CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[23bb000592] Bijlage behorende bij 23bb597 Ontwerpbestemmingsplan Facetbestemmingsplan Buisleiding RoCa

Gemeenteraad 23 februari 2023, gemeente RotterdamBij agendapunt: Het voorstel tot vaststelling van het bestemmingsplan 'Facetbestemmingsplan buisleiding RoCa'.22.971 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

5.2

Planvorm

Het voorliggende bestemmingsplan bestaat geheel uit een dubbelbestemming, zonder enkelbestemmingen. Hiervoor is gekozen, omdat enkel de gasleiding wordt mogelijk gemaakt. De andere functies in het gebied blijven hetzelfde. Het opnemen van de enkelbestemmingen zou in dat geval misleidend zijn, omdat dat niet is waar dit bestemmingsplan om gaat. Dit voorliggende bestemmingsplan vormt een 'facetherziening'. Dat houdt in dat de bestemmingsplannen die onder het plangebied van voorliggend bestemmingsplan liggen, geldend blijven en niet worden vervangen door dit bestemmingsplan. Dit bestemmingsplan komt er als het ware 'overheen' te liggen.

5.3

Planregels

De planregels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken. Hoofdstuk 1 bevat de inleidende regels. Hoofdstuk 2 geeft de planregels behorende bij de in het plangebied voorkomende bestemmingen, waaronder de hierboven genoemde bestemmingen. Hoofdstuk 3 bevat tot slot de overgangsregels en slotregel. Toepassingsregels In de planregels van het bestemmingsplan zijn de planregels van de onderliggende geldende bestemmingsplannen opnieuw van toepassing verklaard. Alle (onderliggende) bestemmingen zijn en blijven daarmee nog steeds van kracht. Dubbelbestemming Leiding - Gas Het gehele plangebied bestaat uit de dubbelbestemming Leiding - Gas. Voor deze bestemming is bepaald dat er geen bouwwerken mogen worden opgericht. Hiernaast is een vergunningenstelsel opgenomen voor werken of werkzaamheden, geen bouwwerken zijnde, die van invloed kunnen zijn op de integriteit en werking van de buisleiding. Deze twee bepalingen zijn voorgeschreven in artikel 14, lid 2, van het Besluit externe veiligheid buisleidingen (Bevb).

35/76

Tevens is in dit artikel, in het eerste lid, voorgeschreven dat een belemmeringenstrook ten behoeve van het onderhoud van de buisleiding, in het bestemmingsplan moet worden opgenomen. Deze belemmeringenstrook moet minimaal 5 meter aan weerzijden van een buisleiding, gemeten vanuit het hart van de buisleiding, bedragen. In het voorliggende bestemmingsplan is deze belemmeringenstrook dan ook aangehouden en deze strook vormt de breedte van het plangebied.

36/76

Hoofdstuk 6

Uitvoerbaarheid

Naast de planologische haalbaarheid van het project zoals getoetst in voorgaand hoofdstuk, zal ook de financiële en maatschappelijke uitvoerbaarheid van het project moeten worden aangetoond.

6.1

Economische uitvoerbaarheid

De aanleg van de nieuwe leiding (horizontaal gestuurde boring) en de aansluitingen van de leiding worden aanbesteed. GTS heeft voor het project een raming opgesteld. GTS is zowel financieel als organisatorisch verantwoordelijk voor het project en ook het beheer van de leiding. De kosten van het gehele project komen volledig voor rekening van GTS. GTS is in staat om de werkzaamheden geheel uit eigen middelen te financieren. De economische uitvoerbaarheid is daarmee afdoende gewaarborgd. Voor wat betreft eventuele planschade die derden kunnen ondervinden als gevolg van de aanleg en aanwezigheid van de nieuwe leiding zal GTS een standaardovereenkomst met de gemeente afsluiten. Daarnaast heeft GTS met de zakelijk gerechtigden in de algemene voorwaarden een schadevergoedingsregeling opgenomen.

6.2

Grondexploitatie

In het besluit ruimtelijke ordening (Bro) zijn regels opgenomen over de grondexploitatie. Deze regels verplichten tot kostenverhaal door de gemeente als een bouwplan zoals aangegeven in artikel 6.2.1 Bro wordt mogelijk gemaakt. De aanleg van een leiding worden echter niet als dergelijke bouwplannen aangemerkt. Op grond van het Bro behoeft daarom geen anterieure overeenkomst of exploitatieplan te worden opgesteld.

6.3

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

Vooroverleg Op grond van artikel 3.1.1 Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is het concept ontwerpbestemmingsplan voor vooroverleg toegezonden aan diverse overleginstanties. De vooroverlegreactie van de veiligheidsregio is verwerkt in dit bestemmingsplan. De reactie van het Hoogheemraadschap Schieland en de Krimpenerwaard heeft niet tot aanpassingen van het bestemmingsplan geleid. Ontwerpbestemmingsplan Het ontwerpbestemmingsplan met de daarbij behorende stukken zal gedurende een periode van 6 weken ter inzage liggen. Gedurende deze periode is het voor eenieder mogelijk om mondeling of schriftelijk een zienswijze op het ontwerpbestemmingsplan te geven. De binnengekomen zienswijzen zullen in deze paragraaf behandeld worden. Vaststelling Vervolgens stelt de gemeenteraad het bestemmingsplan al dan niet gewijzigd vast. Uiteindelijk is tegen het bestemmingsplan beroep mogelijk bij de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State.

37/76

38/76

BIJLAGEN BIJ DE TOELICHTING

RHO ADVISEURS

Bijlage 1

Historisch Bodemonderzoek

MUG

K^n

-4 .

INGENIEURSBUREAU

S-U

'v' V rÄ»-^ '

íïť:: í-'

HïNw

:.'W-

&İ íŵj

«V y- ^ ~ ! *

PRAKTISCHE DENKERS over infra, ge o, archeo en milieu

řvibā

‘ töį

Archeologisch bureauonderzoek voor de nieuwbouw van een DN200 HLT-leiding tussen de Zuidelijk Dwarsweg (S-556) en GOS Uniper-ROCA (W-216) binnen gemeenten Capelle aan den IJssel, Rotterdam en Zuidplas (ZH)

opdrachtgever datum auteur projectleider projectnummer versie status ISSN-nummer MUG-publicatie

NV Nederlandse Gasunie 19 juli 2021 G.J. de Roller, T.N. Krol-Karsten C.G. Koopstra/J.H.C.M. Maassen 19300039/21300773 3.0 definitief 1875-5313 2019-12

Protocol 4002

MUG projectnummer 19300039/21300773 19 juli 2021

MUG-projectnummer Opdrachtgever MUG-publicatie Bevoegd gezag

19300039Z21300773 NV Nederlandse Gasunie J. van Leerdam 2019-12 Gemeente Capelle aan den IJssel T: 140 10 E: gemeente@capelleaandenijssel.nl Gemeente Rotterdam BOOR Ceintuurbaan 213b 3051 KC Rotterdam T: 010 489 85 00 E: boor@rotterdam.nl

Beheer en plaats documentatie Onderzoekmeldingsnummer Tekst Afbeeldingen Kaartmateriaal Autorisatie Status Datum ISSN

Gemeente Zuidplas Postbus 100 2910 AC Nieuwerkerk aan den IJssel T: 0180 33 03 00 E: gemeente@zuidplas.nl MUG Ingenieursbureau b.v. 4670763100 G.J. de Roller, T.N. Krol-Karsten MUG Ingenieursbureau b.v., tenzij anders vermeld G.J. de Roller C.G. Koopstra definitief 19 juli 2021 1875-5313

MUG projectnummer 19300039/21300773 19 juli 2021

INHOUDSOPGAVE Samenvatting

1

1 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5 1.6 1.6.1 1.6.2 1.6.3

Inleiding Aanleiding voor het onderzoek Ligging van het onderzoeksgebied Ontwikkelingsplannen opdrachtgever Objectgegevens Doel van het onderzoek Gemeentelijk beleid Gemeente Rotterdam Gemeente Capelle aan den IJssel Gemeente Zuidplas

2 2 2 4 4 4 4 4 5 5

2 2.1 2.2 2.2.1 2.2.2 2.2.3 2.2.4 2.2.5 2.3 2.3.1 2.3.2 2.3.3 2.3.4 2.3.5

Het bureauonderzoek De opzet van het onderzoek Deelgebied A. Capelle aan den IJssel Huidige situatie Aardwetenschappelijke situatie Bekende archeologische waarden Historische situatie en bouwhistorische waarden Gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel deelgebied A Deelgebied B. Zuidplaspolder Huidige situatie Aardwetenschappelijke situatie Bekende archeologische waarden Historische situatie en bouwhistorische waarden Gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel

7 7 7 7 9 10 11 13 13 13 13 16 17 18

3 3.1 3.1.1 3.1.2 3.2 3.2.1 3.2.2

Conclusie en advies Conclusie Deelgebied A. Capelle aan den IJssel Deelgebied B. Zuidplaspolder Advies Deelgebied A. Capelle aan den IJssel Deelgebied B. Zuidplaspolder

19 19 19 19 19 19 19

Literatuur en bronnen

BIJLAGEN Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3

Plannen opdrachtgever Bestemmingsplannen Advies BOOR, gemeente Rotterdam

20

MUG

INGENIEURSBUREAU

projectnummer 19300039/21300773 19 juli 2021 pagina 1 van 20

Samenvatting Onderhavig rapport betreft een aanpassing op het in 2019 uitgevoerde bureauonderzoek. De aanpassing betreft een wijziging in de loop van het tracé. Van de aangepaste delen van het tracé zijn nieuwe afbeeldingen opgenomen en er is gecontroleerd of in de gebieden waarvoor wel en geen onderzoek nodig is nog hetzelfde zijn. Inhoudelijk en met betrekking tot het advies is het rapport niet gewijzigd. Deelgebied A. Capelle aan den IJssel MUG Ingenieursbureau b.v. adviseert om geen verder archeologisch onderzoek uit te voeren. Binnen de ontgravingsdiepte voor de nieuwe gasleiding van 1,5 m-mv worden geen archeologische resten verwacht. De bovengrond is al vergraven door aanwezige nutsvoorzieningen. Het bevoegd gezag, gemeente Capelle aan den IJssel, besluit hoe verder wordt omgegaan met het archeologisch erfgoed op basis van het bovenstaande advies. Deelgebied B. Zuidplaspolder MUG Ingenieursbureau b.v. adviseert om geen verder archeologisch onderzoek uit te voeren. Er heeft hier al een archeologisch onderzoek plaatsgevonden voor de aanleg van een gasleiding. Het gebied is toen vrijgegeven omdat de bodemingreep toen, net als nu, geen bedreiging voor het archeologisch erfgoed vormt. Het bevoegd gezag, gemeente Zuidplas, besluit hoe verder wordt omgegaan met het archeologisch erfgoed op basis van het bovenstaande advies.

