, tijdelijk drijvend programma en waterprogramma. Publiekstrekker Midden in de Rijnhaven is ruimte voor een publiekstrekker. Het voegt een plek toe in het rondje Rijnhaven en voegt een extra bestemming toe in het stadspark. De publiekstrekker omvat een maximaal bouwprogramma van 15.000 m2 b.v.o.
Milieu en nieuwe geluidsgevoelige situaties Voor de ontwikkelingen is milieuonderzoek uitgevoerd. Er is verkennend onderzoek gedaan naar beschermde soorten planten en dieren en er is een watertoets opgesteld. Aan de hand van de onderzoeken blijkt dat de ontwikkelingen in het bestemmingsplan nagenoeg geen invloed hebben op de luchtkwaliteit. Er is voldoende aangetoond dat de nieuwe geluidgevoelige situaties in de bouwfase kunnen voldoen aan het Rotterdamse ontheffingsbeleid. Er zal daarnaast onderzoek worden gedaan naar de doelmatigheid van bron- en overdrachtsmaatregelen die het akoestisch klimaat verbeteren. De uitvoering daarvan valt buiten de scope van dit bestemmingsplan (bijv. verlaging van de snelheid en geluidarm asfalt van de Posthumalaan en afscherming van de metro). Met de onderzoeken is aangetoond dat er geen bezwaren zijn bij de voorgestelde ontwikkelingen. Voor de beoogde nieuwe geluidsgevoelige situaties dienen krachtens de Wet geluidhinder hogere grenswaarden te worden vastgesteld met het oog op het wegverkeer, spoorverkeer en de industrie. Het ontwerpbesluit tot vaststellen van hogere waarden heeft gelijktijdig met het ontwerpbestemmingsplan ter inzage gelegen en doorloopt een eigen vaststellingsprocedure. Het besluit zal als bijlage bij het vastgestelde bestemmingsplan worden opgenomen.
Met een voortoets (bijlage 7 Toelichting Ontwerpbestemmingsplan) is berekend dat de nieuwe ontwikkelingen in het plan geen knelpunt opleveren rond stikstof en Natura 2000gebieden: de bijdrage komt afgerond uit op 0,00 mol/ha/jaar. Naar aanleiding van de recente uitspraak van de Raad van State is de bouwvrijstelling buiten werking verklaard. Daarom is opnieuw naar de bijdrage gekeken en rekening gehouden met de bouw- en gebruiksfase. Voor het project zijn depositieberekeningen gedaan met het rekenprogramma AERIUS Calculator. De berekeningen laten een geringe tijdelijke toename zien van de stikstofdepositie in de Natura 2000-gebieden Solleveld & Kapittelduinen, Biesbosch en Krammer-Volkerak. Aan de hand van een ecologische toets is beoordeeld dat deze geringe, tijdelijke depositietoename met zekerheid niet leidt tot significante negatieve effecten op deze Natura 2000-gebieden. Vanwege het ontbreken van significante effecten is voor het plan/project geen vergunning nodig in het kader van de Wet Natuurbescherming.
Blad: Datum: Ons kenmerk:
4/52 21 februari 2023 M2210-4668
De volumes van het bestemmingsplan zijn ten aanzien van windklimaat en bezonning onderzocht op impact op de omgeving. Er is mede naar aanleiding van zienswijzen nader onderzoek uitgevoerd. Uit dit onderzoek volgt dat ontwikkeling mogelijk is zonder dat er knelpunten optreden. M.e.r.-beoordelingsplicht Op 15 maart 2022 heeft ons college besloten dat geen milieueffectrapport (MER) hoeft te worden opgesteld voor bestemmingsplan Rijnhaven. Dit bestemmingsplan staat nieuwe ontwikkelingen toe die boven de (indicatieve) drempelwaarde uitkomen voor stedelijke ontwikkeling. Om na te gaan of voor het bestemmingsplan een milieueffectrapport dient te worden opgesteld is een verplichte m.e.r.-beoordeling uitgevoerd. Uit de m.e.r.-beoordeling blijkt dat er geen belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu worden verwacht. Het opstellen van een milieueffectrapport voor dit bestemmingsplan is dan ook niet noodzakelijk. Het m.e.r.beoordelingsbesluit is als bijlage bij de toelichting van het ontwerpbestemmingsplan gevoegd. Participatie en communicatie Voor de projecten van de Rijnhaven wordt al enige jaren breed ingezet op communicatie en participatie.
Bijvoorbeeld eind 2018 met een roadshow langs de wijken met het ambitiedocument Rijnhaven, van de markt tot de ouderkamer op school, met 1200 reacties van het publiek met een terugkoppeling begin 2019, en in 2020 meerdere inloopbijeenkomsten over het Masterplan. In oktober 2021 vonden er inloopbijeenkomsten plaats in de Rijnhavenkeet naast het Nieuwe Luxor Theater, met als onderwerp het schetsontwerp voor het Rijnhavenpark. Voor deze dagen zijn 9.000 huishoudens huis-aan-huis uitgenodigd, naast dat er veel publiciteit gegenereerd is via gemeentelijke mediakanalen en sociale media. Deze inloopdagen hadden tot doel omwonenden, belangstellenden en stakeholders bekend te maken met het schetsontwerp van het Rijnhavenpark, alsook de wijze waarop het park wordt ingepast in het eerder gepresenteerde Masterplan Rijnhaven. Aan de hand van gedetailleerde maquettes en artist impressions leerden ruim 600 bezoekers alle ins en outs van het te realiseren Rijnhavenpark. In maart 2022 is naast de reguliere middelen extra ingezet op communicatie over de inhoud van het ontwerpbestemmingsplan, zoals een themapagina in de Stadskrant en de reguliere website en sociale mediakanalen van de gemeente. Verder zijn tijdens de terinzagelegging meerdere inloopbijeenkomsten gehouden. Het was voor iedereen mogelijk een zienswijze in te dienen in de periode dat het ontwerpbestemmingsplan ter inzage lag.
Sinds april 2022 functioneert een klankbordgroep, bestaande uit bewoners en ondernemers uit alle omliggende buurten. Deze komt tweemaal per jaar bij elkaar. De klankbordgroep is en wordt tevens uitgenodigd bij alle inspraak- en informatiemomenten. Eveneens is het ontwerpbestemmingsplan, samen met het stedenbouwkundig plan, gepresenteerd tijdens de inloopbijeenkomst op 11 april 2022. In juli 2022 is daarnaast een informatiebijeenkomst voor de nieuwe wijkraden geweest Deze is door een 15-tal wijkraadsleden bezocht, afkomstig van de drie betrokken wijkraden: Kop van Zuid, Katendrecht-Wilhelminapier en Afrikaanderwijk.
Blad: Datum: Ons kenmerk:
5/52 21 februari 2023 M2210-4668
Vanaf 1 september tot half oktober 2022 heeft het project deelgenomen aan een groepstentoonstelling over de Stadsprojecten in de Bibliotheek met meer dan 10.000 bezoekers. Begin september 2022 zijn tijdens de Wereldhavendagen wederom inloopdagen geweest in de Rijnhavenkeet. Hier konden bezoekers vragen stellen over het vastgestelde stedenbouwkundig plan en konden ze informatie krijgen over het vervolgproces. Ook waren er rondleidingen en de première van een filmpje waarin wordt uitgelegd hoe de demping technisch verloopt. De wijkraden zijn bij al deze momenten uitgenodigd. Met de eigenaar van het Floating Office Rotterdam (FOR) is afstemming geweest. Het FOR is met een vergunning van 10 jaar ontwikkeld en is in het bestemmingsplan meegenomen. De erfpachtafspraken kennen een beperkte looptijd, wat de mogelijkheid geeft om op termijn verplaatsing of verlenging af te wegen. Met erfpachter en initiatiefnemer Codrico is afstemming geweest om het gebruik van de vaargeul te borgen, zolang dit ten behoeve van de bedrijfsvoering noodzakelijk is.
