CConstaterende datRotterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

[22bb006385] Burgerbrief over ontwerpbestemmingsplan Schiekadeblok

Commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte (2022-2026) 5 oktober 2022, gemeente RotterdamBij agendapunt: Daarbij betrekken9.563 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Onderwerp: Stukken voor Comm BWB 5 okt ontwerpbestemmingsplan Schiekadeblok

Zoals ook met uw collega besproken stuur ik u een brief met daarin een Overzicht Toezeggingen die we op verzoek vanuit subcommissie Bestemmingsplannen samengesteld hebben. Verder heb ik toegevoegd een nieuwe bijlage Ziensw12_B9 én een nieuwe versie van de bijlage Ziensw12_B5. In de brief leg ik het verder uit. Hierin heb ik overigens ook een link naar geluidfilmpjes geplaatst die ik ook zou doorsturen. Wilt u deze alles zo spoedig als mogelijk doorsturen naar de commissieleden? Daarnaast heb ik nog een vraag over de vergadering op 5 oktober: is het mogelijk om morgenvroeg als publiek aanwezig te zijn? Mocht u nog vragen hebben dan verneem ik dat graag. Bijvoorbaat dank en met vriendelijke groet,

Rotterdam, 4 oktober 2022

Beste raadsleden, N.a.v. de hoorzitting van de subcommissie Bestemmingsplannen omtrent ontwerpbestemmingsplan Schiekadeblok, zou ik nog mijn inspreekstuk doorsturen en zouden we nog een overzicht aan ‘toezeggingen aan Provenierswijk’ doorsturen. Omdat ik begrepen heb dat maandag de griffier alle stukken van het inspreken op 27 september naar de subcommissie Bestemmingsplannen gestuurd heeft, stuur ik u nu het toezegging-overzicht en enkele punten van belang naar aanleiding van mijn inspreken in één document verwerkt (helaas vertraagd door griep). U heeft al mijn 8 bijlagen (Ziensw12-B1.. t/m Ziensw12-B8…) die ter onderbouwing van het inspreken waren, via de stukken van de subcommissie Bestemmingsplannen gekregen. In dit document verwijs ik regelmatig naar deze bijlagen. Ik stuur u echter nog een update van het document pdf Ziensw12-B5; deze heb ik geupdate met toelichtingen bij alle afbeeldingen. Ik verzoek u om de oude versie te vervangen voor deze nieuwe versie. Verder stuur ik ook een nieuwe bijlage ‘pdf Ziensw12_B9. In dit stuk wordt verwezen naar deze bijlage.

Geluidfilmpjes en Akoestisch rapport Schiekadeblok Naast het toesturen van de stukken zou ik u ook enkele geluidfilmpjes van de trein- cq stationsgeluiden toesturen, waarin ook de reflectie vanuit de RCD-omgeving, waaronder Schiekadeblok, en de megafoonwerking van de grote, open integrale overkapping van het CS-station te horen valt. De grote, open, integrale CS-overkapping versterkt alle geluiden als een grote klankkast. De geluidsnormen worden nu al dagelijks overschreden (boven 64dB). Extra (hoge) bebouwing dicht tegen de sporen aan, zoals de spoorstrook-bebouwing van Schiekadeblok en ook Treehouse, versterkt het geluid nog meer en gaat als in een grote kathedraal in de omgeving rondzingen. De drie verschillende geluidsfilmpjes geven weer hoe hard alles doorklinkt en reflecteert. Het Akoestisch onderzoek van Schiekadeblok heeft nagelaten het gehele station (de overkapping), het grootste gedeelte van het spoortalud, Treehouse die tegen het spoor gebouwd wordt en grootste gedeelte van Provenierswijk (waaronder mijn straat Proveniersplein/Proveniersstraat) níet meegenomen in het onderzoek. Dit is niét correct, is vorm van salamitactiek en maakt dat het Akoestisch onderzoek ondeugdelijk is.

Nu is het geluidsoverlast al bijna ondragelijk (het geluid komt door gesloten ramen, ramen kunnen niet open en op balkon is vaak ook niet te doen (pijnlijk voor oren door de hoge frequentie piepen)1, dus nog meer geluidsoverlast door reflecties maakt de woonomgeving onleefbaar en ongezond. De gemeente stelt dat de rekenmodellen aangeven dat wij bijna geen extra geluidsoverlast kunnen waarnemen, maar ik weet dat die rekenmodellen uitgaan van foutieve brongegevens, zoals dat gerekend wordt met fictieve geluidschermen aan het spoor die er niet zijn.2 Verder is het Akoestisch onderzoek ook niet deugdelijk omdat het niet het extra geluidsoverlast het Tracébesluit 2021 meeneemt waardoor o.a. 2 perrons van 90 x 4 meter toegevoegd worden (tot halverwege Central Post) en er veel meer IC’s gaan rijden die ook harder mogen rijden (120 km/u) (zie bijlage Ziensw12_B7). Deze gaan dan dus ook harder remmen. Ook goederentreinen mogen volgens het Tracébesluit 2021 harder rijden (rond de 80km3);. Het College geeft in haar reactie op mijn zienswijze (punt 1

Met het oude CS-station ervaarden we geen overlast en hoorde je de treinen amper arriveren of vertrekken. Dit wordt in het beroepschrift Tracébesluit bij RvS aangekaart. Recent blijken meer rekenmodellen ondeugdelijk te zijn zoals over Schiphol (zie pagina 11 in Ziensw12_B7) en Lelystad. 2

3

Deze snelheid van de goederentreinen is niet conform de strenge Externe Veiligheids-normen en volgens de UOKafspraak van de minister in 2011 zoals zelfs incorrect verwoord is in het (ontwerp)bestemmingsplan Schiekadeblok én

Pagina 1 van 20

12.9) dat ‘het treinverkeer niet toeneemt’. Dit is dus ook feitelijk incorrect en bevestigt des te meer dat het Akoestisch onderzoek van Schiekadeblok uitgaat van verkeerde waarden en opnieuw gedaan dient te worden. De drie geluidfilmpjes kunt u via deze WeTransfer-link downloaden: https://we.tl/t-OXoj5fZN1Q Hopelijk heeft u de tijd om ze helemaal af te luisteren (misschien als achtergrond zodat u hetzelfde als ons ervaart?). In de geluidsopnamen ziet u een geluidsmeter die geijkt en goedgekeurd is door de Nederlandse Stichting Geluidshinder. Tip: het geluid hoort hard te klinken (u hoort de gehele tijd een continu bromgeluid te horen (het geluid van het nieuw CS-station; alsof de afzuigkap 24/7 aan staat), dus zet uw volumeknop niet te zacht. RCD-XL is volgens MER-commissie een Stedelijk ontwikkelingsproject en daardoor MER-plichtig Tijdens mijn inspreken vertelde ik u dat ik de MER-commissie had gesproken om even de ‘zaak’, het ontwerpbestemmingsplan Schiekadeblok i.c.m. alle RCD-XL torens (18 stuks), voor te leggen om duidelijkheid te krijgen over de MER-verplichting. N.a.v.

mijn beschrijving van alle 18 torens én, het gebied niet groter is dan 900 x 350 meter en alle torens aan dezelfde wegen gelocaliseerd zijn, wist ze het gelijk: dit is een ‘rote ‘stedelijk ontwikkelingsproject’ (als bedoeld onder D11.2) waardoor het milieu in samenhang bekeken moet worden en daardoor een verplichting is van een uitgebreide MER-beoordeling (planMER). Volgens de jurisprudentie behoort RCD-XL ook tot een grote stedelijk ontwikkelingsproject; naar het oordeel van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State dient gekeken te worden naar onder meer de aard, de omvang en de milieugevolgen van de stedelijke ontwikkeling. Als een ontwikkeling aanzienlijke negatieve milieugevolgen heeft - bij een uitbreiding is daar volgens jurisprudentie in de regel eerder sprake van dan bij sloop en herbouw - dan wijst dit op een stedelijk ontwikkelingsproject. Al zou ook al op basis van de zeer verouderde Structuurvisie (waar Schiekadeblok uit gehaald is) en verouderde planMER RCD al een duidelijke reden om het ontwerpbestemmingsplan af te wijzen; doorslaggevend hoort eigenlijk al te zijn dat volgens de Nederlandse wetgeving een integrale planMER opgesteld dient te worden omdat het geheel van RCD-XL een grote Stedelijke ontwikkelingsproject betreft.