Indien toch archeologische waarden aanwezig blijken te zijn binnen de vrijgegeven gebieden, geldt de wettelijke meldingsplicht hiervan (artikel 5.10 van de Erfgoedwet) om het documenteren van toevalsvondsten te garanderen:

"Degene die anders dan bij het verrichten van opgravingen een vondst doet waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat het een archeologische vondst betreft, meldt dit zo spoedig mogelijk bij onze minister". Deze aangifte dient te gebeuren bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (vondstmelding via Archis). De melding dient ook bij de desbetreffende gemeente gedaan te worden (zie colofon voor contactgegevens).

MUG

INGENIEURSBUREAU

projectnummer 19300039/21300773 19 juli 2021 pagina 2 van 20

1 Inleiding 1.1

Aanleiding voor het onderzoek Aanleiding tot het hier beschreven archeologische bureauonderzoek zijn de plannen van de NV Nederlandse Gasunie om een nieuwe gasleiding aan te leggen tussen het Schema Zuidelijke Dwarsweg (S-556) in de gemeente Zuidplas en GOS Uniper-ROCA (W-216) te Rotterdam. Het leidingtracé loopt langs de A20 en gaat ook door het grondgebied van de gemeente Capelle aan den IJssel. Door deze werkzaamheden worden mogelijk archeologische resten bedreigd. Conform het bestemmingsplan is het onderzoekstracé eerst onderzocht op de aanwezigheid van archeologische waarden. Het onderzoek is uitgevoerd conform de richtlijnen van de betrokken gemeenten en de eisen van de BRL 4000, protocollen 4002.1 Het bureauonderzoek is uitgevoerd in 2019. Sindsdien is er een aanpassing in het tracé gedaan (zie afbeelding 1a en 1b). De inhoud van het rapport en de resultaten van het bureauonderzoek zijn echter vrijwel hetzelfde. Voor twee delen van het tracé geldt een onderzoeksplicht. Voor deze delen is het bureau­ onderzoek uitgevoerd. Van één van deze beide gebieden is de vorm enigszins gewijzigd (zie afbeelding 2a en 2b). De afbeeldingen in het bureauonderzoek zijn hier op aangepast, inhoudelijk zijn er geen wijzigingen. Een deel van het tracé waar geen onderzoeksplicht gold, is van ten zuiden van de weg verplaatst naar ten noorden van de weg.

Voor dit deel van het tracé geldt ook in de nieuwe situatie geen onderzoeksplicht. De relevante afbeeldingen zijn aangepast naar de nieuwe situatie. Tabel 1.1 Overzicht inzet tijd en personeel Onderdeel onderzoek Naam Opstellen bureauonderzoek G.J. de Roller Aanpassing bureauonderzoek T.N. Krol-Karsten C.G. Koopstra Projectleiding J.H.C.M. Maassen

1.2

Actorstatus senior KNA-archeoloog senior KNA-archeoloog senior KNA-archeoloog

Ligging van het onderzoeksgebied Het onderzoekstracé loopt van GOS uniper ROCA (W216) aan de Capelseweg te Rotterdam, langs de zuidkant van de A20 om langs de Vierde Tocht, tussen de Derde Dwarsweg en den Middelweg, naar de Zuidelijke Dwarsweg te lopen. Het tracé loopt door groenstroken en weilanden en heeft een lengte van circa 9,5 km (zie afbeelding 1). De werkstrook van het leidingtracé heeft een breedte van 25 m. Omdat de exacte ligging van het tracé nog niet bekend is wordt een buffer van 50 m aan weerszijde van de werkstrook aangehouden als onderzoeksgebied. De maaiveldhoogte ligt tussen de 6 en 5 m-NAP. Afbeelding 1a geeft het in 2019 gehanteerde tracé weer en afbeelding 1b het huidige tracé. De aanpassing van het tracé bestaat hieruit dat in het noordoosten een deel van het tracé is verplaatst van ten zuiden, naar ten noorden naar de weg.

1 Inzage in BRL 4000 zie https://www.sikb.nl/archeologie/richtlijnen/brl-4000

MUG

INGENIEURSBUREAU

projectnummer 19300039/21300773 19 juli 2021 pagina 3 van 20

95.940 I 448.684

106.615 I 438.604

Afbeelding 1a. Uitsnede van de topografische kaart waarop het onderzoekstracé uit 2019 met een rode lijn is aangegeven (bron: Esri Nederland â Community Maps Contributors) 95 970 I 448 731

106.498 I 438 808

Afbeelding 1b. Uitsnede van de topografische kaart waarop het huidige onderzoekstracé met een rode lijn is aangegeven (bron: Esri Nederland â Community Maps Contributors)

MUG

INGENIEURSBUREAU

projectnummer 19300039/21300773 19 juli 2021 pagina 4 van 20

1.3

Ontwikkelingsplannen opdrachtgever Binnen het tracé wordt een nieuwe gasleiding DN200 HTL aangelegd. Voor de werkzaamheden is een werkstrook van 25 m breedte noodzakelijk. De diepte van de ontgraving voor de gasleiding is circa 1,5 m-mv (zie bijlage 1).

1.4

Objectgegevens Tabel 1.2 Algemene gegevens van het onderzoekstracé Provincie Zuid-Holland Gemeente Cappele aan den IJssel, Rotterdam, Zuidplas Plaats Rotterdam, Nieuwerkerk aan den IJssel Toponiem A20 Kaartblad 37F, 38A Coördinaten 102663/446.467 NO 98.248/440.981 ZW Lengte onderzoekstracé 9,5 km

1.5

Doel van het onderzoek Het doel van dit bureauonderzoek is het opstellen van een specifiek archeologisch verwachtingsmodel voor het onderzoekstracé.

1.6 Gemeentelijk beleid De verplichting tot het uitvoeren van archeologisch onderzoek is vastgelegd in de diverse bestemmingsplannen2 van de betreffende gemeenten. Hieronder staat dit per gemeente weergegeven. In bijlage 2 zijn de afbeeldingen van de diverse bestemmingsplannen en gemeentelijke beleidskaarten opgenomen. 1.6.1

Gemeente Rotterdam Hier is het bestemmingsplan Alexanderknoop van toepassing (zie bijlage 2). Het onderzoekstracé valt hier binnen een dubbelbestemming Waarde archeologie. De lengte van het onderzoekstracé binnen deze zone is circa 100 m. Gezien de breedte van de gehele werkstrook wordt de vrijstellingsgrens hier overschreden en is archeologisch onderzoek noodzakelijk. Op de archeologische waardenkaart van de gemeente heeft het onderzoekstracé een zeer hoge archeologische waarde. In de toelichting daarvan wordt geadviseerd contact op te nemen met BOOR, de archeologische afdeling van de gemeente Rotterdam (zie bijlage 2). Dit contact heeft plaatsgevonden met als gevolg dat door BOOR geen archeologisch onderzoek noodzakelijk wordt geacht. De reactie is opgenomen in bijlage 3. Indien binnen het tracé in de gemeente Rotterdam toch archeologische waarden aanwezig blijken te zijn, geldt de wettelijke meldingsplicht hiervan (artikel 5.10 van de Erfgoedwet) om het documenteren van toevalsvondsten te garanderen: "Degene die anders dan bij het verrichten van opgravingen een vondst doet waarvan hij weet dan wel

redelijkerwijs moet vermoeden dat het een archeologische vondst betreft, meldt dit zo spoedig mogelijk bij onze minister". Deze aangifte dient te gebeuren bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (vondstmelding via

Archis). De melding dient ook bij de gemeente Rotterdam gedaan te worden (zie colofon voor contactgegevens).

2 Inzage beleid via http://www.ruimtelijkeplannen.nl/web-roo/roo/

MUG

INGENIEURSBUREAU

projectnummer 19300039/21300773 19 juli 2021 pagina 5 van 20

1.6.2

Gemeente Capelle aan den IJssel In deze gemeente ligt het tracé binnen het bestemmingsplan Hoofdweg. Hiervoor geldt een dubbelbestemming Waarde archeologie. De lengte van het onderzoekstracé binnen deze zone is circa 1,8 km. Gezien de breedte van de gehele werkstrook wordt de vrijstellingsgrens hier overschreden en is archeologisch onderzoek noodzakelijk.

