[22bb006394] Reclamant 23 - schriftelijke bijdrage
Tekst van het document
lnspreeknotities reclamant 23 1. Ik heb geen juridische achtergrond, excuus dus wanneer ik begrippen/uitdrukkingen uit bestemmingsplan en beeldkwaliteitsplan verkeerd gebruik. 2.
Ik was onaangenaam verrast dat de open overkapping op mijn perceel(430) mèt de botenhuizen op de Straatweg en de Strekkade als clandestien gerangschikt/gekenmerkt werd in het concept bestemmingsplan Kern en Plassen 2021. En dat deze verwijderd diende te worden.
3. Dit is mijn materie niet, dus heb ik de hulp ingeroepen van Mr J.G.M. Roijers. Hij heeft een toelichting opgesteld op mijn zienswijze (reclamant 23). Ik zal u deze aanvullende zienswijze zo meteen voorlezen. 4. Zoals aangegeven heb ik in 2001 met toestemming van Ons Buiten de bestaande steiger die in slechte staat was vervangen en een deel vervangen door een insteekhaven te graven. Dit is in de zienswijze (25.2) van Ons Buiten bevestigd. 5. De centjes waren op en pas in 2007 is de steiger afgebouwd en de overkapping geplaatst. Liever had ik een gedeeltelijk afgesloten botenloods, zoals bij de chinees aan de Straatweg, maar in de regelgeving van Ons Buiten zijn Botenloodsen en Uitkijktorens niet toegestaan. Dus heb ik me beperkt tot een overkapping over het uitgegraven deel van het perceel. 6. In het nieuwe concept Beeldkwaliteitsplan Botenhuizen worden als belangrijke nieuwe criteria genoemd het doorlopend groen en de zichtlijnen, waarmee voor de zgn. "Beeldkarakteristieken" de sturing op beeld worden gerealiseerd. Ik voldoe hier volledig aan en krijg regelmatig complimenten over mijn groene perceel. 7. Er zijn 3 onderscheiden deelgebieden benoemd: Straatweg, Strekkade en de eilandjes. 8. Voor de Straatweg en Strekkade zijn in het concept Bestemmingsplan oplossingen en aangepaste criteria gevonden voor het behoud van de clandestiene botenhuizen.
De eilandjes worden onthouden van botenhuizen/overkappingen. Voor mijn eilandje 430 wordt de bestaande overkapping niet toegestaan en dient gesloopt te worden.
Als burger van Rotterdam stuit me zeer tegen de borst dat er in hetzelfde gebied van overheidswege met 2maten gemeten wordt. Een ontoelaatbare vorm van rechtsongelijkheid. Ik begrijp dat wildgroei vanbtenhuizen op de eilandjes niet gewenst is, maar wanneer een lage en open overkapping op eigen perceel, die al langer dan 15 jaar zonder opmerkingen/klachten bestaat, naar de schroothoop verbannen wordt gaat dat te ver. 9. Wanneer ik het Beeldkwaliteitsplan Botenhuizen toesnijd op mijn overkapping op perceel 430 voldoe ik op een enkel detail na aan de nieuw ingebrachte uitvoeringseisen. Ik heb ook al opdracht gegeven de betreffende onderdelen van een dekkende kleur te voorzien. Het was ook een aangename verrassing dat op pagina 53 van het Beeldkwaliteitsplan Botenhuizen de uitvoering en vorm van mijn overkapping op 430 als referentiebeeld is opgenomen! (zie foto aldaar) 10.Ook in het Beeldkwaliteitsplan Botenhuizen wordt duidelijk onderscheid gemaakt tussen Botenhuizen en Overkappingen. zie d ferentiebeelden in het BKPI. Mijn volledig open overkapping met vrij doorzicht van en naar de plas past binnen de criteria voor woon- en recreatiepercelen aan de buitenzijde van de plas. 11.Terug naar 2001 -2021.
Er zijn 2 botenhuizen (214 en 442)
gelegaliseerd. 442 was aanwezig in 1996, volledig buiten het perceel en is gegund in 2010 onder toegestaan bouwvolume van totaal 131m2. Dit in schril contrast met mijn perceel 430, 5 jaar later, met uitsluitend overkapping en gelegen binnen de perceelgrenzen. 12.lk doe een beroep op U coulance te betrachten tot het bestemmen van mijn overkapping in de bestaande situatie door voor mijn perceel in artikel 20.2.1 sub k van "overkappingen voor een boot" niet van toepassing te verklaren.
