CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[22bb007374] Bijlage 1 behorende bij 22bb7378 over Welstandsparagraaf Zomerhofkwartier

Commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte (2022-2026) 16 november 2022, gemeente RotterdamBij agendapunt: Bouwen en Wonen11.996 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

3

‘Ţ'T'Ï Si-.*-

iWr įT'ĵj

Lage plinten variëren tussen de 3-3,5m en liggen 0,3-1,5m

1 V j

4 j|ļ

İ J ^

terug ten opzichte van de bovenliggende verdiepingen De verdeling van Lab-LandStad-lagen

Plint Inng 3 - 3.5.m tpťiŕggeķgŕn

Glazen gebouw

47

LAND laag

De LAND laag is het semi-openbaar daklandschap en fungeert als intermediair tussen de Noordsingel en het Hofbogenpark. De inrichting is tevens een serieuze groene woonconditie voor grondgebonden wonen. De woningen hebben een directe relatie met het groene tweede maaiveld. De woningen worden opgetrokken uit een eigentijdse baksteenarchitectuur verwijzend naar het Oude Noorden en de Agniesebuurt. Er moet een buurtgevoel en een vorm van gemeenschap ontstaan, waar de buurt te gast is. Het dakpark vormt hiermee een groene long in een verstedelijkt gebied. Dit getuigt zich door haar ecologische waarde. Tevens speelt het dakpark een significante rol in de waterhuishouding van het plangebied. Beeldkwaliteit ^ De LAND laag is vooral horizontaal geleed. Er hangt een warmere sfeer, de uitstraling is groenstedelijk. ^ Materialisering en identiteit hebben een relatie met het Oude Noorden, de Agniesebuurt en Noordsingel. ^ De daktuinen hebben hoogteverschillen als gevolg van het onderliggende programma en in de geest van het huidige ZOHO en sluiten aan op woningen. Baksteen, hout en groen hebben de overhand. ^ Het dakpark is door de seizoenen heen weelderig groen. ^ Het landschapsontwerp voorziet in voldoende gronddekking. ^ De inrichting en uitvoering is sculpturaal met grote aandacht voor vakmanschap, d.m.v. bijvoorbeeld verschillende typen metselverbanden, negges en variatie in voegwerk.

^ Het groen van het waterbufferende daklandschap met meanderende paden is overal aanwezig. De gemeenschappelijk woonclusters nestelen zich in het groene daklandschap,. ^ Kleinschaligheid en intimiteit voeren de boventoon in de architectuur van de LAND laag. De vormgeving is hier eerder poëtisch dan functioneel. Verbinding met de groene omgeving en integraal ontwerp met het daklandschap zijn cruciaal. ^ Kleinschaligheid en intimiteit krijgen in de LAND laag verschillende uitingen:

^ Menselijke maat. ^ Beschutting is van belang, echter de tuinen worden zichtbaar onderdeel vh landschap, doordat erfafscheiding nooit hoger worden dan 1.2m en mee wordt ontworpen als overgangszone tussen landschap en tuin. ^ De tuinen zijn overwegend groen. ^ Warme kleuren. ^ Heldere detaillering. ^ Vijfde gevel. ^ De brug tussen kavel 1.0 en kavel 2.2 is uitnodigend. Eventuele hellingen en/of trappen worden in het landschapsontwerp opgenomen. Kenmerken architectuur LAND ^ Het gevelbeeld straalt rust, uniformiteit en eenheid uit. ^ Waar mogelijk is ruimte voor collectief en gedeeld gebruik. ^ Gebruik van natuurlijke materialen, met baksteen als kernmateriaal. ^ Grote terugliggende ramen met diepe neggen. Puien kunnen worden opengezet naar het daklandchap. ^ Semi-transparante gevels op bepaalde plekken dragen bij aan de zachte overgang tussen binnen en buiten: baksteen en hout als ambacht. ^ Duidelijke begrenzingen tussen publiek en privé (tuinen en terrassen) door middel van trapjes, muurtjes en ingeplante groenranden. ^ Tuinen hebben architectonisch mee-ontworpen of groene erfafscheiding. Schuttingen en andere afrasteringen pertinent niet toegestaan. ^ Geen tuinhuisjes of schuren; de opslag is geïntegreerd en mee-ontworpen in de woningen.