1.6.3

Gemeente Zuidplas In deze gemeente ligt het tracé binnen meerdere bestemmingplannen. Van west naar oost zijn dit: 1. Bestemmingplan Kleine Vink en omgeving. Hiervoor geldt geen dubbelbestemming waarde archeologie. 2. Bestemmingsplan BPNWK021der 2008. Hiervoor geldt geen dubbelbestemming waarde archeologie. 3. Bestemmingsplan Zuidplas West. Hier is voor het onderzoekstracé geen dubbelbestemming waarde archeologie opgenomen. 4. Bestemmingplan Restveen en Groene Waterparel. Hiervoor geldt voor het onderzoekstracé geen dubbelbestemming waarde archeologie. 5. Bestemmingsplan Buitengebied Oost. Hiervoor geldt voor het onderzoekstracé geen dubbelbestemming waarde archeologie. 6. Bestemmingsplannen Rode en Groene Waterparel. Hiervoor geldt een parapluplan archeologie waaruit blijkt dat het onderzoekstracé een dubbelbestemming 'Waarde archeologie 3' heeft. De lengte van het onderzoekstracé binnen bestemmingsplan Rode en Groene Waterparel is circa 1,6 km. Gezien de breedte van de werkstrook wordt de vrijstellingsgrens hier overschreden en is archeologisch onderzoek noodzakelijk. De archeologische beleidskaart van de gemeente is aangepast en verwerkt in het bestemmingsplan (mededeling archeologisch adviseur gemeente Zuidplas). Op grond van bovenstaande hoeft alleen archeologisch onderzoek plaats te vinden binnen de deeltracés A en B zoals op afbeelding 2 staat aangegeven.

Het onderzoeks­ gebied van het bureauonderzoek wordt hierna gevormd door deze twee deeltracés. Afbeelding 2a geeft het tracé en onderzoeksgebied weer zoals vastgesteld in 2019. Afbeelding 2b geeft het onderzoeksgebied en tracé weer zoals bekend in 2021. Voor onderzoeksgebied B is de vorm minimaal gewijzigd. Waar het tracé van ten zuiden van de weg naar ten noorden van de weg is verplaatst, geldt geen onderzoeksplicht, dit houdt geen verdere wijzigingen in ten opzichte van het bureauonderzoek zoals dit is uitgevoerd in 2019. In het bureauonderzoek zijn geen verdere tekstuele wijzigingen aangebracht. Ook de adviezen zijn niet gewijzigd. Op de afbeeldingen in het bureauonderzoek is de vorm van deelgebied B aangepast naar de huidige vorm.

MUG

INGENIEURSBUREAU

projectnummer 19300039/21300773 19 juli 2021 pagina 6 van 20

97.106 I 447.430

104.820 I 440.066

Afbeelding 2a. Tracé uit 2019; de topografische kaart waarop de onderzoektracés waarvoor archeologisch onderzoek nodig is met een rode kleur zijn aangegeven. Met groen is het tracé aangegeven waarvoor geen archeologisch onderzoek noodzakelijk is (bron: Esri Nederland) 96 669 t 447 226

104 881 I 439.472

Afbeelding 2b. Het gewijzigde tracé; de topografische kaart waarop de onderzoektracés waarvoor archeologisch onderzoek nodig is met een rode kleur zijn aangegeven. Met groen is het tracé aangegeven waarvoor geen archeologisch onderzoek noodzakelijk is. Van onderzoeksgebied B is de vorm enigszins gewijzigd, evenals een deel van het noordoostelijke deel van het tracé, waar geen onderzoek noodzakelijk is (bron: Esri Nederland)

MUG

INGENIEURSBUREAU

projectnummer 19300039/21300773 19 juli 2021 pagina 7 van 20

2 Het bureauonderzoek 2.1

De opzet van het onderzoek Het onderzoek heeft betrekking op de deelgebieden waar archeologisch onderzoek noodzakelijk is. Dit zijn de volgende twee gebieden: ^ gebied A. Het tracé binnen Rotterdam en Capelle aan den IJssel; ^ gebied B. Zuidplaspolder, Het tracé van de zuidelijke Dwarsweg naar de A20. Op basis van bestaande informatie over bekende archeologische, historische en aardkundige waarden, is de gespecificeerde, archeologische verwachting voor het onderzoekstracé opgesteld. Hierin is beschreven of er archeologische resten aanwezig kunnen zijn in het onderzoekstracé en wat de potentiële aard, datering en omvang hiervan is. Daarnaast is bekeken of en in welke mate de voorgenomen werkzaamheden in het onderzoekstracé een bedreiging vormen voor het verwachte bodemarchief. Indien er van bedreiging van het bodemarchief sprake is, is geadviseerd op welke wijze hiermee in het vervolgtraject van de plannen rekening kan worden gehouden. Voor inzage in de gehanteerde periode- en tijdsindeling wordt verwezen naar tabel 2.1. Tabel 2.1 Vereenvoudigde archeologische tijdsschaal (bron: Brandt et al. 1992) Periode Van Oude steentijd of paleolithicum Middensteentijd of -mesolithicum 8800 voor Chr. Nieuwe steentijd of neolithicum 5300 voor Chr. Bronstijd 2000 voor Chr. IJzertijd 800 voor Chr. Romeinse tijd 12 voor Chr. Vroege middeleeuwen 450 na Chr. Late middeleeuwen 1050 na Chr.

Nieuwe tijd 1500 na Chr.

Tot 8800 voor Chr. 4900 voor Chr. 2000 voor Chr. 800 voor Chr. 12 voor Chr. 450 na Chr. 1050 na Chr. 1500 na Chr. heden

2.2 Deelgebied A. Capelle aan den IJssel 2.2.1

Huidige situatie Binnen de gemeente Capelle aan den IJssel ligt het leidingtracé langs de zuidkant van de A20 in de groenstrook tussen sloot en woningen. Binnen het deel van de gemeente Rotterdam ligt ondergronds een schema van Gasunie en er loopt een gastransportleiding die in noordelijke richting afbuigt. Binnen de gemeente Capelle aan den IJssel ligt evenwijdig aan de A20 geen gasleiding maar wel diverse andere leidingen. Dit tracé deel is circa 1,8 km lang (zie afbeelding 3).

MUG

INGENIEURSBUREAU

projectnummer 19300039/21300773 19 juli 2021 pagina 8 van 20

'

.V

'

,-

asm wEm í-ćïŠ w#

9 ŵS

wr?

i!Íİ jUt.'./ óčl V;mst ŷy jJí, r .ļ 'S'ť- ^ŭ-i ^ !. ___ Afbeelding 3a. Foto met bestaande (donkerblauw en rood) en toekomstige gastransportleidingen (paars gestippeld) en het schema (oranje) (bron: www.velin.nl)

Afbeelding 3b. Kaart KLIC-oriëntatiemelding met de leidingen binnen de geplande werkstrook in Capelle aan den IJssel (bron: Klic)

MUG

INGENIEURSBUREAU

projectnummer 19300039/21300773 19 juli 2021 pagina 9 van 20

2.2.2

Aardwetenschappelijke situatie De trefkans op archeologie wordt sterk bepaald door het type landschap. Er is altijd een relatie tussen de situering van archeologische vindplaatsen en de mogelijkheden die het landschap voor bewoning en gebruik bood, vaak samenhangend met specifieke landschapselementen. Deze relatie kan verschillen per archeologische periode en per complextype. Aan de hand van de geraadpleegde aardkundige gegevens kunnen uitspraken worden gedaan over de gebruiksmogelijkheden van het landschap door de mens in de verschillende archeologische perioden. Het onderzoekstracé is op de geomorfologische kaart niet gekarteerd omdat het binnen de bebouwde kom van Rotterdam en Capelle aan den IJssel ligt. Tijdens de laatste periode van het Weichselien, de Jonge Dryas (12.850 - 11.650 jaar geleden), stroomden de Rijn en Maas als brede, vlechtende riviersystemen door het gebied. De afzettingen van deze vlechtende riviersystemen worden gerekend tot de Formatie van Kreftenheye. Vanuit de 's winters droog liggende, brede en ondiepe rivierbeddingen kon zand verstuiven, waardoor langs de rivieren rivierduinen werden gevormd. De hoger gelegen duinen vormden gedurende het mesolithicum gunstige bewoningsplaatsen in de natte delta. Op deze pleistocene afzettingen vormde zich na verloop van tijd veen waarop holocene rivierafzettingen liggen. Vanaf 2000 voor Chr.

worden deze rivierafzettingen overgroeid met veen (Weerts et al. 2000). Vanaf de middeleeuwen wordt dit veen ontgonnen en ontstaan grotere en kleinere plassen. Volgens Cohen et al. (2012) ligt het onderzoekstracé binnen het laagterras van de Rijn (zie afbeelding 4, nr 701). In het noorden en zuiden liggen stroomgordels. 98.264 I 442.367

100.018 ì 440.711

Afbeelding 4. Uitsnede van de kaart van Cohen et.al. (2012) waarop het onderzoekstracé met een rode lijn is aangegeven. Lichtblauw: laagterras (nummer 701), groen: stroomgordels.

MUG

INGENIEURSBUREAU

projectnummer 19300039/21300773 19 juli 2021 pagina 10 van 20

Op de bodemkaart is het onderzoekstracé voor het grootste deel gekarteerd en bestaat uit koopveengronden (zie afbeelding 5). Deze gronden hebben een kleiige bovengrond van minder dan 50 cm dikte (Koeslag 1970, Berendsen 2005). Hieruit blijkt dat niet al het veen tot op de holocene rivierafzettingen is verveend. Uit het Actueel Hoogtebestand Nederland blijkt dat het maaiveld op circa 5 m-NAP ligt. 98.264 I 442.367

100.018 I 440.711

Afbeelding 5. Uitsnede van de bodemkaart waarop het onderzoekstracé met een rode lijn is aangegeven. Paars; koopveengrond (bron: https://zoeken.cultureelerfgoed.nl). 2.2.3

Bekende archeologische waarden Uit de gegevens in Archis blijkt dat binnen het onderzoekstracé zelf nog geen archeologisch onderzoek heeft plaatsgevonden (zie afbeelding 6). In de omgeving van het tracé zijn verschillende archeologische onderzoeken uitgevoerd en zijn vondstmelding in Archis opgenomen.

