22bb62 Raadsbesluit vaststelling Onderzoeksprotocol integriteit raadsleden Rotterdam 2022
Tekst van het document
B
22bb62
Onderzoeksprotocol integriteit raadsleden Rotterdam 2022 De Raad van de gemeente Rotterdam, gelezen het voorstel van het presidium van 27 januari 2022 tot vaststelling van een gedragscode gemeenteraad en het onderzoeksprotocol integriteit raadsleden (voorstelnr. 22bb60); gelet op artikel 15, derde lid, Gemeentewet; overwegende dat het gewenst is regels te formuleren over de wijze waarop wordt omgegaan met meldingen over vermoedens van niet integer handelen door raadsleden; besluit vast te stellen: Onderzoeksprotocol integriteit raadsleden Rotterdam 2022 Artikel 1 Begripsbepalingen 1. Deze regeling geldt voor raadsleden en raadscommissieleden ex artikel 82 Gemeentewet. Waar hierna wordt verwezen naar raadsleden, wordt tevens gedoeld op raadscommissieleden. 2. In deze regeling wordt verstaan onder gedragscode: Gedragscode gemeenteraad Rotterdam 2022. Artikel 2 Advies burgemeester of griffier 1. Als een raadslid twijfelt of een bepaalde door hem voorgenomen handeling of een door hem ondervonden of te ondervinden behandeling door derden, in overeenstemming is met zijn verplichtingen als raadslid, kan hij advies vragen aan de griffier, die hem, indien de kwestie daartoe aanleiding geeft, doorverwijst naar de burgemeester dan wel zijn fractievoorzitter. 2. Een raadslid kan ook direct de burgemeester benaderen, die het advies Van de griffier kan inwinnen.
Artikel 3 Melding en vooronderzoek bij vermoeden van niet integer handelen 1. Meldingen over een vermoeden van niet integer handelen van een raadslid kunnen door een ieder bij de burgemeester worden gedaan. 2. Een ieder die betrokken is bij de behandeling van een melding, maakt de identiteit van de melder niet bekend zonder zijn instemming. 3. De burgemeester doet een eerste bestudering van de integriteitsmelding. Als blijkt dat de melding onvoldoende betrouwbaar is, in redelijkheid niet te onderzoeken is, een integriteitsonderzoek in redelijkheid niet het aangewezen middel is om de melding te adresseren en/of een integriteitsonderzoek disproportioneel is in verhouding tot de aard en omvang van de melding, dan kan de burgemeester besluiten geen (nader) onderzoek in te stellen. 4. Indien een vermoeden bestaat dat een raadslid de gedragscode overtreedt, dan kan de burgemeester, hetzij op grond van een melding, hetzij uit eigen beweging op grond van overige signalen, een vooronderzoek instellen. Het raadslid wordt daarover zo snel mo elïk eïnformeerd, tenzï het onderzoeksbelan zich hierte en verzet. raadsvergadering van: raadsstuk 22bb62
3 februari 2022 pagina 1
h. Afspraken over het voorleggen van de bevindingen aan het betrokken raadslid en het vastleggen van diens reactie daarop; i. Afspraken over vertrouwelijkheid van het onderzoeksrapport en de daaraan verbonden stukken; j. Afspraken over eigendom van het onderzoeksrapport en de bevoegdheid tot gebruik daarvan in onder meer juridische procedures. Artikel 6 Hoorplicht 1. Gedurende het onderzoek worden het betrokken raadslid en eventuele andere betrokken personen gehoord. 2. Het horen gebeurt door de burgemeester in aanwezigheid van de griffier, of door minimaal twee van de aangewezen personen zoals genoemd in artikel 3 lid 5, dan wel door de externe partij. 3. Voordat het gesprek plaatsvindt, worden het betrokken raadslid en overige te horen personen op de hoogte gesteld van de aard en het doel van het gesprek en van het recht zich te laten bijstaan door een raadsman of belangenbehartiger. 4. Van het horen wordt een verslag gemaakt, dat wordt voorgelegd aan betrokken personen voor akkoord of voor gezien. Artikel 7 Onderzoeksrapport 1. De burgemeester laat een onderzoeksrapport opstellen waarin hij alle bevindingen neerlegt. 2. In het onderzoeksrapport komen in ieder geval de volgende aspecten aan de orde: a. De aanleiding van het onderzoek en de onderzoeksopdracht met eventuele uitbreidingen, mocht dit tijdens het onderzoek noodzakelijk zijn gebleken; b.
De gebruikte onderzoeksmethoden, waarbij helder naar voren wordt gebracht wat de uitgangspunten voor het onderzoek geweest zijn en welke feiten en omstandigheden hierbij een rol hebben gespeeld; c. Relevante regelgeving; d. De bevindingen. 3. In het onderzoeksrapport wordt geoordeeld of het betrokken raadslid de gedragscode heeft overtreden, en daarom al dan niet integer heeft gehandeld. Artikel 8 Reactie van het betrokken raadslid op het onderzoeksrapport 1. Het betrokken raadslid wordt in de gelegenheid gesteld zijn oordeel te vormen over de bevindingen van het onderzoek. 2. Het betrokken raadslid kan gedurende een termijn van twee weken schriftelijk reageren op het onderzoeksrapport. 3. De burgemeester kan deze termijn éénmaal verlengen. 4. Het betrokken raadslid kan zich hierin laten bijstaan door een raadsman of een andere persoon naar keuze. 5. Het betrokken raadslid heeft recht op inzage in de onderzoeksbevindingen, tenzij zwaarwegende belangen zich daartegen verzetten. 6. De burgemeester beoordeelt de reactie van het betrokken raadslid en besluit of en op welke wijze het onderzoeksrapport wordt aangepast. 7. De reactie van het betrokken raadslid op de onderzoeksbevindingen wordt opgenomen in een bijlage van het onderzoeksrapport. Artikel 9 Bespreking onderzoeksrapport 1. De buraemeester bespreekt het onderzoeksrapport in het presidium.
raadsvergadering van: raadsstuk 22bb62
3 februari 2022 pagina 3
2. Mede op basis van het onderzoeksrapport en het presidium gehoord hebbende, besluit de burgemeester of en op welke wijze het rapport gedeeld wordt met de gemeenteraad. 3. Op basis van het onderzoeksrapport besluit de burgemeester of er redenen zijn om aangifte te doen. Artikel 10 Inwerkingtreding Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het gemeenteblad waarin het wordt geplaatst. Artikel 11 Citeertitel Deze regeling wordt aangehaald als: Onderzoeksprotocol integriteit raadsleden Rotterdam 2022. Artikel 12 Intrekking protocol Het Protocol behandeling vermoedens niet integer handelen raadsleden Rotterdam 2015 wordt ingetrokken. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 3 februari 2022.
raadsvergadering van: raadsstuk 22bb62
3 februari 2022 pagina 4