-

T »j iÅİİ L. . . .

rĴ4 ! ---- ~

-Žäft- i *ļĩ ļ

\ v! '

■fl■rot

Verdeling LAND laag

Metselwerk, rood/bruine

m- ™

baksteen Gebruik van kleurverschil in rood/bruine baksteen Studie baksteen MORE

■n.;'

■WJļ'

48

Geterrasseerde sculpturaliteit

Sculpturaal en volumineus

Geleding in grotere vlakken

Geen pixelarchitectuur

23

27

24

De architectuur van de LAND laag: kleinschalig, intiem, eerder poëtisch dan functioneel, verbonden met de groene omgeving en integraal ontworpen met het daklandschap. Richting Noordsingel worden de sculpturale volumes statiger en minder expressief.

x

sŕ

*

Geen losse balkons

Geterrasseerde buitenruimte Grote raamvlakken Sculpturaal volumes Erfgrens is onderdeel van de architectuur

L

J

L

J

L

Geen terrasering van gebouwen waar Grote raamvlakken

geen STAD laag op ligt

Rechte blokken waarvan alleen de bovenste twee lagen inspringen Balkons van de LAND laag binnen de 25

roolijn van het blok (LAB)

23 Varianten plattegronden van 24

de LAND laag Varianten aanzichten van de geleding LAB-LAND-STAD aan de Vijverhofstraat-zijde

25 Varianten aanzichten van de geleding LAB-LAND-STAD aan de Almondestraat-zijde 26 Varianten doorsnedes van de geleding LAB-LAND-STAD laag 27

Weergave architectuur sculpturale LAND laag

26

v

v

V

X

Niet in één lijn.

49

STAD laag

De STAD laag steekt qua maat en schaal ver boven de omliggende stadswijken uit, en vormt hiermee het decor voor de aangrenzende buurten. De woongebouwen "zweven" als losse stadsblokken op de LAND laag. Ze hebben een tussenmaat die nu niet veel in Rotterdam voorkomt: kleiner en lager dan een toren, maar groter dan een appartementenblok. De STAD laag is de intermediair tussen de maat van de omringende stadswijken, en het aangrenzende centrumdecor. Door de zichtbaarheid vanuit de omliggende fijnmazigere buurten, en de relatie met het beschermde stadsgezicht Noordsingel, is een mate van lichtvoetigheid, transparantie en een zorgvuldige compositie essentieel. De stadsblokken vormen een familie door eenzelfde taal te spreken, waarin een gelaagde opbouw, lichtheid qua constructie, materiaal, kleur en transparantie tot uiting komen. Een subtiele verwijzing naar de ZOHO-identiteit is voorstelbaar, bijvoorbeeld door circulair materiaal gebruik, heldere structuren en geleding, hergebruik van de ZOHO signing en de no-nonsense strakke detaillering. De stadsblokken zijn alzijdig en één geheel, de buitenruimtes zijn visueel verbonden. Het is goed zichtbaar dat hier gewoond wordt. Beeldkwaliteitseisen De stadsblokken zijn kennen gelaagde gevelopbouw, waarbij de buitenschil een lichte expressie heeft, waarbinnen de buitenruimtes grotendeels worden opgelost.