Zo ook een duidelijke derde reden is dat de milieuonderzoeken bewezen incorrect en onzorgvuldig zijn (in de volgende pagina’s onderbouw ik dat nog meer). Hopelijk heeft u voldoende inzicht gekregen door mijn bijlagen, dit document én door het inspreken (en de stukken) van mijn wijkbewoners. Het is ondoenlijk om u alles te vertellen, al heb ik wel een goede poging gedaan geloof ik… Mocht u nog vragen hebben of meer toelichting, dan verneem ik dat graag. Bijvoorbaat voor uw tijd en aandacht. Met vriendelijke groet, Miranda van den Broek Proveniersplein Rotterdam 06-14714617 Bijlagen: - Op onderstaande pagina’s het overzicht van de toezeggingen -NIEUW VERSIE van bijlage Ziensw12_B5 (met toelichting bij de afbeeldingen) -Bijlage Ziensw12_B9 (brief B&W stedenbouwkundig plan 2007) RCD (zie bijlage Ziensw12_B7). De goederentreinen mogen niet harder rijden dan 40km per uur op het oostelijke gedeelte van de sporen (dus tussen CS en de Willemstunnel).Hiermee klopt de berekening van de Groepsrisico niet, negeert de gemeente haar zware verantwoordelijkheid én is het EV-onderzoek bij het ontwerpbest.plan Schiekadeblok ook ondeugdelijk. Pagina 2 van 20

Verzoek om overzicht toezeggingen aan Provenierswijk Op verzoek van subcommissie Bestemmingsplan op de hoorzitting van 27 september 2022 sturen zienswijze-indieners 12 (Provenierswijk) onderstaand document. De toezeggingen hebben we onderverdeeld in vier punten zodat hiermee inzichtelijk wordt dat op verschillende momenten aan Provenierswijk diverse toezeggingen zijn gedaan. Dit wordt zoveel mogelijk onderbouwd we met verwijzingen naar diverse stukken en de bijlagen die op 27 september 2022 zijn ingestuurd (pdf’s Ziensw12_B1 t/m B (NB: Ziensw12_B5 is een nieuwe versie toegevoegd). De vier toezegging-onderwerpen die hieronder aan bod komen, zijn: A. Toezeggingen omtrent proces Schiekadeblok B. Toezeggingen aan Provenierswijk van de afgelopen 14 jaar door o.a. wethouder Karakus: C. Toezegging dat er een nieuwe planMER opgesteld zou worden en de samenhang bekeken zou worden én niet aan Salamitactiek wordt gedaan. NB: van belang in dit punt is ook de informatie over start bouwen Conradstraat-toren in 2025. D. Ook bezonningsonderzoek voor Hoogbouwvisie 2019 – bezonning op straat – voldoet niet aan beloften en is ondeugdelijk uitgevoerd

A. Toezeggingen omtrent proces Schiekadeblok Sinds de diverse hoogbouwtorens in het RCD-gebied rond 2017 ineens weer uit de ijskast werden gehaald, en meerdere Schiekadeblok-initiatieven opgezet werden zijn wij als wijk niet meer betrokken geweest. Géén bewonersbijeenkomsten waarbij sprake was van echte participatie waarbij de (milieu)belangen voor onze leefomgeving vooraf alle besluiten besproken kon worden en er tevens ruimte is om ook mee te denken met de plannen. Alleen op 4 april 2022 is door de (nog oude) wijkraad Provenierswijk nog een zoom-presentatie georganiseerd met een beperkt aantal bewoners (ongeveer 6 personen) van Provenierswijk. De presentatie werd gegeven door de ambtenaren van Stadsontwikkeling die betrokken zijn bij het project Schiekadeblok. Er zijn op 4 april diverse vragen gesteld en daarbij zijn toezeggingen gedaan waaronder het toesturen van stukken en beantwoording van de vragen over de Schiekadeblok. Sinds 4 april 2022 hebben we echter nooit iets meer vernomen van Stadsontwikkeling. Op 17 juni 2022 werd het ontwerpbestemmingsplan Schiekadeblok ineens gepubliceerd, met daarin vermeld een algemene informatiebijeenkomst op 27 juni 2022.

Op deze inloopavond stonden een aantal borden met afbeeldingen, maar dat gaf ons niet meer informatie dan wat we al op 4 april 2022 al hadden vernomen (er was niets gewijzigd) én het gaf ons geen antwoord op onze gestelde vragen. De toezeggingen van 4 april zijn: NB: deze toezeggingen zijn ook door de wijkraad genoteerd. 1. Het inhoudelijke deel van de presentatie wordt nagestuurd. Niet ontvangen. 2. Onderzoek naar omvang bouw in de grond (blokkades) en de effecten voor de waterhuishouding van de Provenierswijk wordt nagestuurd. Niet ontvangen. Tevens gaat het water- cq bodem-rapport van het ontwerpbestemmingsplan Schiekadeblok niet in over de effecten voor Provenierswijk. 3. Toezegging afbeeldingen (‘renders’) van de weergave van het Schiekadeblok gezien vanaf Zuster Hennekenplein en zichtzijde Provenierswijk icm met de andere torens. Deze hebben wij niet ontvangen. 4. Mw. Lushtaku komt na overleg met DCMR nog met schriftelijk antwoord hoe de reflectie naar de Provenierswijk van geluid door de kantorenwand bij de beoordeling is meegenomen. Pagina 3 van 20

Nooit ontvangen. Daarnaast blijkt uit het Akoestisch onderzoek bij het ontwerpbestemmingsplan Schiekadeblok dat de reflectie ook ondeugdelijk onderzocht. Er is namelijk een overgroot gedeelte van Provenierswijk en ook het spoor en de grote open CS-overkapping niet meegenomen in het onderzoek. Het spoor, centraal station icm alle geplande panden aan het spoor werkt als een grote klankkast en geeft kathedrale akoestiek richting de woningen. 5. Alle bestemde torens zullen voor bezonning (en andere effecten) worden meegenomen. Nu dus ook Pompenburg, want daarvoor is het bestemmingsplan vastgesteld. Dit is duidelijk NIET gebeurd; Pompenburg is niet meegenomen in het Peutz-bezonningsonderzoek en andere onderzoek als water, geluid, etc. voor het Schiekadeblok. En ook niet meegenomen zijn de Rise en Lumiere-torens die in dezelfde fasen zitten. 6. Toezegging dat Provenierswijk met alle onderzoeken is meegenomen. Aan deze belofte is niet voldaan. Dit blijkt uit bijna alle milieuonderzoeken van het ontwerpbestemmingsplan Schiekadeblok dat Provenierswijk juist níet is meegenomen. Niet voor geluid, niet voor water, niet voor wind, niet voor luchtkwaliteit, niet voor water/bodem, niet voor biodiversiteit, etc.

NB: alleen af en toe een uiterst zuid-oostelijk puntje van Provenierswijk (Molenwaterweg) past niet in de belofte om Provenieswijk mee te nemen en serieus de effecten op Provenierswijk te onderzoeken. 7. Nasturen van het herziene beeldkwaliteitsplan en de (herziene) welstandsrichtlijnen. Dit hebben we ook niet ontvangen. 8. Er waren vragen als: a) de 200-meter toren wordt ineens van een vierkante toren gewijzigd naar een rechthoekige toren (dit is concept 3). Daarbij stelt Stadsontwikkeling dat deze bredere toren mínder schaduw geeft aan Provenierswijk. Hoe kan dit? Feit is dat een rechthoek een langere diagonale lijn heeft (dus breder is) dan een vierkant. Deze bredere diagonale lijn geeft juíst meer schaduw aan het grootste gedeelte van Provenierswijk. b) Hoe diep en groot wordt de parkeergarage? Dit is van belang qua extra blokkade in de grond. Op deze vragen (en meer) is nooit antwoord gekomen. NB: Informatiemarkt op 29 november 2022 niet bij Provenierswijk bekend. Tijdens het inspreken op 27 februari 2022 bij subcommissie Bestemmingsplannen vernamen tot onze verrassing - n.a.v. een vraag van een commissielid - dat er een ‘informatiebijeenkomst’ over bouwontwikkelingen voor Provenierswijk/Agniesebuurt zou komen. Van deze informatiemarkt (een inloopavond) was níemand van Provenierswijk op de hoogte.

Later bleek dat dit kwam omdat de flyer die uitgedeeld is aan de achterzijde níet bedrukt was waardoor niemand begreep wat de informatiemarkt in hield. Tevens stonden er ook géén contactgegevens op zodat je meer informatie kon opvragen; velen bewoners hebben het daarom bij oud papier gedaan.

Pagina 4 van 20

B. Toezeggingen aan Provenierswijk van de afgelopen 14 jaar door o.a. wethouder Karakus. Provenierswijk is vanaf het begin dat het Stedenbouwkundigplan 2008, Structuurvisie en planMER 2011 actief en betrokken geweest en diverse keren in gesproken en om tafel gezeten met de wethouders en ambtenaren van Stadsontwikkeling (voorheen dS+V). Hierbij zijn diverse toezeggingen gedaan. Een aantal ervan worden hieronder benoemd (NB: we hebben meer brieven en verslagen die de onderstaande punten staven): 1. De 'Provenierswijkregel’ qua bezonning betreft: “Op 21 maart en 23 september in de ochtend maximaal 1 uur schaduw; in de middag geen extra schaduw”. Het College en Stadsontwikkeling ontkennen continu deze toezegging maar we hebben diverse B&W-brieven aan de Gemeenteraad waarin de wethouder Karakus dit belooft. Zie afbeelding 1 hieronder en bijlage Ziensw12_B9_B&W Vaststelling Stedenbouwkundig

Afbeelding 1 – Tekst uit brief B&W aan gemeenteraad, ‘Vaststelling Stedenbouwkundig plan Stationskwartier Rotterdam 2007 en afdoening moties Bonte en Oosterhoff, Datum: 5 februari 2008, plan…2007). kenmerk 200807/7428

2.

