CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[22bb007826] Bijlage 3 behorende bij 22bb7824 - rapport externe veiligheid LPG-tankstation

Gemeenteraad 15 december 2022, gemeente RotterdamBij agendapunt: Het voorstel tot vaststelling van het bestemmingsplan ‘K.P. van de Mandelelaan 130’.3.172 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

omgevingsveiligheid 4 risicoanalyse

Adviesgroep AVIV BV Piet Heinstraat 12 7511 JE Enschede

Risicoanalyse I LPG-tankstation Abram van Rijckevorselweg Rotterdam

Project Datum

193986 12 oktober 2022

Opdrachtgever RHO t.a.v. S. Lie Postbus 150 3000 AD Rotterdam

I aviv.nl

Risicoanalyse I LPG-tankstation Abram van Rijckevorselweg Rotterdam

Project

193986

Datum

12 oktober 2020

Auteur Versie nr.

ing. A.M. op den Dries 1.0

Opdrachtgever

RHO t.a.v. S. Lie Postbus 150 3000 AD Rotterdam

Risicoanalyse I LPG-tankstation Abram van Rijckevorselweg Rotterdam

ĀVĪÑ7

Inhoudsopgave 1

Inleiding________________________________________________________ 4

2 Gegevens risicoberekening________________________________________5 2.1 Inleiding______________________________________________________ 5 2.2 Ongevalsscenario’s tank________________________________________ 5 2.3 Ongevalsscenario’s tankauto____________________________________ 5 2.4 BLEVE-frequentie tankauto______________________________________ 6 2.5 Parameters___________________________________________________ 9 2.6 Aanwezigen rond het tankstation _________________________________ 9 3

Resultaten risicoberekening______________________________________ 12 3.1 Groepsrisico__________________________________________________ 12 3.2 Effectafstanden_______________________________________________ 13

4 Conclusie______________________________________________________ 14 Referenties_______________________________________________________ 15

3

Risicoanalyse I LPG-tankstation Abram van Rijckevorselweg Rotterdam

1

Inleiding Men is voornemens een pand met meerdere functies, waaronder wonen en kantoor, te realiseren te realiseren aan de K.P. van der Mandelelaan in Rotterdam. Voor het op te stellen bestemmingsplan is inzicht in de externe veiligheid van het nabij gelegen LPG-tankstation noodzakelijk. In dit rapport wordt inzicht gegeven in de verandering van het groepsrisico door de ruimtelijke ontwikkeling. De rapportage is als volgt opgebouwd. De gegevens die nodig zijn voor de berekening van het groepsrisico zijn samengevat in hoofdstuk 2. De resultaten staan in hoofdstuk 3. Hoofdstuk 4 ten slotte bevat de conclusies.

4

Risicoanalyse I LPG-tankstation Abram van Rijckevorselweg Rotterdam

2 Gegevens risicoberekening 2.1

Inleiding De gegevens van het LPG-tankstation zijn aangeleverd door de omgevingsdienst. De berekening van het groepsrisico wordt uitgevoerd voor doorzet tot maximaal 1000 m3Ijr. Op het moment van schrijven is de verkoop van LPG gestaakt, maar omdat de vergunning nog in werking is dient het groepsrisico wel berekend te worden. Voor

een

LPG-tankstation

wordt

het

extern

veiligheidsrisico

bepaald

door

de

ongevalsscenario’s van de tank en de tankauto die aanwezig is tijdens de bevoorrading. Andere ongevalsscenario’s, bijvoorbeeld het falen van de vloeistofleiding tussen het vulpunt en de tank of tussen de tank en de afleverzuil, leveren een te verwaarlozen bijdrage aan het risico. De berekening van het risico wordt uitgevoerd volgens de voorschriften opgenomen in de Handleiding risicoberekeningen Bevi [2], het stappenplan groepsrisico [3] en een specifiek berekeningsvoorschrift [4]. Het stappenplan en het specifieke berekeningsvoorschrift houden rekening met de invloed van de omgeving op de BLEVE-frequentie van de lossende tankauto.