De buitenschil van de STAD-laag is terughoudend in kleurgebruik en bestaat vooral uit lichte en neutrale materialen. Deze laag is niet (per se) constructief, heeft een variatie in geleding, gaat een relatie aan met de doorsnede en geeft waar mogelijk uiting aan de woontypologie. Uitgangspunt is een orthogonale structuur, een speelse ritmiek en een hoogwaardige detaillering. De tweede laag, de thermische schil, is overwegend transparant en vormt een geheel met de buitenste schil. Dit betekent een opbouw van terughoudend kleurgebruik met vooral lichte en neutrale materialen. Incidenteel kan er worden afgeweken, met als uitgangspunt dat de buitenruimtes

een wezenlijk onderdeel van de gebouwexpressie zijn, waarbij standaard uitkragende balkons niet tot de opties behoren. De beëindiging van de stadsblokken is strak en sluit naadloos aan op de gevelritmiek, zoals dat bij de wederopbouwarchitectuur ook vaak het geval is. De lifthuizen zijn zoveel mogelijk geïntegreerd of onzichtbaar. Overige installaties zijn zoveel mogelijk weggewerkt en niet zichtbaar vanaf de straat. Het dak is een eenvoudige vijfde gevel en draagt bij aan de prestaties van het gebouw op het gebied van waterberging en/of opwekking zonne-energie. Dakterrassen moeten worden vermeden, omdat de LAND laag deze rol al vervult, stedelijke activiteit op straat wenselijk is en omdat er bouwkundige maatregelen nodig zijn (hekwerken, pergola's etc) die de strakke beëindiging en detaillering kunnen ondermijnen. Incidenteel is een signing , in de vorm van een ruimtelijke installatie, zoals het hergebruik van het stalen ZOHO logo, op de daken mogelijk.

Kenmerken architectuur STAD ^ Verschil in architectuur van de torens, maar niet in kleur, materiaal en structuur: die zijn licht, open, transparant, eenvoudig. ^ De uitstraling van de torens tonen een gerafineerd woonmilieu en opent zich naar de omgeving door middel van hoogwaardige en strakke details. De gevels zijn gedifferentieerd en overwegend transparant. ^ De hoogste daken bieden, waar mogelijk, plek voor energieopwekking door middel van pv-panelen en installaties. Ook wordt hier water vastgehouden. ^ Bouwen met circulaire materialen of hergebruikt materiaal wordt sterk aanbevolen. ^ Uitkragende balkons zijn visueel verbonden. ^ Balustrades en hekwerken geven identiteit aan het gebouw en zijn onderdeel van de architectuur.

Verdeling STAD laag Op de plekken waar geen zeembalkon zit, is er dieptewerking in de gevel

De verticale elementen die zeembalkons verbinden kunnen rasters gecreeerd worden die over meerdere verdiepingen gaan

Voorbeelden van lichte tinten Zeembalkons gaan rondom het gebouw en kunnen verschillende dieptes hebben

De verticale verbinding tussen zeembalkon geeft ruimte voor motieven, hergebruikte materialen en/of een variatie in patronen

50

Materiaalreferenties voor de STAD laag (niet bedoeld als referenties voor gehele architectuur)

wjm lil 34

35

36

37

i____ i

v

X Geen losse, kleine uitkragende balkons

34

Materiaalreferentie: mix van gevelstreen van lichtgrijs en

ĩ

r

witte afwerking

35

X

Combinatie lichte steen, hekwerk en kozijn, Odile and Guzy Architectes Parijs

36

Wit aluminium gevelbeplating

37

Bekleding met lichte

38 Niet meer afleesbaar als architectonisch volume

keramische tegelpannen, stadhuis Basse-Goulaine, DWL Architecture Nantes

38

Varianten buitenruimte van de

39

Varianten compositie van de

STAD laag

STAD laag 40

Schematische weergave uitstraling STAD laag

51

eria

LAB laag

Ruimtelijke inpassing

buitenruimtes wel nadrukkelijk binnen de rooilijn worden opgelost.

- Bouwinitiatieven houden de stedenbouwkundige structuur en de korrelgroottes van de wederopbouwverkaveling herkenbaar en verstoren deze niet.