‘De hoeveelheid schaduw neemt niet of slechts in uiterste beperkte mate toe’ (zie afbeelding 1 hierboven en Ziensw12_B9_B&W Vaststelling Stedenbouwkundig plan…2007). Deze toezegging van wethouder Karakus wordt niet aan gehouden. De Schiekadeblok-torens én bebouwing aan het spoor geven al vóór 23 september (veel schaduw aan Provenierswijk. Daarnaast zorgt de cumulatie aan de 18 (nieuwe) torens om Provenierswijk heen – die ondertussen tot 250 meter reiken – vele uren schaduw vóór 23 september en ná 21 maart. Zie afbeeldingen in ‘Ziensw12_B8-Schaduw-Werkelijke overlast hoogbouwtorens RCD-XL4 en pdf ‘Ziensw12_B4 (Schaduwstudie). 3. Er wordt ‘geen wand aan torens’ gevormd met de RCD-plannen. Alle geplande torens vormen nu wel een wand (een grote, hoge klif) om Provenierswijk heen. Onze wijk wordt als een burcht ommuurd. Zie alle RCD-XL afbeeldingen en bijlagen Ziensw12_B4 en B5. 4. De spoorstrook wordt niet bebouwd. Deze spoorstrook zou groen blijven en onderdeel zijn van de groenstructuur in het RCDgebied, zie afbeelding 2 hieronder uit de planMER 2011. De spoorstrook wordt nu tot aan het spoor én over de monumentale ‘wokkel’ (toegang tot het parkeerdek van Central Post) gebouwd waardoor bebouwing nog grootser en dichter bij de wijk komt. Hierdoor is het impact op Provenierswijk nog groter en negatiever (geluid, bezonning, water, lucht, etc).

4

Door krapte aan tijd zijn de afbeeldingen in Ziensw12_B8 snel en ‘simpel’ uitgevoerd. Het geeft echter wel de werkelijkheid weer, zoals ook terug te zien is in de pdf ‘Ziensw12_B4 (Schaduwstudie) Pagina 5 van 20

Afbeelding 2 - Afbeelding uit PlanMER 2011 waarop zichtbaar géén bebouwing van de spoorstrook (zie blok met nr. 5; de witte strook ten noorden is de (onbebouwde) spoorstrook).

5. Pompenburg blijft groen en wordt niet bebouwd (het spoor is de grens van hoogbouw, zie ook Hoogbouwvisie 2011). Pompenburg zou ook onderdeel zijn van de ingepland groenstructuur. Nu worden ineens meerdere en hoge torens (70, 115 en 145 meter) tegen de oost-grens van Provenierswijk gebouwd waardoor we alle ochtendzon ineens kwijt raken (al vóór 23 september, zie afbeeldingen in bijlage Ziensw12_B8. Dit betreft zeker 2 uur schaduw vóór 23 september voor Provenierswijk. Dit voldoet niet aan de Provenierswijkregel. 6. Voor het bezonningsonderzoek voor het effect op Provenierswijk worden alle torens van RCD inclusief Pompenburg meegenomen. Zoals in ook onder A te lezen valt, elke keer wordt door het College/SO toegezegd dat Pompenburg meegenomen zou worden in het bezonningsonderzoek, maar het College houdt zich nimmer aan deze belofte. (zie ook bijlage Ziensw12_B3) NB: formeel hoort het grootste gedeelte van Pompenburg nog bij het bestemmingsplan Provenierswijk-Bentincklaan (zie afbeelding 1 in bijlage Ziensw12_B5) 7. Er worden afbeeldingen cq artist impressions gemaakt die vanuit Provenierswijk en vanaf straatniveau alle torens in cumulatie tonen. Dit is regelmatig beloofd maar deze zijn nooit ontvangen. 8. Qua bezonningsonderzoek wordt zowel gekeken naar de zomer- als wintermaanden.

Dit is in 2008 één keer uitgevoerd, maar dat was nog met de beperkt aantal ontwikkelingen en lagere torens. Sindsdien en met alle nieuwe en extra (super)hoogbouw heeft het College/SO niet meer de wintermaanden willen onderzoeken. Wij vermoeden dat het College/SO deze toezegging niet wil uitvoeren omdat dan ook voor de gemeenteraad en iedereen duidelijk wordt hoe ernstig het negatieve impact is van de cumulatie aan hoge torens voor Provenierswijk; dan wordt visueel duidelijk dat Provenierswijk meer dan 6 maanden – ook vóor 23 september en ná 21 maart - in de schaduw ligt en dat dit niét voldoet aan de Provenierswijkregel (alleen 1 uur schaduw in de ochtend). 9. De ‘absolute schaduwuren’ die Provenierswijk krijgt van de cumulatie aan torens wordt onderzocht (geen gemiddelden of iets van aftrek van bezonning aan de noordelijke gevel).

Pagina 6 van 20

De bezonningsonderzoek van Peutz voor Schiekadeblok omtrent de Provenierswijkregel worden gemiddelde uren schaduw berekend per maand. Hierdoor wordt bijvoorbeeld ook de zon van begin september of eind maart meegenomen wat mooiere maar niet de feitelijke cijfers geeft. Gemiddelde bezonningscijfers verbloemen de werkelijk schaduwval op onze huizen. 10. Toegezegd is: “Er wordt rekening gehouden met Provenierswijk” en “de hoogte van de torens in RCD is afgestemd op Provenierswijk” Doordat niet alle schaduw van alle torens cumulatief meegenomen worden en de berekeningsmethoden niet correct zijn (gemiddelden) houdt het College zich hier niet aan. Zo wordt ook géén rekening gehouden met een 180-meter toren aan het Conradstraat (westzijde station) die Provenierswijk in de middag veel schaduw geeft (dit is tégen de Provenierswijkregel in). Volgens de Horecagebiedsplan Centrum 2022-2024 wordt er al in 2025 gestart met Conradstraat (zie afbeelding 3 hieronder hieronder).

Afbeelding 3 – tekst uit Horecagebiedsplan Centrum 2022-2024

 Waarom weten wij hier niets van? Zijn de gemeenteraadsleden op de hoogte dat het bouwen van de hoogbouwontwikkeling Conradstraat al ingepland is voor 2025? Het college zegt in de zienswijzerapportage bij zienswijzepunt 12.16: “De locatie Conradstraat zit in het vastgestelde bestemmingsplan Rotterdam Central District (2021). Op deze locatie wordt in dat bestemmingsplan géén bebouwing mogelijk gemaakt. Om hier een toren te kunnen realiseren, is een nieuwe planologische procedure vereist. De hoogbouw die met een eventuele nieuwe procedure mogelijk wordt gemaakt, wordt op dat moment getoetst aan de Provenierswijkregel én de bezonningsregels van de Hoogbouwvisie 2019 (m.b.t. de bezonning van de buitenruimte).” Met dit antwoord bevestigt het College zelf dat het de toezeggingen negeert en doodleuk aan salamitactiek doet door de milieueffecten van de Conradstraat-toren – die al over 2,5 jaar gebouw gaat worden – niet in het (ontwerp)bestemmingsplannen Schiekadeblok en RCD mee te nemen en dit over een jaar of zo – apart – te beoordelen. Daarnaast houdt de gemeente ook geen rekening met Provenierswijk als er superhoogbouwtorens op de grens van het RCD-gebied – RCD-XL – gepland wordt maar deze niet meeneemt in het bezonningsonderzoek.