Zevenkamp

2105468100 2462362

2828094100

Schollevaar

3245884100

Afbeelding 6. Uitsnede van de kaart uit Archis met onderzoeksmeldingen (gele vlakken) en vondstmeldingen (stippen) (bron: https://zoeken.cultureelerfgoed.nl/)

MUG

INGENIEURSBUREAU

projectnummer 19300039/21300773 19 juli 2021 pagina 11 van 20

Onderzoeksmeldingen 2105468100 Van dit booronderzoek uit 2006 zijn geen gegevens in DansEasy aanwezig. 2206215100 Dit is een bureau-booronderzoek waarbij geen archeologische indicatoren zijn aangetroffen. Het onderzoeksgebied is vrijgegeven (Van de Meer & Schiltmans 2008) 2251705100 Tijdens het booronderzoek dat iets ten westen van de Uniper centrale heeft plaatsgevonden is op 14,8 m-NAP een rivierduin aangetroffen, afzettingen van Kreftenheye maar geen archeologische indicatoren. Het onderzoeksgebied is vrijgegeven (Engelse 2009). 2341267100 Bij het booronderzoek is een fossiele geul aangetroffen op een minimale diepte van 9,32 m-NAP. Deze ligt zo diep dat het onderzoeksgebied is vrijgegeven (Van de Meer et al. 2011). 2357232100 Van dit bureauonderzoek is geen literatuur in DansEasy beschikbaar. 2450909100 Dit is een bureau- en een booronderzoek voor een 150kv leidingtracé. Het tracé loopt door een 2419684100 begraven veenlandschap dat doorsneden is door crevasse en kreken waarvan de afzettingen gekenmerkt worden door sterk zandige tot sterk siltige klei. Ten noordwesten van de Uniper centrale is zo'n kreekafzetting aanwezig op 6,5 m-NAP. Hierin kunnen archeologisch resten aanwezig zijn uit het neolithicum (Nales 2014).

2461366100 In het bureauonderzoek is aanbevolen vervolgonderzoek uit te voeren omdat niet zeker is of de bodem al zodanig verstoord is dat er geen archeologische resten meer te verwachten zijn (Arcadis 2014). 2462005100 Naar aanleiding van dit booronderzoek is geen vervolgonderzoek aanbevolen (Timmers 2014). 2475671100 In dit bureauonderzoek worden resten uit late middeleeuwen tot en met nieuwe tijd direct onder het maaiveld verwacht. Er is een booronderzoek aanbevolen (Huizer 2016). 4038477100 Van dit booronderzoek zijn nog geen gegevens in DansEasy beschikbaar. 4036524100 Naar aanleiding van dit bureauonderzoek worden alleen in de diepe ondergrond archeologische resten verwacht. Het gebied is vrijgegeven (Visser 2017). Vondstnummers 2462362100 Hoort bij onderzoeksmelding 2462005100. Er is nieuwetijds bouwmateriaal gevonden. 2828094100 Dit is een vondst van nieuwetijds aardewerk die in 1983 is gedaan. Er is geen literatuur. 3245868100 Dit is een aardewerkvondst uit 1972 waarbij nieuwetijds aardewerk is gevonden. Hiervan is geen literatuur. 3245884100 Deze vondst dateert uit 1973. Er is kogelpotaardewerk gevonden. Hiervan is geen literatuur. Uit de verschillende archeologische onderzoeken blijkt dat archeologische resten zich op grote diepte, op de afzettingen van Kreftenheye bevinden of op de holocene stroomruggen.

Door de grootschalige verveningen zijn eventuele vondstlagen uit de middeleeuwen-nieuwe tijd niet meer aanwezig. 2.2.4

Historische situatie en bouwhistorische waarden Uit de historische kaart blijkt dat het onderzoekstracé in een droogmakerij ligt. Volgens de kaart uit 1850 ligt het net ten zuiden van het eiland (zie afbeelding 7). Langs de relatief smalle kaden tussen de meren is bebouwing aanwezig (zie afbeeldingen 7 en 8). Hierna wordt het meer ingepolderd en rond 1900 is er een verkaveling met lange smalle percelen. De boerderijen liggen langs de historische kaden (zie afbeelding 9). In de jaren '60 van de vorige eeuw wordt de spoorlijn verlegd en deze loopt nu naar het noordelijke deel van Rotterdam. In de jaren '70 van de vorige eeuw trekt de bebouwing vanuit de oude kernen de polder in. In het begin van de jaren '80 van de vorige eeuw wordt de A20 aangelegd en vanaf de jaren '90 van de vorige eeuw wordt het gebied volgebouwd. Als gevolg van de vervening, drooglegging en ontginning en bebouwing is de bovengrond mogelijk zwaar aangetast door bodemingrepen.

MUG

INGENIEURSBUREAU

projectnummer 19300039/21300773 19 juli 2021 pagina 12 van 20

tf/ři

Afbeelding 7. Uitsnede van de kaart uit 1850 waarop het onderzoekstracé met een rode lijn is aangegeven (bron: Esri Nederland) 97.905 I 442.721

paarde.

100.345 I 440.417

Afbeelding 8. Uitsnede van de kaart uit 1875 waarop het onderzoekstracé met een rode lijn is aangegeven (bron: Esri Nederland)

MUG

INGENIEURSBUREAU

projectnummer 19300039/21300773 19 juli 2021 pagina 13 van 20

É?İİİI

WH 'V.VŭVÄ'

WW Afbeelding 9. Uitsnede van de kaart uit 1900 waarop het onderzoekstracé met een rode lijn is aangegeven (bron: Esri Nederland)

2.2.5

Gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel deelgebied A Uit het gespecificeerde verwachtingsmodel volgt dat het onderzoekstracé binnen een voormalige veenwinningsplas ligt die aan het eind van de 19e eeuw is drooggelegd. Vanaf de jaren '60 van de vorige eeuw hebben grote ingrepen plaatsgevonden. De A20 is aangelegd en het gebied is volgebouwd. Door de groenstrook tussen de bebouwing en de A20 lopen diverse leidingen. Voor het aanbrengen van de leidingen hebben ook bodemingrepen plaatsgevonden. De bovengrond is naar verwachting niet meer intact. In de diepere ondergrond zijn mogelijk rivierduinen aanwezig, afzettingen van Kreftenheye. Hierop kunnen archeologische resten uit het mesolithicum aanwezig zijn. Deze afzettingen liggen nabij het onderzoekstracé op circa 9,5 m-NAP, 3-4 m-mv. Volgens de kaarten van Cohen et.al. (2012) liggen er geen oude stroomgordels binnen het onderzoekstracé. Ook archeologisch onderzoek nabij het onderzoekstracé heeft geen bodemlagen met archeologische resten aangetoond.

2.3 Deelgebied B. Zuidplaspolder 2.3.1

Huidige situatie Het onderzoekstracé van deelgebied B beslaat de zone tussen de A20 en de Tweede Dwarsweg. Het terrein is in gebruik als weiland. De nieuwe gastransportleiding komt naast een bestaande leiding te liggen.

2.3.2

Aardwetenschappelijke situatie De trefkans op archeologie wordt sterk bepaald door het type landschap. Er is altijd een relatie tussen de situering van archeologische vindplaatsen en de mogelijkheden die het landschap voor bewoning en gebruik bood, vaak samenhangend met specifieke landschapselementen. Deze relatie kan verschillen per archeologische periode en per complextype. Aan de hand van de geraadpleegde aardkundige gegevens kunnen uitspraken worden gedaan over de gebruiksmogelijkheden van het landschap door de mens in de verschillende archeologische perioden.

MUG

INGENIEURSBUREAU

projectnummer 19300039/21300773 19 juli 2021 pagina 14 van 20

Tijdens de laatste periode van het Weichselien, de Jonge Dryas (12.850 - 11.650 jaar geleden), stroomden de Rijn en Maas als brede, vlechtende riviersystemen door het gebied. De afzettingen van deze vlechtende riviersystemen worden gerekend tot de Formatie van Kreftenheye. Vanuit de 's winters droog liggende, brede en ondiepe rivierbeddingen kon zand verstuiven, waardoor langs de rivieren rivierduinen werden gevormd. De hoger gelegen duinen vormden gedurende het mesolithicum gunstige bewoningsplaatsen in de natte delta. Op deze pleistocene afzettingen vormde zich na verloop van tijd veen waarop holocene rivierafzettingen liggen. Vanaf 2000 voor Chr. worden deze rivierafzettingen overgroeid met veen (Weerts et al. 2000). Vanaf de middeleeuwen wordt dit veen ontgonnen en ontstaan grotere en kleinere plassen. Uit de geomorfologische kaart blijkt dat er binnen het onderzoekstracé sprake is van getij-inversieruggen en een vlakte van getijafzettingen (zie afbeelding 10).

Afbeelding 10. Uitsnede van de geomorfologische kaart waarop het onderzoekstracé met een rode lijn is aangegeven. Lichtgroen: getij inversierug, groen: vlakte van getijafzettingen (bron: zoeken.cultureelerfgoed.nl)

Uit de kaarten van Cohen et al. (2012) blijkt dat het onderzoeksgebied binnen twee stroomgordels ligt (zie afbeelding 11). Stroomgordel 53 is de Gouderak stroomgordel die dateert uit de periode 8020-7100 voor heden. Hierop zijn geen archeologische sporen aangetroffen. Hetzelfde geldt voor de Zuidplas stroomgordel uit 7100-6400 voor heden, stroomgordel 204. De donkergroene stroomgordel, nummer 657, is de Zuidplaspolder stroomgordel uit 10950-8150 voor heden.