Advisering Wijkraad Katendrecht-Wilhelminapier De nieuw geïnstalleerde wijkraad is in april 2022 gevraagd om advies te geven over het ontwerpbestemmingsplan Rijnhaven. Na uitgebreide consultatie van bewoners van de wijk Katendrecht-Wilhelminapier en na enkele gesprekken met betrokken ambtenaren komt de Wijkraad tot een tiental adviezen. Het advies is 24 augustus 2022 door de Wijkraad vastgesteld en is ingedeeld onder de thema’s verkeer, klimaat en omgeving, bestemming nieuwbouw, buitenruimte en ten slotte participatie. Verkeer W1 Verlaag verkeersdruk op de twee kruispunten De Wijkraad adviseert op zoek te gaan naar oplossingen om de verkeersdruk op de twee kruispunten en uitvalswegen van de wijk te verlagen, zodat ontsluiting van de wijk goed mogelijk blijft. De Wijkraad heeft grote zorgen bij de toename van het verkeer in de wijk. Naast de ontwikkeling van de Rijnhaven zorgen ook de bouwplannen op de Wilhelminapier en in de Pols van Katendrecht voor toenemende verkeersdruk. De Wijkraad vindt het niet gek dat de gedetailleerde verkeersanalyse bij het bestemmingsplan concludeert dat zowel het kruispunt Wilhelminaplein als het kruispunt Brede-Hilledijk/Hillelaan in de spits overbelast zijn. De Wijkraad voorziet dat het voor bewoners steeds moeilijker wordt om de wijk met de auto te verlaten.
Reactie W1 Voor wat betreft mobiliteit is er sprake van 2 pijlers, te weten A) het beleid en B) de feiten en concrete maatregelen. Vanuit het beleid snapt het college de zorgen over toename van verkeer. Want onze bouwplannen leiden tot verdichting en verdichting op zich leidt tot meer verkeer. Maar Rotterdam heeft gekozen voor goede groei in de binnenstad: in de Omgevingsvisie en in de Gebiedsuitwerking Binnenstad wordt expliciet ingezet op de stedelijke ontwikkeling van dit gebied. Als logische plek, vanwege de aanwezige voorzieningen en het netwerk. Dus om de bouw van woningen en voorzieningen mogelijk te maken is de RMA, de Rotterdamse Mobiliteitsaanpak, vastgesteld (gemeenteraad 2020) en hebben we de
Blad: Datum: Ons kenmerk:
6/52 21 februari 2023 M2210-4668
transitie ingezet. De RMA is niet alleen beleid, maar een pakket aan maatregelen dat ver uitstijgt boven het gebied en in de tijd. Met concrete maatregelen die al uitgevoerd zijn en maatregelen voor de lange termijn. Maatregelen zijn niet per se geborgd in een bestemmingsplan en dat hoeft ook niet. Denk daarbij aan afstelling van verkeerslichten, aantal opstelstroken, voorrangssituatie of ongelijkvloers. De RMA zet in op een hogere frequentie en meer capaciteit van het OV (vooral metro), een extra oeververbinding, investeringen in de centrumboulevard Stadsas, verbeteren van het fietsnetwerk, uitbreiding fietsparkeercapaciteit, en een parkeerstrategie. Hiermee zien we mogelijkheden om in de binnenstad 15 tot 25 duizend woningen toe te voegen en evenzoveel arbeidsplaatsen. En als het gaat om concrete feiten en maatregelen rond Rijnhaven: Ondanks dat het verkeersnetwerk direct rondom de Rijnhaven in de huidige situatie al maximaal belast is in de spitsperiode, kan de extra groei aan autobewegingen gefaciliteerd worden, omdat op de andere as nog onbenutte netwerkcapaciteit is: op de Laan op Zuid, de Rosestraat en de route via de Willemsbrug. Doorgaand verkeer dat geen directe herkomst of bestemming heeft in het Rijnhavengebied kan in de toekomst meer via deze wegen gaan rijden.
Duidelijk is wel dat kruispunten zoals bij het Wilhelminaplein en de aansluiting van Katendrecht (Hillelaan - Brede Hilledijk) drukke kruispunten zullen zijn en blijven. Er wordt bij het kruispunt Wilhelminaplein een extra linksaffer gerealiseerd zodat de afwikkeling van uitgaand autoverkeer van de Kop van Zuid / Wilhelminapier verbetert. Daarnaast wordt metrolijn E in reizigerscapaciteit verdubbeld.Verwacht mag worden dat (ook op financiële gronden) door ontwikkelaars ingezet wordt op een lage parkeernorm, omdat parkeerplaatsen in de complexe bouwblokken zeer duur zijn om te bouwen. De locatie heeft een goede OV-bereikbaarheid met de metro en tram in de directe omgeving. Daarbij komt dat de Rijnhavenontwikkeling geleidelijk tot stand komt. Gedurende de ontwikkeltijd van ca. 15 jaar biedt dat de mogelijkheid om te monitoren en bij te sturen in het netwerk. Zo zijn er nog keuzes mogelijk in het verkeersnetwerk die de afwikkeling kunnen optimaliseren. Kruispunten zijn daarin veelal maatgevend: door een slimmere inrichting en benutting (bijv. door beperking van rijrichtingen op overbelaste kruispunten) kan mogelijk een optimalere afwikkeling behaald worden voor alle modaliteiten. W2 Ook uitgebreide toelichting nodig op fiets- en OV-knelpunten De Wijkraad adviseert om de fiets- en OV-knelpunten net zo uitgebreid toe te lichten als de knelpunten rond motorvoertuigen.
Hoewel de analyse van het aantal motorvoertuigen de Wijkraad zorgen baart, is hier in ieder geval een gedetailleerde analyse van de knelpunten beschikbaar. Dit geldt niet voor de fiets- en OV-bewegingen. Het bestemmingsplan verwacht dat het aantal fiets- en OVbewegingen toeneemt met respectievelijk 28,7% en 15,5%. Nu al is te zien dat er meerdere keren per dag fietsfiles ontstaan en dat de metro’s in de spits vol zitten. Uit het bestemmingsplan wordt niet duidelijk of de fiets- en metro infrastructuur overbelast raakt en waar de knelpunten zijn. Reactie W2
Blad: Datum: Ons kenmerk:
7/52 21 februari 2023 M2210-4668
In de mobiliteitsonderzoeken wordt ook nu gedetailleerd rekening gehouden met de verschillende vormen van vervoer, waaronder dus fiets en OV. De situatie voor de motorvoertuigen is gewoonlijk het meest kritisch en leidt als eerste tot knelpunten. Vandaar dat de meeste aandacht uitgaat naar de situatie voor de motorvoertuigen. Wij verwachten geen knelpunten in het OV, omdat met de ‘Metropoolregio Rotterdam Den Haag’, de RET en Gemeente Rotterdam een investeringsproject is afgesproken om de capaciteit van het metronetwerk uit te breiden. De verhoging van de frequentie op metrolijn E maakt hiervan onderdeel uit. In het uitvoeringsprogramma van de Rotterdamse Mobiliteitsaanpak is de aanpak van de stadsas en de directe omgeving van de beide OV-knopen opgenomen. Dit geeft een kwaliteitsimpuls en zorgt voor betere oversteekbaarheid, veiligheid, meer leefbaarheid en biedt ruimte voor voetganger en fiets. Derhalve verwachten we geen knelpunten voor de fiets, maar drukke piekmomenten zijn in de stad niet uit te sluiten. De inrichting van de stad wordt niet ontworpen om alle verkeersstromen maximaal te faciliteren. Klimaat en omgeving W3 Onderzoek meer groenaanleg op Wilhelminapier Het bestemmingsplan Rijnhaven staat kort stil bij hittestress en de noodzaak om hittestress te mitigeren. Het Rijnhavenpark is straks voor bewoners een plek waar zij aan de hitte kunnen ontsnappen.