De 200/250 torens aan de grens geven Provenierswijk veel méér schaduw dan de iets ‘lagere’ 150-meter torens in het RCD-gebied en geven juist ook vóór 23 september en ná 21 maart schaduw. Het voldoet niet aan de Provenierswijkregel en bewust niet meenemen van deze torens is volksverlakkerij en voldoet niet aan de belangrijke zorgplicht en zorgvuldigheid waartoe het College verplicht is. Dit alles behoort tot het toepassen van de door EU verboden salamitactiek (zie ook tekst in de zienswijze) en ook de MER-commissie hekelt de gemeenten die – door het knippen van (bestemming)plannen – de milieueffecten niet in samenhang bekijken en hiermee een volledige MER-procedure ontwijken5. 5

MER-commissie: “Een kwalitatief goed milieueffectrapport leidt tot betere besluiten voor de leefomgeving.” Lourens Loeven, directeur van de Commissie m.e.r. “hekelt daarom de opstelling van gemeenten en ontwikkelaars die projecten opknippen. Daarmee proberen zij onder een milieueffectrapportage uit te komen, een slechte zaak.” https://www.gebiedsontwikkeling.nu/artikelen/wij-leggen-de-vinger-op-de-zere-plek-daarom-zijn-we-niet-altijd-depopulairste/ Pagina 7 van 20

C. Er is toegezegd dat er een nieuwe planMER opgesteld zou worden en de samenhang bekeken zou worden én niet aan salamitactiek wordt gedaan. Deze toezegging is op verschillende momenten gedaan: 1. B&W belooft uitgebreide MER/samenhang Schiekadeblok in 2011: B&W6 doet toezegging om de samenhang te bekijken en een uitgebreide MER-procedure te doorlopen: “Met het oog op de omvang van de ontwikkeling van het RCD en de ambitie van de gemeente om binnen het RCD de plots in samenhang te ontwikkelen, heeft de gemeente gekozen om het nieuwe bestemmingsplan Schiekadeblok direct de procedure van een uitgebreide m.e.r te laten doorlopen, en niet eerst een m.e.r.-beoordeling uit te voeren.”

Afbeelding 4 - Brief B&W aan gemeenteraad, betreffende “Startnotitie bestemmingsplan en notitie reikwijdte en detailniveau Schiekadeblok”, kenmerk: 709747, datum: B&W 28 juni 2011=> zie ook pdf ‘Ziensw12_B2

2. Toezegging gedaan aan de gemeenteraad in 2017/2018 dat er nieuwe MER komt voor het RCD-gebied In de tender-procedure voor de Delftseplein-hoogbouwontwikkeling (Treehouse) benoemd de heer De Kleijn (raadslid SP): “We hebben niet voor niets afgesproken dat er een aangepaste gebiedsvisie komt en er een nieuwe MER komt.”7 3. Toezegging in bestemmingsplan Weenapoint-complex 2011 om geheel RCD-gebied de samenhang van het milieu als geheel te bezien en geen salamitactiek NB: Weenapoint-complex – behorende tot het RCD-gebied - ligt aan Stationsplein (Kruisplein) waarvan binnenkort bouwfase 3 The Modernist-torens (van 125 en 70 meter) van start gaat. Voor het Weenapoint-complex is in 2011 een besluitMER opgesteld. In het bestemmingsplan Weenapoint-complex geeft de gemeente aan – i.t.t. wat het college in de zienswijzerapportage Schiekadeblok onder zienswijzepunt 12.3 zegt – dat het gehele RCD-gebied in samenhang bekeken moet worden. In artikel 6.2.2.van dit bestemmingsplan bevestigt de gemeente Rotterdam dat ze juist niet aan salamitactiek willen doen in het RCD-gebied. Het stelt: “Het bestemmingsplan Weenapoint als activiteit heeft echter een sterke samenhang met de totale gebiedsontwikkeling RCD zoals beschreven in de Structuurvisie”.

En daarbij wordt aangegeven dat er een “ruimtelijke samenhang” is omdat de projecten binnen RCD zich bevinden in “een aaneengesloten gebied en in ruimtelijke zin met elkaar verbonden zijn. Ze maken gebruik van dezelfde ontsluiting (wegen, spoor en ov).” Ook geeft gemeente Rotterdam aan dat het initiatief tot het maken van een structuurvisie en planMER aangeeft dat “het plangebied geheel moet worden beschouwd ”.

6

Brief B&W aan gemeenteraad, betreffende “Startnotitie bestemmingsplan en notitie reikwijdte en detailniveau Schiekadeblok” kenmerk: 709747, datum: B&W 28 juni 2011 => zie ook pdf ‘Ziensw12_B2 7

Zie link (rond 2u;8min;10s): Vergadering Commissie Bouwen, Wonen en Buitenruimte (2014-2018) 07-02-2018 Gemeente Rotterdam (raadsinformatie.nl) Pagina 8 van 20

Daarbij concludeert de gemeente: “Door deze samenhang zal ook het milieu als geheel bezien moeten worden, om te vermijden dat salamitactiek ontstaat door het opknippen van het bestemmingsplannen en effecten op het milieu.”  Bestemmingsplannen Schiekadeblok en RCD en The Modernist zijn niet in samenhang bekeken. Het ontwerpbestemmingsplan Schiekadeblok en het bestemmingsplan RCD zijn níet in samenhang bekeken en daarvan zijn de effecten op het milieu wél dus opgeknipt. Zo ook dat het hoogbouwproject The Modernist op Stationsplein - met 25% hogere toren (125 ipv 100 meter), 125 méér woningen en méer volume dan toegestaan volgens het bestemmingsplan/besluitMER - niet meegenomen is in de onderzoeken naar de samenhang van de milieueffecten voor het RCD-gebied icm met het Schiekadeblok.  Ook ruimtelijke samenhang bij RCD-XL torens; niet alle torens aan de rand het RCDgebied cumulatief meenemen in milieuonderzoeken ís toepassing van salamitactiek De toezegging in artikel 6.2.2 geldt óók voor alle RCD-XL torens – de superhoogbouwtorens aan de Weena/Hofplein én de vier torens van Pompenburg. Er is namelijk een ruimtelijke samenhang omdat het een aaneengesloten gebied is, in ruimtelijke zin met elkaar verbonden én ze allemaal gebruik maken van dezelfde ontsluiting’.

D. Ook bezonningsonderzoek voor Hoogbouwvisie 2019 – bezonning op straat – voldoet niet aan beloften en is ondeugdelijk uitgevoerd. Dit wordt hieronder in de volgende punten duidelijk gemaakt. 1.

FEIT: Zon is belangrijk voor mens, dier en groen. Zon op straat is belangrijk voor comfort en voor de gezondheid van mens, plant en dier. Zonder zon wordt mens en dier ziek door o.a vitamine D-tekort (o.a. darmkanker) en groeien of overleven bomen en planten niet (en zijn bevattelijk voor ziektes) omdat deze zon nodig hebben voor de fotosynthese, het proces waarbij ze koolstofdioxide (CO2) omzetten in koolhydraten. Dit fotosynthese-proces van bomen is extra belangrijk voor de luchtkwaliteit van Rotterdam omdat het nieuwe CO2-monitor van DCMR dd 27 september 2022 aantoont dat CO2 in Rotterdam met 1,2 Mton is gestegen en het totaal van 27.2 Mton bijna een vijfde van de totale CO₂-uitstoot in Nederland is.

2.

FEIT: Gemeente Rotterdam vindt gezonde leefomgeving en comfort op straat belangrijk. Ook Gemeente Rotterdam vindt belangrijk dat bewoners en bezoekers aan de stad een gezonde leefomgeving hebben en fijn kunnen verblijven op straat en in belangrijke, representatieve gebieden als Hofplein (niet meer schaduw dan 1 uur) en het RCD-gebied (basiskwaliteit; niet meer dan 2 uur schaduw). En natuurlijk een fijn verblijfsgebied in de binnentuin van het Schiekadeblok.

3.

FEIT: Door RCD-torens is er TOENAME AAN ZON in de straten in RCD-gebied én Provenierswijk. Dit is werkelijk de conclusie van alle bezonningsonderzoeken die door Peutz zijn uitgevoerd voor alle (ontwerp)bestemmingsplannen, waaronder die van Schiekadeblok en RCD. Hoe kan dit? Peutz neemt namelijk – in opdracht van het college/SO – als referentiewaarde (beginsituatie) de complete 200 meter-bouwenveloppen van RCD-XL waarbinnen gebouwd mag worden. Bij de eindsituatie wordt uiteindelijk uitgegaan van de werkelijke vorm van de geplande torens. Hierdoor is er continu een grote toename aan zon op straat. Zo gaat bijv. Delftsetraat bij het bouwen van Schiekadeblok meer dan 4 uur zon érbij krijgen. Zie afbeelding 8 in pdf ‘Ziensw12_B5’ en bijlage A achterin dit document.

4. FEIT: de geplande torens voldoen niet aan de bezonningsregels van de Hoogbouwvisie. De dubieuze meetmethode zorgt dus standaard voor ‘méér zon’ op alle straten en verbloemt dus de werkelijke, negatieve effecten – bijna jaarrond schaduw van alle RCD-XL-torens op straat (waaronder Hofplein, terwijl daar – als representatief gebied- niet meer dan 1 uur extra schaduw mag vallen). Pagina 9 van 20

Wat zegt het gebruik van deze misleidende methode eigenlijk? Dit zegt dat het College/SO weet dat met alle 18 geplande torens in en aan het RCD-gebied NOOIT KUNNEN VOLDOEN aan de bezonningsregels van de Hoogbouwvisie, zowel niet voor alle straten van het RCD-XL-gebied áls ook niet voor de straten van Provenierswijk (wat ook door Peutz onderzocht is). Niet-conform toezegging. Uitgaan van de bouwenveloppen komt niet overeen wat door de wethouder toegezegd is qua Hoogbouwvisie. Toegezegd is dat er uit wordt gegaan van de werkelijke beginsituatie (dit is conform de richtlijnen van de MER-commissie) 5.