MUG

INGENIEURSBUREAU

projectnummer 19300039/21300773 19 juli 2021 pagina 15 van 20

55 ĩ 2Ũ453 t 20İ

Afbeelding 11. Uitsnede van de kaart van Cohen et.al. (2011) waarop het onderzoekstracé met een rode lijn is aangegeven. Lichtgroen: stroomgordel 53/204 en donkergroen stroomgordel 657 Volgens de bodemkaart zijn binnen het onderzoekstracé poldervaaggronden die overeenkomen met de getijinversieruggen (zie afbeelding 12). Dit zijn relatief jonge gronden waarin nog geen duidelijke bodem is ontwikkeld (Koeslag 1970, Berendsen 2005). Rond deze gronden liggen tochteerdgronden. Dit zijn laaggelegen kleigronden met een humeuze bovengrond. In het zuidoosten zijn ook moerige eerdgronden aanwezig. In deze gronden is het humusgehalte hoog doordat soms nog veraard veen aanwezig is.

Afbeelding 12. Uitsnede van de bodemkaart waarop het onderzoekstracé met een rode lijn is aangegeven. Licht groen: poldervaaggrond, groen: tochteerdgrond en blauwgrijs: moerige eerdgrond (bron: zoeken.cultureelerfgo ed.nl).

Op het Actueel Hoogtebestand Nederland zijn de getij-inversieruggen als hogere zones zichtbaar (zie afbeelding 13). De maaiveldhoogte binnen het tracé varieert van 6 tot 5 m-NAP.

MUG

INGENIEURSBUREAU

projectnummer 19300039/21300773 19 juli 2021 pagina 16 van 20

AHN2 maaiveld - Blauw I Groen I Oranje (Dynamische opmaak)

Afbeelding 13. Uitsnede van het Actueel Hoogtebestand Nederland waarop het onderzoekstracé met een rode lijn is aangegeven (bron: /ahn.arcgisonline.nl/ahnviewer/)

2.3.3

Bekende archeologische waarden De archeologische gegevens in Archis en de archeologische kaart van de OmgevingsDienst Midden Holland komen overeen.3 Uit de gegevens in Archis blijkt dat er al een archeologisch onderzoek is uitgevoerd binnen het nieuwe leidingtracé (zie afbeelding 14). Ook in de directe omgeving zijn diverse onderzoeksmeldingen in Archis opgenomen. Onderzoeksmeldingen: 2201777100 2380844100 2390272100

2099945100 2470081100 2359160100 4596738100

Dit betreft een bureau- en booronderzoek, binnen het huidige onderzoeksgebied. Uit het onderzoek blijkt dat er binnen het tracé een potentiële vindplaats ligt (catalogusnummer 20). Er is een laklaag aangetroffen die op 3 m-mv ligt (De Boer et al. 2012). Dit betreft een booronderzoek ten noorden van het onderzoekstracé waarbij het onderzoeks­ gebied is vrijgegeven omdat er alleen sprake is van heien. Binnen het onderzoeksgebied zijn wadvlakte afzettingen aanwezig waarin plaatselijk ook veen aanwezig is (De Kruif 2012). Bij het booronderzoek, iets ten zuiden van het onderzoekstracé zijn stroomgordel afzettingen op meer dan 3 m-mv aangetroffen. Het gebied is vrijgegeven (Van Klaveren 2005) Bureauonderzoek fietspad F340 Zevenhuizen. Hiervan is geen literatuur in DansEasy aanwezig. Dit betreft een bureau- en booronderzoek. Er is aanbevolen om geen verder onderzoek uit te voeren (Kerkhoven ä De Wilde 2012). Van dit onderzoek uit 2018 zijn nog geen gegevens in Archis of DansEasy opgenomen.

3 httpsy/atlas.odmh.nl/htm^viewer/index.htm^viewe^Atlas.Atlas&layerTheir^Archeologie

MUG

INGENIEURSBUREAU

projectnummer 19300039/21300773 19 juli 2021 pagina 17 van 20

2390272100

FM»

2359160.1 ÒO

Afbeelding 14. Uitsnede van de kaart uit Archis met onderzoeksmeldingen. Hierop is het onderzoekstracé met een rode lijn aangegeven (bron: https://zoeken.cultureelerfgoed.nl).

2.3.4

Historische situatie en bouwhistorische waarden Het onderzoekstracé ligt binnen de Zuidplaspolder en binnen de venen van Moordrecht. Dit zijn oude veenontginningsplassen. In het midden van het tracé ligt een oude dijk, de kade tussen de twee plassen. Langs deze kade is bebouwing aanwezig (zie afbeelding 15). In 1816 heeft Koning Willem I de aanzet gegeven tot de inpoldering van deze plas.4 In 1850 is de polder aangelegd en voorzien van een blokverkaveling. Het tracé van de oude Moordrechtse veenweg is nog als woeste grond aanwezig. De eerste boerderijen zijn ook in 1850 aanwezig.

Afbeelding 15. Nieuwe kaart van Schieland en de Krimpenerwaard van Isaac Tirion uit de derde kwart van de 18e eeuw waarop het onderzoekstracé globaal met een rode lijn is aangegeven (bron: http://www.streekmuseumkrimpenerwaard.nl)

4 https://nl.wikipedia.org

MUG

INGENIEURSBUREAU

projectnummer 19300039/21300773 19 juli 2021 pagina 18 van 20

Binnen de blokken is sprake van lange smalle kavels (zie afbeelding 16). In het begin van de jaren '60 uit de vorige eeuw worden plaatselijk percelen samengevoegd. In de jaren '70 van de vorige eeuw wordt de A20 aangelegd. Binnen het onderzoekstracé hebben na de aanleg van de polder geen noemenswaardige bodemingrepen plaats­ gevonden.

V \

S. X

N. j...

r*ľ*rSryr-61

Afbeelding 16. Uitsnede van de kaart uit 1850 waarop het onderzoekstracé met een rode lijn is aangegeven (bron: Esri Nederland)

2.3.5

Gespecificeerd archeologisch verwachtingsmodel Uit het bureauonderzoek blijkt dat het onderzoekstracé in een droogmakerij uit het begin van de 19e eeuw ligt. Het meer van voor de droogmakerij is ontstaan door veenontginningen. Na de inpoldering hebben geen grootschalige bodemingepen plaatsgevonden. Het onderzoekstracé doorsnijdt een oude Moordrechtse veenweg die twee veenwinplassen scheidde. Deze strook is nu herkenbaar door de wat bredere percelen. De bodem rond het onderzoekstracé bestaat uit klei afgezet in een waddenmilieu, plaatselijk kan op de klei nog wat veen aanwezig zijn. Binnen het onderzoekstracé heeft eerder een archeologisch onderzoek plaatsgevonden. Ook in de omgeving hebben verschillende archeologische onderzoeken plaatsgevonden. Uit deze archeologisch onderzoeken en het onderzoek van Cohen et al. (2012) blijkt dat in de diepere ondergrond afzettingen van de Gouderak- en Zuidplasstroomgordel aanwezig zijn. Deze afzettingen liggen op meer dan 3 m-mv en dateren uit de periode 8000-5000 voor Christus, de middensteentijd en het neolithicum.

MUG

INGENIEURSBUREAU

projectnummer 19300039/21300773 19 juli 2021 pagina 19 van 20

3

Conclusie en advies

3.1

Conclusie

3.1.1

Deelgebied A. Capelle aan den IJssel Uit het bureauonderzoek het onderzoekstracé binnen een voormalige veenwinningsplas ligt die aan het eind van de 19e eeuw is drooggelegd. Vanaf de jaren '60 van de vorige eeuw hebben grote ingrepen plaatsgevonden. De A20 is aangelegd en het gebied is volgebouwd. Door de groenstrook tussen de bebouwing en de A20 lopen diverse leidingen. Voor het aanbrengen van de leidingen hebben ook bodemingrepen plaatsgevonden. De bovengrond is naar verwachting niet meer intact. In de diepere ondergrond zijn mogelijk rivierduinen aanwezig, afzettingen van Kreftenheye. Hierop kunnen archeologische resten uit het mesolithicum aanwezig zijn. Deze afzettingen liggen nabij het onderzoekstracé op circa 9,5 m-NAP, 3-4 m-mv. Volgens de kaarten van Cohen et al. (2012) liggen er geen oude stroomgordels binnen het onderzoekstracé. Archeologisch onderzoek nabij het onderzoekstracé heeft in de boven­ grond geen bodemlagen met archeologische resten aangetoond

3.1.2

Deelgebied B. Zuidplaspolder Binnen het onderzoekstracé heeft al een archeologisch onderzoek plaatsgevonden. Hierbij zijn op 3 m-mv afzettingen van de stroomgordel van Gouderak gevonden en in één boring een laklaag.

3.2

Advies

3.2.1

Deelgebied A. Capelle aan den IJssel MUG Ingenieursbureau b.v. adviseert om geen verder archeologisch onderzoek uit te voeren. Binnen de ontgravingsdiepte voor de nieuwe gasleiding van 1,5 m-mv worden geen archeologische resten verwacht. De bovengrond is al vergraven door aanwezige nutsvoorzieningen. Het bevoegd gezag, gemeente Capelle aan den IJssel, besluit hoe verder wordt omgegaan met het archeologisch erfgoed op basis van het bovenstaande advies.

