CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[22bb007947] Bijlage 1 behorende bij 22bb7946 - Nota Participatiebeleid bij de kerninstrumenten van de Ow- Rotterdam

Gemeenteraad 23 maart 2023, gemeente RotterdamBij agendapunt: De voorstellen tot vaststelling van:10.047 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

De gemeente toetst aanvragen voor omgevingsver­ gunningen

Gemeente toetst of participatie verplicht was en of de initiatiefnemer in dat geval heeft geparticipeerd

De gemeente kan ondersteunen bij (bewoners)initiatieven (niet verplichte participatie).

Maatwerk, de gemeente kan gevraagd worden te faciliteren en zal daarbij een afweging maken. Wanneer het tot een vergunningsaanvraag komt daar voor de gemeente een tweede rol bij

29

5.2 Rol van de initiatiefnemer De initiatiefnemer kan een inwoner, een projectontwikkelaar, instelling, de gemeente zelf of andere partij zijn. Een aantal zaken is te allen tijde van toepassing op de initiatiefnemer: √ Voor het instrument omgevingsvergunning is de initia­ tiefnemer verantwoordelijk voor de participatie. De ge­ meente kan in sommige gevallen ondersteunen15, maar neemt niet over; √ De initiatiefnemer is en blijft eigenaar van zijn of haar initiatief; √ De initiatiefnemer is verantwoordelijk voor het informe­ ren en betrekken van de (directe) omgeving en voor de verslaglegging hierover; √ De initiatiefnemer is verantwoordelijk voor de voortgang van het proces. De initiatiefnemer mag bij het opstellen van een participatie-aanpak en bij de uitvoering hiervan een aantal zaken van de gemeente verwachten: √ De gemeente maakt een integrale afweging; √ De gemeente communiceert eenduidig over haar betrokkenheid bij het initiatief en is consequent in haar handelen; √ De gemeente geeft op verzoek advies over de participatie. Voetnoten 15 Deze ondersteuning is altijd maatwerk. Zie paragraaf 3.2.4 voor een toelichting.

30

5.3 Rol van het college en de gemeenteraad

5.4 Rol van de wijkraden

Met de omgevingsvisie stellen het college en gemeenteraad hun doelen voor de fysieke leefomgeving vast.

Er zijn in Rotterdam 39 wijkraden met gekozen vertegenwoordigers. Zij bouwen een wijknetwerk op en jagen de participatie in de wijk aan. De gemeente stelt met deze wijkraden een wijkakkoord op en werkt en jaarlijks een wijkplan uit. Rotterdam heeft de ambitie uitgesproken dat er bij elke visie, programma, plan of initiatief een gedegen afweging wordt gemaakt over het inzetten en vormgeven van participatie. Daar hoort ook een afweging m.b.t. de inzet van de wijkraad bij, in lijn met de verordening op de wijkraden 2022. Hoe de inzet wordt vormgegeven is maatwerk. Om te voorkomen dat de wijk overvraagd wordt met participatietrajecten kan de wijkraad bovendien in hun jaarplan opnemen een rol te pakken in de coördinatie van participatie.

In omgevingsplan leggen zij regels vast over de fysieke leefomgeving met juridische werking. √ Voor activiteiten die binnen het omgevingsplan vallen en waar een vergunning voor nodig is, geldt de par­ ticipatie aanvraagvereiste. Hierin heeft de gemeente beschreven wat een goed participatieproces kan zijn. Het college van B&W stimuleert initiatiefnemers om hier rekening mee te houden, maar kan initiatieven niet afwijzen op grond van participatie(-criteria). √ Daarnaast zijn er activiteiten die buitenplans zijn, dat wil zeggen dat ze in strijd zijn met het omgevingsplan. Als een dergelijk initiatief bij de gemeente wordt ingediend, dan kan het college van B&W beoordelen of er alsnog medewerking aan kan worden verleend. De gemeen­ teraad heeft, op grond van artikel 16.55, zevende lid van de Omgevingswet, vooraf buitenplanse activiteiten aangewezen waarvoor participatie van en overleg met derden over de vergunningaanvraag verplicht is (zie hierboven). Voor een initiatiefnemer geldt in dat geval een participatieverplichting vóór het indienen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning. √ In gevallen waarbij de gemeente zelf aan zet is voor de aanvraag van een omgevingsvergunning kan het college zo nodig nog aanvullende participatiekaders formuleren.

31

Bijlage 1: Begrippenlijst In deze nota wordt een aantal begrippen gehanteerd. Hieronder volgt een korte toelichting:

Aanvraagvereiste

Initiatiefnemer

Motiveringsplicht

Eén van de drie wettelijke verantwoordingsverplichtingen binnen de Omgevingswet ten aanzien van participatie. De initiatiefnemer moet aangeven of, en zo ja hoe, hij participatie heeft vormgegeven en wat hij met het resultaat heeft gedaan. Het bevoegd gezag betrekt deze informatie bij de integrale belangenafweging. De aanvraagvereiste geldt uitsluitend bij de aanvraag van een omgevingsvergunning.