- Grote en volledig te openen gevelonderdelen zijn wenselijk om een directe relatie met de straat te leggen, passend bij het straatprofiel qua maat en schaal.

- Zoveel mogelijk benutten en integreren bestaande gebouwen en/of structuren.

- Het overgangsgebied tussen privé en openbaar moet zichtbaar worden in de materialisering, mits ze een (semi) openbaar karakter heeft.

- Bouwinitiatieven baseren zich op een rationele orthogonale structuur en hebben een utilitair karakter gebaseerd op de wederbouwarchitectuur die het gebied kenmerkt. - Bouwinitiatieven zijn in maat, schaal en hoogte afgestemd op de oorspronkelijke bebouwing.

- Dichte gevels zijn strategisch geplaatst t.o.v. de omgeving en ontworpen. Afplakfolies zijn uitgesloten.

- Bij de ruimtelijke inpassing van nieuwe afwijkende programmaonderdelen, zoals wonen, blijven de oorspronkelijke ruimtelijke karakteristieken in stand. - Toevoegingen op (deels) behouden bouwwerken versterken de karakteristieken.

Materiaal, kleur en detaillering

- Materiaal, kleur en detaillering ondersteunen de verschijningsvorm op samenhangende wijze en maken de constructieve hoofdopzet van het gebouw zichtbaar. Verschijningsvorm

- De hoofdvorm volgt de bestaande verkaveling en heeft een rationele uitingsvorm.

- Toepassing van utilitaire, industriële materialen, zoals staal, glas, beton en geprefabriceerde elementen, en detaillering in overeenstemming met de cultuurhistorische waarden.

- Eventueel vervangende nieuwbouw heeft een hoofdvorm gebaseerd op de bestaande bebouwing en wederopbouwarchitectuur.

- Gebruik van zoveel mogelijk 'geoogst' en bestaand materiaal en onderdelen: gevels, hekwerken, deuren.

- Nieuwbouw op de (braakliggende gronden) moet passend zijn binnen de vormtaal van de Wederopbouwarchitectuur.

- Materiaal en detaillering zijn afgestemd op die van de oorspronkelijke bebouwing en van gelijke expressie.

- Bouwinitiatieven sluiten aan bij de utilitaire gebiedskarakteristieken, zoals beschreven in hoofdstuk 7 Beeldkwaliteit.

- Materialen en detaillering worden zo gekozen dat veroudering en weersinvloeden weinig negatieve gevolgen hebben voor het uiterlijk. Dit neemt echter niet weg dat er een pattina mag ontstaan die juist het robuuste karakter door de tijd versterkt.

- Uitgangspunt voor bouwinitiatieven is de samenhang binnen het stedenbouwkundig ensemble en wordt doorvertaald naar architectonische eenheden door middel van een heldere constructieve structuur waarbinnen een variatie moet ontstaan.

- Uitingen zoals straatkunst die het creatieve en veranderende karakter versterken zijn toegestaan in samenhang met de architectuur en ingepast in de gevelstructuur.

- Secundaire functies worden integraal opgenomen in het hoofdvolume - er zijn geen bijgebouwen.

Gevelopbouw

- Het gevelontwerp is qua indeling en plasticiteit afgestemd op de gebiedskarakteristieken van de wederopbouw architectuur, zoals beschreven in hoofdstuk 7 Beeldkwaliteit. - De gevel gaat een directe relatie aan met het utilitaire constructieve ontwerp. - De gevelopbouw wordt gekenmerkt door een herkenbare hoofdstructuur, die ruimte geeft aan een herkenbare afwisseling in plasticiteit. - Binnen de herkenbare hoofdstructuur zijn gevarieerde gevelindelingen herkenbaar, waarin de utilitaire orthogonaliteit duidelijk zichtbaar is. - De plint articuleert de achterliggende functie, hierdoor wisselen transparantie en gesloten delen elkaar af. - Entrees zijn onderdeel van de architectuur en herkenbaar vanuit de wederopbouwarchitectuur. Er zijn nadrukkelijk geen luifels aanwezig.