3.2.2

Deelgebied B. Zuidplaspolder MUG Ingenieursbureau b.v. adviseert om geen verder archeologisch onderzoek uit te voeren. Er heeft hier al een archeologisch onderzoek plaatsgevonden voor de aanleg van een gasleiding. Het gebied is toen vrijgegeven omdat de bodemingreep toen, net als nu, geen bedreiging voor het archeologisch erfgoed vormt. Het bevoegd gezag, gemeente Zuidplas, besluit hoe verder wordt omgegaan met het archeologisch erfgoed op basis van het bovenstaande advies. Het onderzoek is met zorg uitgevoerd. Indien toch archeologische waarden aanwezig blijken te zijn binnen de vrijgegeven gebieden, geldt de wettelijke meldingsplicht hiervan (artikel 5.10 van de Erfgoedwet) om het documenteren van toevalsvondsten te garanderen: "Degene die anders dan bij het verrichten van opgravingen een vondst doet waarvan hij weet dan wel redelijkerwijs moet vermoeden dat het een archeologische vondst betreft, meldt dit zo spoedig mogelijk bij onze minister". Deze aangifte dient te gebeuren bij de Rijksdienst voor het Cultureel

Erfgoed (vondstmelding via Archis). De melding dient ook bij de gemeente Capelle aan de IJssel/Zuidplas gedaan te worden (zie colofon colofon voor contactgegevens).

MUG

INGENIEURSBUREAU

projectnummer 19300039/21300773 19 juli 2021 pagina 20 van 20

Literatuur en bronnen Geraadpleegde literatuur ^ Arcadis 2014. Archeologische bureauonderzoek wegontwerp Hoofdweg Gemeente Capelle aan den IJssel en Zuidplas. Capelle aan den IJssel (ARCADIS RAPPORT 28). ^ Berendsen, H.J.A., 2005. Landschappelijk Nederland. Assen. ^ Boer, G.H. de & J. Sprangers, W. Bosman. 2012. Rapportage Onderzoeken Archeologie Aardgastransportleiding ^

^ ^ ^ ^

Beverwijk-Wijngaarden (A-803). Gemeenten Beverwijk, Zaanstad, Velsen, Haarlemmerliede en Spaarnwoude, Haarlemmermeer, Kaag en Braassem, Rijnwoude, Zuidplas, Ouderkerk, Bergambacht, Nederlek, NieuwLekkerland en Graafstroom. Weesp (RAAP-RAPPORT 2449). Brandt, R.W. et al. (red), 1992. Archis, Archeologisch basisregister, versie 1.0. Amersfoort. Carmiggelt, A. & M.C. van Trierum. 2008. Beleidsnota archeologie Rotterdam 2008-2011. BOOR Rotterdam. Cohen, K.M. & E. Stouthamer, H.J. Pierik, A.H. Geurts (2012). Rhine-Meuse Delta Studies. Digital BAsemap for Delta Evolution and Palaeogeography. Utrecht. Engelse R.F., 2009. Archeologisch onderzoek aan de Marten Meesweg 5 te Rotterdam (gemeente Rotterdam) Bureauonderzoek en inventariserend veldonderzoek met verkende en karterende boringen. Capelle aan den IJssel

(ArcheoMedia RAPPORT A09-057-I). ^ Klaveren, H.W. van. 2005. Inventariserend Veldonderzoek. Culster 1: Lage Bergsche Bosch, Cluster 4: Zuidplaspolder, Cluster 6: Tweemanspolder. Zelhem (Synthegra Archeologie Rapport 174217). ^ Huizer, J., 2016. Hoofdweg Zuid 52 t/m 60, Nieuwerkerk aan den IJssel (gemeente Zuidplas) een bureauonderzoek. Amersfoort (ADC Rapport 8362). ^ Kerkhoven, A.A. & J. de Wilde. 2012. Archeologisch bureauonderzoek en Verkennend booronderzoek Knibbelweg 97, Zevenhuizen Gemeente Zuidplas (Zuid-Holland). Utrecht (Transect-rapport 63). ^ Koeslag, G.J. 1970. Bodem en Bemesting, Cursus Bodemkunde. Wageningen. ^ Kruif, S. de, 2012. Plangebied Zuidelijke Dwarsweg 17 in Zevenhuizen, gemeente Zuidplas; archeologisch vooronderzoek: een bureauonderzoek en verkennend veldonderzoek. Weesp (RAAP NOTITIE 4374). ^ Meer, A. van de & D.E.A. Schiltmans. 2008. Capelle aan den IJssel Venkelbaan. Een bureauonderzoek en verkennend inventariserend veldonderzoek door middel van grondboringen. Rotterdam (BOORrapporten 440­ 449). ^ Meer, A. van der & D.E.A. Schiltmans. 2011. Rotterdam Zevenkampse Ring 883. Een bureauonderzoek en een verkennend inventariserend veldonderzoek door middel van grondboringen. Rotterdam (BOORrapporten 525). ^ Nales. T., 2014. Regio Rotterdam, MOK 150 kv.

Gemeenten Rotterdam, Capelle aan den IJssel, Zuidplas en Krimpen aan den IJssel, Inventariserend Veldonderzoek, (IVO; verkennende fase). Utrecht (Transect-rapport 569). ^ Timmers, A., 2014. Archeologisch onderzoek aan de Hoofdweg Zuid 42 te Nieuwerkerk aan den IJssel (gemeente Zuidplas). |Inventariserend veldonderzoek met verkennende boringen. Capelle aan den IJssel (Arnicon rapport A14-140-I). ^ Visser, C.A., 2017. Archeologisch vooronderzoek ten behoeve van de herontwikkeling van het Knooppunt Alexander, gemeente Rotterdam Ruimtelijk advies op basis van archeologisch bureauonderzoek. Amersfoort (Vestigia Rapportnummer: V1461). ^ Weerts, H.J.T. & P. Cleveringa, J.H.J. Ebbing, F.D. de Lang, W.E. Westerhoff. 2000. De lithostratigrafische indeling van Nederland - Formaties uit het Tertiair en Kwartair. Utrecht (TNO-rapport 00-95-A). Geraadpleegde bronnen ^ Esri Nederland & Community Maps Contributors; ^ gegevens opdrachtgever; ^ http://www.ruimtelijkeplannen.nl/; ^ www.velin.nl; ^ http://ahn.arcgisonline.nl/ahnviewer/; ^ https://zoeken.cultureelerfgoed.nl/; ^ https://atlas.odmh.nl/html5viewer/index.html?viewer=Atlas.Atlas&layerTheme=Archeologie; ^ http://www.streekmuseumkrimpenerwaard.nl; ^ https://nl.wikipedia.org.

MUG

INGENIEURSBUREAU

Bijlage 1

Plannen opdrachtgever

97000

98000

100000

445000-

102000

103000

104000

105000

w®

i \\\\^— -cd \\\\n -r. »»»»*ï I îiō". \\\\\ mi';. .jĮuii Cg» \ x2S^Hr

\

447000-

446000-

101000

---------- '-------Betrokken gemeenten er waterschappen: - Gemeente: Capelle aan den IJssel, Rotterdam, Zuidplas - Waterschap: Schieland en de Krimpenerwaard

+

* ‘şrt

INįta A

Groningen

Zeve rih u i ze mür ‘

Friesland Drenthe 08JV2 Nieuwbouw HTL-aftakschema DN200 - type K1, op aftakking A-803

08.A-1 Maken nieuwe aftakking DN200 op HTL H-gasleiding A-803, ergens nabij schema S-556 (Zuidelijke Dwarsweg)

A

Gouda

Noord-Holland Flevoland

N

Ufrectrt

Overijssel Gelderland

Zuid-Ho!land

Noord-Brabant Zeeland

Lansingerland ,'

7

Limburg

n deze kaart

NETWERKMODIFICATIES CONFORM SCOPINGMATRIX '

Pekland

Mod nr / Omschrijving modificatie 08-A-1: Maken nieuwe aftakking DN200 op HTL H-gasleiding A-803, ergens nabij schema S-556 (Zuidelijke Dwarsweg).

Eendragtspolder

T

-H

!j1 re I

08-A-2: 08-A-3:

Nieuwbouw HTL-aftakschema DN200 - type K1, op aftakking A-803. Aanleg HTL H-gasleiding DN200 - ca. 9,5 km, vanaf nieuwe aftakking op A-803 naar omgebouwd HTL H-gas GOS W-216 (Uniper ROCA).

08-A-4:

Renoveren RTL G-gas-GOS W-216 (Uniper ROCA) naar HTL H-gas-GOS-W-xxx (bestaand: headers DN300/DN300 81 2xU-straat 6710" 81 gasmeter G1600 -t- headers DN300/DN300 8i 2xU-straat 8710" 8i gasmeter G1600: softwarematige/kleine aanpassingen - vervangen > 2 componenten gelijk GNIP renovatie).

08-A-5: 08-A-6:

Verwijderen RTL in- 8i uitlaatschema S-2216 (ASV Rotterdam ROCA) bij GOS W-216 (Uniper ROCA). Nieuwbouw HTL in- 8i uitlaatschema - vloeistofvanger DN200 - type G2 voor HTL H-gas GOS W-216 (Uniper ROCA)

08-A-7:

Doorkoppelen W-521-04 op W-521-04 ter hoogte van te verwijderen schema S-2216 (ASV Rotterdam ROCA) t.b.v. G-gas voeding van RTL G-gas-GOS W-166 (Stedin-Rotterdam Alexanderstad).

08-A-8:

Plaatsen odorisatiesysteem in GOS W-216 (Uniper ROCA).