2.2

Ongevalsscenario’s tank Er is een ondergrondse tank opgesteld met een volume van 40 m3 met een maximale inhoud van 18.4 ton (de maximale vullingsgraad). Tabel 1 toont de frequentie en bronsterkte voor de ongevalsscenario’s. Scenario O.1 O.2 O.3

Instantaan Continu 10 min Continu 10 mm

I 5.0 10-7 5.0 10-7 1.0 10-5

O.4 O.5 O.6 O.7

Vloeistofleiding - breuk Vloeistofleiding - lekkage Afleverleiding - breuk Afleverleiding - lekkage

5.0 10-6 1.5 10-5 3.8 10-5 1.1 10-4

Tabel 1.

2.3

Frequentie

Bron sterkte 18.4 ton 30.9 kgIs 1.1 kgIs 2.9 kgIs 0.1 kgIs 2.9 kgIs 0.1 kgIs

Toelichting Maximale inhoud Maximale inhoud in 600 s Vloeistofuitstroming met uitstroomcoëfficiënt Cd^.60 Lengte 10 m, diameter 1.25” Lengte 10 m Lengte 75 m, diameter 1.25“ Lengte 75 m

Ongevalsscenario’s tank

Ongevalsscenario’s tankauto Voor een doorzet tot 1000 m3Ijr zijn er standaard 70 lossingen nodig van elk 30 min. De lostijd per jaar is dan 35 uur (04/0 van de tijd). Bevoorrading vindt plaats met een tankauto van 60 m3 en een maximale inhoud van 26.7 ton. De tankauto kan bij aankomst op de inrichting voor 100/, 67/ of 33/ gevuld zijn. Deze gegevens worden gebruikt om met een initiële

5

Risicoanalyse I LPG-tankstation Abram van Rijckevorselweg Rotterdam

ongevalsfrequentie de frequentie van de ongevalsscenario’s voor de inrichting af te leiden. Voor de ongevalsscenario’s instantaan falen en uitstroming uit de grootste aansluiting wordt de initiële ongevalsfrequentie vermenigvuldigd met de fractie gedurende het jaar dat de betreffende tankauto aanwezig is binnen de inrichting. Voor volledige breuk van de pomp is rekening gehouden met de beperking van de uitstroomtijd door een doorstroombegrenzer. De kans dat de doorstroombegrenzer niet sluit is 0.06. Voor volledige breuk van de losslang is rekening gehouden met de beperking van de uitstroomtijd door een andere doorstroombegrenzer. De kans dat deze doorstroombegrenzer niet sluit is 0.12. Tabel 2 toont de ongevalsscenario’s voor een doorzet tot 1000 m3Ijr. Scenario T.1 T.2 P.1

P.2

P.3 L.1

L.2

L.3

Tabel 2.

2.4

Frequentie

Instantaan vulgraad 100^0 Continu grootste aansluiting Breuk pomp doorstroombegrenzer sluit Breuk pomp doorstroombegrenzer sluit niet Lekkage pomp

2.0 10-9

Bron sterkte 26.7 ton

2.0 10-9

65.8 kgIs

3.8 10-7

20.8 kgIs

2.4 10-8

20.8 kgIs

1.8 10-5

0.7 kgIs

Breuk losslang doorstroombegrenzer sluit Breuk losslang doorstroombegrenzer sluit niet Lekkage losslang

1.2 10-5

8.3 kgIs

1.7 10-6

8.3 kgIs

1.4 10-3

0.3 kgIs

Toelichting

Vloeistof 3 inch gat, uitstroomcoëfficiënt Cd^.60 Leiding 5 m, diameter 3”, duur 5 s en leidinginhoud 102 kg Leiding 5 m, diameter 3”, duur 1800 s

Maximale inhoud

Vloeistof 7.6 mm gat, uitstroomcoëfficiënt Cd^.60 Leiding 5 m, diameter 2”, duur 5 s en leidinginhoud 65 kg Leiding 5 m, diameter 2”, duur 1800 s Vloeistof 5 mm gat, uitstroomcoëfficiënt Cd^.60

Ongevalsscenario’s overslag tankauto doorzet tot 1000 m3Tjr

BLEVE-frequentie tankauto Voor de frequentie van een BLEVE van een tankauto tijdens bevoorrading wordt de specifieke modellering voor een LPG-tankstation gevolgd [3 en 4]. Drie oorzaken worden onderscheiden, te weten brand van het LPG-systeem, omgevingsbrand en mechanische inslag. De belangrijkste oorzaak van een BLEVE is een omgevingsbrand. De afspraak in het LPG-convenant om een hittewerende bekleding aan te brengen op de tankauto is mede ingegeven door de mogelijkheid om de gevolgen van een omgevingsbrand beter te kunnen beheersen. In het modelleringsvoorschrift is ook aangegeven dat, mits bepaalde afstanden tot objecten worden aangehouden, de frequentie op een BLEVE door een omgevingsbrand wel een factor tien kleiner kan zijn. Deze afstanden zijn voorgeschreven in het Besluit LPG-