Wel vraagt de Wijkraad of het veranderen van open water naar park een effect heeft op de ervaren hitte in de straten rond de Rijnhaven, in het bijzonder op de Wilhelminapier. De Wilhelminapier staat bekend als hitte-eiland door de afwezigheid van groen. Reactie W3 De gemeente zet vol in op vergroening van de stad. Dit blijkt onder meer uit de zeven stadsprojecten, waaronder het Rijnhavenpark. Groen en bomen hebben duidelijk een positiever effect op hittestress dan wateroppervlakten. Wij verwachten dan ook juist een verkoelend effect van het park voor de omgeving, waaronder de Wilhelminapier. Onderzoek naar meer groenaanleg en plannen voor de inrichting van de Wilhelminapier vallen buiten het kader van dit bestemmingsplan en de gebiedsontwikkeling Rijnhaven. W4 Toelichting is nodig op de effecten van demping Rijnhaven De Wijkraad adviseert om de effecten van demping op het grondwaterpeil en de funderingen van omliggende gebouwen nader toe te lichten. Door het dempen van de Rijnhaven verandert de druk op de ondergrond. Dit heeft onder andere gevolgen voor de grondwaterstand in de gebieden rond de Rijnhaven. De Wijkraad vraagt zich af wat dit voor effect heeft op de funderingen van de bebouwing rond de Rijnhaven. Sommige (monumentale) gebouwen staan zelfs op houten palen die gevoelig zijn voor de grondwaterstand.
De Wijkraad stelt dat volgens het bestemmingsplan de gevolgen van demping voor de funderingen eerst doorgerekend moeten worden, voordat met demping begonnen kan worden. De demping van de Rijnhaven is al begonnen, desondanks zit er nog geen effectberekening bij het bestemmingsplan. Reactie W4 Door uitgebreid geotechnisch onderzoek is de situatie vooraf in beeld gebracht en zijn de mogelijke effecten door demping op funderingen en grondwaterpeil doorgerekend. Dit heeft geleid tot de zorgvuldige aanpak die gekozen is voor de gefaseerde demping van de
Blad: Datum: Ons kenmerk:
8/52 21 februari 2023 M2210-4668
Rijnhaven, waarin laag voor laag wordt aangebracht. Daarnaast monitoren we de situatie volcontinu, vooraf en tijdens de werkzaamheden, om tijdig te kunnen ingrijpen als de resultaten afwijken van de modelberekeningen. Bestemming nieuwbouw W5 Breng oppervlak kantoren in lijn met kantorenvisie De Wijkraad adviseert om het maximaal aantal vierkante meters voor kantoren in het bestemmingsplan drastisch terug te brengen en niet af te wijken van de kantorenvisie. De Wijkraad ziet geen noodzaak om het aanbod van kantoorruimte in de wijk verder te vergroten. Op dit moment zijn er veel (grootschalige) kantoren aanwezig in de wijk. Dit verhoogt de verkeerslast, vooral in de spitsuren. Bovendien zorgt het voor een “leeg” gevoel buiten kantoortijden. Daarbij is in de “Strategie Werklocaties 2019 – 2030” van de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) een uitbreiding van de kantoorcapaciteit met 10.325 m2 opgenomen. Conform het vastgestelde bestemmingsplan Kop van Zuid wordt deze capaciteit verdeeld over de nieuwbouw van de rechtbank en de locatie “Baltimore”. Het bestemmingsplan Rijnhaven laat maximaal 25.000 m2 aan kantoorruimte toe. Dit is niet in lijn met de kantorenvisie, noch met de wensen van de Wijkraad.
Reactie W5 Het maximale oppervlak aan kantoorruimte is in lijn met de Nota Kantoren Rotterdam en de uitgewerkte Gebiedskoers kantoren voor de Kop van Zuid die in 2020 door de gemeenteraad zijn vastgesteld. De Nota en Gebiedskoers vormen de herijking van de Strategie Werklocaties. Met deze herijking is het planaanbod voor kantoren voor het grootste deel omgezet naar programma voor woningbouw. Hierin zoeken we conform de goede groei, naar een stedelijke mix van wonen-werken-voorzieningen. De nieuwe locatie aan de rand van Kop van Zuid leent zich goed en kan inspelen op de vraag naar hoogwaardige kleine kantoren naast grootschalige kantoren. Hierin is gesteld dat groei van de voorraad tot 2030 wenselijk is tot een niveau van 309.000 m² vvo. (Dat is + 29.500 m² t.o.v. situatie begin 2019.) Aanleiding hiervoor is dat de bestaande voorraad wordt gekenmerkt door (zeer) grootschalige kantoren, terwijl ook veel kleinere kantoorgebruikers zich in het gebied vestigen. Hiervoor is een toevoeging van kleinschaligere kantoren van toegevoegde waarde. Aangezien de Rijnhaven ook voorziet in de vraag naar kantoren na 2030 en er nu sprake is van nieuwe kantoorconcepten (grotere verdiepingsvloeren, nabij hoogwaardig ov en met diversiteit aan voorzieningen in de directe omgeving) is een omvang van 25.000 m2 in het bestemmingsplan gewenst.
Het is bovendien waarschijnlijk dat een deel van de bestaande kantoren op de Kop van Zuid wordt getransformeerd, omdat er nu al een krimp zichtbaar is van grootschalige kantoren in Rotterdam. De nieuwbouw zal dus niet 100% leiden tot groei van de kantorenvoorraad, maar nodig zijn voor de vervanging van verouderde concepten en de vraag vanuit wonen. W6 Onderzoek betere spreiding winkelaanbod over Katendrecht In het bestemmingsplan Rijnhaven stelt de gemeente dat Katendrecht-Wilhelminapier een relatief groot gebied is met een beperkt winkelaanbod. Vooral het aanbod aan detailhandel is beperkt. De Wijkraad herkent dit beeld en is blij dat de gemeente dit tekort erkent. De Wijkraad vraagt zich wel af of het creëren van een winkelconcentratie rond het metrostation Rijnhaven dit ervaren tekort volledig oplost. Voor de bewoners op
Blad: Datum: Ons kenmerk:
9/52 21 februari 2023 M2210-4668
Katendrecht zijn deze winkels immers verder weg dan de bestaande Jumbo. Voor oudere bewoners die op de punt van de Kaap wonen is de afstand naar het polsgebied te groot. Reactie W6 In het stedelijk detailhandelsbeleid is het doel voor detailhandel te komen tot toekomstbestendige winkelconcentraties. Daarom wordt nieuwe verspreide detailhandelsvestiging buiten deze winkelgebieden als ongewenst getypeerd. De vastgestelde gebiedskoers gaat uit van een toekomstbestendige winkelconcentratie in de pols van Katendrecht, rond metrostation Rijnhaven en daarom is voor de positionering van de detailhandel in Rijnhaven aansluiting gezocht bij de bestaande Jumbo-locatie. Met het distributieplanologisch onderzoek (DPO) is dit onderzocht. Ook het beleid van de provincie en de metropoolregio zijn hier kader stellend. Winkels die reeds een plek hebben buiten de winkelgebieden en passen binnen het bestemmingsplan worden overigens niet actief gesaneerd. In het nieuwe bestemmingsplan voor Katendrecht wordt ingegaan op de spreidingsmogelijkheden binnen Katendrecht. W7 Maak expliciet hoeveel ruimte er is voor voorzieningen als scholen De Wijkraad vindt het bestemmingsplan onduidelijk over maatschappelijke voorzieningen zoals scholen, kinderopvang en medische voorzieningen. In de toelichting op het bestemmingsplan staat namelijk dat geluidgevoelige voorzieningen niet zijn toegestaan.