*V.

i rižS

S-5948 08.A-3 Aanleg HTL H-gasleiding DN200 - ca. 9,5 km, vanaf nieuwe aftakking op A-803 naar omgebouwd HTL H-gas GOS W-216 (Uniper ROCA).

444000-

-r

Od Verlaat

7-

443000-

LEGENDA

Dorrestem

Kortland y Kleįnpoļdeř

ŕAVN^^v

Lage Weg

HTLeidingen t.b.v. GOSSEN OMBOUW

O

Compressorstation

-------

Nieuwe HTLeiding met H-gas

7

Reduceerstation

-------- Bestaande HTLeiding omschakelen naar H-gas

V

Injectiestation

-------- Bestaande HTLeiding opwaarderen

■I

Mengstation

RTLeidingen t.b.v. GOSSEN OMBOUW

i^

Exportstation

-------- Bestaande RTLeiding opwaarderen

A

Meet- 8i regelstation

— Nieuwe RTLeiding met H-gas

7

Nieuw reduceerstation

bestaande RTLeiding omschakelen naar H-gas

'

iKüijnpenerwaard

HG-gas HTLeidingen (in bedrijf)

O

S-xxx = HTL-schema

H-gas HTLeidingen (in bedrijf)

"“O

N-xxx = GOS-Gemeente N-xxx = GOS-Industrie

H-gas ongeodoriseerd

Ommoo ïSźC ..H,

^X;

G-gas geodoriseerd

“| Waterschappen2017

G-gas RTLeidingen (in bedrijf)

Polder De Nesse

Polder Esse, Gansdorp en Blaardorp

08.A-5 Verwijderen RTL i n- 8i uitlaatschema S-2216 (ASV Rotterdam ROCA) bn GOS W-216 (Uniper ROCA)

Natura 2000-gebied

G-gas geodoriseerd Mogelrjke toekomstige bebouwing

G-gas ongeodoriseerd

wonen

m H-gas RTLeidingen (in bedrijf)

Ę\\\] bedriiventerrein

~ — m H-gas geodoriseerd |

~ — m H-gas ongeodoriseerd

De op deze kaart weergegeven informatie is uitdrukkelijk ter informatie bedoeld en hier kunnen geen rechten aan ontleend worden. Exacte informatie dient via DDS/Eagle netviewer te worden verkregen. de weergegeven informatie is gebaseerd op de volgende bronnen:

08-A-4 Renoveren RTL G-gas-GOS W-216 (Uniper ROCA) naar HTL H-gas-GOS-W-xxx (bestaand: headers DN300/DN300 8i 2xU-straat 6'710" 8i gasmeter G1600 - headers DN300/DN300 8i 2xU-straat 8710" 8i gasmeter G1600: softwarematige/kleine aanpassingen + vervangen 2 componenten gelik GNIP renovatie).

Eagle data - status datum: 28-10-2018 TITEL

.

~\ĄOÒżiĩž-

Overzichtskaart Masterplan Ombouw G^H-gassysteem FS+PS-Groep 8: W-216 STATUS

GETEKEND DOOR

AFD

G.J. van Dorland

Hitland

GECONTR. DOOR

S. Stratingh

1 Kilometers J

CATEGORIE VAKGEBIED TEK. SRT

r.nc, ļ-nio

BEHEER Ä ONDERHOUD

100000

101000

102000

103000

104000

105000

PA

g

PAR.

OKG AFD

OPL

c PSh

© 2018

N.V. NEDERLANDSE GASUNIE

OMSCHRIJVING WIJZIGING

SUBLOCATIE/GEB. CODE

N.V.T.

A1

GETEKEND BIJ

WEnR SCHAAL

DATUM 1e UITGAVE

1 : 12500

15-Nov-2018

PROJECT NR. FORMAAT NUMMER

P.022831.01

NEE 99000

ALT AFD

C. Schuiling VOOR AKKOORD

98000

| AMK monumenten (^hoog, V=laag) Toetsingsafstand 1300 meter

441000-

97000

modificatiepunt

”| Gemeentegrenzen2016

G-gas ongeodoriseerd

iì3

08.A-7 Doorkoppelen verwïderen schema S-2216 (ASV Rotterdam ROCA) t.b.v. G-gas voeding van RTL G-gas-GOS W-166 (Stedin-Rotterdam Alexanderstad)

O

G-gas HTLeidingen (in bedrijf)

Rijskade \

S-xxxx = RTL-schema

H of G-gas (wisselend)

~—

442000-

Nieuw meet- 8i regelstation ^O

W-521-04-KT-000-2

DATUM WIJZIGING WIJZ.NR.

^ E0*

CSK-25-N, versie 7, 31-05-2013

Blad 58 van 62

BIJLAGEN

A

WERKSTROOK BIJ LEIDINGAANLEG

RUIMTE VOOR OPSLAG VAN TEEL­ AARDE EN UITGEGRAVEN GROND

RUIMTE VOOR RIJBAAN EN OPSLAG VAN BUIZEN EN EVENTUEEL VAN UITGEGRAVEN GRONO

ęmşmw

Figuur 1:

Werkstrook bij leidingaanleg

Tabel 2:

Afmetingen werkstrook (draagkrachtige bodems)

Nominale pijpdiameter

Minimumbodembreedte W van de sleuf

(DN)

(m)

100 150 200 250 300 400 450 500 600 750 900 1 050 1 200

0,30 0,35 0,40 0,45 0,50 0,60 0,65 0,70 0,80 1,00 1,10 1,30 1,40

Werkstrook Breec te A (m )

Breedte B

(m) d =

1,25 m 9 10 11 11 11 12 12 13 13 15 18 20 24

d =

1,5 m 9 10 11 12 12 13 13 14 15 17 20 21 25

Totale bre edte (m) bij type 1,3 en 4 d =

7 7 8 8 9 13 13 13 15 15 15 15 16

1,25 m 16 17 19 19 20 25 25 26 28 30 33 35 40

d =

1,5 m 16 17 19 20 21 26 26 27 30 32 35 36 41

Totale bre edte (m) bij ty pe 2 d =

1,25 m 17 18 20 20 21 27 27 28 30 32 35 37 42

d =

1,5 m 17 18 21 22 23 28 28 29 33 35 38 39 44

MUG

INGENIEURSBUREAU

Bijlage 2

Bestemmingsplannen

MUG

INGENIEURSBUREAU

Gemeente Rotterdam Bestemmingsplan Alexanderknoop

+ 4 4 4 4 4 4 4 44444444 4444444444 44444444444 4 1-44444444

I- ^ ^ -I4- 4' 4 4,

I- 4

4 4 4 4 4

44444444 1-4 4

4

4

F~44 4 4 4 4^4~\ķj4'

Esri Nederland, Community Map Contributor^

Uitsnede van het bestemmingsplan Alexanderknoop waarop de dubbelbestemming waarde archeologie met plustekens is aangegeven. Het onderzoekstracé is globaal met een rode lijn aangegeven (bron: www.ruimtelijkeplannen.nl)

Meesweg p

-sr ■T—-

Hintzenweg

co

-rf-.

2. Gebieden met een zeer hoge archeologische verwachting.

Uitsnede van de archeologische waarden en beleidskaart van de gemeente Rotterdam waarop het onderzoekstracé globaal met een rode lijn is aangegeven (bron: Carmiggelt en Van Trierum 2008)

MUG

INGENIEURSBUREAU

Gemeente Capelle aan den IJssel Bestemmingsplan Hoofdweg īcuinMnx)

4

4. 4

41

k4 4

4-

4

4 4

«■4 4 4 4

4

4^ŕ«

4 4 4 V

' ť/* 4v 4

4Tj

4

4.

■4

4

4\4\4 4

4į

4 4*: ,-t- 4 /V

A

l

4 4

» *

v- +X+V ***

'

«gjs lucqenw*^-" VanOilKl""

+ Uitsnede van het bestemmingsplan Hoofdweg waarop het onderzoekstrace globaal met een rode lijn is aangegeven. De plustekens geven de dubbelbestemming waarde archeologie aan (bron: www.ruimtelijkeplannen.nl)

Gemeente Zuidplas Bestemmingsplan Kleine Vink

Doffes

Uitsnede van het bestemmingsplan Kleine Vink. Hierop is het onderzoekstracé globaal met een rode lijn aangegeven. Er geldt hier geen dubbelbestemming waarde archeologie (bron: www.ruimtelijkeplannen.nl)

Bestemmingsplan BPNWK021der 2008

MUG

INGENIEURSBUREAU

Ż ÏŤ'

msM Uitsnede van het bestemmingsplan BPNWK021der 2008 waarop het onderzoekstracé globaal met een rode lijn is aangegeven. Het tracé ligt hier op de grens van twee bestemmingsplannen. Voor BPNWK021der 2008 geldt geen dubbelbestemming waarde archeologie (bron: www.ruimtelijkeplannen.nl) Bestemmingsplan Zuidplas West (noord van BPNWK021der 2008)

Esrj Nederland. Community Map Contributors

Uitsnede van het bestemmingsplan Zuidplas West waarop het onderzoekstracé globaal met een rode lijn is aangegeven. Het tracé ligt hier op de grens van twee bestemmingsplannen. Voor Zuidplas West geldt geen dubbelbestemming waarde archeologie (bron: www.ruimtelijkeplannen.nl)

MUG

INGENIEURSBUREAU

Bestemmingsplan Zuidplas West

[A/

Uitsnede van het bestemmingplan Zuidplas West waarop het nieuwe onderzoekstrace globaal met een rode lijn is aangegeven. Hier geldt geen dubbelbestemming waarde archeologie (bron: www.ruimtelijkeplannen.nl)