FEIT: zeker minimaal 8-10 maanden schaduw in het RCD-XL-gebied, op Hofplein en in Provenierswijk. De straten van RCD (en Provenierswijk) komen door de wand aan superhoogbouwontwikkelingen volledig (zeker 8-10 maanden) volledig in schaduw te liggen. Het is níet fijn vertoeven op straat (schaduw, kou en wind) en geplande nieuwe bomen en planten doen het slecht (worden ziek), overleven niet en/of zullen nooit tot mooie grote bomen ontwikkelen, zoals dit ook al duidelijk is voor de bomen voor Central Post op Delftseplein. Zie afbeelding 5 hieronder.

Afbeelding 5 – Zie tekst boven deze afbeeldingen (uit het beroepschrift omtrent ‘Besluiten Treehouse’). De afbeeldingen van de bomen op Delftseplein (voor Central Post) laten goed zien wat er met bomen gebeurd als ze jaar-in-jaar-uit in de schaduw en wind staan. Deze bomen zijn daar rond 2015 gepland zijn en dus al ongeveer 7 jaar oud zijn. Door de constante wind en veel schaduw van de hoogbouw in de omgeving staan ze er erg zielig bij. Sommigen zijn zelfs als de bomen op de ‘Bovenwindse eilanden’ met de wind mee scheef gegroeid.

6. De bovenstaande punten maken duidelijk dat de Peutz-bezonningsonderzoeken kunnen niet als deugdelijk en zorgvuldige onderbouwing van het bestemmingsplan Schiekadeblok gelden. Om duidelijk te hebben wat de werkelijke hoeveelheid schaduw op straat valt en/of het wél niet voldoet aan de bezonningsregels van de Hoogbouwvisie, horen deze onderzoeken deugdelijk opnieuw gedaan te worden voor alle RCD-XL torens en daaraan consequenties voor de hoogbouwontwikkelingen verbonden te worden mocht er teveel schaduw zijn.

Bovenstaande informatie omtrent milieueffect Bezonning is 1-op-1 ter vertalen naar andere milieuaspecten Wat hierboven aangekaart is over het milieuaspect bezonning, kan 1-op-1 vertaald worden naar alle andere milieueffecten (geluid, water, bodem, lucht, bodem, etc). Dit is voor onze wijk niet onderzocht geweest (of minimaal) omdat wij ‘niet tot het plangebied’ horen. Als u de stukken van het ontwerpbestemmingsplan Schiekadeblok (en van RCD) en de betreffende milieuonderzoeken goed bekijkt, dan zal u dat ook opvallen. Pagina 10 van 20

Door al het gedraai is voor ons duidelijk dat het college weet dat er veel negatieve milieueffecten bij Provenierswijk terecht komt (en ook in RCD-gebied) en bewust cijfers verdraaid, met ondeugdelijke meetmethoden en rapporten en complete afbeeldingen van alle 18 hoogbouwontwikkelingen achterwege laat en/of niet communiceert, om de ernst en de grote impact op de omgeving en milieu van alle torens tegelijkertijd minder goed in zicht te brengen voor bewoners én voor de gemeenteraad. Frappant is natuurlijk ook dat het college/SO ook RCD-XL-afbeeldingen en presentaties voor zich houdt. De belangen van Provenierswijk, de diverse milieucrises en onze leefomgeving, woningen en gezondheid zijn ernstig in het geding. Naast dat ook alle bewoners hoge energiekosten gaan krijgen en niet mee kunnen doen met de energietransitie.

Pagina 11 van 20

BIJLAGE A - Printscreens uit Bezonningsonderzoek Peutz Schiekadeblok Op deze en volgende 4 pagina’s staan printscreens uit het Bezonningsonderzoek Schiekadeblok van Peutz waarin te lezen valt dat er gewerkt wordt met gemiddelde bezonningsduur (geeft mooiere cijfers) en er sprake is van ‘toename aan bezonning’ op de omgeving door de ontwikkeling van Schiekadeblok. Daarbij merkt Peutz ook op dat een berekende toename van de bezonning niet wordt weergegeven in de afbeeldingen (cq. de tabellen). Hierdoor moet je zelf ernstig goed kijken om door te hebben dat de cijfers uit gaan van een toename. Zo toont afbeelding 2.2 dat Hofplein een toename van 18 minuten zon op 21 juni heeft door de hoogbouwontwikkeling Schiekadeblok. Iedereen weet dat niet klopt en dat de afname juist erg veel is (vooral in de lente,zomer). Deze misleidende meetmethode is in opdracht van de gemeente uitgevoerd (zie voetnoot 3 in afbeelding 7). Zie voor de referentiemodellen afbeelding 8 in bijlage pfd ‘Ziensw12_B5 NB: voor deze berekening van bijv. schaduw op Hofplein is niet de (feitelijke) schaduw van de torens Rise, Pompenburg, Lumiere en ASR meegenomen; deze torens liggen allemaal ten zuiden van Hofplein (dus blokkeren de zon).

Afbeelding 6 – Bezonningsonderzoek Schiekadeblok van Peutz. Pagina 12 van 20

Afbeelding 7 - Bezonningsonderzoek Schiekadeblok van Peutz.

Pagina 13 van 20

Schaduwafbeeldingen van het Bezonningsonderzoek voor Schiekadeblok, waarbij de groene kleur staat voor een ‘toename aan zon’. Het meeste is groen, wat natuurlijk nooit kan. Echter, zelfs met deze methoden is zichtbaar dat op 21 september veel schaduw (in het rood) valt. Eigenlijk moet je ‘groen’ vertalen in schaduw (rood) en dat maakt de negatieve impact duidelijk. Zie ook dat het RCD-gebied continu in de schaduw ligt. NB: voor de referentiemodellen zie afbeelding 8 bijlage pfd ‘Ziensw12_B5.

Afbeelding 8 – Schaduwafbeeldingen op 21 september waarbij de groene kleur staat voor een ‘toename aan zon’

Pagina 14 van 20

Afbeelding 9 – Schaduwafbeeldingen op 21 september 2022 waarbij de groene kleur staat voor een ‘toename aan zon’ (Bezonningsonderzoek Schiekadeblok)

Pagina 15 van 20

Printscreens uit Bezonningsonderzoek Peutz Schiekadeblok Zie voor de referentiemodellen afbeelding 8 in bijlage pfd ‘Ziensw12_B5 Op deze en volgende 4 pagina’s staan printscreens uit het Bezonningsonderzoek RCD van Peutz. Dezelfde methoden en referentiemodellen zijn gebruikt, maar in dit RCD-bezonningsrapport zijn wel de ‘cijfermatige verschillen’ in de tabellen genoteerd. Hierdoor is direct duidelijk/inzichtelijk dat alle straten een ‘toename aan zon’ krijgen (en hoeveel). Zo toont afbeelding f2.6 dat op 21 juni Delftsestraat een toename van ruim 4 uur zon heeft door de hoogbouwontwikkeling Schiekadeblok. Iedereen weet dat niet klopt en dat de afname werkelijk juist erg veel is (vooral in de lente/zomer).

Afbeelding 10 – Bezonningsonderzoek RCD waarbij de straten allemaal een ‘toename aan zon’ krijgen.

Pagina 16 van 20

Afbeelding 11 -– Bezonningsonderzoek RCD waarbij de straten allemaal een ‘toename aan zon’ krijgen.

Pagina 17 van 20

Hieronder van het bezonningsonderzoek RCD de pagina met de berekeningen van zon op straat voor Provenierswijk. Hierin lees je vooral ‘afname van zon’ (schaduwtoename). Ondanks dat de misleidende methode is gebruikt door gebruik te maken van bouwenveloppen). Molenwaterweg heeft zelfs op 21 juni een schaduw-afname van meer dan 2 uur en op 21 september een 1.41 uur afname. Peutz verklaart dat via een voetnootje dat zoveel schaduw vooral te danken is aan het Schiekadeblok… Hieruit kun je concluderen dat – zonder de misleidende methode – de werkelijk schaduw veel en veel ernstig zal zijn dan nu getoond/berekend is door Peutz en niet voldoet aan de Rdamse bezonningsregels.