Terwijl in de regels staat dat het college van burgemeester en wethouders van deze bepaling kan afwijken bij het verlenen van een omgevingsvergunning. Het stedenbouwkundig plan stelt dat deze hoeveelheid woningen juist behoefte heeft aan o.m. twee basisscholen en drie huisartsen. De Wijkraad adviseert om expliciet aan te geven hoeveel ruimte er is voor maatschappelijke voorzieningen zoals scholen, kinderopvang en medische voorzieningen. En hoe de toekomstige bewoners van de Rijnhaven aan deze geluidgevoelige voorzieningen kunnen komen. Reactie W7 In het bestemmingsplan is in totaal maximaal 25.000 m2 ruimte voor maatschappelijke voorzieningen opgenomen. Dat komt overeen met de tabel die in het stedenbouwkundig plan is weergegeven. Die tabel geeft aan wat volgens referentienormen nodig zou zijn, gegeven een woningaantal van 3000 en gezien de te verwachten huishoudenssamenstelling van de Rijnhavenontwikkeling. Daarmee biedt het bestemmingsplan de ruimte aan de nodige meters maatschappelijke voorzieningen die volgens referentienormen mogen worden verwacht. Het is ongewenst om dit meer gedetailleerd vast te leggen, omdat daarbij de flexibiliteit verloren zou gaan om in te kunnen spelen op de concrete vraag naar voorzieningen. Bij de huishoudenssamenstelling is nu rekening gehouden met meer senioren, kleine huishoudens en minder gezinnen.
Wij zien in Rijnhaven, gezien de doelgroepen geen behoefte voor extra basisscholen. De behoefte aan scholen wordt op gebiedsniveau gemonitord door de gemeente. De gemeente zal bij de uitwerking van elk blok meer specifiek worden in het beoogde en vereiste programma van het blok, en zo kunnen inspelen op de vraag die ontstaat vanuit de wijk of het blok. In blok 1 is bijvoorbeeld minimaal 10.000 m2 aan maatschappelijke voorzieningen vereist, waaronder een gezondheidscentrum van circa 1.000 m2. Het Rotterdamse ontheffingsbeleid is strenger voor geluidgevoelige maatschappelijke voorzieningen dan voor woningen. Dit betekent dat er in deze met geluid belaste
Blad: Datum: Ons kenmerk:
10/52 21 februari 2023 M2210-4668
omgeving hogere eisen gesteld worden aan het toestaan van bijvoorbeeld scholen en kinderdagverblijven. Er is uitgebreid onderzoek nodig om aan te tonen waar en onder welke voorwaarden de voorzieningen kunnen passen. Dergelijk onderzoek is sterk afhankelijk van de exacte locatie vanwege de afschermende werking van te realiseren bebouwing. Het is daarom in deze fase niet doelmatig. Zodoende zijn deze voorzieningen in eerste instantie niet toegestaan in het bestemmingsplan. In een latere fase kan met een afwijkingsprocedure en nader onderzoek aangetoond worden dat enkele specifieke locaties wél geschikt zijn voor dergelijke voorzieningen. Toekomstige bewoners blijven overigens voor veel voorzieningen afhankelijk van initiatieven uit de ‘markt’. Buitenruimte W8 Toelichting nodig op tegengaan overlast rond strand De Wijkraad vraagt om in het inrichtingsplan voor de Rijnhaven toe te lichten hoe de gemeente overlast rond het strand wil voorkomen. Door het aanleggen van het Rijnhavenpark wordt de toegankelijke buitenruimte in de wijk fors vergroot. De Wijkraad vraagt zich af of de gemeente in staat is deze buitenruimte effectief te beheren. Nu al ziet de Wijkraad dat de omgeving van de Kop van Zuid vaak een rommelig aanblik heeft. Er slingert veel afval op straat en langs het water lopen veel ratten.
Daarnaast leven er bij de Wijkraad zorgen over de veiligheid rond het aan te leggen Rijnhavenstrand. Door de bereikbaarheid en aantrekkelijke ligging van de Rijnhaven is een vergelijking te trekken rond overlast bij het strand van Nesselande. Reactie W8 Het is de ambitie om hier een stadspark te maken waar mensen graag naartoe gaan en gaan recreëren. Daar zal de beheeraanpak ook op worden afgestemd. Bij besluiten over inrichtingsplannen wordt natuurlijk ingegaan op investeringen, veiligheidskwesties, de mogelijke uitvoering en de kosten voor het beheer. De Rijnhaven heeft inderdaad een goede bereikbaarheid en aantrekkelijke ligging. Van vergelijkbare situaties elders in de stad kan veel geleerd worden. Die lessen worden meegenomen bij plannen voor de inrichting en het beheer. Omwonenden en de Wijkraad worden verder betrokken bij de uitwerking van de inrichtingsplannen en plannen voor het beheer van het park. Tegelijkertijd is het ook een gezamenlijke verantwoordelijkheid van bewoners en gebruikers van de stad om deze netjes achter te laten en er verantwoord mee om te gaan. W9 Schrap publiekstrekker mede tot behoud wateroppervlak Het bestemmingsplan laat de mogelijkheid open voor een publiekstrekker in de Rijnhaven. Met het landverhuizersmuseum krijgt onze wijk binnen enkele jaren al een toeristische trekpleister.
Daarom adviseert de Wijkraad om de publiekstrekker in de Rijnhaven te schrappen, mede in verband met het behouden van zo veel mogelijk wateroppervlak en om nog meer overlast te voorkomen. Reactie W9 Het gebied rond de Rijnhaven is onderdeel van de Rotterdamse binnenstad op twee oevers, waar reeds vele publiekstrekkers gevestigd zijn: Nieuwe Luxor, Fotomuseum, LantarenVenster, Theater Walhalla en binnenkort museum Fenix inderdaad. En naast het stadspark Rijnhaven, dat ook een publiekstrekker is, ziet de stad ruimte en kansen voor een bijzondere publiekstrekker in/op het water. Deze publiekstrekker is breed bestemd
Blad: Datum: Ons kenmerk:
11/52 21 februari 2023 M2210-4668
(zie 7.4.1.) en kan variëren van een museum tot een drijvend zwembad. Inmiddels is door de gemeenteraad voor de publiekstrekker een NvU, Nota van Uitgangspunten Maritiem Centrum vastgesteld. Daarnaast herkennen wij ons niet in het beeld dat de bestaande publiekstrekkers vooral overlast veroorzaken. Participatie W10 Betrek de Wijkraad beter en vooral tijdiger bij volgende fases De Wijkraad waardeert het dat de gemeente met de participatie rond dit ontwerpbestemmingsplan verder probeert te gaan dan bij de meeste bestemmingsplannen. Met de Rijnhavenkeet is er bovendien een toegankelijk plek in de wijk waar bewoners, belanghebbenden en geïnteresseerden informatie kunnen vinden. De Wijkraad merkt helaas dat de plannen rond participatie niet uit de verf komen. De meeste bewoners die de Wijkraad spreekt weten weinig over de inhoud en de stand van zaken van het bestemmingsplan. Daarom twijfelt de Wijkraad of de informatievoorziening via de wijkkrant en de reguliere website voldoende zijn voor goede participatie. In de toelichting van het bestemmingsplan staat dat tijdens de terinzagelegging een informatieavond wordt gehouden in overleg met de wijkraden. De terinzagelegging liep van 21 maart 2022 tot en met 2 mei 2022. De informatieavond met de Wijkraad vond pas plaats op 5 juli, ruim twee maanden nadat de periode van terinzagelegging afliep.
Mede hierdoor leeft onder wijkraadsleden het gevoel continu achter de ontwikkelingen aan te lopen. Reactie W10 Wij danken de Wijkraad voor de waardering die uitgesproken wordt over de extra inzet die gedaan wordt op participatie. De nieuwe wijkraden zijn half april geïnstalleerd, tijdens de terinzagelegging. Eerder informeren was niet mogelijk. In overleg met de wijkmanager is op zoek gegaan naar een extra voorlichtingsbijeenkomst, speciaal voor de drie nieuwe wijkraden, zodat zij ook na de sluitingstermijn van de terinzagelegging hun inbreng hebben kunnen leveren. De gemeente is gestart met een omgevingsmanager. Er is een klankbordgroep ingesteld en er worden geregeld projectevenementen georganiseerd. Bij die evenementen worden zowel de wijkraden als de klankbordgroep uitgenodigd. Het tempo ligt hoog, met veel contactmomenten en gaandeweg worden keuzes gemaakt. Keuzes die niet steeds opnieuw ter discussie staan. We begrijpen dat hierdoor een gevoel kan ontstaan van achter de ontwikkelingen aan te lopen. De gemeente gaat graag in gesprek met de Wijkraad om het grotere verhaal van de ontwikkelingen scherp in beeld te houden.
Terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan Het ontwerpbestemmingsplan ‘Rijnhaven’ heeft gedurende een periode van zes weken ter inzage gelegen, te weten met ingang van 21 maart 2022 tot en met 2 mei 2022. Reclamanten en ontvankelijkheid De terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan leidde tot de indiening van 13 schriftelijke zienswijzen: 1. Provincie Zuid-Holland, Postbus 90602, 2509 LP Den Haag; 2. Reclamant 2; 3. Reclamant 3;
Blad: Datum: Ons kenmerk:
12/52 21 februari 2023 M2210-4668
4. 5. 6. 7. 8. 9. 10. 11. 12. 13.
Frame Vastgoed Participaties B.V., Voorstraat 31, 3231 BE Brielle; Stichting Game Changers (ANBI), Delftsestraat 25, 3013 AD Rotterdam; Rotterdam Topsport, Van Zandvlietplein 20, 3077 AA Rotterdam; Rotterdam Festivals, Postbus 21362, 3001 AJ Rotterdam; Nauta Dutilh, Postbus 7113, 1007 JC Amsterdam, namens Pathé Theatres B.V.; Reclamant 9 (met 140 ondertekenaars); JMR Event Makers, Van der Takstraat 46, 3071 LM Rotterdam; Rijksvastgoedbedrijf, Postbus 16169, 2500 BD Den Haag; Stichting Wereldhavendagen, Postbus 6060, 3002 AB Rotterdam; Reclamant 13 (mede namens 44 bewoners Wilhelminapier en Katendrecht).
Zienswijze nummer 13 is niet tijdig kenbaar gemaakt. Deze zienswijze met dagtekening 31 mei 2022 is op 2 juni 2022 door ons ontvangen. In verband met deze termijnoverschrijding is deze zienswijze niet ontvankelijk en stellen we voor deze zienswijze buiten behandeling te laten. De zienswijze is wel samengevat en van een ambtelijke reactie voorzien, zodat uw gemeenteraad hiervan kennis kan nemen. De overige zienswijzen zijn aan de juiste instantie gericht en tijdig ingekomen, zodat reclamanten in hun zienswijzen kunnen worden ontvangen.
Samenvatting en beantwoording van de zienswijzen 1 Provincie Zuid-Holland, postbus 90602, 2509 LP Den Haag De provincie merkt op dat het plan past binnen de door Gedeputeerde Staten aanvaarde woonvisie en dat het zowel in kwantitatieve als kwalitatieve zin een belangrijke bijdrage levert aan de woningbouwopgave. 1.1 Detailhandel is onvoldoende onderbouwd Reclamant hanteert als uitgangspunt dat nieuwe detailhandel moet voldoen aan de in het Omgevingsbeleid beschreven ontwikkelingsperspectief. Aangetoond dient te worden dat als gevolg van de ontwikkeling het woon- en leefklimaat niet onevenredig wordt aangetast en geen onaanvaardbare leegstand ontstaat. Er dient advies gevraagd te worden aan de Adviescommissie Detailhandel Zuid-Holland. Reclamant neemt er kennis van dat de gemeente nader onderzoek laat doen naar de effecten van de toevoeging van detailhandel in relatie tot de detailhandelsstructuur binnen het verzorgingsgebied. Mocht nader onderzoek naar de behoefte uitwijzen dat toevoeging van winkelmeters in de dagelijkse sector op deze plek gerechtvaardigd is, dan verzoekt reclamant de detailhandelsbestemming hierop te specificeren op de behoefte aan dagelijkse goederen. Ten aanzien van eventuele sanering van detailhandel wijst reclamant erop dat zowel feitelijke als planologische sanering uit hetzelfde verzorgingsgebied van detailhandel daarbij uitgangspunt is.
Reclamant ziet de toevoeging van detailhandel op deze plek niet als onderdeel van het kernwinkelgebied in de binnenstad van Rotterdam. Reclamant verzoekt het plan alsnog aan de commissie toe te sturen en bij voorkeur te combineren met de adviesaanvraag voor de Pols van Katendrecht. Reclamant vindt dat de toe te voegen wijkgebonden detailhandel
Blad: Datum: Ons kenmerk:
13/52 21 februari 2023 M2210-4668
in de Pols van Katendrecht/ Rijnhaven in de praktijk betrekking zal hebben op dezelfde wijkwinkelvoorziening, en in totaal dan met meer dan 4.000 m2 b.v.o. wordt uitgebreid. Reclamant concludeert dat op basis van de aangeboden gegevens het ontwerpbestemmingsplan niet in overeenstemming is met het provinciaal ruimtelijk beoordelingskader en verzoekt om het plan op deze punten aan te vullen. Reactie: De provincie Zuid-Holland en de gemeente zijn al een tijd in gesprek over detailhandel in de Pols van Katendrecht/Rijnhaven. Gesprekken hebben o.a. geleid tot een adviesaanvraag aan de Adviescommissie Detailhandel Zuid-Holland in september 2022. De adviesaanvraag is gecombineerd met de aanvraag voor de Pols van Katendrecht. In de aanvraag is uiteengezet waarom de gemeente vindt dat het bestemmingsplangebied onderdeel is van het kernwinkelgebied in de binnenstad: Het Rijnhavenkwartier is al vele jaren beleidsmatig en in de praktijk een onderdeel van de Rotterdamse binnenstad met een bovenregionale bezoekersfunctie (toerisme) en is aantoonbaar geen reguliere stadswijk. Op uitvoeringsniveau heeft Rotterdam instrumenten en een transformatieaanpak ontwikkeld om marktruimte te creëren in complementaire gebieden en nieuwe detailhandel (en retail in brede zin) toe te voegen ter versterking van de bestaande detailhandelsstructuur.
Geconcludeerd kan worden dat het toevoegen van detailhandel in Rijnhaven en het Rijnhavenkwartier gebaseerd is op een integrale ruimtelijke visie en aanpak met een structureel karakter en stedelijke urgentie. Daarom kan gesteld worden dat de plannen in lijn zijn met provinciaal, regionaal en gemeentelijk beleid. Recent distributieplanologisch onderzoek (DPO) concludeert voor de winkelstructuur in de wijk Feijenoord dat er een goed perspectief is voor een modern cluster van dagelijks aanbod in het Rijnhavenkwartier. Dit heeft te maken met de bevolkingsontwikkeling en de ruimtelijke verdeling van de woningbouw in het verzorgingsgebied. Een invulling met supermarkten en/of speciaalzaken beantwoordt aan de behoefte van toekomstige bewoners en bezoekers van het gebied. Het aanbod is dan niet alleen wijkgericht, maar ook sterk gericht op bezoekers (zakelijk, educatie, toerisme en recreatie). Derhalve is er dus ook behoefte aan niet dagelijks aanbod. Als reactie op de adviesaanvraag komt de Adviescommissie Detailhandel Zuid-Holland op 27 oktober 2022 tot een positief advies en geeft het volgende mee.