Bestemmingsplan Restveen en Groene waterparel

mmm

Uitsnede van het bestemmingsplan Restveen en Groene Waterparel waarop het nieuwe onderzoekstrace globaal met een rode lijn is aangegeven. Hier geldt geen dubbelbestemming waarde archeologie (bron: www.ruimtelijkeplannen.nl)

Bestemmingsplan Buitengebied Oost

MUG

INGENIEURSBUREAU

///'SČÀ

sS

Oz

Uitsnede van het bestemmingsplan Buitengebied Oost waarop het nieuwe onderzoekstrace globaal met een rode lijn is aangegeven. Hier geldt geen dubbelbestemming waarde archeologie (bron: www.ruimtelijkeplannen.nl)

Bestemmingsplan Rode en Groene Waterparel en het parapluplan archeologie 4 4 4 4 4 4 4 4 4 -f- 4 4- 4 4 4- 4 4 + 4 4 + 4 4 4 4 444444444 4444444444 444 + 44 + 4 44 + 4444 + 44 F4 4 4 44444444444 444444444 .4 4444444 4 4 4 4 + 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4 + 4 4 4. 4 + 444 4 4 + 44 4 4+4 + 4 4 4 4 + 4 4 4 + 4 4 + 4 4 4 4 4 4^4 4 4 44444444 44444444 4 + 4 + 44 + 444 4 + 4 44444444 444 4X+ 444444444444 44 + 4 + 4 + 4 İ + + + 44 + + 44 4 4 + 4 4 4 444444444 4 4 4 4 4 4 4 4 4 4yF/f 4 4 4 + 44 4 + 4 /f+44 4 4 + 44

4*4 444

4 + 44

4 4 4

4 4 + 4 44444444444 4 4 4 4 4 4 4 4 + 4 4 4 4 ,4

4 h- '4

4*4

4 + 44. 4 4 4

444444444

4.

4 4 4 4

4 + 44

4 4 4 4 4 4 4 4 4 + 4 4 + 4 + 4, 4 + 44

4 4

\f 4

4 + 4 + 4 + 4 4

+

44

4 + 44 + 4 4 4 4 4

.4 4 4

Uitsnede van het bestemmingsplan Rode en Groene Waterparel en het parapluplan archeologie waarop het nieuwe onderzoekstracé globaal met een rode lijn is aangegeven. Hier geldt een dubbelbestemming waarde archeologie 3. Het gebied met de dubbelbestemming is met plustekens aangegeven (bron: www.ruimtelijkeplannen.nl)

MUG

INGENIEURSBUREAU

Bijlage 3

Advies BOOR, gemeente Rotterdam

Gemeente Rotterdam

Onderwerp: A2019052, Rotterdam, Gasleiding Capelseweg BezoekVpostadres: Archeologie Rotterdam (BOOR) Ceintuurbaan 213b 3051 KC Rotterdam Internet: www.rotterdam.nl/archeologie

Retouradres: Ceintuurbaan 213b, 3051 KC Rotterdam

MUG Ingenieursbureau Stadsontwikkeling t.a.v. de heer G.J. De Roller Zernikelaan 8 9351 VA LEEK

Van: Dhr. drs. B.A. Corver Telefoon: 010 - 489 44 71 E-mall: ba.corver@rotterdam.nl Ons kenmerk: AS19/01787- 19/0002612 Datum: 19 februari 2019

Geachte heer De Roller, De afdeling Archeologie van de gemeente Rotterdam (BOOR) heeft op uw verzoek de noodzaak van het uitvoeren van een archeologisch (voor)onderzoek in het kader van de voorgenomen grondwerkzaamheden ter plaatse van de Capelseweg (gasleiding), te Rotterdam beoordeeld.

Beleidsbesluit De gemeente Rotterdam ziet naar aanleiding van de plannen geen reden tot archeologisch vooronderzoek (bureauonderzoek en/of inventariserend veldonderzoek) op de planlocatie. De locatie kan voor de voorgenomen ontwikkeling worden vrijgegeven zonder archeologische bemoeienis. Wel wordt benadrukt dat er altijd rekening gehouden dient te worden met zogenaamde toevalsvondsten. Hiervan dient men op basis van de Erfgoedwet 2016, art. 5.10 het bevoegd gezag (de gemeente Rotterdam, voor deze Archeologie Rotterdam) te informeren.

Onderbouwing Op de Archeologische Waarden- en Beleidskaart Rotterdam (AWK 2005) wordt aan de locatie een zeer hoge archeologische verwachting toegekend. Conform het bestemmingsplan ‘Alexanderknoop’ geldt voor de locatie een bouwregeling en een omgevingsvergunning voor bouw- en graafwerkzaamheden die dieper reiken dan 1,0 meter beneden maaiveld en die tevens een oppervlakte beslaan van meer dan 200 vierkante meter. De grondroerende werkzaamheden bestaan uit de aanleg van een gasleiding met, binnen de Rotterdamse gemeentegrenzen, een lengte van circa 100 m, een breedte van 25 m en een diepte van 1,5 m. Dit betreft een oppervlakte van 2500 m2. De exacte ligging is nog niet bekend en daarvoor is een bufferzone van 125 m in de breedterichting gereserveerd. De werkzaamheden overschrijden de toegestane marges van het bestemmingsplan, echter de ontgravingen betreffen enkel in verveend gebied. Daarnaast blijkt het plangebied op basis van naastgelegen onderzoek en oude maaiveldhoogtes ook opgehoogd te zijn. In verband hiermee acht de gemeente Rotterdam een archeologisch vooronderzoek op de planlocatie niet noodzakelijk.

Bij eventuele wijzigingen in het aanlegplan kan een archeologisch vooronderzoek alsnog nodig zijn en dient het opnieuw aan de afdeling Archeologie te worden voorgelegd. Met een vriendelijke groet, hoogachtend, DIRECTEUR STADSBEHEER OPENBARE WERKEN (voor deze)

drs. A. Carmiggelt Hoofd Archeologie Rotterdam (BOOR)

2

MUG INGENIEURSBUREAU

MUG Ingenieursbureau b.v. Zernikelaan 8 9351 VA Leek Postbus 136 935Ũ AC Leek 0594 55 24 20 info@mug.nl www.mug.nl

PRAKTISCHE DENKERS

over infra, ge o, archeo en milieu

Bijlage 2

Aanvullend bodemonderzoek

IĈ?

ante a group Rivium Westlaan 72 2909 LD Capelle a/d IJssel Postbus 8590 3009 AN ROTTERDAM T (010) 235 17 45 F (010) 235 17 47 info@anteagroup.nl www.anteagroup.nl

N.V. Nederlandse Gasunie t.a.v. de heer J. van Leerdam Concourslaan 17 9727 KC GRONINGEN

datum uw brief van uw kenmerk projectnummer onderwerp

10 maart 2021 i.013710.01 0456717.100 Rapportage aanvullend milieukundig bodemonderzoek Lot2: G-H ombouw tracé Uniper Roca Rotterdam

Geachte heer Van Leerdam, Hierbij ontvangt u de resultaten van het aanvullende verkennend bodemonderzoek dat in januari en februari 2021 door Antea Group B.V. is uitgevoerd ten behoeve van Lot 2: G-H ombouw tracé Uniper ROCA Rotterdam.

1

Aanleiding, situatie en doel

De aanleiding voor de uitvoering van het (aanvullend) verkennend bodemonderzoek betreffen de resultaten van eerder uitgevoerd milieukundig vooronderzoek en de veldwaarnemingen en analyseresultaten van eerder verricht bodemonderzoek (Rapportage milieukundig bodemonderzoek Lot 2: G-H ombouw tracé Uniper ROCA Rotterdam'). Beide onderzoeken zijn uitgevoerd voor het project 'Lot 2: G-H ombouw tracé Uniper ROCA Rotterdam'. Naast de voorgenoemde aanleidingen was er eveneens sprake van een tracéwijziging, waarbij enkele werkputten met in- en uittredepunten van gestuurde boringen (HDD's) zijn verplaatst of vervallen. Het doel van het verkennend bodemonderzoek is nagaan of op de verdachte locaties ter plaatse van de geplande werkputten sprake is van een (sterke) bodemverontreiniging en zo ja, vaststellen welke maatregelen noodzakelijk zijn om de werkzaamheden te kunnen uitvoeren. De onderzoeken zijn enkel uitgevoerd ter plaatse van de delen van het tracé welke in open ontgraving worden aangelegd. In figuur 1 zijn de locaties weergegeven waar aanvullend onderzoek is uitgevoerd.

2

Historische informatie

Bij Antea Group zijn reeds de volgende rapportages bekend:

»

»

Historisch bodemonderzoek: Project "ombouw industrie van G naar H gas" ten behoeve van GROEP-8W216-Uniper-ROCA-D14, door RPS advies- en ingenieursbureau, kenmerk 1807850A00-R19-404, d.d. 09-04-2019. Briefrapport milieukundig bodemonderzoek Lot 2 Uniper ROCA Rotterdam, door Antea Group, kenmerk 0456717.100, d.d. 24-12-2019.

Op basis van het verrichte historisch en milieukundig bodemonderzoek was aanbevolen om voor diverse locaties aanvullend onderzoek uit te voeren wegens het aantreffen van een matig verhoogd gehalte aan nikkel en het staken van een aantal boringen (onbekende weerstand). Tevens is voor een aantal locaties in de strook direct ten zuiden van de A20 binnen de bebouwde kom mogelijk sprake van de aanwezigheid van een ophooglaag met zwak tot sterk puinhoudend of bodemvreemd materiaal (diepte onbekend) welke kan worden aangemerkt als (asbest)verdacht en/of mogelijk sterk verontreinigd. A member of

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=c59f4e77-08c8-4bcf-9092-0757b69ffa0c