Individu of partij die voornemens is om activiteiten uit te voeren in de fysieke leefomgeving en daar mogelijk een omgevingsvergunning voor nodig heeft. Ook de gemeente zelf kan initiatiefnemer zijn.

Eén van de drie wettelijke verantwoordingsverplichtingen binnen de Omgevingswet ten aanzien van participatie. Het bevoegd gezag geeft bij het besluit aan hoe burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en bestuursorganen zijn betrokken bij de voorbereiding en wat de resultaten daarvan zijn. De motiveringsplicht geldt voor opstellen of wijzigen van omgevingsvisie, omgevingsprogramma’s en het omgevingsplan.

Bevoegd gezag Het bestuursorgaan dat verantwoordelijk is voor vergunningverlening, toezicht, handhaving, meldingen en het toestaan van afwijken van algemene regels. Dat kan een rijksorganisatie, een provincie, een waterschap, een gemeente of een vervoersregio zijn.

Binnenplanse en buitenplanse omgevingsplanactiviteit Het nieuwe omgevingsplan (wat in de plaats komt van het bestemmingsplan) geeft aan welke activiteiten zijn toegestaan op een locatie en een welke regels daarbij horen. Naast deze regels is in het omgevingsplan opgenomen in welke gevallen er mag worden afgeweken. We spreken dan van een binnenplanse omgevingsplanactiviteit. Van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit is sprake wanneer de plannen niet passen binnen de kaders van het omgevingsplan.

Kerninstrumenten van de Omgevingswet De omgevingsvisie, omgevingsprogramma’s, het omgevingsplan en de omgevingsvergunning.

Kennisgeving Eén van de drie wettelijke verantwoordingsverplichtingen binnen de Omgevingswet ten aanzien van participatie. Het bevoegd gezag publiceert een kennisgeving waarin zij beschrijft wie worden betrokken, waarover en wanneer, wat de rol is van het bevoegd gezag en de initiatiefnemer en waar meer informatie beschikbaar komt. De publicatie van de kennisgeving dient als formele start van het participatietraject.

De motie Nooren In deze motie wordt de regering verzocht in het Invoeringsbesluit Omgevingswet een regeling op te nemen die ervoor zorgt dat er een plicht ontstaat voor gemeenten, provincies en waterschappen om het Participatiebeleid op te stellen waarin vastgelegd wordt hoe participatie wordt vormgegeven en welke eisen daarbij gelden. Dit Participatiebeleid moet worden vastgesteld door de gemeenteraad.

Omgevingsbeleid Omgevingsbeleid is bestuurlijk vastgesteld beleid dat gaat over de fysieke leefomgeving. Hierin zijn doelstellingen opgenomen, evenals maatregelen en middelen om deze doelstellingen te bereiken.

Participatie Participatie onder de Omgevingswet houdt in dat burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en andere overheden in een vroegtijdig stadium bij de besluitvorming over visies, plannen, programma’s en projecten in de fysieke leefomgeving worden betrokken, of dat deze partijen zelf initiatief nemen voor ontwikkelingen in de leefomgeving. Participatie is dus meer dan formele momenten, waarop burgers, bedrijven en maatschap­ pelijke organisaties, zienswijzen kunnen indienen. Het betreft juist het betrekken van partijen bij het besluitvormingsproces voordat de formele besluitvorming van start gaat. 32

Participatie aanpak Een participatie aanpak wordt gemaakt voordat de voorgenomen participatie heeft plaatsgevonden. Het is een document waarin de voorgenomen aanpak is opgenomen voor de inrichting van de participatie bij een van de kerninstrumenten van de Omgevingswet. Document bevat tevens een toelichting waarom voor deze aanpak is gekozen. De participatie aanpak kan worden gepubliceerd als onderdeel van de kennisgeving.

Participatie verslag Het participatieverslag wordt gemaakt nadat de participatie heeft plaatsgevonden. Het is een document waarin wordt toegelicht hoe de participatie bij een van de kerninstrumenten van de Omgevingswet is uitgevoerd. Het participatieverslag kan worden gepubliceerd als onderdeel van de motiveringsplicht.

RSPW Rotterdamse Standaard voor Projectmatig werken. De RSPW is de professionele lat binnen de gemeente Rotterdam voor projectmatig werken en omvat naast de visie ook de (uitgewerkte) basisprincipes (afsprakenkader), het handboek RSPW, standaarddocumenten en formats.

Vooroverleg(fase) Tijdens het vooroverleg gaan (toekomstige) initiatiefnemers in gesprek met de gemeente over de haalbaarheid van het (toekomstige) initiatief. Ook kan de gemeente zelf het vooroverleg opstarten door partijen aan de voorkant bij een bepaalde ontwikkeling te betrekken.

33

34

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=ecb9c363-5025-4b17-9c40-4fbd325a5b7f