De adviescommissie hecht grote waarde aan de langjarige evolutie van visievorming en daarmee gepaard gaande consequente beleidshouding van de gemeente waarmee de Kop van Zuid meer en meer onderdeel van het stadscentrum is geworden en zich ook als zodanig heeft kunnen ontwikkelen, met een eigen signatuur. Daardoor sluit de commissie zich erbij aan dat het Rijnhavenkwartier beschouwd wordt als binnenstadsrandgebied of centrumrandzone. Eveneens grote waarde hecht de adviescommissie aan de geformuleerde ambities van de gemeente om van het Rijnhavenkwartier een hoogstedelijk, levendig en aantrekkelijk gebied te maken dat interessant is voor bewoners én voor bezoekers. De gemeente wil hier echt iets tot stand brengen. De adviescommissie heeft er waardering voor dat de twee voorgelegde bestemmingsplannen in samenhang zijn voorgelegd en dat de rapporten ‘Detailhandelsprogramma en positionering Rijnhavenkwartier Rotterdam’ (BRO) en
Blad: Datum: Ons kenmerk:
14/52 21 februari 2023 M2210-4668
‘Rijnhaven Rotterdam, Retailvisie en Plintprogramma’ (ArnoRuigrok PPP) een beschouwing geven op het gehele Rijnhavenkwartier. Het is dan ook mede op basis van deze samenhang dat de adviescommissie haar bevindingen met de gemeente deelt. Het draagvlak voor toevoeging van 7.000 m2 winkelvloeroppervlak (wvo) (9.000 m2 bvo) dagelijks aanbod, geconcentreerd in een boodschappencluster aan de oostzijde van het Rijnhavenkwartier, is naar oordeel van de commissie voldoende onderbouwd. Daarmee is er voldoende onderbouwing voor de 3.000 m2 bvo (dagelijkse) detailhandel die toegestaan is in bestemmingsplan Rijnhaven. Naar aanleiding van de zienswijze is het nodig om een en ander in de toelichting van het bestemmingsplan te verduidelijken en te onderbouwen. En in de regels de detailhandel nader te specificeren naar dagelijkse detailhandel. Hiermee kan tegemoetgekomen worden aan de zorgen van reclamant. Voorstel: Wij stellen u voor de zienswijze gegrond te verklaren en het ontwerpbestemmingsplan als volgt aan te passen: Toelichting: In paragraaf 2.3.9.
de tekst onder kopje Actualisatie te vervangen door: Actualisatie De gebiedskoers Detailhandel Feijenoord is geactualiseerd voor de periode 2022-2025 op basis van een analyse van de huidige situatie (gebiedspaspoort), waarin de gebiedskoers 2017-2020 ontwikkeling heeft gebracht en op basis van de bestemmingsplannen Katendrecht-Pols (18-04-2012) en Katendrecht (concept 06-01-2019). Het Rijnhavenkwartier wordt gekenmerkt als een binnenstadsrandgebied en een kansgebied. De ontwikkelingen die Katendrecht, de Wilhelminapier en de Rijnhaven doormaken als onderdeel van de binnenstad op twee oevers, in combinatie met het veranderend profiel van de winkelconcentratie Afrikaanderplein, zijn aanleiding voor een nieuwe moderne winkelconcentratie in de Pols van Katendrecht en in aansluiting hierop in het zuidoostelijke bouwblok van de gebiedsontwikkeling Rijnhaven. Uitgangspunt is dat het Rijnhavenkwartier tot een geconcentreerd en goed geprofileerd gebied ontwikkeld wordt dat de stedelijke en lokale detailhandelsstructuur versterkt. De locatie nabij metrostation Rijnhaven, tussen de wijken en nabij een bestaande supermarkt (Jumbo) is in combinatie met de vergunde detailhandel van View I en Stilwerk, in de basis de plek waar een concentratie van retail logisch, kansrijk en gewenst is.
Het is de ambitie hier zowel een kwalitatief dagelijks voorzieningencluster te realiseren, als een concentratie van nietdagelijkse retail rond Stilwerk die past bij de aantrekkelijke en interessante functiemix van een binnenstadsrandgebied. Paragraaf 4.5.2. Detailhandel te vervangen door: 4.5.2 Detailhandel In de Centrum-bestemming is met een aanduiding aangegeven waar in de 'plint' van de bebouwing dagelijkse detailhandel is toegestaan, namelijk alleen in het zuidoostelijke blok nabij metrostation Rijnhaven. Voor deze detailhandel geldt een maximum van 3.000 m2 b.v.o. voor het totaal. Het gaat om detailhandel bedoeld voor levensmiddelen en persoonlijke verzorging. Dit totaal en de situering ervan komen voort uit bestaande en nieuwe beleidsambities. In paragraaf 2.3.9 is beschreven hoe deze locatie in het Rotterdamse detailhandelsbeleid door de jaren heen steeds duidelijker een plek en lading gekregen heeft. Met de gebiedsontwikkeling Rijnhaven erbij is dit nog scherper en meer urgent geworden. Dat heeft geleid tot het opstellen van een retailvisie voor deze te ontwikkelen concentratie. Deze retailvisie geeft invulling aan dat heldere profiel dat in de gebiedskoersen 2022-2025 als belangrijk en noodzakelijk is geacht. De visie voorziet een dagelijks voorzieningencluster rond metrostation Rijnhaven, waar naast het blok in de
Blad: Datum: Ons kenmerk:
15/52 21 februari 2023 M2210-4668
Rijnhavenontwikkeling ook de kop van Katendrecht (The View I en II) onder valt. De 3.000 m2 retail in Rijnhaven zal dus hoofdzakelijk dagelijkse detailhandel gaan betreffen; een tweede supermarkt, wenselijk volgens de detailhandelskoers, zou hier dus een goede invulling zijn. Rond Stilwerk in het monumentale pakhuis Santos en verder in Pols Noord rond de Bundweg voorziet de retailvisie binnen een organische, langere termijn ontwikkeling kansen en ruimte voor winkels (vooral non-food) als onderdeel van een aantrekkelijke en sfeervolle binnenstedelijke functiemix. Er is op basis van de verwachte ontwikkeling binnen Feijenoord en het centrum van Rotterdam een DPO uitgevoerd die de ambities en metrages van de retailvisie staaft (zie bijlage 6). In de regels in artikel 3.1.i. en 3.5.1.k. het begrip ‘detailhandel’ te vervangen door ‘dagelijkse detailhandel’.
2 Reclamant 2 2.1 Geen drijvend park aan de zuidzijde van de Rijnhaven Reclamant wijst naar de Cultuurhistorische Verkenning Rijnhaven, met daarin de beschrijving van waardevolle stedenbouwkundige structuren en het belang voor de instandhouding van de historische leesbaarheid van het havenbekken en zijn omgeving. Reclamant heeft daarom bezwaar tegen de aanduiding van een drijvend park met groenvoorzieningen aan de zuidzijde van de Rijnhaven. Reclamant vindt dat het rijksmonument Codrico / Latenstein aan een kade hoort te staan en niet aan een drijvend park. Daarbij hebben de kades ook een belangrijke historische waarde. Tijdens de Tweede Wereldoorlog hebben de Duitse bezetters de kades en haveninstallaties opgeblazen. Bij de Wederopbouw werd voorrang gegeven aan herstel van de havens. De in 1946 -1947 herbouwde kades met bijbehorende kraan- en treinsporen gelden dan ook als een monument voor de Wederopbouw van haven en stad. Reclamant vindt dat een drijvend park hier geen nieuwe waarde toevoegt, want aan de overzijde (de zonzijde!) is al in een drijvend park voorzien. Het park ontneemt het zicht op de kades en belemmert de mogelijkheid om daar nog schepen te kunnen afmeren. De kosten van deze voorziening kunnen beter aan andere zaken worden besteed.
Reactie: De cultuurhistorie is voor de ontwikkeling van Rijnhaven heel belangrijk en het rijksmonument Codrico/ Latenstein zeer waardevol. Deze waarden komen op verschillende manieren terug in het bestemmingsplan. Zo blijft de karakteristieke vorm van de haven heel herkenbaar en met het materiaalgebruik wordt volop teruggewezen naar het roemrijke verleden. Ook wordt er ingezet op meer dynamiek op het water in het nu lege havenbekken. Verder worden materialen van de kade bij de inrichting hergebruikt in het plangebied. De kade blijft behouden en blijft straks vrij van grote schepen van de beroepsvaart. De recreatievaart zal andere afmeervoorzieningen nodig hebben dan de beroepsvaart nu. Anders dan reclamant stelt zijn wij van mening dat een drijvend park op enkele meters gelegen langs de kade extra waarde toevoegt, juist omdat gebruikers/bezoekers van het drijvend park de kade als echte kade blijven zien. Het landgedeelte van de kade is overigens in het naastgelegen bestemmingsplangebied gelegen en over de inrichting van de kade zelf doet een bestemmingsplan geen uitspraak.