Afbeelding 12 – Bezonningsonderzoek voor bestemmingsplan RCD; zelfs afname zon met de misleidende meetmethode

Pagina 18 van 20

NU AL HELE DAG GEEN ZON ALS ALLE 18 TOREN ZOUDEN STAAN. Deze 3 onderstaande 3 afbeeldingen bevestigen het gestelde in de vorige pagina’s. Deze afbeeldingen zijn van 27 september (4 dgn na 23 september van de Provenierswijkregel) en die laten zien hoe laag de zon nu al staat en nu al bijna verdwijnt achter de bebouwing. Als nu de Schiekadeblok-toren inclusief spoorgebouw zoud staan, dan zouden we gelijk meer dan een uur geen zon hebben. Als alle RCD-XL torens zouden staan dan is duidelijk dat we al vanaf 27 september ongeveer geen zon meer zouden hebben over de gehele dag. En wij zeker voor 6,5 maand alleen maar schaduw hebben.

Pagina 19 van 20

Pagina 20 van 20

Gemeente Rotterdam College van Burgemeester en W'ethouders

College van Burgemeester en Wethouders Bezoekadres: Stadhuis Coolsingel 40

Rotterdam Postadres: Postbus70012 3000 KP Rotterdam Website: www.rotterdam.nl E-mail: db@bsd.rotterdam.nl Fax: 010 • 417 22 44 Inlichtingen: ir. 0.J.M.K. Beugels Telefoon: 010 - 489 6446

Aan de Gemeenteraad Uw brief van: Ons kenmerk: 07/7428 Aantal bijlagen: 2 (beperkt, alleen aan de leden van de

commissie FIBS) Betreft: Vaststelling Stedenbouwkundig plan

Stationskwartier Rotterdam 2007 en afdoening moties Bonte en Oosterhoff Datum: B&W 5 februari 2008

l 5 ffB. 2006' Wij hebben heden het herzien Stedenbouwkundig plan Stationskwartier Rotterdam 2007 vastgesteld. Dit plan is als bijlage bij deze brief gevoegd voor de IE~den van de de commissie FIBS. Het stedenbouwkundig plan bouwt voort op het gebiedsconcept 'WEENA I Glocal City District' dat in juli 2007 samen met een aantal belangrijke partijen in het gebied (LSI, Corio, Unilever, ING, Groot Handelsgebouw) als gemeenschappelijk toekomstbeeld voor het gebied is opgesteld. Kernbegrippen van het gebiedsconcept zijn: levendigheid op straat, een mix van aantrekkelijke en toegankelijkE~ functies voor het publiek, ruimte voor Rotterdamse trots, inzetten op 'glocal' bedrijven met een sterke Rotterdamse binding én wereldwijde netwerken en een goede aansluiting bij de binnenstad en omliggende wijken. Het verschijnen van het gebiedsconcept en de Stadsvisie vormden aanleiding om het stedenbouwkundig plan uit 2005 te herzien. Ook de verwachte milieueffecten van het vorige plan en het gewijzigde investeringsinteresse bij marktpartijen waren aanleiding om het plan te herzien. Het stedenbouwkundig plan maakt de ontwikkelin!~ mogelijk naar een centraal stedelijk gebied met internationale allure, waarbij volop gebruik gemaakt wordt van de potenties van het gebied, zoals de aansluiting op HSL en RandstadRail, de ligging tegen de binnenstad, de goede bereikbaarheid en voldoende ontwikkelruimte.

De verbindingen met de omliggende gebieden als Pompenburg, Oude Westen, Lijnbaanen Laurenskwartier krijgen veel aandacht. In het gebied zelf komen meer mogelijkheden voor wonen, werken en ontspanning. Met dit plan is Rotterdam in staat optimaal in te spelen op de toekomst. De herziening is gemaakt door Rients Dijkstra, directeur van stedenbouwkundig bureau Maxwan in opdracht van en in nauwe samenwerking met de gemeente. Rients Dijkstra zal als supervisor betrokken blijven bij de gebiedsontwikkeling. In het herziene stedenbouwkundig plan spelen vier kernpunten een centrale rol. Ten eerste wordt de ruimtelijke ontwikkeling van het Stationskwartier in balans gebracht met de huidige ontwikkeling van Lijnbaankwartier en Pompenburg en in de toekomst het Oude Westen. Ten tweede zorgt het herzien stedenbouwkundig plan er voor dat het gebied onderdeel wordt van de levendige binnenstad. De nieuwe gebouwen, de buitenruimte en de programmatische invulling moeten ervoor zorgen dat het gebied aantrekkelijk wordt om te doorkruisen en te verblijven. Ten derde baseert het plan zich op een goede bereikbaarheid van het gebied voor langzaam verkeer, openbaar vervoer en auto's. In aanvulling op het stedenbouwkundige plan uit 2005 wordt naast de Culturele As (Mauritsweg/Westersingel) een goede "aanhaking" op Pompenburg, Laurenskwartier, Lijnbaankwartier en het Oude Westen voorgesteld.

Belangrijke ingrepen vormen een langzaam verkeerbrug over de Schiekade, de oversteek naar de Lijnbaan en de Karel Doormanstraat, de koppeling van de Conradstraat en het Oude Westen en een verbeterde oversteekbaarheid van het Weena. Wil de levendige uitstraling van het gebied en de diversiteit in functies, die in het gebiedsconcept wordt aangeduid met het nieuwe begrip 'mixone', een kans van slagen maken, gaat het plan als vierde kernpunt uit van een hoge kwaliteit van de openbare ruimte.

Het Stedenbouwkundig Plan Stationskwartier richt zich op de zuidzijde van het spooremplacement. \ / ~ betreft de Noordzijde is in het plan opgenomen de verbetering van de buitenruimte van het Proveniersplein, waarbij de Spoorsingel en de Provenierssingel mE3t elkaar worden verbonden en een ruim, groen plein ontstaat. Daarbij is aansluiting gevonden bij het Singelplan dat aan de Noordzijde wordt uitgevoerd. Verder maakt het plan een verbeterde inrichting van de Proveniersstraat mogelijk, waar in het kader van het verkeerscirculatieplan Provenierswijk over wordt ~Jedacht. Het concept stedenbouwkundig plan is onderwerp geweest van een consultatieronde langs een groot aantal betrokken partijen, alvorens wij het plan definitief hebben vastgesteld. De consultatie richtte zich op: dagelijkse besturen van de centrumraad en de deelgemeente Noord; de betrokken stakeholders en mede-signeerders van het gebiedsconcept (Unilever, ING, LSI, Groothandelsgebouw en Corio); ondernemers (Ondernemersfederatie Rotterdam City, KvK, etc); bewoners in en buiten het gebied; deskundigen (Commissie voor Welstand en Monumenten, Kwaliteitsteam Rotterdam Centraal, AIRdebat, Klankbordgroep Ruimtelijke Kwaliteit). De consultatieronde heeft plaatsgevonden in de periode oktober - december.

De consultatie heeft inzicht gegeven in de belangrijkste wensen van de betrokken partijen en heeft geleid tot enkele verbeteringen van het concept stedenbouwkundig plan. Naar verwachting is daarmee het draagvlak verder vergroot. De suggesties en reacties van alle geconsulteerde partijen zijn in een reactiedocument samengevat. In dit consultatierapport is aangegeven in hoeverre de reactie aanleiding vormt voor aanpassing van het Stedenbouwkundig plan. De leden van de raadscommissie FIBS zijn over bovenstaande werkwijze geïnformeerd middels een wethoudersbrief. Een bijzondere groep waar tijdens de consultatieronde aandacht aan is besteed, zijn de bewoners in en rond het plangebied. In het bijzonder gaat het om de bewoners van de Provenierswijk die de nieuwe hoogbouw als een bedreiging van het leefklimaat in hun woonwijk ervaren. Voor de bewoners zijn op 5 en 7 november twee informatieavonden georganiseerd. Op deze avonden presenteerden gemeentelijke experts onderdelen van het plan en kon op informele wijze met hen van gedachten gewisseld worden over zaken als levendigheid van de wijk, de bebouwing, verkeer 1,m de invulling van de buitenruimte. Daarnaast konden de bewoners terecht bij het AIR-debat op 12 december jl. om hun visie op het plan te geven.

Tevens werd op deze avond afgesproken om in een apart overleg in januari nogmaals in te zoomen op de schaduweffecten van de hoogbouw. Deze bijeenkomst heeft op 15 januari jl. plaatsgevonden. Daarbij is aan de bewoners aanvullende informatie verstrekt. Deze informatie is ook aan de leden van de Commissie FIBS ter beschikking gesteld. Daarnaast heeft het reguliere overleg met de bewoners over de planontwikkeling en bouwactiviteiten in het kader van Rotterdam Centraal een podium geboden om met bewoners van gedachten te wisselen. Naar aanleiding van de consultatieronde zijn 28 rnacties verwerkt plus de reacties tijdens de bewonersavonden. Er zaten twee hoofdpunten in de commentaren: het hoogbouwprogramma en de aanhaking op het stedelijk netwerk. Van de kant van de bewoners wordt vooral gewezen op de schaduweffecten die de nieuwe bouwvolumes zullen hebben op de Provenierswijk. De bewoners vrezen dat door de schaduweffecten de leefkwaliteit in de buurt ernstig zal verminderen. In het stedenbouwkundig plan wordt dit beeld genuanceerd. Omdat het spooremplacement als buffer fungeert kan in het Stationskwartier op de ontwikkellocaties minimaal tot 120m hoog gebouwd worden (en vaak nog hoger) zonder dat dit noemenswaardig extra schaduw oplevert in de Provenierswijk in de maatgevende periode tussen 21 maart en 23 september.