6

Risicoanalyse I LPG-tankstation Abram van Rijckevorselweg Rotterdam

tankstations Hinderwet uit 1988 (maar zijn aangepast in het stappenplan van het RIVM). Een andere belangrijke oorzaak is de mechanische inslag veroorzaakt door een voertuig dat botst met de lossende tankauto. Voor een BLEVE veroorzaakt door een brand van het LPG-systeem wordt uitgegaan van een frequentie van 5.8 10-10 /uur voor een onbeschermde tankauto. Door de hittewerende bekleding wordt de BLEVE-frequentie verlaagd met een factor twintig [4]. Voor een doorzet tot 1000 m3Ijr volgt dan een frequentie van 0.05 x 35 x 5.8 10-10 = 1.0 10-9 Ijr op dit scenario B.1. Aangenomen wordt dat de tankauto maximaal is gevuld. Voor een omgevingsbrand geldt dat de afstand tussen de opstelplaats van de LPG-tankauto en een aantal met name genoemde objecten groter moet zijn dan de minimaal benodigde afstand. Toetsing wordt uitgevoerd voor de benzine en LPG-afleverzuil, gebouwen en voor de opstelplaats van de benzinetankauto. In het Besluit LPG-tankstations (en daarmee in de milieuvergunning) is opgenomen dat de benzinetankauto niet tegelijkertijd met de LPGtankauto op de inrichting aanwezig mag zijn. Deze oorzaak is daarmee uit te sluiten. Tabel 3 vat de beoordeling samen. De frequentie op een omgevingsbrand voor 100 verladingen is dan afgerond 2 10-7 Ijr (zie tabel 2b in [3] of tabel 5 in [4]).

Object omgevingsbrand LPG-afleverzuil personenauto's Benzine afleverzuil personenauto's Opstelplaats benzinetankauto Gebouwen zonder brandbescherming (hoogte < 5 m) Tabel 3.

Toetsings­ afstand [m] 17.5

Vulpunt binnen deze afstand? Nee

5 25 10

Nee n.v.t. Nee

Toetsing bijdrage omgevingsbrand aan de BLEVE-frequentie (toetsingsafstand conform stappenplan RIVM)

Tabel 4 toont de specifieke BLEVE-frequentie voor de huidige situatie veroorzaakt door een externe brand afhankelijk van de vulgraad. De kans op een BLEVE gegeven een brand is afhankelijk van de vulgraad. Deze kans is 0.19, 0.46 of 0.73 voor een vulgraad van respectievelijk 1007o, 6707o en 3307o. Verder wordt ervan uitgegaan dat de tankauto is voorzien van een hittewerende bekleding. Er wordt aangenomen dat de BLEVE-frequentie hierdoor wordt verlaagd met een factor twintig. Deze aanname is opgenomen in de notitie QRA berekening LPG-tankstations van het RIVM [4].

7

Risicoanalyse I LPG-tankstation Abram van Rijckevorselweg Rotterdam

Scenario

B.2 B.3 B.4

BLEVE vulgraad 100Zo BLEVE vulgraad 67Zo BLEVE vulgraad 330Zo

Tabel 4.

Basis frequentie [per 100 verladingen] 2 10-7 2 10-7 2 10-7

Factor

Frequentie [/jr]

70I100 x 0.333 x 0.19 x 0.05 70I100 x 0.333 x 0.46 x 0.05 70I100 x 0.333 x 0.73 x 0.05

4.4 10-10 1.1 10-9 1.7 10-9

Specifieke BLEVE-frequentie tankauto doorzet tot 1000 m3Tjr door externe brand

Tabel 5 toont de ongevalsscenario’s. De BLEVE wordt gemodelleerd met de barstdruk gelijk aan 24.5 bara. Scenario B.2 B.3 B.4

BLEVE vulgraad 100Z BLEVE vulgraad 67Z BLEVE vulgraad 33Z

Tabel 5.