Blad: Datum: Ons kenmerk:
16/52 21 februari 2023 M2210-4668
Voorstel: Wij stellen u voor de zienswijze ongegrond te verklaren.
3 Reclamant 3 3.1 Maritiem levendige haven dient als uitgangspunt programma Reclamant onderschrijft de essentie van de gebiedsontwikkeling Rijnhaven, het realiseren van een hoogstedelijk en gemengd stuk stad. Reclamant vindt het acceptabel dat hiervoor een gedeelte van de Rijnhaven wordt gedempt. Reclamant vindt het bestempelen van het resterende gedeelte van de Rijnhaven als onderdeel van een park, dus als een ‘recreatieplas’ in strijd met zowel de identiteit als met de cultuur-historische betekenis van dit oer Rotterdamse havenbekken. Reclamant vindt dat het havenkarakter van de Rijnhaven voorop dient te staan. Dus ook ruimte voor scheepvaart en andere activiteiten die jaarrond en 24x7 voor levendigheid op het water zorgen. Zoals momenteel de wikkelboten, de steigerhaven voor de watertaxi’s en straks ook het varen en afmeren van motorsloepen, rondvaart- en partyschepen e.d. Reclamant leest in de toelichting op het parkontwerp dat dit soort activiteiten in de toekomst niet welkom zijn. Dus geen gemotoriseerde scheepvaart m.u.v. de watertaxi. Reclamant vindt het logisch en leuk dat nabij het toekomstige strand wat mensen het water in zullen gaan en zelfs een stukje in de haven gaan zwemmen, maar dat mag niet het karakter van de hele haven bepalen. Momenteel meren nog regelmatig vrachtschepen af aan de kade voor de fabriek Codrico.
Die fabriek met zijn kenmerkende bedrijfsgebouwen met aansluitende kaden met kranen en installaties is nog geheel intact en een belangrijk karakterbepalend onderdeel van de Rijnhaven en een verbinding met het roemruchte verleden. Reclamant vindt dat de directe relatie van de fabrieksgebouwen met kaden en installaties met het havenbekken behouden dient te blijven, zodat daar bij een nieuwe functie van het Codrico ensemble ook weer schepen kunnen afmeren. Reclamant vindt het voor Codrico aanleggen van pontons met groen hier absoluut niet bij passen. Kortom de maritieme levendigheid van de haven dient uitgangspunt te zijn voor het toekomstig waterprogramma. De Rijnhaven moet geen ‘Rijnplas’ - geen recreatieplas met waterfietsen e.d. zoals je die wel aantreft bij vakantieparken - worden, maar een stoere en levendige Rotterdamse haven blijven met interactie tussen kade en haven, dus met varende en afmerende schepen. Reclamant vindt dat de Rijnhaven in de toekomst niet gebruikt mag worden als een drijvend pretpark waar vrijwel onbeperkt evenementen kunnen worden gehouden.
Reclamant concludeert het volgende: de aanduiding ‘drijvend park’ aan de zuidzijde kan komen te vervallen; de aanduiding ‘vaarweg’ dient permanent te blijven en niet te vervallen bij het vertrek van de activiteiten van Codrico; in ‘drijvend programma’ dienen ook nu aanwezige elementen als de wikkelboten en de steigerhaven voor watertaxi’s permanent mogelijk te zijn; uit te spreken dat in de bestemming ‘Water – 1’ hoogstens een beperkt aantal malen per jaar kleinschalige evenementen passend bij het havenkarakter zullen worden toegestaan.
Blad: Datum: Ons kenmerk:
17/52 21 februari 2023 M2210-4668
Reactie: Wij zijn het met reclamant eens dat de Rijnhaven geen recreatieplas en/of drijvend pretpark mag worden. Dat is ook niet wat de gemeente als ambitie in het masterplan Rijnhaven én stadsproject Rijnhavenpark heeft opgeschreven. Het voornemen is een stadspark in het havenbekken te realiseren, waar de historie en sfeer van een haven een belangrijke rol blijven spelen. En waarmee weer nautische levendigheid in het bekken komt. Het is dus niet zo dat alleen tijdelijk drijvend programma/drijvend park in het bekken mogelijk is. In de bestemming Water – 1 en Water – 2 is overal verkeer te water mogelijk, inclusief de daarbij behorende voorzieningen. Dit heeft ook betrekking op de kades, waarvoor in een latere fase het parkontwerp verder wordt uitgewerkt. En waarop in een latere fase ook inspraak mogelijk is. Voorstel: Wij stellen u voor de zienswijze ongegrond te verklaren.
4 Frame Vastgoed Participaties B.V., Voorstraat 31, 3231 BE Brielle 4.1 Scheiding tussen bestemmingen is te rigide Reclamant herkent zich in de doelstelling om een hoogstedelijk milieu met internationale allure vast te leggen en steunt de stap met een ontwerpbestemmingsplan. Met het Masterplan Rijnhaven legt de gemeente echter een zeer moeilijk ontwikkelbaar plan vast, waardoor de gebiedsontwikkeling dreigt te stagneren. Volgens reclamant laat de verbeelding van het bestemmingsplan zien dat het Masterplan Rijnhaven uit 2020 de planregels te strikt dicteert. Het ontwikkelproces is gebaat bij een ruime mate van flexibiliteit. Deze flexibiliteit is niet alleen noodzakelijk voor het bepalen van de definitieve plangrenzen van de bouwblokken en voor de positie van de torens op de bouwblokken, maar deze flexibiliteit is ook essentieel voor de totstandkoming van de uiteindelijke (bouw) -vorm van torens op de bouwblokken. Hoog bouwen biedt kansen, maar op een goede manier hoog bouwen is ook kostbaar en bovenal zeer complex. Reclamant vindt dat de plankaart een te rigide lijn trekt tussen de bestemmingen 'centrum' en 'verkeer' en een te rigide lijn tussen de bestemmingen 'groen' en 'verkeer'. Dergelijk stringente scheidingen tussen bestemmingen staan innovatieve oplossingen in de weg, maar zijn voor een ambitieus plan als Rijnhaven wel noodzakelijk.
Reclamant stelt voor om zogenaamde hybride bestemmingen (groen-centrum, verkeercentrum, verkeer-groen, enz.) in het masterplan op te nemen. Deze tussenzones rond de contouren van de nu in het ontwerpbestemmingsplan voorgestelde schematische bouwstenen, zorgen voor noodzakelijke flexibiliteit terwijl tegelijkertijd de oorspronkelijke "grote bouwblok" ambitie van het concept masterplan intact blijft Reactie: Bij complexe plannen is het inderdaad belangrijk flexibiliteit in een bestemmingsplan te organiseren. Tegelijkertijd is het bieden van duidelijkheid en zekerheid belangrijk. In dit bestemmingsplan heeft de gemeente gekozen voor duidelijke grenzen tussen de bestemmingen. Bijvoorbeeld tussen de bestemmingen Centrum en Verkeer, om zo helderheid te verschaffen voor de locatie waar bebouwing is toegestaan en waar juist niet.