Het stedenbouwkundig plan is gebaseerd op de regel dat de nieuwe bebouwing in de maatgevende periode in de middag geen extra schaduw optreedt in de Provenierswijk. 's Ochtends mag hooguit één uur extra schaduw optreden. De voorgestelde nieuwbouw in het Stedenbouwkundig plan 2007 past binnen deze regel. Dat betekent dat de hoeveelheid schaduw niet of slechts in uiterst beperkte mate toeneemt. Vanuit de hoek van stakeholders en deskundigen wordt ook gereageerd op het hoogbouwprogramma. De zorg richt zich in deze reacties vooral op de consequenties voor levendigheid en verblijfskwaliteit op maaiveldniveau in het stationsgebied: vormgeving plinten, logistieke oplossingen, windklimaat, etc. Deze opvattingen worden vanzelfsprekend gedeeld. Het principe van de 'mixone' zoals die in het gebiedsconcept wordt geïntroduceerd, staat of valt bij een gemêleerd en levendig gebruik van de openbare ruimte en het vastgoed in het gebied. In de verdere uitwerking van het Stedenbouwkundig plan wordt dit meegenomen. Een ander punt waar door veel partijen op wordt gewezen is het belang van goede verbindingen en aansluitingen. Juist dit onderdeel, de aansluiting op het stedelijke netwerk, krijgt veel aandacht in het Stedenbouwkundig plan.

g~

Het nieuwe Stationsplein/Kruisplein als entree van de stad, de nieuwe oost-west verbinding door het de verbeterde oversteekbaarheid van het Weena, de overbouwing van de Schiekade, de verbinding naar Noord en het aanhaken op Lijnbaan, Pompenbur,1, Oude Westen en Laurenskwartier zijn allemaal voorbeelden daarvan.

In april 2006 hebben gemeente en rijk in het kader van de Uitvoeringsovereenkomst (UOK) NSP Rotterdam afgesproken dat de gemeente een inspanningsverplichting heeft om het zogenaamde 'groepsrisico' met betrekking tot de externe veiligheid, die samenhangt met het vervoer van gevaarlijke stoffen over het spoor door Rotterdam Centraal, met 15% te laten afnemen. Uit de veiligheidsberekeningen van onderzoeksbureau SAVE uit juni 2007 blijkt dat met het stedenbouwkundig plan wordt voldaan aan deze afspraak. Dit wordt bereikt door in het herziene stedenbouwkundig plan het oorspronkelijke bouwprogramma op de Schaatsbaanlocatie te verminderen. Dit maakte het tegelijkertijd mogelijk om het programma op de locatie Schiekadeblok te verhogen. Dit betekent dat op basis hiervan een ontwerpbestemmingsplan in procedure kan worden gebracht, uitgaande van de in de UOK genoemde risicoruimte. Na vaststelling van het herzien stedenbouwkundig plan door ons zal het ontwerpbestemmingsplan worden afgerond en verder in procedure gebracht. Wij verwachten later dit voorjaar een besluit te kunnen nemen over het ontwerpbestemmingsplan. Het Stedenbouwkundig plan is het ruimtelijk kader voor verdere planuitwerking in de vorm van inrichtingsplannen, stedenbouwkundige randvoorwaarden per plot, beeldkwaliteitsplan en gronduitgifte.

Tegelijkertijd wordt samen met de belangrijkste stakeholders in het gebied samengewerkt aan het verder vormgeven en in de markt zetten van het gebied. Als één van de volgende stappen in dat proces wordt momenteel een startconferentie op 13 februari a.s. voorbereid om samen met de stakeholders de plannen voor het Stationskwartier wereldkundig te maken. Uw raad heeft op 7 november 2006, tijdens de bespreking van het Definitief Ontwerp Rotterdam Centraal, de motie-Bonte (2006-2748) "Proveniersplein" en de motie-Oosterhoff (2006-2750) over de expeditie ten behoeve van Rotterdam Centraal aangenomen. Wij stellen voor beide moties als afgedaan te beschouwen. In de motie-Bonte wordt ons opgedragen "het Proveniersplein niet te bebouwen en het Stedenbouwkundig Plan overeenkomstig te wijzigen". In de motie wordt geconstateerd dat in het Definitief Ontwerp het Proveniersplein niet langer is aangewezen als locatie voor het NS-kantoor. Tegelijkertijd blijft bebouwing van het plein wel een mogelijkheid in het Stedenbouwkundig Plan voor het Stationskwartier.

In de motie zijn de volgende overwegingen opgenomen: "dat onder bewoners en hun politieke vertegenwoordigers in de deelgemeente Noord de breed gedeelde wens leeft om het Proveniersplein onbebouwd te laten met het oog op het leefklimaat aan de noordzijde van het station; dat dit bij de vaststelling van het Stedenbouwkundig Plan nog niet duidelijk was." Na afweging van de stedenbouwkundige argumenten en de belangen van de wijkbewoners hebben wij besloten om tegemoet te komen aan de motie-Bonte. Temeer daar ons was gebleken dat de noodzaak om voor de NS een gebouw aan het plein te plaatsen., om daarmee te voldoen aan de ruimtevraag van de NS, inmiddels was vervallen. In het herzien Stedenbouwkundig Plan is daarom vastgelegd dat het Proveniersplein niet bebouwd wordt.

In de motie-Oosterhoff inzake de expeditie van Rotterdam Centraal wordt ons opgedragen "alsnog met een oplossing te komen aan de zuidzijde van het nieuwe Rotterdam Centraal voor de aan- en afvoer van goederen." In de motie wordt overwogen dat: "Het College heeft ingestemd met een Definitief Ontwerp waarin de aan- en afvoer van goederen met name aan de noordzijde van het nieuwe station wordt afgewikkeld; Er tot nu toe vanuit gegaan is dat de expeditie voornamelijk via de zuidzijde van het station zou plaatsvinden, zoals ook met bewoners is overeengekomen." Voorts wordt overwogen dat: "De noordzijde van Rotterdam Centraal haar rustige karakter moet behouden; De verkeersveiligheid (m.n. voetgangers en fietsers) in het gedrang kom door toenemend vrachtverkeer; De goederentunnel vanaf de zuidzijde toegankelijk is en met de ontwikkeling rekening gehouden kan worden met de expeditie, bijvoorbeeld door een inpandige expeditiestraat;

Gemaakte afspraken met bewoners dienen te worden nagekomen."

Naar aanleiding van de motie zijn de mogelijkheden voor een veilige en efficiênte aan- en afvoer v a n - ~ goederen ten behoeve van Rotterdam Centraal opnieuw onderzocht. Op dit moment vindt de bevoorrading van het station zowel aan de noord- als aan de zuidzijde plaats. Aan de noordzijde van het station is een expeditiepunt gesitueerd met opstelruimte voor twee vrachtauto's. Het expeditiepunt sluit rechtstreeks aan op de bestaande goederentunnel. In de huidige situatie wordt de noordzijde dagelijks door vier trucks + oplegger bevoorraad en de zuidzijde door drie. In het verleden is door de NS aangegeven dat het vrachtverkeer ten behoeve van de bevoorrading met 50% zal toenemen. Hierdoor komt het aantal in de toekomst op 11 trucks met oplegger per dag. Wanneer geen gebruik wordt gemaakt van trucks met oplegger maar van kleinere vrachtauto's zal het aantal toenemen tot circa 20. Voor de noordzijde verandert er echter niets: het totaal aantal trucks met oplegger blijft 4 per dag. De afwikkeling ter plekke verbetert, omdat de inrichting optimaler wordt. Het Definitief Ontwerp voor Rotterdam Centraal gaat uit van een nieuwe interne bevoorradingsstructuur. De bevoorrading van de winkels en andere voorzieningen aan de oostzijde van de reizigerspassage vindt plaats door de bestaande goederentunnel.