Frequentie [/jr] 4.4 10-10 1.1 10-9 1.7 10-9

Bron sterkte 26.7 ton 17.8 ton 8.9 ton

Toelichting Maximale inhoud 100Z Maximale inhoud 67Z Maximale inhoud 33Z

Ongevalsscenario’s BLEVE tankauto doorzet tot 1000 m3Tjr door externe brand

Een BLEVE van de tankauto kan ook plaatsvinden door externe impact (aanrijdingen). De frequentie is afhankelijk van het type opstelplaats. Voor dit tankstation wordt uitgegaan van de waarde voor een geïsoleerde opstelplaats. Tabel 6 toont de specifieke BLEVE-frequentie. Tabel 7 toont de ongevalsscenario’s. De BLEVE wordt gemodelleerd met de barstdruk gelijk aan de evenwichtsdruk bij omgevingstemperatuur. Scenario

B.5 B.6 B.7

BLEVE vulgraad 100Z BLEVE vulgraad 67Z BLEVE vulgraad 33Z

Tabel 6.

Basis frequentie [per 100 verladingen] 2.5 10-9 2.5 10-9 2.5 10-9

Factor

Frequentie [/jr]

70I100 x 0.333 70I100 x 0.333 70I100 x 0.333

5.8 10-10 5.8 10-10 5.8 10-10

Specifieke BLEVE-frequentie tankauto doorzet tot 1000 m3j door mechanische inslag (aanrijdingen)

Scenario B.5 B.6 B.7 Tabel 7.

BLEVE vulgraad 100Z BLEVE vulgraad 67Z BLEVE vulgraad 33Z

Frequentie [/jr] 5.8 10-10 5.8 10-10 5.8 10-10

Bron sterkte 26.7 ton 17.8 ton 8.9 ton

Toelichting Maximale inhoud 100Z Maximale inhoud 67Z Maximale inhoud 33Z

Ongevalsscenario’s BLEVE tankauto doorzet tot 1000 m3j door mechanische inslag (aanrijdingen)

8

Risicoanalyse I LPG-tankstation Abram van Rijckevorselweg Rotterdam

2.5

Parameters De standaard parameters van Safeti-NL versie 8.5 zijn gebruikt voor de berekening. De gegevens voor het weerstation Rotterdam worden gebruikt voor de kans op het voorkomen van een bepaalde weersklasse. De ruwheidslengte is 0.3 m.

2.6

Aanwezigen rond het tankstation Voor een schatting van het aantal dodelijke slachtoffers van een BLEVE geldt dat binnen de (cirkelvormige) 35 kWIm2 contour iedereen zal overlijden, ongeacht beschermende factoren zoals kleding of het verblijf in een gebouw. Buiten deze contour geldt dat alleen personen gedood kunnen worden die zich buitenshuis bevinden, waarbij tevens conform PGS 3 het beschermende effect van de kleding (een reductiefactor voor de kans op overlijden van 0.14) nog mee dient te worden genomen. De bijdrage aan het totaal aantal dodelijke slachtoffers buiten de 35 kWIm2 contour is te verwaarlozen. In het Revi wordt daarom ook als invloedsgebied voor het groepsrisico een cirkelvormig gebied met een straal van 150 m voorgeschreven. Voor deze berekening is de aanwezigheid van personen geïnventariseerd tot een afstand van circa 150 m rond het vulpunt en de tank. De maximale effectafstand voor 1o0o letaliteit bij onbeschermde blootstelling is weliswaar circa 300 m, maar personen aanwezig op grotere afstand dan 150 m hebben een te verwaarlozen bijdrage aan het groepsrisico. Figuur 1 toont de omgeving van het LPG-tankstation. De figuur toont tevens de ligging van de gebieden die voor de berekening van het groepsrisico zijn gemodelleerd. Deze gebieden zijn roze gemarkeerd.

De gegevens voor de aanwezigheid van personen zijn verkregen met de BAG populatieservice geraadpleegd 6 februari 2020 [6]. De gegevens zijn gecontroleerd op basis van de vigerende bestemmingsplannen en waar nodig aangevuld. Tabel 8 toont het aantal personen gemodelleerd binnen het invloedsgebied. De aanduiding in de kolom label stemt overeen met de markering van het gebied in figuur 1 (roze gekleurd).