Overgangen privé-openbaar

- Entreegebieden van gebouwen zijn informele overgangszones tussen privé-openbaar, waarin 53

LAND laag

Ruimtelijke inpassing

- Bouwinitiatieven houden de stedenbouwkundige structuur van de wederopbouwverkaveling en korrelgroottes herkenbaar en verstoren deze niet.

Overgangen privé-openbaar

- Bouwinitiatieven baseren zich op een orthogonale structuur en hebben een kleinschaliger ('dorps' of stadswijk) karakter: een (collectief) woonmilieu in het groen.

- Entreegebieden van gebouwen zijn uitnodigend en kwalitatief hoogwaardig vormgegeven.

- Bouwinitiatieven zijn in maat, schaal en hoogte de laag tussen het robuuste LAB, en een grootstedelijker karakter van de STAD laag.

- De herkenbaarheid van de entrees is een gevolg van de architectuur door middel van een plastische uitdrukking.

- Per kavel worden de ruimtelijke karakteristieken vertaald irt LAB laag.

- Semi-transparante gevels op bepaalde plekken dragen bij aan de zachte overgang tussen binnen en buiten.

- Kavel 5.0 heeft geen LAND laag. De kavels 3.0, 4.1 en 4.2 zijn qua sculpturaliteit meer ingetogen en verhouden zich meer tot de Noordsingel. Materiaal, kleur en detaillering Verschijningsvorm

- De hoofdvorm heeft een bepaalde mate van uniformiteit en eenheid. - De hoofdvorm is gebaseerd op heldere architectonische uitgangspunten. - Bouwinitiatieven sluiten aan bij een mate van collectiviteit. - Uitgangspunt voor bouwinitiatieven is de samenhang binnen de architectonische eenheden, opdat het daklandschap als geheel herkenbaar blijft, maar waarbij het zwaartepunt aan Hofbogenzijde ligt. - Eventuele bijgebouwen worden in de hoofdvolumes opgenomen, maar zijn ondergeschikt aan het hoofdgebouw.

Gevelopbouw

- Het gevelontwerp is consequent en goed van verhouding, en qua indeling en plasticiteit helder in haar uitingsvorm. - De gevels zijn zorgvuldig geleed, met een heldere en strakke detaillering. - Bouwkundige opstanden, erfscheidingen of balustrades zijn integraal onderdeel van de architectuur. - Grote ramen, terugliggend, diepe neggen. Puien kunnen worden opengezet naar het daklandschap.

54

- Kleuren zijn terughoudend en warm, door gebruik van natuurlijke materialen, met baksteen als kernmateriaal. - Materiaal, kleur en detaillering ondersteunen de verschijningsvorm op samenhangende wijze. - De detaillering is strak en versterkt de sculpturale of statigere expressie van de massaopbouw. - Dillatatievoegen zijn weggewerkt, het metselwerk dient ook om de hoek als massa aan te voelen. - Materialen en detaillering worden zo gekozen dat veroudering en weersinvloeden weinig negatieve gevolgen hebben voor het uiterlijk.

Specifiek

- Het nachtbeeld is onderdeel van de ontwerpopgave en gaat uit van richtlijnen zoals verwoord in het Lichtplan Rotterdam. - De detaillering en materiaalgebruik van alle gevels zijn hoogwaardig. - Hekwerken zijn incidenteel toegestaan: erfafscheidingen of doorvalbeveiliging een integraal onderdeel van de architectuur, eventueel geïntegreerd met groenvoorzieningen - Zonwerend glas of folie op glas verhinderen de visuele relatie tussen binnen en buiten niet. - Ventilatieroosters zijn niet zichtbaar of architectonisch ingepast in het gevelontwerp. - Technische ruimtes zijn niet zichtbaar.