Blad: Datum: Ons kenmerk:
18/52 21 februari 2023 M2210-4668
Zo wordt meer duidelijk waar zichtlijnen, looproutes en verbindingen gegarandeerd zijn en welke basis ligt aan de stedenbouwkundige maatvoering van de blokken. Binnen de bestemmingen is naar onze mening afdoende flexibiliteit geregeld door breed te bestemmen. En binnen de drie brokken door daar eenzelfde bestemming Centrum te gebruiken. Verder zijn de in Rotterdam gebruikelijke algemene afwijkingsregels van toepassing voor gevallen waar geen onevenredige aantasting van onder meer het straaten bebouwingsbeeld plaats vindt. Voorstel: Wij stellen u voor de zienswijze ongegrond te verklaren. 4.2 In groen meer voorzieningen toestaan voor functie park Reclamant vindt het positief dat in de bestemming 'groen' kleinschalige voorzieningen voor openbaar nut, verkeer en vervoer zijn toegestaan. Dergelijke hybride bestemmingen zijn van groot belang voor het goed functioneren van de openbare ruimte. Maar de functies "openbaar, nut en verkeer", alleen zijn niet genoeg. Reclamant stelt dat een goed functionerend stadspark gebaat is bij het toestaan van ruimte voor het kunnen bouwen van commerciële voorzieningen ten bate van het openbaar nut en noodzakelijk voor het goed, comfortabel en (sociaal) veilig functioneren van het park.
Vanwege de toekomstige programmatische inpassing in en om de Rijnhaven, de ontwikkelbaarheid, de gefaseerde realisatie van de bouwblokken en het veilig functioneren van een stadspark, is er meer flexibiliteit nodig binnen de bestemmingen dan het ontwerpbestemmingsplan nu biedt. Reactie: De bestemming ‘Groen’ is de gebruikelijke groenbestemming in Rotterdam. Daarmee is duidelijk welk gebruiks- en bouwmogelijkheden hier als passend gezien worden, en wordt aangesloten bij de Rotterdamse standaard. De bestemming ‘Groen – 1’ is gebruikt voor de meer specifieke functie van de overgangszone en het strand. Deze bestemming leent zich voor extra flexibiliteit en het specifiek aangeven van bepaalde mogelijkheden op aangewezen locaties. In het ontwerpbestemmingsplan is een gebouw zoals een paviljoen niet opgenomen. Bewust is in de bestemming Groen en Groen – 1 geen gebouwd commercieel programma mogelijk gemaakt, omdat in dit deel van het park in hoofdzaak groene recreatieve ruimte gerealiseerd dient te worden. Wij zijn het met reclamant eens dat een aantrekkelijk en goed functionerend stadspark ook commercieel programma nodig heeft. Hiervoor hebben we in dit bestemmingsplan voldoende ruimte opgenomen, zoals in de drie blokken grenzend aan het park, tijdelijk drijvend programma in de Rijnhaven en mogelijk een publiekstrekker in het havenbekken.
Ook rondom het bekken, aan het rondje Rijnhaven, is en wordt veel commercieel programma gerealiseerd. Naast de mogelijkheden in het bestemmingsplan kan de gemeente op andere wijzen (commercieel) programma mogelijk maken, bijvoorbeeld met evenementen, eventueel seizoensgebonden standplaatsen of seizoensgebonden of tijdelijke vergunningen te verlenen. Daarnaast zijn er mogelijkheden om afwijkingsprocedures te volgen. Voorstel: Wij stellen u voor de zienswijze ongegrond te verklaren.
Blad: Datum: Ons kenmerk:
19/52 21 februari 2023 M2210-4668
5 Stichting Game Changers (ANBI), Delftsestraat 25, 3013 AD Rotterdam 5.1 Aantal evenementen ophogen in lijn met ambitie Reclamant verwijst naar het recent vastgestelde 'Bestemmingsplan Parapluherziening Evenementen', waarin is opgenomen hoeveel evenementen en evenementendagen er zijn toegestaan in het gebied Feijenoord. Dit aantal is gebaseerd op de historische aantallen van evenementen uit voorgaande jaren. Bij de vaststelling van de Parapluherziening evenementen is geen rekening gehouden met groei van bestaande evenementen, evenals met de komst van nieuwe initiatieven binnen het gebied. In het ontwerpbestemmingsplan Rijnhaven worden ambities uitgesproken voor nieuwe evenementen in de Rijnhaven. Hiervoor is echter geen zichtbare plek gereserveerd in de aantallen evenementen en evenementendagen van dit ontwerpbestemmingsplan Rijnhaven. Met de komst van een aantrekkelijke nieuwe evenementenlocatie als de Rijnhaven, betekent dit een directe bedreiging voor alle evenementen in het gebied Feijenoord, waaronder ook het initiatief van reclamant ‘Rotterdam Street Culture Week, georganiseerd door Stichting Gamechangers i.s.m. met vele programmapartners in de stad, gericht op Street -culture, sports en -arts en een focus op het gebied Feijenoord. Voor een overwegend jong publiek en juist ook voor de bewoners van Rotterdam Zuid.
Met het huidige plan ontstaat de bedreiging dat de beschikbare evenementen in het gebied worden opgeslokt in de Rijnhaven en daarmee bestaande evenementen niet meer tot uitvoer kunnen komen. Mede omdat er in de Rijnhaven ook locatieprofielen staan aangekondigd, waar ook nog geen voorzet voor is gedaan in de hoeveelheid beschikbare evenementen. Als ook de evenementen voor het locatieprofiel afkomstig moeten zijn uit het gebied Feijenoord, ontstaat er een groot tekort aan evenementendagen in dit gebied en een hevige concurrentie om evenementen nog te kunnen laten plaatsvinden. Reclamant vraagt om de aantallen evenementen in het gebied op te hogen in lijn met de wens voor meer evenementen in de Rijnhaven. Ook heeft reclamant ruimte nodig om jonge culturele en urban sports initiatieven te tonen en met jonge makers aan de slag te gaan, voor en met de bewoners van Rotterdam. Rotterdam Street Culture Week wil een innovatieve en positieve bijdrage leveren aan de stad, maar heeft hiervoor vrije ruimte nodig, in Rotterdam Zuid en in Feijenoord in het bijzonder. Reactie: De gemeenteraad heeft op 9 juli 2019 het nieuwe 'Beleidskader Evenementen' vastgesteld. Rotterdam wil zijn positie als evenementenstad behouden en uitbouwen. Daarnaast is één van de doelen in het beleid een goede balans tussen levendigheid en leefbaarheid.
Er is ingezet op een betere spreiding van evenementen over de stad om de lusten en de lasten gelijkmatig over de stad te verdelen. Op basis van het Nationaal Programma Rotterdam Zuid is vanwege de pijler Cultuur voor Rotterdam Zuid ingezet op verlevendiging in Rotterdam Zuid. In dit bestemmingsplan is op basis van historische cijfers en toekomstige ambities afgewogen hoeveel evenementen binnen de bestemmingsplangrens kunnen plaatsvinden waarbij er een goede balans tussen rust en reuring is. In de regels is opgenomen hoeveel evenementen toegestaan zijn, de maximale duur van alle evenementen samen, de omvang en de maximale geluidbelasting. Voorstel: Wij stellen u voor de zienswijze gegrond te verklaren en het ontwerpbestemmingsplan als volgt aan te passen:
Blad: Datum: Ons kenmerk:
20/52 21 februari 2023 M2210-4668
Toelichting: In paragraaf 4.3.2 de volgende zin te schrappen: “Zodoende kan dit terrein niet als locatieprofiel op basis van het Evenementenbeleid worden onderzocht en kunnen geen aantallen en typen evenementen worden vastgesteld.” En paragraaf 4.5.4 van de toelichting te vervangen door: “Zowel in het Masterplan als in het Stedenbouwkundig plan is de ambitie geuit om evenementen te kunnen houden in de openbare ruimte. Hiervoor kan het nieuwe park worden gebruikt, waarvoor een mix aan activiteiten wordt voorzien, maar ook het overige openbaar gebied zoals de straten en pleinen en mogelijk het strand en het water. Voor het mogelijk maken van evenementen in Rijnhaven is aangesloten bij de systematiek van bestemmingsplan ‘Parapluherziening evenementen’.” Regels: Wij stellen voor de titel van 12.2 Evenementen in gebied Feijenoord te wijzigen in Evenementen in Rijnhaven en lid 12.2 b. voor het gebied Rijnhaven de aangepaste tabel op te nemen door onderstaande tabel in artikel 12.2.b.