Label

Aantal dag

Aantal avond

Aantal nacht

1

3310.2

0

0

BAG populatieservice

2

65.7

0

0

BAG populatieservice

3

1666.2

1196.9

1196.9

BAG populatieservice

4

100.1

0

0

BAG populatieservice

5

0.8

1.6

1.6

BAG populatieservice

6

0.8

1.6

1.6

BAG populatieservice

7

30.7

30.7

0

Sportterrein 30 perslha [9]

Plangebied Tabel 8.

Opmerking

Plangebied zie tabel 9

Aantal personen aanwezig rond de inrichting

9

Risicoanalyse I LPG-tankstation Abram van Rijckevorselweg Rotterdam

De aanwezigheid in de toekomstige situatie is afgeleid uit de gegevens verstrekt door de opdrachtgever. Daarnaast zijn kentallen uit de Handleiding Populatieservice gehanteerd [9]. Per woning met een bruto vloeroppervlak (bvo) van minder dan 60 m2 worden 1.2 personen verondersteld, waarvan 50oZo aanwezig overdag en 100oZo ’s nachts. Voor de horecafunctie wordt uitgegaan van 1 persoon per 5 m2, waarvan 100oZo aanwezig overdag en 0oZo ’s nachts. Tabel 9 geeft een overzicht van het veronderstelde aantal personen in het plangebied.

Plangebied Woningen < 60 m2 bvo (614 woningen)

Personen toekomstig Dag

Nacht

368

737

Horeca (385 m2 bvo)

77

0

Totaal

445

737

Tabel 9.

Aantal personen in het plangebied in de toekomstige situatie

10

Risicoanalyse I LPG-tankstation Abram van Rijckevorselweg Rotterdam

436700

Plangebied ■436600

Reservoir Afleverzuil

S107 Vulpunt

436500

436400

Esri Nederland, Community Map Contributors 95800

Figuur 1.

95900

Omgeving LPG-tankstation

96000

96100

Risicoanalyse I LPG-tankstation Abram van Rijckevorselweg Rotterdam

3 Resultaten risicoberekening 3.1

Groepsrisico Figuur 2 toont de vergelijking van het groepsrisico. Het groepsrisico is zowel in de huidige als in de toekomstige situatie groter dan de oriëntatiewaarde. Het maximaal aantal slachtoffers is circa 3100 in zowel de huidige als de toekomstige situatie. Door de ruimtelijke ontwikkeling neemt het groepsrisico toe. Het groepsrisico wordt vrijwel geheel bepaald door het ondergrondse LPG-reservoir. In de bijlage wordt het groepsrisico getoond van de toekomstige situatie indien het reservoir niet een maximale vulgraad van 9007o heeft, maar van 4507o.

Vergelijking groepsrisico JE Ud Huidig — — Toekomstig Onentatieviearae

1 0E-06

2!

1 0E-07

.0E-08

.0E-09 1000

100

10000

S achtoffers

Figuur 2.

Groepsrisico

12

Risicoanalyse I LPG-tankstation Abram van Rijckevorselweg Rotterdam

3.2

Effectafstanden Bij de verantwoording van het risico van een LPG-tankstation moet sinds 29 juni 2016 ook rekening worden gehouden met de zogeheten effectbenadering [7]. Voor (beperkt) kwetsbare objecten geldt de 60 m effectafstand en als (beperkt) kwetsbare objecten binnen deze afstand komen te liggen, dan moet deze situatie gemotiveerd worden [8]. Hetzelfde geldt voor zeer kwetsbare objecten binnen de 160 m effectafstand. Beide afstanden worden gemeten vanaf het vulpunt. De afstanden gelden alleen bij besluiten waarbij het risico toeneemt. Bij bijvoorbeeld conserverende bestemmingsplannen gelden deze afstanden niet. Beide effectafstanden worden getoond in figuur 4. Het plangebied is een kwetsbaar object en ligt buiten de daarvoor geldende 60 m effectafstand. Er wordt voldaan aan de gestelde eisen.

■436700

Plangebied ■436600

160 m

■436500

■436400

Esri Nederland, Community Map Contributors 95800

Figuur 3.

