22bb2860.pdf
Tekst van het document
De wijkraden en de gemeenteraad
Versie 28-03-2022
De wijkraden en de gemeenteraad Wij, Jimmy Smet, Eline Duijm-Wickerhoff en Ingrid van Wifferen, hebben als werkgroep namens de raad de ontwikkeling van het bestuursmodel met wijkraden nauwlettend gevolgd. We hebben {samen met wijkraadsleden Theo Coskun en Marvin Biljoen) een conferentie over lokale democratie georganiseerd en in een jaar tijd zesmaal met wijkvertegenwoordigers gesproken over wat er nodig is om het nieuwe model succesvol te maken. Uit die gesprekken, en uit de commissie- en raadsbehandelingen van 'Wijk aan zet', komt de breed gedeelde behoefte naar voren om in de nieuwe raadsperiode vanaf de start te investeren in een goede relatie tussen de wijkraden en de gemeenteraad. Een relatie met korte lijnen en zonder drempels. Een relatie die tot een symbiose leidt en zowel de wijkraden als de gemeenteraad versterkt. Het is natuurlijk aan de nieuwe raad en aan de wijkraden straks om hier handen en voeten aan te geven. Wel willen we de ervaringen van de huidige raad en de ideeën en suggesties uit de wijkgesprekken graag delen. Zodat de nieuwe raad en wijkraden straks een vliegende start kunnen maken. De uitgangspunten Het college, de burgemeester en de raad hebben gezamenlijk de wijkraden ingesteld.
De belangrijkste rol van de wijkraden ligt straks wel in de uitvoering, in de relatie college wijkraden: hoe komen zij tot een goede samenwerking, zodat het geluid van de wijk goed landt in de beleidsvorming? Hoe krijgen de wijkraden een tijdige en volwaardige rol in wijkontwikkelingen? Maar juist daarom is het belangrijk dat de lijnen tussen de wijkraden en de raad kort zijn. De raad moet goed een vinger aan de pols houden over het functioneren van het model en of de wijkraden daarin tot hun recht komen. En de wijkraden moeten de raad snel weten te vinden bij problemen. Zowel bij de raad als bij de huidige wijkvertegenwoordigers leeft het gevoel dat dit in de afgelopen periode onvoldoende uit de verf is gekomen. Veel raadsleden geven aan dat zij dit graag anders hadden gewild, maar dat het hen simpelweg aan tijd ontbrak om de wijken de aandacht te geven die zij verdienen. Dat zal in de nieuwe raadsperiode niet anders zijn. Daarom moeten we slimme en efficiënte oplossingen bedenken.
Twee moties, een brief-advies en een evaluatie De raad heeft, bij de besluitvorming over 'wijk aan zet', twee moties specifiek over de relatie tussen de raad en de wijkraden aangenomen: - Motie Lansink-Bastemeijer 'Wijkraden in de overdracht' {21bb13006) Deze motie constateert onder andere dat wijkraden mogen verwachten dat er periodiek contact is tussen de wijkraden en de gemeenteraad, maar dat contact onderhouden met 39 wijkraden een forse belasting kan betekenen voor {individuele) raadsleden. Daarom spreekt de raad met deze motie de wens uit om, in de overdracht naar de nieuwe raad, mee te geven dat de nieuwe raad een werkwijze moet vinden die zowel voor de wijkraad als de gemeenteraad past, bijvoorbeeld middels wijkconferenties of wijkrapporteurs. - Motie Lammering 'Escalatiemethode voor de volgende periode?' (21bb13016) Deze motie refereert aan een briefadvies van de Universiteit Leiden over het wijkraden model. De auteurs van die brief merken onder andere op dat het model een kans is
voor de raad om"... met een arbitrerende positie tussen wijkraad en college de controlerende en volksvertegenwoordigende rol te verbinden en te versterken." De motie roept in dit licht de nieuwe raad op om een laagdrempelige escalatieprocedure in te richten, waarbij wijkraden altijd gehoord kunnen worden in een raadscommissie. Liefst een commissie die de wijkraden als specifiek aandachtsgebied heeft. EUR-eindevaluatie Ook de EUR heeft in haar tussenevaluaties aandacht besteed aan de onderlinge relaties tussen college, raad en wijkraden. Bij het opstellen van deze notitie is de eindevaluatie nog niet beschikbaar, maar die moet zeker onder de aandacht komen van de nieuwe raad. De suggesties en ideeën van de huidige wijk- en gebiedsvertegenwoordigers De werkgroep heeft in de wijkgesprekken ook gevraagd naar ervaringen en ideeën met betrekking tot de relatie tussen de wijkraden en de gemeenteraad. Een samenvatting: - Laagdrempelig contact. Met straks 39 wijkraden is de zorg dat de afstand tussen raad en wijkraden alleen maar groter wordt. Zorg dat de lijnen tussen de raad en de wijkraden kort zijn en men elkaar laagdrempelig weet te vinden. Start de periode bijvoorbeeld met een warm welkom op het stadhuis. Benader wijkraden voorts niet langs politieke lijnen. De wijkraden zijn immers een collectief waarin bovendien juist ook niet politiek gebonden vertegenwoordigers zitten.
- Geinstitutionaliseerd contact. Zorg dat er in enige vorm structureel contact plaats vindt. Attendeer wijkraden bijvoorbeeld altijd op relevante onderwerpen in commissies. - Agenda-synchronisatie. Stem de behandeling van onderwerpen in raad en wijkraden beter op elkaar af, zodat bijvoorbeeld adviezen of participatiemomenten geen 'mosterd na de maaltijd' zijn. En houdt de wijkraden op de hoogte van de verdere besluitvorming. - Monitor de wijkakkoorden. Straks met het nieuwe model zal het met name in het begin spannend zijn of de opgebouwde netwerken en cohesie terugkeren en of de wijkakkoorden rondkomen. Houd dit proces dus nauwlettend in de gaten. - Leer van goede voorbeelden. Het besluitvormingsproces rond het recreatieoord bij Hoek van Holland kan dienen als een mooi voorbeeld waarin raad en gebiedsvertegenwoordiging elkaar versterkten. Tot slot We hadden ons voorgenomen om vooral te schetsen wat de ervaringen en ideeën zijn en verder niet op de stoel van de nieuwe raad te gaan zitten.Toch willen we tot slot nog een paar tips meegeven, zowel naar aanleiding van als in aanvulling op alles wat in deze notitie staat: - Vertoon straks als raad voorbeeldgedrag. Als de raad iets organiseert in een wijk, of iets organiseert waar wijkraden anderszins logische partners zijn, dan starten we ook bij hen.
- Maak, net als in de huidige periode, één van de raadscommissie vast aanspreekpunt voor de wijkraden. Deze commissie monitort het functioneren van het model. Gezien ervaringen uit het verleden, kan dit prima ondergebracht worden in een bestaande raadscommissie en is het niet nodig om een aparte 'commissie wijkraden' in het leven te roepen. - Maak een aantal commissieleden 'vaandeldrager' van de monitoring. Zij kunnen bijvoorbeeld, ondersteund door de griffie, als rapporteur optreden: namens de raad leggen zij regelmatig hun oor te luister in de wijken en zij rapporteren hun bevindingen aan de commissie. Zo wordt de raad laagdrempelig als aanspreekpunt en worden de lijnen kort voor alle wijkraadsleden, ook de niet politiek gebondenen.