De winkels aan de westzijde van de reizigerspassage worden middels een nieuwe 2,5 m brede gang aan de achterzijde van deze winkels bevoorraad. De nieuwe tunnel is aan beide uiteinden verbonden met de bestaande goederentunnel. De liften in de reizigerspassage zijn groot genoeg om dienst te kunnen doen voor de bevoorrading van de perrons en de aan- en afvoer van schoonmaak- en onderhoudsapparatuur. De oorspronkelijke posttunnel zal gebruikt worden voor de afvoer van afval. Voor de efficiênte en veilige afwikkeling van de bevoorrading van de OV-terminal zijn een aantal zaken van belang: er moeten zo min mogelijk conflicten ontstaan met andere vervoersmodaliteiten zoals trein, metro, bus, fiets, taxi's en 'kiss en ride'; hinder voor omwonenden en ondernemers moet tot een minimum worden beperkt; de sociale veiligheid van het station en haar omgeving moet zo goed mogelijk gewaarborgd worden in combinatie met een goed ingerichte openbare ruimte; op grond van de Warenwet mogen verse artikelen maximaal over een afstand van 50m buiten een gekoelde wagen worden vervoerd; de laad- en losplaats moet goed bereikbaar zijn; uitgaande van een toename in het bevoorradingsverkeer met 50% moet de laad- en loszone zodanig gedimensioneerd worden dat er dagelijks gemiddeld 11 trucks met oplegger kunnen worden gelost; de wens om de Provenierswijk te ontlasten en aan de zuidzijde een

expeditiemogelijkheid te realiseren. Voor de afwikkeling van het expeditieverkeer zijn, mede naar aanleiding van de motie, twee mogelijkheden aan de zuidzijde bestudeerd: zuidwest (Conradstraat) en zuidoost (Delftseplein). Aansluiting aan de zuidwestkant van het station bij de Conradstraat is ongewenst vanwege het kruisen met het noord-zuid fietsverkeer door de fietstunnel en het oost-west reizigersverkeer van en naar het busstation. Op deze locatie is de sociale veiligheid van groot belang en is veel aandacht gegeven aan een vormgeving die licht, openheid en veiligheid uitstraalt. Dit verhoudt zich niet met een expeditie-ingang in de openbare ruimte. Het is mogelijk een bevoorradingspunt aan de zuidoostzijde (Delftseplein) te realiseren dat via een interne gang achter de stationshal kan worden aangesloten op de goederentunnel. Er kan hier voldoende opstel- en manoeuvreerruimte voor kleinere vrachtwagens worden gecreêerd. Volledige afwikkeling van de expeditie aan de zuidoostzijde is niet realiseerbaar vanwege de volgende restricties aan de locatie: op het Delftseplein conflicteert het bevoorradingsverkeer met veel andere gebruikers van de OVTerminal.

Denk daarbij aan de taxi's, de kiss & ride-gebruikers, trams met ongeveer 100 bewegingen per uur en het bestemmingsverkeer voor Nationale Nederlanden, Unilever en andere voorzieningen; in het herzien stedenbouwkundig plan is een belangrijke voetgangersroute richting Pompenburg en het centrumgebied geprojecteerd; er is onvoldoende opstel- en manoeuvreerruimte voor grotere vrachtwagens (cq trucks met oplegger) beschikbaar. Om deze ruimte te maken moet een uitgang op maaiveldniveau worden gerealiseerd aan het Delftseplein, net naast de terminal. Dit onderbreekt de plint met een expeditie-uitgang en botst daarmee sterk met de ambities van de gebiedsontwikkeling; er kan niet voldaan worden aan de genoemde, eisen uit de Warenwet. Op grond van de bovengenoemde afwegingen en de wens van uw raad om een oplossing aan de zuidzijde mogelijk te maken, is in het stedenbouwkundig plan opgenomen om de bevoorrading niet uitsluitend via de noordzijde te laten plaatsvinden, maar ook een expeditiemogelijkheid aan de zuidoostzijde te realiseren. De zuidzijde zal door middel van vrachtwagens kleiner dan 12 meter bevoorraad worden. Gevolg daarvan is dat het totaal aantal voertuigbewegingen zal toenemen. Het totaal aan vrachtwagenbewegingen met bestemming OV-Terminal komt dan op 15 uit.

Voor de Noordzijde betekent dat geen toename ten opzichte van de huidige situatie (4 trucks met o p i e ~ Daarnaast wordt op het Proveniersplein de openbare ruimte opnieuw ingericht. De zuidzijde wordt in de toekomst door 11 vrachtwagen kleiner dan 12 meter bevoorraad. Het laad- en lospunt bevindt zich in de ontwikkellocatie aan het Delftseplein, en sluit aan op de interne goederentunnel. Het uiteindelijke voorstel voor de expeditie van Rotterdam Centraal ziet er dan als volgt uit: aan de noordzijde wordt het expeditieverkeer afgewikkeld via de Stationssingel en de Statenweg. De laad- en losplaats is geschikt voor maximaal twee trucks + oplegger en is eventueel af te sluiten voor het overige verkeer. De locatie bevindt zich aan de rand van het Proveniersplein en zal daardoor niet voor conflicten zorgen met de overige gebruikers. Behalve een betere inpassing verandert er aan de Noordzijde niets ten opzichte van de huidige situatie; aan de zuidzijde wordt het bevoorradingsverkeer afgewikkeld via het Delftseplein/Poortstraat en het Weena door trucks van maximaal 12 meter. De extra kosten voor deze oplossing komen ten laste van de grondexploitatie. Met deze oplossing wordt in onze ogen maximaal tegemoet gekomen aan de motie-Oosterhoff. Daarnaast zullen de mogelijkheden worden onderzocht om tot alternatieve vormen van bevoorrading van de OV terminal te komen.

Te denken valt aan gebruikmaken van het spoor of van 'vrachttrams of het gebruikmaken van milieuvriendelijker wegtransport (elektrische voertuigen, wellicht vanaf de rand van de stad of het centrum). Dergelijke alternatieven komen ten goede aan beide zijden van de terminal. Samenvattend stellen wij u voor de motie van de heer A. Bonte (raadsstuk 2006-2748) inzake bebouwing van het Proveniersplein en de motie van de heer R. Oosterhoff (raadsstuk 2006-2750) inzake de expeditie van Rotterdam Centraal, als afgedaan te beschouwen.

Schaduwwerking (hoogbouw)torens inclusief Treehouse vanuit Provenierswijk voor een heel jaar.

Ziensw12_B4: Schaduwstudie RCD-XL M.van den Broek, 6 mei 2022

M. van den Broek heeft in 2008 en 2009 een bezonnings- cq schaduwstudie uitgevoerd door dagelijks bij te houden de zonstand. Onderstaande tekeningen zijn gebaseerd op dit onderzoek. Zij heeft hiervan een onderzoeksrapport opgesteld die de gemeente al vaker heeft ontvangen (ook via de Bewonersvereniging Provenierswijk). Wethouder Karakus en Stadsontwikkeling hebben destijds – n.a.v. vragen van de gemeenteraad – bevestigd dat het onderzoek en de tekeningen kloppen. De tekeningen zijn nu geupdate met de (beoogde) hoogbouwtorens in en/of naast RCD-gebied. Ter uitleg:  De hoogte van de torens zijn in perspectief ‘getekend’; vanuit één oogpunt en vanuit het middelpunt van Provenierswijk. Dit is gelocaliseerd ongeveer t.h.v. verzorgingstehuis De Provenier op Provenierssingel – ongeveer het hart van Provenierswijk. Hierdoor tonen de torens die verder van het oogpunt staan in verhouding lager dan ze werkelijk zijn als het niet vanuit dit perspectief getekend zou zijn.  De rode zonnebanen is de zonnestand op twee specifieke data in het jaar. Omdat de data-tekst in de ‘zonnetjes’ niet goed te lezen is, is er een tekstvak met de specifieke data per zonnebaan geplaatst. De data in het zwart is de herfts/winter-periode met de laagste zonnestand (winterklok), de tekst in het rood is de voorjaar-zomerperiode (zomerklok).

 Voor de duidelijkheid toon ik op de eerste tekening met gele lijnen de tijden van de dag die passen bij de betreffende zonnestand. Op de tekeningen daarna zijn alleen ter indicatie de tijden geplaatst (zonder de gele lijnen).  Pompenburg dat links van deze tekening ligt (ten oosten van Provenierswijk), is niet meegenomen in dit onderzoek maar heeft een groot effect op de bezonning van Provenierswijk in de ochtend. Ook in het voorjaar-zomer zal Provenierswijk daar schaduw van krijgen. Conclusie: - De tekeningen laten zien dat Provenierswijk met cumulatie van alle plannen méér dan een half jaar bijna volledig in de schaduw gezet wordt en dat ook schaduwvorming in het voorjaar/zomer. De gemeente doet aan salamitactiek door per keer cq per ontwikkeling/bestemmingsplan opnieuw naar de schaduweffecten te kijken. - Treehouse is daar de belangrijkste factor in omdat het juist op de hoogste stand van de zon (rond 12 uur en dan is de meeste positieve effect van de winterzon) de hart van de wijk volledig in de schaduw zet. - De plannen voldoen niet aan de afspraken met Provenierswijk (niet meer dan 1 uur schaduw in de ochtend) én niet aan de Haagse bezonningsnorm.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=RotterdamRaad&id=41fa1426-e54f-4c8b-9781-779f9f5c4751