95900

96000

96100

Ligging effectafstanden

13

Risicoanalyse I LPG-tankstation Abram van Rijckevorselweg Rotterdam

4 Conclusie Men is voornemens een pand met meerdere functies, waaronder wonen en kantoor, te realiseren te realiseren aan de K.P. van der Mandelelaan in Rotterdam. Voor het op te stellen bestemmingsplan is inzicht in de externe veiligheid van het nabij gelegen LPG-tankstation noodzakelijk. In dit rapport is het groepsrisico berekend en zijn de effectafstanden rond de installaties getoond. Groepsrisico Het groepsrisico ligt in zowel de huidige als de toekomstige situatie boven de oriëntatiewaarde. Het maximaal aantal slachtoffers wordt bepaald door het ondergrondse opslagreservoir. Het groepsrisico moet worden verantwoord conform artikel 13 van het Bevi [1]. Effectafstanden Het plangebied bevat een kwetsbaar object. Het plangebied valt buiten de aan te houden effectafstand voor kwetsbare objecten. Het is hierdoor niet nodig aanvullende bouwtechnische maatregelen te eisen.

14

Risicoanalyse I LPG-tankstation Abram van Rijckevorselweg Rotterdam

Referenties 1.

Ministerie VROM

2004

Besluit externe veiligheid inrichtingen (Bevi) Stb. 2004, 250

2.

RIVM

2021

Handleiding risicoberekeningen Bevi (versie 4.3 gedateerd 1 januari 2021)

3.

RIVM

2008

Stappenplan groepsrisicoberekening LPG- tankstations (versie gedateerd 12 augustus 2008)

4.

RIVM

2008

QRA berekening LPG-tankstations (versie 1.1 gedateerd 29 mei 2008)

5.

VROM

2007

Handreiking verantwoordingsplicht groepsrisico (versie 1.0 gedateerd november 2007)

6.

Provincie ZuidHolland

2015

http:IIpopulatieservice.demis.nlI

7.

Ministerie IenM

2016

Circulaire effectafstanden externe veiligheid LPGtankstations voor besluiten met gevolgen effecten ongeval Stcrt. 2016, 31453

8.

Rijkswaterstaat! Infomil

2016

Effectbenadering besluitvorming rondom LPGtankstations (versie 1 juli 2016)

9.

Provincie ZuidHolland

2018

Handleiding Populatieservice (versie 1.0 gedateerd juni 2018)

15

Risicoanalyse I LPG-tankstation Abram van Rijckevorselweg Rotterdam

Bijlage 1 Vergelijking groepsrisico verlaagde vulgraad reservoir In deze bijlage wordt een vergelijking gemaakt van het groepsrisico indien het reservoir niet een maximale vulgraad 9007o heeft, maar 450Zo. Tabel 10 toont de frequentie en bronsterkte voor de ongevalsscenario’s. Scenario

Frequentie

O.1 O.2 O.3

Instantaan Continu 10 min Continu 10 mm

j 5.0 10-7 5.0 10-7 1.0 10-5

O.4 O.5 O.6 O.7

Vloeistofleiding - breuk Vloeistofleiding - lekkage Afleverleiding - breuk Afleverleiding - lekkage

5.0 10-6 1.5 10-5 3.8 10-5 1.1 10-4

Tabel 10.

Bron sterkte 9.2 ton 15.5 kg/s 1.1 kg/s 2.9 kg/s 0.1 kg/s 2.9 kg/s 0.1 kg/s

Toelichting Maximale inhoud Maximale inhoud in 600 s Vloeistofuitstroming met uitstroomcoëfficiënt Cd^.60 Lengte 10 m, diameter 1.25” Lengte 10 m Lengte 75 m, diameter 1.25“ Lengte 75 m

Ongevalsscenario’s tank vulgraad 450Zo

Figuur 2 toont de vergelijking van het groepsrisico. Het groepsrisico is zowel in toekomstige situatie als de toekomstige situatie met lagere vulgraad van het reservoir groter dan de oriëntatiewaarde. Het maximaal aantal slachtoffers is circa 3100 in de toekomstige situatie en neemt af tot maximaal circa 2100 bij het verlagen van de vulgraad.

16

Risicoanalyse I LPG-tankstation Abram van Rijckevorselweg Rotterdam

vergelijking groepsnsico 1.0E-05 Met plangebied Reservoir 20 m3 Oriëntatĩewaarde

1.0E-06

S

1.0E-07

1.0E-08

1.0E-09 00

1000

0000

S achtoffers

Figuur 4.

Groepsrisico vergelijking lagere vulgraad reservoir

17

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=4b079cb3-cc57-485c-875f-13fd4ff2c76a