STAD laag

Ruimtelijke inpassing

Specifiek

- Bouwinitiatieven sluiten in hun stedenbouwkundige opzet logisch aan op de landlaag.

- Het nachtbeeld is onderdeel van de ontwerpopgave en gaat uit van richtlijnen zoals verwoord in het Lichtplan Rotterdam.

- Bouwinitiatieven baseren zich op een hoofdzakelijk orthogonale structuur. - Bouwinitiatieven zijn in maat, schaal en hoogte afgestemd op hun grondvlak waarbij de verticaliteit van het volume bovengeschikt is.

- Geen zichtbare trappenhuizen, of gesloten gevelvlakken, tenzij incidenteel en vanuit het gebouwconcept onderbouwd. - Lifthuizen en installaties zijn niet zichtbaar vanaf de straat. - Zonwerend glas of folie op glas verhinderen de visuele relatie tussen binnen en buiten niet.

Verschijningsvorm

- De hoofdvorm heeft een heldere uitwerking met een hoogwaardige woonmilieu. - Uitgangspunt voor bouwinitiatieven is een dubbele gevelstructuur die lichtheid en transparantie uitstraalt. Een incidentele afwijking is voorstelbaar, maar moet zich voegen in het gehele concept voor de STAD laag. Geen standaard uitkragende balkons.

- Ventilatieroosters zijn niet zichtbaar of architectonisch ingepast in het gevelontwerp. - Uitgangspunt zijn geen glazenwassersinstallaties, tenzij onderbouwd en nauwelijks zichtbaar vanaf de straat.

- Een mate van differentiatie is wenselijk, echter de stadsblokken zijn nadrukkelijk 'familie' van elkaar qua proportionering, gelaagdheid in gevelopbouw, kleur en detaillering.

Gevelopbouw

- Het gevelontwerp is consequent en goed van verhouding, en qua indeling en plasticiteit gedifferentieerd qua hoogte en gevelopeningen. - Uitkragingen tov de LAND laag zijn wenselijk. - Buitenruimtes zijn integraal onderdeel van het dubbelgelaagde gevelbeeld. Een incidentele afwijking is voorstelbaar, maar moet zich voegen in het gehele concept voor de STAD laag

Materiaal, kleur en detaillering

- Kleuren zijn terughoudend, licht van kleur en afgestemd op de constructieve keuzes. - Materiaal, kleur en detaillering ondersteunen de verschijningsvorm op samenhangende wijze. - Toepassing van verfijnde maar utilitaire, industriële materialen en detaillering. - Materiaal en detaillering zijn afgestemd op het totale concept en van gelijke kwaliteit. - Materialen en detaillering worden zo gekozen dat veroudering en weersinvloeden weinig negatieve gevolgen hebben voor het uiterlijk. - Bouwen met circulaire materialen of hergebruikt materiaal wordt sterk aanbevolen. - Balustrades en hekwerken geven identiteit aan het gebouw en zijn onderdeel van de architectuur.

55

T

m m"1- jr 'i j '. b

řWļįįļj *- * í1Hr ‘ ^.♦íţrj ļW^ J , -' -— 4 ‘T * JHI PTIĮl *âS#İťl ĩ . -. ĩmf .

ţ ■tåJĚm'

s

,r n

^y ; jļļfe ļW-JT

ì - J-

mm

ĶļW

~

___________ k JB ^ , ļjjTr

ļBf

pļ.'

Colofon

Gemeente Rotterdam

Hein van Lieshout - Gebiedsstedenbouwer Noord Esther Heemskerk - senior stedenbouwkundige

Gebouw

Welstand & Monumenten

Projectgroep

*—J

Echo Urban Design

Bijdragen uit het Masterplan ZOHO

Versie

26 april 2022 V i Vastgesteld

Rotterdam, xx-xx-xx 2022

57

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=c213d68a-c862-453a-9ff8-47acb3d1a86f