Aanvullende toelichting op de zienswijze van reclamant 23 Betreft
hoorzitting subcommissie Bestemmingsplan van 4 oktober 2022 betreffende het ontwerp-bestemmingsplan Kern en Plassen
Overkapping Ten onrechte wordt in het raadsvoorstel voorgesteld om onze zienswijze ongegrond te verklaren. De daartoe gehanteerde motivering is onjuist. Allereerst wordt ten onrechte gesteld, dat in het huidige bestemmingsplan het begrip "botenloods" in de breedste zin van het woord moet worden geïnterpreteerd, te weten als een bouwwerk dat wordt gebruikt voor het overdekt stallen van een boot. Voor een dergelijke ruimte uitleg van het begrip "botenloods" onder het huidige bestemmingsplan zijn geen goede argumenten. Dat begrip is in het huidige bestemmingsplan niet gedefinieerd. Naar vaste leer van de Afdefing bestuursrechtspraak van de Raad van State moet dan de betekenis worden gevolgd volgens de Dikke Van Dale. Daarin is opgenomen het begrip "boothuis" met als definitie: "loods voor berging van kleine pleziervaartuigen". Het in die definitie gehanteerde begrip "loods" is in de Dikke Van Dale gedefinieerd als "Wicht gebouw, veelal van hout of golfijzer opgetrokken". Aldus behoren tot de onder het huidige bestemmingsplan ter plaatse van de eilanden in de Bergse Achterplas verboden "botenloodsen" onmiskenbaar alleen gebouwen die strekken tot het overdekt stallen van een boot.
Dat vindt in feite ook bevestiging in het ontwerp-bestemmingsplan, waarin het begrip "botenhuis" is gedefinieerd als een "bijgebouw" (dus als een gebouw), uitsluitend te gebruiken voor het overdekt stallen van een boot. Op ons perceel met nummer 430 is van een gebouw voor het stallen van een boot evident géén sprake. Er is daar alleen sprake van een insteekhaven met aanlegsteiger en overkapping, waardoor er ter plaatse overdekt een boot kan worden gestald. Die overkapping moet zeer wel worden aangemerkt als een bouwwerk, geen gebouw zijnde, in de zin van artikel 18 lid 8.8 van het huidige bestemmingsplan. Die overkapping is daarom - anders dan in het raadsvoorstel wordt vermeld - geenszins in strijd met het .geldende bestemmingsplan. Daarom dient de overkapping voor ons perceel ook positief als zodanig te worden bestemd in het ontwerp van het nieuwe bestemmingsplan. Het verbieden van "overkappingen" voor een boot op gronden met de bestemming "Recreatie - 1" kan niet worden gerechtvaardigd door verwijzing naar het conceptbeeldkwaliteitsplan Botenhuizen Bergse Plassen. In dat concept is zonder deugdelijke motivering gesteld, dat ook een botenstalling via enkele overkapping op de eilanden in de Bergse Achterplas onwenselijk zou zijn. Daaraan ligt de volgende stelling ten grondslag:
"Botenhuizen gaan ten koste van dit groene karakter (. . .) Daarnaast verstoren botenhuizen het zicht vanaf de oevers op het water en omgekeerd", De aldus gehanteerde kwalificaties zijn wellicht passend voor daadwerkelijke botenhuizen (dus gebouwen voor het stallen van een boot), maar zeker niet voor bouwwerken, geen gebouw zijnde, voor het enkel overdekt stallen van een boot, zoals de onderhavige overkapping op ons eigen terrein. Onze overkapping gaat niet ten koste van het groene karakter van het gebied en verstoren ook niet het zicht vanaf en naar het water. Onze overkapping is immers geheel open, dus zonder enige zijwand. Er is daarom ook geen enkele aanleiding of rechtvaardiging om ten aanzien van open overkappingen (dus bouwwerken geen gebouw zijnde) op de eilanden in de Bergse Achterplas een ander beleid te voeren dan voor dergelijke overkappingen aan (andere) landschappelijke oevers rond de Bergse Plassen. Volgens het concept-beeldkwaliteitsplan zijn lage open overkappingen aan landschappelijke oevers van recreatiepercelen aan de buitenzijde van de Plas passend voor recreatiepercelen met een breedte van meer van 9 meter. Ons onderhavige perceel met nummer 430 heeft ook zo'n oeverbreedte van meer dan 9 meter, te weten 18 meter.
Conclusie Onze huidige overkapping is onder het huidige bestemmingsplan legaal en dient daarom ook te worden toegestaan onder het nieuwe bestemmingsplan. Het concept-beeldkwaliteitsplan Botenhuizen Bergse Plassen biedt geen deugdelijke argumentatie om daarvan af te zien. Enige andere uitkomst zou een grote mate van rechtsongelijkheid opleveren in de behandeling van vergelijkbare "open overkappingen" voor boten aan landschappelijke oevers in het gebied van de Bergse Voor- en Achterplas. Voor eventuele vrees van precedentwerking behoeft geen sprake te zijn, aangezien onze insteekhaven de enige plek is op de eilanden in de Bergse Achterplas, alwaar op eigen perceef een overkapping voor het stallen van een boot is gerealiseerd.
A.L.M. van der Cammen
Aanzicht oever met pergola-achtige overkappingen op percelen met een breedte van l5 m
Referentiebeelden pergola-achtige overkappingen